CConstaterende datWest Maas en Waal
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-056 8 20240320 SamengevoegdezienswijzenWerkzaak

Gemeenteraad 28 maart 2024, gemeente West Maas en WaalBij agendapunt: Ingekomen stukken5.223 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Werkzaak T.a.v. dagelijks bestuur Postbus 321 4190 CH Geldermalsen

uw brief van:

15 december 2023

Maurik, 1 februari 2024

uw kenmerk:

Z.056390/D.174962 behandeld door: C.G. van der Zaag / J. Gottgens ons kenmerk:

verzonden:

bijlage(n): onderwerp:

Zienswijze wijziging gemeenschappelijke regeling

Geachte heer/mevrouw, Naar aanleiding van uw brief d.d. 15 december 2023 ontvangt u hierbij onze zienswijze op de wijziging van de gemeenschappelijke regeling. Deze wijziging komt voort uit de implementatie van de aangepaste Wet Gemeenschappelijke Regelingen. Allereerst willen wij onze waardering uitspreken voor het implementatieproces dat u hebt opgestart, samen met de andere gemeenschappelijke regelingen die actief zijn in Rivierenland. Het betreft een complexe operatie en het verdient een compliment dat u elkaar heeft opgezocht om de implementatie gezamenlijk te organiseren.

*Z036C246E07

We hechten veel waarde aan een goede implementatie van de wetswijziging. In algemene zin vinden we het wenselijk dat wij als gemeenten taken gezamenlijk oppakken en daartoe samenwerkingsverbanden organiseren. Dit draagt er deels toe bij dat wij als kleine plattelandsgemeente zelfstandig kunnen blijven. Tegelijkertijd zijn wij er alert op bij vormen van samenwerking en/of uitbesteding de rol van de raad, en de democratische legitimiteit van onze taken in brede zin, niet in het gedrang komen. Wij hebben aandacht voor de dienstverlening aan inwoners, willen kaders stellen met betrekking tot de taakopvatting van verbonden partijen en vragen aandacht voor de beperkte middelen die beschikbaar zijn in deze financieel krappe tijden. In deze context zien wij de aanpassing van de wet als een wenselijke ontwikkeling. Het draagt bij aan een sterkere positie van de gemeenteraad en vergroot onze mogelijkheden om uw plannen en voornemens te toetsen aan onze ambities zoals vastgelegd in het coalitieakkoord. Vanuit deze positief-kritische houding ten aanzien van de wetswijziging, komen we tot onze zienswijze: a. Wij vragen aandacht voor de diverse termijnen die zijn opgenomen in de aangepaste regeling. Deze sluiten niet afdoende aan op de Planning en Control cyclus van onze gemeente. In 2020 hebben alle colleges een Informatieprotocol vastgesteld dat termijnen bevat voor de P&C cyclus.

Dit Informatieprotocol is op 3 juni 2021 gedeeld met alle directeuren van de gemeenschappelijke regelingen met als doel de daarin gesteld termijnen op te nemen in de teksten van de gemeenschappelijke regelingen zodra deze aangepast worden. Die gelegenheid doet zich nu voor. In de tekst van de

De Wetering 1

Postbus 23 4020 BA Maurik Tel.: 14 0344 Fax: (0344) 579200 E-mail: gemeente@buren.nl KvK: 30278157 Bank Nederlandsche Gemeente IBAN nummer: NL05 BNGH 0285 0486 35 BTW: NL807287684B02

aangepaste regeling zijn nu echter de uiterlijke wettelijke termijnen opgenomen. Die termijnen dragen niet bij aan het versterken van de controlerende rol van raad. Daarom roepen wij u op de termijnen uit het Informatieprotocol aan te houden. Dat resulteert in de volgende aanlevertermijnen: Kaderbrief uiterlijk 1 december Jaarrekening en begroting uiterlijk 15 april b. U heeft opgenomen in de regeling dat de informatieplicht wordt ingevuld volgens de minimale variant. Dit staat vermeld in paragraaf 8. Tijdens een regionale bijeenkomst met raadsleden (25 september 2023) is echter een voorkeur uitgesproken voor de dynamische variant. Zeker bij onderwerpen die een politiek of financieel belang raken, is er behoefte aan maatwerk en daarmee aan een meer dynamische invulling van de informatieplicht. c. U heeft in artikel 36 van de regeling omschreven binnen welke kaders uittreding van een gemeente uit de regeling mogelijk is. Tijdens een regionale bijeenkomst met raadsleden (25 september 2023) is de wens uit gesproken om nauwgezet te omschrijven welke proces wordt doorlopen bij uittreding van een gemeenten. U heeft gekozen voor een bredere invulling die zich beperkt tot het formuleren van kaders. Deze algemenere omschrijving kan ertoe leiden dat gemeenten een lagere drempel voor uittreding ervaren en de gevolgen van dit voornemen niet voldoende overzien.

Zodoende doen wij de oproep om de hier gekozen minimale variant om te zetten naar een invulling van dit artikel volgens de dynamische variant. Wij vernemen graag uw reactie op de gegeven zienswijze. Wij wensen u veel succes toe bij de verdere implementatie van de wetswijziging. Met vriendelijke groet, namens de gemeenteraad van Buren, de griffier, de voorzitter,

R. Kuipers

H.M. Ostendorp

2

Culemborg Werkzaak Rivierenland T.a.v. mevrouw E. Boer Postbus 321 4190 CH Geldermalsen

UW KENMERK UW BRIEF VAN

CONTACTPERSOON

L. lppel

ONS KENMERK

TELEFOONNUMMER

0345-477700 Ontwikkeling

VERZENDDATUM

GZDGCBl3 10609/13 1-0618 15 februari 2024

ONDERWERP

Zienswijze op wijzigingsvoorstelvan de gemeenschappelijke regeling Werkzaak

TEAM

1

Geacht Bestuur, ln goede orde ontvingen wij op 15 december 2023 uw wijzigingsvoorstel van de gemeenschappelijke regeling Werkzaak. Wij hebben kennis genomen van de gewijzigde regeling en deze behandeld in de commissievergadering van 1 februari 2024en in de raadsvergaderingvan 15 februari2O24.

Zienswijze op wijzigingsvoorstel van de gemeenschappeliike regeling Werkzaak Zoals we ook al vermeld hebben in onze zíenswijze op de Kaderbrief 2025 staat Werkzaak voor een aantal belangrijke strategische beslissingen. Als gemeenteraad van Culemborg willen we maximaal gebruik maken van de mogelijkheden om hier grip op te hebben en invloed op uit te kunnen oefenen. De wijziging borduurt verder op een langlopende discussie in de gemeenteraad,

il

waarbij de raadsleden meer dan eens hebben opgeroepen om grip op de GR'en wensen te krijgen. ln dat kader zijn voor ons de instrumenten "zienswijzen" en "actieve informatieplicht" belangrijke onderdelen. Meer grip wordt verkregen door het meer ontvangen van informatie en invloed uitoefenen op de keuzes die gemaakt worden. Een van onze uitgangspunten is dat we actiever willen worden betrokken bij de besluitenlijst van het DB en AB. Zo kunnen wij achteraf beter toetsen op welke besluitvorming wij geïnformeerd wilden worden en/of waar wij een zienswijze op wilden indienen. Daarbij zouden wij graag na een bepaalde periode willen evalueren en bekijken of de dynamische variant met betrekking tot "zienswijzen" en "actieve informatieplicht" n¡et toch een specifieke variant moet worden.

I Ge¡neente Culemborg Ridderstraat 250 Postbus 1 36

4100 AC Culemborg

tel 0345 477 7O0 lax 0345 477 95O info@culemborg. nl www.culemborg. nl

tBAN NL62 BNCH 028.50.01.728

Hieronder geven we onze zienswijze op de gekozen varianten voor alle instrumenten waar keuzevrijheid bestaat. Actieve informatieplicht Werkzaak stelt h¡er voor om te kiezen voor de minimale variant.

T

Culemborg Wij zijn het niet eens met dit voorstel en vragen Werkzaak om hier de dynamische variant op te nemen. Wij vinden het van belang dat het Algemeen Bestuur in een informatieprotocol vastlegt welke informatie op welke wijze wordt gedeeld. Wij vinden het van essentieel belang dat de besluitvorming goed voorbereid en gevolgd kan worden. De nadruk ligt dan ook op het tijdig en proactief informeren van de gemeenteraad. Participatie inwoners en belanehebbenden Werkzaak stelt hier voor om te kiezen voor de dynamische variant. Wij zijn het eens met dat voorstel. Het vaststellen van beleid is gedelegeerd aan Werkzaak. Als gevolge van de aanpassingen in de wetgeving kunnen wij ons voorstellen dat er opnieuw gekeken moet worden naar de taken die zijn gedelegeerd en op welke manier voor Participatie kan worden aangesloten op deze nieuwe

1

wetgeving. Gemeenschappeliike adviescommissie Werkzaak stelt hier voor om te kiezen voor de minimale variant. Wij zijn het eens met dat voorstel. Zienswiize over specifieke besluiten Werkzaak stelt hier voor om te kiezen voor een dynamische variant. Wij zijn het eens met dat voorstel. Wij vinden het van belang dat alle besluiten die een aanzienlijk politiek of financieel belang hebben door het (Algemeen) Bestuur ter zienswijze aan de raden worden voorgelegd. Evaluatie

Werkzaak stelt hier voor om te kiezen voor de dynamische variant. Wij zijn het eens met dit voorstel.

Uittredine Werkzaak stelt hier voor om te kiezen voor de dynamische variant. Wij zijn het eens met dit voorstel. ln deze variant ligt de manier van uittreden in principe vast in de Gemeenschappelijke Regeling, maar houdt het Algemeen Bestuur (indien unaniem) het recht om af te wijken van de uittreedregeling.

Uniforme termijnen We verzoeken u de GR-tekst zodanig te wijzigen dat de (aanlever)termijnen van de P&C-producten aansluiten bij het informatieprotocol van de gezamenlijke GR'en in Rivierenland. Uiteraard voor zover deze niet in strijd zijn met de nieuwe Wet gemeenschappelijke regelingen. Bijvoorbeeld vinden wij dat u conform bestendig Genreente eulemborg Ridderstraat 250 Postbus 1 36

4100 AC Culemborg

tel 0345 477 7OO fax 0345 477 95O info@culemborg.nl

wwwculemborg.nl rBAN NL62 BNCH 028.50.01 .728

beleid:

o de Kadernota/-brief vóór 1 december van het tweede jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, naar ons moet zenden;

o de ontwerpbegroting uiterlijk 15 april voorafgaande aan het begrotingsjaar naar ons moet zenden."

Slot Wij vernemen graag uw reactie op de punten uit deze zienswijzebrief. Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geinformeerd. Hoogachtend,

'úä''ril*'n C.L.l. van Ruiten

De

,¿

T

rzitter,

Kroon

Werkzaak Rivierenland Ter attentie van de voorzitter van het (dagelijks) bestuur Postbus 321 4190 CH Geldermalsen

Uw brief van

15 december 2023

Uw kenmerk Ons kenmerk

Team Telefoonnummer

884265

Kerkdriel

Stafbureau 14 0418 8 februari 2024

Verzenddatum

Onderwerp

Zienswijze gewijzigde gemeenschappelijke regeling Werkzaak Rivierenland Geachte bestuur, Op 15 december 2023 ontvingen wij uw voorstel om de tekst van de gemeenschappelijke regeling overeenkomstig de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) aan te passen. Wij hebben uw voorstel behandeld in de raadsvergadering van 8 februari. Hierbij ontvangt u onze zienswijze op de voorgestelde wijzigingen. In maart 2024 vernemen wij graag hoe u onze zienswijze heeft verwerkt in uw regeling. Wijzigingen met een keuze In onderstaande tabel ziet u de 6 wijzigingen van de Wgr waarop het bestuur een keuze kan maken met in de rechterkolom de keuze van onze raad. Wij vragen u na te gaan in hoeverre de tekst in uw GR hiermee in overeenstemming is, en anders vragen wij u de tekst overeenkomstig aan te passen. Art. 17 Wgr

Bijlagen -

Actieve informatieplicht door Volstaan kan worden met de algemene bepaling bestuur dat het bestuur (algemeen en dagelijks) gevraagd (passief) en ongevraagd (actief) aan de raden alle inlichtingen verstrekt, door toezending, die nodig zijn voor een juiste beoordeling van het door het bestuur gevoerde en te voeren beleid. U heeft dit geborgd in de regeling. Wij zijn hiermee akkoord.

Een afschrift van dit document is ook verstuurd aan -

Art. 10.7 en 8 Wgr

Participatie inwoners en belanghebbenden

Art. 24a Wgr

Gemeenschappelijke adviescommissie

Art. 10.6 Wgr

Zienswijze over specifieke besluiten van bestuur en reactie erop

Art. 11 Wgr Art. 9 Wgr

Evaluatie Gevolgen uittreding

Participatie loopt in beginsel via de gemeenten tenzij in bijzondere gevallen de participatie wel georganiseerd wordt door de GR omdat het past bij het betreffende besluit. In die gevallen kan het Algemeen Bestuur ertoe besluiten om participatie via de GR te laten verlopen. Wij zijn van mening dat in de GR moet worden opgenomen dat een gemeenschappelijke adviescommissie aangesteld wordt op voorstel van de raden. Dit is geborgd in alle regelingen. Na aanstelling moet wel goed omschreven worden wat het doel en de werkwijze van de adviescommissie is. In de GR opnemen dat alle besluiten die een aanzienlijk politiek of financieel belang hebben door het (algemeen)bestuur ter zienswijze aan de raden moeten worden voorgelegd. Geen opmerkingen. In de GR is geen uittreedsom opgenomen. Op dit moment een bedrag hiervoor vaststellen is ook onmogelijk. Wel heeft u het uittredeproces uitgebreid vastgelegd in de regeling. Wij vinden dit voldoende.

De datum voor aanlevering van de jaarstukken en begroting aan te passen De gemeenteraden hebben in 2019 vier moties aangenomen over het vergroten van grip op gemeenschappelijke regelingen. Motie 4 verzocht de colleges om met de gemeenschappelijke regelingen duidelijke procesafspraken te maken voor de aanlevering van stukken aan de raden. In samenwerking tussen de acht gemeenten in Rivierenland, is daarop het Informatieprotocol GR-en Rivierenland opgesteld. Daarbij is input gegeven door vertegenwoordigers van de GR-en en de griffierskring. Dat Informatieprotocol is in december 2020 vastgesteld door de acht colleges. In het Informatieprotocol zijn afspraken vastgelegd over welke informatie de gemeenten op welk moment kunnen verwachten vanuit GR-en, waaronder de kaderbrief, begroting en jaarstukken. Deze afspraken zijn voor iedere gemeente in Rivierenland hetzelfde. Dat biedt de raadsleden de mogelijkheid om rondom bepaalde documenten en zienswijzeprocedures, tijdig afstemming met elkaar te organiseren. Bijvoorbeeld via de raadskring. In de gewijzigde GR-tekst zijn de termijnen voor de aanlevering van de P&C documenten (begroting en jaarstukken) gewijzigd. In de praktijk leiden de verschillende data tot een uitdaging voor de raden en de griffierskring om tot een ordentelijk proces te komen om tijdig een zienswijze te geven op de P&C documenten.

Daarom wordt voorgesteld om in de GRteksten de data uit het Informatieprotocol over te nemen. Dit betekent dat de jaarstukken en de begrotingen van de GR-en uiterlijk 15 april bij de gemeenten worden aangeleverd. Ons kenmerk: 884265 Kerkdriel, 8 februari 2024

Pagina 2 van 3

De datum voor aanlevering van de Kaderbrief nader te bepalen Voor de Kaderbrief geldt dat deze overeenkomstig de Wgr uiterlijk op 30 april moet worden aangeleverd, terwijl in het Informatieprotocol de datum van 1 december is opgenomen. In de praktijk blijkt dat, wanneer de Kaderbrief voor 1 december bij de gemeenten moet worden aangeleverd, de GR-en nog te weinig informatie hebben over de beleidsontwikkelingen in het begrotingsjaar ruim een jaar later. In de praktijk bevat de Kaderbrief daarom veelal slechts CAO-ontwikkelingen en prijsstijgingen. Willen de raden input kunnen leveren voorafgaand aan het opstellen van de begroting van de GR-en, dan is de Kaderbrief daarvoor het geëigende instrument. Indien de Kaderbrief bij de gemeenten wordt aangeleverd op 30 april is dat te laat. Een nieuw vast te stellen datum waarop de Kaderbrief moet worden aangeleverd bij de gemeenten moet daarom liggen tussen 1 december en 1 april. Graag leggen wij de datum voor aanlevering van de Kaderbrief vast in een geactualiseerd Informatieprotocol, in goed overleg met de besturen van de GR-en.

De nieuwe P&C planning kan er dan als volgt uit komen zien: - Tussen 1 december en 1 april aanleveren Kaderbrief voor zienswijze door GR - Uiterlijk 15 april aanleveren begroting en jaarstukken bij de gemeenten - Laatste week van mei zienswijzemarkt voor raadsleden met concept zienswijzen door de colleges - Eerste helft van juni vaststellen en verzenden zienswijzen door de raden - Tweede helft van juni verwerken zienswijzen en opstellen zienswijzenota door GR - Eerste helft van juli vaststellen en verzenden begroting en jaarstukken aan provincie en gemeenten (waarbij voor de begroting geldt dat deze ook uiterlijk voor 15 september kan worden vastgesteld en verzonden). GR specifieke opmerkingen In artikel 36 lid 6 wordt gesproken over ‘acht werken’, in plaats van ‘acht weken’. Tot slot Graag vernemen wij hoe de elementen uit onze zienswijze al dan niet verwerkt worden in uw gemeenschappelijke regeling en zien de verdere samenwerking met vertrouwen tegemoet. De gemeenteraad voornoemd, de griffier

de voorzitter (wnd)

H.M. van ’t Westeinde

J.L. Geurts

Ons kenmerk: 884265 Kerkdriel, 8 februari 2024

Pagina 3 van 3

gemeente

Neder-Betuwe Werkzaak Rivierenland Poppenbouwing 18 4191NZ GELDERMALSEN

uw brief van 15 december 2023 uw kenmerk ons kenmerk Z/23/094025/214092 behandeld door Bedrijfsvoering bijlage(n)

Opheusden

8 februari 2024

VERZONDEN 1 3 FEB. 2024 Onderwerp Zienswijze op voorgenomen wijziging van de gemeenschappelijke regeling Werkzaak Rivierenland

Geacht bestuur, Wij hebben via het college van B&W de voorgenomen wijziging van de gemeenschappelijke regeling ontvangen met het verzoek om hier op te reageren met een zienswijze. Naar aanleiding van de voorgenomen teksten willen wij de onderstaande zienswijze geven:

Aanlevertermijnen P&C producten harmoniseren conform informatieprotocol We verzoeken u de GR-tekst zodanig te wijzigen dat de (aanlever)termijnen van de P&C-producten aansluiten bij het informatieprotocol van de gezamenlijke GR’en in Rivierenland. Uiteraard voor zover deze niet in strijd zijn met de nieuwe Wet gemeenschappelijke regelingen. Bijvoorbeeld vinden wij dat u conform bestendig beleid: • de Kadernota/-brief vóór 1 december van het tweede jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, naar ons moet zenden; • de ontwerpbegroting uiterlijk 15 april voorafgaande aan het begrotingsjaar naar ons moet zenden.” Voor het overige stemmen wij in met de voorgestelde wijzigingen. Met vriendelijke groet, de gemeenteraad van Neder-Betuwe, {{esLsignerI :Capture:size(150,40)}}

{{esl:signer2:Capture:size(1 50,40)}}

LO CC'

Postbus 2014043 ZG Opheusden | Burgemeester Lodderstraat 2014043 KM Opheusden | telefoon 14 0488 lwww.nederbetuwe.nl | lnfo@nederbetuwe.nl

gemeenteTiel I

Achterweg 2, 4001 MV Tiel Postbus 6325, 4000 HH Tiel

Telefoon (0344) 637 111

Telefax: (0344)637 295

E-mail: gemeente@tiel.nl

Werkzaak Rivierenland t.a.v. dagelijks bestuur Postbus 321 4190 CH Geldermalsen

lnternet: un¡vw.tiel.nl

Tiel : Kenmerk :

ondenverp : Zienswijze wijziging gemeenschappelijke

regeling

Geachte heer/mevrouw, Naar aanleiding van uw brief d.d. 15 december 2023 onlvangt u hierbij onze zienswijze op de wijziging van de gemeenschappelijke regeling. Deze wijziging komt voort uit de implementatie van de aangepaste Wet Gemeenschappelijke Regelingen. Allereerst willen wij onze waardering uitspreken voor het implementatieproces dat u hebt opgestart, samen met de andere gemeenschappelijke regelingen die actief zijn in Rivierenland. Het betreft een complexe operatie en het verdient een compliment dat u elkaar heeft opgezocht om de implementatie gezamenlijk te organiseren.

We hechten veelwaarde aan een goede implementatie van de wetswijziging. ln algemene zin vinden we het wenselijk dat wij als gemeenten taken gezamenlijk oppakken en daartoe samenwerkingsverbanden organiseren. Dit draagt er aan bij dat wij onze publieke taak efficiënt en doelmatig kunnen uitvoeren. Tegelijkertijd zijn wij er alert op bij vormen van samenwerking en/of uitbesteding de rol van de raad, en de democratische legitimiteit van onze taken in brede zin, niet in het gedrang komen. Wij hebben aandacht voor de dienstverlening aan inwoners, willen kaders stellen met betrekking tot de taakopvatting van verbonden partijen en vragen aandacht voor de beperkte middelen die beschikbaar zijn in deze financieel krappe tijden. ln deze context zien wij de aanpassing van de wet als een wenselijke ontwikkeling. Het draagt bij aan een sterkere positie van de gemeenteraad en vergroot onze mogelijkheden om uw plannen en voornemens te toetsen aan onze ambities zoals vastgelegd in het coalitie-akkoord. Onze zienswijze ten aanzien van de wetswijziging, voor zover die betrekking heeft op keuzemogelijkheden, is als volgt; 1. Wij vragen aandacht voor de diverse termiinen die zijn opgenomen in de aangepaste

regeling. Deze sluiten niet afdoende aan op de Planning en Control cyclus van onze gemeente. ln 2020 hebben alle college een lnformatieprotocol vastgesteld dat termijnen bevat voor deze cyclus. Dit protocol is gedeeld met de directeuren van de diverse gemeenschappelijke regelingen, met als doel dit protocol in te passen. Deze gelegenheid doet zich nu voor. ln de tekst van de aangepaste regeling zijn nu de wettelijke termijnen opgenomen. Die termijnen dragen niet bij aan het versterken van de controlerende taak van de gemeenteraad. Daarop roeþen wij u op de termijnen uit het lnformatieprotocol aan te houden. Dat zijn de volgende termijnen:

- Kaderbrief uiterlijk 1 december - Jaarrekening en begroting uiterlijk 15 april 2. U heeft in de regeling opgenomen dat de informatieplicht wordt ingevuld volgens de minimale variant. Ó¡t staat vermeld paragraaf 8. Tijdens de regionale bijeenkomst met raadsleden (25 september 2023) is echter een voorkeur uitgesproken voor de dynamische variant. Zeker bij onderwerpen die een politiek of financieel belang raken, is er behoefte aan maatwerk en daarmee aan een meer dynamische invulling van de informatieplicht. 3. U heeft in de regeling opgenomen binnen welke kaders uittredinq van een qemeente uit de regeling mogelijk lé. Ditstaat vermeld in artikel 36. Tijdens een regionale bijeenkomst met raãdsleden (op-23 september 2023) is de wens uitgesproken om nauwgezet te omschrijven welk proces wordt doorlopen bij uittreding van een gemeente. U heeft gekozen voor een bredére invulling die zich bepe*t tot het formuleren van kaders. Deze algemenere omschrijving kan ertoe leiden dat gemeenten een lagere drempel voor uittreding ervaren en de gevolgen van dit voornemen niet võldoende (kunnen) overzien. Zodoende doen wij een oproep om hier de gekozen minimale variant om te zetten naar een invulling van dit artikel volgens de dynamische variant.

Tot slot Wij vernemen graag uw reactie op de gegeven zienswijze en wensen u veel succes toe bij de verdere implementatie van de wetswijziging. Met vriendelijke groeten, namens de gemeenteraad van Tiel,

De griffier

L. de Lange

Oostro

GEMEENTE

WËgT BETUWE

Behandeld door

Dagelijks Bestuur Werkzaak Rivierenland Poppenbouwing 18 4191N2 Geldermalsen

Niels van de Wetering Doorkiesnum m et +31 3457 28621 Niels.van.de.Wetering@WestBetuwe.nl Datum 27 februari2024 Kenmerk GZDGWB/1 31 7228/1319625 Pagina 1 van 3

Onderwerp: Zienswijze wijziging gemeenschappelijke regeling Werkzaak

Geacht bestuur, Op 27 februari 2024heeft onze gemeenteraad de gewijzigde gemeenschappelijke regeling Werkzaak besproken.

Allereerst willen wij onze waardering uitspreken voor het implementatieproces dat u heeft opgestart, samen met de andere gemeenschappelijke regelingen die actief zijn in Rivierenland. Het betreft een complexe operatie en het verdient een compliment dat u elkaar heeft opgezocht om de implementatie gezamenlijk te organiseren. We hechten veel waarde aan een goede implementatie van de wetswijziging. ln algemene zin vinden we het wenselijk dat wij als gemeenten taken gezamenlijk oppakken en daartoe samenwerkingsverbanden organiseren. Dit draagt er aan bij dat wij onze publieke taak efficiënt en doelmatig kunnen uitvoeren. Tegelijkenijd zijn wij er alert op bijvormen van samenwerking en/of uitbesteding de rolvan de raad, en de democratische legitimiteit van onze taken in brede zin, niet in het gedrang komen. Wij hebben aandacht voor de dienstverlening aan inwoners, willen kaders stellen met betrekking tot de taakopvatting van

verbonden partijen en vragen aandacht voor de beperkte middelen die beschikbaar zijn in deze financieel krappe tijden. ln deze context zien wij de aanpassing van de wet als een wenselijke ontwikkeling. Het draagt bij aan een sterkere positie van de gemeenteraad en vergroot onze mogelijkheden om uw plannen en voornemens te toetsen aan onze ambities zoals vastgelegd in het coalitieakkoord. De inhoud geeft aanleiding tot het indienen van een zienswijze over actieve informatieplicht, participatie, evaluatie, uittreding en de P&C cyclus.

Onze zienswijze ten aanzien van de gewijzigde gemeenschappelijke regeling is als volgt;

BEZOEKADRES Kuipershof 2 - 4191 KH Geldermalsen Postbus 112 - 4190 CC Geldermalsen

0345 - 72 88 00 Algemeen

gemeente@westbetuwe.

0345 - 7288 01 Team sociaal

n I www.westbetuwe.

n I

Gemeente West Betuwe 27 februari 2024 Kenmerk GZDGWB/1 31 7228/1319625 Pagina 2 van 3

Actieve informatieplicht Werkzaak stelt hier voor om te kiezen voor de minimale variant. Wij zijn het niet eens met dit voorstel en vragen Werkzaak om hier de dynamische variant op te nemen. Wij vinden het van belang dat het Algemeen Bestuur in een informatieprotocol vastlegt welke informatie op welke wijze wordt gedeeld. Wijvinden het van essentieel belang dat de besluitvorming goed voorbereid en gevolgd kan worden. De nadruk ligt dan ook op het t¡jd¡g en proactief informeren van de gemeenteraad. Participatie ln artikel 14.8 is opgenomen dat het algemeen bestuur in een verordening de besluiten vast stelt waarbij ingezetenen van de deelnemende gemeenten en andere belanghebbenden bij de taakuitvoering door Werkzaak Rivierenland betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van het beleid op grond van deze regeling en de wijze waarop participatie plaatsvindt. Ons uitgangspunt is dat participatie in beginsel via de gemeenten loopt, tenzij in bijzondere gevallen de participatie wel georganiseerd wordt door de gemeenschappelijke regeling omdat het past bij het betreffende besluit. ln die gevallen kan het algemeen bestuur ertoe besluiten om participatie via de gemeenschappelijke regeling te laten verlopen.

Evaluatie ln de regeling heeft u opgenomen dat op verzoek van minimaal drie deelnemers het de regeling wordt geëvalueerd en niet vaker dan eens in de drie jaar, waarbij de evaluatiecriteria ter zienswijze aan de gemeenteraden worden voorgelegd. Wij vinden dat bij een verzoek van ten minste twee deelnemers de regeling verplicht moet worden geëvalueerd, waarbij de evaluatie niet vaker dan eens per raadsperiode plaats vindt.

Uittreding ln artikel 36 van de regeling is omschreven binnen welke kaders uittreding van een gemeente uit de regeling mogelijk is. Tijdens een regionale bijeenkomst met raadsleden (25 september 2023) is de wens uit gesproken om nauwgezet te omschrijven welke proces wordt doorlopen bij uittreding van een gemeente. U heeft gekozen voor een bredere invulling die zich beperkt tot het formuleren van kaders. Deze algemenere omschrijving kan ertoe leiden dat gemeenten een lagere drempelvoor uittreding ervaren en de gevolgen van dit voornemen niet voldoende overzien. Zodoende doen wij de oproep om de hier gekozen minimale variant om te zetten naar een invulling van dit artikel volgens de dynamische variant. P&C Cyclus Wij vragen aandacht voor de diverse termijnen die zijn opgenomen in de aangepaste regeling. Deze sluiten niet afdoende aan op de Planning en Control cyclus van onze gemeente. ln 2020 hebben alle colleges een lnformatieprotocol vastgesteld dat termijnen bevat voor deze cyclus. Dit protocol is gedeeld met de directeuren van de diverse gemeenschappelijke regelingen, met als doel dit protocol in te passen. Deze gelegenheid doet zich nu voor. ln de tekst van de aangepaste regeling zijn nu de wettelijke termijnen opgenomen. Die termijnen dragen niet bij aan het versterken van de controlerende taak van de gemeenteraad.

Daarop roepen wij u op de termijnen uit het lnformatieprotocol aan te houden. Dat zijn de volgende termijnen: kaderbrief uiterlijk 1 december en jaarrekening en begroting uiterlijk 15 april.

Gemeente West Betuwe 27 februari2024 Kenmerk GZD cW B / 1 91 7

228/ 1 g.t g 625

Pagina 3 van 3

Graag ontvangen wij uw

reactie op onze zienswijze.

Met vriendelijke groet, Gemeenteraad van West de

de voorzitter,

Dijkstraat 11 Beneden-Leeuwen Postbus 1 6658 ZG Beneden-Leeuwen

Gemeente West Maas en Waal

IBAN NL44 BNGH 0285 009133 T 14 0487 F (0487) 594 549

info@westmaasenwaal.nl www.westmaasenwaal.nl Behandeld door: dhr. Hulsen Doorkiesnummer:

Werkzaak Rivierenland T.a.v. het Dagelijks Bestuur Postbus 321 4190 CH GELDERMALSEN

Ons kenmerk: Z.087746/273941

Uw brief van:

Beneden-Leeuwen 1 februari 2024

Onderwerp: schriftelijke reactie gewijzigde GR-tekst Werkzaak Rivierenland

Uw kenmerk:

Bijlage(n):

Geacht Dagelijks Bestuur,

Op 1 juli 2022 trad een wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) in werking. Deze wijziging heeft tot doel de democratische legitimiteit van gemeenschappelijke regelingen en de kaderstellende en controlerende rol van gemeenteraden te verwerken. Een gevolg van de wijziging is dat alle gemeenschappelijke regelingen op 1 juli 2024 gewijzigd dienen te zijn. Gewijzigde tekst Op 15 december 2023 ontvingen wij de gewijzigde tekst voor de Gemeenschappelijke Regeling Werkzaak Rivierenland. Het college en de raad van West Maas en Waal hebben kennisgenomen van deze wijzigingen. Tijdens het Rondetafelgesprek op 16 januari 2024 en de raadsvergadering op 25 januari 2024 is de gewijzigde tekst besproken.

Reactie U heeft ons gevraagd om een schriftelijke reactie in te dienen over de concept Gemeenschappelijke Regeling Werkzaak Rivierenland. Deze treft u hieronder aan. Gemeente West Maas en Waal geeft - op hoofdlijnen - een positieve reactie af op de gewijzigde tekst van de Gemeenschappelijke Regeling Werkzaak Rivierenland. Wel zouden wij de navolgende opmerkingen, deels van redactionele c.q tekstuele aard, willen maken.

•

Algemeen We verzoeken u de GR-tekst zodanig te wijzigen dat de (aanlever)termijnen van de P&C-producten aansluiten bij het informatieprotocol van de gezamenlijke GR’en in Rivierenland. Uiteraard voor zover deze niet in strijd zijn met de nieuwe Wet gemeenschappelijke regelingen. Bijvoorbeeld: vinden wij dat u conform bestendig beleid: de Kadernota/-brief vóór 1 december van het tweede jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, naar ons moet zenden; - de ontwerpbegroting uiterlijk 15 april voorafgaande aan het begrotingsjaar naar ons moet zenden.

•

Artikel 14, lid 7 (Besluitvorming), artikel 28, lid 3 (Beleidsplan), artikel 30, lid 2 (Begroting), artikel 31, lid 2 (Jaarrekening) en artikel 40 (Evaluatie) in relatie tot

Alphen - Altforst

- Appeltern

- Beneden-Leeuwen - Boven-Leeuwen - Dreumel

- Maasbommel - Wamel

zienswijze raad: De termijn van 8 resp. 12 weken is krap en mogelijk voor een deel van de in te dienen zienswijzen onhaalbaar. Dat komt door onze raadsagenda in combinatie met de benodigde voorbereiding van het advies (zowel regionaal als intern). We vragen het Dagelijks Bestuur (DB) daarom nadrukkelijk om ook de zienswijzen mee te nemen die verwoord zijn in een door het college geformuleerde voorlopige zienswijze die aan de gemeenteraad ter vaststelling zal worden aangeboden.

•

Artikel 30, 2e lid in combinatie met artikel 30, 4e lid (Begroting): de passage “tenminste 12 weken maar uiterlijk 15 april” in de 1e volzin van het 2e lid en de uiterste aanbiedingsdatum van de ontwerp-Begroting aan het AB van 15 juli in het vierde lid, kan zich de situatie gaan voordoen dat de termijn tussen de toezending aan de gemeenten (begindatum zienswijze-traject) en de datum van aanbieding van de ontwerp-Begroting aan het AB korter is dan 12 weken. Hiervan zal vrijwel zeker sprake zijn wanneer het Algemeen Bestuur voornemens is de Begroting vast te stellen voor het zomerreces. De termijn van 15 april in het 2e lid hoeft niet bezwaarlijk te zijn wanneer de aanbieding van de ontwerp-Begroting medio juli van het jaar is gepland en de datum van vaststelling op z’n vroegst is gelegen eind juli danwel begin augustus. Immers de aanbieding van de stukken dient voldoende ruim gelegen te zijn voor de datum van de vergadering van het Algemeen Bestuur.

•

Artikel 31, lid 1 (Jaarrekening) Het wijzigen van de tekstpassage “telkens uiterlijk 1 juli” in “telkens uiterlijk 14 juli” in de 1e volzin van artikel 31, 1e lid schept enige ruimte in tijd voor het Dagelijks Bestuur tot weging van de ontvangen zienswijzen. Wel dient te worden gelet op het gestelde in lid 3 van genoemd artikel (uiterste datum van 1 juli van het jaar tot het aanbieden aan het Algemeen Bestuur van de voorlopige jaarrekening).

•

Artikel 36, lid 5: De eerste volzin bevat de woorden “schrijven” (na “het vorige lid”) en “een” (na “opdracht verleend”). Deze twee (2) woorden zijn ten onrechte opgenomen. Daarnaast dient na de passage “bedoeld in het vorige lid” een komma te worden geplaatst.

•

Artikel 36,lid 4, lid 5 en 6 (Uitreding): in deze leden worden vrijwel géén termijn vermeld waarbinnen besluitvorming moet plaatsvinden anders dan de termijn waarbinnen de uittredende deelnemer haar zienswijze moet uitbrengen met betrekking tot dit voorstel voor de financiële, personele en overige gevolgen. Hiermede wordt maximale handelingsvrijheid gecreëerd maar vereist dit wel in relatie tot lid 6 van artikel 36 bijzondere aandacht.

•

Artikel 36, lid 6: In de laatste volzin van lid 6 (“Het definitieve voorstel wordt vastgesteld uiterlijk acht kalendermaanden nadat de deelnemer zijn voornemen tot uittreding overeenkomstig het vorige lid bekend heeft gemaakt”) verwijst naar lid 5. Dit behoort te zijn lid 4.

•

Artikel 38, lid 3 (Opheffing): Na het besluit tot opheffing wordt door het Algemeen Bestuur een liguidatieplan vastgesteld. Dit eerst nadat hierover van de deelnemers een zienswijze is ontvangen. De formulering en volgorde van de bepalingen in dit artikel leidt o.i. tot de conclusie dat eerst nadat door de deelnemers besloten is tot opheffing van de GR Werkzaak Rivierenland, een zienswijze-procedure wordt gestart over de uitkomsten van het liguidatieplan en de besluitvorming daarover is voorbehouden aan het Algemeen Bestuur. Klopt deze constatering? Het lijkt niet aannemelijk dat deelnemers besluiten tot opheffing van de GR Werkzaak

Rivierenland alvorens zij kennis hebben kunnen nemen van alle financiële, personele en overige consequenties.

Vragen over deze brief? Dan kunt u contact opnemen met de heer J.J.M (Jos) Hulsen, senior beleidsadviseur Werk&lnkomen, Armoede en Schulden van het Team Samenleving. Hij is bereikbaar via de mail ihulsen@westmaasenwaal.nl of op het telefoonnummer 06 - 538 60 803. De raad van West Maës en Waal,

Bouwman

.

V.M. (Vincent) van Neerbos voorzitter

__________ ,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13950419/1