10.1 Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept
Tekst van het document
JAARVERSLAG 2020 versie 1.0
INHOUD Pagina
1
2
3
Programma & Producten.............................................................................................................. 1 1.1
Programma ........................................................................................................................................ 1
1.2
Bestuur ............................................................................................................................................... 1
1.3
Afvalverwerking ................................................................................................................................ 2
1.4
Netwerkondersteuning ...............................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.
Paragrafen ...................................................................................................................................... 3 2.1
Financiële paragraaf ........................................................................................................................ 3
2.2
Verbonden partijen ........................................................................................................................... 6
2.3
Weerstandsvermogen en risicobeheersing .................................................................................. 7
2.4
Bedrijfsvoering .................................................................................................................................. 8
2.5
Onderhoud kapitaalgoederen ......................................................................................................... 9
JAARREKENING 2019 ................................................................................................................ 10 3.1
Algemeen ......................................................................................................................................... 10
3.2
Balans .............................................................................................................................................. 12
3.3
Toelichting balans .......................................................................................................................... 14
3.4
Overzicht van baten en lasten ...................................................................................................... 18
3.5 Toelichting overzicht van baten en lasten................................................................................... 20 3.5.1 Bestuur ................................................................................................................................... 21 3.5.2 Product Afvalverwerking ...................................................................................................... 21 3.5.3 Netwerkondersteuning Projecten ....................................................................................... 22 3.5.4 Analyse begrotingsrechtmatigheid ..................................................................................... 23 3.5.5 Analyse onvoorzien .............................................................................................................. 23 3.5.6 Analyse overzicht van baten en lasten .............................................................................. 24 3.5.7 Incidentele baten en lasten.................................................................................................. 24 3.5.8 Wet normering topinkomens ............................................................................................... 24 3.6 Overige gegevens ..........................................................................................................................
26 3.6.1 Gebeurtenissen na balansdatum ........................................................................................ 26 3.7 4
Bestemming saldo en vrijval bestemmingsreserve ................................................................... 26
Bijlagen ......................................................................................................................................... 27 4.1
ledenlijst algemeen en dagelijks bestuur .................................................................................... 27
1
Programma & Producten
1.1 Programma Doelstelling, taken en bevoegdheden en producten De gemeenschappelijke regeling MARN is getroffen ter behartiging van de gemeenschappelijke belangen van de deelnemende gemeenten ter bescherming van het milieu, waaronder in ieder geval begrepen een doelmatige en milieuhygiënisch verantwoorde verwijdering van afvalstoffen, in het bijzonder het aandeelhouderschap in ARN B.V.. Dat maakt ook haar programma uit. Rechtskarakter De gemeenschappelijke regeling is een rechtspersoonlijkheid bezittend samenwerkingsverband, dat is opgericht op grond van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen. Ter uitvoering van de doelstelling van de MARN worden de volgende producten onderscheiden: 1. Bestuur; 2. Afvalverwerking, in het bijzonder de relatie met ARN B.V.; 1.2 Bestuur Wat hebben we bereikt en wat hebben we er voor gedaan? De MARN is aandeelhouder en leverancier van afval aan ARN B.V.. In de praktijk leveren de gemeenten het afval aan via de inzamelaar Dar NV. Ook loopt de financiële afwikkeling van de afvalverwerking via Dar. De aandacht van (het bestuur van) MARN gaat uit naar de juiste invulling van het aandeelhouderschap. Tevens is GR MARN betrokken bij het stimuleren van de circulaire economie in de regio.
Doordat in 2019 Regio De Vallei en in 2020 Regio Rivierenland zich terugtrokken als aandeelhouder, bleven er vanaf 18 mei 2020 twee aandeelhouders over: de GR MARN als publieke partij met 51% van de aandelen en Remondis als private partij met 49% van de aandelen. Het aantal aandelen van GR MARN is gelijk gebleven, ARN BV heeft de aandelen van de vertrekkende regio’s en een beperkt deel van de aandelen van Remondis ingenomen, Hiermee is het eerdere uitgangspunt dat de ARN BV voor het merendeel in publieke handen moet zijn, gestand gedaan. Het bestuur streeft naar deelname van meerdere publieke aandeelhouders, maar dat heeft nog geen resultaat opgeleverd. De verkenning van de toekomst van GR MARN, mede in relatie tot de energietransitie leidde in 2020 tot de conclusie dat MARN zich gaat ontwikkelen naar een MARN+. De plus staat dan voor een actievere invulling van het aandeelhouderschap in de ARN een het benutten van dit aandeelhouderschap bij de energietransitie. In 2020 is in het kader van de energietransitie een onderzoek gestart naar de mogelijkheden van de regiogemeenten om de warmte en de overige energie van de ARN te benutten. Het Algemeen Bestuur heeft hiervoor een bestuurlijk/ambtelijke werkgroep ingesteld. Royal HaskoningDHV ondersteunt ons hierbij. Dit zal in 2021 tot conclusies leiden.
De werkgroep onderzoekt tevens hoe de GR MARN een actievere invulling kan geven aan haar aandeelhouderschap. Ook op dit thema zullen in 2021 conclusies getrokken worden. Het bestuur heeft besloten twee initiatieven te ondersteunen uit de post advieskosten. In november 2019 heeft het Algemeen Bestuur besloten financiële ondersteuning te geven aan de Circulaire Raad, een programma om ontwikkeling te geven aan de circulaire economie in de regio. Ook voor 2021 is deze ondersteuning toegezegd. Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
1
Tevens heeft het bestuur de ondersteuning aan Cirkelstad, waarmee circulair bouwen wordt gestimuleerd. Wat heeft het gekost? Product Bestuur Voor een verdere onderbouwing en toelichting word verwezen naar de jaarrekening.
1.3 Afvalverwerking Wat hebben we bereikt en wat hebben we er voor gedaan? Het product betreft het geheel aan (financiële) relaties die de MARN heeft met de besloten vennootschap ARN B.V. De MARN was en is op een aantal wijzen verbonden met deze vennootschap: 1. Contractpartner voor aanlevering van afval en indirect leverancier van afvalstoffen; 2. Aandeelhouder in het aandelenkapitaal van ARN B.V.; 3. Eigenaar/verhuurder van de gronden waarop de installaties en stortlocatie van ARN B.V. zijn gelegen. In 2017 zijn de gronden verkocht en is deze relatie vervallen (zie onder); MARN heeft sedert jaren een langdurige doorlopende overeenkomst voor het aanleveren van verschillende afvalstromen met ARN B.V., waaronder restafval en GFT. Het bestuur beoordeelt de verhouding met ARN B.V., op transparantie en streeft waar mogelijk naar een verlaging van het tarief en het verder inzetten op duurzaamheid. MARN heeft zijn rol als aandeelhouder gespeeld in de Algemene Vergadering van Aandeelhouder waarbij de stukken van ARN B.V. zijn besproken. MARN heeft de gronden in 2017 verkocht aan ARN B.V. voor een bedrag van € 11.500.000 kosten koper. Met ARN B.V. is een leenovereenkomst aangegaan waarbij ARN B.V. over een periode van 20 jaar dit bedrag aflost en een marktconforme rente betaalt waarbij inbegrepen een risico-opslag op de rente.
Ter verzekering van de betaling van de termijnen van de koopprijs heeft ARN B.V. aan MARN zekerheid verstrekt in de vorm van een eerste recht van hypotheek op de percelen die onderdeel uitmaken van de verkoop. In de huurovereenkomst en de acte tot vestiging van een recht van opstal waren verschillende bepalingen opgenomen over gebruik van de terreinen, de risico’s en dergelijke. Deze bepalingen zijn volledig opgenomen in de acte tot verkoop.
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
2
Wat heeft het gekost? Product Afvalverwerking
De kosten en baten van afvalverwerking liggen in lijn met de begroting.
2
Paragrafen
2.1 Financiële paragraaf Uitgangspunten De gemeenschappelijke regeling houdt zich aan de Begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen voor wat haar financieel beleid betreft. Positieve resultaten op basis van een vastgesteld jaarverslag worden conform besluiten van het Algemeen Bestuur uitgekeerd aan de deelnemende gemeenten conform de bepalingen van de tekst van de gemeenschappelijke regeling MARN (zie ook weerstandsvermogen) tenzij door het bestuur een bestemming wordt gegeven aan (een deel van) het exploitatiesaldo. De paragraaf betreffende de financiering bevat onder andere de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille en geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de wijze waarop rente aan investeringen en taakvelden wordt toegerekend en de financieringsbehoefte. De kaders ten aanzien van risicobeheer zijn vastgelegd in de Financiële Verordening MARN en het Treasurystatuut. Wet FiDo In de wet Financiering Decentrale Overheden, afgekort de wet FiDo, zijn de kaders gesteld voor een verantwoorde professionele inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie van decentrale overheden. Ten behoeve van een verbeterde werking van de financieringsfunctie van decentrale overheden naar aanleiding van o.a. de kredietcrisis, is de gewijzigde wet FiDo per 1 januari 2009 in werking getreden.
De treasuryfunctie omvat alle activiteiten die zich richten op het besturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële stromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. Verplicht Schatkistbankieren voor decentrale overheden Het vanaf 10 december 2013 verplichte schatkistbankieren, in feite schatkistbeleggen, houdt in dat o.a. gemeenten en door hen opgerichte gemeenschappelijke regelingen al hun overtollige liquide middelen (‘beleggingen’) aanhouden bij het ministerie van Financiën en niet langer financiële geldmiddelen en vermogens bij private partijen buiten de schatkist aanhouden. De middelen die een decentrale overheid aanhoudt, blijven beschikbaar voor de uitoefening van de publieke taak. Het principe van schatkistbankieren is dat publiek geld de schatkist niet eerder verlaat dan noodzakelijk is voor de uitvoering van de publieke taak. Wet Houdbare overheidsfinanciën De Wet Houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof), in werking getreden per 1 januari 2014, betreft de Nederlandse uitwerking van Europese afspraken ten aanzien van de overheidsfinanciën. De Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
3
Europese begrotingsafspraken zijn gericht op het terugdringen van het nationale EMU-tekort tot onder de 3 procent. In de wet worden de afspraken vertaald naar nadere doelstellingen ten aanzien van de schuldomvang en het begrotingstekort van decentrale overheden. Verslag over het jaar 2020 Aangegane en verstrekte leningen De MARN is in het verleden een aantal leningen aangegaan in het kader van de aanschaf van de gronden waarop de installaties van ARN B.V. zijn gebouwd, de stortplaats wordt geëxploiteerd en de aandelen in de ARN B.V. mee zijn gefinancierd. Van deze resteerde alleen nog een kasgeldlening bij BNG van € 2.000.000. In het kader van de verkoop van de gronden aan ARN B.V. heeft het bestuur besloten deze lening om te zetten in een aflosbare lening (20 jaar) vanaf 1 juli 2017. Deze lening is aangegaan bij BNG tegen een rentepercentage van 1,33 %. MARN heeft aan ARN B.V. een lening verstrekt ten behoeve van de aankoop door ARN B.V. van de gronden die in eigendom waren van MARN. Dit bedrag is groot € 11.500.000. Hierop wordt door ARN B.V. jaarlijks rente en aflossing betaald. Het rentepercentage van deze lening is gesteld op een vaste rente van 3,09% op jaarbasis voor de gehele periode van aflossing. Wij refereren naar de toelichting bij de jaarrekening. Rentebaten en -lasten Gedurende het jaar 2020 heeft de MARN rente betaald over de door haar aangegane lening.
Ten opzichte van de vastgestelde begroting 2020 is rente betaald in de grootte van € 23.664. Gedurende het jaar 2020 heeft MARN van ARN B.V. een bedrag van € 303.984 aan rente ontvangen (begroting € 303.985). Voor het overige zijn naar onze kennis reikt geen investeringen gepland waarvoor door ARN B.V. een beroep op de aandeelhouders zou worden gedaan. Schatkistbankieren De gelden die de gemeenschappelijke regeling niet direct nodig heeft gehad voor haar eigen exploitatie zijn gedurende het boekjaar ondergebracht bij de ING-bank. MARN handelt conform het zogenaamde “Schatkistbankieren”. Bedragen boven de € 400.000 (gemiddeld over een maand) worden op een speciaal daartoe geopende rekening gezet bij het Rijk. Wij refereren naar de toelichting bij de jaarrekening. Kasgeldlimiet Een belangrijk uitgangspunt van de Wet Fido is het beheersen van risico’s die samenhangen met de rentelasten van decentrale overheden. Om een grens te stellen aan korte financiering (rentetypische looptijd tot één jaar) is in de Wet Fido de kasgeldlimiet opgenomen. Juist voor korte financiering geldt dat het renterisico aanzienlijk kan zijn, aangezien fluctuaties in de rente bij korte financiering direct een relatief grote invloed hebben op de rentelasten. De kasgeldlimiet wordt berekend als een percentage van het totaal van de jaarbegroting van i.c. de MARN bij begin van het jaar.
Artikel 4, lid 1 Wet FIDO bepaalt, dat de gemiddelde netto-vlottende schuld per kwartaal niet de kasgeldlimiet overschrijdt. Hiervoor wordt het gemiddelde genomen van de korte financiering op de eerste dag van de drie kalendermaanden in een kwartaal. De ontwikkeling van de kasgeldlimiet in 2020 blijkt uit onderstaande opstelling (alles in euro’s):
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
4
Renterisiconorm De renterisiconorm heeft als doel om het renterisico bij herfinanciering te beheersen. Hoe meer de aflossing van de schuld in de tijd wordt gespreid, hoe minder gevoelig de begroting wordt voor renteschokken bij de herfinanciering. Het renterisico op het begrotingstotaal overschrijdt de renterisiconorm niet (artikel 6, lid 1 Wet FIDO). De renterisiconorm wordt berekend door een vastgesteld percentage te vermenigvuldigen met het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar. Op basis van de wijzigingswet stelt de beoogde renterisiconorm in de kern dat de jaarlijkse verplichte aflossing en renteherzieningen niet meer dan 20% van de begroting mogen bedragen. Het maximum percentage van 20% moet voor de komende vier jaar worden berekend op basis van de begroting voor het komende jaar. De horizon van het begrotingsjaar plus de komende drie jaar komt overeen met de periode van de meerjarenraming. Zoals vermeld is de kasgeldlening die door MARN was aangegaan per medio 2017 omgezet naar een aflosbare lening met een looptijd van 20 jaar met een vast rentepercentage. De termijn loopt hier mee gelijk aan de aflossingsverplichting van ARN B.V. in het kader van de grondverkoop. Tevens is in dat kader door MARN een langlopende lening verstrekt aan ARN B.V., eveneens met een vast rentepercentage.
Resumé In de rekening van de MARN zijn geen voorzieningen voor financieringsrisico’s getroffen, zij het dat de lening die verstrekt is aan ARN B.V. afgedekt is met een eerste recht van hypotheek op de percelen betrokken in de grondverkoop . In artikel 27 lid 1 van de tekst van de gemeenschappelijke regeling MARN wordt vermeld dat de gemeenten gezamenlijk garant staan voor de juiste betaling van rente, aflossing, boeten en kosten van de door het openbaar lichaam gesloten en af te sluiten langlopende en kasgeldleningen en in rekening opgenomen en op te nemen gelden, en voor de door het openbaar lichaam verstrekte garanties. In lid 2 van dat artikel wordt verder vermeld dat elke deelnemende gemeente hierbij is verbonden naar verhouding van haar inwonertal. Daarbij zijn Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
5
de inwonertallen bepalend zoals deze door het Centraal Bureau voor de Statistiek worden bekend gemaakt. Tevens zijn er geen claims van derden, noch zijn er bijzondere risico’s in de deelnemingen (ARN B.V.) en zijn er geen rechtsgedingen. Omzetbelasting Na de verkoop van de gronden is MARN niet meer betrokken in de BTW-heffing. 2.2 Verbonden partijen Voor de financiële consequenties van deze relatie wordt verwezen naar het Treasury-verslag als ook de Risicoparagraaf. Aandeelhouderschap MARN heeft een aandelenpakket in de vennootschap ARN B.V. Het betreffen 3.750 aandelen. Doordat in 2019 Regio De Vallei en in 2020 Regio Rivierenland zich terugtrokken als aandeelhouder, bleven er vanaf 18 mei 2020 twee aandeelhouders over: de GR MARN als publieke partij met 51% van de aandelen en Remondis als private partij met 49% van de aandelen. Het aantal aandelen van GR MARN is gelijk gebleven, ARN BV heeft de aandelen van de vertrekkende regio’s en een beperkt deel van de aandelen van Remondis ingenomen, Daarmee heeft de MARN tot 18 mei een belang van 37,5% en na 18 mei 51%. Deze aandelen zijn door de MARN voor 100% volgestort. Elk aandeel vertegenwoordigt een nominale waarde van € 453. Stemrecht Nu GR MARN 51% van de aandelen heeft en Remondis 49% is daarmee ook het stemrecht in deze verhouding bepaald.
Besluiten moeten met tweederde meerderheid genomen worden, wat betekent dat beide aandeelhouders moeten kunnen instemmen met de voorstellen. Raad van commissarissen De ARN B.V. kent naast de directie tevens een Raad van commissarissen. Namens de regioaandeelhouders, waaronder de MARN, hebben een aantal leden in het jaar 2020 zitting gehad in de Raad van commissarissen. Tot 18 mei 2020 waren dat de heren Hirdes en Van Eert, vanaf 18 mei 2020 de heren Hirdes en Thijssen. MARN is één van de aandeelhouders in ARN B.V.. Een besloten vennootschap kent een eigen juridische structuur met bevoegdheden en verantwoordelijkheden. De jaarstukken van ARN B.V. worden medio van elk jaar vastgesteld in de Algemene vergadering waarin MARN zitting heeft. Deze stukken worden in de vergadering van het Algemeen Bestuur voorbesproken. Bij het opstellen van de jaarrekening 2020 van de MARN zijn alleen de cijfers van de Jaarrekening 2019 van ARN B.V. bekend. Het eigen vermogen van ARN B.V. bedraagt € 19.656.612,- per ultimo 2019. Op basis van de jaarrekening 2019 heeft ARN B.V. langlopende schulden in de hoogte van € 19.023.437,- tegen een bedrag van € 22.688.053,- het jaar er voor. Het resultaat over 2019 bedroeg € 1.861.001,- tegen € 279.998,- in het jaar er voor. MARN heeft voor de verwerking van het afval van de deelnemers in MARN een vast tarief met een jaarlijkse indexering.
De aanleverovereenkomst loopt tot 2026. MARN is sedert begin 2017 geen eigenaar meer van de gronden die zij voorheen verhuurde aan ARN B.V.. ARN B.V. is nu eigenaar.
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
6
2.3 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Door het Algemeen Bestuur is in juni 2014 besloten dat de MARN geen weerstandsvermogen dient aan te houden anders dan de € 10.000 Post onvoorzien uit de begroting. Er dient echter wel onderkend te worden dat er bij ongewijzigd beleid op korte termijn een liquiditeitstekort zal optreden. Doordat de rente-inkomsten ieder jaar afnemen en de component aflossing jaarlijks wordt uitgekeerd aan de gemeente, worden de inkomsten ieder jaar lager. De kosten zullen naar verwachting niet afnemen, waardoor er in 2023 een negatief banksaldo zal ontstaan. Ook zal het resultaat vanaf 2027 negatief zijn. In de begroting zullen enkele scenario’s uitgedacht en gepresenteerd worden, om dit risico te beheersen. Het eigen vermogen van de MARN, bestaande uit de bestemmingsreserve en het gerealiseerd resultaat over het jaar 2020, bedraagt per 31-12-2020 € 9.860.156 Indien de Algemene reserve onvoldoende is om in een bepaald jaar tekorten, die voortvloeien uit de rekening, op te vangen en er geen andere dekking kan worden gevonden, wordt het bepaalde in de tekst van de gemeenschappelijke regeling MARN artikel 28 van toepassing. Daarin is bepaald dat de gemeenten naar rato van het inwonerstal dienen bij te dragen in tekorten van de MARN. Daarbij dienen cijfers van het CBS over het inwonertal te worden gebruikt.
Risicobeheersing De risico’s van de MARN zijn beperkt dan wel afgedekt (zie onder). Het Algemeen Bestuur heeft in de notitie Weerstandsvermogen bepaald dat voor de afdekking van de risico’s de begrotingspost Onvoorzien voldoende is. Daarnaast is MARN aandeelhouder in ARN B.V. Tevens heeft MARN met ARN B.V. een vast tarief met indexering voor het door de deelnemers in de MARN aangeleverde afval. Wel heeft zij een lening bij ARN B.V. lopen maar deze is afgedekt met een eerste recht van hypotheek. Daarnaast loopt MARN een risico van ten hoogste de waarde van de aandelen die MARN heeft in ARN B.V. Deze zijn gewaardeerd tegen de werkelijke verkrijgingsprijs en wel voor een waarde van € 1.701.675. ARN B.V. heeft dezelfde aandelen gewaardeerd tegen een prijs van € 1.702.500. Het verschil kan worden verklaard door de afronding die door ARN B.V. wordt gehanteerd. MARN heeft de aandelen geactiveerd tegen de werkelijke prijs van € 453,78, waar ARN B.V. met € 454,- heeft gerekend. Verder wordt verwezen naar de paragraaf verbonden partijen. Kengetallen De BBV vereist dat kengetallen ter ondersteuning van de beoordeling van de financiële positie opgenomen worden in de paragraaf weerstandsvermogen. Deze kengetallen maken inzichtelijk over hoeveel ruimte de organisatie beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken of opvangen.
Ze geven zodoende inzicht in de financiële weer- en wendbaarheid. Onderstaand zijn de voorgeschreven kengetallen opgenomen. De wijze waarop de kengetallen berekend moeten worden is opgenomen in de Regeling van de Minister van BZK van 9 juli 2015 en gewijzigd 26 oktober 2015.
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
7
Interpretatie kengetallen Bij de normering volgens de provincie Gelderland worden bovenstaande waarden ingedeeld in 3 categorieën, zoals aangegeven in de brief van 7 oktober 2015. Deze categorieën sluiten aan bij de landelijk vastgestelde signaleringswaarden. Categorie A is het minst risicovol, categorie C het meest. Op basis van de kengetallen ontstaat een beeld dat MARN voor 3 van de 4 onderdelen onder de categorie A valt, de minst risicovolle. De netto schuldquote valt in categorie C, dit komt doordat er bij gelijkblijvende schulden, minder baten zijn (in 2017 grondverkoop). 2.4 Bedrijfsvoering De gemeenschappelijke regeling kent op basis van de tekst van de regeling de volgende te onderscheiden organen: het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur en de Voorzitter. Daarnaast bestaat er een ambtelijke ondersteuning bestaande uit een secretaris. Bestuursorganen Het Algemeen Bestuur Het Algemeen Bestuur bestaat uit acht leden, t.w. de leden van de Colleges van Burgemeester en Wethouders van de deelnemende gemeenten. Tevens zijn er evenzoveel plaatsvervangende leden aangewezen. De leden die namens de gemeenten deel hebben uitgemaakt van het Algemeen Bestuur zijn in bijlage 1 van dit verslag vermeld. Het Dagelijks Bestuur Het Dagelijks Bestuur telt vier leden inclusief de Voorzitter.
Conform de wet en de regeling komt het Dagelijks Bestuur de bevoegdheid toe zoals in de Wet gemeenschappelijke regelingen en de tekst van de GR MARN is toebedeeld. Het Dagelijks Bestuur stuurt vanuit zijn bestuurlijke verantwoordelijkheid de secretaris aan. De Voorzitter De Voorzitter wordt door en uit het Algemeen Bestuur benoemd. De Voorzitter is belast met de leiding van de vergaderingen van het Dagelijks als ook het Algemeen Bestuur. Hij vertegenwoordigt de regeling in en buiten rechte. Gelet op de beperkte omvang van het bestuur heeft het bestuur besloten dat - waar mogelijk - de vergaderingen van Algemeen en Dagelijks Bestuur samen zullen vallen. Formeel blijven deze evenwel gescheiden conform de Wet gemeenschappelijke regelingen. Ambtelijke organisatie Secretariaat en personeel De MARN heeft geen eigen personeel in dienst. Vanaf 1 juli 2018 wordt de secretaris vanuit Dar N.V. geleverd. Administratie De administratie is gedurende het jaar 2020 verzorgd door de afdeling Financiën van Dar N.V.. Informatievoorziening De verschillende onderwerpen en projecten worden geregeld besproken in de vergaderingen van het Algemeen Bestuur. Voor specifieke onderwerpen worden Colleges van Burgemeester en Wethouders als ook Raden tussentijds geïnformeerd en naar hun opvattingen gevraagd naar gelang het onderwerp.
Voor een aantal voorstellen is dat zelfs verplicht, zoals voor de begroting en de rekening. Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
8
Klachten en bezwaarschriften Gedurende het jaar 2020 zijn er geen klachten geweest noch zijn er bezwaren ingediend. 2.5 Onderhoud kapitaalgoederen Algemeen De MARN beschikt niet over kapitaalgoederen.
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
9
3
JAARREKENING 2020
3.1 Algemeen Rekening 2019 en begroting 2020 De jaarrekening 2019 MARN is in de vergadering van 25 juni 2020 door het Algemeen Bestuur vastgesteld. De jaarrekening 2019 van de MARN is ter kennisname aan het College van Gedeputeerde Staten van Gelderland verzonden. De begroting 2021 is in dezelfde vergadering van het Algemeen Bestuur vastgesteld en ter kennisname verzonden aan het College van Gedeputeerde Staten van Gelderland. Het College van Gedeputeerde Staten van Gelderland heeft laten weten dat op basis van de ingediende stukken de MARN onder het repressieve toezicht zal blijven vallen. Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De volgende grondslagen, waarop de waardering van activa en passiva en de resultaatbepaling zijn gebaseerd, zijn bedoeld als leidraad voor een juiste interpretatie van de financiële overzichten. De jaarrekening is opgesteld volgens de voorschriften van het BBV. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij de desbetreffende balanspost anders vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. Voor zover het BBV niet anders voorschrijft, zijn de baten en lasten toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd.
Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Materiële vaste activa De vaste activa worden geactiveerd tegen verkrijgingprijs. Er wordt lineair afgeschreven met een vast percentage van de verkrijgingprijs over de verwachte economische levensduur. Financiële vaste activa De financiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgingprijs (nominale waarde). Leningen tegen de nominale waarde opgenomen, verminderd met de reeds gedane aflossingen. Uitzettingen en overlopende activa Vorderingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Liquide middelen De liquide middelen zijn tegen de nominale waarde opgenomen en omvat het banksaldo. Bestemmingsreserve Onder een bestemmingsreserve wordt verstaan een reserve, waaraan door het bestuur een bepaalde bestemming is gegeven. Gerealiseerd resultaat Het gerealiseerd resultaat is het resterende resultaat na reeds bestemde mutaties in de reserves. Het gerealiseerd resultaat wordt ter bestemming voorgelegd aan het algemeen bestuur. Vaste schulden De leningen met een looptijd langer dan een jaar worden hieronder tegen de nominale waarde opgenomen, verminderd met de reeds gedane aflossingen. Vlottende passiva De vlottende passiva hebben een looptijd korter dan een jaar.
De vlottende passiva zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
10
Borg- en garantstellingen Buiten de balanstelling wordt – voor zover van toepassing – het bedrag genoemd waarvoor er borg- of garantstellingen zijn afgegeven. Verordeningen De diverse verordeningen op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording zijn door het Algemeen Bestuur van de MARN vastgesteld. De Financiële verordening ex artikel 212 gemeentewet en het Treasurystatuut zijn begin 2018 opnieuw vastgesteld en aangepast aan de gewijzigde wet- en regelgeving. Het Algemeen Bestuur heeft WHS registeraccountants de opdracht tot controle verstrekt en heeft daarbij ingestemd met het accountantsprotocol 2020. Rechtmatigheid: normenkader Voor wat de toetsing aan de rechtmatigheid betreft is door het Algemeen Bestuur bij het vaststellen het accountantsprotocol het normenkader vastgesteld waaraan de rekening dient te worden getoetst.
Grondwet; Gemeentewet; Wet Gemeenschappelijke Regelingen; Burgerlijk Wetboek; Besluit Begroting en Verantwoording (BBV); Besluit Accountantscontrole decentrale overheden (BADO); Wet Financiering decentrale overheden (Fido) en aanverwante regelingen; Fiscale en sociale wetgeving; BTW compensatiefonds; Regels omtrent Europese Aanbesteding; Wet Milieubeheer; Ambtenarenwet; Algemene Wet Bestuursrecht; Sociale verzekeringswetgeving; Wet normering topinkomens (WNT) Daarnaast is nadere (interne) regelgeving vastgesteld door het Algemeen Bestuur. De interne verordeningen c.q. regelgeving vallen voor het jaar 2019 onder het normenkader van de Financiële Rechtmatigheid: Tekst Gemeenschappelijke Regeling Milieusamenwerking en Afvalverwerking Regio Nijmegen; Financiële verordening MARN 2018 (ex artikel 212 Gemeentewet); Controleverordening MARN (ex artikel 213 Gemeentewet); Treasurystatuut MARN 2018; Notitie inzake het weerstandsvermogen; AB- en DB besluiten. Controletoleranties Hierbij wordt aangesloten bij de maximale goedkeuring- en rapportagetoleranties, zoals die wettelijk in het BADO zijn vastgesteld, te weten 1% van de lasten voor fouten en voor onzekerheden in de controle 3%. Deze toleranties gelden zowel voor de getrouwheid als voor de rechtmatigheid.
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
11
3.2
Balans
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
12
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
13
3.3 Toelichting balans Vaste activa Financiële vaste activa Kapitaalverstrekking aan deelnemingen De deelneming in de ARN B.V., gevestigd te Beuningen bedraagt per balansdatum 51% van het geplaatste aandelenkapitaal. De deelneming wordt gewaardeerd tegen de verkrijgingprijs. Het zichtbaar eigen vermogen per 31 december 2019 bedroeg € 19.656.612 Het cijfer voor 2020 is nog niet bekend en zal bij de behandeling van de rekening van ARN B.V. tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders ARN B.V. medio mei 2021 bekend zijn. Lening aan deelnemingen.
Deze lening wordt over een periode van 20 jaar afgelost door ARN B.V.. Onderstaand het aflossingsschema. Jaar Beginsaldo 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033 2034 2035 2036
Aflossingbetaling € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €
424.076 437.180 450.690 464.616 478.973 493.772 509.030 524.759 540.974 557.692 574.924 592.688 611.003 629.882 649.347 669.410 690.095 711.421 733.400 756.068
€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
Restant einde jaar 11.500.000 11.075.924 10.638.744 10.188.054 9.723.438 9.244.465 8.750.693 8.241.663 7.716.904 7.175.930 6.618.238 6.043.314 5.450.626 4.839.623 4.209.741 3.560.394 2.890.984 2.200.889 1.489.468 756.068 -
14
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd van < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in Rijk’s schatkist met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar Met ingang van december 2013 is de MARN verplicht te “schatkistbankieren”. Op basis van de ministeriële begrotingsrichtlijn dient men uit te gaan van een drempelbedrag dat gelijk staat aan 0,75% van het begrotingstotaal met een minimum van € 250.000. De MARN heeft een drempelbedrag aangevraagd van € 400.000 welk bedrag is geaccordeerd. Dat alles leidt ertoe dat MARN over een bepaalde periode (maand) niet meer dan € 400.000 op de reguliere rekening mag hebben staan. Dit bedrag is op € 400.000 gesteld gelet op het voorkomen van uitkeringen van de gerealiseerde exploitatiesaldi. De bedragen boven het drempelbedrag worden overgemaakt op een daartoe speciaal geopende rekening bij het ministerie van Financiën.
Overige vorderingen Er zijn in 2020 geen overige vorderingen. Liquide middelen Bank Het betreft hier het saldo van de enige rekening-courant van de MARN bij de ING. Dit saldo komt overeen met het desbetreffende bankafschrift.
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
15
Vaste passiva Eigen vermogen
Het gerealiseerd resultaat over 2019 is door het Algemeen Bestuur bestemd tot uitkering bij de vaststelling van de jaarrekening 2019. Dit bedrag is in twee delen uitgekeerd aan de deelnemende gemeenten. Het gerealiseerd resultaat over 2020 dient nog door het Algemeen Bestuur te worden bestemd. Hiermee in lijn stellen wij voor om het gerealiseerd resultaat 2020 toe te voegen aan de bestemmingsreserve “Uitkering gemeenten”. Vaste schulden met rentetypische looptijd ≥ 1 jaar De kasgeldlening is afgelost en daarvoor in de plaats is een langjarige lening aangegaan voor het zelfde bedrag voor een periode van 20 jaar. Hierop wordt in tegenstelling tot de afgeloste kasgeldlening wel afgelost. Lening 20 jaar
De jaarlijkse rentelast bedraagt € 23.044 voor de periode van 1-7-2020 tot en met 30-6-2021.
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
16
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd van < 1 jaar Overige schulden De overige schulden bestaan m.n. uit de schulden inzake, onderzoek gebruik warmtenet (€ 35.090), en de te betalen accountantskosten (€ 8.755). Deze posten worden begin 2021 verrekend.
Dit betreft de rentelast van de langlopende lening voor 2020. Niet uit balans blijkende rechten en verplichtingen Er is geen sprake van niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen. Gebeurtenissen na balansdatum Er is geen sprake van gebeurtenissen na balansdatum met een materiële impact op de jaarrekening 2020.
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
17
3.4
Overzicht van baten en lasten
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
18
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
19
3.5 Toelichting overzicht van baten en lasten De lasten en baten worden verantwoord conform het “Baten- en lastenstelsel” dat inhoudt dat de baten en lasten worden verantwoord in het jaar waarop deze betrekking hebben. Voor een toelichting wordt verwezen naar de diverse onderstaande posten, met name waar het verschillen betreft tussen het begrote en het feitelijk gerealiseerde bedrag.
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
20
Overige goederen en diensten 3.5.1 Bestuur 1. Kosten personeel Het betreft salariskosten van gedetacheerd personeel toegedeeld aan het product Bestuur. In onderstaande tabel zijn de bedragen van de begroting en de rekening weergegeven:
2. Overige goederen en diensten Het betreft hier het deel van de kosten gemoeid met Overige goederen en diensten dat toebedeeld is aan het product Bestuur. Deze post kan voor een aantal onderdelen nader worden uitgesplitst.
De kosten worden geheel toebedeeld aan het product Bestuur. De post (Juridische) adviezen is de grootste onder dit product. Onder advieskosten zijn m.n. geboekt: - Onderzoek gebruik restwarmte ARN voor MARN gemeenten - Bijdrage Circulaire Raad 2020 - Cirkelstad Nijmegen 3.5.2 Product Afvalverwerking 1. Rente leningen O/G De rentelasten met betrekking tot de leningen O/G.
2. Vereveningsbijdrage transportkosten Ingevolge artikel 26 de leden 2 en 3 van de MARN dient het Algemeen Bestuur de bedragen vast te stellen, die worden uitgekeerd of dienen te worden betaald door of aan het vereveningsfonds. Voor de ontvangen bijdragen zie onder 5. De uitbetaalde bedragen zijn als volgt samengesteld:
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
21
3. Rente lening U/G Over 2020 heeft MARN van ARN B.V. rente ontvangen.
4. Vereveningsbijdrage transportkosten De ontvangen bedragen zijn als volgt samengesteld:
3.5.3 Netwerkondersteuning Projecten De MARN kent met ingang van 2017 geen projectengelden meer zoals in de Netwerkorganisatie. Wel is besloten in 2019 middelen in te zetten voor een post Bijdrage aan energietransitie Rijk van Nijmegen en een ondersteuning aan Cirkelstad Nijmegen (zie 3.5.1). 1. Onvoorzien De post onvoorzien is voor het jaar 2020 niet gebruikt.
2. Incidentele lasten
De incidentele baten bestaan uit een drietal posten: niet ontvangen gereserveerde kosten bankverklaring BNG 2019 (€ 96,80), niet ontvangen gereserveerde kosten voor het archief bij de gemeente Nijmegen 2019 (€ 100) en het verschil tussen het gereserveerde bedrag voor de bankverklaring ING 2019 (€ 100) en de werkelijke kosten (€ 84,70).
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
22
3.5.4 Analyse begrotingsrechtmatigheid Uit het overzicht van baten en lasten wordt duidelijk dat de totale lasten in 2020 € 225.749 bedroegen tegen een begroot bedrag van € 235.186
Lasten Ad 1. Personeel Dar voert sinds juli 2018 de secretariaatswerkzaamheden voor GR MARN uit. Op basis van de ervaring van een jaar heeft de directeur van Dar overlegd met de voorzitter GR MARN. Gebleken is dat de inzet vanuit Dar substantieel groter is dan in 2018 werd aangenomen. Tevens is in de begroting geen rekening gehouden met de toe te passen indexering. Dar heeft bij brief van 20 juni 2019 een aanpassing van het tarief voorgesteld. Op 12 juli 2019 heeft de voorzitter bij brief ingestemd met het voorstel. Hiermee komt de ondersteuning uit op € 62.712. Deze tariefaanpassing is niet in de begroting van 2020 verwerkt (middels begrotingswijziging). Dit verklaart de afwijking. Ad. 2 Overige goederen en diensten In november 2019 heeft het Algemeen Bestuur besloten om in ieder geval voor 2020 financiële ondersteuning te geven aan de Circulaire Raad, een programma om ontwikkeling te geven aan de circulaire economie in de regio. Daarnaast heeft het Algemeen Bestuur op 25-11-2020 besloten om een haalbaarheidsonderzoek uit te laten voeren door Royal HaskoningDHV, om te kijken of de ARN als potentiële warmtebron voor de MARN gemeenten kan worden gebruikt. De totale investering bedraagt €45.000 exclusief BTW, waarvan €16.000 door de provincie zal worden voldaan. Resteert € 29.000 excl. 35.090 incl. BTW voor MARN. Baten Geen verklaring noodzakelijk.
3.5.5 Analyse onvoorzien Hiervan is geen gebruik gemaakt gedurende 2020 waarbij verwezen wordt naar paragraaf 3.5.3.
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
23
3.5.6 Analyse overzicht van baten en lasten Algemeen Uit het overzicht van baten en lasten wordt duidelijk dat een aantal posten wat lager resp. hoger hebben uitgepakt dan aanvankelijk begroot. Zie voor de toelichting het gestelde onder 3.5.4. Lasten
Baten
3.5.7 Incidentele baten en lasten Voor de verklaring wordt verwezen naar paragraaf 3.5.4. 3.5.8 Wet normering topinkomens De Wet normering topinkomens (WNT) is van toepassing op de MARN. Op grond van de WNT moet de MARN een aantal zaken publiceren bij de jaarrekening. Dit betreft onder meer wie topfunctionarissen zijn in de zin van de WNT. Op basis van de WNT kwalificeren het Algemeen Bestuur (inclusief Dagelijks Bestuur en voorzitter) zich als topfunctionaris van MARN, naast de secretaris van de MARN. Vanaf 2018 wordt de functie van secretaris uitgevoerd door een medewerker van Dar N.V.. De MARN kent geen bonussen en andere variabele beloningen en heeft die in 2020 dan ook niet gedaan aan topfunctionarissen. Aangezien er geen betalingen zijn gedaan aan bonussen zijn er ook geen onverschuldigde betalingen ingevolgde de WNT gedaan bij de MARN en zijn er geen acties door de MARN hoeven te worden ondernomen om de bedragen aan onverschuldigde betalingen terug te vorderen van de topfunctionaris. Op basis van de WNT dient de MARN van de topfunctionaris, ook al worden de normen niet overschreden, toch enkele gegevens te publiceren. Voor wat de MARN betreft kwalificeren alleen de bestuursleden en de secretaris zich als zodanig. Onderstaand zijn de door de WNT vereiste gegevens weergegeven.
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
24
WNT Toezichthouders:
Verklaring van de letters: a. de naam b-1 de beloning 2019 b. de beloning 2020 c. de belastbare vaste en variabele onkostenvergoedingen d. de voorzieningen ten behoeve van beloningen betaalbaar op termijn (pensioenpremies) e. de functie f. de duur en omvang van het dienstverband in het boekjaar g. de in het boekjaar verrichte uitkeringen wegens beëindiging van het dienstverband h. de naam en functie die tijdens het dienstverband zijn bekleed i. het jaar waarin het dienstverband is beëindigd
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
25
3.6
Overige gegevens 3.6.1 Gebeurtenissen na balansdatum Er is geen sprake van gebeurtenissen na balansdatum met een materiële impact op de jaarrekening 2020.
3.7 Bestemming saldo en vrijval bestemmingsreserve We stellen voor om het gerealiseerd resultaat 2020 ter hoogte van € 134.958 toe te voegen aan de bestemmingsreserve “Uitkering gemeenten”. In 2021 zal dan het gerealiseerd resultaat 2020 ad € 134.958 tezamen met de vrijval uit hoofde van de grondverkoop ad € 437.389 uitgekeerd worden aan de deelnemende gemeenten.
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
26
4 4.1
Bijlagen ledenlijst algemeen en dagelijks bestuur
Dhr. R. Waas Dhr. P. de Klein Dhr. A. Springveld (DB-lid) Dhr. N. Verheul (DB-lid) Dhr. G. Wienhoven Mw. H. Tiemens (DB-lid, voorzitter) Dhr. R. Cruijsen Dhr. P. Loermans (DB-lid)
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
Gemeente Berg en Dal Gemeente Beuningen Gemeente Druten Gemeente Heumen Gemeente Mook en Middelaar Gemeente Nijmegen Gemeente West Maas en Waal Gemeente Wijchen
27
Controleverklaring van de onafhankelijke accountant Aan: het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Milieusamenwerking en Afvalverwerking Regio Nijmegen te Nijmegen
Verklaring over de in het jaarverslag opgenomen jaarrekening 2020 Ons oordeel Wij hebben de in deze jaarstukken opgenomen jaarrekening 2020 van gemeenschappelijke regeling Milieusamenwerking en Afvalverwerking Regio Nijmegen te Nijmegen gecontroleerd. Naar ons oordeel: geeft de in deze jaarstukken opgenomen jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van de activa en passiva per 31 december 2020 en de baten en lasten over 2020 in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV); zijn de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2020 in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand gekomen, in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, waaronder de verordeningen van de gemeenschappelijke regeling, zoals opgenomen in het normenkader. De jaarrekening bestaat uit: de balans per 31 december 2020; het overzicht van baten en lasten over 2020; de toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige toelichtingen; Het stelsel voor financiële verslaggeving dat is gebruikt voor het opmaken van de jaarrekening is het BBV.
De basis voor ons oordeel Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens het Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), het controleprotocol en het normenkader dat is vastgesteld door het algemeen bestuur en de Regeling controleprotocol Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) 2020 vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening’. Onafhankelijkheid Wij zijn onafhankelijk van de gemeenschappelijke regeling Milieusamenwerking en Afvalverwerking Regio Nijmegen zoals vereist in de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij Assurance opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Naleving anticumulatiebepaling WNT niet gecontroleerd In overeenstemming met het Controleprotocol WNT 2020 hebben wij de anticumulatiebepaling, bedoeld in artikel 1.6a WNT en artikel 5, lid 1, sub j Uitvoeringsregeling WNT, niet gecontroleerd.
Dit betekent dat wij niet hebben gecontroleerd of er wel of niet sprake is van een normoverschrijding door een leidinggevende topfunctionaris vanwege eventuele dienstbetrekkingen als leidinggevende topfunctionaris bij andere WNT-plichtige instellingen, alsmede of de in dit kader vereiste toelichting juist en volledig is. Materialiteit De reikwijdte van onze controle wordt beïnvloed door het toepassen van materialiteit. Het begrip ‘materieel belang’ wordt toegelicht in de sectie ‘Onze verantwoordelijkheid voor de controle van de jaarrekening’. Op basis van onze professionele oordeelsvorming hebben wij de materialiteit voor de jaarrekening als geheel bepaald op € 2.250, waarbij de bij onze controle toegepaste goedkeuringstolerantie voor fouten 1% bedraagt en voor onzekerheden 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan reserves, zoals voorgeschreven in artikel 2 lid 1 Bado. Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
28
Wij houden ook rekening met afwijkingen en/of mogelijke afwijkingen die naar onze mening voor de gebruikers van de jaarrekening om kwalitatieve redenen materieel zijn, zoals ook bedoeld in artikel Bado. Daarbij zijn voor de controle van de in de jaarrekening opgenomen WNT-informatie de materialiteitsvoorschriften gehanteerd zoals vastgelegd in de Regeling controleprotocol WNT 2020. Wij zijn met het algemeen bestuur overeengekomen dat wij aan het algemeen bestuur tijdens onze controle geconstateerde materiele afwijkingen rapporteren alsmede kleinere afwijkingen die naar onze mening om kwalitatieve of WNT-redenen relevant zijn.
Verklaring over de in het jaarrapport opgenomen andere informatie
Naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij, omvatten de jaarstukken andere informatie, die bestaat uit:
het jaarverslag, waaronder de programmarekening en de paragrafen; Overige gegevens
Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie: met de jaarrekening verenigbaar is zoals bedoeld in artikel 213 lid 3 sub d Gemeentewet en geen materiële afwijkingen bevat; alle informatie bevat die op grond van het BBV is vereist.
Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de voor de gemeenschappelijke regeling van toepassing zijnde vereisten in de Gemeentewet en aan de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening. Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het jaarverslag in overeenstemming met het BBV.
Verantwoordelijkheden met betrekking tot de jaarrekening en de accountantscontrole
Verantwoordelijkheden van het dagelijks bestuur en algemeen bestuur Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor: het opmaken en het getrouw weergeven van de jaarrekening in overeenstemming met het BBV, alsmede voor het opstellen van het programmaverslag in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten, en voor de rechtmatige totstandkoming van de in de jaarrekening verantwoorde baten, lasten en balansmutaties. Rechtmatige totstandkoming betekent in overeenstemming met de begroting en met de relevante wet- en regelgeving, waaronder de verordeningen van de gemeentelijke regeling, en ten slotte een zodanige interne beheersing die het dagelijks bestuur noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening en de rechtmatige totstandkoming van baten, lasten en balansmutaties mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of fraude. Het algemeen bestuur is als kaderstellend en controlerend orgaan op grond van de Wet Gemeenschappelijke regeling verantwoordelijk voor het uitoefenen van toezicht op het proces van financiële verslaggeving van de gemeenschappelijke regeling.
Onze verantwoordelijkheid voor de controle van de jaarrekening Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel. Ons controleoordeel beoogt een redelijke mate van zekerheid te geven dat de jaarrekening geen afwijkingen van materieel belang bevat. Een redelijke mate van zekerheid is een hoge mate maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle afwijkingen ontdekken. Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fraude of fouten en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
29
dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, timing en omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op ons oordeel. Wij hebben deze accountantscontrole professioneel kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), het controleprotocol inclusief het normenkader dat is vastgesteld door het algemeen bestuur, de Regeling Controleprotocol Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) 2020, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen. Onze doelstelling is om een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen dat de jaarrekening vrij van materiële afwijkingen als gevolg van fouten of fraude is. Onze controle bestond onder andere uit:
het identificeren en inschatten van de risico’s dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fouten of fraude dan wel het niet rechtmatig tot stand komen van baten en lasten alsmede de balansmutaties, het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing.
het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden. Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de gemeenschappelijke regeling.
het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving, de gebruikte financiële rechtmatigheidscriteria en het evalueren van de redelijkheid van schattingen door het dagelijks bestuur en de toelichtingen die daarover in de jaarrekening staan.
het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen.
het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen en of de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen.
Wij communiceren met het algemeen bestuur onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing. Rosmalen, 26 maart 2021 WHS Registeraccountants w.g. W.H. van Santvoort MSc RA
Jaarverslag inclusief jaarrekening 2020 concept def V1.0
30