2025-083 Conceptbegroting 2026 Werkzaak Rivierenland
Tekst van het document
Toevoeging aan reserves
9.763.600 9.190.800 9.757.000 10.118.700 10.414.700
-
-
-
-
-
-
Onttrekking aan reserves
47.300
124.500
84.400
83.100
34.400
34.400
Mutatie reserves
47.300
124.500
84.400
83.100
34.400
34.400
Totaal
5.335.100
9.888.100 9.275.200 9.840.100 10.153.100 10.449.100
Uitgangspunten De materiële kosten zijn voor 2026 geïndexeerd conform de kaderbrief 2026. De totale salarissen voor 2026 zijn voor 2026 geïndexeerd conform de kaderbrief 2026. Sinds de begroting van 2025 is er een structurele dekking vanuit de ESF-subsidie om de salariskosten te betalen. We gaan ervan dat wij deze subsidie, net als eerder jaren, steeds opnieuw kunnen aanvragen. Beleidsindicatoren In het Besluit begroting en verantwoording (BBV) zijn beleidsindicatoren vastgesteld. Deze moeten verplicht opgenomen worden in programma’s en programmaverantwoordingen. De wettelijke verplichte beleidsindicatoren op bedrijfsvoering zijn: Beleidsindicatoren Indicator
Omschrijving
Toelichting
Jaarrekening
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
1
Formatie
FTE per 1.000 inwoners
0,95
1,03
1,04
2
Bezetting
FTE per 1.000 inwoners
0,89
1,03
1,04
3
Apparaatskosten
Kosten per inwoner
€ 107,29
€ 114,16
€ 120,85
4
Externe inhuur
Kosten als % van de totale
9,41%
0%
0%
5
Overhead
loonsom + totale kosten inhuur
10,09%
9,78%
9,52%
32
4.7 Algemene dekkingsmiddelen Dit onderdeel gaat over schatkistbankieren (treasury). Uitgangspunt is dat de structurele lasten worden gedekt door structurele baten. Programma Algemene dekkingsmiddelen (in €) Rekening Lasten
Begroting Begroting
Meerjarenraming
2024
2025
2026
2027
2028
2029
50.900
46.500
46.500
46.500
46.500
46.500
Baten
636.200
166.500
346.500
346.500
346.500
346.500
Saldo van baten en lasten
585.300
120.000
300.000
300.000
300.000
300.000
Toevoeging aan reserves
32.700
-
-
-
-
-
Onttrekking aan reserves
-
-
-
-
-
-
Mutatie reserves
-32.700
-
-
-
-
-
Totaal
552.600
120.000
300.000
300.000
300.000
300.000
Uitleg Omdat de rente bij het schatkistbankieren hoger is dan vorig jaar, zijn er meer rente inkomsten opgenomen.
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
33
5 Financiële begroting Dit onderdeel laat de financiële situatie zien voor het begrotingsjaar 2025 en de jaren daarna. De tabel geeft een overzicht van de baten en lasten, waarvoor het bestuur toestemming geeft. Hiermee wordt het vastgelegde beleid, dat is opgenomen in de programma’s, uitgevoerd. Programma overzicht (in €) Rekening
Begroting Begroting
Meerjarenraming
2024
2025
2026
2027
2028
2029
93.400
120.400
124.400
124.400
124.400
124.400
Participatie
9.207.400
9.270.000
9.439.700
9.318.600
9.327.200
9.352.400
Wet sociale werkvoorziening
25.585.000
25.940.200 26.322.900 25.162.100
23.999.500
22.906.600
Beschutregeling
3.084.700
3.562.400
4.387.200
4.748.700
5.110.600
Inkomensvoorziening
57.508.800
64.777.100 67.204.700 66.506.700
66.506.700
66.506.700
46.500
46.500
46.500
11.183.500 11.488.100 11.540.200
11.498.600
11.507.000
44.000
44.000
Lasten Bestuur en beleid
Algemene dekkingsmiddelen
50.900
Overhead
10.665.000
Onvoorzien
-
Totaal lasten
106.195.200
46.500 44.000
4.003.900 46.500 44.000
44.000
114.944.100 118.674.200 117.129.700
116.295.600 115.598.200
Baten Bestuur en beleid
-
-
-
-
-
-
Participatie
7.907.700
7.458.000
8.042.100
7.939.100
8.011.700
8.123.300
Wet sociale werkvoorziening
27.713.500
26.520.800 26.865.700 25.251.300
23.717.900
22.262.000
Beschutregeling
2.690.100
2.520.700
3.722.200
4.077.500
4.420.000
Inkomensvoorziening
53.418.500
57.206.500 59.302.600 58.490.300
58.490.300
58.490.300
346.500
346.500
346.500
20.947.100 20.678.900 21.297.200
21.617.300
21.921.700
-
-
Algemene dekkingsmiddelen Overhead
636.200 15.952.800
166.500 -
3.354.000 346.500
Onvoorzien
-
Totaal baten
108.318.800
Saldo van baten en lasten*
2.123.600
Toevoeging aan reserves
732.700
-
-
-
-
-
Onttrekking aan reserves
97.300
124.500
84.400
83.100
34.400
34.400
Mutatie reserves
-635.400
124.500
84.400
83.100
34.400
34.400
Resultaat
1.488.200
-
-
-
-
-
-124.500
* In de begroting 2025 en 2026 en meerjarenraming 2027 tot en met 2029 staat een negatief saldo van baten en lasten. Door de onttrekking van reserves is dit saldo 0 euro. Dit komt vanwege inzet van de bestemmingsreserves.
34
-
-
114.819.600 118.589.800 117.046.600 -84.400
-83.100
116.261.200 115.563.800 -34.400
-34.400
5.1 Uitgangspunten begroting Voor de financiële begroting zijn de formatie, indexatie en vertaling van de kosten voor bedrijfsvoering belangrijk. Formatie Voor de begroting 2026 wordt de formatie vastgesteld op basis van de personeelsformatie in februari/maart 2025 en nieuwe wetten. Dit is grotendeels bepaald door de intensiteit van de dienstverlening en het aantal klanten per medewerker (caseload). Projectfinanciering We gebruiken (externe) financieringen om projecten te betalen die onze doelen en ambitie ondersteunen. Met de financieringen kunnen we tijdelijk extra personeel aannemen en benodigde middelen aanschaffen. Dit heeft geen invloed op het resultaat van de bedrijfsvoering. Salariskosten De personeelskosten berekenen we op basis van het hoogste bedrag binnen de salarisschaal. Het budget voor vervanging bij ziekte en andere afwezigheid, zoals ouderschapsverlof, valt hier ook onder. Indexering De prijsontwikkeling is een belangrijk uitgangspunt van de begroting. We proberen zoveel mogelijk aan te sluiten bij de werkelijke ontwikkelingen. De percentages stemmen we af met de gemeenschappelijke regelingen in Rivierenland. We maken onderscheid in de indexcijfers tussen: • Loonkostenontwikkeling • Prijsontwikkeling goederen en diensten Omzet Bij de omzet prognostisering wordt gerekend met de CBS indexering van 7,15% en een daling van de aantal werkzoekende met 4%.
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
35
Loonkostenontwikkeling We voldoen aan de eisen van de cao’s en volgen de prijsontwikkeling binnen het wettelijk minimumloon. Het wettelijk minimumuurloon is gebaseerd op een 36-urige werkweek Cao-afspraken en raming salariskostenstijging De gemeenschappelijke regelingen hebben afspraken gemaakt over hoe salariskostenstijgingen in de begroting worden verwerkt en beter op elkaar afgestemd. Het is afgesproken dat de stijging van lonen wordt gebaseerd op de voorspelling van het CPB, zoals gepubliceerd in de septembercirculaire 2024. Indexering salarissen De lonen worden gebaseerd op de cao’s voor gemeenten en SGO vanaf 1 januari 2024 tot en met 31 maart 2025. Voor de loonontwikkeling wordt aangesloten bij de voorspelling van het CPB (loonvoet sector overheid), zoals opgenomen in de septembercirculaire 2024. De verwachting is dat de sociale lasten en pensioenpremies niet stijgen. Loonkostenindexering 2026 Correctie 2025 Loonindex begroting 2025 (conform kadernota 2025)
5,80%
Loonvoet sector overheid (septembercirculaire 2024)
4,70%
Correctie prijsindex 2025
-1,10%
Index 2026 Loonvoet sector overheid (septembercirculaire 2024)
3,80%
Totale prijsindex 2026
2,70%
Prijsindexering kostenbudgetten Volgens de cijfers van het CPB in de septembercirculaire 2024 passen we een algemene prijsindexering toe van 3,3 %. Dit percentage bestaat uit een prijsindex voor overheidsconsumptie netto materieel (IMOC) van 2,2 % en een correctie van 1,1 % over 2025. Dit is afgesproken met de controllers van de gemeenten en gemeenschappelijke regelingen tijdens het controllers overleg van 1 oktober 2024. Dit algemene indexeringspercentage wordt ook door andere gemeenschappelijke regelingen gebruikt in de begroting 2026. Prijsindex 2026 Correctie 2025 Prijsindex begroting 2025 (conform kadernota 2025)
1,60%
Prijs overheidsconsumptie (IMOC) 2025
2,70%
Correctie prijsindex 2025
1,10%
Index 2026 Prijs overheidsconsumptie (IMOC) 2026
2,20%
Totale prijsindex 2026
3,30%
36
Elke schrijft een eigen boek
Elke verwezenlijkte haar droom om een boek te schrijven met de hulp van het Leerlab van Werkzaak Rivierenland. Na een workshop ‘Verhalen schrijven’ tijdens het Taalfestival, begon ze met begeleiding aan haar eerste kinderboek. Dit gaf haar zoveel motivatie dat ze nu verschillende trainingen volgt en werkt aan haar tweede boek. Elke werkt in de productiehallen van Werkzaak, waar ze onderdelen voor zonnepanelen maakt.
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
Ik droom ervan dat mijn boek straks in de boekhandels komt te liggen
Ze geniet van haar werk en de fijne collega’s. “Schrijven is mijn passie. Daar wil ik voor gaan en meer over leren,” zegt ze. Na een half jaar presenteerde ze trots haar boek ‘Nikki en de magische wereld’ en droomt ze ervan dat het in de boekhandel komt te liggen. Haar verhaal toont hoe motivatie en ondersteuning persoonlijke groei mogelijk maken.
37
Bijdrage bedrijfsvoering Door de loon- en prijsindexatie stijgt de bijdrage bedrijfsvoering. De gemeenten worden voor deze stijging gecompenseerd in het gemeentefonds. In totaal werkt Werkzaak binnen de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen. De verdeling van de kosten vindt plaats op basis van de afspraken uit de bestuurlijke agenda. Voor het gedeelte bedrijfsvoeringslasten en -baten dat specifiek aan de Wsw kan worden toegerekend, wordt een vergoeding in rekening gebracht naar rato van het aantal Wsw-ers. Daarnaast betalen de gemeenten die niet voor de Participatiewet participeren een toeslag van jaarlijks nominaal 1.000 euro per Wsw-er. Ook brengen deelnemers die participeren in de Participatiewet het basisbedrag voor de uitvoering in dat zij ontvangen van het Rijk. Dit ontvangen de gemeenten via het cluster inkomen en participatie in de algemene uitkering. Het verschil wordt verdeeld naar rato van het aantal bijstandsgerechtigden en loonkostensubsidies op grond van de Participatiewet. Risico’s versus de algemene bedrijfsreserve Op dit moment zijn de gewogen bedrijfsvoeringsrisico’s gelijk aan de algemene reserve van Werkzaak. Het weerstandsvermogen bedraagt 100 %. De beleidsrisico’s worden door de gemeenten afgedekt. Bestandsontwikkeling We schatten het aantal werkzoekenden dat we begeleiden op basis van de Macro Economische Verkenning van het CPB.
Pluspakket Het pluspakket is opgenomen in de begroting en wordt apart met de gemeente(n) afgerekend.
5.2 Vennootschapsbelasting Met ingang van de begroting 2017 werd de vennootschapsbelasting apart vermeld in het overzicht van baten en lasten. Volgens de huidige verwachtingen zal er de komende jaren geen vennootschapsbelastingheffing worden geheven.
5.3 Onvoorzien Op advies van de toezichthouder is in de begroting een reservepost opgenomen van 44.000 euro binnen de bedrijfsvoeringskosten. Onvoorzien (in €) Rekening
Begroting Begroting
Meerjarenraming
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Lasten
-
44.000
44.000
44.000
44.000
44.000
Baten
-
-
-
-
-
-
Saldo van baten en lasten
-
-44.000
-44.000
-44.000
-44.000
-44.000
Toevoeging aan reserves
-
-
-
-
-
-
Onttrekking aan reserves
-
-
-
-
-
-
Mutatie reserves
-
-
-
-
-
-
Totaal
-
-44.000
-44.000
-44.000
-44.000
-44.000
38
5.4 Geprognosticeerde balans De geprognosticeerde balans laat zien hoe de balansposten veranderen tijdens de periode van de meerjarenbegroting. Geprognosticeerde balans per 31 december (bedragen * € 1.000) Rekening
Begroting Begroting
Meerjarenraming
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Materiële vaste activa
7.126
6.535
6.052
5.602
5.193
4.776
Financiële vaste activa
821
821
821
821
821
821
Totaal vaste activa
7.947
7.356
6.873
6.423
6.014
5.597
Uitzettingen
11.015
9.947
10.378
10.634
10.978
10.366
Activa
Liquide middelen
530
530
530
530
530
530
Overlopende activa
5.480
5.480
5.480
5.480
5.480
5.480
Totaal vlottende activa
17.025
15.957
16.388
16.644
16.988
17.376
Totaal activa
24.972
23.313
23.261
23.067
23.002
22.973
Reserves
4.742
4.617
4.533
4.450
4.416
4.382
Saldo van de rekening
1.488
Passiva
Voorzieningen
569
628
765
759
833
943
Vaste schulden
3.360
3.255
3.150
3.045
2.940
2.835
Totaal vaste passiva
10.159
8.500
8.448
8.254
8.189
8.160
Vlottende schuld
2.499
2.499
2.499
2.499
2.499
2.499
Overlopende passiva
12.314
12.314
12.314
12.314
12.314
12.314
Totaal vlottende passiva
14.813
14.813
14.813
14.813
14.813
14.813
Totaal passiva
24.972
23.313
23.261
23.067
23.002
22.973
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
39
5.5 Reserves en voorzieningen balans De geprognosticeerde balans laat zien hoe de balansposten veranderen tijdens de periode van de meerjarenbegroting. Reserves & Voorziening per 31 december (bedragen * € 1.000) Rekening
Meerjarenraming
Begroting Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Algemene reseve
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
Reserve innovatiefonds
288
288
288
288
288
288
Reserve personeel
199
99
49
-
-
-
Reserve afschrijvingen
833
808
774
740
706
672
Reserve projecten
222
222
222
222
222
222
Soc. Ontwikkelbedr.
700
700
700
700
700
700
Totaal Reserves
4.742
4.617
4.533
4.450
4.416
4.382
Voorziening Personeel
95
95
95
95
95
95
Verlies Cirtex
-
-
-
-
-
-
Verlofsparen
237
237
237
237
237
237
Onderhoud pand
237
296
433
427
501
611
Totaal Voorzieningen
569
628
765
759
833
943
Totaal Reserves en Voorzieningen
5.311
5.245
5.298
5.209
5.249
5.325
2027
2028
2029
328.100
53.900
6.000
79.500
-
108.000
407.600
53.900
6.000
Automatisering
-
9.000
65.620
76.400
Afschrijvingen nieuwe investeringen
-
9.000
65.620
76.400
Reserves
Reserve ontwikkeling infrastructuur
Voorzieningen
5.6 Meerjareninvesteringsoverzicht De volgende nieuwe en vervangingsinvesteringen zijn opgenomen in de meerjarenbegroting. Meerjareninvesteringsoverzicht Nieuwe en vervangingsinvesteringen
Afschrijvingstermijn
2026
Investeringen Vervanging meubilair
10
63.000
Vervanging hardware
5
45.000
Telefonie
5
Totaal investeringen Afschrijvingen
40
5.7 Incidentele baten en lasten In augustus 2021 hebben de provincies een richtlijn voor incidentele baten en lasten gepubliceerd. Op basis van deze richtlijn is de definitie aangescherpt. Het uitgangspunt is dat in principe alle baten en lasten structureel zijn. De onderbouwing van incidentele baten en lasten is hierbij belangrijk. Ze moeten van tijdelijke aard zijn, een duidelijk einde hebben en van materiële omvang zijn. Incidentele baten en lasten Begroting
Meerjarenraming
2026
2027
2028
2029
50.000
-
-
-
-48.700
-
-
-
Programma Overhead Lasten Personele knelpunten Baten Onttrekking reserve personeel Totaal programma Overhead
1.300
-
-
-
Saldo incidentele baten en lasten
1.300
-
-
-
Voor onbekende WW-kosten is een reserve gemaakt (zie ook paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing). Voor bekende kosten is een voorziening getroffen. Het is de verwachting dat de reserve in 2026 volledig op is. Structurele mutaties reserves Structurele mutaties reserves Begroting 2026 Jaarlijkste storting in de reserve
Meerjarenraming 2027
2028
2029
-
-
-
-
Jaarlijks onttrekking aan reserve kapitaallasten
-34.400
-34.400
-34.400
-34.400
Saldo structurele mutaties reserves
-34.400
-34.400
-34.400
-34.400
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
41
6 Paragrafen Paragraaf Actie 1.
Lokale heffingen
n.v.t.
2.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Opgenomen
3.
Financiering
Opgenomen
4.
Onderhoud kapitaalgoederen
Opgenomen
5.
Bedrijfsvoering
Opgenomen
6.
Verbonden Partijen
Opgenomen
7.
Grondbeleid
n.v.t.
6.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing geeft een duiding van het risicoprofiel, de risico’s en het gewenste weerstandsvermogen. 6.1.1 Risicoprofiel De hoogte van het weerstandsvermogen is gebaseerd op de relatie tussen de risico’s waar geen specifieke maatregelen voor zijn getroffen en de capaciteit van mogelijkheden die er zijn om de geraamde kosten op te vangen (Bbv art. 11). De risico’s dekt Werkzaak zoveel mogelijk af met maatregelen zoals het afsluiten van verzekeringen, het vormen van reserves en voorzieningen en het inrichten van de administratieve organisatie en interne controle. Wij vinden het noodzakelijk om de risico’s die van invloed zijn op de bedrijfsvoering inzichtelijk te maken en daar waar mogelijk beheersmaatregelen te treffen. Door inzicht in de actuele risico’s kunnen wij op verantwoorde wijze besluiten nemen, zodat de risico’s nu en de risico’s gerelateerd aan toekomstige investeringen in verhouding staan tot de vermogenspositie. Bij de jaarrekening en begroting presenteren we de geactualiseerde risico’s. In 2026 werken we vanuit ons meerjarenbeleidsplan 2024-2027, gaan we verder met het optimaliseren van onze bedrijfsprocessen en het implementeren van innovaties en nieuwe wet- en regelgeving. Risico’s zijn complex en met elkaar verweven.
Een datalek heeft bijvoorbeeld financiële gevolgen en gevolgen voor de bedrijfsvoering en de reputatie. Maar ook het risico van het niet behalen van de omzetdoelstelling kan een relatie hebben met het risico op bedrijfsonderbreking of krapte op de arbeidsmarkt. Het is daarom cruciaal dat organisaties risico’s multidisciplinair te lijf gaan en ook nieuwe tactieken verkennen voor de aanpak ervan. De ambitie van Werkzaak is om kansen- en risicomanagement te integreren in de dagelijkse gang van zaken.
42
Bedrijfsrisico’s Een risico is de kans op een onzekere gebeurtenis met een effect op het behalen van je doelstellingen. Vanuit bedrijfsvoeringsperspectief zijn risico’s gesignaleerd die gevolgen kunnen hebben voor de bedrijfsvoering en voor beleid. De belangrijkste risico’s staan in de tabel. Het netto risico is het bruto risico te min de ingeschatte effecten van de beheersmaatregelen. Alle bedragen zijn een zo goed mogelijke inschatting van het management. Risicomatrix (bedragen * € 1.000) Omschrijving
Bruto-risico
Netto-risico
Beleid
1. Verandering van rijkswetgeving en beleid
900
900
900
0
2. Conjunctuurgevoeligheid (BUIG-budget)
1.500
0
0
0
800
200
0
200
1.200
800
0
800
700
300
0
300
1.200
600
400
200
450
0
0
0
3. Robotisering en digitalisering 4. Kwetsbaarheid rondom ICT infrastructuur
Bedrijfsvoering
5. Toename problematiek en meer multiproblematiek bij de doelgroep 6. Omzetdoelstelling niet gehaald 7. Eigen risicodrager WW 8. Krapte op de arbeidsmakrt
700
400
0
400
9. Bedrijfsonderbreking
900
600
0
600
8.350
3.800
1.300
2.500
Totaal
Door samenwerking en maatwerk creëren we kansen voor iedereen, ongeacht achtergrond of uitdaging
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
43
1. Verandering van (Rijks)wetgeving en/of verandering beleid van gemeenten. Toelichting Er komen veel nieuwe wetten of wetswijzigingen aan. Het gaat bijvoorbeeld om het wetsvoorstel ‘Participatiewet in Balans’ en de versoepeling van de terugvorderingsbepalingen en het realiseren van een regionaal Werkcentrum. Maar er ook komt er veel nieuwe wetgeving aan op het gebied van gebruik van data zoals (NIS2/BIO2). We kunnen dus geen uitspraak doen over de gevolgen voor de uitvoering. We zien dat wetgevingen steeds meer op elkaar ingrijpen. Zoals bijvoorbeeld de uitvoering van de Wet inburgering. Daardoor wordt Werkzaak steeds meer onderdeel van netwerken en van samenwerkingen binnen deze netwerken. Het risico dat we dragen voor uitvoering of resultaten krijgt daarmee een gedeelde of een getrapte verantwoordelijkheid. Dit vergroot het risico op juiste uitvoering van taken en behalen van doelstellingen. Bruto risico 900.000 euro Maatregelen Ontwikkelingen volgen en daarop flexibel anticiperen. De eigen bedrijfsvoering op orde hebben voor een goed imago. Goede resultaten op strategische doelstellingen laten zien. Netto risico 900.000 euro
2. Conjunctuurgevoeligheid (BUIG-budget) Toelichting Gevoeligheid voor onzeker economische ontwikkelingen. Werkgevers haken af bij laagconjunctuur. Het vertrek van grotere werkgevers in combinatie met conjunctuur maakt plaatsen moelijker. Historisch gezien kampen wij in onze regio met een na-ijl effect. Daarbij dreigt de toenemende inflatie zowel werk, bedrijfskosten (energie) als investeringen fors duurder te maken. Bruto risico 1.500.000 euro Maatregelen Tijdens hoogconjunctuur ook maatregelen treffen voor laagconjunctuur. Bij laagconjunctuur net wel durven investeren en vangnet- en springplankfunctie in stand houden. Zorg voor voldoende spreiding over meerdere werkgevers. Limiteer het aantal werknemers per bedrijf. Hou contractvoorwaarden en prijsbeleid tegen het licht. Zet in op mobiliteitscentrum. Werk met scenario’s. Anticiperen op compensatie via Buig gelden en loon- en prijsindexatie en zet in op extra financiering door bijvoorbeeld subsidies. Netto risico 0 euro (door voor verwacht resultaat een stelpost in te zetten)
3. Robotisering en digitalisering (disruptieve technologie) Toelichting Veranderen van werkprocessen, ontwikkelen van AI en meer behoefte aan hoger opgeleid personeel waardoor onze doelgroep minder plaatsbaar is. Dit kan, mede ingegeven door het inmiddels meer ingeburgerde werken op afstand, versneld gaan optreden. Bruto risico 800.000 euro Maatregelen Strategische keuze maken bij accountmanagement (categorisering klanten en inzetten op sociaal ondernemerschap) en het (intern) opleiden en ontwikkelen. Onder meer door over te stappen naar meer duurzame werkgevers zoals beschreven bij arbeidsmarktbeleid (strategisch partnership). Programma technologie en inclusie (zoals virtual reality en augmented reality) inzetten om werkzoekenden op te leiden voor de toekomst. We spelen in op de krapper wordende arbeidsmarkt. Netto risico 200.000 euro
44
4. Kwetsbaarheid rondom ICT-infrastructuur/cybersecurity Toelichting Computercriminaliteit is één van de grootste risico’s geworden. Veilige en betrouwbare ICT is essentieel voor onze organisatie. Een moedwillige of een onopzettelijke verstoring door technische, menselijk of natuurlijke oorzaken kan leiden tot uitval van de ICT-infrastructuur. Kans op grote financiële verliezen. Bruto risico 1.200.000 euro Maatregelen Onze ICT-infrastructuur is ondergebracht in een extern datacentrum bij een professionele ICT-dienstverlener met een gecertificeerd uitwijk- en backupsysteem. Wij voldoen aan DigiD- en Suwinet-audits. Er is een informatiebeveiligingsbewustwordingscampagne voor de medewerkers. Met ICT-leveranciers dekken we informatiebeveiliging af in de SLA’s. Onze (mobiele) hardware voorzien we van de beveiligingsinstellingen en updates. Acties voor informatiebeveiliging en privacy staan in jaarplannen. Deze sluiten aan op het Informatiebeleidsplan waarvan de geactualiseerde versie in 2024 is vastgesteld. Wij werken aan rolgebaseerde autorisaties. Netto risico 800.000 euro
5. Toename problematiek en meer multiproblematiek bij de doelgroep Toelichting De eisen van de werkgevers nemen toe en de huidige doelgroep heeft multiproblematiek. Dit vraagt een forse tijdsinvestering van onze organisatie mede door afstemming met andere organisaties. Steeds meer mensen hebben psychische klachten en de ernst van deze klachten neemt toe. Door het dalende bestand Wet sociale werkvoorziening (Wsw) raken we de opgebouwde infrastructuur voor Wsw kwijt. Steeds meer niet-uitkeringsgerechtigden en vso pro jongeren doen een beroep op de dienstverlening van Werkzaak. Voor deze mensen is geen toereikende financiering. Ook zijn er steeds meer mensen (zoals voormalig Wajongers) die met hogere loonwaarde kunnen werken als er duurzaam begeleiding is. De verwachte toenemende schuldenproblematiek maakt de stap naar werk groter én kan intern tot meer kosten leiden (zoals loonbeslag). Bruto risico 650.000 euro Maatregelen Goed opleidingsapparaat en inzet van effectieve instrumenten die de kansen van deze groep vergroten. Instrumentarium aanpassen (Keuzehulp instrumenten Eva) en regie zoveel mogelijk in eigen hand organiseren (onder andere monitoring ontwikkeling caseload). Om in de toekomst als sociaal ontwikkelbedrijf even effectief te blijven, moet de infrastructuur vanuit de Wsw blijven. Monitoren en bijsturen inzet participatiebudget.
In kaart brengen en beter inrichten van de informatievoorziening rondom groei niet uitkeringsgerechtigden en vso pro jongeren en (financiële) businesscase met gemeenten gaan bespreken. Netto risico 250.000 euro
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
45
6. Omzetdoelstelling wordt niet gehaald onder meer door de actualisering prijsbeleid. Toelichting De mogelijkheden om omzet te genereren staan onder druk doordat de afstand tot de arbeidsmarkt van de zittende doelgroep toeneemt. Ook het aantal dienstverbanden daalt. Dit zet de kwaliteit van de dienstverlening (groepsdetacheringen en schoonmaak) onder druk. De gecontracteerde diensten kunnen niet geleverd worden waardoor de omzet daalt. Ook de stijging van de (loon)kosten kan ervoor zorgen dat leveranciers afhaken. Ook de schaarste van grondstoffen zorgt er voor dat er vertraging optreedt in het productieproces. Het toenemend aantal faillissementen vergroot de kans dat onze facturen niet betaald worden. Daarnaast is er een kans dat ondernemers afhaken door het invoeren van een eerlijke hogere prijs in een kort tijdsbestek (actualisering van het prijsbeleid). Bruto risico 1.200.000 euro Maatregelen De concurrentiepositie verbeteren, het prijsbeleid actualiseren en stringenter toepassen en effectievere begeleiding met als doel efficiëntere productie. Inzetten van innovaties uit het programma Technologie en inclusie. Investeren in achterstallig onderhoud en verdere vervanging van oude machines met de extra toegekende gelden. Aandacht voor het landelijk project Simpel switchen in de participatieketen.
Strategisch partnerschappen (zoals Cirtex) aangaan met werkgevers om samen risico’s te spreiden. Het debiteurenbeheer is al aangescherpt. Netto risico 600.000 euro
7. Krapte op de arbeidsmarkt Toelichting Er is blijvende krapte op de arbeidsmarkt onder meer door meer vergrijzing en ontgroening. Het wordt moeilijker om (ambtelijke) vacatures goed in te vullen en personeel te behouden. We moeten mogelijk langer en vaker personeel inhuren. Krapte op de markt leidt tot prijsverhoging en concurrentie. Dit kan ook leiden tot te hoge werkdruk en meer ziekteverzuim. Bruto risico 700.000 euro Maatregelen Profileren op prettige werkbeleving, ontwikkel- en omscholingsmogelijkheden, aantrekkelijk werkgeverschap en onderzoek naar (digitale) kansen en ontwikkelingen. Daarnaast monitoren van salarisontwikkelingen in de markt en waar nodig daarop bijsturen. Netto risico 350.000 euro
46
8. Bedrijfsonderbreking Toelichting Door verschillende oorzaken en de verwevenheid ervan lopen we steeds meer kans op bedrijfsonderbrekingen. We moeten leren leven met een nieuwe werkelijkheid waarvan Corona of andere ziekten, cybercrime, rampen, energiecrisis, haperende energie- en watervoorziening, recessie en gevolgen van klimaatveranderingen deel uit maken. Verliezen als gevolg hiervan kunnen volgens experts tot 45% meer kosten dan de materiële schade door dergelijke incidenten. Tegenwoordig zijn de (grondstof)toeleveringsketens van veel bedrijven veel meer geïntegreerd, dus de financiële impact van een bedrijfsonderbreking wordt steeds groter. Bruto risico 1.000.000 euro Maatregelen De ontwikkelingen blijven volgen en beoordelen welke gevolgen de nieuwe situatie heeft. Alert blijven op mogelijke andere oorzaken die tot bedrijfsonderbreking kunnen leiden en daar waar mogelijk op anticiperen (denk aan scenarioanalyses). Netto risico 700.000 euro
We onderkennen naast de hierboven gekwantificeerde risico’s ook risico’s zoals imagoschade. Gezien de aard hiervan verbinden we er geen bedragen aan. De belangrijkste beheersmaatregel is het streven naar kwaliteit en transparantie. Onvoorzien Het is wettelijk voorgeschreven dat er een post onvoorzien moet worden opgenomen in de begroting voor het opvangen van onvermijdbare en onuitstelbare kosten die ten tijde van het opstellen van de begroting niet zijn voorzien. Wat de hoogte van deze post zou moeten zijn is echter niet verplicht. In de begroting 2026 van Werkzaak is hiervoor een bedrag opgenomen van 44.000 euro per jaar. Frauderisico Wij onderkennen mogelijke frauderisico’s op verschillende gebieden zoals cybercrime, inkoop, en uitkeringen. Voor preventie werken wij met functiescheiding, mandaatregeling en andere relevante normenkaders. Aanvullende maatregelen zijn een zorgvuldig personeelsbeleid, een jaarlijkse gesprekscyclus en wij verwachten van ons management een voorbeeldfunctie. Voor het proces uitkeringen zijn zoveel beheersmaatregelen genomen dat we het frauderisico laag inschatten. Denk aan een GBA-koppeling, ingebouwde proces- en ICT-controles, normeringen, functiescheiding, raadplegen Suwinet en inzet sociale recherche. Er is een formeel vastgestelde frauderisicoanalyse die periodiek geactualiseerd wordt.
Stille reserve Tegenover de risico’s staan ook stille reserves. Werkzaak heeft in 2024 de aandelen Dariuz verkocht en daardoor is er geen stille reserve meer aanwezig.
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
47
6.1.2 Beschikbare weerstandscapaciteit en weerstandsvermogen Op grond van wettelijke voorschriften kan Werkzaak verplicht worden voorzieningen te vormen voor kwantificeerbare risico’s, verplichtingen en verliezen. Het beleid voor de vorming van het weerstandsvermogen staat in de gemeenschappelijke regeling Werkzaak Rivierenland. Als het resultaat op het Programma bedrijfsvoering het toelaat mag tot een plafond van 3% van de jaarlijkse exploitatielasten worden toegevoegd aan het weerstandsvermogen. Op basis van de begrote lasten over 2024 is het plafond bepaald op circa 3,561 miljoen euro. Het weerstandsvermogen dat nodig is om de netto risico’s af te dekken is 2,5 miljoen euro. Op de balansdatum is het weerstandsvermogen (Algemene reserve) 2,5 miljoen euro. Dit betekent een ratio van 1 ten opzichte van het benodigde weerstandsvermogen als afdekking van de risico’s. Vermogen (bedragen * € 1.000) 2026 Beschikbare weerstandscapaciteit
2.500
Benodigde weerstandscapaciteit (risico's)
2.500
Ratio weerstandsvermogen
1,00
6.1.3 Financiële kengetallen Het Besluit begroting en verantwoording (BBV) bepaalt dat een basisset van financiële kengetallen moet worden opgenomen in de begroting en jaarrekening. Deze kengetallen hebben als doel om een gemakkelijk meer inzicht te geven in onze financiële positie. Het gaat om de volgende kengetallen: • Netto schuldquote • Netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) • Solvabiliteitsratio • Structurele exploitatieruimte Financiële kengetallen Netto schuldquote
2024
2025
2026
2027
2028
2029
1,06%
1,80%
1,33%
1,04%
0,66%
0,24%
Netto schuldquote (gecorrigeerd voor leningen)
0,30%
1,10%
0,64%
0,34%
-0,05%
-0,47%
Solvabiliteitsratio
24,95%
17,98%
19,49%
19,29%
19,20%
19,07%
Structurele exploitatieruimte
1,33%
0,00%
0,00%
0,00%
0,00%
0,00%
48
Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van onze schuldenlast tegenover onze eigen middelen. Het geeft een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Omdat er bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, maken wij bij de berekening van de netto schuldquote onderscheid tussen het kengetal inclusief en exclusief de doorgeleende gelden. Dat maakt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dat betekent voor de schuldenlast. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin wij in staat zijn om aan onze financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio verstaan wij het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal. Ons eigen vermogen bestaat volgens artikel 42 van het BBV uit de reserves (algemene- en bestemmingsreserve) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een organisatie heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting onderscheiden we structurele en incidentele lasten.
De structurele exploitatieruimte wordt uitgedrukt in een percentage. Het bestaat uit het saldo van structurele baten en lasten en het saldo van structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten.
Circulaire economie en inclusie versterken elkaar - samen werken we aan een duurzame toekomst
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
49
6.2 Financiering Algemene ontwikkelingen Werkzaak Rivierenland hanteert een gedegen en verantwoord financieel beleid. We bewaken onze financiële situatie goed en nemen geen onnodige risico’s. Net zoals een huishouden zijn uitgaven plant, beheren wij onze begroting met focus op stabiliteit en efficiëntie. De treasuryfunctie van Werkzaak valt onder wettelijke regels, zoals de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido), de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo), de Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof) en het verplicht schatkistbankieren. Interne ontwikkelingen Volgens de financiële regels van 2023 blijft Werkzaak de geldstromen zorgvuldig beheren. We zetten middelen slim in en houden onze uitgaven scherp in de gaten. Ons beleid richt zich op: • Optimalisatie van interne financieringsmiddelen. • Beperking van externe financieringsrisico’s. • Handhaving van een solide liquiditeitspositie. • Korte termijn liquiditeitsplanning met een looptijd tot één jaar. Externe ontwikkelingen Economische veranderingen en wijzigingen in wet- en regelgeving kunnen invloed hebben op onze financiële situatie. We volgen deze ontwikkelingen goed en spelen hier proactief op in. Door de bestaande langlopende huisvestingslening heeft Werkzaak geen aparte rentevisie. Risicobeheer Werkzaak werkt aan financiële stabiliteit en transparantie.
Onze kasgeldlimiet zorgt ervoor dat we niet afhankelijk worden van kortlopende leningen. Ook houden we de risico’s van rentewijzigingen goed in de gaten. Kasgeldlimiet • Percentage voor 2026: 8,5% van de begroting. • Begrotingsomvang: actueel te bepalen. • Geen gebruik van kasgeldleningen gepland. Renterisico • Renterisiconorm: maximaal 20% van het begrotingstotaal. • Jaarlijkse aflossing: voorlopig geraamd op 105.000 euro. Renteschema (* € 1) 2026
2027
2028
2029
Externe rentelasten
46.500
46.500
46.500
46.500
Externe rentebaten
-
-
-
-
46.500
46.500
46.500
46.500
Saldo rentebaten en rentelasten Rente van projectfinanciering
-
-
-
-
46.500
46.500
46.500
46.500
Rente over voorzieningen
-
-
-
-
Rente over eigen vermogen
-
-
-
-
Aan taakveld toe te rekenen rente
-
-
-
-
Renteomslag 0%
-
-
-
-
46.500
46.500
46.500
46.500
Taakveld toerekenen externe rente
Totaal
50
Werkzaak blijft de kredietrisico’s minimaliseren door: • Continue monitoring van financiële posities. • Adequate voorzieningen. • Beperking van uitzettingen van geldmiddelen. Frauderisico Het beheersen van frauderisico’s is een belangrijk onderdeel van onze financiële processen. We richten ons vooral op risico’s met bancaire middelen. Onze risicoanalyse kijkt naar kwetsbaarheden zoals: • Ongeautoriseerde financiële transacties. • Manipulatie van betaalprocessen. • Mogelijke interne en externe fraudemechanismen. Om deze risico’s te verkleinen, gebruiken we strikte beheersmaatregelen: • Vier-ogenprincipe bij financiële goedkeuringen. • Periodieke interne controles en audits. • Functiescheiding binnen financiële processen. Dankzij deze maatregelen worden de frauderisico’s als ‘laag’ gekwalificeerd. We blijven elke keer evalueren en onze controlesystemen aanscherpen. Financieringsbehoefte Werkzaak voert een solide en evenwichtige financieringsstrategie. We gebruiken onze eigen reserves zo goed mogelijk en maken alleen gebruik van externe financiering als dat nodig is. Onze vaste activa worden gefinancierd met lang vermogen. Dit gebeurt deels via een langlopende lening bij de BNG en deels met eigen vaste financieringsmiddelen (reserves). Onze financiële situatie is sterk, en de financieringsverhoudingen op basis van de verwachte balans zijn gezond.
Lening portefeuille (bedragen * € 1.000) Oorspr.
Rente
Looptijd
hoofdsom Lening BNG
4.200
Totaal
4.200
Afgelost in
(jaren) 1,40%
40
2056
Stand per
Stand per
31-12-25
31-12-26
3.255
3.150
3.255
3.150
Financieringsbehoefte (bedragen * € 1.000) Boekwaarde per 31-12-2025
Boekwaarde per 31-12-2026
7.356
6.873
(reserves en voorzieningen)
5.186
5.102
Langlopende lening (BNG)
3.255
3.150
Totaal financieringsmiddelen
8.441
8.252
Financieringstekort/overschot
1.085
1.379
Totaal te financieren kapitaalgoederen
Eigen vaste financieringsmiddelen
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
51
6.3 Bedrijfsvoering Talent werkt voor Rivierenland Bij Werkzaak Rivierenland werken we vanuit onze kernwaarden: meedoen, verbinden en ontwikkelen. Deze waarden zijn onze leidraad bij dagelijkse keuzes en beslissingen op lange termijn. We werken volgens de bedoeling van de wet en gebruiken systemen en regels als hulpmiddel om onze ambitie te bereiken: Elk talent in Rivierenland zien en benutten. Hierbij bieden we maatwerk waar dat nodig is. Interne controle In 2026 maken we onze interne controle sterker. Dit doen we door technologie, verbeterde processen en gerichte professionalisering. We gebruiken data om risico’s sneller en nauwkeuriger te herkennen en zetten automatische hulpmiddelen in om processen te controleren. We verbeteren onze processen verder met een nieuw systeem om onnodige stappen weg te halen. Ook breiden we onze controles op IT uit. Hierdoor kunnen we risico’s in IT-systemen beter aanpakken. Onze audits kijken naar hele processen in plaats van losse taken. Dit geeft ons meer inzicht en een sterkere manier om te controleren. We letten ook meer op zaken zoals cultuur en eerlijk gedrag binnen de organisatie, de zogenaamde ‘soft controls’. Tegelijk zorgen we dat we voldoen aan wetten, klantgericht blijven en efficiënt werken. Zo dragen we bij aan de doelen van de organisatie. Informatiebeveiliging en privacy Het beschermen van informatie is heel belangrijk.
We zorgen dat gegevens veilig blijven en niet ongewenst worden veranderd of gebruikt. Ook maken we informatie betrouwbaar beschikbaar. Omdat onze cliënten niet naar een andere dienstverlener kunnen, hebben wij de taak om hun vertrouwelijke gegevens goed te beschermen. Daarom werken we continu aan informatieveiligheid, privacy en gegevensbescherming binnen onze organisatie. Cybercriminaliteit, zowel in Nederland als daarbuiten, neemt toe. Dit betekent dat we onze systemen en regels steeds moeten aanpassen en versterken. Nieuwe ontwikkelingen, zoals de NIS2-richtlijn en het gebruik van AI, vragen om goede controle en verbetering van onze beveiliging. Daarnaast geven we voorlichting aan medewerkers, door middel van bewustwordingscampagnes, zodat zij de risico’s begrijpen en verantwoordelijk omgaan met gegevens. ICT en informatiemanagement Onze doelstellingen voor ICT en informatiemanagement staan in het informatiebeleidsplan 2024-2027. In 2026 richten we ons op de verdere invoeringen van de Moderne Werkplek, het overzetten van applicaties naar de cloud en het opnieuw bekijken en moderniseren van ons ERP- en financiële systeem. We gebruiken AI-oplossingen alleen als deze veilig, privé en ethisch verantwoord zijn.
52
Inkoopbeleid In 2026 wordt een deel van onze software aanbesteed. Hiernaast worden op basis van de inkoopkalender en nieuwe inkoopbehoeftes, contracten herzien of wordt een nieuwe rechtmatige inkoopprocedure gestart. Vanuit inkoop wordt niet alleen vanuit noodzaak, doelmatigheid en rechtmatigheid gestuurd. Ook efficiëntie, partnerschap en gezamenlijke waarde creatie zetten we in zodat de inkoop zoveel mogelijk bijdraagt aan onze maatschappelijke doelen; zoals sociale werkplekken, de lokale economie en duurzaamheid. Wij zoeken bij het vergroten van de SROI actief de samenwerking met onze gemeenten en de markt. Bedrijfsvoeringsresultaat 2026 (in €) Totaal
Inkomen
SW
Beschut
SW LKS
Participatie
Overhead
24.474.600
7.315.800
4.569.700
1.379.200
294.400
5.521.200
5.394.300
318.500
25.000
-
-
-
-
293.500
Kosten hallen Poppenbouwing
1.033.100
-
484.300
205.100
-
85.500
258.200
Materiele kosten
4.676.200
-
-
-
-
-
4.676.200
536.300
536.300
-
-
-
-
-
Lasten Salarissen Doelgroepprofessionals
Directe kosten Inkomen Inleenvergoeding Projecten Totaal lasten
3.886.400
2.278.800
1.607.600
-
-
-
-
-
34.925.100
7.877.100
5.054.000
3.863.100
294.400
-
1.383.400
4.536.000
5.681.200
1.624.700
1.021.000
5.681.200
3.008.100
-
7.214.300 10.622.200
Baten Participatiebudget
5.919.400
Netto omzet
8.326.800
Reserve Totaal baten
14.246.200
Saldo van baten en lasten
20.678.900
Verdeling overhead Totaal
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
0
0
5.557.000
0
7.877.100
-627.200
855.000
294.400
1.657.300 10.622.200
3.922.300
2.700.400
846.500
157.300
2.995.700 -10.622.200
20.678.900 11.799.400
2.073.200
1.701.500
451.700
4.653.000
0
53
6.4 Verbonden partijen Stichting Flex & Zeker Omschrijving Vestigingsplaats
Geldermalsen
Rechtspositie
Stichting
Doel en openbaar belang
Arbeidsbemiddeling
Zeggenschap
Directeur Werkzaak Rivierenland
Bestuurlijk Belang
100% eigenaar
Betrokkene
GR Werkzaak Rivierenland
Risico's
Deze komen voor rekening van GR Werkzaak Rivierenland
Relatie met programma's
Arbeidsparticipatie en Begeleide participatie
Eigen Vermogen
per 31-12-2023 € 0 per 31-12-2024 € 0
Vreemd vermogen
per 31-12-2023 € 0 per 31-12-2024 € 0
Financieel resultaat
€0
Risico's
Vanwege de fiscale eenheid komen de risico's voor GR Werkzaak Rivierenland
Veranderingen in het jaar
Er hebben zich geen veranderingen voorgedaan
Ontwikkelingen
Er zijn geen ontwikkelingen
Stichting Werkzaak Plus Omschrijving Vestigingsplaats
Geldermalsen
Rechtspositie
Stichting
Doel en openbaar belang
• Het voorzien in de flexibiliteitsbehoefte van werkgevers door medewerkers met een afstand
tot de arbeidsmarkt en overige werkzoekenden onder begeleiding van mentoren in de gelegenheid te stellen werkzaamehden te verrichten voor werkgevers. • Het zijn van de formele werkgever voor een deel van het staf- en kaderpersoneel
Zeggenschap
Deelnemende gemeenten van GR Werkzaak Rivierenland
Bestuurlijk Belang
100% eigenaar
Betrokkene
GR Werkzaak Rivierenland
Risico's
Geen
Relatie met programma's
Inkomensondersteuning, Arbeidsparticipatie, Begeleide participatie en Bestuur en Ondersteuning
Eigen Vermogen
per 31-12-2023 € 0 per 31-12-2024 € 0
Vreemd vermogen
per 31-12-2023 € 0 per 31-12-2024 € 0
Financieel resultaat
€0
Risico's
Vanwege de fiscale eenheid komen de risico's voor GR Werkzaak Rivierenland
Veranderingen in het jaar
Er hebben zich geen veranderingen voorgedaan
Ontwikkelingen
Er zijn geen ontwikkelingen
54
Coöperatie Circulair Textiel Rivierenland U.A. Omschrijving Vestigingsplaats
Geldermalsen
Rechtspositie
Coöperatie
Doel en openbaar belang
De Coöperatie heeft ten doel te voorzien in de stoffelijke behoeften van haar Leden door met hen deelnemersovereenkomsten te sluiten in het na te noemen bedrijf dat zij te dien einde ten behoeve van haar leden uitoefent of doet uitoefenen, te weten: a. het voor en met haar leden opzetten en het exploiteren van een (circulair) textielsorteercentrum waarbij het ingezamelde textiel wordt gesorteerd, bewerkt en verkocht, al dan niet tezamen met samenwerkingspartners, hoofdzakelijk in maar niet beperkt tot de regio Rivierenland. b. het bijdragen aan de maatschappelijke ondersteuning van onder meer mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en van hun netwerk in de samenleving ten behoeve van een zo zelfstandig mogelijke economische positie en hun participatie op de arbeidsmarkt; c. het bijdragen aan een sociaal, economisch en ecologische maatschappij voor een duurzame toekomst op basis van een circulair, inclusief en maatschappelijk verantwoord businessmodel.
Zeggenschap
Gezamenlijk bevoegd (met andere bestuurder(s), zie statuten)
Bestuurlijk Belang
Mede invloed aanwenden op circulaire en inclusieve arbeidsmarkt en samenleving.
Betrokkene
GR Werkzaak Rivierenland
Risico's
Voorziene exploitatietekorten eerste jaren (Wel garantstelling dekking tot een maximum van 240.000 euro door Werkzaak) en het verstrekken van de lening van 350.000 euro voor de financiering van de inrichting van het sorteercentrum door Avri. Overige relevante risico’s zijn prijsinstabiliteit resttextiel, realisatie bemensing.
Relatie met programma's
Sociaal ondernemerschap, circulaire economie
Eigen Vermogen
per 31-12-2022 € 0 per 31-12-2023 € 0
Vreemd vermogen
per 31-12-2022 € 0 per 31-12-2023 € 0
Financieel resultaat
Verlies over 2023: € 0,-
Risico's Veranderingen in het jaar
Er hebben zich geen veranderingen voorgedaan.
Ontwikkelingen
In 2024 is de circulaire Textielmarkt ingestort. Dit heeft invloed op omzet en het resultaat van Cirtex. Hierop zijn door de moedermaatschappijen ingrepen gedaan.
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
55
Patricia werkt volledig thuis voor DOEN congressen en evenementen
56
Patricia combineert haar rol als mantelzorger met een baan bij DOEN congressen en evenementen. Toen haar zoon weer vaker naar school kon, besloot ze te werken, zoveel mogelijk vanuit huis. Tijdens een proefplaatsing bleek het een perfecte match, en inmiddels heeft ze een contract. Patricia is de rechterhand van eigenaar Astrid Potjes en regelt praktische zaken zoals inschrijvingen voor congressen.
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
Ze plant haar werktijden flexibel, waardoor ze zowel kan werken als voor haar gezin kan zorgen. “Deze baan geeft me energie. Het is fijn om weer iets van mezelf te hebben,” zegt Patricia. Ze geniet van de samenwerking en de balans tussen werk en privé. Haar verhaal laat zien hoe belangrijk een goede werkplek is voor persoonlijke groei en welzijn.
57
Bijlage 1: Bijdragen gemeenten Bijdrage 2026 Buren
Culemborg
Maasdriel
Neder-
Tiel
West Betuwe
Betuwe
West Maas
Zaltbommel
Totaal
en Waal
Netto lasten BUIG
-
8.866.900
3.889.500
-
18.246.200
8.796.500
3.328.200
5.404.900
48.532.200
Stelpost BUIG
-
-350.800
468.700
-
1.588.000
-305.600
-61.200
346.600
1.685.700
Netto lasten BUIG LKS
-
756.000
621.800
-
2.302.700
1.246.700
520.800
812.300
6.260.300
Stelpost LKS
-
68.800
42.600
-
409.600
426.300
189.900
57.200
1.194.400
Lasten BBZ
-
-
-3.100
-
-7.600
-12.200
-1.500
-7.600
-32.000
Lasten Bijzondere bijstand
-
13.600
5.700
-
28.600
13.200
5.200
8.200
74.500
1.778.100
3.247.700
1.383.000
1.019.200
7.396.000
3.021.400
-
2.767.800
20.613.200
Lasten SW
-
1.066.900
750.700
-
2.740.000
1.151.600
725.600
964.500
7.399.300
Lasten DVO's
Lasten Participatiebudget
42.200
-
-
42.200
-
-
850.900
-
935.300
Lasten bedrijfsvoering
267.200
3.466.200
1.687.600
177.600
7.806.500
3.508.000
1.296.800
2.469.000
20.678.900
Totale lasten begroting
2.087.500
17.135.300
8.846.500
1.239.000
40.510.000
17.845.930
6.854.700
12.822.900 107.341.800
42.200
-
-
42.200
-
-
850.900
-
935.300
Rijksvergoeding BUIG
-
8.516.100
4.358.200
-
19.834.200
8.490.900
3.267.000
5.751.500
50.217.900
Rijksvergoeding LKS
-
824.800
664.400
-
2.712.300
1.673.000
710.700
869.500
7.454.700
-
13.600
2.600
-
21.000
1.000
3.700
600
42.500
1.868.400
3.526.200
1.422.100
1.074.700
8.397.100
3.172.100
-
2.842.500
22.303.100
-
1.066.900
750.700
-
2.740.000
1.151.600
725.600
964.500
7.399.300
bedrijfsvoering SW
210.400
407.400
166.200
139.800
900.400
345.400
-
355.400
2.525.000
Bijdrage toeslag SW
51.000
-
-
32.000
-
-
-
-
83.000
-
1.405.700
680.300
-
3.145.600
1.405.900
579.900
941.400
8.158.800
5.800
1.653.100
841.100
5.800
3.760.500
1.756.700
716.900
1.172.200
9.912.100
2.177.800
17.413.800
8.885.600
1.294.500
41.511.100
17.996.630
6.854.700
Bijdrage gemeenten voor DVO's
Bijdrage gemeenten BBZ en bijz bijstand Rijksvergoeding SW Rijksvergoeding participatiebudget Bijdrage gemeenten
Bijdrage gemeenten bedrijfsvoering gemeentefonds Bijdrage gemeenten bedrijfsvoering p-wet Totale bijdragen van gemeenten
12.897.600 109.031.700
Subsidieresultaat SW
90.300
278.500
39.100
55.500
1.001.100
150.700
-
74.700
1.689.900
Totaal subsidieresultaat
90.300
278.500
39.100
55.500
1.001.100
150.700
-
74.700
1.689.900
58
Bijdrage 2027 Buren
Culemborg
Maasdriel
Neder-
Tiel
West Betuwe
Betuwe
West Maas
Zaltbommel
Totaal
en Waal
Netto lasten BUIG
-
8.742.900
3.835.600
-
17.992.100
8.674.700
3.281.700
5.330.000
47.857.000
Stelpost BUIG
-
-346.700
461.200
-
1.562.700
-303.400
-60.700
340.500
1.653.600
Netto lasten BUIG LKS
-
745.400
613.000
-
2.270.800
1.229.300
513.400
801.000
6.172.900
Stelpost LKS
-
67.800
42.000
-
403.300
420.200
187.300
56.200
1.176.800
Lasten BBZ
-
-
-3.000
-
-7.700
-12.200
-1.500
-7.600
-32.000
Lasten Bijzondere bijstand
-
13.600
5.700
-
28.600
13.200
5.200
8.200
74.500
1.671.400
3.052.800
1.300.000
958.000
6.952.300
2.840.100
-
2.601.800
19.376.400
Lasten SW
-
1.099.600
779.400
-
2.831.800
1.183.800
756.800
998.200
7.649.600
Lasten DVO's
Lasten Participatiebudget
42.200
-
-
42.200
-
-
850.900
-
935.300
Lasten bedrijfsvoering
297.200
3.560.500
1.736.300
193.800
8.031.100
3.612.800
1.315.500
2.550.000
21.297.200
Totale lasten begroting
2.010.800
16.935.900
8.770.200
1.194.000
40.065.000
17.658.500
6.848.600
12.678.300 106.161.300
42.200
-
-
42.200
-
-
850.900
-
935.300
Rijksvergoeding BUIG
-
8.396.200
4.296.800
-
19.554.800
8.371.300
3.221.000
5.670.500
49.510.600
Rijksvergoeding LKS
-
813.200
655.000
-
2.674.100
1.649.500
700.700
857.200
7.349.700
-
13.600
2.700
-
20.900
1.000
3.700
600
42.500
1.846.300
3.438.900
1.357.600
1.083.900
8.308.200
3.067.700
-
2.764.100
21.866.700
-
1.099.600
779.400
-
2.831.800
1.183.800
756.800
998.200
7.649.600
bedrijfsvoering SW
243.500
468.400
193.000
158.100
1.041.800
402.400
-
404.900
2.912.100
Bijdrage toeslag SW
48.000
-
-
30.000
-
-
-
-
78.000
-
1.400.600
679.300
-
3.136.300
1.404.500
579.100
940.300
8.140.100
5.700
1.691.500
864.000
5.700
3.853.000
1.805.900
736.400
1.204.800
10.167.000
2.185.700
17.322.000
8.827.800
1.319.900
41.420.900
17.886.100
6.848.600
Bijdrage gemeenten voor DVO's
Bijdrage gemeenten BBZ en bijz bijstand Rijksvergoeding SW Rijksvergoeding participatiebudget Bijdrage gemeenten
Bijdrage gemeenten bedrijfsvoering gemeentefonds Bijdrage gemeenten bedrijfsvoering p-wet Totale bijdragen van gemeenten
12.840.600 108.651.600
Subsidieresultaat SW
174.900
386.100
57.600
125.900
1.355.900
227.600
-
162.300
2.490.300
Totaal subsidieresultaat
174.900
386.100
57.600
125.900
1.355.900
227.600
-
162.300
2.490.300
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
59
Bijdrage 2028 Buren
Culemborg
Maasdriel
Neder-
Tiel
West Betuwe
Betuwe
West Maas
Zaltbommel
Totaal
en Waal
Netto lasten BUIG
-
8.680.900
3.808.600
-
17.864.800
8.614.000
3.258.600
5.292.600
47.519.500
Stelpost BUIG
-
-284.700
488.200
-
1.690.000
-242.700
-37.600
377.900
1.991.100
Netto lasten BUIG LKS
-
740.200
608.800
-
2.254.500
1.220.600
509.800
795.200
6.129.100
Stelpost LKS
-
73.000
46.200
-
419.600
428.900
190.900
62.000
1.220.600
Lasten BBZ
-
-
-3.000
-
-7.700
-12.200
-1.500
-7.600
-32.000
Lasten Bijzondere bijstand
-
13.600
5.700
-
28.600
13.200
5.200
8.200
74.500
1.571.100
2.869.700
1.222.100
900.500
6.535.100
2.669.700
-
2.445.600
18.213.800
Lasten SW
-
1.128.200
804.500
-
2.911.800
1.209.500
785.200
1.027.100
7.866.300
Lasten DVO's
Lasten Participatiebudget
42.200
-
-
42.200
-
-
850.900
-
935.300
Lasten bedrijfsvoering
319.600
3.606.600
1.760.900
205.600
8.144.700
3.666.900
1.318.700
2.594.300
21.617.300
Totale lasten begroting
1.932.900
16.827.500
8.742.000
1.148.300
39.841.400
17.567.900
6.880.200
12.595.300 105.535.500
42.200
-
-
42.200
-
-
850.900
-
935.300
Rijksvergoeding BUIG
-
8.396.200
4.296.800
-
19.554.800
8.371.300
3.221.000
5.670.500
49.510.600
Rijksvergoeding LKS
-
813.200
655.000
-
2.674.100
1.649.500
700.700
857.200
7.349.700
-
13.600
2.700
-
20.900
1.000
3.700
600
42.500
1.757.600
3.347.500
1.269.500
1.052.000
8.195.500
3.044.900
-
2.659.600
21.326.600
-
1.128.200
804.500
-
2.911.800
1.209.500
785.200
1.027.100
7.866.300
bedrijfsvoering SW
269.100
515.600
213.900
172.100
1.151.700
446.900
-
443.100
3.212.400
Bijdrage toeslag SW
45.000
-
-
28.000
-
-
-
-
73.000
-
1.394.800
677.700
-
3.125.200
1.401.900
577.800
938.500
8.115.900
5.500
1.696.200
869.300
5.500
3.867.800
1.818.100
740.900
1.212.700
10.216.000
2.119.400
17.305.300
8.789.400
1.299.800
41.501.800
17.943.100
6.880.200
Bijdrage gemeenten voor DVO's
Bijdrage gemeenten BBZ en bijz bijstand Rijksvergoeding SW Rijksvergoeding participatiebudget Bijdrage gemeenten
Bijdrage gemeenten bedrijfsvoering gemeentefonds Bijdrage gemeenten bedrijfsvoering p-wet Totale bijdragen van gemeenten
12.809.300 108.648.300
Subsidieresultaat SW
186.500
477.800
47.400
151.500
1.660.400
375.200
-
214.000
3.112.800
Totaal subsidieresultaat
186.500
477.800
47.400
151.500
1.660.400
375.200
-
214.000
3.112.800
60
Bijdrage 2029 Buren
Culemborg
Maasdriel
Neder-
Tiel
West Betuwe
Betuwe
West Maas
Zaltbommel
Totaal
en Waal
Netto lasten BUIG
-
8.680.900
3.808.600
-
17.864.800
8.614.000
3.258.600
5.292.600
47.519.500
Stelpost BUIG
-
-284.700
488.200
-
1.690.000
-242.700
-37.600
377.900
1.991.100
Netto lasten BUIG LKS
-
740.200
608.800
-
2.254.500
1.220.600
509.800
795.200
6.129.100
Stelpost LKS
-
73.000
46.200
-
419.600
428.900
190.900
62.000
1.220.600
Lasten BBZ
-
-
-3.000
-
-7.700
-12.200
-1.500
-7.600
-32.000
Lasten Bijzondere bijstand
-
13.600
5.700
-
28.600
13.200
5.200
8.200
74.500
1.476.800
2.697.500
1.148.700
846.500
6.143.000
2.509.500
-
2.298.900
17.120.900
Lasten SW
-
1.160.800
832.800
-
3.003.000
1.240.400
816.000
1.060.300
8.113.300
Lasten DVO's
Lasten Participatiebudget
42.200
-
-
42.200
-
-
850.900
-
935.300
Lasten bedrijfsvoering
343.100
3.650.200
1.783.900
218.800
8.252.400
3.717.400
1.319.800
2.636.100
21.921.700
Totale lasten begroting
1.862.100
16.731.500
8.719.900
1.107.500
39.648.200
17.489.100
6.912.100
12.523.600 104.994.000
42.200
-
-
42.200
-
-
850.900
-
935.300
Rijksvergoeding BUIG
-
8.396.200
4.296.800
-
19.554.800
8.371.300
3.221.000
5.670.500
49.510.600
Rijksvergoeding LKS
-
813.200
655.000
-
2.674.100
1.649.500
700.700
857.200
7.349.700
-
13.600
2.700
-
20.900
1.000
3.700
600
42.500
1.688.000
3.201.200
1.279.600
1.060.300
7.834.300
2.888.400
-
2.500.500
20.452.300
-
1.160.800
832.800
-
3.003.000
1.240.400
816.000
1.060.300
8.113.300
bedrijfsvoering SW
295.700
564.300
235.500
186.400
1.265.100
492.800
-
482.300
3.522.100
Bijdrage toeslag SW
42.000
-
-
27.000
-
-
-
-
69.000
-
1.392.500
677.800
-
3.121.900
1.402.600
577.800
938.800
8.111.400
5.400
1.693.400
870.600
5.400
3.865.400
1.822.000
742.000
1.215.000
10.219.200
2.073.300
17.235.200
8.850.800
1.321.300
41.339.500
17.868.000
6.912.100
Bijdrage gemeenten voor DVO's
Bijdrage gemeenten BBZ en bijz bijstand Rijksvergoeding SW Rijksvergoeding participatiebudget Bijdrage gemeenten
Bijdrage gemeenten bedrijfsvoering gemeentefonds Bijdrage gemeenten bedrijfsvoering p-wet Totale bijdragen van gemeenten
12.725.200 108.325.400
Subsidieresultaat SW
211.200
503.700
130.900
213.800
1.691.300
378.900
-
201.600
3.331.400
Totaal subsidieresultaat
211.200
503.700
130.900
213.800
1.691.300
378.900
-
201.600
3.331.400
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
61
Bijlage 2: Begroting per taakveld Bedragen (in €) Rekening
Begroting Begroting
Meerjarenraming
2024
2025
2026
2027
2028
2029
0.1 Bestuur
93.400
120.400
124.400
124.400
124.400
124.400
0.4 Overhead
10.665.000
11.183.500
11.488.100
11.540.200
11.498.600
11.507.000
0.5 Treasury
50.900
46.500
46.500
46.500
46.500
46.500
0.8 Overige baten en lasten
-
44.000
44.000
44.000
44.000
44.000
0.9 Vennootschapsbelasting
-
-
-
-
-
-
Subtotaal 0 BESTUUR EN ONDERSTEUNING
10.809.300
11.394.400
11.703.000
11.755.100
11.713.500
11.721.900
6.3 Inkomensregelingen
57.508.800
64.777.100
67.204.700
66.506.700
66.506.700
66.506.700
6.4 Begeleide participatie
34.992.500
29.592.500
30.349.900
29.548.200
28.723.200
27.967.900
6.5 Arbeidsparticipatie
3.084.700
9.180.100
9.416.600
9.319.700
9.352.200
9.401.700
-
-
-
-
-
103.876.300
Lasten
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ Sub-Totaal 6 SOCIAAL DOMEIN
95.586.000
103.549.700 106.971.200 105.374.600
104.582.100
Totaal lasten
106.395.300
114.944.100 118.674.200 117.129.700
116.295.600 115.598.200
Baten 0.1 Bestuur
-
-
-
-
-
-
0.4 Overhead
15.952.800
20.947.100
20.678.900
21.297.200
21.617.300
21.921.700
0.5 Treasury
636.200
166.500
346.500
346.500
346.500
346.500
-
-
-
-
-
-
0.8 Overige baten en lasten
-
-
-
-
-
-
Subtotaal 0 BESTUUR EN ONDERSTEUNING
0.9 Vennootschapsbelasting
16.589.000
21.113.600
21.025.400
21.643.700
21.963.800
22.268.200
6.3 Inkomensregelingen
53.418.500
57.206.500
59.302.600
58.490.300
58.490.300
58.490.300
6.4 Begeleide participatie
35.821.200
34.706.000
35.841.400
34.347.300
32.914.100
31.546.600
6.5 Arbeidsparticipatie
2.690.000
1.793.500
2.420.400
2.565.300
2.893.000
3.258.700
-
-
-
-
-
-
Sub-Totaal 6 SOCIAAL DOMEIN
91.929.700
93.706.000
97.564.400
95.402.900
94.297.400
93.295.600
Totaal baten
108.518.700
114.819.600 118.589.800 117.046.600
116.261.200
115.563.800
-34.400
-34.400
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+
Saldo van baten en lasten
2.123.400
-124.500
-84.400
-83.100
Reservemutaties 0.10 Toevoeging aan reserves
732.700
-
-
-
-
0
0.10 Onttrekking aan reserves
97.300
124.500
84.400
83.100
34.400
34.400
Saldo reservemutaties
-635.400
124.500
84.400
83.100
34.400
34.400
0.11 Resultaat van baten en lasten
1.488.000
-
-
-
-
-
62
Bijlage 3: Lijst met afkortingen BBV Bbz BUIG GR IPS IOAW IOAZ Kp4 LKS Pro RIBW RW-POA Sisa Suwinet SW SZW Tozo vso Wsw
Besluit Begroting en Verantwoording Besluit bijstandverlening zelfstandigen Bundeling Uitkeringen Inkomensvoorzieningen Gemeenten Gemeenschappelijke Regeling Individuele Plaatsing en Steun (Wet) Inkomensvoorziening oudere of gedeeltelijke arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Wet) Inkomensvoorziening oudere of gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen Klantprofiel 4 Loonkostensubsidie(s) Praktijkonderwijs Regionale Instelling voor Beschermd en Begeleid Wonen Regionaal Werkbedrijf en Platform Onderwijs en Arbeidsmarkt Single informatie, Single audit (Wet) Structuur Uitvoeringsorganisatie Werk en Inkomen Sociale werkvoorziening Sociale Zaken en Werkgelegenheid Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers Voortgezet speciaal onderwijs Wet sociale werkvoorziening
Werkzaak Rivierenland begroting 2026
63