Bijlage 6. Brief met zienswijze van West Maas en Waal
Tekst van het document
Dijkstraat 11 Postbus 1 6658 ZG Beneden-Leeuwen www.westmaasenwaal.nl info@westmaasenwaal.nl Telefoon 14 0487 IBAN NL44 BNGH 0285 009133
Werkzaak Rivierenland Postbus 321 4190 CH GELDERMALSEN
Datum 24 juni 2026
Ons kenmerk: Z.132422/D.358234
10 en 20 april 2026
Onderwerp: Jaarrekening 2025 en Begroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030 Werkzaak Rivierenland
*Z05243E52F7*
Geacht bestuur, Bij brieven van 10 april en 20 april 2026 zijn door ons ontvangen de concept- Begroting 2027 (en Meerjarenperspectief) en de Jaarrekening 2025 (met bijlagen). Daarin wordt onze raad gevraagd een zienswijze uit te brengen met betrekking tot de ontvangen stukken. Uiterlijk 25 juni dan wel 26 juni 2026 wilt u dat wij onze zienswijze inzenden. Aansluitend neemt u in de vergadering van het Algemeen Bestuur een definitief besluit tot vaststelling. Daarbij neemt u in overweging mee de door onze gemeente ingebrachte zienswijze. Onze zienswijze In ons voorstel aan de gemeenteraad, die als bijlage is toegevoegd, hebben wij onze bevindingen verwoord. Daarin concluderen wij het volgende. Jaarrekening 2025 Wij stellen vast dat de aangeboden concept-Jaarrekening 2025: 1. een getrouw beeld geeft van de realisatie van de ambities en doelstellingen in 2025; 2. de cijfers per saldo een positief resultaat geven, zowel wat betreft het subsidieresultaat als het bedrijfsvoeringsresultaat; 3. de reserves en voorzieningen zijn aangewend (of gevoed) voor de daarvoor bestemde doelen. Het investeringsprogramma is ook volgens planning opgepakt en in uitvoerig gebracht. Het innovatiefonds is in 2025 aangesproken tot een bedrag van € 39.900,- (voor DIWI en de Buddyapp). Per 31-12-2025 heeft de reserve een omvang van € 247.900,-.
Verder hebben we kennis genomen van de start van een herijking van de reserves en voorzieningen. Concrete voorstellen daarover krijgen pas bij de Bestuursrapportage 2026 en/of jaarrekening 2026 vorm maar hebben wel reeds geleid tot verlaging van de structurele dotatie aan de voorziening “onderhoud”. Wij vertrouwen er op dat in het AB tijdig besluitvorming tot stand komt op basis een nota waarin alle relevante aspecten worden geduid; 4. Voorzien is van goedkeurende accountantsverklaring. Ten aanzien van het door u in de brief van 20 april 2026 gedane voorstel tot een extra dotatie aan de reserve Innovatiefonds merken wij het volgende op. Op basis van een verkennende voorbespreking in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 26 maart 2026 stelt u voor de reserve op te hogen met een bedrag van € 231.600,- . West Maas en Waal was én is géén voorstander van het vormen van reserves bij gemeenschappelijke regelingen anders
Alphen - Altforst
- Appeltern
- Beneden-Leeuwen - Boven-Leeuwen - Dreumel
- Maasbommel - Wamel
dan wanneer die strikt noodzakelijk zijn voor de dagelijks bedrijfsvoering. Al bij de vorming van deze reserve maar ook bij latere voorstellen tot dotatie hebben we onze bedenkingen kenbaar gemaakt. De reserve heeft een zogeheten revolverend karakter. Dat wil zeggen dat opbrengsten die worden genereerd door de innovaties die uit de reserve worden gefinancierd daarin terug dienen te vloeien. Hierin bent u de afgelopen jaren niet of onvoldoende geslaagd. Gesteld wordt dat problemen worden ervaren in het bepalen van de hoogte van de opbrengsten die door de innovaties worden behaald. Wij zijn van mening dat het wel degelijk mogelijk is om – uitgaande van het in de Bestuurlijke Agenda 2020 benoemde businesscase-handelen - de opbrengsten van innovaties te bepalen. Door bij de start van een innovatieproject de doelen en resultaten scherp te benoemen, is het o.i. alleszins realistisch de potentiële opbrengst in tijd en/of geld te duiden. In de Begroting van Werkzaak Rivierenland is een structureel bedrag geraamd van € 100.000,- voor het initiëren en opstarten van innovaties. Indien in enig jaar het bedrag niet volledig benodigd is, vormt het een onderdeel van het subsidie- en bedrijfsresultaat (en vloeit het dus terug naar de gemeenten).
Door vooraf bestuurlijk het standpunt in te nemen dat een eventueel overschot op deze raming ten gunste wordt gebracht van de reserve Innovatiefonds, wordt terugkerende discussie over bestemming van het resultaat bij de Jaarrekening voorkomen. Tot slot nog het volgende. In 2026 wordt een nota “reserves en voorzieningen” opgesteld. De verwachting is dat enkele reserves zullen vrijvallen. De discussie omtrent de noodzaak van een extra dotatie aan de reserve Innovatiefonds hoort plaats te vinden bij de bestuurlijke behandeling in 2026 van deze nota (en niet hierop vooruit te lopen door een bestemming van het resultaat van de jaarrekening 2025). Bovenstaande kanttekeningen vormen voldoende redenen om op dit moment niet in te stemmen met een extra dotatie aan de reserve Innovatiefonds vanuit het bedrijfsresultaat 2025. Begroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030 Ten aan zien van deze stukken stellen wij vast dat: 1. De ramingen gebaseerd zijn op de uitgangspunten opgenomen in de Kadernota 2027. Verder zijn ook vertaald de (financiële en inhoudelijke) ontwikkelingen die zich in het landschap hebben voorgedaan. Ook wordt ingespeeld op die ontwikkelingen die aanstaande zijn en invloed hebben op de Begroting 2027 of het Meerjarenperspectief. 2. de cijfers transparant zijn en geven getrouw beeld. 3. ingespeeld is op de financieel problematische jaren voor de gemeenten.
In de Begroting 2026 is de 1e fase (1,5%) hiervan vertaald tot een bedrag van € 400.000,-. In de nu voorliggende Begroting 2027 zijn de vervolgstappen financieel vertaald. Dit betekent een besparingsresultaat in 2027 van 2,25% (t.o.v. 2025) en 3% in 2028. Daarbij is tevens sprake van ophoging van de doelstelling als gevolg van de gebruikelijke indexatie. Onze dank om te komen tot de beoogde besparingen. Het laat ons zien dat ook Werkzaak Rivierenland meewerkt aan de financiële uitdagingen waar wij als gemeente voor staan. 4. het jaar 2027 veel uitdagingen voor Werkzaak Rivierenland met zich mee brengt. Zo wordt in 2027 – na een zienswijzeproces – het nieuwe meerjarenbeleidsplan van Werkzaak Rivierenland vastgesteld. Hierin worden de keuzes vastgelegd voor de jaren 2028 t/m 2031. Daarbij moet ook de verbinding tot stand komen met de doorontwikkeling naar een toekomstbestendige sociale infrastructuur. De uitkomsten van de 3 pilots (nieuwe doelgroepen bedienen, verkennen of Werkzaak mensen uit de Participatiewet zonder indicatie beschut in dienst kan nemen en verkennen van de uitbreiding van ondernemerschap) die in 2026 zijn gestart, bieden handreikingen voor de keuzes voor de toekomst. Ook gaat in 2027 de volgende fase van de Participatiewet in balans van start. Graag geven wij u het navolgende mee ter overweging. A.
Het economisch perspectief voor de toekomst – ook voor de gemeente - is zeer onzeker. De geopolitieke spanningen spelen daarin een grote rol. Ook de voornemens van het Rijk hebben impact. Wat te denken van de gevolgen van de versnelde instroom door een verkorting van de WW-periode. Dat maakt dat wij u vragen om aan de hand van scenario’s inzichtelijk te maken welke mogelijke gevolgen er zijn. Welke impact kan worden verwacht wanneer de instroom in de bijstand afwijkt van de huidige aannames en welke gevolgen kunnen er zijn wanneer omzetdoelstellingen niet worden bereikt? B. In de Begroting 2027 en de Meerjarenraming 2028-2030 is ook nog géén rekening gehouden met de veranderende status die aanstaande is voor de ontheemde Oekraïners die in onze regio verblijven. Wij verwachten dat de gevolgen hiervan in de komende maanden door Werkzaak Rivierenland inzichtelijk worden gemaakt en met ons worden gedeeld. Wanneer het niet mogelijk
C.
D.
is dit al in de Bestuursrapportage 2026 te melden, verwachten wij daarover zo snel als mogelijk te worden geïnformeerd. In de concept-Begroting 2027 vermeld u dat de bestuurlijke discussie over de Stelpost BUIG-LKS (ter grootte van € 3,2 milj.) nog niet is afgerond. Door enkele gemeenten is gepleit voor een herbezinning van de wijze waarop deze wordt geraamd. Wij vertrouwen er op dat tijdens de besluitvorming in het AB gehandeld wordt in lijn met de afspraken zoals die zijn vastgelegd in de Bestuurlijke Agenda 2020 en verankerd in de tekst van de GR. Alle veranderingen en uitdagingen vragen heel veel tijd en aandacht van de organisatie. Bij een aspect in het bijzonder willen wij stil staan. En wel: de basis op orde. Onze prioriteit ligt in het bijzonder bij de klant van Werkzaak Rivierenland. Ondanks alle onzekerheden en veranderingen is de primaire klant van Werkzaak Rivierenland (de bijstandsgerechtigde) de afgelopen jaren adequaat bediend en wordt deze dienstverlening ook als goed beoordeeld. Complimenten daarvoor zijn op hun plaats. Anderzijds moeten we ook constateren dat de documenten die aan ons worden aangereikt onvolkomenheden bevatten. Denk aan de weergave van tabellen die achteraf weer gecorrigeerd moeten worden zoals dit door u zelf ook in de aanbiedingsbrief wordt aangegeven.
Uiteraard hebben we begrip voor het feit dat stukken onder hoge tijdsdruk opgeleverd moeten worden en daartoe uiterste inspanningen worden geleverd, maar wij moeten er wel op kunnen vertrouwen dat de informatie die ons wordt aangereikt volledig én juist is. Ook dat behoort tot de basis op orde.
Op grond van onze conclusies en overwegingen laten wij u weten dat wij kunnen instemmen met • de concept Jaarrekening 2025 Werkzaak Rivierenland en • de voor een zienswijze voorgelegde concept-Begroting 2027 (en Meerjarenraming 2028-2030). In deze zienswijze attenderen wij u verder op enkele specifieke onderwerpen waaraan ook in het bijgevoegde raadsvoorstel aandacht is besteed. Het gaat dan in het bijzonder om het niet eens zijn met de dotatie aan de reserve Innovatiefonds (vanuit het bedrijfsvoeringsresultaat 2025), de realisatie van de door de gemeenten gevraagde taakstellende bezuinigingsopdracht, de uitdagingen voor de nabije toekomst en de ontwikkeling van scenario’s die daarvoor worden gevraagd en het op orde hebben van de basis (in het bijzonder de informatieverstrekking aan de deelnemende gemeenten). Vragen Voor vragen kunt u dagelijks tijdens kantooruren contact opnemen met J. Hulsen, senior beleidsadviseur Samenleving. Hij is bereikbaar op telefoonnummer 06 – 53 86 08 03 of per email jhulsen@westmaasenwaal.nl. Wij wensen u uiteraard veel succes met de weging van de ingekomen zienswijzen binnen het voorgestane besluitvormingsproces. Wij vertrouwen er op dat daarin de hiervoor door ons beschreven overwegingen herkenbaar zijn terug te lezen. Met vriendelijke groet, De raad van West Maas en Waal, C. (Elles) Jansen-Bouwman griffier
V.M. (Vincent) van Neerbos voorzitter