2024-104 C Werkzaak Rivierenland - Aanbiedingsbrief bij begroting 2025 Werkzaak Geredigeerd
Tekst van het document
Aan de Raden van de gemeenten die deelnemen aan Werkzaak Rivierenland, t.a.v. de griffier
DATUM
19 april 2024
KENMERK ONDERWERP
Zienswijze begroting 2025 van Werkzaak Rivierenland
Geachte griffier, Hierbij ontvangt u de conceptbegroting 2025. De conceptbegroting inclusief meerjarenperspectief 2026-2028 is op 18 april 2024 behandeld door het Dagelijks Bestuur (DB) van Werkzaak Rivierenland. Gemeenten kunnen conform de gemeenschappelijke regeling Werkzaak Rivierenland hun zienswijze op dit concept kenbaar maken. Wij verzoeken u de eventuele reactie van uw raad uiterlijk 27 juni 2024 in pdf-formaat te mailen naar secretariaat@werkzaakrivierenland.nl. Recent onderzoek van Berenschot in opdracht van Cedris en Divosa toont aan dat het bijna altijd loont om mensen met én zonder bijstandsuitkering met een loonkostensubsidie aan de slag te helpen. Of dat nu een beschutte werkplek is, een dienstbetrekking bij het sociaal ontwikkelbedrijf of bij reguliere werkgevers. Berenschot heeft een maatschappelijke kosten-batenanalyse naar de inzet van loonkostensubsidies op grond van de Participatiewet uitgevoerd. Hierbij is gekeken naar de besparing op een uitkering maar ook een besparing op de zorgkosten, WMO, veiligheid, aanvullende financiële ondersteuning uit de bijzondere bijstand en het effect van een grotere kwaliteit van leven. Voor meer informatie verwijzen wij u naar het rapport MKBA Loonkostensubsidie op de site van Berenschot, Divosa of Cedris. Het verwachte subsidieresultaat onderstreept de stelling dat investeren in mensen loont.
Het geraamde voordelige saldo van € 5,5 miljoen geeft aan dat de te verwachten uitgaven veel lager zijn dan de Rijksontvangsten voor het verstrekken van uitkeringen en SW salarissen. De belangrijkste activiteiten voor 2025 zijn opgenomen in de bestuurlijke samenvatting van de begroting. Doelstellingen De doelstellingen voor 2025 zijn: Instroom 50% Detachering 450 Loonkostenplaatsingen 385 Uitstroom 210
Financieel De totale lasten in 2025 van Werkzaak zijn 104.168.500 euro. Dit is: 55.336.900 euro voor BUIG, LKS, bijzondere bijstand en BBZ (zie bijlage 8.1 Gemeentelijke bijdrage regels 1 tot en met 6); 20.296.200 euro voor SW (zie bijlage 8.1 Gemeentelijke bijdrage regel 7); 6.636.800 euro voor het participatiebudget (zie bijlage 8.1 Gemeentelijke bijdrage regel 8); 951.500 euro voor de DVO’s (zie bijlage 8.1 Gemeentelijke bijdrage regel 9). 20.947.100 euro voor bedrijfsvoering (zie bijlage 8.1 Gemeentelijke bijdrage regel 10). Onderstaande tabellen geven de subsidieresultaten en het bedrijfsvoeringsresultaat weer. Subsidieresultaat Voor 2025 laat het subsidieresultaat een voordelig resultaat zien van afgerond 1.804.400.
Subsi di eresul taa t Ja a rrekeni ng Begroti ng Begroti ng Begroti ng Begroti ng Begroti ng Oms chri jvi ng
2023
2024
2025
2026
2027
2028
BUIG
3.981.100
4.535.300
3.792.700
3.829.000
3.845.100
3.889.300
BBZ
233.500
50.000
250.000
250.000
250.000
250.000
Bi jzondere bi js ta nd
-17.100
-281.000
-60.000
-60.000
-60.000
-60.000
SW
1.650.900
1.559.600
1.614.400
2.274.500
2.931.700
3.467.500
Herverdel i ng BUIG
-1.990.600
-
-
-
-
-
Totaal
3.857.800
5.863.900
5.597.100
6.293.500
6.966.800
7.546.800
Stel post BUIG
-
4.535.300
3.792.700
3.829.000
3.845.100
3.889.300
Subsidieresultaat
3.857.800
1.328.600
1.804.400
2.464.500
3.121.700
3.657.500
-
-
Voor de BUIG hebben we voor het aantal werkzoekenden aangesloten bij de Macro economische verkenning tot met 2028 van augustus 2023. Hierin wordt een lichte stijging van de aantallen verwacht. De lasten en de rijksbijdrage zijn geïndexeerd. Voor het verschil tussen de rijksbijdrage en de begrote lasten is een stelpost opgenomen. Bij de BBZ is het bedrag opgenomen dat gemeenten aan Werkzaak moeten betalen of terugontvangen. De Rijksbijdrage die gemeenten moeten betalen of terugontvangen is hier niet opgenomen. Er is geen directe relatie meer met deze bedragen. De bijzondere bijstand is naar beneden bijgesteld op basis van de afgelopen jaren wordt hier veel minder een beroep op gedaan. Bij de SW is rekening gehouden met een afname van het bestand van 6%. Zowel de lasten als de rijksbijdrage zijn geïndexeerd.