13 GEWIJZIGD Raadsvoorstel begroting 2022 en Meerjarenperspectief 2023-2025 Werkzaak Rivierenland
Tekst van het document
Voorstel aan de gemeenteraad
Onderwerp
Begroting 2022 en Meerjarenraming 2023-2025 Werkzaak Rivierenland
Vergadering
Datum
Agendapunt
Rondetafelgesprek Raadsvergadering
3 juni 2021 17 juni 2021
5
Registratienummer Datum collegebesluit Datum presidium Portefeuillehouder Behandelend ambtenaar Programma Fatale termijn Openbaarheid Voorstel genodigden rondetafelgesprek:
Z.055322 / 173101 18-5-2021 18-5-2021 R.A.N. Reuvers J. Hulsen Maatschappelijke zaken Ja Openbaar
Rondetafelgesprek Afgedaan
Conclusie
Naar raad
Extra RTG
Terug naar college
Openstaande vragen Toezeggingen Overige opmerkingen Bijlagen Bijgevoegd
-
Stukken ter inzage
-
Aanbiedingsbrief d.d. 13 april 2021 Begroting 2022 en Meerjarenraming 2023-2025 Werkzaak Rivierenland Concept raadsbesluit Reactie Adviesraad Sociaal Domein (wordt nagezonden)
Voorgesteld besluit 1. 2.
Niet in te stemmen met de Begroting 2022 en Meerjarenraming 2023-2025 Werkzaak Rivierenland en zienswijze vast te stellen en deze te sturen aan het DB Werkzaak.
Onderwerp
Begroting 2022 en Meerjarenraming 2023-2025 Werkzaak Rivierenland
Toelichting 1. Aanleiding Werkzaak Rivierenland voert voor onze gemeente de Participatiewet uit. Op 13april 2020 hebben we de Begroting 2022 en Meerjarenraming 2023-2025 Werkzaak Rivierenland ontvangen. In de
aanbiedingsbrief zat het verzoek om een zienswijze in te brengen bij het DB Werkzaak. De Begroting 2022 en de Meerjarenraming 2023-2025 geven een financieel beeld van de gestelde doelen en ambities. Het is ook de vertaling van de Kadernota 2022 (uitgangspunten voor Begroting en Meerjarenraming). De Wet gemeenschappelijke regelingen schrijft voor dat uw raad een zienswijze mag indienen op de ontvangen stukken. Onze zienswijze moet uiterlijk18 juni 2021 zijn ingeleverd. Na ontvangst van de zienswijzen zal het AB Werkzaak de Begroting 2022 en Meerjarenraming 2023-2025 definitief vaststellen. Dit is in de vergadering van het Algemeen bestuur van 12 juli 2021. 2. Beoogd effect Kennisneming, beoordeling en behandeling van de concept Begroting 2022 en Meerjarenraming 2023-2025 Werkzaak Rivierenland, waaronder het opstellen van een zienswijze van West Maas en Waal over de stukken. 3. Argumenten 1.1. Ramingen gebaseerd op Kadernota 2022. Op 21 januari 2021 heeft het AB van Werkzaak Rivierenland de Kadernota 2022 vastgesteld. In de Kadernota zijn de uitgangspunten opgenomen die de grondslag vormen voor de Begroting 2022 en de Meerjarenraming 2023-2025. Zo is vastgelegd op welke wijze indexering van de kosten(ramingen) plaatsvindt.
Daarbij wordt onderscheidt gemaakt in: o Indexcijfer lonen: 1,5%; o Indexcijfer sociale lasten: 1,5%; o Indexcijfer materiële kosten: 1,4%; o Indexcijfer omzet: 1,8% Verder wordt rekening gehouden met een stabilisatie van het huidige personeelsbestand (afwijkingen tot 5% worden binnen de formatie opgevangen). De ontwikkelingen zullen nauw worden gevolgd. Bij de Bestuursrapportage bekijkt Werkzaak Rivierenland of de formatie moet worden aangepast. In de Kadernota 2022 en dus ook de P&C-documenten is opnieuw gewerkt met scenario’s. Dat is een goede ontwikkeling. Het maakt voor uw raad beter inzichtelijk welke risico’s er financieel zijn. Zowel positief als negatief. 1.2 Opnieuw opgesteld volgens nieuw model (doorontwikkeling en toekomstbestendig). De P&C-documenten zijn opgesteld volgens de nieuwste voorschriften. Zij voldoen hiermee aan de wettelijke voorschriften. Ook zijn weer inhoudelijke verbeteringen doorgevoerd. Dit o.a. op voorstel van de gemeenten. Het gaat daarbij om de Programma-inhoud en de verwerking van de rijksvergoedingen. De informatieverstrekking blijft daarbij op regelingenniveau. Beter is zichtbaar wat wil worden bereikt, wat daar voor wordt gedaan en wat het kost. Ook worden resultaten op de Rijksvergoedingen anders gepresenteerd.
Om stabiliteit in de bijdrage van gemeenten te krijgen is bij de kadernota 2022 besloten om voor het verschil tussen de kosten van BUIG en de rijksvergoeding een stelpost op te nemen. Immers de rijksvergoeding beweegt mee met de economie. De prognose is dat het subsidieresultaat elk jaar positiever wordt. Zowel de Begroting 2022 als de Meerjarenraming 2023-2025 geven daarmee een beter inzicht. 1.3 Inspelen op ontwikkelingen en werken met scenario’s Naast dat in de Begroting 2022 weer gewerkt wordt met scenario’s, wordt ook geanticipeerd op ontwikkelingen in de Rijksregelgeving. Voor de bestandsontwikkeling worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: o Voor de uitkeringen gaat Werkzaak uit van het scenario “basis herstel”. Dit betekent een groei van 10% in 2022 ten opzichte van 1 januari 2021; o Door pensionering daalt het aantal Wsw’ers met 5% per jaar; o Deze daling wordt gecompenseerd door een stijging van de doelgroep beschut en een stijging van het aantal werkzoekenden met een loonkostensubsidie. Corona leidt naar verwachting tot een tijdelijke groei van het uitkeringsbestand. Hierdoor stijgen de uitkeringslasten. Deze stijging wordt gecompenseerd door een hogere rijksvergoeding. Binnen de verschillende doelgroepen werkzoekenden is er een verschuiving gaande.
Zo zijn er meer jongeren die instromen in de uitkering en meer jongeren die de indicatie Beschut krijgen, daarentegen neemt de ouderen groep die een uitkering ontvangt af.
In de Begroting 2022 en de Meerjarenraming 2023-2025 is ook weer de verbinding gelegd met het vastgestelde Meerjarenbeleidsplan. De ambities en doelstellingen voor 2022 zijn daarbij in de programma’s vertaald. Dit beleidsplan biedt de mogelijkheid om vanuit de zeven thema’s (technologie, sociaal ondernemerschap, circulaire economie, welvaartsverdeling, geluk, migratie en een leven lang leren) mee te bewegen met de actuele ontwikkelingen. Eén van de stappen hierin is het transformeren van het orderportfolio richting circulaire economie en een lang leven leren. De speerpunten zijn: o Inzetten op digitalisering om professionalisering van onze dienstverlening te bereiken; o Opstellen van een strategisch plan voor de locatie Poppenbouwing; o Blijven inzetten op innovatie die we financieren met externe inkomsten; o Bepalen van de formatie op basis van de caseload, waarbij we het lopend jaar de eventuele groei van het uitkeringsbestand tot 5% opvangen in de reguliere formatie; o Meer in balans brengen van de risico’s met de algemene reserve. Ook wordt aandacht gegeven aan het continue ontwikkelen van de Bedrijfsvoering. Daarbij wordt uitgegaan van het principe dat er bij ongewijzigd beleid geen stijging van de bedrijfskosten (behalve indexatie) plaatsvindt. In de overige P&C-documenten zal hiervoor ook aandacht zijn zodat de raden de ontwikkelingen kunnen (blijven) monitoren.
1.4 Cijfers zijn transparant en geven getrouw beeld. De Begroting 2022 is opgebouwd volgens een nieuwe programmastructuur. Daarbij is ingespeeld op de uitkomsten van de Bestuurlijke agenda 2020. Daarmee wordt ook een eerste aanzet gegeven voor het businesscase-denken. Het betekent wel een uitbreiding van het aantal programma’s (tot 6). Hiermee wordt de transparantie wel vergroot. 1.5 Strijdigheid met afspraken binnen de Bestuurlijke Agenda 2020. In de raadsvergadering van 4 maart 2021 is een besluit genomen over de zogeheten Bestuurlijke Agenda 2020. Daarbinnen werden gewijzigde bekostigingsafspraken vastgelegd met betrekking tot niet allen de rijksvergoedingen Participatiewet maar ook de WSW-taken. Verder is par. 3.2.3 van de Eindrapportage ingegaan op het dempen van de effecten voor de gemeenten door te kiezen voor een ingroeitermijn (periode 2022 t/m 2025). Dit is nader uitgewerkt in het Technisch Bijlagenrapport (hoofdstuk 5 en bijlage 4). Op basis van de voorliggende begroting 2022 en het Meerjarenperspectief moeten we vaststellen dat de effecten voor West Maas en Waal niet in overeenstemming zijn met de gemaakte bestuurlijke afspraken. Reeds in het begrotingsjaar 2022 ondervinden wij de effecten van de Bestuurlijke Agenda 2020 volledig. In de jaren 2023 t/m 2025 blijft onze bijdrage nagenoeg gelijk.
Hiermee is de Begroting 2022 niet in overeenstemming met de eerder gemaakte bestuurlijke afspraken. Reden voor ons om dus niet in te stemmen. 1.6 Geen invulling aan oproep tot taakstellende bezuiniging In het najaar van 2020 is door de gemeenten in de regio Rivierenland besloten tot het opleggen van een taakstellende bezuinigingsopdracht aan de diverse Gemeenschappelijke regelingen waaronder Werkzaak Rivierenland. In de ons aangeboden Begroting 2022 (en bijbehorend Meerjarenperspectief) is niet terug te vinden of en zo ja, op welke wijze hieraan invulling wordt gegeven. Ook wanneer hieraan (nu nog) niet een invulling kon worden gegeven, is niet het de aangeboden stukken terug te vinden. Voor ons voldoende reden om niet in te stemmen met de ontvangen Begroting 2022. 2.1 Zienswijze vaststellen en op tijd inzenden aan het DB Werkzaak. Het DB van Werkzaak moet uiterlijk 18 juni 2021 onze zienswijze op de Begroting 2022 en Meerjarenraming 2023-2025 ontvangen. In onze zienswijze staat dat uw raad niet instemt met de voorliggende stukken. 4. Kanttekeningen 1.1. Begroting 2022 en Meerjarenraming 2023-2025 wijzigt nog. De gepresenteerde cijfers zijn gebaseerd op de verdeelsystematiek zoals die geldt vanaf de start van Werkzaak Rivierenland in 2016. De besluitvorming over de evaluatie, genaamd de Bestuurlijke Agenda 2020, is in een afrondende fase.
Op het moment van opstellen van de Begroting 2022 liep in de meeste gemeenten nog het bestuurlijke traject voor aanpassing van de
verdeelsystematiek op de bedrijfsvoeringskosten en de toerekening van kosten en opbrengsten naar enerzijds SW en anderzijds Participatiewet. Via een Bestuursrapportage worden de effecten daarvan vertaald in de Begroting 2022 en het Meerjarenperspectief. Risico’s Ja, financieel. In de concept-Begroting 2022 en Meerjarenraming 2023-2025 van West Maas en Waal hebben we opgenomen de uitkomst van de ontvangen concept-Begroting 2022 van Werkzaak Rivierenland. Pas in juli 2020 stelt het AB van Werkzaak Rivierenland de Begroting 2022 en Meerjarenraming 2023-2025 definitief vast. Een gewijzigde vaststelling van deze stukken van Werkzaak Rivierenland (en dus een ander resultaat) verwerken wij in onze Najaarsnota. Daarnaast wordt in september 2021 de Begroting 2021 van Werkzaak geactualiseerd. Verder vindt via een Bestuursrapportage actualisatie van de begroting van Werkzaak plaats als uitwerking van de besluitvorming rond de Bestuurlijke Agenda 2020. Daarnaast hebben we te maken met de economische effecten van de Covid-19 pandemie. Via rapportages worden wij zeer frequent door Werkzaak Rivierenland op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen (zowel getalsmatig, inhoudelijk als financieel). 5. Financiën Bij de in de primitieve Begroting 2022 van Werkzaak Rivierenland zouden wij de volgende opmerkingen willen plaatsen.
o Algemeen: In de Begroting en het Meerjarenperspectief is rekening gehouden met toename van het aantal bijstandsgerechtigden met 10% (scenario herstel-basis). De praktijk zal moeten uitwijzen of die aanname gerechtvaardigd is. De duur van de economische gevolgen van de COVID-19 pandemie en het nationaal herstelbeleid spelen hierbij een grote rol. o Pag 9 e.v. Programma’s De Begroting 2022 is opgebouwd aan de hand van 6 programma’s. Hiermee wordt ingespeeld op de uitkomsten van de Bestuurlijke Agenda 2020. Het draagt ook bij aan het businesscase denken. Relevante informatie (zoals doelstellingen en beleidsindicatoren) zijn toegevoegd. Voor het vergelijk zijn de cijfers 2022 (en meerjarenperspectief) geplaatst tegenover de cijfers van de Jaarrekening 2020 en de Begroting 2021. o Pag 13 Participatie Werkzaak Rivierenland maakt geen onderscheid in de dienstverlening op basis van achtergrond van de doelgroep. De doelstellingen voor dit programma en de programma’s Wet sociale werkvoorziening en Beschut komen daarom overeen. De programmatekst is opgenomen in dit programma. Bij de overige programma’s wordt hiernaar verwezen. Hoewel het aantal dienstverbanden vrijwel gelijk blijft, zien we – zoals verwacht – een daling binnen het SW. Daartegenover staat een toename voor Beschut en Loonkostensubsidie P-wet.
o Pag 16 Sociale werkvoorziening West Maas en Waal is voor dit onderdeel geen deelnemer van Werkzaak Rivierenland. o Pag. 20 Inkomensvoorziening: Voor het resultaat tussen de rijksvergoeding en de kosten is een stelpost (voor 2022 groot € 2,9 milj. en aflopend tot € 2 milj. in 2025) in de begroting opgenomen zodat de impact op de begroting gedempt wordt. In financiële zin maakt de crisis het begroten onzeker. Echter door het opleveren van rapportages en maandelijks monitoren, blijft Werkzaak wel in control. o Pag. 30 Onvoorzien Bij dit onderdeel wordt rekening gehouden met een post “onvoorzien” van € 50.000,--. Voor een organisatie van deze omvang zeker niet ongebruikelijk. Verantwoording achteraf zal hiervan plaatsvinden. Samenvatting. Per saldo resulteert de nieuwe begroting 2022 (€ 14,510 milj.) in een stijging van de totale gemeentelijke bijdragen met ca € 0,557 milj. t.o.v.de jaarschijf 2022 in de begroting 2021 (€ 13,953 mil.). Het bedrag ad € 0,557 milj. bestaat uit indexatie (€ 420.000), digitale dienstverlening (€ 57.000) en daling van omzet (€ 80.000). Effect voor West Maas en Waal.
Op pagina 51 en volgende van de concept-Begroting 2022 staan per gemeente de bijdragen aan Werkzaak Rivierenland gespecificeerd weergegeven. De totale bijdrage voor 2022 wordt geraamd op € 4,871 milj. (zowel rijksvergoedingen als uitvoeringskosten). In de jaren daarna (2023 t/m 2025) loopt dit bedrag zeer licht af tot € 4,825 milj.. Daarbij moet worden opgemerkt dat rekening is gehouden met een stelpost BUIG. Een vergelijk met de cijfers uit de jaarrekening 2020 is daarom niet realistisch. Ook niet omdat in de rekening 2020 zijn opgenomen de kosten van de Tozo-regeling (zowel verstrekkingen als uitvoeringskosten). Wij merken op dat de Begroting 2022 en het opgenomen Meerjarenperspectief nog de nodige veranderingen ondergaan. Dit als gevolg van de uitkomsten van de Bestuurlijke Agenda 2020. Actualisatie van de cijfers vindt zoals gezegd plaats bij de gebruikelijke P&C-documenten, zoals de Bestuursrapportage van Werkzaak Rivierenland. Het financieringsresultaat is in de gemeentebegroting zichtbaar op de onderscheidene posten (Pwet, IOAW, IOAZ, BBZ, SW). De eventuele uitkomsten van een gewijzigde definitieve vaststelling van de Begroting 2022 Werkzaak Rivierenland zullen wij verwerken bij de opstelling van gemeentelijke Najaarsnota 2021. 6. Communicatie Op 13 april 2021 is door Werkzaak een digitale informatiebijeenkomst georganiseerd voor alle deelnemende raden.
Uiteraard was er ook gelegenheid tot het stellen van vragen. De Adviesraad Sociaal Domein is geïnformeerd over de Begroting 2022 en de Meerjarenraming 2023-2025 Werkzaak Rivierenland. Op 27 mei 2021 hebben wij vernomen dat de Adviesraad instemt met de zienswijze zoals die is verwoord in dit voorstel. Hun reactie is als bijlage aan de stukken toegevoegd. 7. Aanpak en planning 7.1. Aanpak en planning Wanneer u akkoord gaat, sturen wij de zienswijze aan Werkzaak Rivierenland. 7.2. Evaluatie Na definitieve vaststelling van de Begroting 2021 en Meerjarenraming 2022-2024 Werkzaak Rivierenland stellen wij u daarvan in kennis stellen.
Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van West Maas en Waal, De gemeentesecretaris, De burgemeester,
P.G. (Perry) Arissen
V.M. (Vincent) van Neerbos