Bijlage 10. Concept-zienswijze West Maas en Waal Evaluatie pilot periode Cirtex
Tekst van het document
Dijkstraat 11 Postbus 1 6658 ZG Beneden-Leeuwen www.westmaasenwaal.nl info@westmaasenwaal.nl Telefoon 14 0487 IBAN NL44 BNGH 0285 009133
Werkzaak Rivierenland Postbus 321 4190 CH GELDERMALSEN
Datum 26 mei 2026
Ons kenmerk: Z.129808/D.352317
Uw brief: 5 februari 2026
Bijlage(n): 2
Onderwerp: Evaluatie pilotperiode Cirtex
Geacht bestuur,
*Z050A47DA10*
Bij brief van 5 februari 2026 (ontvangen 9 februari 2026) is aan ons gezonden de namens de deelnemers opgestelde evaluatie. Overeenkomstig de gemaakte afspraken wordt ook een beeld geschetst van de diverse scenario’s waaronder ook het stoppen van de deelname. In de ontvangen brief wordt onze raad gevraagd een zienswijze uit te brengen met betrekking tot het voornemen tot structurele financiële ondersteuning en de dekking van de kosten daarvan binnen hun begroting. In de brief aan uw raad wordt aangegeven dat in de regionale zienswijzemarkt van 1 juni 2026 de mogelijkheid is tot het stellen van vragen. Uiterlijk op 15 juni 2026 wilt u dat wij onze zienswijze inzenden. Aansluitend neemt u in de vergadering van het Algemeen Bestuur een definitief besluit met betrekking tot uit uitgesproken voornemen. Daarbij neemt u in overweging mee de door onze gemeente ingebrachte zienswijze. Onze zienswijze In ons voorstel aan de gemeenteraad, die als bijlage is toegevoegd, hebben wij onze bevindingen verwoord. Daarin concluderen wij het volgende. Wij stellen vast dat: 1. De evaluatie inhoudelijk volledig is en de gevolgen van de scenario’s schetst Overeenkomstig de opdracht bevat de evaluatie en de bijbehorende stukken alle informatie die benodigd is voor een gewogen oordeel over de pilot.
Zo zijn in de evaluatie terug te lezen de oorspronkelijke doelstellingen en de mogelijke toekomstscenario’s Cirtex. Daarbij wordt terug gekeken op de hoofddoelstellingen van Cirtex, zoals die in de statuten van de coöperatie zijn opgenomen. Daarna is beschreven het beoogde effect van die doelstellingen en de realisatie ervan in 2 fasen (proef en oprichting van Cirtex). Verder zijn terug te vinden de behaalde resultaten op de hoofddoelstellingen Circulair en Ketensamenwerking, Inclusie en het Maatschappelijke verantwoord businessmodel. Elke doelstelling is afgesloten met een deelconclusie. Ook zijn in de evaluatie een aantal toekomstscenario’s geschetst waarbij de impact zichtbaar wordt op de hoofddoelstellingen Circulair, Inclusie en Financiën. Gevolgd door een realistisch scenario en het scenario stoppen met Cirtex. Daarbij wordt het resultaat van Cirtex in een ‘smalle’ versus afgezet tegen een ‘brede’ maatschappelijke businesscase. Om de volledigheid en objectiviteit van de Evaluatie te waarborgen, is naast een onafhankelijk bestuurlijke adviseur van de gemeente West-Betuwe aan de stukken toegevoegd het resultaat van de toetsing door een accountantsdienst.
Alphen - Altforst
- Appeltern
- Beneden-Leeuwen - Boven-Leeuwen - Dreumel
- Maasbommel - Wamel
2.
De evaluatie in alle bestuurlijke gremia is besproken en het gekozen scenario breed wordt ondersteund De voorstellen zijn aan de orde geweest in de ALV (Algemene Ledenvergadering) en de RvT (Raad van Toezicht) van Cirtex. Ook zijn de stukken aan de orde gekomen in gecombineerde DB en ABvergaderingen van de Avri en Werkzaak Rivierenland. Verslaglegging van deze besprekingen zijn als bijlagen aan de stukken toegevoegd. 3. De meerwaarde van Cirtex meervoudig is In het voorstel aan onze raad in mei 2025 is uitvoerig ingegaan op de meerwaarde van het circulair Textielcentrum Cirtex. Wij zijn blij om te zien dat de toen benoemde meerwaarde wordt bevestigd in het voorliggende evaluatierapport. Het evaluatierapport laat zien dat Cirtex zich in korte tijd heeft ontwikkeld tot een volwassen bedrijf met een duidelijke maatschappelijke meerwaarde. 4. Alleen een brede maatschappelijke businesscase een positief resultaat geeft De ‘smalle’ businesscase van Cirtex is kwetsbaar, maar wanneer de ‘bredere maatschappelijke effecten’ worden meegewogen – zoals gerealiseerde omzet uit detacheringen en besparing op uitkeringen bij Werkzaak en lagere transportkosten bij Avri – blijkt de maatschappelijke impact van Cirtex aanzienlijk. 5. Stoppen met Cirtex duurder is De impact van “liquidatie van Cirtex” is enorm.
In dat geval zal Avri nog steeds geconfronteerd worden met de kosten van inzameling en verwerking van textiel. Werkzaak Rivierenland verliest een bijzondere tussenliggende re-integratievoorziening. De ontwikkeling van nieuwe producten/toepassingen door en in samenspraak met ondernemingen komt voor vele jaren tot stilstand. Dit heeft ook effect op de werkgelegenheid van de ondernemingen in deze branche. De positie die Cirtex en haar partners de afgelopen jaren heeft verkregen en door velen wordt gezien als een voortrekker en innovator gaat verloren. Ook financieel gezien kost het de moederorganisaties Avri en Werkzaak Rivierenland meer dan het in stand houden van de infrastructuur. Al met al is stoppen met Cirtex nadelig voor mens, milieu en (gemeentelijke) portemonnee. Voorts zijn wij van mening dat de navolgende aspecten onherroepelijk opgesloten zitten in onze zienswijze. A. Voorbehoud aan financiële bijdrage door Werkzaak Rivierenland In de onderliggende stukken wordt expliciet een zienswijze gevraagd over het voorgenomen ABbesluit van Werkzaak Rivierenland om vanaf 2026 een financiële bijdrage te leveren aan de brede businesscase Cirtex. Het kan worden omschreven als: “Het hanteren van een brede maatschappelijke businesscase voor Cirtex en Werkzaak/Avri samen, met een maatschappelijke waarde > 0”.
Het gaat daarbij om een bedrag dat niet mag uitkomen boven het maximum aan positief resultaat dat door Werkzaak Rivierenland wordt behaald. In de berekende businesscase gaat het daarbij om een bedrag van € 427.570,-. Nadrukkelijk dient daarbij te worden vermeld dat dit bedrag gebaseerd is op het voor de toekomst te hanteren realistisch scenario 3 omdat hiermee een optimum wordt bereikt tussen de 3 hoofddoelstellingen (Circulair, Inclusie en Financiën). Dit betekent dus dat alle textiel (100%) rechtstreeks uit de route wordt verwerkt bij Cirtex en dat de sorteerwerkzaamheden (66% hopper en 34% sociaal sorteren) door de doelgroep (26,3 Fte) en enkele reguliere (1 -2 Fte) medewerkers plaatsvinden. Wanneer zich omstandigheden voordoen die mogelijk op (bedrijfseconomische) gronden zijn ingegeven, waardoor afgeweken wordt van dit uitgangspunt én het resultaat van de smalle businesscase Cirtex daardoor negatief wordt beïnvloed, vervalt de basis voor Werkzaak Rivierenland voor het toekennen van de financiële bijdrage. In dat geval zal het bestuur van Werkzaak Rivierenland zich opnieuw moeten uitspreken over het toekennen van een bijdrage en daarvoor de gebruikelijke procedure in acht moeten nemen.
In het geval dat het financieel resultaat van Cirtex “smal” positief wordt beïnvloed, dient het bestuur van Werkzaak Rivierenland zich enkel opnieuw uit te spreken over de hoogte van de bijdrage wanneer niet voldaan wordt aan het uitgangspunt van Inclusie (26,3 Fte doelgroep- en 1-2 Fte reguliere medewerkers). B. Opdracht tot het vergroten van de innovatiekracht én het bedrijfsvoeringsresultaat van Cirtex In de stukken wordt meermaals gewezen op de innovatiekracht van Cirtex en haar – veelal – commerciële bedrijfspartners. Deze innovatiekracht is zeker aanwezig wanneer we kijken naar de vele partners en de verschillende afzetmarkten waarin zij actief zijn. Wij zouden deze innovatiekracht ook graag herkenbaar binnen de bedrijfscultuur van Cirtex zien. Niet alleen door beheersmatige
maatregelen (zoals de inzet van digitale technologie in het sorteerproces). Maar zeker ook aan de inkomstenkant. De innovatie vertaalt zich nu vooral in gegarandeerde afzet van textiel (naar kwaliteitsniveau) maar is nauwelijks zichtbaar in de begroting c.q. Jaarrekening. Om de bedrijfsontwikkeling beter te kunnen volgen en sturen is in de accountantsrapportage opgenomen dat het bestuur van Cirtex toets- en meetbare kritieke prestatie indicatoren moet definiëren. Een eerste aanzet daartoe is opgenomen in Bijlage 8.2: Accountant Adviesbrief Normenkader. De ambitie tot innovatie en omzetgroei zou hierin opgenomen moeten worden. Zienswijze Op grond van het vorenstaande laten wij u weten dat wij kunnen instemmen met het voorgenomen besluit tot I. Het hanteren van een brede maatschappelijke businesscase voor Cirtex en Werkzaak/Avri samen, met een maatschappelijke waarde > 0; II. De beschikbaarstelling door Werkzaak Rivierenland binnen de hiervoor benoemde brede businesscase van een bedrag gelijk aan maximaal het door Werkzaak Rivierenland behaalde resultaat en III. de dekking van de financiële bijdrage ten laste van het Participatiebudget. Aan deze instemmende zienswijze zijn wel verbonden de voorwaarden en opdrachten zoals die hiervoor onder A. en B. zijn vermeld.
Alleen dan hebben wij er vertrouwen in dat met het thans door de besturen gedane voorstel voor financiering Cirtex een absolute maar ook financieel houdbare meerwaarde is voor ons allen. Niet alleen voor de circulaire keten waaraan we invulling moeten geven maar zeker voor degenen met een afstand tot de arbeidsmarkt die aldaar (door)ontwikkeld en klaar gestoomd worden voor een betaalde baan. Vragen Voor vragen kunt u dagelijks tijdens kantooruren contact opnemen met J. Hulsen, senior beleidsadviseur Samenleving. Hij is bereikbaar op telefoonnummer 06 – 53 86 08 03 of per email jhulsen@westmaasenwaal.nl. Wij wensen u uiteraard veel succes met de weging van de ingekomen zienswijzen binnen het voorgestane besluitvormingsproces. Wij vertrouwen er op dat daarin de hiervoor door ons beschreven overwegingen herkenbaar zijn terug te lezen.
De raad van West Maas en Waal,
C. (Elles) Jansen-Bouwman griffier
V.M. (Vincent) van Neerbos voorzitter