CConstaterende datWest Maas en Waal
Koppel je AI →
Document · PDF

2026-122.1 Bijlage 1. Concept-begroting 2027

Gemeenteraad 20 mei 2026, gemeente West Maas en WaalBij agendapunt: Ingekomen stukken20.203 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Begroting 2027 inclusief meerjarenraming t/m 2030 vaststelling AB 10 september 2026 versie 1.03

1

INHOUDSOPGAVE 1.

Voorwoord ................................................................................................................................................... 3

2.

Bestuurlijke Samenvatting ........................................................................................................................ 4

BELEIDSBEGROTING ....................................................................................................................................... 6 3.

Programa Bestuur & Beleid ....................................................................................................................... 7

4.

Programma Afval ........................................................................................................................................ 8

5.

Programma Integraal Beheer Openbare Ruimte ................................................................................... 14

6.

Programma Bedrijfsafval ......................................................................................................................... 16

7.

Programma Overhead .............................................................................................................................. 18

8.

Programma Algemene Dekkingsmiddelen ............................................................................................ 21

9.

Lokale heffingen ....................................................................................................................................... 22

10. Weerstandsvermogen en Risicobeheersing ......................................................................................... 26 11. Financiering .............................................................................................................................................. 30 12. Bedrijfsvoering ......................................................................................................................................... 32 13. Openbaarheidsparagraaf Wet Open Overheid (WOO) .......................................................................... 34 14. Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................................................. 35 15. Verbonden partijen ................................................................................................................................... 37 FINANCIËLE BEGROTING .............................................................................................................................. 41 16. Totaaloverzicht baten en lasten .............................................................................................................. 42 17. Uiteenzetting financiële positie ............................................................................................................... 43 18.

Vaststellingsbesluit .................................................................................................................................. 47 Bijlage 1: overzicht Ombuigingsvoorstellen begroting 2026 ...................................................................... 48 Bijlage 2: Totaal baten en lasten per taakveld ............................................................................................. 49 Bijlage 3: Overzicht BTW-Baten afvalstoffenheffing per regiogemeente .................................................. 50 Bijlage 4: Wet- en beleidskaders – regionaal en landelijk ........................................................................... 51

2

1.

VOORWOORD

Voor u ligt de begroting voor 2027: een jaar waarin ambitie, verantwoordelijkheid en realisme nadrukkelijk samenkomen. De maatschappelijke opgaven waarvoor gemeenten en uitvoeringsorganisaties staan, worden steeds complexer. Tegelijkertijd groeit de druk op financiële middelen, regelgeving en capaciteit. In deze dynamiek blijft Avri koersvast werken aan een toekomstbestendige, duurzame en betrouwbare dienstverlening voor alle inwoners van Rivierenland. 2027 is het vierde jaar van ons Strategisch Koersplan en steeds meer inspanningen uit de afgelopen jaren beginnen zichtbaar resultaat op te leveren. Interne processen zijn verbeterd, strategische projecten komen in een afrondende fase en de eerste effecten van onze investeringen in bedrijfsvoering en innovatie worden merkbaar. Dat geeft energie en vertrouwen om door te bouwen. Ook in een tijd van stijgende kosten en veranderende wet- en regelgeving blijven wij optimistisch en oplossingsgericht. We zetten vol in op het verminderen van restafval, het verbeteren van de kwaliteit van grondstoffen en het versterken van de kwaliteit van de bedrijfsvoering en veiligheid in ons werk. Tegelijkertijd doen we er alles aan om de afvalstoffenheffing voor inwoners zo stabiel mogelijk te houden. Dat vraagt creativiteit, scherpte en samenwerking. Samenwerking vormt de motor achter onze vooruitgang.

Met partners in de regio, met maatschappelijke organisaties en met innovatieve bedrijven werken we aan circulaire oplossingen, duurzame energie, biodiversiteit en klimaatadaptatie. De ontwikkeling van een Circulair Ambachtscentrum, de samenwerking binnen Cirtex en onze deelname aan WattHub zijn daar inspirerende voorbeelden van. Deze initiatieven laten zien dat we niet alleen reageren op veranderingen, maar ze actief vormgeven. Avri staat er financieel gezond voor en blijft gericht investeren in een sterke, wendbare organisatie. Met deze begroting geven we helder inzicht in onze plannen, keuzes en verwachtingen voor 2027. We kijken met enthousiasme vooruit naar wat we samen kunnen bereiken voor onze gemeenten, onze inwoners en onze leefomgeving.

Walter Brouwer Directeur Avri

3

2.

BESTUURLIJKE SAMENVATTING

Onze ambitie De landelijke en gemeentelijke ambities op het gebied van grondstoffentransitie en circulariteit liggen hoog. Dat geldt daarmee ook voor onze eigen ambities. Die ambities zijn vastgelegd in het Strategisch Koersplan1 van Avri, dat in 2027 voor het vierde jaar van kracht is. In 2026 zijn (of komen) een aantal strategische en bepalende projecten in de afrondende fase, zoals de besluitvorming over een Circulair Ambachtscentrum, de mogelijke aanpassing van de besturingsstructuur en het grondstoffenplan. Deze projecten lopen door in 2027 en dat legt een fors capaciteitsbeslag op de organisatie. Veel interne processen die leiden tot het versterken van de bedrijfsvoering zijn afgerond. Naar verwachting zien we daarvan in 2027 de eerste resultaten. In 2026 worden ook de afspraken verder uitgewerkt voor de beoogde overdracht van de stortplaats in 2027. Wat we willen bereiken in 2027, hoe we dat gaan doen en wat het gaat kosten, kunt u lezen in de programma’s en de paragrafen. Regel- en belastingdruk De financiën van veel Nederlandse gemeenten staan vanaf 2028 onder druk door de herverdeling van en korting op het gemeentefonds. Tegelijkertijd zijn de afgelopen jaren grote opgaven door het Rijk bij gemeenten neergelegd zoals de uitvoering van klimaat- en energiebeleid (CDOKE). Dat stelt gemeenten voor financiële en maatschappelijke uitdagingen en dwingt ze tot keuzes.

We zijn ons hiervan terdege bewust. Bij het opstellen van de begroting 2027 is een realistische raming voor al onze kosten en baten het uitgangspunt. Daarbij zetten we vooral in op processen die bijdragen aan een beheerste kostenontwikkeling. De noodzaak om de gezamenlijke circulariteitsambities te halen wordt steeds groter. We krijgen steeds meer te maken met hogere niet-beïnvloedbare kosten, zoals de stijgende verwerkingskosten voor restafval (plastic taks, CO2-heffing). Om deze zoveel mogelijk te beperken, moeten we ervoor zorgen dat we minder afval hoeven in te zamelen en minder afkeur hebben van onze grondstoffen. De vervuiling in de grondstofstromen belanden immers ook allemaal zwaarbelast in de verbrandingsoven. Met ingang van 1 juli 2026 is een extra heffing op transportkilometers ingevoerd, waarvan de kosten ook landen in de Avri-begroting. Tot slot vraagt de veiligheid op en rond ons werk (wettelijk verplichte) Arbo-investeringen ter bescherming van onze medewerkers, onze klanten en onze inwoners. In deze omstandigheden doen we wat we kunnen om stijging van de afvalstoffenheffing voor de inwoners zoveel mogelijk te beperken.

Grafiek 1: Tariefontwikkeling afvalstoffenheffing 2022-2030 Duurzame samenwerkingen De huidige samenwerkingen zetten we voort, zoals met Werkzaak. Voor alle grondstoffen zoeken we naar partners zoals bij de textielverwerking met de oprichting van Cirtex. Bij de verdere ontwikkeling van het Circulair Ambachtscentrum zoeken we partners of samenwerkingsverbanden om de grondstoffen zo duurzaam mogelijk te (laten) verwerken. In overeenstemming met de afspraken blijven we participeren in het snellaadplein, WattHub. Daarmee vergroten we de mogelijkheden voor verduurzaming van het wagenpark. We werken samen met regionale partners aan de energietransitie, het vergroten van de biodiversiteit en de klimaatadaptatie. Onze partners zijn Regio Rivierenland, de provincie, de Omgevingsdienst Rivierenland en het Waterschap Rivierenland. Ook willen we de samenwerking met aan Avri vergelijkbare partners, zoals GR Waardlanden intensiveren om schaalvoordelen te realiseren, zoals verminderde kwetsbaarheid in de bedrijfsvoering.

1

Zie website: Strategisch Koersplan 2024-2030 | Avri

4

Werken aan een financieel gezonde positie Avri heeft een financieel gezonde basis en heeft haar bedrijfsvoering risico’s voldoende onder controle, waardoor zij niet hoeft terug te vallen op bijdragen van de gemeenten. Wel zien we met name door niet-beïnvloedbare omstandigheden zoals dalende grondstofvergoedingen, extra rijksbelastingen en prijsindexeringen een stijgende afvalstoffenheffing in Nederland. Ook de afvalstoffenheffing in Rivierenland ontkomt niet aan een verhoging ten opzichte van 2026. Tarieven afvalstoffenheffing; In onderstaande tabel is de ontwikkeling van het gemiddelde tarief afvalstoffenheffing ten opzichte van de raming voor 2026 opgenomen.

Gemiddeld tarief 2026

*

Loon en marktontwikkelingen Tractie, materieel en containers (vervanging en onderhoud) Vervallen dotatie voorziening stortplaats Verwerkingsbelastingen (Wbm, Co2 heffing en km-heffing) Toegangscontrole milieustraten dmv slagboom (ombuiging) Aanpassingen tbv veiligheid Overige mutaties (per saldo) totaal mutaties Gemiddeld tarief 2027 Stijging tov 2026

€ € € € € € €

€

386,00

€ €

7,00 393,00

3,00 7,00 -12,00 12,00 -1,00 4,00 -6,00

2%

* dit is inclusief het variabele deel, uitgaande van gemiddeld 25 aanbiedingen restafval

Tabel 1: Ontwikkeling tarief afvalstoffenheffing voor 2026 In het tarief is volgens de kadernota voor prijsontwikkelingen een indexering van 2,4% en voor loonontwikkelingen een indexering van 4,2% opgenomen. Voor contracten zijn marktconforme indexeringen gebruikt. Het effect van noodzakelijke investeringen in tractie, materieel en containers en de toename van het onderhoud van tractie bedraagt € 7. Door de geplande overdracht van de stortplaats eind 2026 of begin 2027 vervalt de storting in de voorziening stortplaats. Dit heeft een positief effect op de afvalstoffenheffing van € 12. Voor de afvalstromen is op basis van verwachte tonnages en tarieven de begroting geactualiseerd. In de tarieven is opgenomen de verhoging van de verplichte heffingen vanuit de Wbm (afvalstoffenbelasting en CO2-heffing). Dit zijn wijzigingen die vanwege rijksbeleid worden doorgevoerd en voor Avri niet beïnvloedbaar zijn. De kosten voor verwerking van de afvalstromen is hiermee fors toegenomen. Vanaf 1 juli 2026 neemt ook de motorrijtuigenbelasting op vrachtwagens fors toe, door de invoering van de zogenoemde kilometerheffing. Dat betekent dat Avri door verwerkers deze heffing krijgt doorberekend in de verwerkingstarieven en dat ook voor het gebruik van een groot deel van onze vrachtwagens deze heffing per kilometer tot extra kosten zal leiden.

Het effect op het tarief afvalstoffenheffing is onzeker, maar wordt vooralsnog ingeschat op € 12. De toegangscontrole op de milieustraten (ombuiging) heeft een positief effect op de afvalstoffenheffing van afgerond € 1. Aanpassingen op de milieustraten om de veiligheid voor medewerkers, klanten en inwoners te verhogen heeft een effect van € 4 op de afvalstoffenheffing. Daarnaast is sprake van kleinere aanpassingen. Hierin is onder andere opgenomen extra opbrengsten van verhuur van het 2e acculaadplein, opbrengst van matrassen en het neerwaarts bijstellen van andere budgetten. Per saldo heeft dit een voordelig effect op de afvalstoffenheffing van € 6. Opbouw van financiële weerstand Weerstandsvermogen; meerjarige opbouw van financiële weerstand Er is voldoende financiële armslag nodig om continuïteit in onze dienstverlening te waarborgen, risico’s af te dekken en prijsstabiliteit te realiseren. We zien ten opzichte van de jaarrekening 2025 een lichte afname van de risico’s en een toename van weerstandsvermogen. De toename van het weerstandsvermogen is het gevolg van het instellen van de voorziening om de stortplaats over te kunnen dragen rond 1 januari 2027.

5

BELEIDSBEGROTING Programma’s

6

3.

PROGRAMA BESTUUR & BELEID

Wat willen we bereiken? Koersplan Onze ambitie voor het programma Bestuur & Beleid staat beschreven onder twee strategieën van het Strategisch Koersplan, namelijk ‘samen een veilige leefomgeving realiseren’ en ‘de bedrijfsvoering versterken’. Positionering en beeldvorming Avri Avri vervult een centrale rol in de regionale transitie naar een circulaire economie. De wijze waarop inwoners, bedrijven en gemeenten Avri zien, is bepalend voor vertrouwen, samenwerking en draagvlak. Wij streven ernaar dat Avri wordt beschouwd als betrouwbare partner, innovatieve speler en deskundige regisseur in het sluiten van grondstofketens. Net als in 2026 richten wij ons op het systematisch in kaart brengen van onze identiteit en de invloed daarvan op de beeldvorming en betrokkenheid. Via onderzoek en gerichte dialoog werken wij toe naar een eenduidige propositie. In 2027 geven wij deze propositie een herkenbare en consistente uitwerking, waarmee wij ons imago versterken en onze positie als regisseur in de regionale circulaire economie verder verankeren. Besturingsstructuur Avri is opgericht in een tijd van een lineaire economie. Op dit moment vervult Avri als regionale uitvoeringsorganisatie een centrale rol in het afvalbeheer en de circulaire transitie binnen het Rivierenland.

Deze veelzijdigheid heeft geleid tot een gelaagde bestuurlijke structuur, waarin verschillende organisatievormen naast elkaar bestaan: GR, DVO’s, coöperaties en BV-constructies. Hoewel deze opzet historisch gegroeid is, ervaren betrokken partijen in de praktijk knelpunten in de besluitvorming, governance en bestuurlijke samenwerking. In 2025 zijn we gestart met een onderzoek om te komen tot een toekomstbestendige besturingsstructuur. Die moet recht doen aan de complexiteit van het takenpakket van Avri én bijdragen aan de gezamenlijke ambitie van gemeenten en Avri om te versnellen in de circulaire transitie. Daarbij staat niet het optimaliseren van het bestaande model centraal, maar het fundamenteel heroverwegen van rollen, verantwoordelijkheden en zeggenschap. De resultaten van dit onderzoek komen beschikbaar in 2026 en vormen de basis voor een mogelijk besluit over de governance. In 2027 implementeren we de uitkomsten van dit besluit over de besturingsstructuur (actie 5.2 uit het Koersplan). Wat gaan we daarvoor doen? Ontwikkeling van de organisatie Om onze ambities te behalen moeten we aandacht houden voor de ontwikkeling van de organisatie. Personeel aantrekken en behouden is van groot belang. Dit doen we door uitvoering te geven aan het actieplan ‘aantrekkelijk werkgever’. Speciale aandacht geven we aan inclusiviteit van ons personeel.

Personeel met afstand tot de arbeidsmarkt werkt traditioneel in openbaar gebied. We zien hier het aantal mensen gestaag afnemen en sluit ook niet meer aan bij de koers en wat de gemeenten willen. We willen deze groep inzetten bij ander meer geschikte werkzaamheden zoals Circulair Ambachtscentrum. Vanwege een strengere wetgeving blijven we investeren in veilig werken. Dat vraagt een continue aanpassing van de bedrijfsvoering. Tot slot blijven we investeren in nieuwe en vervangende soft- en hardwaresystemen, en het gebruik daarvan door onze medewerkers. Wat gaat dat kosten? Voor dit programma zijn geen aparte budgetten opgenomen in de begroting. De budgetten zijn ondergebracht onder de overige programma’s.

7

4.

PROGRAMMA AFVAL

Inleiding Het programma Afval gaat over het inzamelen en verwerken van grondstoffen en huishoudelijke afvalstromen, het Basispakket. Het Basispakket dat Avri uitvoert voor acht gemeenten heeft een directe relatie tot het Koersplan, namelijk de transitie van afval naar grondstof aanjagen en circulair ondernemerschap en maatschappelijke waarde creëren. Door een gezamenlijke aanpak is Avri in staat om namens en voor alle regiogemeenten deze uitdaging aan te gaan. Wat willen we bereiken? Koersplan Onze ambitie voor het programma Afval staat beschreven onder twee strategieën van het Strategisch Koersplan, namelijk ‘de transitie van afval naar grondstof aanjagen’ en ‘circulair ondernemerschap en maatschappelijke waarde creëren’. In bijlage 5 (Wets- en beleidskaders landelijk en regionaal) is een toelichting op de beleidskaders opgenomen. Landelijke opgave De komende jaren staan de gemeenten en Avri voor de uitdaging om te komen tot een circulaire economie. De circulaire economie is nodig omdat grondstoffen, die nodig zijn om te leven en te produceren, schaars worden. Intussen neemt de vraag naar deze schaarse grondstoffen toe, door de groei van de wereldbevolking. Op de oude voet doorgaan is geen toekomstbestendige optie. In navolging van de EU en het Rijk wil Rivierenland dan ook volledig circulair zijn in 2050.

De doelen waar Avri vooral mee te maken heeft, staan in het Circulair Materialenplan en het Nationaal Programma Circulaire Economie (zie hiervoor ook bijlage 5). Circulair betekent dat de ketens van grondstoffen moeten sluiten, door onder meer pmd, gft, papier en textiel in te zamelen en opnieuw te gebruiken. Deze beweging naar een circulaire economie in Rivierenland is aan de ene kant een kwestie van complexe systemen en wetgeving die moeten veranderen. Aan de andere kant is het sterk afhankelijk van het lokale samenspel tussen inwoners, bedrijven en gemeenten. Avri speelt een belangrijke rol door als regisseur in dit samenspel op te treden en zo grondstoffen nog beter in te zamelen, te sorteren en terug in de markt te brengen. Dit is de ontwikkeling van alleen afval inzamelen naar de rol van kennisexpert en leverancier van grondstoffen. Belasting en CO2-heffing drastisch omhoog We krijgen te maken met steeds hogere niet-beïnvloedbare kosten, zoals de stijgende verwerkingskosten voor restafval (plastic taks) en CO2-heffing. Extra is de kilometerheffing voor vrachtwagens, die leidt tot een forse financiële last. Deze zorgwekkende ontwikkeling is negatief voor de afvalstoffenheffing. Om de heffingen zoveel mogelijk te vermijden, moeten we ervoor zorgen dat we minder afval hoeven in te zamelen. Daarnaast moeten we meer en betere grondstoffen aanbieden aan onze verwerkers.

Zo kunnen we ook meer opbrengsten genereren. We doen wat we kunnen om stijging van de afvalstoffenheffing voor de inwoners zoveel mogelijk te beperken. De noodzaak om onze ambities te halen wordt steeds groter. Helaas geldt: wat we ook doen, volledig compenseren van deze stijgingen is niet haalbaar. Mondiale en landelijke ontwikkelingen De situatie op de wereldmarkt van grondstoffen is onrustig. Er is sprake van dalende prijzen en overvolle afzetkanalen voor de grondstoffen. Dit is ingegeven door complexe mondiale factoren zoals logistiek, problemen in Afrika, de oorlogen in Oost-Europa en het Midden-Oosten en de overmatige aanwezigheid van deze grondstoffen. We zien ook dat sorteer- en recyclebedrijven onder een enorme druk staan en dit vertalen naar ons als inzamelaar.

8

Deze druk heeft voor het pmd geleid tot een nieuwe overeenkomst tussen VNG/NVRD en Verpact over de vergoedingen voor inzamelaars. We worden niet meer afgerekend op de landelijke gemiddelde vervuiling maar op de kwaliteit in Rivierenland. Het analyseren en controleren van schone grondstofstromen is dus nog belangrijker. Het doorzetten van de werkwijze uit de campagne schone grondstoffen in een interventieteam moet bijdragen aan verbetering van de kwaliteit van verschillende grondstoffen en daarmee minder afkeur en grotere opbrengst. Overdracht Stortplaats Het doel is om eind 2026/begin 2027 de stortplaats aan het Nazorgfonds Gelderland over te dragen. Onderdeel van de afvalstoffenheffing is een toeslag van € 12 voor de nazorg van de stortplaats. Deze specifieke toeslag kan vervallen. Een besluit over of de afvalstoffenheffing met hetzelfde bedrag daalt, wordt genomen tijdens het AB van december 2026, waarin de tarieven worden vastgesteld. Toezicht Afvalstoffenverordening (ASV) Binnen de aanpak schone grondstoffen is gekozen voor een preventieve aanpak met interventies, waarbij slechts in noodzakelijke gevallen beboet wordt. Het toezicht houden op de ASV met toezichthouders biedt Avri meer mogelijkheden om, waar nodig, efficiënt en repressief optreden.

Het toezicht wordt onderdeel van de gebiedsgewijze aanpak in onze regio, in aansluiting op de strategische doelen uit het Strategisch Koersplan. Wat gaan we daarvoor doen? Inzameling grondstoffen en huishoudelijk afval Door bovengenoemde hogere niet-beïnvloedbare kosten, blijft het onze taak om ervoor te zorgen dat we minder afval hoeven in te zamelen. Daarnaast moeten we meer en betere grondstoffen aanbieden aan onze verwerkers. Wat we daarvoor gaan doen, komt voort uit verschillende bronnen: • De acties vanuit het Koersplan (zie Kadernota 2027); • De ombuigingsvoorstellen2; • De mitigerende maatregelen om de effecten van de hogere belastingen te verzachten; zoals grondstofinzameling bij hoogbouw en project schone grondstoffen; • De zienswijze vanuit de gemeenten. Hieronder een opsomming van de acties/interventies: 1. Aanpak schone grondstoffen Dit is één van de maatregelen om de hogere belastingdruk te verzachten. Na een positieve evaluatie in 2026 werken we met een interventieteam dat bestaat uit afvalcoaches, toezichthouders en voorlopers. Hiermee willen we de projectmatige aanpak continueren en in onze werkprocessen borgen. Via de grondstoffenrapportage en de rapportage Koersplan houden we u op de hoogte van de effecten van de inzet van interventies.

Het interventieteam zorgt voor de centrale coördinatie van de gebiedsgewijze inzet van interventies, waarbij rekening wordt gehouden met de omgeving, analyses en effectmetingen. Effecten zijn zowel financieel als op het gebied van de vervuilingsgraad van de grondstoffen. 2. Beleidsplan grondstofinzameling in de hoogbouw (1.1d uit het Koersplan) Ook deze actie is één van de maatregelen om de hogere belastingdruk te verzachten. In het Koersplan wordt nog gesproken over het inrichten van gft-inzameling in hoogbouw. In de vergadering van het Algemeen Bestuur van 18 december 2025 is besloten om een plan te maken voor het inzamelen van álle grondstoffen in de hoogbouw. De financiële consequenties zijn nog niet bekend en daarmee nog niet meegenomen in deze begroting. De totale projectscope wordt in 2026 in beeld gebracht, uitvoering vindt plaats vanaf 2027. 3. Beleidsplan van afval naar grondstoffen (1.3 uit het Koersplan) Het grondstoffenplan wordt in 2027 aangeboden aan de gemeenteraden voor zienswijze. De doelen in het plan worden, binnen vastgestelde landelijke kaders, afgewogen tegen de service voor inwoners en de kosten hiervoor. Onderwerpen zijn onder andere inzameling bij hoogbouw en duurzaam gebruik van de ingezamelde grondstoffen. Ook de evaluatie van het huidige inzamelsysteem wordt opgenomen. Het uitvoeren van de interventies in het grondstoffenplan zal starten in 2027.

Vanuit de gemeentelijke zienswijze kwam het verzoek om ‘out of the box’ te denken en ingrijpende interventies niet uit de weg te gaan. In gesprek met de gemeenteraden halen we input op waarna wij de interventies gaan uitwerken. Zodra de financiële consequenties van de interventies duidelijk zijn, worden deze in de begrotingswijziging 2027 of bestuursrapportage 2026 gemeld. 4. Slagbomen op milieustraten (1.4b uit het Koersplan) In haar vergadering van 18 december 2025 heeft het Algemeen Bestuur besloten om milieustraten te voorzien van slagbomen. Naar verwachting worden in 2027 de slagbomen geplaatst. Met deze maatregel verwachten we minder afvaltoerisme en bedrijven op de milieustraat. Daarnaast zijn de slagbomen ook noodzakelijk ter 2

Zie verslag AB 18 december 2025

9

verbetering van de veiligheid op de milieustraten. Het verwachte effect is lagere kosten, namelijk € 0,80 per inwoner per jaar. 5. Milieustraat van de toekomst, Medel (2.2 uit het Koersplan) Sinds 2021 wordt gewerkt aan de ontwikkeling van het Circulair Ambachtscentrum (CA) Medel gepresenteerd. In 2026 vindt besluitvorming plaats over de investering van de bouw en de gevolgen ervan voor de afvalstoffenheffing. Naar verwachting wordt het CA Medel medio 2028 in gebruik genomen. 6. Milieustraten: tarief voor brengen afval Een van de ombuigingsvoorstellen was een voorstel om één tarief voor toegang op de milieustraten in te voeren. Wanneer we dit invoeren is afhankelijk van de ontwikkeling van het CA Medel. Als de financiële effecten vóór december 2026 bekend zijn, kunnen deze worden meegenomen met het vaststellen van de afvalstoffenheffing 2027 in december 2026. 7. Onderzoek doen naar vestiging gft-installatie op grondstoffenmarkt Avri (2.3a uit het Koersplan) In 2026 onderzoeken we samen met adviesbureaus of de beoogde locatie ontwikkeld mag worden. Daarbij zullen we altijd rekening moeten houden met de natuur-, stikstof- en milieueisen. Wij gaan ervan uit dat met haalbare voorwaarden in 2027 een omgevingsvergunning verleend kan worden. Intussen willen we in 2026 door een marktconsultatie alvast bepalen voor welke businesscase we kiezen.

Afhankelijk van de resultaten zal het Algemeen Bestuur in 2027 besluiten of we verder gaan met een gft composterings- installatie. Daarna kunnen we partijen in de markt benaderen voor het bouwen van een gft-installatie op het grondstoffenpark. 8. Frictiekosten Regio Rivierenland Eén van de ombuigingsvoorstellen betreft de frictiekosten Regio Rivierenland. Met de Regio Rivierenland zijn we in gesprek gegaan over de eeuwigdurende frictiekosten van € 133.214. Voor de zuiverheid van de begrotingen van beide organisaties was het wenselijk deze situatie op te lossen. Recent voerden we gesprekken met Regio Rivierenland. Formele besluitvorming over de afspraken volgt nog. Dan kunnen ook de financiële effecten ervan worden verwerkt. 9. Kwijtscheldingen Een van de ombuigingsvoorstellen betreft de versobering van de kwijtschelding. Dit wordt uitgewerkt en op basis daarvan wordt een voorstel aan het Algemeen Bestuur voorgelegd. Daarin worden de verschillen tussen de gemeenten en de relatie met het gemeentelijk beleid (kwijtschelding/armoede) in beeld gebracht. De financiële consequenties worden meegenomen met het bepalen van de hoogte van het tarief van de afvalstoffenheffing in december. 10.

Stimuleren circulair ondernemen, met de focus op grondstoffen (2.4 uit het Koersplan) Wij adviseren en stimuleren bedrijven waar Avri het bedrijfsafval ophaalt hoe zij het beste hun afval kunnen scheiden en faciliteren hen hierin. 11. Bedrijfsafval textiel ophalen modewinkels voor UPV Textiel uitvoering (2.4b uit het Koersplan)

Medio 2026 starten we een pilot met het inzamelen van textiel bij kringloopwinkels en kledingwinkels. Dit om nog meer schoon textiel in te zamelen en daarmee aan de doelstelling van het UPV te voldoen. Of we dit initiatief in 2027 voortzetten, is afhankelijk van de uitkomsten van deze pilot. Naast deze acties zetten we onze invloed ook in via deelname aan landelijke overleggen over regelingen die worden ontwikkeld om schone grondstoffen te bevorderen en de circulaire opgave te realiseren. Toezicht ASV In 2026 heeft team handhaving een doorstart gemaakt met alleen de taak toezicht op de ASV. Nog dit jaar wordt een nader voorstel uitgewerkt op basis van data om te komen tot een volwaardig team dat een goede taak op het gebied van voorlichting en toezicht kan uitvoeren. Met een gebiedsgewijze aanpak kan worden bijgedragen aan het verminderen van bijplaatsingen, het geven van voorlichting en ook de aanpak van illegale textielcontainers. Het team werkt aan een leefomgeving waar inwoners echt het verschil merken. Plustaken Het inzamelen van incontinentiemateriaal, bruikbare spullen (doorgeeftas) en tegels (tegelwippen) vallen binnen het programma Afval onder de plustaken. Dit wil zeggen dat de kosten niet opgenomen zijn in het basistarief van de afvalstoffenheffing.

De kosten voor de inzameling van incontinentiemateriaal worden gedekt door een gemeentelijke toeslag op de afvalstoffenheffing. Voor de andere taken ontvangen de betreffende gemeenten een factuur. 1. Inzameling incontinentiemateriaal De Avri-gemeenten hebben ervoor gekozen de kosten van de gescheiden inzameling van incontinentiemateriaal te dekken met een toeslag in de tarieven afvalstoffenheffing. De taken worden tegen kostprijs

10

aangeboden en eventuele voor- en nadelen worden verrekend met de gemeenten. Daarmee ligt het financiële risico bij de individuele gemeenten. 2.

Doorgeeftas De gemeenten Neder-Betuwe en West Betuwe nemen deel aan deze pilot en deze loopt door tot eind 2026. De bevindingen uit de pilot vragen om bijstelling van het beleid, zodat we vanaf 2027 kunnen uitbreiden naar andere gemeenten. Het doel is om de Doorgeeftas als extra inzamelmiddel in de hele regio in te kunnen zetten, al dan niet met inzet van verenigingen. De uitvoering wordt uiteindelijk onderdeel van het Circulair Ambachtscentrum.

3.

Tegelwippen Op verzoek van een aantal gemeenten faciliteert Avri bij het NK Tegelwippen. Het tegelwippen wordt georganiseerd om mensen te enthousiasmeren hun leefomgeving groener en klimaatbestendiger te maken door het vervangen van tegels door gras, bloemperken, bomen en geveltuinen. Meer vergroening van de versteende leefomgeving is hard nodig om hitte(stress), droogte en wateroverlast door piekbuien te voorkomen.

Wat gaat dat kosten? Naast beleidsontwikkelingen zijn in toenemende mate ook marktontwikkelingen van invloed op de begroting van Avri. De toenemende inzameling van grondstoffen maakt de begroting meer afhankelijk van marktmechanismes. Daarmee is de ontwikkeling van de tarieven afvalstoffenheffing steeds minder te beïnvloeden. De huidige economische en politieke situatie leidt tot stijgende prijzen op de arbeidsmarkt en hogere tarieven bij marktpartijen bij de inkoop van goederen en diensten. Ontwikkelingen afval- en grondstoffenmarkt De grondstoffenmarkt is grillig. Soms dalen de prijzen door veel aanbod, aanscherping van importbeleid in andere landen en mindere kwaliteit van de aangeboden grondstoffen. Ook de gebeurtenissen in de wereld hebben direct effect op de vergoedingen. Schaarste drijft de prijzen soms juist op. We zien nu dat er geen langjarige contracten worden afgesloten. Wij moeten blijven focussen op schone grondstofstromen, om de financiële gevolgen van deze marktontwikkelingen zoveel mogelijk te beperken. Verpakkingsafval pmd (voorheen pdb) Voor pmd is een nieuw contract afgesloten. Avri wordt per gemeente afgerekend op het percentage herbruikbaar pmd. Dit was voorheen het landelijke gemiddelde. Bij toename van vervuiling neemt de inzamelvergoeding af en dit kan grote financiële consequenties hebben. Ook vraagt dit nieuwe investeringen in de bedrijfsvoering.

Het is daarom ook belangrijk dat wij inwoners blijven stimuleren en informeren over wat er in pmd mag zitten. Aantal aanbiedingen restafval Uitgangspunt voor het aantal aanbiedingen restafval is een gemiddeld aanbod van 72 kg restafval per jaar per inwoner. Dit uitgangspunt komt overeen met de begroting 2025 en 2026. Bij de begrotingswijziging 2027 wordt dit bijgesteld naar een actuele inschatting (op basis van een combinatie van gegevens van BSR en de gemiddelde groei in de regio). In grafiek 2 is de ontwikkeling van kosten en opbrengsten over de afgelopen jaren weergegeven en een prognose van de ontwikkeling op prijspeil 2027 plus de wettelijke heffingen en toeslagen, zonder rekening te houden met indexatie.

Grafiek 2: Ontwikkeling verwerkingsopbrengsten/-kosten 2016-2030 (prijspeil 2027, niet geïndexeerd)

11

Door andersoortige contracten met afvalverwerkers af te sluiten bereikt Avri meer stabiliteit en een sneller financieel effect bij schonere stromen. Om meer grip op de verwerking te krijgen probeert Avri meer invloed te krijgen op de gehele keten. Denk aan samenwerking waar het gaat om productie, consumptie (voorlichting, communicatie) en duurzame inname en verwerking van grondstoffen. Door regionale en landelijke samenwerking met producenten, verwerkers en marktpartijen gaat Avri op zoek naar slimme, innovatieve en duurzame oplossingen. Daarmee nemen wij ook meer verantwoordelijkheid voor de afzet van onze grondstofstromen. Wij streven ernaar dat de verwerking zo circulair mogelijk plaatsvindt. Bij voorkeur vindt verwerking regionaal plaats. Zo wordt de lokale economie en werkgelegenheid voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt gestimuleerd en reduceren we de CO2-uitstoot van het transport en de kilometerheffing. Daarnaast kijken we waar Avri waarde kan toevoegen aan de grondstofstromen. Als voorbeeld dienen de subsidieprojecten vanuit de EFRO Op Oost subsidie en de samenwerking met Cirtex sinds 2023. De tarieven op de markt voor verbranding van restafval stijgen als gevolg van een verhoging op de belasting (Wbm) en de CO2-heffing. Dat heeft gevolgen voor de afvalstoffenheffing.

Dat maakt het terugdringen van de kilo’s restafval en vervuiling bij grondstoffen alleen maar urgenter. Dat is wel steeds lastiger gezien de lage hoeveelheden restafval. In onderstaande tabel 2 zijn de verwerkingskosten en verwerkingsopbrengsten opgenomen zonder rekening te houden met indexatie voor de komende jaren (constante prijzen). Wel is gerekend met de overheidsheffingen zoals die op dit moment worden ingeschat. Het is te verwachten dat de kosten voor het verwerken van restafval in de toekomst nog aanzienlijk zullen toenemen.

VERWERKINGSKOSTEN (x €1.000) Restafval GFT afval Overige kostenstromen Totaal verwerkingskosten

2026 *) 3.006 3.110 2.202 8.318

2027 3.255 3.234 2.201 8.690

2028 3.255 3.234 2.227 8.716

2029 3.255 3.234 2.197 8.686

2030 3.255 3.234 2.192 8.681

VERWERKINGSOPBRENGSTEN (x €1.000) Papier Kunststof verpakkingen en drankkartons Textiel Glas Overige opbrengststromen Totaal verwerkingsopbrengsten

2026 *) 1.184 2.939 105 307 1.465 6.000

2027 829 2.812 225 390 1.644 5.900

2028 802 2.562 225 390 1.639 5.618

2029 802 2.562 225 390 1.639 5.618

2030 802 2.562 225 390 1.639 5.618

-2.318

-2.790

-3.098

-3.068

-3.063

Saldo afvalverwerking

*) na begrotingswijziging Tabel 2: Verwerkingskosten en -opbrengsten t/m 2030 (prijspeil 2027, niet geïndexeerd) Toezicht ASV De besluitvorming over de doorontwikkeling van deze taak zoals hiervoor beschreven, wordt voorzien van een nadere financiële onderbouwing. Die wordt aan het Algemeen Bestuur voorgelegd en verwerkt in de 1e begrotingswijziging 2027. Programmabaten en -lasten De lasten van het programma Afval worden gedekt door de baten uit de ingezamelde grondstoffen en de afvalstoffenheffing. De opbouw van de baten afvalstoffenheffing is weergegeven in paragraaf 10: Lokale heffingen. Die baten zijn gebaseerd op de in dit hoofdstuk uitgewerkte lasten. In tabel 3 worden de baten en lasten gespecificeerd volgens de financiële begroting en worden de stortingen en onttrekkingen uit de reserves inzichtelijk.

12

LASTEN EN BATEN PROGRAMMA AFVAL (x €1.000) Lasten Lasten uitvoering basispakket Opslag btw basispakket Kwijtscheldingen Totaal lasten

2026 *)

2027

2028

2029

2030

38.380 3.497 1.448 43.325

42.019 3.497 1.483 46.999

42.760 3.497 1.483 47.740

42.426 3.497 1.483 47.406

42.164 3.497 1.483 47.144

Baten Verwerkingsopbrengsten grondstoffen Overige opbrengsten Baten afvalstoffenheffing (bruto) Exploitatieresultaat programma basispakket Totaal baten

5.863 0 38.662 0 44.525

5.900 1.258 39.840 0 46.999

5.618 1.534 40.588 0 47.739

5.618 1.508 40.280 0 47.406

5.618 1.506 40.020 0 47.144

Saldo van lasten en baten voor vermogensmutaties

1.200

0

0

0

0

0

0

0

0

0

1.200 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0

0

0

0

0

onttrekking reserve bedrijfsafval Voorziening Basispakket - Dotatie risico-opslag - Dotatie/onttrekking(-) overig Saldo van lasten en baten na vermogensmutaties * na begrotingswijziging Tabel 3: Meerjarenbegroting lasten en baten programma Afval

Het programma Toezicht en Handhaving is komen te vervallen doordat vanaf 2027 alleen nog sprake is van toezicht op de afvalstoffenverordening (ASV). Budgetten zijn overgeheveld naar programma Afval. LASTEN EN BATEN PROGRAMMA TOEZICHT EN HANDHAVING (x €1.000)

2026 *)

2027

2028

2029

2030

Lasten Toezicht en handhavingstaken

1.959

0

0

0

0

Totaal lasten programma toezicht en handhaving

1.959

0

0

0

0

Toezicht en handhavingstaken

1.959

0

0

0

0

Totaal baten programma toezicht en handhaving

1.959

0

0

0

0

Saldo van lasten en baten voor vermogensmutaties

0

0

0

0

0

Vermogensmutaties (stortingen / onttrekkingen reserves)

0

0

0

0

0

Saldo van lasten en baten na vermogensmutaties

0

0

0

0

0

Saldo van lasten en baten na vermogensmutaties * na begrotingswijziging

0

0

0

0

0

Baten

Tabel 4: Meerjarenbegroting lasten en baten voormalig programma Toezicht en handhaving.

13

5.

PROGRAMMA INTEGRAAL BEHEER OPENBARE RUIMTE

Inleiding In het programma Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR) zijn diensten opgenomen die individuele gemeenten in aanvulling op het Basispakket contractueel van Avri kunnen afnemen. Het vormt een onderdeel van het Pluspakket. Hiermee levert Avri een breed dienstenpakket voor gemeente Buren, Tiel, Neder-Betuwe en WestBetuwe. Dit dienstenpakket bestaat uit het Integraal Beheer van de Openbare Ruimte (IBOR) en gladheidsbestrijding. Daarnaast wordt voor een aantal gemeenten afvalstromen uit de openbare ruimte verwerkt (bijv. zwerfafval). Avri stelt zich ten doel deze plustaken efficiënt uit te voeren overeenkomstig de vastgestelde kwaliteitsniveaus. De individuele gemeente houdt altijd de regie en bestuurlijke verantwoordelijkheid over de overgedragen taken. In een dienstverleningsovereenkomst (DVO) zijn nadere afspraken opgenomen over de samenwerking. Wat willen we bereiken? Binnen het werkgebied van IBOR zien we de laatste jaren beleidsbepalende ontwikkelingen. Deze zijn vooral gelegen in klimatologische en sociaaleconomische omstandigheden. Deze zijn als vertrekpunt genomen voor een geactualiseerde visie op het IBOR-pluspakket. Daarbij is als uitgangspunt genomen om als Avri de focus te leggen op taken die het best aansluiten bij de afval- en reinigingstaken.

Denk hierbij aan reinigingstaken (reiniging van weg- en straatmeubilair, machinaal vegen, onkruidbestrijding op verhardingen, bladruimen, zwerfvuil en afvalbakken), gladheidbestrijding, dagelijks onderhoud van riolering en brandkranen en incidentele taken zoals evenementenondersteuning, ondersteuning bij verkiezingen en marktreiniging. Voor de gemeenten waarvan destijds de buitendiensten zijn overgenomen (Tiel, Neder-Betuwe, Buren en West-Betuwe), blijven we integraal alle beheertaken coördineren en uitvoeren. Door focus aan te brengen bij de uitbreiding van IBOR-taken is het mogelijk om efficiënter en effectiever te werken. Door vooral te werken met vast personeel kan gericht ingezet worden op zowel persoonlijke als vakinhoudelijke ontwikkeling van medewerkers. Door te focussen kunnen medewerkers en materieel doelmatiger maar ook flexibeler worden ingezet. Wat gaan we daarvoor doen? We maken onderscheid in de dienstverlening voor bovengenoemde bestaande en nieuwe IBOR-gemeenten. Voor de huidige wijzigt niets. Avri blijft deze gemeenten ontzorgen overeenkomstig de huidige raamovereenkomsten en dienstverleningsovereenkomsten. Bij toetreding van nieuwe gemeenten ligt de focus op de voorkeurstaken. Wij willen vanaf 2027 actief met de andere gemeenten in gesprek om te bezien in hoeverre wij voor andere gemeenten ook taken kunnen verzorgen.

Avri richt zich continue op het versterken van de interne IBOR-organisatie om zo een goede dienstverlening te kunnen bieden. Wat gaat dat kosten? Avri voert voor vier gemeenten de IBOR-taken uit. De totale geraamde lasten per IBOR-gemeente zijn in tabel 4 uiteengezet. De kosten voor 2027 in deze tabel zijn gebaseerd op de (concept) werkbegrotingen voor 2026. Daarbij is zoveel mogelijk rekening gehouden met autonome kostenindexatie, cao’s en marktontwikkelingen.

14

ONTWIKKELING UITVOERINGSLASTEN (x €1.000)

2026 DVO 2027 GR

Gemeente Buren IBOR Gemeente West Betuwe IBOR Gemeente Neder-Betuwe IBOR Gemeente Tiel IBOR Totaal DVO's IBOR

4.417 2.054 1.091 9.090 16.652

VERSCHIL

4.555 2.118 1.416 *) 9.368 17.457

138 64 325 278 805

3% 3% 11% 3% 5%

*) inclusief frictiekosten overhead voor terugnemen taken. Tabel 5: Ontwikkeling uitvoeringslasten DVO’s IBOR

Programmabaten en -lasten De lasten en baten van het programma IBOR staan in tabel 5. De taken worden tegen kostprijs aangeboden en eventuele voor- en nadelen worden op basis van de afgesloten DVO verrekend met de gemeenten. Daarmee ligt het financiële risico bij de individuele gemeenten. Om die reden houdt Avri geen (risico)reserve aan voor IBOR-activiteiten. BATEN EN LASTEN PROGRAMMA IBOR (x €1.000) Lasten Integraal beheer openbare ruimte - via DVO Integraal beheer openbare ruimte - verwerking afvalstromen Gescheiden inzameling incontinentiemateriaal Overige dienstverlening pluspakket Totaal lasten programma pluspakket

2027

2028

2029

2030

18.624 0 643 191 19.458

17.457 247 0 0 17.704

17.457 247 0 0 17.704

17.457 247 0 0 17.704

17.457 247 0 0 17.704

18.624 0 643 191 19.458

17.457 247 0 0 17.704

17.457 247 0 0 17.704

17.457 247 0 0 17.704

17.457 247 0 0 17.704

Saldo van lasten en baten voor vermogensmutaties

0

0

0

0

0

Vermogensmutaties (stortingen / onttrekkingen reserves)

0

0

0

0

0

Saldo van lasten en baten na vermogensmutaties

0

0

0

0

0

Saldo van lasten en baten na vermogensmutaties * na begrotingswijziging

0

0

0

0

0

Baten Integraal beheer openbare ruimte - via DVO Integraal beheer openbare ruimte - verwerking afvalstromen gescheiden inzameling incontinentiemateriaal Overige dienstverlening pluspakket Totaal baten programma pluspakket

2026 *)

Tabel 6: Meerjarenbegroting programma beheer openbare ruimte (IBOR)

15

6.

PROGRAMMA BEDRIJFSAFVAL

Inleiding Het programma Bedrijfsafval gaat over de inzameling en verwerking van afval van bedrijven. Avri voert in beperkte mate activiteiten uit voor bedrijven in de vorm van inzameling, inname en het laten verwerken van bedrijfsafval. De dienstverlening aan bedrijven is ondersteunend aan het Basispakket. De positieve financiële resultaten worden al enkele jaren benut voor verlaging van de afvalstoffenheffing voor de inwoners. Ook gebruiken we de resultaten voor sponsoractiviteiten in de vorm van diensten. Wat willen we bereiken? Het aantal klanten groeit en we zien nog altijd potentieel om ons marktaandeel van ongeveer 15% in de toekomst te vergroten. Daarmee kunnen we de financiële dekkingsbijdrage in het Basispakket voor de inwoners van Rivierenland continueren. De bedrijfsafval activiteiten worden ook benut om uiting te geven aan de regionale maatschappelijke betrokkenheid van Avri. Wat gaan we daarvoor doen? De bedrijfsafval activiteiten zijn gericht op het zo goed mogelijk benutten en inzetten van de beschikbare productiemiddelen. Ze vormen een beperkt onderdeel van de bedrijfsvoering en van de omzet. We onderscheiden ons op de markt voor bedrijfsafval door gescheiden inzameling van papier, gft, glas en plastic mogelijk te maken. In een pilot bieden we ook de mogelijkheid om textiel bij kringloopwinkels en kledingwinkels in te zamelen.

We kunnen bedrijven adviseren op het gebied van afval en grondstoffen en service bieden. De ervaring die we hierbij opdoen zetten we in bij bedrijven die al klant zijn, maar ook bij potentiële nieuwe klanten. Zo vergroten we de aandacht voor circulaire economie en duurzaamheid bij andere bedrijven en binnen Avri. Met het programma Bedrijfsafval kunnen we ook uiting geven aan de regionale maatschappelijke betrokkenheid van Avri. Door verbinding met het regionale bedrijfsleven en sponsoring in natura tijdens regionale evenementen, zonder winstoogmerk, wordt de zichtbaarheid van Avri in de regio vergroot. We gaan in 2027 uit van voortzetting van de samenwerking met de organisaties van onder andere Appelpop en de Betuwse Bloesemtocht. Zo leveren we ook een maatschappelijke dienst die bijdraagt aan een fijne leefomgeving voor de inwoners van de regio. Dienstenpakket bedrijfsafval Het dienstenpakket bedrijfsafval blijft onveranderd.

De activiteiten in 2027 zijn: • Inzameling van afval en grondstoffen bij bedrijfsklanten, met name het mkb; • Adviseren van bedrijven op het gebied van duurzaamheid om te voorkomen dat afval ontstaat; • Nieuwe klantbenadering: focus op dienstverlening aan scholen en verenigingen, circulariteit bij het MKB; • Inname van afval en grondstoffen van bedrijfsklanten op ons grondstoffenpark Geldermalsen; • Op- en overslag van afval en grondstoffen van bedrijfsklanten; • Het laten verwerken van afval- en grondstofstromen van bedrijfsklanten; • Sponsoring in natura van non-profit evenementen in de regio. Sponsoring in natura De kosten voor sponsoractiviteiten van Avri worden gefinancierd uit het programma Bedrijfsafval. De sponsoring bestaat uit het verrichten van diensten bij non-profit evenementen in de regio zoals Appelpop, Fruitcorso, Rivierenland Triathlon, Two Rivers marathon en de Betuwse Bloesemtocht. De totale sponsorbijdrage in natura bedraagt omgerekend € 50.000. Hiermee werken wij aan onze maatschappelijke betrokkenheid en kunnen wij ons profileren als maatschappelijk betrokken overheidsorganisatie. De doelstelling voor onze sponsoring is het uitdragen van onze kernwaarden: betrokken, klantgericht en duurzaam.

16

Het sponsorbudget biedt ruimte om – buiten de bestaande activiteiten – eventuele andere aanvragen voor sponsoring in natura te kunnen honoreren, op voorwaarde dat die aan de volgende criteria voldoen: • Geen winstoogmerk van het evenement; • Het evenement past bij de kernwaarden van Avri; • Groot bereik (veel bezoekers uit de regio Rivierenland en omgeving); • Het evenement valt buiten de richtlijnen die zijn opgesteld voor activiteitenafval (dat maakt op basis van een bestuursbesluit uit 2009 namelijk onderdeel uit van het programma Basispakket). Wat gaat dat kosten? Programmabaten en -lasten De lasten van het programma Bedrijfsafval zijn hieronder weergegeven. De verwerkingskosten en de opbrengsten van de verwerking van de grondstoffen zijn gebaseerd op geschatte tonnages en tarieven. In het kader van de ombuigingen is eerder besloten om structureel € 50.000 te onttrekken aan de reserve Bedrijfsafval en dit ten gunste van het programma Afval te brengen. Dit laatste is opgenomen onder de lasten van de uitvoering van het programma Bedrijfsafval. Na aftrek van vennootschapsbelasting is er een financieel voordeel van € 69.000. Dit wordt toegevoegd aan de reserve Bedrijfsafval. BATEN EN LASTEN PROGRAMMA BEDRIJFSAFVAL (x €1.000) Lasten Lasten uitvoering programma bedrijfsafval Af te dragen vennootschapbelasting Totaal lasten programma bedrijfsafval

2026 *)

2027

2028

2029

2030

2.854 4 2.858

2.787 27 2.814

2.787 27 2.814

2.778 27 2.805

2.775 27 2.802

1.974 240 659 2.873

2.360 336 137 2.833

2.360 336 137 2.833

2.360 336 137 2.833

2.360 336 137 2.833

Saldo van lasten en baten voor vermogensmutaties

15

19

19

28

31

Onttrekking aan reserve Bedrijfsafval tgv programma Afval Storting in reserve Bedrijfsafval obv resultaat programma Bedrijfsafval

-15

50 -69

50 -69

50 -78

50 -81

0

0

0

0

0

Baten Opbrengsten contracten bedrijfsafval Verwerkingsopbrengsten grondstoffen Overige opbrengsten Totaal baten programma bedrijfsafval

Saldo van lasten en baten na vermogensmutaties * na begrotingswijziging

Tabel 7: Meerjarenbegroting programma Bedrijfsafval

17

7.

PROGRAMMA OVERHEAD

Inleiding Overhead is het geheel van functies en activiteiten gericht op sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. We zien een toenemende behoefte aan een beleidsrijke organisatie vanwege de vele ontwikkelingen en kansen in afvalverwerking en duurzaamheid. In het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (verder BBV) is vastgelegd dat kosten zoveel mogelijk direct worden toegerekend aan de betreffende taken of programma’s. Dit betekent dat alle bedrijfskosten die direct verbonden zijn aan activiteiten in de betreffende taakvelden of programma’s moeten worden begroot en verantwoord. In het programma Overhead worden de lasten verantwoord die geen directe relatie hebben met een bepaald programma. Deze lasten worden op basis van verdeelsleutels doorbelast naar de programma’s. Wat willen we bereiken? Eén van de strategieën uit het Koersplan is het versterken van de bedrijfsvoering. Deze ambitie vraagt om een innovatieve bedrijfsvoering die aansluit op landelijke en Europese eisen. Daarnaast worden wettelijke verplichtingen steeds strenger zoals de regelgeving op het gebied van Arbo en veiligheid. Ook de gemeenten vragen van Avri een hoog ontwikkeltempo, om tijdig in te kunnen spelen op ontwikkelingen als digitalisering, robotisering en informatievoorziening.

Ontwikkelingen vragen ook steeds om aanpassing van de bedrijfsvoering, zoals het convenant met Verpact. Wat gaan we daarvoor doen? Evenals voorgaande jaren richten we ons binnen bedrijfsvoering op het verhogen van onze bedrijfsefficiency en het verkleinen van de bedrijfsvoering risico's. Dat willen we onder meer bereiken met een effectieve en flexibele organisatie en informatiehuishouding. Dan gaat het bijvoorbeeld om de optimalisatie van processen en systemen. De dienstverlening aan de inwoners staat daarbij voorop. Daarnaast ervaren we steeds meer en steeds complexere wettelijke ontwikkelingen die van invloed zijn op onze bedrijfsvoering. Voorbeelden hiervan zijn wetgeving ten aanzien van inkoop en aanbesteden, arbeidsrecht (WNRA, WAB), vennootschapsbelasting, informatiebeheer en -beveiliging. Om aan alle eisen te voldoen, risico’s te beheersen en continuïteit te waarborgen, moeten we blijven investeren in onze bedrijfsvoering. De ingezette lijn om onze bedrijfsvoering robuuster te inrichten blijven we voortzetten. Dit doen we door het continu harmoniseren, beschrijven, automatiseren en digitaliseren van bedrijfsprocessen en systemen. Dankzij mobiele apparatuur als boordcomputers, tablets en het gebruik van apps werken we steeds meer tijd- en plaatsonafhankelijk.

Tegelijkertijd blijven we werken aan de transparantie en openheid van Avri en verbinding met gemeenten en inwoners. Wij willen ons werk doen met duurzaam inzetbare medewerkers; gezonde en vitale mensen die veilig en met bezieling aan het werk zijn. We hebben immers elke collega nodig. We zetten de komende jaren in op de volgende thema's: • Vitaliteit: we gaan door met acties om de vitaliteit in de organisatie te vergroten. We willen hierbij vooral het eigenaarschap en initiatieven van medewerkers stimuleren en faciliteren; • Strategische personeelsplanning: hiermee willen we de uitdagingen in de arbeidsmarkt aangaan en medewerkers breed en duurzaam inzetbaar maken. De reguliere aanpak past niet meer; er zijn innovatieve oplossingen nodig voor de toekomst; • Leren: we vinden het belangrijk dat medewerkers zich blijven ontwikkelen. We willen meer leren in de dagelijkse praktijk en zetten stevig in op scholing. Fouten maken kan: als we er maar van leren; • Veiligheid: als werkgever zorgen we voor goede fysieke arbeidsomstandigheden en voldoende opleidings- en ontwikkelmogelijkheden. Ook stimuleren we goede sociale arbeidsomstandigheden, zoals een waarderende

18

cultuur en een reële werkdruk. Data-gestuurd werken (actie 5.5a uit het Koersplan) Om de acties uit het Koersplan uit te voeren en efficiënt te blijven werken, is een veranderende dienstverlening en bedrijfsvoering nodig. In 2026 heeft de aanbesteding van het huidige planning- en containerbeheersysteem (AfvalRis) plaatsgevonden en is er een keuze gemaakt. In 2027 wordt het nieuwe systeem geïmplementeerd. In samenhang met chippen van de containers draagt dat eraan bij dat we nog efficiënter, meer data-gedreven en gebruiksvriendelijker kunnen werken. Optimalisatie containerbeheer (3.3a uit het Koersplan) Om ervoor te zorgen dat we voldoende kwalitatief goede data verkrijgen, is het noodzakelijk het containerbestand (ca 300.000 minicontainers) op orde te hebben, bijvoorbeeld door ze te chippen. Op die manier ontstaat een belangrijke bron van betrouwbare data, waarop we kunnen sturen. Hierbij hoort een beheersbaar proces, zodat de juiste data worden gegenereerd. Verouderde minicontainers, die niet geschikt zijn om te chippen, worden vervangen. Minicontainers voor de inzameling van pmd worden voorzien van oranje deksels. In 2026 is hiervoor een pilot gestart, de uitrol vindt plaats in 2027. Dekking hiervan is voorzien in de begroting. CSRD-rapportage In 2027 gaan we CSRD-rapportage uitbreiden3.

CSRD zorgt ervoor dat bedrijven zoals Avri transparant rapporteren over duurzaamheidsthema’s en hier vervolgens op sturen. In 2027 laten we de CSRD-rapportage door een accountant accrediteren. Materieel (bedrijfsmiddelen en wagenpark) verduurzamen (3.2 uit het Koersplan) Bij de reguliere vervanging van het wagenpark kiezen we voor een duurzame oplossing die bewezen is in de praktijk. Voor het zwaardere materieel en de bedrijfswagens tot 3500 kg is dit overgang van voertuigen op LNG en normale diesel naar HVO. Waar het kan gaan de bedrijfsauto’s over op elektrische aandrijving, net als de dienstauto’s. We hebben voldoende stroom van ons zonne- en windpark. Beperkende factor voor elektrisch zwaar transport zijn de grote rij-afstanden in Rivierenland. Vanaf 1 juli 2026 neemt de motorrijtuigenbelasting op nietelektrische vrachtwagens fors toe, door de invoering van de zogenoemde kilometerheffing. Dat zal voor een groot deel van onze vrachtwagens tot extra kosten leiden. Kantoorpanden energielabel B maken (3.4b uit het Koersplan) We zijn gestart met fase 2 van ons kantoorpand, de uitbreiding met nieuwe wasgelegenheid en kleedruimtes en een nieuwe kantine. Na het aanbesteden kunnen we in 2027 bouwen. Ook brengen we in kaart hoe we de inrichting van de gebouwen en terreinen in Geldermalsen passend maken bij de activiteiten die Avri nu (en naar verwachting komende jaren) uitvoert.

Het zal gaan om diverse deelprojecten zodat activiteiten op het terrein kunnen doorgaan. Pas als er duidelijkheid is over de toekomst van de milieustraat in Geldermalsen, kunnen we echt besluiten over de meest optimale inrichting van het terrein. Wat gaat dat kosten? In onderstaande tabel 8 is de doorbelasting van overheadkosten naar de programma’s meerjarig inzichtelijk gemaakt. BATEN EN LASTEN PROGRAMMA OVERHEAD (*€1.000) 2026 *) 2027 2028 2029 2030 Lasten Taakveld 0.4 Overhead 9.690 11.179 11.467 11.340 11.264 Doorbelaste overhead naar programma Afval -6.357 -8.049 -7.522 -7.439 -7.389 Doorbelaste overhead naar programma IBOR -2.683 -2.752 -2.722 -2.703 Doorbelaste overhead naar programma Toezicht -2.946 0 -734 -726 -721 Doorbelaste overhead naar programma Bedrijfsafval -388 -447 -459 -454 -451

Saldo van baten en lasten

0

0

0

0

0

Taakveld 0.10 Mutaties reserves

0

0

0

0

0

Resultaat na mutatie reserve *) na begrotingswijziging Tabel 8: Meerjarenbegroting programma Overhead

0

0

0

0

0

Programmabaten en -lasten De lasten van het programma Overhead zijn ten opzichte van 2026 toegenomen. De organisatie is versterkt en groeit in omvang waarbij naast directe personeelskosten ook ICT-kosten stijgen met het aantal medewerkers (software- en licentiekosten). Ook de overgang naar een nieuwe digitale werkomgeving leidt structureel tot meer 3

De Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD) is een Europese richtlijn en onderdeel van de European Green Deal.

19

kosten. De kosten voor huisvesting zijn in 2027 lager omdat de eerder opgevoerde kosten voor de verbouwing fase 2 naar verwachting al in 2026 vallen. Daarnaast heeft een herschikking plaatsgevonden van budgetten over programma’s. In tabel 9 is de opbouw van de overhead voor begrotingsjaar 2027 weergegeven en afgezet tegen de begroting na wijziging van 2026. De overhead bedraagt 14% van de begroting van Avri (zie tabel 10).

OVERHEAD Personeelskosten Ondersteuning door derden Kapitaallasten ICT Communicatie Huisvesting Algemene kosten Totaal overhead bruto -/- incidentele dekking door reserves en voorzieningen Totaal overhead netto

2026 *) 6.273 1.111 502 210 168 724 705 9.693 0 9.693

Doorbelaste overhead naar programma Afval Doorbelaste overhead naar programma IBOR Doorbelaste overhead naar programma Toezicht Doorbelaste overhead naar programma Bedrijfsafval

-6.359 -2.326 -620 -388 0

2027 Verschil 7.514 1.241 1.265 154 533 31 405 195 169 1 588 -136 705 0 11.179 798 0 0 11.179 798 0 -8.049 -1.690 -2.683 -357 0 620 -447 -59 0 0

* na begrotingswijziging Tabel 9: Taakveld Overhead Het financiële model voor de toerekening van indirecte kosten is tot nu toe gebaseerd op (de verhouding van) verwachte productie-uren. Op basis van deze verdeelsystematiek werden de kosten van taakveld Overhead aan de programma’s Afval (66%), Integraal Beheer Openbare Ruimte (24%), Handhaving (6%) en Bedrijfsafval (4%) toegerekend. Door de veranderde verhouding tussen de programma’s als gevolg van het afstoten van taken IBOR voor gemeente Neder-Betuwe en taken Handhaving voor gemeente Tiel is het nodig de implicaties daarvan op de tot nu toe gehanteerde verdeling van de overhead in ogenschouw te nemen. Beleidsindicatoren Het BBV verplicht lokale overheden om beleidsindicatoren in de programmaverantwoording op te nemen. Voor Avri zijn de beleidsindicatoren voor externe inhuur en voor overhead relevant. Door het omzetten van inhuurcapaciteit naar vaste formatie proberen we het percentage externe inhuur terug te dringen.

BELEIDSINDICATOREN 2026 Externe inhuur (Percentage kosten van totale loonsom) 8% Overhead (Percentage overhead van totale lastenomvang) 16% Tabel 10: Beleidsindicatoren programma Algemene baten en lasten

2027 6% 14%

Verschil -2% -2%

20

8.

PROGRAMMA ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN

Inleiding Dit hoofdstuk geeft informatie over de algemene dekkingsmiddelen. Hieronder vallen de taakvelden 0.5 Treasury en 0.9 Vennootschapsbelasting. Wat willen bereiken? Om weerstand te bieden tegen de toenemende grilligheid op de grondstoffenmarkten (en het tarief afvalstoffenheffing te stabiliseren) is het nodig te beschikken over voldoende financiële middelen. Hoewel de deelnemende gemeenten garant staan voor Avri willen we de continuïteit van onze bedrijfsvoering zelf waarborgen. Wat gaat dat kosten? Het overzicht van baten en lasten van dit programma is weergegeven in tabel 11. ALGEMENE BATEN EN LASTEN (* €1.000) Taakveld 0.5 Treasury Doorbelaste rentekosten naar programma's subtotaal taakveld 0.5 Treasury

2026 855 -855 0

2027 1.224 -1.224

2028 1.122 -1.122 0

2029 1.072 -1.072 0

2030 1.104 -1.104 0

Taakveld 0.9 Vennootschapsbelasting (vpb) Doorbelaste vpb naar programma's subtotaal taakveld 0.5 Treasury

14 -14 0

27 -27 0

27 -27 0

27 -27 0

27 -27 0

Saldo van baten en lasten

0

0

0

0

0

Taakveld 0.10 Mutaties reserves

0

0

0

0

0

Resultaat na mutatie reserve 0 *) na begrotingswijziging Tabel 11: Meerjarenbegroting programma algemene dekkingsmiddelen

0

0

0

0

Taakveld 0.5 Treasury In het BBV is voorgeschreven dat de rentekosten aan de taakvelden moeten worden toegerekend met behulp van een (rente)omslag. Deze rentesystematiek werd ook in eerdere begrotingen toegepast en de rentekosten maken (op basis van de BBV-notitie rente) integraal onderdeel uit van de kosten van het taakveld. Het toerekenen van rente aan de taakvelden vindt plaats via het taakveld Treasury. De langlopende leningen van Avri voor 2027 bedragen ongeveer € 33,3 miljoen, de bijbehorende rentelast is begroot op € 1,2 miljoen. Het renteomslag percentage is gebaseerd op de boekwaarde van de activa (€ 57,5 miljoen) en bedraagt 2,39%. Voor nadere toelichting wordt verwezen naar paragraaf 11: Financiering. Taakveld 0.9 Vennootschapsbelasting Sinds 1 januari 2016 moeten overheidsbedrijven vennootschapsbelasting (Vpb) afdragen over winstgevende activiteiten. Met deze wet wil de regering mogelijke concurrentieverstoringen tussen private en publieke ondernemingen uit de weg ruimen. De activiteiten die betrekking hebben op de inzameling en verwerking van bedrijfsafval zijn onderhevig aan deze wetgeving en leiden dus tot betaling van vennootschapsbelasting. Ook de activiteiten in het Pluspakket, waarbij geen verrekening met de gemeente is overeengekomen, vallen onder de Vpb-plicht. Avri treedt hier op als marktpartij.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16804743/1