CConstaterende datWest Maas en Waal
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Nota beantwoording zienswijzen Kampsestraat 3

Gemeenteraad 30 mei 2024, gemeente West Maas en WaalBij agendapunt: Vaststellen Bestemmingsplan Boven-Leeuwen Kampsestraat 31.880 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota beantwoording zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Boven-Leeuwen, Kampsestraat 3 Inleiding Het ontwerpbestemmingsplan “Boven-Leeuwen, Kampsestraat 3.” met bijbehorende stukken heeft ingevolge artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening ter inzage gelegen van 21 december 2023 tot en met 31 januari 2024. Gedurende de periode van tervisielegging zijn twee zienswijzen ingediend. Deze zienswijzen is binnen de gestelde termijn binnengekomen en derhalve ontvankelijk.

Verslag In deze Nota beantwoording zienswijzen worden de ingekomen zienswijzen behandeld. Per onderdeel wordt een korte samenvatting gegeven, gevolgd door een inhoudelijke reactie. We geven ook aan of de reactie aanleiding geeft om het bestemmingsplan aan te passen. Dat de zienswijzen is samengevat betekent overigens niet dat deze slechts gedeeltelijk is beoordeeld. Bij de beantwoording van de zienswijzen is de volledige reactie betrokken.

Hoofdstuk 1: zienswijzen Zienswijze indiener 1. Indiener 1 heeft de zienswijzen zelf genummerd. Deze nummering volgen wij hierna in de samenvatting en de reactie. Indiener 1, punt 1. Indiener wenst dat de huidige ontsluiting gehandhaafd blijft en dat er niet een nieuwe ontsluiting langs het perceel wordt aangelegd. Dit tast het woon- en leefklimaat van indiener aan. Ook is indiener niet blij met de geprojecteerde parkeerplaatsen tegen de erfgrens aan. Indiener verzoekt om de bestemming ter plaatse te veranderen in een bestemming Groen. Reactie gemeente Wij volgen indiener niet in het betoog dat de geprojecteerde ontsluiting en parkeerplaatsen zullen leiden tot een onaanvaardbare aantasting van het woon- en leefklimaat. De ontsluiting en parkeerplaatsen liggen achter een bestaande haag op de erfgrens. Hierdoor bestaat er geen direct zicht vanuit de (begane grond van de) woning van indiener op de ontsluiting en de parkeerplaatsen. Daarnaast wordt overwogen dat er slechts een beperkte strook aan buitenruimte ligt tussen de woning en indiener en de erfgrens. Deze strook kan niet worden gebruikt als rustplek in de tuin van indiener, waardoor de ruimtelijke gevolgen van de ontsluiting en parkeerplaatsen eveneens beperkt blijven. Tot slot wordt overwogen dat de ontsluiting en de parkeerplaatsen slechts bedoeld zijn voor het gebruik door twee huishoudens.

Hierdoor blijft de gebruiksintensiteit van de gronden laag. Gelet op deze omstandigheden zien wij geen aanleiding om te oordelen dat de geprojecteerde situering van de ontsluiting en parkeerplaatsen zullen leiden tot een onaanvaardbare aantasting van het woon- en leefklimaat van indiener 1.

Mede gelet op het voorgaande zien wij evenmin aanleiding om de zone langs de erfgrens te bestemmen als groen. Daarnaast wijkt een dergelijke groenbestemming af van de voorgestelde landschappelijke inpassing, terwijl deze juist is ontworpen om de ruimtelijke kwaliteit van de omgeving te versterken. Indien de ontsluiting wordt gehandhaafd op de bestaande locatie raakt de beoogde versterking van groenstructuren, door middel van bloemrijk grasland en een nieuwe boom aan de voorzijde van het perceel, versnipperd.

Uitsnede uit landschappelijk inrichtingsplan met locatie huidige ontsluiting in rood omkaderd Indiener 1, punt 2. Indiener 1 betoogt dat de ontwikkeling niet past binnen het stedenbouwkundig uitgangspunt van wonen binnen lintbebouwing. Er wordt niet voldaan aan de Structuurvisie Dorpen 2025, waaronder het Dorpsontwikkelingsplan. De verharding tast de cultuurhistorische waarden aan en het erf blijft onvoldoende groen, aldus indiener. Reactie gemeente Wij volgen indiener 1 niet in het betoog dat de beoogde ontwikkeling niet past binnen het stedenbouwkundig uitgangspunt ‘wonen binnen lintbebouwing’. Zoals in paragraaf 3.4 van de toelichting staat vermeld geven “De bebouwingslinten die vanuit het dorp het landelijk gebied inlopen […] aanleiding tot kleinschalige herontwikkeling.” In de, aan de bestemmingsplanregels gekoppelde en vastgelegde, landschappelijke inpassing is nadrukkelijk rekening gehouden met de spelregels met betrekking tot het bouwen binnen bebouwingslinten. De bestaande woning vormt samen met de nieuwe schuurwoning één erfensemble, waarbij de schuurwoning ondergeschikt is aan de hoofdwoning. In het Dorpspaspoort van Boven Leeuwen wordt deze mogelijkheid bij de uitwerking van de Kampsestraat expliciet mogelijk gemaakt.

2

Uitsnede uit “Uitwerking h. Ontwikkeling bebouwingslinten, Dorpspaspoort Boven Leeuwen” De bebouwing staat aan een gedeeld halfverhard erf. Voor de hoofdwoning is een bloemrijke voortuinzone aanwezig, die bijdraagt aan biodiversiteit. In de voortuin staat een nieuwe solitaire lindeboom. Ook de achtertuin heeft een groen karakter en biedt ruimte voor waterberging in de vorm van een wadi. Daarmee wordt voldaan aan de eis voor een groene uitstraling. Ook aan de overige spelregels met betrekking tot ontwikkelingen in bebouwingslinten wordt voldaan. Dit bestemmingsplan leidt tot een kleinschalig erfensemble met een groen karakter op het perceel van Kampsestraat 3. Wij volgen indiener niet in het betoog dat de ontwikkeling leidt tot strijd met de spelregels voor het bouwen binnen bebouwingslinten. Indiener 1 heeft ook niet nader toegelicht met welke van de spelregels zoals genoemd in het Dorpspaspoort Boven Leeuwen de beoogde ontwikkeling in strijd is. Wij volgen indiener ook niet in het betoog dat de ontwikkeling leidt tot aantasting van cultuurhistorische waarden. De cultuurhistorische waarden van het bebouwingslint worden door deze kleinschalige ontwikkeling niet aangetast. Dit heeft indiener ook niet nader gemotiveerd.

Ten aanzien van het betoog van indiener dat er te weinig groen in het plan wordt gerealiseerd, wordt overwogen dat het landschappelijk inpassingsplan dat als onlosmakelijk deel van de bestemmingsregels is opgenomen, voorziet in een bloemrijke voortuin, een nieuwe boom en een volledig groene achtertuin bij de nieuwe woning. Wij achten het groene karakter van het plangebied hiermee voldoende gewaarborgd. Indiener 1, punt 3. Op grond van de regels is een veel grotere woning mogelijk dan de gesuggereerde schuurwoning van 96 m2. Reactie gemeente De door indiener aangehaalde oppervlaktematen zijn afkomstig uit paragraaf 4.3 van de toelichting. Deze paragraaf gaat over water. De betrokken tekeningen zijn opgenomen als voorbeeld om aan te tonen dat de beoogde ontwikkeling uitvoerbaar is als het gaat om de afvoer van hemelwater. In het kader van een omgevingsvergunningaanvraag zal vervolgens worden beoordeeld of het concrete bouwplan voldoet aan de daarvoor geldende regelgeving met betrekking tot hemelwaterafvoer. Hiervoor dient het bestemmingsplan niet. 3

Indiener 1, punt 4. Op grond van het bestemmingsplan mag de woning worden bewoond, maar indiener 1 vreest een opmaat naar afwijkend gebruik, waaronder mogelijk verhuur aan arbeidsmigranten. Reactie gemeente Wij volgen indiener 1 niet in het betoog dat het toestaan van een woning zal leiden tot een gebruik in strijd met het bestemmingsplan. Indiener heeft op geen enkele manier onderbouwd dat de geprojecteerde woning zal worden gebruikt in afwijking van het nieuwe bestemmingsplan, anders dan dat deze woning in de toekomst mogelijk verhuurd zal worden,. Er bestaat zodoende geen aanleiding om te veronderstellen dat er in de toekomst sprake zal zijn van strijdig gebruik, bijvoorbeeld ten behoeve van de huisvesting van de arbeidsmigranten. Mocht het toch zo zijn dat er in de toekomst sprake is van strijdig gebruik van het betrokken perceel, in welke vorm dan ook, kan hiertegen handhavend worden opgetreden. Eventuele handhaving in verband met strijdig gebruik valt buiten de reikwijdte van dit bestemmingsplan. Zienswijze indiener 2. Indiener 2 heeft de punten in de zienswijzen niet zelf genummerd. Wij onderscheiden 4 punten in de zienswijze van indiener 2. Indiener 2, punt 1.

Indiener 2 stelt dat is medegedeeld dat de beleidsregels waren aangescherpt waardoor het niet meer mogelijk zou zijn om bij een twee onder een kapwoning een woning bij te bouwen waardoor het plan geen doorgang meer zou vinden en dat dit ook in de toekomst niet mogelijk zou zijn. Het betreft in dit geval weliswaar een schuurwoning, maar ook dat is een woning erbij, aldus indiener. Reactie gemeente Het is ons niet precies bekend op welk beleid indiener doelt. Wij lezen in deze zienswijze van indiener overigens niet dat dit beleid ook betrekking zou hebben op het bouwen van een schuurwoning. Ten aanzien van de ontwikkeling waar dit bestemmingsplan over gaat, geldt het beleidskader van het Dorpskwaliteitsplan en het bijbehorende Dorpspaspoort Boven Leeuwen. Op grond van dit beleidskader wordt het realiseren van een schuurwoning aan de Kampsestraat uitdrukkelijk als één van de mogelijke ontwikkelingen ter plaatse genoemd. Dit beleid is op correcte wijze bekendgemaakt en daarmee voor een ieder kenbaar. Zodoende past de beoogde ontwikkeling binnen het beleidskader van de gemeente West Maas en Waal. Het enkele gegeven dat een medewerker van de gemeente tegen indiener heeft verklaard dat het niet meer mogelijk zou zijn om bij een twee onder een kapwoning een woning bij te bouwen, wat daarvan zij, maakt dit niet anders.

Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat er in dit geval geenszins sprake is van zodanig ondubbelzinnige uitspraken dat indiener hier rechten aan had kunnen ontlenen. Dit geldt te meer nu het besluit tot vaststelling van bestemmingsplannen niet mag worden gedelegeerd of gemandateerd en dat indiener er dus ook niet van mocht uitgaan dat de betrokken ambtenaar bevoegd was om toezeggingen over het al dan niet medewerking verlenen aan woningbouwinitiatieven, voor zover hiervan sprake, te doen.

4

Indiener 2, punt 2. Indiener 2 betoogt dat als het plan doorgaat, dit zal leiden tot een ernstige inbreuk op de privacy. Reactie gemeente Wij volgen indiener 2 niet in het betoog dat het uitzicht op onaanvaardbare wijze wordt aangetast. De woning van indiener 2 is volledig georiënteerd op het noorden en het westen en niet op het plangebied. Het is niet uit te sluiten dat de beoogde ontwikkeling zal leiden tot enige intensivering van het gebruik van het perceel direct ten zuiden van indiener 2, waardoor de ruimtelijke gevolgen hiervan merkbaar zijn. Gelet op de beperkte goothoogte van de nieuwe geprojecteerde bebouwing in combinatie met de hiervoor genoemde oriëntatie van de woning van indiener achten wij de aantasting van de privacy van indiener ten gevolge van deze ontwikkeling, voor zover hiervan sprake is, zodanig minimaal dat dit geen reden is om het plan niet vast te stellen. Indiener 2, punt 3. De ontwikkeling leidt tot meer bewoning en meer bebouwing op het perceel. Dit dreigt het uitzicht van indiener aan te tasten. Reactie gemeente Wij volgen indiener 2 niet in het betoog dat het uitzicht op onaanvaardbare wijze wordt aangetast. De woning van indiener 2 is volledig georiënteerd op het noorden en het westen en niet op het plangebied.

In onderstaande luchtfoto is te zien dat er in de bebouwing van indiener uitsluitend één schuin dakraam richting het plangebied is gericht. Onder deze omstandigheden is de aantasting van het uitzicht voor indiener 2 als gevolg van dit plan zeer beperkt.

Dakraam (rood omkaderd) richting plangebied op gebouw van indiener Bron: Googlemaps Indiener 2, punt 4. Er lopen al diverse woningbouwprojecten aan de Kampsestraat. Dit is al meer dan voldoende.

5

Reactie gemeente Alle projecten in een bepaald gebied worden beoordeeld op de eigen ruimtelijke merites. Het enkele gegeven dat er in de omgeving van het plangebied ook andere ontwikkelingen plaatsvinden, brengt niet mee dat om die reden de voorgestelde ontwikkeling van een woning aan de Kampsestraat 3 geen doorgang kan vinden. Indiener 2 heeft ook niet nader gemotiveerd waarom de genoemde woningbouwontwikkelingen in combinatie met de ontwikkeling aan de Kampsestraat 3 zal leiden tot een zodanige aantasting van de ruimtelijke kwaliteit ter plaatse. Indiener 2 betoogt slechts in algemene zin dat er te veel woningbouwontwikkelingen in de omgeving zijn. Onder deze omstandigheden zien wij in dit punt geen aanleiding om het plan aan te passen of niet vast te stellen.

Hoofdstuk 2: Ambtshalve wijzigingen Het bestemmingsplan wijzigen zonder dat op een onderdeel zienswijzen zijn, heet ambtshalve aanpassen. Voorvoorliggend bestemmingsplan zijn geen ambtshalve wijzigingen doorgevoerd.

Hoofdstuk 3: Conclusie Naar aanleiding van de zienswijzen zien wij geen reden om het bestemingsplan aan te passen. Ook ambtshalve worden er geen aanpassingen gedaan aan het bestemmingsplan.

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14115020/1