2026-018 Inwoner - Verantwoordelijk voor gezondheid Of kies je voor geld (geanonimiseerd)
Tekst van het document
Van: <~ > Datum: 26 ·anuari 2026 om 19:02:30 CET Aan: Onderwerp: Raad en verweerschrift
11111,
Geachte griffier, beste Wil je dit document morgenochtend versturen naar alle raadsleden? Donderdag ter bespreking in de Raad Bij voorbaat dank
Onderwerp verantwoordelijk voor gezondheid? Of kies je voor
s geld.?
Geitenhouderij
Wat gaat er voor Gezondheidsbelang of economisch voordeel??? VVGB VERKLARING VAN GEEN BEDENKINGEN 1. 1 Onderwerp Gedeputeerde Staten hebben op 11 mei 2017 een verzoek ontvangen van het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente West Maas en Waal om een verklaring van geen bedenkingen (verder vvgb) naar aanleiding van een aanvraag om een omgevingsvergunning van mei 2017. Het project betreft de veehouderij van aan de te Binnen de inrichting wordt een nieuwe loods gebouwd ten behoeve van de huisvesting van opfokgeiten. 1.2 Besluit (geanonimiseerd) Gedeputeerde Staten van Gelderland; Gelet op artikelen 6.1 0a Besluit omgevingsrecht en 2.7 Besluit Natuurbescherming; HEBBEN BESLOTEN een vvgb conform de beschrijving in de aanvraag te verlenen onder de volgende voorschriften: 1. 2. 3. 1.3 Deze vvgb met de bijbehorende AERIUS Register-bijlage (bijlage 1) met kenmerk RhyosAwAzpNE van 27 oktober 2017 vvgb dient op het bedrijf aanwezig te zijn. Het gedeelte van de activiteit waarvoor ontwikkelingsruimte is uitgegeven dient conform de provinciale beleidsregel, binnen twee jaar te zijn gerealiseerd. Op het moment dat de omgevingsvergunning in werking treedt, vervangt de vvgb de op 8 juli 2013 verleende natuurvergunning met zaaknummer 2013-001644.
Handhaving Artikel 2.27, lid 5, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (verder Wabo) bepaalt dat de vvgb bij de beschikking wordt gevoegd. Gelet op het bepaalde in artikel 5.2 , lid 4, Wabo dient deze vvgb op het bedrijf aanwezig te zijn. 31 januari 2018. Dit betekent dat de bouw moet zijn aangevangen uiterlijk op 1 februari 2020.
Dit was niet het geval en is een overtreding van het voorschrift gesteld in de vvgb van de provincie Gelderland. Nog de Provincie of het Bevoegde Gezag hebben hier aanstoot aan gegeven.
-
Aanvrager Datum besluit Onderwerp Plaatsnaam OLO-nummer Zaaknummer het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Maasbommel 31 januari 2018 eanonimiseerd EN het wïzigen van een geïtenhouderij/ ,2948317 2017-007514 Natura 2000-gebied(en) Rijntakken Provinciale Verordening 30 augustus 2018 Hoofdstuk 4 Regels over activiteiten in de leefomgeving
Regeling Tekst Paragraaf 4.4.5 Geitenhouderij
Artikel 4.60 (toepassingsbereik en oogmerk regels over geitenhouderij) • 1 Deze paragraaf is van toepassing op de geitenhouderij. • 2 Deze paragraaf is opgenomen met het oog op het beperken van risico’s voor de gezondheid van omwonenden van geitenhouderijen, in afwachting van de resultaten van nader onderzoek naar de oorzaak van die risico’s. Artikel 4.61 (tijdelijk verbod nieuwvestiging en uitbreiding geitenhouderij) • 1 Het is verboden om de volgende milieubelastende activiteiten te verrichten: o a.een geitenhouderij of geitenhouderijtak te vestigen; o b.een veehouderijbedrijf of een veehouderijtak met andere landbouwhuisdieren geheel of gedeeltelijk te wijzigen in een geitenhouderij; o c.het aantal geiten dat op een bestaande geitenhouderij wordt gehouden te vergroten; o d.het oprichten van een nieuw dierenverblijf voor het houden van geiten; o e.bouwwerken of gronden tijdelijk te gebruiken voor een geitenhouderij. • 2 Het eerste lid, aanhef en onder c, geldt niet voor op het eigen bedrijf geboren geitenlammeren tot en met een leeftijd van 60 dagen, mits het vergunde dan wel gemelde aantal geiten van 61 dagen en ouder niet toeneemt ten opzichte van het aantal op 30 augustus 2017 legaal gehouden aantal geiten van 61 dagen en ouder. Toelichting Paragraaf 4.4.5 Geitenhouderij Geen toelichting.
Artikel 4.60 (toepassingsbereik en oogmerk regels over geitenhouderij) Lid 1: Onder een «geitenhouderij» wordt in deze paragraaf verstaan een bedrijf, geheel of gedeeltelijk gericht op het fokken, mesten of houden van geiten (M/V). Van een geitenhouderij is dus sprake als in een veehouderij of in een veehouderijtak geiten (en bokken) worden gehouden. Het gaat bij dit verbod dus om het bedrijfsmatig of in een bedrijfsmatige omvang houden van landbouwhuisdieren. Voor het aantal landbouwhuisdieren dat gehouden kan worden zonder dat sprake is van het 'bedrijfsmatig houden' van dieren geldt (net als in de jurisprudentie) als ondergrens het aantal van 10 landbouwhuisdieren. Naast de omvang van de dierstapel noemt de jurisprudentie onder meer een commercieel doeleind (het genereren van inkomsten, een winstoogmerk) en de wijze van huisvesting als relevante criteria. Het op kleine schaal, niet bedrijfsmatig houden van geiten, zoals op kinderboerderijen of bij hobbyboeren, valt niet onder het verbod tot nieuwvestiging en uitbreiding. Lid 2: Paragraaf 4.4.5 is de uitwerking van het op 30 augustus 2017 door Provinciale Staten genomen voorbereidingsbesluit (PS2017-510, Provinciaal Blad 2017, nr. 3851 en Staatscourant 2017, nr. 50241).
Ingesteld is een tijdelijk verbod op nieuwvestiging en uitbreiding van geitenhouderijen in afwachting van nader onderzoek naar de relatie tussen de geitenhouderij en de risico's voor de gezondheid van omwonenden. Voor deze onderzoeken wordt verwezen naar de websites van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM (Externe link:Veehouderij en gezondheid omwonenden (VGO)) en het Kennisplatform Veehouderij (Externe link:VGO onderzoeken Veehouderij en gezondheid omwonenden) Artikel 4.61 (tijdelijk verbod nieuwvestiging en uitbreiding geitenhouderij) Lid 1: Artikel 4.61 bevat een rechtstreeks voor de veehouderij geldende verbodsbepaling. Dit verbod ziet op (nieuw) vestiging en (verschillende vormen van) uitbreiding van bestaande geitenhouderijen. Onderdeel b verbiedt de omschakeling van een veehouderijbedrijf of -tak met andere landbouwhuisdieren in een geitenhouderij, omdat ook daardoor het aantal geiten toeneemt. Beoogd is een (tijdelijke) bevriezing van de bestaande legale situatie per 30 augustus 2017. Het op dat moment legale aantal gegunde geiten mag niet toenemen.Het oprichtingsverbod voor een geitenverblijf (onderdeel d) geldt niet als het gaat over het vergroten e/o renoveren van de bestaande huisvesting als dit is ingegeven door dierenwelzijn, milieu en veiligheid. Onder renovatie wordt verstaan: het herstellen of (geheel
of gedeeltelijk) vernieuwen van een bestaande stal, waardoor deze weer bruikbaar wordt naar de geldende maatstaven en normen. Voorbeelden hiervan zijn omschakeling naar biologisch werken met meer leefruimte voor de geiten binnen de stal of verbeterde huisvesting in een te krappe, verouderde stal. Ook verbouw van een verblijf is mogelijk als de stal bouwkundig slecht is of als een asbesthoudend dak vervangen moet worden. Ook kunnen stallen verbeterd worden om de emissie te verkleinen en zo het milieu in de omgeving van de stallen te verbeteren. Lid 2: Het verbod in het eerste lid op het vergroten van het aantal geiten of van de ruimte om geiten te huisvesten, geldt niet voor het tijdelijk huisvesten van op het eigen bedrijf geboren geitenlammeren (opfokgeitjes en bokjes) tot een leeftijd van 61 dagen. Deze uitzondering betreft uitdrukkelijk alleen geitenlammeren die op het eigen bedrijf geboren zijn. Deze uitzondering wordt ingegeven door het oogmerk van dierenwelzijn: het voorkomen dat te jonge dieren vervoerd moeten worden. Deze vrijstelling geldt alleen als het legale aantal op het bedrijf aanwezige aantal geiten van 61 dagen en ouder niet toeneemt.
Onder 'het legale aantal' wordt verstaan het aantal geiten van 61 dagen en ouder dat op 30 augustus 2017 de datum waarop het verbod (via een voorbereidingsbesluit) is gaan gelden - was vergund en/of gemeld of waarvoor uiterlijk op die datum een aanvraag of melding was ingediend. De vrijstelling kan dus niet worden benut om het in een geldende vergunning opgenomen aantal geiten te verhogen.
De Wet Natuur Bescherming 2023 Het gedeelte van de activiteit waarvoor ontwikkelingsruimte is uitgegeven dient conform de provinciale beleidsregel, binnen twee jaar te zijn gerealiseerd.
De Wet natuurbescherming 2023 (Wnb) vormt het kernkader voor de bescherming van natuur gebieden en planten- en diersoorten in Nederland. Sinds de invoering van de Omgevingswet is het bestaande natuurbeschermingsrecht, waaronder de Flora- en faunawet en de Natuurbeschermingswet 1998, geïntegreerd in één samenhangend stelsel. De wet borgt de uitvoering van Europese verplichtingen zoals de Habitatrichtlijn en Vogelrichtlijn en behoudt het beschermingsniveau voor natuurwaarden. Ontwikkelingsruimte en WGB Voor projecten die mogelijk negatieve effecten op beschermde natuurgebieden hebben (bijvoorbeeld Natura 2000-gebieden) bestaat het instrument van de verklaring van geen bedenkingen (WGB): 1. Doel WGB: De VVGB vervangt een aparte aanvraag om natuurvergunningen (voorheen nodig onder de Nbw of Flora- en Faunawet) als de activiteit wordt aangemeld binnen een omgevingsvergunning (bijvoorbeeld voor bouw of infrastructuur). Een VVGB beoordeelt of het project toelaatbaar is vanuit natuurbeschermingsperspectief en wordt afgegeven door Gedeputeerde Staten (GS) of soms de Minister van EL&I. 2. Procedure en vereisten: Het project mag geen significante verslechtering veroorzaken van natuurwaarden. Mitigerende maatregelen, zoals interne saldering (bijv. luchtwassers bij veehouderijen) of externe saldering (aankoop van rechten), moeten worden beschreven in de aanvraag.
Voor sommige projecten kan de VVGB zowel voor gebiedsbescherming als soortenbescherming worden aangevraagd en in één gezamenlijke verklaring worden opgenomen. Als de VVGB wordt afgegeven, is deze bindend en vormt integraal onderdeel van de omgevingsvergunning. 3. Aanhaakplicht:
Als een activiteit onder de Wabo (omgevingsvergunning) valt en tevens natuurvergunningen vereist, moet de aanvraag automatisch 'aanghaakt' worden bij GS voor een WGB. De initiatiefnemer beslist echter zelf of hij kiest voor aanhaken of loskoppelen van het natuuronderdeel binnen de vergunningaanvraag. 4. Ontwikkelingsruimte: "Ontwikkelingsruimte" verwijst naar de mogelijkheid om onder bepaalde voorwaarden activiteiten uit te voeren zonder de Europese en nationale natuurdoelen te schaden. Praktisch betekent dit dat een projectplan binnen de beschikbare stikstof- of milieuruimte moet passen en dat alle negatieve effecten op de natuur gecompenseerd of gemitigeerd zijn om WGB te verkrijgen. Belangrijke overwegingen voor initiatiefnemers • De VVGB maakt het mogelijk om planning en uitvoering van projecten te integreren met natuurbescherming en voorkomt dat aparte natuurvergunningen apart aangevraagd moeten worden. • Provincies zijn het bevoegde gezag voor VVGB-verleningen, en sommige activiteiten die meerdere provincies raken kunnen WGB's van meerdere GS vereisen. • Bij weigering van een VVGB kan de omgevingsvergunning eveneens worden afgewezen, en de initiatiefnemer kan beroep doen op de rechtbank (zoals recente jurisprudentie aantoont bij veehouderijen).
Er is nog steeds een overtreding gaande opdat er niet is aangevangen met de bouw binnen de genoemde Beleidsregel van de Provinciale Verordening van 2 jaar. Afspraken zijn mondeling gemaakt met de vorige eigenaar en de huidige dat er geen enkele uitbreiding zou plaatsvinden naar de woningen toe aan de Berghuizen, hieraan houd men zich niet. Bouwen: Aan de omgevingsvergunning zijn de volgende voorschriften verbonden: Bouwen Ter voldoening aan het bepaalde in artikel 2. 7 van de Mor aanvraag voor een omgevingsvergunning dienen de na te noemen bescheiden ter goedkeuring te worden overgelegd aan de Omgevingsdienst Rivierenland uiterlijk 3 weken voor aanvang van de desbetreffende bouwwerkzaamheden; pas na goedkeuring van de Omgevingsdienst Rivierenland kan tot uitvoering worden overgegaan: constructietekeningen en -berekeningen Bodem: (t. a. v. grondwerkzaamheden) Indien bij de grondwerkzaamheden duidelijk afwijkend (bodem)materiaal en/of verontreinigingen worden aangetroffen (inclusief asbest), dient direct bij de omgevingsdienst Rivierenland in kennis te worden gesteld en het werk op de betreffende plaats te worden stilgelegd. Het afwijkende bodemmateriaal dient apart te worden gehouden en separaat te worden onderzocht voorafgaand aan verwerking /verwijdering. Het bouwwerk dient te worden gebouwd overeenkomstig de Bouwverordening en het Bouwbesluit.
De houder van de omgevingsvergunning moet ervoor zorg dragen dat de omgevingsvergunning te allen tijde op het werk aanwezig is en op verzoek aan het bouwtoezicht ter inzage wordt gegeven . Indien binnen 26 weken na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning niet met de activiteit 'bouw' is begonnen of de werkzaamheden liggen langer stil dan 26 weken, kan het bevoegd gezag de vergunning intrekken. Dit is wel gemeld maar niets mee gedaan, nog de startmelding Bouwen, en gereed melding Bouwen en milieu zitten in het aangevraagde dossier zodat ik er vanuit mag gaan dat op dit moment er nog steeds geen gereed melding milieu heeft plaatsgevonden 3 jaar na vergunningverlening. En gesteld in de Wet milieubeheer dat er een opleveringscontrole moet plaatsvinden ook niet.
Besluit en mogelijkheden intrekken vergunning, voorschriften: Mogen wij de vergunning intrekken? JA Wij mogen de vergunning helemaal of voor een deel intrekken. Wij mogen dit in de volgende situaties: Wij kregen van u te weinig of onjuiste gegevens. Zo stonden er meerdere BV vermeld op locatie, ik heb dit gemeld en er is niets mee gedaan wel staat nog ieder weekend de grote bedrijfswagen met kraan geparkeerd op de illegale aangelegde weg. En we zouden u de vergunning niet hebben gegeven als u ons alle of de juiste gegevens zou hebben gegeven. De gebruikte Aerius berekeningen kloppen niet en dat is wetenschappelijk bewezen ook al ten tijde van het vergunnen, 6 jaar geleden Volgens een commissie van wetenschappers onder leiding van econometrist zijn de uitkomsten van het Aerius-systeem niet betrouwbaar genoeg, omdat de berekeningen te gedetailleerd zijn. Daar komt bij dat Aerius bij wegen alleen de stikstofneerslag binnen 5 kilometer meerekent, terwijl de meeste stikstof uit uitlaatgassen (in de vorm van stikstofoxiden) verder weg waait en elders neerslaat. Die stikstof draagt wel degelijk bij aan de 'stikstofdeken' boven kwetsbare Nederlandse natuur. Bij alle andere activiteiten waar een vergunning voor nodig is, van landbouw tot industrie, wordt wél alle stikstofneerslag (ammoniak en stikstofoxiden) meegerekend.
Die verschillende beoordeling van stikstofbronnen is volgens ,,niet verdedigbaar." De commissie-Hordijk, ingesteld door landbouwminister Schouten, pleit voor vereenvoudiging van Aerius en gelijktrekking van de beoordelingssystematiek. Ook ziet ze ruimte voor verhoging van de drempel waaronder geen vergunning nodig is, blijkt uit haar maandag verschenen rapport. Voorwaarde is dat er door het overheidsbeleid "substantieel minder" stikstof op kwetsbare natuur terechtkomt. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), ontwerper van Aerius, is nog niet door overtuigd. LTO Nederland zou een verhoging van de drempelwaarde toejuichen. Volgens de boerenorganisatie bevestigt de commissie dat "het beleid om zaken tot achter de komma dicht te regelen" niet werkt bij modellen die daar te onnauwkeurig voor zijn. Agrarisch adviseur uit Barneveld is niet verrast door de kritiek van op Aerius. ,,Het valt ons keer op keer op hoe onvoorspelbaar het systeem is. Als we bijvoorbeeld een ventilatiepunt van een nieuwe stal een paar meter verplaatsen, verandert de berekende stikstofneerslag op natuurgebieden onverklaarbaar sterk." Ruim een jaar nadat de Raad van State het oude stikstofbeleid buiten werking stelde, zit er volgens hem nog steeds geen schot in de vergunningverlening. Provincies en gemeenten zijn erg voorzichtig, vanwege de voortdurende onzekerheid over het nieuwe beleid.
Het zou de adviseur niet verbazen als milieuactivisten de kritiek van aangrijpen om reeds verleende vergunningen opnieuw aan te vechten. Geluidberekeningen en bronnen Geluid De geluidsberekeningen voldoen niet opdat er twee keer meer voertuigen per dag vervoersbewegingen zij en ook in de avonduren na 1900 en na 2300 uur. Zie logboek. U doet dingen die niet in de vergunning staan. Bewerken, verwerken van mest, opslaan en meer dan 8 keer per jaar de stallen uitmesten, zie logboek. Hier komen juist de ziekteverwekkers vandaan . De aanwezige luchtwasser voldoet niet aan de gestelde capaciteit afvoer er staan ook nog maar 4 pijpen i.p.v. de vergunde 5. Tevens voldoet hij niet aan het tegenhouden van de bacteriën die vrijkomen en worden afgezogen en verspreid in de directe omgeving en blijft een bron van het verspreiden van de ziekteverwekkers. De aanwezige staldeuren die gezamenlijk maximaal per dag 1 uur mogen open staan vaak dag en nacht open zie handhavingsverzoeken en klachten ongeveer 30 stuks in 3 jaar tijd
U houdt zich niet aan de regels van de vergunning. Hierbij verzoek ik u het handhavingsdossier er bij te zoeken en de integrale controles die zijn uitgevoerd. Er heeft de afgelopen tijd, 5 jaar, nog nooit een officiële telling plaatsgevonden van het aantal geiten dit betekent dat er gemiddeld 2800 geiten staan zonder dat er wordt geteld en de uitstoot vele malen meer is dan in de vergunning staat. Tevens is het een sub locatie van het moederbedrijf uit Zeeland NB zodat alles nog schimmiger kan worden gemaakt U bent in een periode drie jaar na dat u de vergunning kreeg nog niet begonnen met het werk. 3 september 2021 U stopt 3 jaar of langer met het werk. Pagina 15van Ons kenmerk ODR2106169, Omgevingsdienst Rivierenland. Wanneer de gemeente raad alleen kijkt naar de cijfers hoe goed de OOR het doet en er niet teveel klachten zijn en niet in de zaak verdiept vergewist men zich er niet in terwijl men niet kennis opgevraagd om goed te kunnen oordelen of er echt goed wordt gepresteerd. Men is mede verantwoordelijk voor het vastgestelde Beleid en dient hierop controle uit (te) laten voeren over de kwaliteit en de gevolgen voor zichzelf maar ook naar het College van B&W. Dit is niet aantoonbaar gebeurd in het project betreft in 2017 uitbreiding geiten met 100 % toe te staan.
Toen wist men al dat er vermeende gezondheidsproblemen zouden kunnen ontstaan met de direct omwonenden binnen 500 meter van af het bedrijf. Nu 9 jaar later heeft de gezondheidsraad wederom te kennen gegeven dat wanneer binnen een straal van 500 meter woont er 73 % meer kans is op longontsteking. Voren genoemde overtredingen en de gezondheid in het algemeen van burgers moet gewaarborgd zijn en blijven, daar bent u mede verantwoordelijk voor. De stallen zijn nog nooit handmatig geteld op de aanwezige1995 geiten hetgeen een verplichting is en cruciaal voor de gezondheid en het gebied natura 2000. Er zijn namelijk regelmatig meer dan 2700 geiten aanwezig om te melken maar wordt niet gecontroleerd, wel op de te manipulerende stallijsten. In dit geval is het moederbedrijf in Zeeland gevestigd en kan men naar hartenlust wisselen van melkgeiten. Hoe kun je een omgevingsvergunning in stand houden wanneer men willens en wetens niet de verstrekte vergunning effectief controleert zoals gewenst en bedoeld overeenkomstig het gestelde in de omgevingswet. Er is nog nimmer gecontroleerd ontvangen op kilo bulk voer per jaar en de melkopbrengsten per jaar of maand. Nu u dit weet bent u mede weter aan een Wet Economisch Delict waarop u moet laten handhaven maar er niet de kennis en de kunde en de middelen heeft om dit te uit te (laten)voeren.
Zoals ieder burger in Nederland heeft een ieder recht om in een gezonde leefomgeving te werken en te wonen. Dit is dan ook dat ik u hierbij laat weten over een goed geborgd milieu, Volksgezondheidsborging en specifieke zorg binnen twee aparte cirkels van 500 meter en 1000 meter. De directe invloed en indirecte.
Voortschrijdend inzicht kunt u gebruiken om deze situatie te beëindigen en beëindigd te houden. Wat u toen al had kunnen weten kunt u nu rechtzetten . Binnenkort 3 februari 2026 vind er een hoorzitting hierover plaats in uw gemeentehuis. Mocht u meer inzicht willen verkrijgen dan ben ik bereid u dat in de Raadsvergadering uit te leggen. In vorenstaand heb ik het niet over uw persoon slechts enkel en alleen over de gedragingen van de afgelopen jaren tot aan nu. Met vriendelijke groet,
-
te mobiel