CConstaterende datWest Maas en Waal
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-254 BB Brief innen watertoeristenbelasting - geredigeerd

Gemeenteraad 12 december 2024, gemeente West Maas en WaalBij agendapunt: Ingekomen stukken425 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Naam en contactgegevens bekend bij de griffie ZIERIKZEE

Gemeenteraad van de gemeente West Maas en Waal per email betreft: watertoeristenbelasting datum: 15 oktober 2024

Geachte leden van de Raad, Dit voorjaar heb ik met mijn motorboot Mariken overnacht in de Gouden Ham. Daar kwam een mevrouw van UitRwaarde liggeld en watertoeristenbelasting innen. Groot was mijn verbazing toen ik per dag per vaartuig watertoeristenbelasting moest betalen. Mijn vaartuig is geen toerist. Ik heb bij de mevrouw die het bedrag inde, geprotesteerd tegen de wijze van berekenen. Zij gaf aan hier niets aan te kunnen doen. Op 7 december 2023 heeft uw Raad de Verordening watertoeristenbelasting 2024 vastgesteld. Daarin staat dat de belastingplichtige bevoegd is de belasting “te verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel 2.” (art. 3.2) In artikel 2 is sprake van personen en niet van vaartuigen. Ik ben aangeslagen voor een belasting per vaartuig per dag voor een bedrag van € 2,40. Ik was alleen aan boord. Ingevolge artikel 6 van de Verordening zou de aanslag dus € 1,20 moeten bedragen. Ik heb dus onterecht te veel betaald. Ik heb daarop op 27 juni 2024 bezwaar ingediend bij uw College. Bij brief van 1 oktober 2024 (kenmerk Z108358/D.303366) heeft uw College mij niet ontvankelijk verklaard omdat “De watertoeristenbelasting wordt formeel opgelegd aan de exploitant van de jachthaven of watersportaccommodatie en niet aan de individuele gast c.q.

recreant.” Ik heb bezwaar gemaakt bij het college, omdat de gemeente de Verordening heeft vastgesteld en de gemeente de opbrengst ontvangt. Derhalve is mijns inziens de gemeente verantwoordelijk voor de uitvoering van de Verordening. Inmiddels heb ik de te veel betaalde watertoeristenbelasting teruggekregen van de exploitant. Om bovengenoemde redenen vraag ik u het volgende: 1. een correctie van de uitvoering van de Verordening door de exploitant; 2. een goed toezicht van de opdrachtgever (gemeente) op de uitvoering van de Verordening door de exploitant. Een goed toezicht op de uitvoering van de Verordening is ook in het belang van de gemeente zelf.

De exploitant gaat, bij de overigens foutieve doorbelasting van de watertoerismebelasting, uit van een gemiddelde van 2 personen per vaartuig. Mijn 60-jarige ervaring in de watersport leert mij dat het gemiddelde minimaal 3 personen per boot in het belastingtijdvak zal zijn. De opbrengst van de watertoerismebelasting zal dus minimaal 50% hoger liggen bij een correcte uitvoering. Bovendien worden dan mensen die alleen varen, niet onterecht te zwaar belast. Ik zal de correspondentie over deze zaak in handen stellen van het Koninklijk Nederlands Waterport Verbond. Hoogachtend, w.g. A. Drübers 

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14833682/2