2023-227 STMG - Verzoek tot compensatie als gevolg van COA VVT
Tekst van het document
Geacht college van Burgemeester & Wethouders, Hierbij vragen we uw aandacht voor bijgaande brief, ondersteund vanuit meerdere aanbieders binnen de regio Rivierenland, waarvan de inhoud voor zichzelf spreekt. Graag zien we een reactie en uitnodiging tot gesprek tegemoet. Mede namens Leila Wesseling vanuit BetuweZorg, Hartelijke groet, Hans Willemsen Directeur STMG Ondersteuning Thuis BV
Mr. E.N. van Kleffensstraat 12 6842 CV Arnhem Telefoon: 06 - 53 69 48 92 E-mail: hans.willemsen@stmg.nl Website / Facebook / LinkedIn Aanwezig op maandag, dinsdag, woensdag, donderdag de gehele dag en vrijdagmorgen. Dit bericht kan informatie bevatten die niet voor u bestemd is. Als u niet de geadresseerde bent of als u dit bericht abusievelijk heeft ontvangen, wordt u verzocht de afzender te informeren en het bericht te verwijderen. STMG BV aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade, van welke aard dan ook, die verband houdt met risico’s verbonden aan het elektronisch verzenden van berichten.
College van Burgemeester en Wethouders gemeente West Maas en Waal P.a. info@westmaasenwaal.nl 17 oktober 2023, Arnhem Onderwerp: Verzoek tot compensatie als gevolg van Cao VVT Geacht college van Burgemeester en Wethouders, De zorgplicht van gemeenten binnen de WMO is van onschatbaar belang, een hoeksteen van een rechtvaardige en inclusieve samenleving. Het is de verantwoordelijkheid van gemeenten om ervoor te zorgen dat iedere individuele inwoner, ongeacht zijn of haar beperkingen, de zorg en ondersteuning ontvangt die nodig is om volwaardig deel te kunnen nemen aan het maatschappelijk leven. Door te zorgen voor passende voorzieningen, zoals hulpmiddelen, aanpassingen in huis of persoonlijke begeleiding, kunnen gemeenten de kwaliteit van leven van kwetsbare burgers aanzienlijk verbeteren. Wij als zorgverleners staan iedere dag paraat om te zorgen voor degenen die dit het hardst nodig hebben, wij zetten ons hiervoor in met hart en ziel. Het nakomen van de zorgplicht binnen de WMO door gemeenten is niet alleen een juridische verplichting, maar ook een morele verantwoordelijkheid. Het is een erkenning van ieders recht op een waardig en zelfstandig leven. Het is een investering in gelijkwaardigheid en sociale cohesie. Het is een bewijs dat we als samenleving klaarstaan voor elkaar, ongeacht onze individuele uitdagingen.
Bovenstaande in ogenschouw nemende vragen wij uw aandacht voor het volgende. Met het eerder dit jaar gesloten cao-akkoord met loonstijgingen zijn de uitvoeringskosten die nodig zijn om de zorg te continueren recht evenredig gestegen. Het openbreken van de CAO had tot doel om de salarissen van de zorgmedewerkers concurrerend te laten blijven in de krappe arbeidsmarkt en de hoge inflatie deels op te vangen. Daarmee is de continuïteit van zorg voor gemeenten geborgd. Zorgaanbieders zullen echter in grote financiële problemen te komen, tenzij de tarieven worden bijgesteld om de loonkostenstijging te dekken. Zoals (meermaals) aangegeven binnen het regionaal tactisch overleg zijn de tarieven voor huishoudelijke ondersteuning op dit moment nog steeds ontoereikend om de loonkostenstijging te dekken. Dit terwijl de loonstijgingen al van kracht zijn. Zonder de aanpassing van het tarief staat de continuïteit van zorg op het spel met negatieve impact voor uw inwoners tot gevolg. Huidige situatie regio Rivierenland Op basis van de AMvB reële prijs Wmo is de gemeente verplicht een reële prijs te betalen voor een Wmo dienst, waarmee de aanbieder kan voldoen aan de gemeentelijke eisen rondom kwaliteit en continuïteit van deze dienst en aan de arbeidsrechtelijke verplichtingen aan de beroepskracht die deze dienst verleent aan de cliënt.
Belangrijk uitgangspunt (verplicht element) daarbij is een jaarlijkse indexatie. In de parlementaire behandeling van deze AMvB heeft het kabinet nadrukkelijk bevestigd “dat het college een reële prijs dient te baseren op de cao die door de aanbieder in de betreffende sector moet worden gehanteerd”. Een reële prijs omvat derhalve een indexatie die dit waarborgt. De loonstijgingen in de CAO VVT voor zowel 2023 als 2024 staan bovendien vast. De indexatie van het loongevoelige deel van het Wmo-tarief dient derhalve daarop gebaseerd te worden. Het toepassen van een algemeen indexatiemechanisme zoals de OVA is niet kostendekkend en dus niet reëel. Een tweede element
van autonome kostenstijging van de uitvoeringskosten is de doorgroei van het huidige personeel binnen de loonschaal. Onze zorgmedewerkers worden steeds ouder en dat heeft tot gevolg dat de totale kosten van personeel de afgelopen jaren steeds verder zijn toegenomen. We willen u hierbij ook graag attenderen op het arrest van het Gerechtshof Leeuwarden-Arnhem van 21 januari 2020, nadien bekrachtigd door de Hoge Raad in het arrest van 8 oktober 2021 . Het Gerechtshof oordeelt als volgt: “De omstandigheid dat de prijzen worden geïndexeerd volgens de CBS-index voor cao-lonen volstaat naar het voorshands oordeel van het hof niet zonder meer: de prijzen moeten niet worden aangepast aan de gemiddelde loonstijgingen, maar aan de loonstijgingen volgens de toepasselijke CAO-VVT, nu de aanbieders aan die cao zijn gebonden. Dat de gemeenten niet rechtstreeks door die cao worden gebonden, maakt dat niet anders. Het gaat erom dat de loonkosten van de aanbieders bepalend zijn voor de prijs van de zorg en daarmee voor de reële prijs in de zin van artikel 5.4 lid 3 Wmo.” De uitspraak van het Hof is helder. De indexatie ingevolge de AMvB reële prijs Wmo 2015 dient gebaseerd te zijn op de toepasselijke cao, i.c. de CAO VVT. Dit is geheel in lijn met hetgeen het Kabinet in de parlementaire behandeling van de AMvB heeft aangegeven.
Als aanbieders voelen wij een gezamenlijke verantwoordelijkheid om uw inwoners te blijven voorzien van de nodige huishoudelijk hulp en doen nu een beroep op uw zorgplicht om er samen voor te zorgen dat we deze hulp kunnen continueren. Nieuwe Cao VVT: Wat betekent dit voor onze medewerkers in uw gemeente? Eerder dit jaar zijn werkgeversverenigingen en vakbonden tot een nieuw cao-akkoord gekomen waarbij de lonen voor huishoudelijk medewerkers in het komende jaar met 11,5 tot 14% stijgen, exclusief doorgroei in periodieken. De volgende loonsverhogingen zijn afgesproken: • • •
Per 1 oktober 2023 een 5% loonsverhoging met een bodem van EUR 125,-. Per 1 maart 2024 een 2,5% loonsverhoging met een bodem van EUR 75,Per 1 oktober 2024 een 2,5% loonsverhoging met een bodem van EUR 75,-.
Deze verhogingen vinden plaats bovenop de 3% salarisverhoging die in maart van dit jaar al is doorgevoerd vanuit de vorige cao-onderhandelingen en de doorgevoerde verhoging van het minimumloon per juli van dit jaar. Hoe nu verder? Als goed werkgever willen en moeten wij onze medewerker het CAO salaris bieden. Allereerst om ervoor te zorgen dat onze medewerkers (eveneens uw inwoners) zichzelf en hun gezin kunnen blijven onderhouden. Maar daarnaast ook om te zorgen dat de lonen in de zorgsector meestijgen met lonen uit andere branches, zodat personeel voor de zorg behouden blijft en personeelstekorten niet onnodig verder toenemen met groeiende wachtlijsten tot gevolg. Met het afsluiten van deze cao heeft de zorgsector haar verantwoordelijkheid genomen en wij vragen u hetzelfde te doen. We ontvangen graag van u een concreet voorstel waarmee we de komende periode in gesprek kunnen gaan om te komen tot een tarief dat voorziet in kostendekkende indexatie vanaf 1 oktober 2023 en 2024.
We vertrouwen erop gezamenlijk tot een wederzijds passende oplossing te komen en zien uw reactie graag tegemoet. Hartelijke groet, Zorgaanbieders huishoudelijke ondersteuning: STMG Ondersteuning Thuis BetuweZorg Thuiszorg Secuur Rivierenland Maatzorg De Betuwe Tzorg Actief Zorg Zorggroep Maas & Waal
Cc. gemeenteraad Gemeente West Maas en Waal (raad@westmaasenwaal.nl) Cc. Inkooporganisatie Regio Rivierenland (bvanbeuningen@regiorivierenland.nl)