RV2024-106-Bijlage-1-Nota-van-zienswijzen-Archeologie.pdf
Tekst van het document
Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
Concept
Laatst bijgewerkt juni 2024
Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
1
1.
Inleiding
Op 13 december 2023 is het ontwerp van het paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023” voor zes weken ter inzage gelegd (tot en met 23 januari 2024). Het bestemmingsplan is een thematische herziening van de bestemmingsplannen die op dit moment van toepassing zijn binnen het grondgebied van West Betuwe. De eisen die van toepassing zijn voor een bestemmingsplanprocedure zijn vastgelegd in artikel 3.8 (voorbereidingsprocedure) van de Wet ruimtelijke ordening. Daarin wordt onder meer verwezen naar artikel 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. De terinzagelegging is onder meer aangekondigd in het digitale gemeenteblad en Het Kontakt. De provincie Gelderland en het waterschap zijn aanvullend rechtstreeks geïnformeerd over de mogelijkheid om te reageren op het ontwerp. In deze nota wordt verslag gedaan van de ontvangen zienswijzen. In hoofdstuk 2 zijn de zienswijzen opgenomen die zijn ingebracht door andere formele (overheids-)instanties. In hoofdstuk 3 zijn de overige particuliere zienswijzen bij elkaar gezet. Reacties van belangenorganisaties staan ook in dit hoofdstuk. Hoewel de zienswijzen zijn samengevat moet daarbij worden opgemerkt dat kennis is genomen van de gehele ontvangen reactie en dat ook de gehele reactie is beoordeeld.
Hoewel gepubliceerd is dat zienswijzen niet per e-mail konden worden ingediend, zijn reacties die tijdig per mail zijn ontvangen wel verwerkt in deze nota. Op verzoek is aan een aantal indiener uitstel verleend voor het aanvullen van de zienswijze. Aanvullingen die uiterlijk 6 februari zijn ontvangen, zijn nog meegenomen in deze nota. Bovendien heeft een regulier bestuurlijk overleg plaatsgevonden met LTO Noord waarin het ontwerp bestemmingsplan is besproken. De aanvulling op de zienswijze die LTO Noord op 16 februari heeft verzonden is ook meegenomen. In hoofdstuk 4 worden (ambtshalve) aanpassingen aan het ontwerp beschreven. Het gaat hierbij om wijzigingen aan het bestemmingsplan die niet rechtstreeks voortkomen uit ontvangen zienswijzen. Hoofdstuk 5 omvat een uitputtende opsomming van alle wijzigingen die bij vaststelling van het bestemmingsplan worden aangebracht aan het ontwerpplan. Om privacyoverwegingen zijn bij alle particuliere zienswijzen geen namen genoemd. Dit is vereist omdat overheidsstukken die uiteindelijk op het internet geplaatst zullen worden geen namen van privépersonen mogen staan. Om binding te houden met de officieel ontvangen documenten wordt wel telkens het postregistratienummer (= zaaknummer) vermeld.
Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
2
2.
Zienswijzen van andere (overheids-) instanties
Hierna worden de ontvangen zienswijzen van officiële (overheids-)instanties behandeld 2.1
Waterschap Rivierenland, Postbus 599, 4000 AN Tiel (zaaknr.: 1135250/1256516)
Samenvatting reactie Waterschap Rivierenland heeft per mail laten weten dat het ontwerp bestemmingsplan conform de eisen en wensen van het Waterschap is. Er is geen aanleiding tot het maken van opmerkingen. Reactie Gemeente Voor kennisgeving aangenomen. Aanpassingen bestemmingsplan Geen
2.2 Provincie Gelderland, Postbus 9090, 6800 GX Arnhem (zaaknr.: 1135250/1326093) Samenvatting reactie De Provincie heeft geen zienswijze ingediend, maar wel een vraag gesteld op 24 januari 2024; daags na sluiting van de reactietermijn. De vraag is een herhaling van het verzoek in het kader van vooroverleg om de Nieuwe Hollandse Waterlinie op de verbeelding aan te duiden vanwege de kans op archeologische waarden in dit gebied. Reactie Gemeente De aanwezigheid van de Nieuwe Hollandse Waterlinie is reeds meegenomen bij de onderzoeken naar de archeologische verwachtingswaarde en de vastgestelde beleidskaart. Daarmee is er geen aanleiding om afwijkende regels op te nemen voor de gebieden die wel of niet in het gebied van de Nieuwe Hollandse Waterlinie liggen. Een aanduiding op de verbeelding zonder daarbij behorende juridische regels is ook niet wenselijk. Regels voor het beschermde (wereld)erfgoed en het landschap worden overigens wel gesteld in de bestaande bestemmingsplannen, maar vallen buiten de werkingssfeer van dit paraplubestemmingsplan. Aanpassingen bestemmingsplan In paragraaf 5.2 van de toelichting zal bovenstaande afweging duidelijker worden verwoord.
2.3
Rijkswaterstaat, Postbus 25, 6200 MA Maastricht (zaaknr.: 1310209/1310102)
Samenvatting reactie Rijkswaterstaat merkt op dat bij de formulering van de planregels geen rekening gehouden lijkt te zijn met werkzaamheden aan de waterbodem. Verzocht wordt planregels aan te passen zodat uitzonderingen niet alleen gelden voor ondiepe verstoringen onder maaiveld, maar ook voor reguliere werkzaamheden aan de waterbodem. Reactie Gemeente In het ontwerp bestemmingsplan komt de term waterbodem niet voor. Nu duidelijk is dat hier wel behoefte aan is, zullen we hiervoor een definitie toevoegen. Bovendien worden werkzaamheden die tot de top van de waterbodem (onder het wateroppervlak) worden uitgevoerd, uitgezonderd van de vergunningplicht. Hiermee is beoogd reguliere baggerwerkzaamheden te kunnen laten plaatsvinden.
Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
3
Aanpassingen bestemmingsplan Aan artikel 1 wordt een definitie toegevoegd: 1.11 waterbodem: De waterbodem omvat de bodem en oevers van oppervlaktewaterlichamen. Alles wat binnen oppervlaktewaterlichamen is gelegen valt onder het begrip waterbodem. Met uitzondering van de droge oevergebieden.
Aan elke bestemmingsregel (artikel 3 t/m 8) wordt een uitzondering toegevoegd: x.3.2 Uitzonderingen … k. tot de waterbodem gaan.
Hierbij wordt in artikel 5 direct de onjuiste automatische nummering van artikel 5.3.2 aangepast (starten met volgnummer 1 in plaats van volgnummer 3).
Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
4
3.
Overige zienswijzen
In dit hoofdstuk staan de overige ontvangen zienswijzen. Van alle zienswijzen wordt eerst een korte samenvatting van de essentie van de reactie weergegeven. Na de samenvatting staat het standpunt van de gemeente. Telkens wordt indien (een deel van) de zienswijze wordt overgenomen onder het kopje “aanpassingen bestemmingsplan” afsluitend beschreven welke aanpassingen aan de planstukken (ontwerpplan) zullen worden doorgevoerd. Aanpassingen die bij een eerder behandelde zienswijze (waarnaar wordt verwezen) al zijn genoemd worden later niet herhaald. Als de zienswijze niet tot (nieuwe) aanpassingen leidt wordt niet afgesloten met het onderdeel “aanpassingen bestemmingsplan”.
3.1
LTO-Noord, Postbus 240, 8000 AE Zwolle, zaaknr. 1313525/1313447 en 1342793
Samenvatting reactie De zienswijze is ingediend en na een bestuurlijk overleg later aangevuld. De zienswijze bestaat uit de volgende onderdelen: 1. Indiener is van mening dat archeologische belangen beschermd dienen te worden, maar is van mening dat het belang van het gebruiken van de gronden, inclusief normaal beheer en onderhoud, een zwaarwegend belang is dat onvoldoende is meegewogen. Indiener is van mening dat dit onvoldoende blijkt uit de toelichting en achterliggende documenten. Indiener is van mening dat het bestemmingsplan te beperkend is voor de dagdagelijkse werkzaamheden en vreest voor schade als gevolg van waardedaling van de gronden. 2. Indiener merkt op dat de benaming ‘veegplan’ op ruimtelijkeplannen.nl onjuist is. 3. Indiener is van mening dat door de beperkende werking van het bestemmingsplan een bredere participatie op zijn plaats was geweest. 4. Indiener merkt op dat het opleggen van beperkingen op normaal (legaal) agrarisch gebruik waaronder grondbewerking, aanleggen van drainage, fruit- en boomteelt geen redelijk doel dient. En dat de uitzonderingen en het overgangsrecht te veel ruimte bieden voor interpretatie. Verzocht wordt in de algemene regels op te nemen dat normaal agrarisch beheer en onderhoud uitgezonderd is van een vergunnings- en onderzoeksplicht.
Reactie Gemeente 1. Het beschermen van archeologische belangen is verplicht op grond van Europese wetgeving. Het is ook niet nieuw. Vrijwel alle bestemmingsplannen die voor de vaststelling van dit paraplubestemmingsplan gelden, kennen al een regeling voor het beschermen van archeologische belangen. Daarbij is ook al rekening gehouden met de andere belangen van grondeigenaren. Niet overal wordt onderzoek geëist om het archeologisch belang goed mee te kunnen wegen. Afhankelijk van de verwachtingswaarde (kans op waardevolle archeologische resten) gelden de vrijstellingsgrenzen zoals die in de verschillende regels van het (ontwerp) paraplubestemmingsplan zijn opgenomen. Voorliggend plan is een juridische doorwerking van het geharmoniseerde en geactualiseerde beleid dat 2021 door de gemeenteraad is vastgesteld. Omdat de verschillende voormalige gemeenten een ander (strenger of minder streng) beleid hadden, heeft die harmonisatie tot gevolg dat er op sommige locaties sneller een vergunning nodig is, terwijl op andere locaties minder snel een vergunning nodig is. Deze keuze is gebaseerd op beschikbare archeologische informatie en afgewogen tegen andere belangen waarbij het gegeven in welke voormalige gemeente een locatie lag minder zwaar heeft gewogen dan het belang van een geharmoniseerd beleid voor de hele gemeente.
Feitelijk wordt met dit bestemmingsplan de vergunningplicht in bepaalde gebieden verscherpt en in andere gebieden verruimd. Doel hiervan is voorkomen dat archeologische waarden verloren gaan. En te voorkomen dat initiatiefnemers bij het uitvoeren van activiteiten worden Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
5
geconfronteerd met toevalsvondsten, met alle gevolgen van dien: meldplicht, het stilleggen van werk en alsnog met spoed onderzoek laten uitvoeren. Juist omdat de verplichting tot het beschermen van archeologische belangen reeds vorm was gegeven door dubbelbestemmingen en deze methodiek in vrijwel heel Nederland ongeveer gelijkwaardig wordt ingezet, zijn wij van mening dat er geen sprake is van schade of waardedaling van gronden die zwaarder moet wegen dan het actualiseren en harmoniseren van de regels over archeologie in het bestemmingsplan. 2. Er is helaas een foutje in de benaming van de IMRO-gecodeerde weergave van de naam van het plan geslopen. Dit is pas zichtbaar geworden toen het ontwerp raadpleegbaar was op ruimtelijkeplannen.nl en zal worden hersteld bij de vastgestelde versie van het plan. In het plan zelf en de juridisch bindende regels wordt gesproken over een parapluplan. Dat is het ook. 3. Reeds in 2021 heeft de harmonisatie van het archeologisch beleid plaatsgevonden, als onderdeel van het Erfgoedbeleid. Dit beleid is in 2020 en 2021 participatief tot stand gekomen. Historische verenigingen en maatschappelijke organisaties zoals LTO zijn actief uitgenodigd voor de beeldvormende bijeenkomsten over de harmonisatie van beleid.
Omdat het beleidskader in de vorm van de archeologische beleidskaart zeer concreet is, was er weinig ruimte voor uitgebreide participatie over de juridische vertaling hiervan. Participatie heeft waarde als er ook echt iets te kiezen of sturen valt. Om deze reden is voor dit parapluplan gekozen de minimale wettelijke participatiemogelijkheden te bieden. Hierbij is overigens ruimhartig omgegaan met de wijze waarop reacties zijn ingediend en de termijn waarop aanvullingen in behandeling zijn genomen. 4. Wij zijn met LTO van mening dat duidelijkheid in de regels gewenst is. De door LTO voorgestelde term ‘normaal agrarische beheer en onderhoud’ biedt echter net zo veel (zo niet meer) ruimte voor interpretatie als het overgangsrecht en de wijze waarop de uitzonderingen zijn geformuleerd in het ontwerp bestemmingsplan. Wij zijn van mening dat de regels juridisch juist zijn, maar dat een toelichting om interpretatieverschillen te voorkomen wel gewenst is. In de toelichting nemen we daarom een extra passage op. Het is onze intentie om werkzaamheden die eens per seizoen of vaker voorkomen vergunningvrij toe te laten. Veel van de werkzaamheden die onder ‘normaal agrarisch gebruik’ vallen kennen een kleinere verstoringsdiepte dan 30 centimeter en zijn daarom per definitie vergunningvrij.
Indien aangetoond is dat de bodem reeds (legaal) door eerdere diepere grondwerkzaamheden is verstoord, kan een vergunning zonder nader archeologisch onderzoek worden verleend. Het aanleggen van drainage is niet regelmatig terugkerend én deze wordt over het algemeen dermate diep aangelegd dat de archeologische belangen meegewogen moeten worden bij het beoordelen van een vergunning. Bij grote verstoringen in een gebied met hoge verwachtingswaarde kan dat betekenen dat een archeologisch onderzoek nodig is om de belangenafweging te kunnen maken. Aanpassingen bestemmingsplan De naam ‘veegplan’ in de IMRO-codes van het bestemmingsplan zal worden gewijzigd in ‘parapluplan’. In paragraaf 4.4 van de toelichting van het bestemmingsplan zal de passage zoals hierboven beschreven worden opgenomen.
Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
6
3.2
Locaties nabij Est/Meteren, zaaknr. 1300893/1300766
Samenvatting reactie De zienswijze is mondeling toegelicht en er is gelegenheid geboden de zienswijze aan te vullen tot 6 februari 2024. Indiener heeft gemeld van deze mogelijkheid geen gebruik meer te willen maken. De zienswijze komt neer op het volgende: 1. Indiener wenst een bestaande bedrijfsloods te verplaatsen naar een andere locatie. 2. Indiener merkt op dat er onduidelijkheid is ontstaan door de term ‘veegplan’ op ruimtelijkeplannen.nl en de term ‘parapluplan’ in de toelichting van het bestemmingsplan. 3. Indiener kon in Het Kontakt van 21 november geen publicatie van het ontwerp plan terugvinden, terwijl het ontwerp bestemmingsplan is gedateerd op 22 november. 4. Indiener is van mening dat een breder participatietraject bij dit parapluplan had gepast; niet slechts beperkt tot de verplichte vooroverlegpartners. 5. Indiener is van mening dat de toekenning van waarden en de begrenzing van vlakken onvoldoende is onderbouwd. 6. Indiener merkt op dat diepere grondingrepen dan 30 centimeter steeds vaker nodig zijn, bijvoorbeeld om drainage en beregeningsinstallaties mogelijk te maken of palen te slaan bij jonge bomen. En dat de regels in het ontwerp bestemmingsplan daarmee een onevenredig zware beperking opleveren.
Reactie Gemeente 1. Uit het toelichtende gesprek is gebleken dat de dubbelbestemming archeologie in het ontwerp bestemmingsplan geen belemmering vormen voor de verplaatsing van de schuur. 2. Er is helaas een foutje in de benaming van de IMRO-gecodeerde weergave van de naam van het plan geslopen. Dit is pas zichtbaar geworden toen het ontwerp raadpleegbaar was op ruimtelijkeplannen.nl en zal worden hersteld bij de vastgestelde versie van het plan. In het plan zelf en de juridisch bindende regels wordt gesproken over een parapluplan. Dat is het ook. 3. Het bestemmingsplan is gepubliceerd op 12 december 2023 in zowel Het Kontakt als het digitale gemeenteblad. Indiener heeft op eerste verzoek kopieën van deze publicatie ontvangen. 4. Reeds in 2021 heeft de harmonisatie van het archeologisch beleid plaatsgevonden, als onderdeel van het Erfgoedbeleid. Dit beleid is in 2020 en 2021 participatief tot stand gekomen. Historische verenigingen en maatschappelijke organisaties zoals LTO zijn actief uitgenodigd voor de beeldvormende bijeenkomsten over de harmonisatie van beleid. Omdat het beleidskader in de vorm van de archeologische beleidskaart zeer concreet is, was er weinig ruimte voor uitgebreide participatie over de juridische vertaling hiervan. Participatie heeft waarde als er ook echt iets te kiezen of sturen valt.
Om deze reden is voor dit parapluplan gekozen de minimale wettelijke participatiemogelijkheden te bieden. Hierbij is overigens ruimhartig omgegaan met de wijze waarop reacties zijn ingediend en de termijn waarop aanvullingen in behandeling zijn genomen. 5. De verwachtingswaarde en de begrenzing hiervan is gebaseerd op de archeologische beleidskaart welke onderdeel is van het Erfgoedbeleid dat in 2021 is vastgesteld. Deze beleidskaart is gebaseerd op beschikbare en specifiek voor dat beleid uitgevoerde onderzoeken door deskundigen. Naar onze mening is dit onderzoek voldoende om de verwachtingswaarde en begrenzingen in het voorliggend bestemmingsplan vast te leggen. Bij concrete initiatieven kan dan een nadere afweging en eventueel nader onderzoek plaatsvinden. 6. Het is van belang dat bij diepere verstoringen dan 30 centimeter (en in sommige gebieden 50 of 150 centimeter) een goede afweging tussen bescherming van archeologische waarden en andere belangen kan plaatsvinden. Het slaan van palen bij jonge bomen zal over het algemeen betekenen dat de toegestane verstoringsoppervlakte niet wordt overschreden en kan dan gewoon plaatsvinden. Het aanleggen van drainage en/of beregeningsinstallaties Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
7
zouden wel kunnen leiden tot overschrijding van de vrijgestelde verstoringsoppervlakte. Een dergelijke installatie wordt voor langere tijd aangelegd; wij achten het verantwoord en noodzakelijk om in dat geval de archeologische belangen (en risico’s voor de initiatiefnemer) goed mee te wegen middels een vergunningsplicht. Wel verwijzen we graag naar onze reactie onder 3.1 als het gaat om het verduidelijken van de regels in relatie tot ‘normaal agrarische beheer en onderhoud’. Aanpassingen bestemmingsplan De naam ‘veegplan’ in de IMRO-codes van het bestemmingsplan zal worden gewijzigd in ‘parapluplan’. In paragraaf 4.4 van de toelichting van het bestemmingsplan zal de passage zoals hierboven beschreven worden opgenomen.
Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
8
4
Ambtshalve wijzigingen
Los van aanpassingen naar aanleiding van ingediende zienswijzen is er ook om andere redenen soms aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen. Dit kan te maken hebben met geconstateerde omissies in de regelgeving maar ook met latere besluiten of toegekende verzoeken. 1. Samenloop met andere bestemmingsplannen Sinds de vaststelling van de archeologische beleidskaart is een aantal bestemmingsplannen vastgesteld waarin op basis van archeologisch onderzoek een andere regeling voor archeologie is opgenomen. Het ontwerp bestemmingsplan hield hier nog geen rekening mee. Het is niet de bedoeling op maat gemaakte archeologieregelingen uit recent vastgestelde bestemmingsplannen te overschrijven met het -voor die locaties- verouderde beleid. Dit betekent dat de volgende aanpassingen worden gedaan:
A. Vlietskant 15 te Gellicum Op basis van archeologisch onderzoek is een deel van het plangebied in het op 23 april 2024 vastgestelde bestemmingsplan Vlietskant 15 te Gellicum vrijgegeven. Bij vaststelling van het parapluplan Archeologie zullen we dit vrijgegeven deel ook als zodanig opnemen.
B. Haaften Centrum Er is in december 2023 een ontwerp bestemmingsplan ter inzage gelegd waar op basis van archeologische onderzoek de locatie aan de HonekeskampNelekeskamp-Dorpshuisstraat wordt vrij gegeven. Dit wijzigt naar verwachting niet bij het vaststellingsbesluit. Bij vaststelling van het parapluplan Archeologie zullen we dit vrijgegeven deel ook als zodanig opnemen.
Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
9
C. Sportlaan 8, Vuren
Op 26 maart 2024 is een bestemmingsplan vastgesteld waar op basis van archeologische onderzoek de locatie aan de Sportlaan 8 te Vuren is vrijgegeven. Bij vaststelling van het parapluplan Archeologie zullen we dit vrijgegeven deel ook als zodanig opnemen.
D. Karnheuvelsestraat / Het Nieuwe Achterom Est Als onderdeel van het onherroepelijke bestemmingsplan ‘Herontwikkelingsplan Est-TuilHaaften-Heesselt is het plangebied voor woningbouw nabij de Karnheuvelsestraat en Het Nieuwe Achterom te Est vrijgegeven. Aan dit deel van het bestemmingsplan is ook geen dubbelbestemming archeologie toegekend. Bij de vaststelling van het paraplubestemmingsplan Archeologie zullen we het vrijgegeven deel, overeenkomstig het archeologisch selectiebesluit, ook als zodanig opnemen. Voor het gedeelte van het plangebied waar geen onderzoek heeft plaatsgevonden wordt wel -conform het ontwerp- een dubbelbestemming archeologie opgenomen.
E. Hoevenseweg 5 en 6 Enspijk
In het onherroepelijke bestemmingsplan Hoevenseweg 5 en 6 is op basis van een archeologisch selectiebesluit het plangebied vrijgegeven. Er is geen archeologische dubbelbestemming opgenomen. Bij de vaststelling van het paraplubestemmingsplan Archeologie passen we de begrenzing van de bestemmingen zodanig aan dat de eerdere vrijgave wordt gerespecteerd.
Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
10
F. Leijenburgplein 1 te Heukelum Op 2 juli 2024 is een bestemmingsplan vastgesteld waar op basis van archeologische onderzoek de locatie aan de Leijenburgplein 1 te Heukelum wordt vrij gegeven. Bij vaststelling van het parapluplan Archeologie zullen we dit vrijgegeven deel ook als zodanig opnemen.
G. Spijkse Kweldijk 39b en 41 Spijk In 2013 is het bestemmingsplan Spijkse Kweldijk 39b en 41 te Spijk vastgesteld. Op basis van archeologisch onderzoek is de locatie vrijgegeven. De begrenzing van het vrijgegeven gebied in het ontwerp parapluplan archeologie week af van de begrenzing van dit bestemmingsplan. Bij vaststelling van het paraplubestemmingsplan Archeologie passen we de begrenzing van de bestemmingen zodanig aan dat de eerdere vrijgave wordt gerespecteerd.
H. Homburg Noord Beesd (inclusief wijzigingsplannen)
In 2016 is het bestemmingsplan Homburg Noord, Beesd vastgesteld. Nadien zijn enkele wijzigingsplannen in procedure gebracht. Met uitzondering van het uiterste noordwesten van het plangebied én de locatie van de wijzigingsbevoegdheid met de marker in de afbeelding hiernaast is het gebied vrijgegeven voor archeologisch onderzoek. Bij vaststelling van het paraplubestemmingsplan Archeologie passen we de begrenzing van de bestemmingen zodanig aan dat de eerdere vrijgave wordt gerespecteerd.
Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
11
I.
Zuiderlingedijk 119 Spijk In juni 2021 is het bestemmingsplan Zuiderlingedijk 119 Spijk vastgesteld. Op basis van archeologisch onderzoek is hierin geen dubbelbestemming Archeologie opgenomen. Bij vaststelling van het paraplubestemmingsplan Archeologie passen we de begrenzing van de bestemmingen zodanig aan dat de eerdere vrijgave wordt gerespecteerd.
J.
Achter Achterstraat 18-22 Beesd In december 2021 is het bestemmingssplan Achterstraat achter 18-22 Beesd vastgesteld. Op basis van archeologisch onderzoek is voor een deel van het plangebied geen archeologische dubbelbestemming opgenomen. Bij vaststelling van het paraplubestemmingsplan Archeologie passen we de begrenzing van de bestemmingen zodanig aan dat de eerdere vrijgave wordt gerespecteerd.
K. Hondelinkstraat / Mierasstraat Beesd In november 2022 is het bestemmingsplan Herontwikkeling Hondelinkstraat/Mierasstraat, Beesd vastgesteld. Op basis van archeologisch onderzoek is voor een deel van het plangebied geen archeologische dubbelbestemming opgenomen. Bij vaststelling van het paraplubestemmingsplan Archeologie passen we de begrenzing van de bestemmingen zodanig aan dat de eerdere vrijgave wordt gerespecteerd.
Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
12
Ammanswal 5 Waardenburg Voor de locatie Ammanswal 5 is in december 2023 een ontwerp bestemmingsplan ter inzage gelegd. Hierin was een afwijkende archeologische regeling opgenomen. Inmiddels is bekend dat bij vaststelling op basis van archeologisch onderzoek de locatie zal worden vrijgegeven. Omdat de vaststelling is voorzien in dezelfde raadsvergadering waarin dit paraplubestemmingsplan wordt vastgesteld, wordt de locatie ook in dit paraplubestemmingsplan niet meer voorzien van een archeologische dubbelbestemming.
Dreef 22, 22a en 24 Haaften In december 2023 is een ontwerp bestemmingsplan ter inzage gelegd met een afwijkende regeling voor archeologie. Nadien is uit archeologisch onderzoek gebleken dat de locatie vrijgegeven kan worden. Dat zal zodanig bij vaststelling worden verwerkt in het bestemmingsplan Dreef 22, 22a en 24 Haaften. Omdat de vaststelling is voorzien in dezelfde raadsvergadering waarin dit paraplubestemmingsplan wordt vastgesteld, wordt de locatie ook in dit paraplubestemmingsplan niet meer voorzien van een archeologische dubbelbestemming.
Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
13
L. Geldermalsen Centrum In het bestemmingsplan Centrum 2013 is voor het gebied rondom de ‘centrumkerk’ een specifieke (strenge) regeling opgenomen in verband met de recente uitkomsten van archeologisch onderzoek. Deze regeling wordt gecontinueerd in het paraplubestemmingsplan Archeologie.
2. Verduidelijken regels diepte in combinatie met oppervlakte Uit vragen van inwoners en professionele partijen is gebleken dat de regels nog onduidelijkheid kunnen geven over wanneer een vergunningplicht (en eventueel onderzoeksplicht) geldt. De bedoeling is: 1. In de regels is een toegestane diepte van de bodemverstoring benoemd. Veelal is dit 30 centimeter. In sommige gebieden is de verwachting dat eventuele archeologische waarden dieper liggen. Dan geldt een toegestane verstoringsdiepte van 50 of 150 centimeter. Ingrepen die niet dieper gaan dan de diepte die in de regels is benoemd zijn nooit vergunningplichtig op grond van de archeologische dubbelbestemming. 2. Uitsluitend bij diepere ingrepen in de bodem wordt gekeken naar de oppervlakte van de verstoring. Afhankelijk van de verwachtingswaarde ter plaatse mag zonder vergunning (en eventueel onderzoek) 50 tot 10.000 vierkante meter worden verstoord. 3. Wordt zowel de diepte als de oppervlakte die in de van toepassing zijnde regel staat overschreden? Dan is een vergunning op grond van de dubbelbestemming archeologie noodzakelijk. De archeologisch deskundige oordeelt dan eerst of een vergunning wordt verleend op basis van reeds beschikbare informatie; of dat een archeologisch onderzoek noodzakelijk is om tot een besluit omtrent de vergunningaanvraag te komen.
Deze uitleg zal worden opgenomen in de toelichting en de regels zullen zoals hieronder worden geformuleerd:
X.2.1 Bouwwerken 1. Op de in artikel X.1 bedoelde gronden mogen zonder omgevingsvergunning geen bouwwerken worden opgericht waarvoor bodemingrepen van meer dan <XXX> centimeter onder het maaiveld nodig zijn, tenzij: a. het bouwplan betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering; b. het nieuw te bouwen oppervlak niet groter is dan <XXX> vierkante meter; c. op basis van ingediend onderzoeksrapport is aangetoond, dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn en dit is getoetst en geaccordeerd door een archeologisch deskundige namens het bevoegd gezag; d. deze bouwwerken voor archeologisch onderzoek noodzakelijk zijn. Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
14
5
Overzicht aanpassingen aan het ontwerpplan
In dit hoofdstuk is een overzicht opgenomen van de aanpassingen die worden doorgevoerd in het bestemmingsplan naar aanleiding van de zienswijzen. 5.1 Aanpassingen in de regels •
De naam ‘Veegplan’ in de IMRO-codes van het bestemmingsplan zal worden gewijzigd in ‘Paraplubestemmingsplan’.
•
Aan artikel 1 wordt een definitie toegevoegd: 1.11 waterbodem: De waterbodem omvat de bodem en oevers van oppervlaktewaterlichamen. Alles wat binnen oppervlaktewaterlichamen is gelegen valt onder het begrip waterbodem. Met uitzondering van de droge oevergebieden.
•
In iedere bestemmingsregel (artikel 3 t/m 8) wordt artikel X.2.1 herschreven zodat duidelijker is dat een vergunningplicht alleen aan de orde is als de toegestane diepte voor verstoringen wordt overschreden: X.2.1 Bouwwerken 1. Op de in artikel X.1 bedoelde gronden mogen zonder omgevingsvergunning geen bouwwerken worden opgericht waarvoor bodemingrepen van meer dan <XXX> centimeter onder het maaiveld nodig zijn, tenzij: a. het bouwplan betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering; b. het nieuw te bouwen oppervlak niet groter is dan <XXX> vierkante meter; c. op basis van ingediend onderzoeksrapport is aangetoond, dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn en dit is getoetst en geaccordeerd door een archeologisch deskundige namens het bevoegd gezag; d. deze bouwwerken voor archeologisch onderzoek noodzakelijk zijn.
•
Aan elke bestemmingsregel (artikel 3 t/m 8) wordt een uitzondering voor het ‘uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden’ toegevoegd: x.3.2 Uitzonderingen … k. tot de waterbodem gaan.
•
Hierbij wordt in artikel 5 direct de onjuiste automatische nummering van artikel 5.3.2 aangepast (starten met volgnummer 1 in plaats van volgnummer 3).
5.2 Aanpassingen in de verbeelding De begrenzing van de bestemmingsvlakken wordt op de verbeelding aangepast zoals beschreven in paragraaf 4.1 (A t/m L) van deze Nota van zienswijzen.
Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
15
5.3 Aanpassingen in de toelichting •
In paragraaf 4.4 wordt de volgende passage toegevoegd: Deze bestemmingsregels hebben tot doel een goede balans tussen het toestaan van activiteiten en het beschermen van mogelijk aanwezige archeologische waarden te bereiken. Het normale agrarische gebruik -voor zover al legaal aanwezig- dient daarbij niet onevenredig nadeel te ondervinden. Waar discussie over de duiding van regels zou kunnen ontstaan is het volgende van belang: Het is onze intentie om werkzaamheden die eens per seizoen of vaker voorkomen vergunningvrij toe te laten. Veel werkzaamheden die onder het normale agrarische gebruik vallen kennen een kleinere verstoringsdiepte dan 30 centimeter en zijn daarom per definitie vergunningvrij. Indien is aangetoond dat de bodem reeds (legaal) door eerdere diepere grondwerkzaamheden is verstoord, kan een vergunning zonder nader archeologisch onderzoek worden verleend. Het aanleggen van drainage is niet regelmatig terugkerend én deze wordt over het algemeen dermate diep aangelegd dat de archeologische belangen meegewogen moeten worden bij het beoordelen van een vergunningaanvraag. Bij grote verstoringen in een gebied met een hoge archeologische verwachtingswaarde kan dat betekenen dat een archeologisch onderzoek nodig is om de belangenafweging te kunnen maken.
•
In paragraaf 4.4 van de toelichting zal worden verduidelijkt wat de systematiek van het bestemmingsplan inhoud: De systematiek van het bestemmingsplan is gebaseerd op een vergunningplicht indien zowel de diepte als de oppervlakte een bepaalde maat overschrijdt: o In de regels is een toegestane diepte van de bodemverstoring benoemd. Veelal is dit 30 centimeter. In sommige gebieden is de verwachting dat eventuele archeologische waarden dieper liggen. Dan geldt een toegestane verstoringsdiepte van 50 of 150 centimeter. Ingrepen die niet dieper gaan dan de diepte die in de regels is benoemd zijn nooit vergunningplichtig op grond van de archeologische dubbelbestemming. o Uitsluitend bij diepere ingrepen in de bodem wordt gekeken naar de oppervlakte van de verstoring. Afhankelijk van de verwachtingswaarde ter plaatse mag zonder vergunning (en eventueel onderzoek) 50 tot 10.000 vierkante meter worden verstoord. o Wordt zowel de diepte als de oppervlakte die in de van toepassing zijnde regel staat overschreden? Dan is een vergunning op grond van de dubbelbestemming archeologie noodzakelijk. De archeologisch deskundige oordeelt dan eerst of een vergunning wordt verleend op basis van reeds beschikbare informatie; of dat een archeologisch onderzoek noodzakelijk is om tot een besluit omtrent de vergunningaanvraag te komen.
•
In paragraaf 5.2 zal duidelijker worden verwoord dat de regels uit het paraplubestemmingsplan Archeologie uitsluitend betrekking hebben op het verstoren van de bodem. En dat de aanwezigheid van bovengrondse cultuurhistorische of landschappelijke waarden wordt beschermd middels de regels vanuit de bestaande geldend blijvende bestemmingsplannen. Aanwezigheid van bijvoorbeeld de Nieuwe Hollandse Waterlinie is wel meegenomen bij het bepalen van de verwachtingswaarde voor het aantreffen van archeologische waarden in de bodem.
Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan “Archeologie gemeente West Betuwe 2023”
16