CConstaterende datWest Maas en Waal
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-097 AVRI Concept jaarstukken 2024

Gemeenteraad 22 mei 2025, gemeente West Maas en WaalBij agendapunt: Ingekomen stukken22.549 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

schoneyy ((

CONCEPT JAARSTUKKEN 2024 Vaststelling AB 30 juni 2025 Versie DB 9 april 2025 (zienswijzeversie)

1

INHOUDSOPGAVE JAARSTUKKEN 2024 ................................................................................................................................................................ 1 1. Inleiding .............................................................................................................................................................................. 3 2. Bestuurlijke samenvatting ................................................................................................................................................... 4 JAARVERSLAG ......................................................................................................................................................................... 6 3. 4. 5. 6.

Programma Basispakket..................................................................................................................................................... 7 Programma Pluspakket .................................................................................................................................................... 15 Programma Bedrijfsafval .................................................................................................................................................. 18 Programma Algemene baten en lasten ............................................................................................................................ 20

PARAGRAFEN ........................................................................................................................................................................ 21 7. Lokale heffingen ............................................................................................................................................................... 22 8. Weerstandsvermogen en risicobeheersing ...................................................................................................................... 23 9. Onderhoud kapitaalgoederen ........................................................................................................................................... 28 10. Financiering ...................................................................................................................................................................... 30 11. Bedrijfsvoering .................................................................................................................................................................. 34 12. Verbonden partijen ...........................................................................................................................................................

40 JAARREKENING ..................................................................................................................................................................... 44 13. Overzicht baten en lasten ................................................................................................................................................. 45 14. Balans per 31 december 2024 en toelichting ................................................................................................................... 48 15. Investeringskredieten ....................................................................................................................................................... 61 16. Verklaringen ...................................................................................................................................................................... 62 17. Vaststellingsbesluit ........................................................................................................................................................... 63

BIJLAGEN ............................................................................................................................................................................... 64 Bijlage 1: Afrekening btw programma Basispakket met gemeenten ........................................................................................ 65 Bijlage 2: Baten en lasten per taakveld ................................................................................................................................... 65

Pagina 2 van 67

1. INLEIDING Het jaar 2024 was een jaar waarin we mooie stappen hebben gezet in een duidelijke koers waar we voor het Rivierenland aan de lat staan. Met het Strategisch Koersplan 2024-2030: “Hart voor Rivierenland” hebben we in vijf strategieën een duidelijke route uitgestippeld. Onze acties zijn gericht op concrete resultaten: schonere grondstoffen, minder (rest)afval, maar ook een veiligere en mooiere leefomgeving. Samen bouwen we aan een toekomst waarin duurzaamheid en innovatie hand in hand gaan voor alle Rivierenlanders. Daar draagt iedereen binnen Avri op zijn eigen manier aan bij en dit doen we samen met vele partners. Met het scheiden van pdb-afval is er nog winst te behalen. Daarom was er afgelopen jaar veel aandacht voor voorlichting aan inwoners over het scheiden van afval met onze Aanpak Schone Grondstoffen en de campagne “Rivierenland Geeft Door”. We zijn begonnen in de wijken waar de vervuiling het grootst was en onze inspanningen leverden schonere grondstoffen op. Inwoners van Rivierenland doen het relatief goed wat betreft het aantal kilogram restafval per inwoners. Dit jaar steeg dat aantal weliswaar van 70 kg in 2023 naar 73 kg in 2024. Het aantal bleef wel onder het streefgewicht van maximaal 75 kg. Een goede voorlichting naar onze inwoners blijft noodzaak. Dit jaar was ook de vervuiling van het ingezamelde textiel een uitdaging.

De wereldafzetmarkt van textiel zakte in en tussen het textiel trof onze sorteerder Cirtex veel vervuiling aan. Hierdoor zijn de verwerkingskosten hoger en kan er minder textiel worden hergebruikt. Maatregelen zijn hier dus echt nodig. Daarom werken we aan een plan. Eveneens een uitdaging was onze dienstverlening in de openbare ruimte. De gemeente Neder-Betuwe besloot om enkele taken per 2026 weer in eigen beheer te nemen. We doen er alles aan om te zorgen dat onze betrokken mensen op een goede manier aan de gemeente worden overdragen. Met de andere gemeenten waarvoor we taken in de openbare ruimte uitvoeren zijn we in gesprek over onze dienstverlening. Voor handhaving startte de gemeente Tiel een verkenning naar wat het betekent om de BOA-taken weer in eigen huis te organiseren. Dit staat los van de inzet van onze mensen, die juist afgelopen jaar hard hebben gewerkt om het team op sterkte te krijgen en verder te professionaliseren. In dit voorwoord wil ik al onze medewerkers bedanken die zich ook afgelopen jaar hard hebben ingezet voor Rivierenland. We zoeken voortdurend naar oplossingen om onze eigen bedrijfsvoering efficiënter te maken. Op onze milieustraten hebben we aparte vakken gemaakt voor tuinafval. De druk op de milieustraten blijft onverminderd hoog, maar hierdoor is de doorstroming en dienstverlening gelukkig wel iets verbeterd.

Ook bij de inzameling van het oud papier konden we een mooie efficiencyslag maken. Medewerkers van Avri hebben de routes voor de papier inzameling opnieuw en zo efficiënt mogelijk ingericht. En voor de verenigingen ontstaan er alternatieve initiatieven, zoals in West Betuwe met de inzameling van de doorgeeftas. Walter Brouwer Directeur Avri

Pagina 3 van 67

2. BESTUURLIJKE SAMENVATTING In deze bestuurlijke samenvatting gaan we nader in op de belangrijkste gebeurtenissen en resultaten van het afgelopen jaar. We beschrijven welke resultaten we hebben behaald binnen het Basispakket dat we uitvoeren voor de acht deelnemende gemeenten van Avri: Buren, Culemborg, Maasdriel, Tiel, Neder-Betuwe, West Betuwe, West Maas en Waal en Zaltbommel. Onder het Basispakket valt het afval- en grondstoffenbeheer, inclusief toezicht & handhaving op de afvalstoffenverordening. Vervolgens gaan we in op de plustaken die we voor een paar gemeenten uitvoeren. Het gaat dan onder meer om het beheer van de openbare ruimte (IBOR), toezicht & handhaving op de APV, inzameling van incontinentiemateriaal en de gladheidsbestrijding. In de paragraaf daarna krijgt het positieve financiële resultaat van Avri aandacht. We sluiten deze samenvatting af met een update omtrent het Strategisch Koersplan. Programma Basispakket Circulariteit De, sinds 2019 dalende trend in het restafval heeft in 2024 helaas niet doorgezet. In 2024 is de hoeveelheid restafval met 3 kg per inwoner per jaar gestegen ten opzichte van vorig jaar. De inwoners boden meer restafval aan en daarmee stijgt waarschijnlijk ook de verspilling van grondstoffen. Desondanks blijven we onder de doelstelling van de regiogemeenten van maximaal 75 kg restafval per inwoner per jaar.

In grafiek 2 zijn de ontwikkelingen van de hoeveelheid (fijn en grof) restafval weergegeven.

Grafiek 1: Ontwikkeling hoeveelheid restafval per inwoner 2013-2024 Het scheidingspercentage van de grondstoffen uit het huishoudelijk afval is t.o.v. vorig jaar gedaald met 1% naar 83%.

Grafiek 2: Scheidingsresultaten huishoudens

Pagina 4 van 67

Programma Pluspakket Vanaf 1 januari 2024 zamelen we het incontinentiemateriaal voor alle Avri-gemeenten gescheiden in. Voor de gemeenten Buren, Tiel, Neder-Betuwe en West Betuwe voeren we taken uit in het Integraal Beheer Openbare Ruimte, gladheidsbestrijding en voor de gemeenten Culemborg, Tiel en Zaltbommel doen we toezicht & handhaving op het gebied van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en parkeren. Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR) We hebben een start gemaakt met de ontwikkeling van een toekomstvisie op IBOR die beter aansluit bij de gewijzigde wensen van onze opdrachtgevers en een eerste denklijn over de IBOR-ontwikkeling gedeeld met de IBOR-gemeenten. Het uitgangspunt in deze denkrichting is het omzetten van wijkteams naar integrale serviceteams, meer integraal werken en betere afspraken maken wat gemeenten van Avri mogen verwachten. De gemeente Neder-Betuwe heeft besloten om enkele IBOR taken terug te nemen per 1-1-2026. Daarnaast heeft de gemeente West-Betuwe het bomenbeheer en onderhoud kolken in eigen regie genomen. Toezicht & handhaving Door landelijke problematieken bij de politie (vergrijzing, verschuiving activiteiten/prioriteiten, beperktere inzet in de gemeente etc.) wordt er steeds vaker een beroep gedaan op boa’s. Het takenpakket van de boa neemt daardoor toe.

Daarnaast is er al enige tijd sprake van een groot personeelsverloop op toezicht & handhavingsafdelingen bij gemeenten en uitvoeringsdiensten. Om die reden heeft Avri de afgelopen tijd zich gericht op een toekomstbestendig toezicht & handhavingsarrangement. Daarbij is ook de ambitie uitgesproken om het toezicht & handhavingsbeleid in domein 1 in meer deelnemende gemeenten uit te gaan voeren. Afhankelijk van het onderzoek door de gemeente Tiel om toezicht & handhavingstaken terug te nemen richten we ons het komende jaar op de genoemde ambitie van externe oriëntatie. Financieel resultaat volgens verwachting Het jaarrekening resultaat van het Basispakket bedraagt € 160.000 negatief. Het resultaat op dit programma is onttrokken aan de voorziening Basispakket. De begrote risico-opslag in de tarieven afvalstoffenheffing (€ 1 miljoen) en het verschil tussen de contante waarde van de stortplaats bij de provincie en de stand van de voorziening bij Avri is verwerkt in de voorziening. Voor een gedetailleerde toelichting wordt verwezen naar de programma’s. Weerstandsvermogen en risico’s De meerjarenbegroting is erop gericht om het weerstandsvermogen de komende jaren verder op te bouwen. Het doel is het bereiken van een gezonde financiële positie. De stortplaats is het grootste risico. In overleg met provincie en gemeenten zijn goede stappen gezet om dit risico verder te beheersen.

We blijven alle ontwikkelingen die van invloed kunnen zijn, goed volgen. Bedrijfsvoering Het Algemeen Bestuur van Avri stemde op 18 februari in met het Strategisch Koersplan 2024-2030. Avri beschrijft in dit plan de ambitie en opgaven, waarvoor het namens de gemeenten in Rivierenland aan de lat staat. Dat doen we in het belang van onze partnergemeenten. Dit vraagt van ons een langetermijnperspectief tot 2030, in lijn met de landelijke klimaatdoelen. De strategische koers van Avri bestaat uit verschillende elementen. Het begint met onze ambitie: die beschrijft wat we tot stand willen brengen. Vijf strategieën beschrijven hoe we die ambitie gaan realiseren. Daaruit volgende de doelen en acties om dit concreet te maken. Ons onderliggend manifest beschrijft onze idealen en intenties. En de kernwaarden vormen de basis van waaruit we handelen.

Pagina 5 van 67

JAARVERSLAG PROGRAMMA VERANTWOORDING

Pagina 6 van 67

3.

PROGRAMMA BASISPAKKET

3.1.

Inleiding

In het programma Basispakket zijn de diensten opgenomen die Avri uitvoert voor de acht regiogemeenten in Rivierenland. Avri geeft hiermee invulling aan de gemeentelijke taak van inzameling en verwerking van huishoudelijke afvalstoffen én aan het regionale beleidsplan ‘Van afval naar grondstof’. In dit beheerplan zijn de ambities en speerpunten van de acht regiogemeenten op het gebied van afval en grondstoffen vastgelegd. In dit hoofdstuk gaan we in op de resultaten van het programma Basispakket. In bijlage 3 zijn de resultaten in meer detail opgenomen. 3.2.

Van Afval Naar Grondstof (VANG)

Avri legt de focus op de inzameling van meer en schone grondstoffen en werkt met een serviceprikkel op restafval. Zo worden inwoners gestimuleerd om meer grondstoffen en minder restafval aan te bieden. De resultaten van het omgekeerd inzamelen zijn goed zichtbaar. Doordat het aantal inwoners toeneemt en het aantal kilogram restafval per inwoner eveneens stijgt, neemt de totale hoeveelheid restafval toe. Circulariteit: een stabilisatie De sinds 2019 dalende trend in het restafval heeft in 2024 helaas niet doorgezet. In 2024 is de hoeveelheid restafval met 3 kg per inwoner per jaar gestegen ten opzichte van vorig jaar. De inwoners boden meer restafval aan en daarmee stijgt waarschijnlijk ook de verspilling van grondstoffen. Desondanks blijven we onder de doelstelling van de regiogemeenten van maximaal 75 kg restafval per inwoner per jaar. In grafiek 2 zijn de ontwikkelingen van de hoeveelheid (fijn en grof) restafval weergegeven. Desondanks loopt onze regio met deze resultaten nog steeds voorop ten opzichte van het landelijk gemiddelde.

Tabel 1: Scheidingsresultaten per inwoner over alle ingezamelde afval- en grondstofstromen

Pagina 7 van 67

Grafiek 2: Scheidingsresultaten huishoudens Kwaliteit van de grondstoffen De vervuiling van de grondstofstromen papier, pdb en textiel bleef ook in 2024 zorgelijk. Het voorkomen van de vervuiling van pdb heeft meer aandacht nodig. Omdat deze vervuiling landelijk stijgt komt de vergoeding vanuit Verpact onder druk te staan. Deze vergoeding wordt bepaald door de landelijke vervuilingsgraad en is daarom slechts beperkt te beïnvloeden door de resultaten in onze eigen regio. Sinds 2023 halen we zelf een deel van de vervuiling uit de grondstoffen. Hiermee voorkomen we afkeur van vrachten en boetes voor de vervuiling. Dit zijn echter handelingen aan de achterzijde van het inzamelingsproces. Ook de, regionale én landelijke, vervuiling van de textiel grondstoffenstroom is zorgelijk. Ondanks de vervuiling levert textiel, dankzij Cirtex, financieel en maatschappelijk nog steeds een voordeel op.

Grafiek 3: Vervuilingsgraad Aanpak schone grondstoffen In 2024 is uitvoering gegeven aan het project Aanpak schone grondstoffen. Met het project beogen wij schonere grondstofstromen, meer milieuwinst, duurzame impact op gedrag, maximale opbrengsten op basis van de marktprijzen en minder afkeur door de inzet van communicatie en interventies. Het project Schone grondstoffen heeft zich toegespitst op drie pijlers: de inwonerscommunicatiecampagne ‘Geef het door’, controle op de (pdb) minicontainers met voorlopers en optimaliseren van de interne processen die hieraan raken. Het campagneplan omvat een brede communicatieaanpak met daarin de campagnewebsite ‘rivierenlandgeeftdoor.nl’’, socialmedia-campagne, verbetering van bestaande communicatiemiddelen en het verbeteren van de samenwerking met de afdelingen Communicatie van de gemeenten. De controle op de pdb-minicontainers is een aanpak op 10 wijken met hardnekkige vervuiling verdeeld over 5 gemeenten in het werkgebied van Avri. Hiervoor is een samenwerking met Verpact aangegaan in de vorm van cofinanciering. Uit de resultaten blijkt dat voorlopen een positief effect heeft op het verlagen van de vervuiling van het pdb. Maar ook dat aandacht nodig blijft om de vervuiling van grondstoffen aan te pakken.

Intern is het werkproces containercontroles aangepast en ingezet op de registratie vanuit de containercontroles, zodat de samenwerking tussen de betrokken teams verbetert.

Pagina 8 van 67

3.3.

Afvalcoaches

De afvalcoaches richten zich op het direct en persoonlijk ondersteunen van inwoners bij vraagstukken rond afvalscheiding. Een team van afvalcoaches neemt deze taak op zich. Ze deden dit in 2024 door: • Presentaties geven bij onder meer buurthuizen, taalscholen en verenigingen; • Voorlichting geven op o.a. markten en bij mensen thuis; • Excursies bij Avri geven voor o.a. gemeenten, stichtingen en scholen; • Het Afvalvrije scholenproject promoten, en voorlichting geven. In 2024 zijn hierdoor 9 scholen op afval scheiden overgegaan en hebben we zo’n 2.100 leerlingen bereikt; • Samenwerkingsprojecten aangaan, zoals de containeracties; • Deel te nemen aan de Aanpak Schone Grondstoffen, waarbij ze zich vooral inzetten tijdens de voorlooprondes werd gewerkt om bijplaatsingen te verminderen. 3.4.

Toezicht & handhaving1

Vanuit het project schone grondstoffen is meer ingezet op preventie in plaats van repressief werken. We hebben meer aan de voorkant ingezet op het controleren van schone afvalstromen en bijplaatsingen in de regio. Hierdoor is er een verschuiving van inzet vanuit toezicht & handhaving naar inzet vanuit afvalcoaching.

Acties Afvalscheiding Afval te vroeg / te laat aanbieden Bijplaatsingen Illegale afvalinzameling Onjuist aanbieden (grof) huishoudelijk afval Onjuist aanbieden afval milieustraat Totaal

Sancties

Waarschuwingen

29 3 41 0 2 0 75

11 1 35 0 6 0 53

Totaal 2024 40 4 76 0 8 0 128

Totaal 2023 160 9 250 2 7 6 442

Totaal 2022

Totaal 2021

314 64 406 1 16 5 806

394 103 453 1 58 1.009

Tabel 2: Aantal acties op de Afvalstoffenverordening (Asv) 2024 We hebben rond de 4.000 meldingen op de Afvalstoffenverordening (Asv) in 2024 in behandeling genomen. Dat zijn veel minder meldingen dan in 2023 (ca. 5.500). De redenen dat we minder meldingen hebben is het feit dat de handhavers minder eigen meldingen of waarnemingen van bijplaatsingen hebben gemaakt. Dit komt door o.a. minder handhavers en inwerken van nieuwe handhavers. We ervaren wel een toename op bijplaatsingen in de grotere kernen, maar er zijn veel minder proces-verbalen uitgeschreven. Dat komt onder meer doordat de werkwijze van de handhavers bij de inwoners bekend is. Bijplaatsers zorgen ervoor dat er geen adresgegevens meer in de zakken te vinden zijn. 3.5.

Milieustraten

In 2024 was het totaal aantal bezoekers aan de milieustraten circa 105.000 (15%) hoger dan in 2023.

Grafiek 4: Totaal aantal bezoekers milieustraten Avri

1

Het betreft hier de handhavingstaken uit het Basispakket: Toezien op naleving van de afvalstoffenverordening. De handhavingstaken in het kader van de APV worden beschreven in het programma Pluspakket

Pagina 9 van 67

Het aantal bezoekers aan de milieustraten Culemborg steeg licht met 6%. Bij de milieustraten in Tiel (14%), Geldermalsen (25%) en Zaltbommel (16%) nam het aantal bezoekers fors toe.

Grafiek 5: Aantal bezoekers per Avri-milieustraat 3.6.

Verklaring financieel resultaat

De exploitatie van het Basispakket laat over 2024 per saldo een voordeel zien ten opzichte van de bestuursrapportage van € 0,67 miljoen. Naast lagere uitvoeringskosten en lagere kosten voor verwerking grondstoffen, is er een voordeel op de opbrengst van onze grondstoffen. Daarnaast is bij de uitvoering van het Basispakket het verschil tussen de contante waarde van de stortplaats bij de provincie en de stand van de voorziening bij Avri opgenomen. Voor 2024 is dit verschil € 0,97 miljoen nadelig. Tot slot is de jaarlijkse dotatie opgenomen van de risico-opslag stortplaats van € 1 miljoen (€ 12 per huishouden) conform begroting toegevoegd aan de voorziening Basispakket. Het jaarrekening resultaat van het Basispakket bedraagt € 0,16 miljoen negatief. Het resultaat op dit programma is onttrokken aan de voorziening Basispakket. Baten afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing Het nadeel op het basisdeel van de afvalstoffenheffing ten opzichte van de bestuursrapportage wordt gecompenseerd door het voordeel op de kwijtscheldingen ten opzichte van de bestuursrapportage. In de paragraaf Lokale heffingen zijn de details opgenomen. Nul-aanbieders Nul-aanbieders zijn inwoners die geen restafval aanbieden via een minicontainer of ondergrondse container. Na de invoering van het nieuwe afvalbeleid per 1 juli 2019 is het aantal nul-aanbieders gestegen. In 2020 ging het om circa 14.000 adressen.

Na jaren van stijging is dit in 2024 constant gebleven op het aantal van circa 18.000 adressen. We vermoeden dat deze inwoners hun (rest)afval via een eigen bedrijfsafvalcontainer of via de inzamelmiddelen/milieustraten van onze buurtgemeenten afvoeren. Avri voert hierover overleg met de inzameldiensten aan de grenzen van ons verzorgingsgebied, zoals afvalstoffendienst ’s-Hertogenbosch en Waardlanden. Door gemaakte afspraken zien we aan de westzijde van het gebied een forse afname. Ook zien we de ontwikkeling dat nul-aanbieders wel incontinentieafval aanbieden. In het grondstoffenplan zal een plan worden opgenomen over hoe hiermee om te gaan.

Pagina 10 van 67

Figuur 1: totaaloverzicht nul-aanbieders 2024

Figuur 2: totaaloverzicht nul-aanbieders 2022

Pagina 11 van 67

Verwerking grondstoffen Grafiek 6 laat de ontwikkeling zien van de verwerkingsopbrengsten en kosten grondstoffen. De verwerkingsopbrengsten laten in 2024 een stijging zien. Dit komt met name door een incidenteel voordeel op de vergoeding van Verpact. De tarieven voor grondstoffen zijn sterk afhankelijk van ontwikkelingen in de wereld. De verwerkingskosten laten een blijvende stijgende lijn zien.

Grafiek 6: Ontwikkeling verwerkingsopbrengsten en kosten grondstoffen Hoeveelheid ingezamelde grondstoffen Uit grafiek 7 blijkt dat er sinds 2021 een dalende trend te zien is voor de ingezamelde grondstoffen gft (-10%), papier (6%), textiel (-5%) en glas (-4%). Alleen de hoeveelheid ingezamelde pdb is gestegen met een kleine 13%. Deze daling lijkt een gevolg te zijn van het nieuwe beleid, dat we vanaf 2019 hebben ingevoerd. Sinds 2022 zien we een stabilisatie van de hoeveelheden. Uitzondering is de inzameling pdb waar trendmatig een lichte stijging zichtbaar is.

Grafiek 7: Ontwikkeling ingezamelde grondstoffen (ton/jaar)

Pagina 12 van 67

Resultaat Basispakket In tabel 3 zijn de afwijkingen op de uitvoeringskosten ten opzichte van de bestuursrapportage 2024 uiteengezet. De belangrijkste afwijkingen worden na de tabel toegelicht. Resultaat basispakket t.o.v. de begroting 2024 na wijziging Inzamel- en Brandstofkosten 444.000 V Bijdrage Verpact 401.000 V Opbrengst grondstoffen 150.000 V Verwerkingskosten 190.000 V Kosten inzameling papier 207.000 V Onderhoud inzamelmiddelen 97.000 V Terrein 170.000 V Overig -12.000 N Stortplaats -973.000 N Totaal 674.000 V Tabel 3: Mutaties kosten Basispakket Inzamel- en brandstofkosten € 444.000 voordeel Door leveringsproblemen van nieuw materieel zijn onze onderhoudskosten gestegen. We moesten vaker huurmaterieel gebruiken en bij uitval van een zijlader was er niet altijd een gelijkwaardig model beschikbaar, waardoor we vaker een achterlader moesten inzetten. Dit leidde tot meer inhuur van personeel. Aan de andere kant hebben we bespaard op brandstofkosten. In de begroting was een stijging van de brandstofprijs opgenomen, maar uiteindelijk steeg de prijs minder dan verwacht. Dit leverde een financieel voordeel op ten opzichte van de bijgestelde begroting. Bijdrage Verpact € 401.000 voordeel en opbrengst grondstoffen € 150.000 voordeel. In tabel 4 zijn de opbrengsten uit de ingezamelde grondstoffen per fractie uiteengezet.

De grootste financiële afwijkingen zijn hierboven toegelicht. Verwerkingsopbrengsten € *1.000)

begroting berap 2024 2024 Kunststof verpakkingen en drankenkartons 1.700 2.347 Textiel 252 252 Papier 1.178 775 Overige fracties 1.283 1.285 Totaal 4.413 4.659

jaarrek 2024 2.945 226 1.168 871 5.210

verschil

%

598 V 25,5% -26 N -10,3% 393 V 50,7% -414 N -32,2% 551 11,8%

Tabel 4: Baten uit ingezamelde grondstoffen Kunststof verpakkingen en drankenkartons (€ 598.000 voordeel) Het voordeel op kunststof verpakkingen en drankenkartons wordt veroorzaakt door de definitieve afrekening van het jaar 2022. Door een hoger vergoedingstarief en minder doorbelaste vervuiling is de eindafrekening ca € 5 ton hoger uitgevallen dan bij het opstellen van de jaarrekening 2022 kon worden voorzien. Ook de Verpact bijdrage voor glas en papier viel ca € 1 ton hoger uit. Papier (€ 393.000 voordeel) De papierprijzen lieten in de 2e helft van dit jaar een stijging zien terwijl een daling was verwacht. De gemiddelde papierprijs komt in 2024 uit op circa € 97 per ton. In de bestuursrapportage 2024 was rekening gehouden met een papierprijs van € 70. In 2024 is 14.200 ton ingezameld. Dat is 1.000 ton minder dan in de bestuursrapportage was geraamd. Overige fracties (€ 414.000 nadeel) Op de overige fracties is per saldo een nadeel ontstaan (ca € 1 ton) door prijs- en hoeveelheidsverschillen. Daarnaast is in 2024 een geschil met een verwerker afgeboekt (ca € 3ton nadeel). Verwerkingskosten grondstoffen (€ 190.000 voordeel) Dit verschil wordt onder meer veroorzaakt door de lagere kosten voor de verwerking van GFT. De oorzaak ligt in een lager aanbod van GFT dan in de bestuursrapportage was ingeschat.

Verwerkingskosten (€ *1.000) Restafval GFT overige afval- en grondstofstromen Totaal

Tabel 5: Verwerkingskosten

Pagina 13 van 67

begroting berap 2024 2024 2.436 2.661 2.793 2.793 1.031 1.031 6.260 6.485

jaarrek 2024 2.723 2.609 963 6.295

verschil 62 N -184 V -68 V -190

% 2,3% -6,6% -6,6% -2,9%

Kosten inzameling papier (€ 207.000 voordeel) In 2023 is besloten om per 1 januari 2024 te stoppen met de inzet van vrijwilligers bij de papierinzameling. Dit heeft voor 2024 een voordeel opgeleverd van € 207.000 ten opzichte van de bestuursrapportage. Onderhoud inzamelmiddelen (€ 97.000 voordeel) Door minder reparaties is er een voordeel ontstaan. Terrein € 170.000 (voordeel) In de bestuursrapportage is in verband met het waarborgen van de veiligheid op het terrein, extra onderhoudsmaatregelen opgenomen. Daarnaast is een bedrag voor vergunningverlening niet benut. Deze maatregelen worden in 2025 uitgevoerd. Overige opbrengsten (€ 12.000 nadeel) Onder de post overige zijn een aantal kleinere voor- en nadelen ondergebracht. De grootste posten zijn een voordeel op de opbrengsten van de milieustraat (€ 60.000) en een voordeel op de dienstverlening van BSR (€ 35.000). Stortplaats (€ 973.000 nadeel) Het nazorgfonds bepaalt enkel via een goedgekeurd nazorgplan het doelvermogen. Het doelvermogen wordt door het nazorgfonds opgebouwd. Tot het moment van overdracht is het fonds afhankelijk van o.a. de inleg door Avri, het beleggingsrendement van het nazorgfonds, veranderingen in rekenrente en inflatie. Ook veranderende inzichten in het beheer van de locatie en de levensduur van bodembeschermende voorzieningen hebben invloed.

Avri actualiseert het nazorgplan en raamt daarom zelf het doelvermogen via het concept nazorgplan. Avri doet dit bedachtzaam en wil niet ver afwijken van de provinciale standpunten. Daarmee is de kans groter dat we bij gunstige ontwikkelingen de stortplaats eerder kunnen overdragen. Uiteraard in overleg en met instemming van de provincie. In de jaarrekening moet Avri het verschil tussen het doelvermogen bij de provincie en het eigen berekende doelvermogen zichtbaar maken.

3.7.

Verantwoording baten en lasten

De lasten van het programma Basispakket worden gedekt door de baten uit ingezamelde grondstoffen en baten afvalstoffenheffing. De opbouw van deze baten staan in paragraaf 7: Lokale heffingen. In tabel 6 worden de baten en lasten verder gespecificeerd. Zo worden ook de stortingen en onttrekkingen uit de reserves en voorziening inzameling inzichtelijk.

Programma basispakket LASTEN Uitvoeringskosten Verwerkingskosten Kwijtschelding BTW Stortplaats Totaal lasten BATEN Opbrengst grondstoffen Bijdrage Verpact Overige opbrengsten Afvalstoffenheffing Totaal baten Saldo baten en lasten Mutatie voorziening (basispakket) Mutatie reserves Totaal vermogensmutaties Totaal

Begroting 2024 primitief

Begroting 2024 na wijziging

Rekening 2024

Verschil

Voordeel/ Jaarrekening nadeel 2023

27.380 6.259 1.367 3.498 1.165 39.669

28.707 6.485 1.385 3.498 1.165 41.240

28.060 6.295 1.226 3.498 2.138 41.217

647 190 159 -973 23

V V V N V

25.800 5.743 1.298 1.000 3.497 37.338

2.471 1.941 826 34.431 39.669 0 340 -340 0 0 Tabel 6: Baten en lasten programma Basispakket (x € 1.000)

2.069 2.590 882 34.865 40.406 -834 495 339 834 0

2.219 2.991 1.138 34.709 41.057 -160 -179 339 160 0

150 401 256 -156 651 674 -674 -674 0

V V V N V V

2098 2193 877 32228 37.396 -58 454 -396 58 0

Pagina 14 van 67

4. PROGRAMMA PLUSPAKKET

4.1.

Inleiding

In het programma Pluspakket zijn diensten opgenomen die individuele gemeenten in aanvulling op het Basispakket contractueel van Avri kunnen afnemen. Met het Pluspakket levert Avri een breed dienstenpakket aan de gemeenten. Dit dienstenpakket bestaat onder andere uit het Integraal Beheer van de Openbare Ruimte (IBOR) en gescheiden inzameling van incontinentiemateriaal. Verder levert Avri diensten op het gebied van toezicht en handhaving op onderdelen van de APV. De taken uit het Pluspakket worden tegen kostprijs aangeboden en eventuele voor- en nadelen worden – op basis van de afgesloten raamovereenkomst – verrekend met de gemeenten. Daarmee ligt het financiële risico bij de individuele gemeenten. 4.2.

Incontinentiemateriaal en luiers

De gemeenten Neder-Betuwe, Tiel, West Betuwe en Zaltbommel zijn in 2022 gestart met de gescheiden inzameling van incontinentiemateriaal en (baby)luiers. Na een voorzichtige start in 2022 (510 ton ingezameld) was in 2023 670 ton ingezameld. Vanaf 2024 wordt in alle Avri-gemeenten incontinentiemateriaal en (baby-)luiers gescheiden ingezameld. Het tonnage dat in 2024 is ingezameld bedraagt 1.085 ton. 4.3.

Integraal Beheer Openbare Ruimte

Voor de gemeenten Buren, Neder-Betuwe, Tiel en West Betuwe voert Avri taken uit in de openbare ruimte. Deze taken variëren per gemeente en worden vastgelegd in dienstverleningsovereenkomsten (DVO’s) en werkbegrotingen. De afzonderlijke gemeenten hebben inmiddels de jaarrapportage voor hun eigen gemeente ontvangen. Voor 2024 had Avri het voornemen om het beheer en onderhoud van de openbare ruimte uit te voeren overeenkomstig de gemeentelijke afspraken. Kwaliteit onderhoud De vastgestelde onderhoudskwaliteit is jaarrond gemiddeld genomen behaald ondanks de klimatologische veranderingen waar continue zo goed als mogelijk wordt ingespeeld. Ieder jaar is sprake van een steeds grotere dynamiek in het onderhoud wat een tijdelijk effect heeft op het onderhoud. Bijvoorbeeld in 2024 waren de maanden mei en juni extreem nat waardoor het maaiwerk niet kon worden uitgevoerd. Dat zorgt vervolgens voor een tijdelijk uit het beeld zijnde onderhoudsniveau. In samenspraak met de gemeenten is gekeken binnen welke termijn de ontstane achterstanden vervolgens konden worden ingelopen. Communicatie en informatie We hebben een start gemaakt met de ontwikkeling van een toekomstvisie op IBOR die beter aansluit bij de gewijzigde wensen van onze opdrachtgevers en een eerste denklijn over de IBOR-ontwikkeling gedeeld met de IBOR-gemeenten.

Deze denklijn is verder uitgewerkt en eind 2024 gepresenteerd aan de IBOR-gemeenten. Het uitgangspunt in deze denkrichting is het omzetten van wijkteams naar integrale serviceteams. In 2025 wordt hieraan een vervolg gegeven. Terugvloeien van taken In 2024 heeft de gemeenteraad Neder-Betuwe besloten om per 1-1-2026 aantal taken terug te nemen. Daarnaast heeft de gemeente West Betuwe het bomenbeheer en onderhoud kolken in eigen regie genomen.

Pagina 15 van 67

4.4. Toezicht & Handhaving Naast het handhaven van de afvalstoffenverordening dat Avri in alle gemeenten binnen de gemeenschappelijke regeling verzorgt, voert Avri ook toezicht & handhavingsactiviteiten in domein 1 Openbare Ruimte uit voor de gemeenten Tiel, Culemborg en Zaltbommel. Bij Avri kennen we dus twee soorten van toezicht & handhaving. ➢ Handhaven en afval Avri-handhavers houden toezicht op het naleven van de regels zoals vermeld in de Afvalstoffenverordening en het Uitvoeringsbesluit van de verordening. Zij spreken inwoners aan op het juist aanbieden van huishoudelijk afval en verbaliseren overtredingen zoals het: o Verkeerd aanbieden van huishoudelijk afval o Zonder vergunning inzamelen van huishoudelijk afval o Niet op de juiste tijd aanbieden van afval. ➢ Handhaven in de openbare ruimte Sinds 2010 is op verzoek van deelnemende gemeenten een plus-pakket toezicht & handhaving samengesteld rondom toezicht & handhaving in domein 1. Het gaat hier om BOA-taken in de openbare ruimte (APV) zoals het bestrijden van kleine ergernissen, overlast en lichtere milieuzaken: o Parkeeroverlast; o Jeugdoverlast; o Hondenpoep; o Zonder vergunning vissen; o Terrascontrole; o Geluidsoverlast; o Toezicht op naleving van de alcoholwet; o Algemene Plaatselijke Verordening; o Fiscaal parkeren; o Ondermijning.

De strafbare feiten waarvoor onze handhaver opsporingsbevoegdheden heeft, zijn vastgelegd in de domeinlijst. Handhavers beschikken over veel speciale bevoegdheden, enkele voorbeelden hiervan zijn: o Personen staande houden; o Personen aanhouden; o Opmaken van een proces verbaal; o Zaken in beslag nemen. Door onze opdrachtgevers wordt het werk van het team toezicht & handhaving gewaardeerd. In de samenwerking zijn we partner van de gemeenten: de gemeente is en blijft regievoerder en wij zijn de uitvoerder. Op basis van het door de gemeente jaarlijks op te stellen uitvoeringsplan, zorgen wij voor de uitvoering van de door hen gestelde prioriteiten. Uiteraard blijft er ook ruimte over om te acteren op onvoorziene omstandigheden. In goed overleg wordt invulling aan de taken gegeven. Het contact tussen de boa’s en de inwoners en bezoekers van Tiel, Culemborg en Zaltbommel is goed. Gemeenten leggen steeds meer aanvullende taken bij het team neer, zoals controle op ondermijning, het uitlezen van camerabeelden van de autoluwe binnenstad of toezicht op kleine verkeersovertredingen. Landelijk scoren we goed met de verplichte externe audit op de Wpg (Wet politiegegevens). Eind 2024 is er een pré-audit uitgevoerd met daarbij een aantal verbeterpunten. Deze zijn reeds opgepakt. Zowel Avri als de gemeenten willen de kwaliteit van de dienstverlening verhogen.

Daartoe is een plan van aanpak opgesteld, waarbij flink geïnvesteerd wordt op/in een toekomstbestendig toezicht & handhavingsteam voor de komende jaren. Dit is zowel intern gericht als extern georiënteerd: intern (strategisch personeels- en opleidingsbeleid, aantrekkelijk werkgeverschap, ict, huisvesting, backoffice/kennisbank WPG/AVG, etc.), als extern (afstemming met politie en gemeente, integraal samenwerken in interventieteams, nieuwe aandachtsvelden voor ondermijning, witwassen, etc.). Avri beschikt op dit moment over een team van ruim 20 BOA’s met junioren en senioren én specialisaties rondom bijvoorbeeld jeugd, alcohol en ondermijning. Het grote voordeel van de regionale toezicht & handhaving van Avri is: • Schaalgrootte is financieel aantrekkelijk; • Minder kwetsbaar; • Aantrekkelijk voor BOA’s omdat ze een afwisselend takenpakket hebben; • Opleidingen worden centraal geregeld; • Wetgeving (WPG-audit); • Uitwisselingsmogelijkheden van handhavers bij evenementen of calamiteiten; • Backoffice-taken zijn centraal georganiseerd.

Pagina 16 van 67

We werken tot slot informatie-gestuurd met het informatiesysteem CityControl, waarbij op een eenvoudige, eenduidige en concrete manier situaties in kaart worden gebracht. Maandelijks rapporteren we via onze Backoffice aan de gemeente waarbij ingegaan wordt op de ureninzet, meldingen, registraties per situatie en per wijk/buurt. Daarnaast verschijnen er kwartaalrapportages en een jaarrapportage dat naast de data voorzien is van tabellen en grafieken, inclusief toelichtingen, beelden van handhavers (per wijk) én aanbevelingen vanuit de staf, gericht op outcome en waarbij trends en ontwikkelingen uiteengezet worden. 4.5.

Verantwoording baten en lasten

In tabel 7 zijn de baten en lasten van de jaarstukken 2024 afgezet tegen de bestuursrapportage 2024. Het financieel resultaat van dit programma is nihil. In beginsel worden alle baten en lasten binnen het Pluspakket afgerekend met de gemeenten.

Programma Pluspakket

Begroting 2024 primitief

Begroting 2024 na wijziging

Rekening 2024

Voordeel/ Jaarrekening nadeel 2023

Verschil

LASTEN 15.853

15.853

16.344

-491

N

14.784

143

143

2.675

-2.532

N

1.480

1.662

1.662

1.782

-120

N

1.624

Inzameling incontinentiemateriaal

598

598

495

103

V

300

Overige dienstverlening pluspakket

390

390

66

324

V

31

18.646

18.646

21.362

-2.716

N

18.219

15.853

15.853

16.344

491

V

14784

143

143

2.675

2.532

V

1480

1.662

1.662

1.782

120

V

1624

Inzameling incontinentiemateriaal

598

598

498

-100

N

247

Overige dienstverlening pluspakket

390

390

64

-326

N

-109

18.646

18.646

21.363

2.717

V

18.026

0

0

1

1

-193

Mutatie voorziening (incontinentie)

-3

-3

Mutatie reserves

2

2

-58 251

Integraal beheer openbare ruimten - via DVO Integraal beheer openbare ruimten - via overige opdrachten Handhavingstaken

Totaal lasten BATEN Integraal beheer openbare ruimten - via DVO Integraal beheer openbare ruimten - via overige opdrachten Handhavingstaken

Totaal baten Saldo baten en lasten

Totaal vermogensmutaties

0

0

-1

-1

193

Totaal

0

0

0

0

0

Tabel 7: Baten en lasten programma Pluspakket (Bedragen x € 1.000) Integraal Beheer Openbare Ruimte Avri voert voor de gemeenten Buren, Tiel, Neder-Betuwe en West Betuwe taken uit in de openbare ruimte. Voor iedere gemeente wordt afzonderlijk een uitgebreide jaarrapportage opgesteld. De uiteindelijke kosten zijn per saldo hoger uitgevallen dan in de bestuursrapportage voorzien. Dit komt vooral door het opgegeven meerwerk van ruim € 2,5 miljoen voor diverse gemeenten. Het meerwerk is opgenomen bij de post ‘integraal beheer openbare ruimte – via overige opdrachten’. Overigens is daarmee het aandeel meerwerk wel erg groot geworden. Met de gemeenten zal worden besproken hoe dit aandeel kleiner kan worden door (terugkerende) meerwerkopdrachten op te nemen als reguliere taak in de DVO en werkbegroting. Tegenover de hogere lasten staan ook de hogere baten, omdat de gemaakte lasten worden doorbelast naar de individuele gemeenten. Vanwege deze hogere lasten door het meerwerk komt de rechtmatigheid voor Avri in het geding, ondanks dat hier inkomsten tegenover staan. Toezicht & handhaving – via DVO De uiteindelijke kosten zijn hoger uitgevallen; dit voordeel is verrekend in het integraal in rekening gebracht tarief bij de gemeenten en voor het Avri-deel doorbelast naar het programma Basispakket. Per saldo is het resultaat op toezicht & handhaving budgettair-neutraal.

Gescheiden inzameling incontinentiemateriaal De lasten voor inzameling van incontinentiemateriaal en luiers waren voor 2024 € 495.000. Via de gemeentelijke toeslag op de afvalstoffenheffing waren de opbrengsten € 498.000. Per saldo bedraagt de toevoeging aan de voorziening incontinentie € 3.000. Het saldo van deze voorziening bedraagt per ultimo 2024 € 62.000.

Pagina 17 van 67

5. PROGRAMMA BEDRIJFSAFVAL

5.1.

Inleiding

Avri voert in beperkte mate activiteiten uit voor bedrijven in de vorm van inzameling, inname en het laten verwerken van bedrijfsafval. De dienstverlening aan bedrijven is ondersteunend aan het Basispakket. De activiteiten op het gebied van bedrijfsafval zijn gericht op het zo goed mogelijk benutten en inzetten van beschikbare productiemiddelen. Het programma Bedrijfsafval vormt een beperkt onderdeel van de bedrijfsvoering en de omzet. De positieve financiële resultaten worden al enkele jaren benut voor het verlagen van de afvalstoffenheffing voor de inwoners. We zien nog altijd potentieel om dit aandeel in de toekomst te vergroten en daardoor de dekkingsbijdrage voor de inwoners van Rivierenland te verstevigen. Ons marktaandeel in het MKB is stabiel. Wij schatten dit op circa 20% van de markt in het Rivierenland. Die markt wordt door in totaal zes partijen bediend. We onderscheiden ons op de markt door gescheiden inzameling van papier en plastic, glas en gft, door bedrijven te adviseren en service te bieden. Daarnaast maakt dit programma het mogelijk om uiting geven aan de regionale maatschappelijke betrokkenheid van Avri. Door verbinding met het regionale bedrijfsleven en sponsoring in natura tijdens regionale evenementen wordt de zichtbaarheid van Avri in de regio vergroot.

5.2.

Terugblik 2024

Bedrijfsmatig afval Als het gaat om de inzameling van bedrijfsafvalstromen, is 2024 goed verlopen. De gestage groei in het aantal klanten zet zich voort. De hoeveelheden, aangeleverd op ons grondstoffenpark, zijn toegenomen, met name voor de stromen Bedrijfsafval en Bouw- en sloopafval. Dit is een gevolg van de nieuwe verwerkingscontracten die we tegen een gunstiger tarief in 2024 konden afsluiten. Sponsoring In 2024 heeft Avri weer een bijdrage geleverd aan onder andere Appelpop, Dijken Sport, Triatlon Rivierenland en Two Rivers Marathon in de vorm van gratis diensten. 5.3.

Verklaring financieel resultaat 2024

Het jaarresultaat na vpb (vennootschapsbelasting) van het programma Bedrijfsafval valt € 44.000 positiever uit dan verwacht bij de bestuursrapportage 2024. Dit resultaat komt tot stand door enerzijds € 91.000 hogere inkomsten en anderzijds € 47.000 hogere lasten. De hogere inkomsten komen door hogere inkomsten uit inzamelcontracten en overige opbrengsten maar lagere opbrengsten uit grondstoffen. Het jaarrekeningresultaat vóór vpb bedraagt € 163.000. Het netto resultaat na aftrekt van vpb (€ 132.000) is gestort in de reserve Bedrijfsafval.

Pagina 18 van 67

5.4.

Verantwoording baten en lasten

In tabel 8 zijn de baten en lasten van de jaarstukken 2024 afgezet tegen de bestuursrapportage 2024.

Programma Bedrijfsafval

Begroting 2024 primitief

Begroting 2024 na wijziging

Rekening 2024

2.440

2.476

2.514

Verschil

Voordeel/ Jaarrekening nadeel 2023

LASTEN Uitvoerings bedrijfsafval Vennootschapbelasting Totaal lasten

-38

N

2325 69

22

22

31

-9

N

2.462

2.498

2.545

-47

N

2.394

1.622

1.622

1.716

94

V

1.692

939

-17

N

893

BATEN Inzameling bedrijfsafval Opbrengst grondstoffen Overige opbrengsten Totaal baten Saldo baten en lasten

956 -27

8

22

14

V

62

2.551

2.586

2.677

91

V

2.647

89

88

132

44

V

253

88

132

88 0

132 0

44 0 44 0

Toevoeging aan reserves 89 Onttreking aan reserves Totaal vermogensmutaties 89 Totaal 0 Tabel 8: Baten en lasten programma Bedrijfsafval (x €1.000)

Pagina 19 van 67

956

253 253 0

6. PROGRAMMA ALGEMENE BATEN EN LASTEN

6.1.

Inleiding

In dit programma worden de baten en lasten verantwoord die niet rechtstreeks aan de overige programma’s kunnen worden toegekend. De kosten van de ondersteunende bedrijfsvoering (taakveld overhead) vormen daarvan een groot onderdeel. In dit programma worden ook de baten en lasten van het taakveld rente verantwoord. Avri ziet overhead niet louter als kostenpost. Door een goed lopende en innovatieve bedrijfsvoering worden de primaire taken beter en efficiënter uitgevoerd. De beleidsmatige resultaten worden verder toegelicht in paragraaf 11: Bedrijfsvoering. 6.2.

Verklaring financieel resultaat

Over het boekjaar 2024 is een negatief resultaat op dit programma gerealiseerd van € 232.000. Bij de bestuursrapportage hielden we rekening met een negatief resultaat van € 260.000. Daarmee is het voordeel ten opzichte van de bestuursrapportage € 28.000. Dit voordeel bestaat naast een nadeel op de overhead- en treasury lasten van € 260.000 ook uit een rentevoordeel van € 288.000. Door de Realisatie BV is in 2024 geen dividend uitgekeerd. De resultaten worden verrekend met de Algemene Bedrijfsreserve. Het nadeel op de lasten ‘overhead’ wordt voornamelijk veroorzaakt door hoger kosten voor de nieuwe ict omgeving. De rente over 2024 wordt nader toegelicht in paragraaf 10: Financiering. 6.3.

Verantwoording baten en lasten

In tabel 9 zijn de baten en lasten van de jaarstukken 2024 afgezet tegen de bestuursrapportage 2024. Begroting 2024 primitief

Begroting 2024 na wijziging

Rekening 2024

Verschil

Treasury

738

738

826

-88

N

492

Doorbelasting treasury

-738

-738

-807

69

V

-494

N

PROGRAMMA ALGEMENE BATEN EN LASTEN

Voordeel/ Jaarrekening nadeel 2023

LASTEN

7.483

Overhead

8.299

8.660

8.901

-241

Doorbelasting overhead

-8.299

-8.400

-8.400

-

0

260

520

-260

N

22

Treasury

0

0

288

288

V

957

Totaal baten

0

0

288

288

Saldo baten en lasten

0

-260

-232

28

260

232

-28

-935

260

232

-28

-935

Totaal 0 0 Tabel 9: Baten en lasten programma Algemene baten en lasten (x *€1.000)

0

0

0

Totaal lasten

-7.459

BATEN

Mutatie reserves Totaal vermogensmutaties

Pagina 20 van 67

0

957 V

935

JAARVERSLAG PARAGRAFEN

Pagina 21 van 67

7. LOKALE HEFFINGEN 7.1.

Inleiding

Avri is verantwoordelijk voor de afvalstoffenheffing van de deelnemende gemeenten. De gemeenschappelijke regeling Belasting Samenwerking Rivierenland (BSR) verzorgt voor Avri de belastingaanslagen en de inning daarvan. Het uitgangspunt is dat de tarieven afvalstoffenheffing kostendekkend zijn. Dit komt overeen met het wettelijk uitgangspunt dat de gemiddelde tarieven voor de dienstverlening op begrotingsbasis niet meer dan 100% kostendekkend mogen zijn. Sinds 2014 is de afvalstoffenheffing verdeeld in een basisdeel en een variabel deel. Het basisdeel is voor alle huishoudens van de Avri-gemeenten hetzelfde bedrag. Het variabel deel is afhankelijk van het aantal en de soort aanbiedingen restafval. De baten afvalstoffenheffing zijn gebaseerd op de opgave van de Belasting Samenwerking Rivierenland (BSR). BSR verzorgt het opleggen en innen van de aanslagen en doorbetaling van de afvalstoffenheffing aan Avri. 7.2.

Ontwikkeling baten afvalstoffenheffing

In tabel 10 zijn voor 2024 het aantal huishoudens, de tarieven en de berekening van de opbrengsten afvalstoffenheffing uiteengezet. Ook het totaal aan kwijtschelding wordt zichtbaar. Deze wordt als last verantwoord in het programma Basispakket.

Baten afvalstoffenheffing 2024

begroting 2024

Aantal huishoudens Geregistreerde huishoudens Niet betalende huishoudens basisdeel Betalende huishoudens basisdeel % b etalende huishoudens

gewijzigde begroting 2024

jaarrekening

verschil

2024

jaarrekening 2023

104.187 -7.293 96.894 93,0%

105.237 -7.366 97.871 93,0%

104.723 -7.854 96.869 92,5%

-514 -488 -1.002 -0,5%

103.365 -7.236 96.129 93,0%

Gemiddeld aantal aanbiedingen restafval 30 ltr. (brengvoorziening) hoogbouw en stadscentra 30 ltr. (brengvoorziening) 140 ltr. (mini container) 240 ltr. (mini container)

35 17 5,4 6,4

35 17 5,4 6,4

34 16 5,4 6,7

-1 -1 0,0 0,3

35 17 5,4 6,4

Tarieven Basistarief Toeslag basistarief per extra mini container restafval

€ 317 € 50

€ 318 € 50

€ 318 € 50

€ 293 € 50

€ 0,80 € 1,00

€ 0,80 € 1,00

€ 0,80 € 1,00

€ 0,80 € 1,00

€ 4,67 € 8,00

€ 4,67 € 8,00

€ 4,67 € 8,00

€ 4,67 € 8,00

€ 34.431 -€ 1.367 € 33.064

€ 34.882 -€ 1.385 € 33.497

€ 34.710 -€ 1.226 € 33.483

Variabel tarief: aanbieding 30 ltr. (brengvoorziening - hoogbouw) Variabel tarief: aanbieding 30 ltr. (brengvoorziening) Variabel tarief: aanbieding 60 ltr. (brengvoorziening) Variabel tarief: aanbieding 140 ltr. (mini container) Variabel tarief: aanbieding 240 ltr. (mini container) Baten afvalstoffenheffing programma basispakket (x €1.000) Bruto baten afvalstoffenheffing Kwijtschelding Netto baten afvalstoffenheffing

Tabel 10: Ontwikkeling baten afvalstoffenheffing

Pagina 22 van 67

-€ 172 € 159 -€ 14

€ 31.776 -€ 1.258 € 30.518

8. WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING 8.1.

Inleiding

De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing biedt inzicht in het risicomanagement binnen Avri. Het beschrijft hoe risicomanagement als vast proces binnen de bedrijfsvoering wordt toegepast en verankerd. Ook geeft deze paragraaf inzicht in het risicoprofiel van Avri en de bijbehorende weerstandscapaciteit en -ratio. Het uitgangspunt vormt de Nota Risicomanagement en Weerstandsvermogen 2017, die in februari 2017 door het Algemeen Bestuur werd vastgesteld. De weerstandscapaciteit is verder uitgewerkt in de Nota Reserves en Voorzieningen 2017 van Avri. 8.2.

Ontwikkeling risico's

Voor ieder programma is de ontwikkeling van het risicoprofiel weergegeven. Het actualiseren van het risicoprofiel is van belang, gezien de grilligheid van de begroting en het geringe weerstandsvermogen de afgelopen jaren. In tabel 11 zijn de risico’s per programma weergegeven. Het risicoprofiel uit de jaarrekening 2023 is in de tabel afgezet tegen de geactualiseerde stand in deze jaarstukken. ONTWIKKELING FINANCIELE RISICO'S ( * €1.000)

jaarrekening Jaarrekening 2023 2024

Basispakket 2 Prijsontwikkeling papier 6 Onzeker doelvermogen voor nazorg stortplaats 12 Inzet medewerkers Afvalbeheer 14 Onzekerheid scheidingsgedrag huishoudens 17 Vervuiling van aangeboden grondstoffen 19 Vergoeding kunststof verpakkingen 23 Geschil met verwerker PMD's 24 Brandstofprijzen 26 Verwerkingskosten 27 Niet volledige kilometerregistratie 28 Cirtex Totaal Basispakket

Verschil

242 3.919 315 225 330 123 475 218 313 125 0 6.285

242 1.647 315 225 330 0 0 218 313 250 250 3.790

0 -2.272 0 0 0 -123 -475 0 0 125 250 -2.495

Pluspakket 13 Risico's uitvoering pluspakket activiteiten Totaal Pluspakket

0 0

0 0

0 0

Bedrijfsafval 2 Prijsontwikkeling papier Totaal Bedrijfsafval

60 60

60 60

0 0

775 351 1.126

1090 424 1.514

315 73 388

7.471

5.364

-2.107

Bedrijfsvoering 1 Gekwantificeerde risico's 2 Vermogensbuffer (1% leningportefeuille) Totaal Bedrijfsvoering Totaal alle programma's

Tabel 11: Ontwikkeling financiële risico’s Avri 8.3.

Toelichting op de grootste of gewijzigde risico’s

Onderstaand geven wij een toelichting op de grootste risico’s. Daarnaast behandelen wij de risico’s die afwijken van de jaarrekening 2023. Basispakket, pluspakket, bedrijfsafval 6 - Onzeker doelvermogen voor nazorg stortplaats; risico gedaald De provincie en Avri hebben in december 2020 een bestuurlijk akkoord gesloten voor uitstel van de overdracht van de stortplaats van Avri. Dit akkoord heeft als doel om de korte termijneffecten voor de gemeenten te verminderen. Die waren ontstaan door het besluit van Provinciale Staten in oktober 2020 om de rekenrente te verlagen. Kernpunt in het bestuurlijk akkoord is het uitstellen van het moment van overdracht voor onbepaalde tijd. In 2031 besluit de provincie na overleg met de Avri-gemeenten over het overdrachtsmoment. Tot dat moment zijn alle risico’s (zowel technisch als financieel) voor rekening van Avri.

Pagina 23 van 67

Hierbij is ook afgesproken dat we jaarlijks overleg voeren over de technische en juridische aspecten van de nazorg, zowel bestuurlijk als financieel. Dat geeft de betrokken partijen de tijd voor het doorvoeren van maatregelen, die een efficiënte nazorg waarborgen. Ook is er tijd om de benodigde financiële middelen op te bouwen. Het akkoord stelt de gemeenten bovendien in staat om tijdig te anticiperen op de ontwikkelingen en invloed uit te oefenen op de besluitvorming. Bij de overdracht moeten voldoende financiële middelen beschikbaar zijn. Op termijn zijn verschillende uitgangspunten en parameters voor de bepaling van dit doelvermogen echter onzeker. Daardoor blijft de kans bestaan dat er te weinig doelvermogen is opgebouwd op de nog nader te bepalen overdrachtsdatum. Er kunnen echter ook positieve effecten zijn, zoals een langere vervangingstermijn van toegepaste materialen of hogere beleggingsrendementen van het nazorgfonds. Al deze zaken zijn van invloed op het benodigde vermogen. Bovendien kunnen toekomstige (wettelijke) ontwikkelingen ook van invloed zijn op de nazorgkosten. De stortplaats wordt al meerdere jaren intensief gemonitord en onderhouden. De technische risico’s (zoals ongelijke ‘zetting’ en percolaatvorming) beschouwen we daarom als beheersbaar. Avri loopt bij de opbouw van het toekomstig doelvermogen meerdere financiële risico’s.

Deze risico’s/onzekerheden zijn niet te beïnvloeden, omdat de provincie autonoom bevoegd is te besluiten over de uitgangspunten. Daaronder valt ook het overdrachtsmoment, dat na overleg met de Avri-gemeenten wordt bepaald. We verwachten dat Provinciale Staten in 2031 het moment van overdracht vaststelt. Rekening houdend met de reële doorlooptijd van het (deels juridisch) sluitingsproces en contractuele afspraken, gaan we voor de inschatting van de risico’s uit van de vroegst mogelijke overdracht per 2034. Inmiddels zijn er gesprekken gepland om de overdracht te versnellen; waarbij het scenario is om de overdracht (financieel) te doen per 1 januari 2026. Er is nog geen definitieve jaarrekening over 2024 van het nazorgfonds. Wij rekenen op een rendement voor dit jaar van 3,3%. Een belangrijke ontwikkeling was het verschijnen in 2022 van het landelijk eindrapport ‘Rekenrente nazorgfondsen stortplaatsen’. Dit rapport is in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat opgesteld en bevat adviezen over het vormen van een landelijk nazorgfonds en de te hanteren systematiek voor het bepalen van de rekenrente. Het rapport is definitief en in IPO-verband is hier inmiddels over gesproken. Momenteel vinden er besprekingen plaats tussen de provincies en het Rijk, over de positie van het Rijk.

Als het Rijk bereid is om bij calamiteiten als vangnet te dienen, zijn naar verwachting veel bezwaren van de provincies weggenomen. Dan staat niets de vorming van een landelijk fonds meer in de weg. Uit het rapport blijkt dat er meerdere varianten voor het bepalen van de rekenrente mogelijk zijn. Gelderland hanteert een rekenrente van 3,1%. De laagste variant uit het rapport komt uit op 3,45%. De provincie wil in de toekomst een percentage hanteren dat elk jaar opnieuw wordt vastgesteld. Op dit moment is dat percentage 3,3%. Daarom hebben wij deze rekenrente opgenomen in de berekeningen voor het doelvermogen. Naast een lagere rekenrente hebben we in 2024 een parameter afdeklaag aangepast. Op basis van de geactualiseerde uitgangspunten wordt in 2026 € 11,367 miljoen doelvermogen opgebouwd. De contante waarde per 1 januari 2025 is hierbij € 11,004 miljoen. Inmiddels is het berekend vermogen bij de provincie opgebouwd tot € 9,866 miljoen. Dit is een tekort van € 1,138 miljoen, dat is opgenomen in de jaarrekening en dus beschikbaar voor de overdracht. Voor de bepaling van de financiële risico’s zijn met het Rinasmodel meerdere scenario’s berekend.

De scenario’s gaan er vanuit dat één of meer punten afwijken van de huidige uitgangspunten van Avri en eventuele overdracht per 2026; • Rekenrente op 3,1%; dit levert een bruto-risico op van € 2,338 miljoen; • Het niet-afbouwen van bemonsteren op peilbuizen; dit levert een bruto-risico op van € 2,124 miljoen. Rekening houdend met de diverse risicoscenario’s en de actuele inschatting van de kans dat deze zich voordoen, bedraagt het gekwantificeerd risico in de jaarrekening (maart 2025) € 1,647 miljoen, op basis van de toe te passen kans x effectmethode. Dit is € 2,272 miljoen lager dan vorig jaar. 12 - Inzet medewerkers uitvoering; De arbeidsmarkt lijkt steeds krapper te worden. Ook voor uitzendbureaus is het steeds moeilijker om gekwalificeerd personeel te vinden. Op deze arbeidsmarkt is het ook steeds makkelijker voor personeel om over te stappen naar een andere werkgever. We bieden medewerkers de nodige opleidingen aan om hen breed inzetbaar te maken. Daarnaast kijken we ook naar de arbeidsvoorwaarden om bestaande medewerkers te behouden. 14 - Onzekerheid scheidingsgedrag huishoudens; niet gewijzigd In 2024 is ingezet op communicatie en voorlichting. Ook zijn de afvalcoaches het gehele jaar ingezet. Ook de komende jaren blijven we de burgers actief benaderen. Zo is het projectteam Schone Grondstoffenaanpak van start gegaan.

Zij richten zich op het tegengaan van de vervuiling van grondstoffen. 17 - Vervuiling van aangeboden grondstoffen; niet gewijzigd Uit sorteerproeven blijkt dat de vervuiling toeneemt. Overigens is er ook landelijk een forse stijging vervuiling te zien. We blijven inzetten op communicatie en voorlichting, mede door de afvalcoaches. Minder vervuiling is het doel. De effecten hiervan worden pas vanaf 2024 zichtbaar.

Pagina 24 van 67

19 - Vergoeding kunststof verpakkingen; risico afgenomen De vervuiling in kunststof verpakkingen neemt landelijk sterk toe. De vergoedingen van Verpact worden vastgesteld op basis van deze landelijke vervuilingscijfers. Daarmee was het risico dat Verpact lagere vergoedingen ging vaststellen en de pdbinkomsten dus afnemen. Bij de jaarrekening houden we rekening met een lagere vergoeding van 14%. 23 - Geschil met verwerker pdb; risico vervallen Avri had een geschil met de verwerker van het pdb-afval over de afrekeningen 2017, 2018, 2019 en 2020. Eind 2024 is overeenstemming bereikt met de verwerker. 24 - Risico brandstofkosten; risico gelijk gebleven De grillige energiemarkt blijft een risico voor de bedrijfsvoering van Avri. Uiteraard worden hogere brandstofprijzen verwerkt in de begroting. De onvoorspelbaarheid van de brandstofprijzen maakt echter dat we hier een risico voor hebben opgenomen. Bedrijfsvoering 1 - Gekwantificeerde risico's (10% taakveld 0.4) De jaarrekening 2024 geeft een overhead van € 8,840 miljoen. De Algemene Bedrijfsreserve Avri heeft op basis van 10% van de overhead een drempelwaarde van € 884.000. Daarnaast is hier het risico opgenomen voor Arbo technische maatregelen. Het huidige en meerjarig voorziene saldo van deze reserve biedt voldoende weerstand om de risico's te dekken.

2 - Vermogensbuffer Bij het aantrekken van leningen is de rente afhankelijk van het vermogen. Een lager eigen vermogen leidt tot een hogere rente. We houden rekening met 1% van de leningportefeuille. 8.4.

Ontwikkeling weerstandscapaciteit

De weerstandscapaciteit bestaat uit de reserves van Avri. Doordat de jaarstukken (voor reservemutaties) sluiten met een positief resultaat, verbetert de weerstandscapaciteit. In tabel 18 is de beschikbare weerstandscapaciteit per programma weergegeven. Een nadere toelichting op de mutaties van de reserves en voorzieningen is uitgewerkt in paragraaf 14.4. 8.5.

Weerstandsvermogen

Het weerstandsvermogen wordt bepaald door de gekwantificeerde risico's (paragraaf 8.3) af te zetten tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. In de Nota Risicomanagement en Weerstandsvermogen 2017 van Avri wordt de uitkomst gewaardeerd volgens onderstaande tabel:

RATIO WEERSTANDSVERMOGEN BETEKENIS Groter dan 2,0 Uitstekend Tussen 1,4 en 2,0 Ruim voldoende Tussen 1,0 en 1,4 Voldoende Tussen 0,8 en 1,0 Matig Tussen 0,6 en 0,8 Onvoldoende Kleiner dan 0,6 Ruim onvoldoende Tabel 12: Waarderingstabel weerstandsvermogen

Pagina 25 van 67

ONTWIKKELING WEERSTANDSVERMOGEN

Rekening 2024

Begroting 2024

Verschil

Basispakket

Gekwantificeerde risico's (A) Beschikbare weerstandscapaciteit(B) Ratio weerstandsvermogen (B/A) Betekenis

3.790 4.355 1,15 Voldoende

7.503 6.572 0,88 Matig

3.713 -2.217 0,27

Pluspakket

Gekwantificeerde risico's (A) Beschikbare weerstandscapaciteit(B) Ratio weerstandsvermogen (B/A) Betekenis

0 15

100 -253

Uitstekend

100 268 2,68 Uitstekend

Bedrijfsafval

Gekwantificeerde risico's (A) Beschikbare weerstandscapaciteit(B) Ratio weerstandsvermogen (B/A) Betekenis

60 338 5,63 Uitstekend

104 451 4,34 Uitstekend

44 -113 1,30

Bedrijfsvoering

Gekwantificeerde risico's (A) Beschikbare weerstandscapaciteit(B) Ratio weerstandsvermogen (B/A) Betekenis

1.514 1.551 1,02 Voldoende

830 849 1,02 Voldoende

-684 702 0,00

TOTAAL

Gekwantificeerde risico's (A) Beschikbare weerstandscapaciteit(B) Ratio weerstandsvermogen (B/A) Betekenis

5.364 6.259 1,17 Voldoende

8.537 8.140 0,95 Matig

3.173 1.881 0,21

Tabel 13: Ontwikkeling weerstandsvermogen Avri (x €1.000) In tabel 13 is het weerstandsvermogen uiteengezet. De uitkomsten zijn afgezet tegen de begroting 2024. Dankzij positieve resultaten van Avri is het totaal van het weerstandsvermogen voldoende. Hierbij merken we op dat het programma Basispakket (waarin de grootste risico's worden gelopen) een weerstandsratio van factor 1,15 (voldoende) heeft. Programma Basispakket Het weerstandsvermogen is gestegen naar 1,15. De begrote dotatie vanuit de risico-opslag in de afvalstoffenheffing van € 1 miljoen en het positieve rekeningresultaat op het Basispakket van € 0,2 miljoen is in het weerstandsvermogen opgenomen. Daarentegen is de voorziening gedaald door het apart gezette bedrag voor het nazorgfonds. In de beschikbare capaciteit is de reservering van € 170.000 voor het waarborgen van de veiligheid op het terrein. Programma Pluspakket Per ultimo 2024 is de reserve teruggebracht tot € 15.000. Hierdoor is het weerstandsvermogen voor dit programma tijdelijk uitstekend. Programma Bedrijfsafval Door het positieve resultaat op het programma Bedrijfsafval is het weerstandsvermogen voor dit programma uitstekend. Programma Bedrijfsvoering Na het resultaat van 2024 blijft het weerstandsvermogen voldoende.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15438323/1