CConstaterende datWest Maas en Waal
Koppel je AI →
Document · PDF

Analysedocument Dementievriendelijke samenleving

Gemeenteraad 10 april 2025, gemeente West Maas en WaalBij agendapunt: Ingekomen stukken6.051 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Resultaten vragenlijst dementievriendelijke samenleving

Team Samenleving Gemeente West Maas en Waal Februari 2025

Inhoudsopgave 1.Inleiding ............................................................................................................................................... 3 1.2 Werving deelnemers ...................................................................................................................... 3 2. Leeftijd en woonplaats ...................................................................................................................... 4 3. Ervaring met dementie ...................................................................................................................... 5 4. Informatie over dementie opgezocht ............................................................................................... 6 5. Informatiebijeenkomsten over dementie ........................................................................................ 8 5.1 Onderwerpen ................................................................................................................................. 9 5.2 Frequentie...................................................................................................................................... 9 5.3 Locatie .........................................................................................................................................

10 5.4 Dagdeel ....................................................................................................................................... 11 5.5 Communicatie .............................................................................................................................. 11 5.6 Belangrijk bij een informatiebijeenkomst ..................................................................................... 12 6. Alzheimercafé Maas en Waal ......................................................................................................... 13 7. Dementievriendelijk West Maas en Waal ...................................................................................... 14 7.1. Inwoners ..................................................................................................................................... 15 7.2 Ondernemers ............................................................................................................................... 16 7.3 Verenigingen ............................................................................................................................... 16 7.4 Organisaties ................................................................................................................................ 17 8.

Overige opmerkingen ...................................................................................................................... 18 9. Conclusie.......................................................................................................................................... 20

2

1.Inleiding Mensen met dementie verliezen hun cognitieve vaardigheden in een toenemende mate. Dat heeft vervolgens een grote invloed op het leven van de persoon, en zijn naasten. Een persoon met dementie heeft meer ondersteuning en begeleiding nodig, terwijl hij/zij fysiek vaak nog tot veel in staat is. Het aantal mensen met dementie stijgt de komende jaren. De prognoses laten zien dat het aantal mensen met dementie in West Maas en Waal oploopt naar 870 in 2025. 1 Dit betekent dat steeds meer inwoners, organisaties en verenigingen in West Maas en Waal dagelijks te maken (gaan) krijgen met dementie. Inwoners worden ouder en de zorg en ondersteuningsvragen nemen toe. Daarentegen is er een krapte op de arbeidsmarkt in de zorg. We moeten daarom samen ervoor zorgen dat mensen met dementie zo lang mogelijk mee kunnen doen. Om die reden streven we naar een dementievriendelijke samenleving. In een dementievriendelijke samenleving weet iedereen wat dementie is en hoe daar mee omgegaan kan worden. Van bakker en buurman tot sportclub en winkelmedewerker. Dit is een samenleving waarin mensen met dementie boodschappen kunnen doen, hun bankzaken regelen, naar hun vereniging gaan of de bibliotheek bezoeken. Als gemeente hebben we al diverse stappen gezet in de ontwikkeling naar een dementievriendelijke samenleving.

Dit heeft geleid tot ontvangen van het certificaat ‘Dementievriendelijke gemeente’. Wethouder Rob Reuvers kreeg op 12 december 2024 het certificaat uitgereikt van Alzheimer Nederland, regio Nijmegen. Dit certificaat erkent de inzet van onze gemeente, inwoners en samenwerkingspartners. Samen werken we aan een samenleving waarin mensen met dementie en hun mantelzorgers zo lang mogelijk mee kunnen blijven meedoen. Het ontvangen van het certificaat is niet het eindpunt. Om de goede weg voort te zetten, is het belangrijk het thema te blijven agenderen. We brengen in kaart wat de behoeftes zijn van inwoners uit West Maas en Waal en waar verbetermogelijkheden zijn. Dit specifiek op het gebied van informatie over dementie. Om deze reden is er een vragenlijst online gezet. In deze vragenlijst konden inwoners aangeven welke informatie zij graag willen ontvangen en in welke vorm. Ook konden zij aangeven in hoeverre zij de samenleving van West Maas en Waal dementievriendelijk vinden. De resultaten van deze vragenlijst vormen de basis voor dit document. Ze bieden meer inzicht in de behoeften van de inwoners en waar mogelijk verbeteringen doorgevoerd kunnen worden.

Het document is opgebouwd rond de verschillende onderdelen van de vragenlijst, waarin onder andere gevraagd werd naar ervaringen met dementie, informatiebehoeften, voorkeuren voor informatiebijeenkomsten en de mate waarin de gemeenschap als dementievriendelijk wordt ervaren. Op basis van de bevindingen is er een conclusie geschreven. De resultaten van de conclusie nemen we mee in vervolgacties en stappen die gezet gaan worden.

1.2 Werving deelnemers Om zo veel mogelijk inwoners te bereiken is de oproep, voor het invullen van de vragenlijst, om meerdere manieren ingestoken. Zo is de oproep verschenen in de Maas&Waler en op de sociale mediakanalen van de gemeente. Daarnaast hebben inwoners, die zich hadden aangemeld voor de bijeenkomst ‘is mijn vergeten vergeetachtigheid of toch dementie?’ op 31 oktober 2024, per mail een oproep gekregen voor het invullen van de vragenlijst. Verder hebben de samenwerkingspartners uit het netwerk dementie de oproep gedeeld en verspreid waar mogelijk. Bij de oproepen stond vermeld dat er hulp beschikbaar was vanuit welzijnsorganisatie Sociom, als het niet lukte om de vragenlijst zelf in te

1

Uitvoeringsplan dementie vriendelijk West Maas en Waal 2024-2026, p. 3. 3

vullen. Op deze manier beoogde we een zo groot mogelijke groep te bereiken. De vragenlijst was in te vullen van 1 november tot en met 9 december 2024. In totaal zijn er 65 respondenten.

2. Leeftijd en woonplaats Om in kaart te brengen welke doelgroep de vragenlijst heeft ingevuld, zijn de respondenten gevraagd naar hun leeftijd en woonplaats. Opvallend is dat de meeste respondenten boven de 50 jaar oud zijn (figuur 1). Om een helder overzicht te bieden van de resultaten, is gekozen om te werken met categorieën van 10 jaar, met uitzondering van de -50 groep. De twee grootste groepen zijn die van 6070 en 70-80. De figuur laat de resultaten in aantallen zien.

23 19

10 7

Tot 50

6

50 tot 60

60 tot 70

70 tot 80

80+

Figuur 1: Wat is uw leeftijd? Op basis van het aandeel inwoners per dorp is de gemeente redelijk representatief vertegenwoordigd. Beneden-Leeuwen is iets oververtegenwoordigd (46% t.o.v. 35% van het inwonerstotaal 2) en Altforst en Appeltern zijn niet vertegenwoordigd (figuur 2). Er moet bij vermeld worden dat op een totaal van 65 respondenten één enkele stem van grote invloed is en dat er respondenten van buiten de gemeente zijn. De kleine verschillen in de verdeling ten opzichte van de daadwerkelijke verdeling is dus te verwaarlozen en er kan gesproken worden van een representatieve afspiegeling van de gemeente.

2 https://www.westmaasenwaal.nl/feiten-en-cijfers, geraadpleegd op 27-12-2024.

4

0% 0% Altforst Alphen

8% 3% 9%

Appeltern

5%

Beneden-Leeuwen Boven-Leeuwen

46%

Dreumel

20%

Maasbommel

9%

Wamel Andere gemeente

Figuur 2: In welk dorp woont u?

3. Ervaring met dementie Vervolgens is gevraagd of men al ervaring met dementie heeft met als vervolgvraag op welke manier men het vaakst in aanraking komt met dementie. Drie kwart heeft aangegeven ervaring met dementie te hebben (figuur 3). Achter deze vraag stond de toelichting ‘Bijv. een familielid, vriend of uzelf’. Dit is relevant om te benadrukken, want van de 16 mensen die ‘nee’ hebben geantwoord op de vraag of ze ervaring met dementie hebben, antwoorden er 6 dat zij met dementie in aanraking komen met dementie (via werk (in het verleden) of in omgeving). Ook hebben 2 respondenten aangegeven ervaring met dementie te hebben, maar antwoorden vervolgens dat ze niet direct met dementie in aanraking komen. Het feit dat 75% aangeeft ervaring met dementie te hebben (waarbij dus aangetekend moet worden dat daar +- 10% bij komt die wel in aanraking komt met dementie), betekent dat de vragenlijst met name is ingevuld door inwoners die al enige ervaring hebben met dementie.

25%

Ja Nee 75%

Figuur 3: Heeft u ervaring met dementie in uw omgeving (bijvoorbeeld een familielid, vriend of uzelf)? De vervolgvraag op welke manier mensen het vaakst in aanraking komen met dementie, biedt meer inzicht in de groep die de vragenlijst heeft ingevuld. 26% geeft aan via het werk in aanraking (in het verleden) te komen met dementie (figuur 4). Een groot deel geeft aan ervaring met dementie in hun omgeving te hebben: 28% geeft aan iemand in de omgeving te hebben die de diagnose dementie heeft en 8% heeft iemand in de omgeving die verschijnselen heeft van dementie. 17% is mantelzorger voor iemand met dementie. De overige 21% geeft aan geen ervaring met dementie te hebben. Eén van de 5

antwoordmogelijkheden was “Ik heb verschijnselen van dementie/ ik heb de diagnose dementie”, maar dit antwoord is niet gegeven. Ik heb verschijnselen van dementie/ ik heb de diagnose dementie Iemand in mijn omgeving heeft de diagnose dementie

0% 26%

28%

8% 21% 17%

Iemand in mijn omgeving heeft verschijnselen van dementie Ik ben mantelzorger voor iemand met dementie

Niet direct, maar ik ben geïnteresseerd in dementie Tijdens mijn (vrijwilligers)werk

Figuur 4: Op welke manier komt u het vaakst in aanraking met dementie?

4. Informatie over dementie opgezocht Om de behoefte aan informatie in kaart te brengen is gevraagd of de respondenten informatie over dementie hebben gezocht, in welke informatie men geïnteresseerd is, en welke informatiebronnen de respondenten hiervoor aanspreken. Op de vraag ‘heeft u informatie gezocht over dementie?’ heeft 78% ‘ja’ geantwoord (figuur 5). De groep die ‘nee’ heeft geantwoord, slaat de 2 volgende vragen over, aangezien deze ook over de informatiebehoefte gaat. Dat een ruime meerderheid al informatie heeft opgezocht, geeft aan dat er een grote behoefte is aan informatie over dementie onder de respondenten.

22%

Ja 78%

Nee

Figuur 5: Heeft u ooit informatie gezocht over dementie? De vraag ‘welke informatie over dementie heeft u opgezocht?’ is een open vraag. Omdat men hier zelf een antwoord kon geven, is de veelzijdigheid aan antwoorden in verschillende categorieën onderverdeeld, zonder afbreuk te doen aan de inhoud van deze antwoorden. Met deze vraag brengen we in kaart aan welke informatie men behoefte heeft. 6

Het vaakst geven respondenten aan te zoeken naar algemene informatie over dementie (figuur 6). Daarnaast geven veel mensen aan te zoeken naar informatie over de symptomen van dementie of het herkennen ervan. Ook wordt 10 keer geantwoord dat ze hebben gezocht naar informatie over de omgang met mensen met dementie. Andere antwoorden die zijn gegeven zijn in te delen onder de categorieën ‘informatie over; Verschillende vormen van dementie; Mogelijkheden ondersteuning/lotgenotencontact; verloop van de ziekte en overig. Het valt op dat mensen vooral zoeken naar het herkennen van en het omgaan met (mensen met) dementie. Het vergroten van kennis over en omgaan met dementie onder inwoners is een belangrijke doelstelling in het uitvoeringsplan: op naar een dementie vriendelijk West Maas en Waal.3

OVERIG

5

VAKLITERATUUR

3

MOGELIJKHEDEN ONDERSTEUNING

4

VERLOOP VAN DE ZIEKTE

3

OMGANG MET MENSEN MET DEMENTIE

10

VERSCHILLENDE VORMEN VAN DEMENTIE

3

SYMPTOMEN/DEMENTIE HERKENNEN

13

ALGEMENE INFORMATIE

20 0

5

10

15

20

25

Figuur 6: Welke informatie over dementie heeft u opgezocht? Vervolgens is gevraagd welke informatiebronnen mensen hiervoor gebruikt hebben. Wederom was dit een open vraag waarbij respondenten zelf een antwoord (of meerdere) konden geven. Veruit de meest gebruikte bron van informatie is het internet, 32 keer werd aangegeven dat mensen hier hun informatie vandaan halen (figuur 7). Als tweede bron van informatie wordt de Alzheimerstichting/café genoemd. Andere bronnen van informatie zijn advies van een zorgprofessional, advies van vrienden/familie, media (geschreven en visueel), trainingen, brochures, praatgroepen of informatiebijeenkomsten. Omdat er veel verschillende antwoorden zijn gegeven, is ervoor gekozen deze allemaal weer te geven in figuur 7. Het internet is vaak een startpunt van de het zoeken naar informatie en kan mensen doorverwijzen naar andere bronnen van informatie. In de online zoektocht naar informatie, kan men op offline informatiebronnen stuiten en hier gebruik van maken. Een treffend voorbeeld hiervan is dat een respondent verwijst naar de documentaire van Teun Toebes, vernieuwer in de zorg die ook boeken uitgeeft en een theatervoorstelling heeft gespeeld in 2022 en 2023. 4

3

Uitvoeringsplan dementie vriendelijk West Maas en Waal 2024-2026, p. 5.

4 https://teuntoebes.com/ geraadpleegd op 15-01-2025.

7

PRAATGROEPLOTGENOTEN/MANTELZORG/

3

BROCHURES

3

GESCHREVEN MEDIA: BIBLIOTHEEK/BOEKEN/KRANT

7

WETENSCHAPPELIJKE BRONNEN

2

INFORMATIE BIJEENKOMST

3

ALZHEIMERSTICHTING/CAFE

11

ANDERE MEDIA (TELEVISIE, FILM, DOCUMENTAIRES)

3

TRAINING

5

ADVIES VAN VRIENDEN/FAMILIE

2

ADVIES VAN HUISARTS/ZORGPROFESSIONAL

8

INTERNET

33 0

10

20

30

40

Figuur 7: Welke informatiebronnen gebruikt u hiervoor?

5. Informatiebijeenkomsten over dementie Om in de behoefte naar informatie te voorzien, is het interessant te weten of inwoners behoefte hebben aan informatiebijeenkomsten, welke informatie hier gedeeld dient te worden en hoe vaak, waar en wanneer deze het best kunnen plaatsvinden. Dit zodat de informatie direct in de praktijk meegenomen kan worden. De eerste vraag ‘Zou u interesse hebben in het bijwonen van informatiebijeenkomsten over dementie in de gemeente West Maas en Waal?’ is te beantwoorden met ‘ja’, ‘misschien’ en ‘nee’. 18% gaf aan geen behoefte te hebben aan bijeenkomsten. Zij slaan de 6 hierop volgende vragen over. Dit omdat de volgende vragen verdiepende vragen zijn over informatiebijeenkomsten. 39% zegt ‘ja’ op deze vraag en 43% geeft aan ‘misschien’ behoefte te hebben aan bijeenkomsten. In totaal is dit 82%. Dit zijn 53 aantal respondenten. Het valt op dat sommige respondenten geen informatie hebben opgezocht, maar wel (misschien) interesse hebben in een informatiebijeenkomst. Aan de andere kant hebben 8 mensen wel informatie gezocht, maar geen interesse in bijeenkomsten. De reden hiervoor is onduidelijk. Dit is afhankelijk van de voorkeur van inwoners.

Nee 18% Misschien 43%

Ja 39%

Ja Misschien Nee

Figuur 8: Zou u interesse hebben in het bijwonen van informatiebijeenkomsten over dementie in de gemeente West Maas en Waal? 8

5.1 Onderwerpen De 25 respondenten die ‘ja’ of ‘misschien’ antwoordden, kregen vervolgens de vraag welke onderwerpen aan bod zouden moeten komen bij eventuele bijeenkomsten. De antwoordmogelijkheden op deze vraag luidden: Algemene informatie over wat dementie is; Informatie over hoe om te gaan met iemand met dementie; Ondersteuning voor iemand met dementie; Ondersteuning voor mantelzorgers; Juridische/notariële en financiële zaken die kunnen spelen bij dementie en anders, namelijk:___. Wederom was het mogelijk meerdere opties te selecteren. Het vaakst gegeven antwoord was ‘informatie over hoe om te gaan met iemand met dementie’, gevolgd door ‘informatie over signalen/symptomen van dementie’ (figuur 9). De overige antwoorden (inclusief ‘algemene informatie’) zijn ook meer dan vijftien keer gegeven, iets wat er op duidt dat er behoefte is aan informatie over dementie op alle onderwerpen. Eén respondent wil graag informatie over wat je kunt verwachten van de bakker, kapper of bank in de omgang met dementie. Als we dit vergelijken met de antwoorden in figuur 6, zien we dat de voorkeur voor onderwerpen op een informatiebijeenkomst niet veel anders is dan de informatie die mensen zelf opzoeken. Wederom komt informatie over omgaan en herkennen van dementie namelijk sterk naar voren. Verder valt op dat alle mogelijke antwoorden redelijk vaak zijn gekozen.

Dit laat zien dat de informatiebehoefte breed is. ANDERS, NAMELIJK: WAT JE KUNT VERWACHTEN VAN DE BAKKER, KAPPER, BANK IN OMGANG MET DEMENTIE

1

JURIDISCHE/NOTARIËLE EN FINANCIËLE ZAKEN DIE KUNNEN SPELEN BIJ DEMENTIE

21

ONDERSTEUNING VOOR MANTELZORGERS

21

ONDERSTEUNING VOOR IEMAND MET DEMENTIE

22

INFORMATIE OVER HOE OM TE GAAN MET IEMAND MET DEMENTIE

30

INFORMATIE OVER SIGNALEN/SYMPTOMEN VAN DEMENTIE

29

ALGEMENE INFORMATIE OVER WAT DEMENTIE IS

17 0

5

10

15

20

25

30

35

Figuur 9: Welk onderwerp zou u graag aan bod willen laten komen tijdens een informatiebijeenkomst over dementie? (meer antwoorden mogelijk)

5.2 Frequentie Om te bepalen hoe vaak er behoefte is om een bijeenkomst bij te wonen, is de vraag gesteld ‘Hoe vaak zou u willen dat deze bijeenkomsten plaatsvinden?’. De antwoorden zijn redelijk verdeeld, met ‘maandelijks’ als minst gegeven optie (11%) en ‘halfjaarlijks’ als meest gegeven optie (26%) (figuur 10). De grootste groep lijkt dus een minder vaak terugkerende bijeenkomst te willen, zoals bijvoorbeeld halfjaarlijks. Omdat men maar één keuze kan maken, kunnen de resultaten in figuur 10 misleidend zijn. Als een bijeenkomst maandelijks plaatsvindt, is het namelijk ook mogelijk om deze bijvoorbeeld maar eens per halfjaar bij te wonen. Daarom is het handig om naar de bij elkaar opgetelde resultaten van deze vraag te kijken, zoals in figuur 10. Daaruit blijkt dat 14 mensen (57%) behoefte hebben aan een bijeenkomst eens in het halfjaar of vaker (de groep maandelijks+elk kwartaal+halfjaarlijks). Het is dus 9

belangrijk om goed naar de bezoekers van informatiebijeenkomsten te blijven luisteren om te weten wat hun behoeften zijn. 60 100%

50

40

76%

30

57%

20 29% 10 12% 0 Maandelijks

Elk kwartaal

Halfjaarlijks Absoluut

Jaarlijks

Eenmalig

Cumulatief

Figuur 10: Hoe vaak zou u een informatiebijeenkomst over dementie willen bijwonen?

5.3 Locatie Naast de frequentie van informatiebijeenkomsten is het ook relevant te weten op welke locatie men het liefst naar een informatiebijeenkomst gaat. Dit is gevraagd, met de volgende antwoordopties: ‘In het gemeentehuis van West Maas en Waal’, ‘In een multifunctionele accommodatie (MFA) of dorpshuis’, ‘In een zorginstelling binnen de gemeente’, ‘Online (via een webinar of livestream)’, ‘Geen voorkeur’, ‘Anders, namelijk’. Hierbij konden respondenten meerdere antwoorden selecteren. Eén derde geeft aan geen voorkeur te hebben voor een locatie (zie figuur 11). Daarnaast geeft een derde aan een voorkeur te hebben voor een multifunctionele accommodatie of dorpshuis. Omdat het om een grote groep gaat die aangeeft geen voorkeur te hebben, is het belangrijk om ook rekening te houden met de andere voorkeuren van geïnteresseerden. Gezien de leeftijden van de respondenten en het thema is het van groot belang te zorgen voor een toegankelijke locatie, zowel in nabijheid van de inwoners als fysieke toegankelijkheid van de locatie.

10

Geen Voorkeur 9% 16%

33%

In een multifunctionele accommodatie (MFA) of dorpshuis Online (via een webinar of livestream)

9%

Gemeentehuis 33% Zorginstelling

Figuur 11: Op welke locatie zou u het liefst een informatiebijeenkomst over dementie willen bijwonen?

5.4 Dagdeel Verder is de respondenten gevraagd op welk dagdeel zij het liefst een informatiebijeenkomst bijwonen. Ook hierbij was het mogelijk meerdere antwoorden te geven. Het populairst is de avond. 28 personen gaven aan op dit dagdeel een informatieavond bij te willen wonen (figuur 12). Na ‘avond’ zijn de middag (25%) en ochtend ook nog opties (18%). Hoewel de voorkeur dus uitgaat naar informatiebijeenkomsten in de avond, is het wel mogelijk dat mensen uitsluitend beschikbaar zijn op het dagdeel dat zij aangeven. Van de 18 personen die ‘middag’ als een van de opties heeft gegeven, hebben er 8 alleen middag ingevuld. Bij de 13 mensen die ochtend hebben geantwoord is er 1 persoon die alleen ochtend heeft geantwoord. Bij de organisatie van bijeenkomsten is het belangrijk om rekening te houden met alle geïnteresseerden.

17%

Avond

40% 18%

Middag

Ochtend Geen voorkeur

25%

Figuur 12: Op welk moment van de dag zou u het liefst een informatiebijeenkomst willen bijwonen?

5.5 Communicatie Ook is gevraagd op welke manier geïnteresseerden geïnformeerd willen worden over informatiebijeenkomsten. Hierbij kon men kiezen uit de volgende antwoorden: ‘Via de website van de gemeente West Maas en Waal’; ‘Via sociale media (bijv. Facebook, Instagram)’; Via een nieuwsbrief per mail’; ‘Via de Maas&Waler’; ‘Via flyers of posters in openbare ruimtes in de gemeente’; ‘Via 11

zorgverleners (bijv. huisarts, wijkverpleging)’ of ‘anders, namelijk…’. Ook hierbij was het mogelijk meerdere antwoorden te geven. De meeste mensen (64%) geven aan via de Maas&Waler geïnformeerd te willen worden (figuur 13). Ook een nieuwsbrief per mail (51%), de website van de gemeente (30%) en sociale media (21%) worden meerdere keren gegeven als antwoord. Een enkeling geeft aan via Vereniging de Zonnebloem op de hoogte gebracht te worden. Wellicht zijn er meerdere verenigingen die ervoor open staan, hun leden in te lichten over dergelijke bijeenkomsten.

VERENIGING DE ZONNEBLOEM

1

VIA SOCIALE MEDIA (BIJV. FACEBOOK, INSTAGRAM)

11

VIA EEN NIEUWSBRIEF PER MAIL

27

VIA DE WEBSITE VAN DE GEMEENTE WEST MAAS EN WAAL

16

VIA ZORGVERLENERS (BIJV. HUISARTS, WIJKVERPLEGING)

3

VIA FLYERS OF POSTERS IN OPENBARE RUIMTES IN DE GEMEENTE

8

VIA DE MAAS EN WALER

34 0

5

10

15

20

25

30

35

40

Figuur 13: Hoe wilt u geïnformeerd worden over bijeenkomsten?

5.6 Belangrijk bij een informatiebijeenkomst Tot slot is er gevraagd of mensen nog iets willen delen wat ze belangrijk vinden bij een informatiebijeenkomst over dementie. Hierbij stonden voorbeelden om te verduidelijk wat mensen konden invullen (Mogelijkheid om vragen te stellen aan experts, ontmoeting van anderen in dezelfde situatie of gratis toegankelijk). Men kon hier open antwoorden, of ervoor kiezen niet te antwoorden. Er hebben 18 personen gereageerd, en hun antwoorden kunnen grotendeels worden onderverdeeld in twee thema's: Praktisch en inhoudelijke aspecten rondom informatiebijeenkomsten. Citaat 1 (praktisch aspect): “Duidelijk en harder praten, omdat er ook bij een informatiebijeenkomst mensen met verminderd gehoor zijn” Citaat 2 (praktisch aspect): “Informeel en in kleine groepen maakt drempel laag voor mensen met vragen.” Deze citaten bevestigen de noodzaak om praktische zaken goed te regelen, zodat de bijeenkomsten voor iedereen toegankelijk en comfortabel zijn, ongeacht persoonlijke omstandigheden zoals gehoorproblemen of onzekerheid bij het stellen van vragen.

12

Citaat 3 (inhoudelijk aspect): “Koffie-uurtje om info en vragen te kunnen stellen aan professionals en met lotgenoten praten een keer per maand lijkt me fijn.” Citaat 4 (inhoudelijk aspect): “Vragen stellen aan experts bijv.: Wat zijn de mogelijkheden om nog kwaliteit te bieden aan een persoon met dementie?” Citaat 5 (inhoudelijk aspect): “Mensen die het treft en hun nabije omgeving de mogelijkheid geven om ervaring te delen. Lotgenotencontact en ook zeker extra aandacht voor jongere mensen met dementie en de gevolgen hiervan op alle gebieden” Citaat 6 (inhoudelijk aspect): “Het zou mooi zijn als een ervaringsdeskundige, zijn of haar verhaal kan en wil vertellen. Mogelijk dat iemand met beginnende dementie hiertoe in staat is en dat ook wil doen.” De inhoudelijke citaten geven aan dat men de behoefte heeft aan interactie tijdens de informatiebijeenkomsten. Dit met professionals of met lotgenoten.

6. Alzheimercafé Maas en Waal Een voorbeeld van een informatiebijeenkomst is het Alzheimercafé Maas en Waal dat maandelijks wordt georganiseerd in Druten. Om te peilen of de respondenten bekend zijn met het Alzheimercafé, is hier een vraag over gesteld. Een meerderheid van 72% geeft aan het Alzheimercafé te kennen (figuur 14). Daarmee blijkt dat 28% van de ondervraagden niet bekend is met het Alzheimercafé. Dit kan bijvoorbeeld liggen aan de promotie van het Alzheimercafé, maar ook aan het feit dat het buiten de gemeente plaatsvindt. Om hier conclusies aan te verbinden is meer onderzoek nodig.

28% Ja Nee

72%

Figuur 14: Bent u bekend met het Alzheimercafé? De ondervraagden die aangaven wel bekend te zijn met het Alzheimercafé is gevraagd hoe vaak zij deze bezoeken. De te kiezen opties waren: ‘ik en bekend met het Alzheimercafé, maar bezoek deze niet’; ‘Ik heb het Alzheimercafé 1 á 2 keer bezocht’; ‘Ik bezoek het Alzheimercafé een paar keer per jaar’; Ik bezoek het Alzheimercafé maandelijks. Veruit de grootste groep geeft aan bekend te zijn met het Alzheimercafé maar deze niet te bezoeken. De groep die aangeeft het Alzheimercafé maandelijks 13

te bezoeken is het kleinst (8%) (figuur 15). Het is dus mogelijk dat het Alzheimercafé niet goed aansluit bij de informatiebehoefte of niet toegankelijk genoeg is voor mensen uit West Maas en Waal. Om hier verdere uitspraken over te doen is vervolgonderzoek nodig.

30

9 5

4

Ik ben bekend met het Ik heb het Alzheimer Café Ik bezoek het Alzheimer Ik bezoek het Alzheimer Alzheimer Café in Druten, in Druten 1 à 2x bezocht Café in Druten een paar Café in Druten maandelijks maar ik bezoek deze niet. keer per jaar

Figuur 15: Hoe vaak bezoekt u het Alzheimercafé?

7. Dementievriendelijk West Maas en Waal In een dementievriendelijke samenleving weet iedereen wat dementie is en hoe daar mee omgegaan kan worden. Van bakker en buurman tot sportclub en winkelmedewerker. Dit is een samenleving waarin mensen met dementie boodschappen kunnen doen, hun bankzaken regelen, naar hun vereniging gaan of de bibliotheek bezoeken. Je bent dementievriendelijk als 5: •

Je dementie kunt herkennen

•

Je weet hoe je iemand met dementie kunt helpen

•

Je oog hebt voor wat mensen met dementie nog wél kunnen

•

Je dementie bespreekbaar maakt

We willen graag onderzoeken in hoeverre de samenleving in de gemeente West Maas en Waal dementievriendelijk is. Om hier een beter beeld over te krijgen is aan de respondenten een viertal stellingen voorgelegd. De antwoordopties hierbij zijn voor elke stelling: ‘Helemaal mee eens’, ‘Mee eens’, ‘mee oneens’, ‘helemaal mee oneens’ of ‘n.v.t./geen mening’. Vervolgens is de respondenten gevraagd hun antwoord toe te lichten door middel van een open vraag. Per stelling wordt een aantal van de gegeven antwoorden uitgelicht om te illustreren welke zaken in de praktijk opvallen.

5

https://www.samendementievriendelijk.nl/wat-is-dementievriendelijk, geraadpleegd op 08-01-2025 14

7.1. Inwoners De eerste stelling luidt ‘Inwoners uit West Maas en Waal zijn dementievriendelijk’. Een meerderheid van 40% geeft aan hier geen mening over te hebben (figuur 16). 32% geeft aan het eens te zijn met de stelling en 22% is het hier mee oneens. Daarmee zijn de resultaten verdeeld, mede doordat het stoelt op persoonlijke ervaringen. Om een scherper beeld te krijgen van deze ervaringen, worden een aantal – zowel positieve, als negatieve – ervaringen uitgelicht. Citaat 7 (Helemaal mee oneens geantwoord): “Ik ben van mening dat er nog een te groot taboe rust op het thema dementie, het thema weggestop wordt, weggekeken wordt van de werkelijkheid. Dat er een angst bestaat voor het grote onbekende. Er best gewerkt kan worden aan een gefundeerde beeldvorming betreffende dit thema.’ Citaat 8 (Mee oneens geantwoord): “Volgens mij, is herkennen en omgaan met dementie voor de meeste inwoners erg moeilijk. Het op een goede manier omgaan met mensen met een geestelijke en lichamelijke beperking, is ook voor veel inwoners moeilijk.’’ Citaat 9 (Mee eens geantwoord): “Hier zijn de mensen nog heel behulpzaam. En dan maar hopen dat het ook goed uitpakt met mensen met dementie. Maar ze worden in ieder geval wel aangesproken.

Maar als je geen ervaring hebt, kan ik me voorstellen dat mensen het ook eng vinden.’’ Bovenstaande citaten vatten het algemene beeld goed samen: Men gelooft in de welwillendheid en behulpzaamheid van de inwoners, maar is van mening dat er te weinig kennis over is en dat er te weinig over wordt gepraat.

26 40% 21 32,3%

14 21,5%

2 3,1% HELEMAAL MEE ONEENS

2 3,1% MEE ONEENS

MEE EENS

HELEMAAL MEE EENS N.V.T./GEEN MENING

Figuur 16 Stelling: Inwoners uit West Maas en Waal zijn dementievriendelijk.

15

7.2 Ondernemers De tweede stelling luidt ‘Ondernemers uit West Maas en Waal zijn dementievriendelijk’. Wederom geeft het grootste gedeelte (45%) aan hier geen mening over te hebben of het niet te weten/kunnen inschatten (figuur 17). 28% is het 'mee oneens' en 26% is het 'mee eens'. Dit laat weer een grote verdeeldheid in de antwoorden zien. Citaat 10 (Mee oneens geantwoord): “Dementie lijdt nogal eens tot onenigheid en onbegrip bij ondernemers.” Citaat 11 (Mee oneens geantwoord): “Hangt af van de levenswijsheid van de individuele ondernemer. Er zijn vast ervaringsdeskundigen.’’ Citaat 12 (Mee eens geantwoord): “spar is dementievriendelijk.” De ervaringen met ondernemers zijn wisselend. Naast de bovenstaande citaten geven ook veel mensen aan geen inschatting te kunnen maken over de dementievriendelijkheid van ondernemers.

29 44%

18 27,7%

0 0% HELEMAAL MEE ONEENS

17 26,2%

1 1,5% MEE ONEENS

HELEMAAL MEE EENS

MEE EENS

N.V.T./GEEN MENING

Figuur 17 Stelling: Ondernemers in West Maas en Waal zijn dementievriendelijk

7.3 Verenigingen De derde stelling luidt ‘verenigingen uit West Maas en Waal zijn dementievriendelijk’. Bijna de helft (48%) van de respondenten antwoord ‘n.v.t./geen mening’ (figuur 18). De antwoorden ‘mee eens’ en ‘mee oneens’ zijn precies even vaak gegeven (26%). Om hier een verdiepend inzicht in te geven, zijn er wederom enkele toelichtingen geselecteerd. Citaat 13 (Mee oneens geantwoord): “Een aantal verenigingen kunnen goed met beperkingen omgaat, of zijn daar zelfs voor in het leven geroepen. Wat dementie betreft, denk ik dat er niet veel verenigingen hier goed mee om kunnen gaan. Niet bij mijn weten.” Citaat 14 (Mee oneens geantwoord): “Hangt echt van eigen initiatief af en geluk hebben dat er een open sfeer is in de vereniging.” 16

Citaat 15 (Mee eens geantwoord): “Vooral verenigingen waar dementie het meest op van toepassing is houden hiermee wel rekening mee of maken het bespreekbaar.” Het valt op dat veel mensen ervaren dat het per vereniging sterk kan verschillen in hoeverre ze dementievriendelijk zijn. Om de verenigingen waar winst te behalen in kaart te brengen, is vervolgonderzoek nodig.

31 47,7%

17 26,7%

17 26,7%

0 0%

0 0%

HELEMAAL MEE ONEENS

MEE ONEENS

MEE EENS

HELEMAAL MEE EENS N.V.T./GEEN MENING

Figuur 18 Stelling: Verenigingen in West Maas en Waal zijn dementievriendelijk

7.4 Organisaties De vierde stelling luidt ‘organisaties uit West Maas en Waal zijn dementievriendelijk’. Om te verduidelijken aan welke organisaties respondenten moeten denken is de volgende tekst toegevoegd: “Bij organisaties kunt u denken aan de gemeente West Maas en Waal, de woningbouwcoöperatie, de welzijnsorganisatie Sociom en zorgorganisaties.” Wederom geeft een groot deel het antwoord n.v.t./geen mening (45%, figuur 19). De respondenten zijn iets meer uitgesproken dan bij verenigingen of ondernemers en antwoorden in 5% van de gevallen “Helemaal mee oneens” en in 3% ‘Helemaal mee eens’, 29% geeft aan het eens te zijn met de stelling en 18% is het er mee oneens. Om hier een verdiepend inzicht in te geven, zijn er wederom enkele toelichtingen geselecteerd. Citaat 16 (Helemaal mee oneens geantwoord): “ik ben van mening dat er een groot verschil bestaat tussen algemene organisaties en welzijnsorganisaties op basis van werksoort en ervaring.” Citaat 17 (Mee oneens geantwoord): “Matig, bent toch snel verdwaald in regeltjes en een woud aan loketten.” Citaat 18 (Mee eens geantwoord): “Goede ervaring met casemanager en thuiszorg.” 17

Citaat 19 (Helemaal mee eens geantwoord): “Er wordt best veel rekening gehouden met bijvoorbeeld. woningbouw, opvang, enz.” Ook hierbij zijn er veel verschillen in ervaring. Zoals uit het tweede citaat blijkt, hangt dit deels af van de aard van de organisatie. Daarnaast blijkt uit het laatste citaat dat mensen ook ervaren dat het soms lastig is de juiste hulp op het juiste moment te krijgen.

29 44,6%

19 29,2%

12 18,5% 3 4,6% HELEMAAL MEE ONEENS

2 3,1% MEE ONEENS

MEE EENS

HELEMAAL MEE EENS N.V.T./GEEN MENING

Figuur 19 Stelling: Organisaties in West Maas en Waal zijn dementievriendelijk

8. Overige opmerkingen Tot slot konden de respondenten gebruik maken van de optie om een overige opmerking te plaatsten. 17 mensen hebben hiervan gebruik gemaakt. Om een duidelijk beeld te geven van de verschillende opmerkingen is ervoor gekozen deze in vier onderwerpen uit het uitvoeringsplan 2024-2026: 1. Kennis vergroten, 2. Actief samenwerken, 3. Stimuleren, 4. Begeleiding op maat.6 1. Kennis vergroten Het eerste aandachtspunt is kennis vergroten. Dit gaat specifiek over het vergroten van kennis over het herkennen van en omgaan met inwoners met dementie. Citaat 20: “Meer uitleg over dementie bij de bevolking door kranten, tv. Voor veel mensen is het een onbegrijpelijk iets, waardoor de interesse snel weg is.” Citaat 21: Positief om aandacht te besteden aan het fenomeen dementie en de dementie-vriendelijkheid van de gemeenschap. Kennis maakt macht, maakt kundig en socialer. Ik denk dat de gemeenschap hulpvaardiger en begripvoller kan worden.

6 Uitvoeringsplan dementie vriendelijk West Maas en Waal 2024-2026 Op naar een

dementievriendelijke gemeente!, p 5-8. 18

2. Actief samenwerken Het tweede element gaat over actief samenwerken. Samenwerking met partijen zoals Alzheimer Nederland, het lokale netwerk dementie en andere partijen uit de gemeente zijn van belang om een gemeente dementievriendelijk te maken. Citaat 22: “Centrum dementievriendelijker. Voetgangers oversteek plaatsen. Meer bankjes om te rusten. De wiel toegankelijker maken voor mensen die wat moeilijker ter been zijn en voor rollators.” Citaat 23: “Ik denk dat er grote behoeft is aan een inloopplek/ontmoetingsplek voor jongere mensen met dementie! Dementie komt steeds vaker voor en zeker bij deze doelgroep is de impact extra groot op diegene die het treft en ook op hun omgeving. Ik denk hierbij aan een Odensehuis, zoals deze ook een belangrijke functie heeft in de gemeente Beuningen en Wijchen.” 3. Stimuleren Het derde thema volgens Alzheimer Nederland is stimuleren. Een dementievriendelijke gemeente stimuleert partijen, bedrijven, organisaties en inwoners om zich in te zetten voor een dementievriendelijke gemeente. Citaat 24: “"Een zinvolle enquête, hopelijk wordt deze door vele ingevuld. Onbekend maakt onbemind, das aandacht vragen en uitleg geven is heel belangrijk.

Wellicht kunnen jullie besturen van verenigingen en stichtingen uitnodigen voor een informatie bijeenkomst, om aan te geven hoe zij met dementie kunnen omgaan." Citaat 25: “Ik mis een vraag over de zorgverleners die in zorgcentra werken en bewoners met dementie op hun afdeling hebben wonen. Kennis schiet bij sommigen echt te kort (bijvoorbeeld bejegening alsof het kleine kinderen zijn, alsof ze doof zijn, het woord ‘Nee’ te vaak gebruiken, en niet doen wat men zegt dat men zou doen. Deze zorgverleners zouden ook naar voorlichtingsbijeenkomsten moeten gaan om meer kennis te vergaren.” 4. Begeleiding op maat Een dementievriendelijke gemeente is tot slot een gemeente die begeleiding op maat mogelijk maakt voor inwoners met dementie en hun mantelzorgers. Dit is een vrij breed element waar ook passende zorg voor mantelzorgers van belang is. Citaat 26: “Ik vind het belangrijk dat er OPEN woonvormen voor mensen met dementie zijn. Deze mensen niet opsluiten achter gesloten deuren als ze niet meer thuis kunnen wonen. Zoveel mogelijk betrekken bij de omgeving!” Citaat 27: “Ik hoorde op de bijeenkomst dat er zoveel mogelijkheden zijn voor hulp en ondersteuning maar dat mensen de weg niet weten om er bij te komen, misschien is dat de eerste stap die gemaakt moet worden.

WIJS MENSEN DE WEG!!” Uit de citaten blijkt dat er verschillende aandachtspunten zijn voor het verbeteren van de dementievriendelijkheid in de gemeenschap. Er is een duidelijke vraag naar meer bewustwording en kennis over dementie, zowel bij het grote publiek als bij zorgverleners. Meerdere citaten benadrukken het belang van voorlichting, bijvoorbeeld via media zoals kranten en tv, en het organiseren van informatiebijeenkomsten voor verschillende groepen, zoals zorgverleners en bestuursleden van verenigingen. 19

Daarnaast wordt er veel nadruk gelegd op de toegankelijkheid en infrastructuur voor mensen met dementie. Er is een oproep voor meer fysieke aanpassingen, zoals rustpunten en beter toegankelijke openbare ruimtes. Tot slot wordt er gesproken over het belang van ontmoetingsplekken, zoals een inloophuis voor jongere mensen met dementie en open woonvormen waarbij mensen met dementie actief betrokken blijven in de samenleving.

9. Conclusie In de gemeente West Maas en Waal is de ontwikkeling naar een dementievriendelijke samenleving in volle gang, zoals blijkt uit de recente uitreiking van het certificaat Dementievriendelijke Gemeente. De enquêteresultaten benadrukken dat ondanks een certificaat inzet nodig is. De resultaten laten namelijk een duidelijke behoefte aan informatie over dementie zien. Het valt op dat mensen vooral zoeken naar informatie over het herkennen van en het omgaan met (mensen met) dementie. De respondenten hebben aangegeven voornamelijk gebruik te maken van internet als zoekbron. Ook Alzheimer Nederland en zorgprofessionals kwamen vaker naar voren. Er blijkt bovendien interesse te zijn in het bijwonen van informatiebijeenkomsten. De meerderheid geeft aan een voorkeur te hebben voor een halfjaarlijkse bijeenkomst (of vaker) in de avonduren. Er zijn verschillende onderwerpen waarvoor mensen een informatieavond willen bijwonen. Een duidelijke conclusie is dat de informatiebehoefte over dementie breed is. Bij het organiseren van informatiebijeenkomsten is het dus belangrijk om goed te communiceren over het onderwerp en ervoor te zorgen dat er experts zijn die het onderwerp kunnen toelichten. De respondenten hebben geen duidelijke voorkeur voor een locatie gegeven. Het MFA en/of dorpshuis komt relatief het vaakst naar voren.

Gezien de leeftijden van de respondenten en het thema is het van groot belang te zorgen voor een toegankelijke locatie, zowel in nabijheid van de inwoners als fysieke toegankelijkheid van de locatie. Er zijn praktische en inhoudelijke aspecten die men belangrijk vindt bij een bijeenkomst. Bijvoorbeeld kleine groepen, mogelijkheid om vragen te stellen aan experts en lotgenotencontact. Hierbij moet rekening worden gehouden dat voorkeuren per persoon kunnen verschillen. Verder blijkt dat hoewel de meerderheid van de respondenten het Alzheimercafé Maas en Waal kent, slechts een klein percentage (8%) het maandelijks bezoekt. De meeste mensen geven aan het café niet te bezoeken, wat mogelijk duidt op een gebrek aan aansluiting bij de informatiebehoefte of onvoldoende toegankelijkheid. Meer onderzoek is nodig om deze bevindingen verder te begrijpen en conclusies te trekken over hoe het Alzheimercafé beter toegankelijk kan worden voor mensen uit West Maas en Waal of welke andere vormen van informatiebijeenkomsten beter aansluiten op de behoefte. De resultaten laten zien dat er verdeeldheid is over hoe dementievriendelijk West Maas en Waal daadwerkelijk is. Hoewel er over het algemeen een positieve houding is, is er nog veel werk te doen om het taboe rond dementie te doorbreken en de kennis hierover te vergroten.

De ervaringen met ondernemers, verenigingen en zorginstellingen laten ruimte voor verbetering. Er is een duidelijke oproep om door te blijven investeren in kennisdeling en een toegankelijke samenleving voor mensen met dementie. Tot slot was er de mogelijkheid om een opmerking achter te laten. Men geeft aan het een waardevolle vragenlijst te vinden, het belangrijk is dat informatie en kennis over dementie in de samenleving toe neemt, er aandacht moet zijn voor de inrichting van de openbare ruimte en verschillende zorg/woon voorzieningen.

20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://westmaasenwaal.notubiz.nl/document/15442971/1/2025-102%2BDementievriendelijke%2Bsamenleving%2B-%2BAnalyse%2Bvragenlijst?connection_type=17&connection_id=11777434