RV2024-077-Bijlage-1-Overzicht-besluitvorming-reacties-zienswijzen-gemeente-West betuwe.pdf
Tekst van het document
Avri - Gemeente West Betuwe Zienswijze Aanlevertermijnen P&C producten harmoniseren conform informatieprotocol. - de Kadernota/-brief vóór 1 december van het tweede jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient naar raden - de ontwerpbegroting en jaarrekening uiterlijk 15 april voorafgaande aan het begrotingsjaar naar raden. Informatieplicht: Voorgesteld is een dynamische variant van de informatieplicht op te nemen in de GR in plaats van de voorgestelde minimale variant. Dit betekent vaststelling van een informatieprotocol.
Participatie: Gevraagd is voor de participatie in de GR onderwerpen te vermelden waarvoor verplicht participatie wordt ingezet en deze derhalve in het participatieprotocol op te nemen. Zienswijze besluiten: Voorgesteld wordt de dynamische variant op te nemen zodat alle besluiten met een aanzienlijk politiek of financieel belang ter zienswijze aan de raden worden voorgelegd. Dit geldt ook voor het proces van in- en uittreding van deelnemers. Evaluatie: Voorgesteld wordt om in de GR op te nemen dat minimaal eens in de drie jaar de GR geëvalueerd wordt. De evaluatiecriteria kunnen vastgesteld worden door het AB van Avri. Deze evaluatiecriteria moeten ter zienswijze worden voorgelegd aan de gemeenteraden. Uittreding: Er wordt opgeroepen om de dynamische variant te kiezen. Hierbij wordt niet aangegeven welke aanvullende dynamiek gewenst is. Volgens de toelichting in college- en raadsvoorstel behorend bij het regionale proces betekent een dynamische variant in ieder geval dat het algemeen bestuur bij unanimiteit kan bepalen dat afgeweken wordt van de betreffende uittreedregeling, waarbij het unanieme besluit van het algemeen bestuur eventueel ook ter zienswijze aan de raden
Besluit/reactie AB Het algemeen bestuur heeft besloten om ten aanzien van de termijnen de GR aan te passen zoals verzocht.
Voor de actieve informatieplicht door het bestuur wordt de verplichting opgenomen hiervoor een informatieprotocol op te stellen waarin wordt vastgelegd welke informatie op welke wijze wordt gedeeld.
Het benoemen van de onderwerpen komt aan de orde bij het opstellen van de Participatieverordening als bedoeld in artikel 8b. Aan artikel 8a lid 1 wordt een sub c toegevoegd inhoudende dat alle besluiten die een aanzienlijk politiek of financieel belang hebben ter zienswijze worden voorgelegd aan de raden. Op verzoek van tenminste twee gemeenten wordt geëvalueerd met een maximum van eens per vier jaar. Dit laatste vanwege de kosten die een evaluatie met zich mee brengt.
Er wordt een dynamisch element toegevoegd aan de uittredingsbepaling door op te nemen dat het algemeen bestuur bij unanimiteit kan bepalen dat afgeweken wordt van de uittredingsregeling.
Pagina 2 van 11
voorgelegd dient te worden. De dynamische variant zou moeten borgen dat de gevolgen van uittreding niet worden onderschat. Uittreding: Voorgesteld is de formulering van artikel 38a lid 7 aan te passen zodat duidelijk is dat de risico-opslag aanvullend is op de berekende kosten voor uittreding. In de huidige formulering komt dit onvoldoende tot uitdrukking.
Gemeente West Betuwe - BSR Zienswijze Termijnen: kaderbrief op 1 december, jaarrekening en begroting uiterlijk 15 april zoals opgenomen in het informatieprotocol
Gemeente West-Betuwe - BWB Zienswijze Aanlevertermijnen P&C producten harmoniseren conform informatieprotocol. - de Kadernota/-brief vóór 1 december van het tweede jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient naar raden - de ontwerpbegroting uiterlijk 15 april voorafgaande aan het begrotingsjaar naar raden.
Deze aanvulling is niet-controversieel omdat het slechts een verduidelijking van de huidige tekst betreft en geen inhoudelijke wijziging. Deze wijziging wordt overgenomen.
Besluit/reactie AB Het huidige informatieprotocol is niet door het bestuur van BSR vastgesteld en ook niet door bestuursorganen van IJsselstein, Montfoort, en Wijk bij Duurstede, Avri en Waterschap Rivierenland. Wel heeft BSR in de contractuele afspraken (Service Level Agreement deelnemers BSR) met deelnemers termijnen voor het aanleveren van de P&C-cyclus stukken opgenomen, die overeenkomen met de termijnen in de zienswijzen. Het AB heeft besloten vast te houden aan de nieuwe wettelijke termijnen onder toevoeging dat in de praktijk afspraken worden gemaakt met de deelnemende gemeenten en die worden vastgelegd in een ander document (SLA deelnemers BSR en/of informatieprotocol), vast te stellen door de colleges/dagelijks besturen van de deelnemers en het bestuur van BSR.
Besluit/reactie AB In de wijziging van de GR worden de uiterlijke termijn en die in de wet genoemd worden gehandhaafd. Er wordt aan toegevoegd dat in de praktijk afspraken worden gemaakt, die worden vastgelegd in een tussen de deelnemende gemeente en het bestuur van BWB vastgesteld informatieprotocol.
Pagina 3 van 11
Gemeente West Betuwe - GGD Zienswijze Aanlevertermijnen P&C producten harmoniseren conform informatieprotocol. - de Kadernota/-brief vóór 1 december van het tweede jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient naar raden - de ontwerpbegroting uiterlijk 15 april voorafgaande aan het begrotingsjaar naar raden.
Gemeente West-Betuwe - ODR Zienswijze 1. Artikel 12. Zienswijzeprocedure bij zaken met aanzienlijk politiek of financieel belang In artikel 12 lid 6 staat dat het algemeen bestuur naast de verplichte besluiten ook de besluiten die een aanzienlijk politiek of financieel belang hebben voor de deelnemers ter zienswijze voorlegt aan de gemeenteraden en provinciale staten van de deelnemers. Wij stellen voor dat dit niet alleen geldt als er een dergelijk belang is voor “de deelnemers”, maar ook als dit slechts voor één van hen geldt. Voorts stellen wij voor aan dit artikel ook toevoegen dat ter zienswijze aan alle deelnemers wordt voorgelegd: Het conceptbesluit van het algemeen bestuur over uittreding van een deelnemer, inclusief de daarin opgenomen gespecificeerde uittreedsom. 2. Artikel 21. Actieve informatieplicht U stelt voor om de tekst van de GR op dit punt niet te wijzigen, wat neer komt op de zogenaamde minimale variant (zoals verwoord in de rapportage van PROOF adviseurs). Graag zien wij dat u dit wijzigt in de dynamische variant waardoor de tekst van artikel 21 als volgt gaat luiden: Artikel 21. Algemeen en dagelijks bestuur ten opzichte van de raden en Provinciale Staten 1. Het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur geven aan de raden van de
Besluit/reactie AB Het algemeen bestuur heeft besloten om aan de termijnen vast te houden van de reeds voorgelegde teksten. De verzochte aanlever-data liggen in tijd voor de reeds opgenomen aanleverdata.
Besluit/reactie AB 1. Het AB heeft op 11 maart besloten deze tekst niet aan te passen omdat door ‘de deelnemers’ te noemen niet wordt uitgesloten dat ook als het één deelnemer betreft een besluit ter zienswijze kan worden voorgelegd. Een zienswijzeproces over de uittreding en de uittredingskosten zou betekenen dat na een proces van soms jaren het resultaat wordt voorgelegd aan de gemeenteraden van de deelnemers. De ruimte om tot een geheel ander besluit te komen is dan in tijd en in financiële impact zeer klein. De leden van het AB zijn in het proces meegenomen in de stappen en de tussenresultaten en kunnen tussentijds de eigen gemeenteraad informeren over het proces. Dat is effectiever dan de raad achteraf in de gelegenheid te stellen tot inspraak die door de impact in tijd en geld op dat moment zeer beperkt zal zijn. Wij hebben dit niet aangepast in de concept GR-tekst. 2. Het AB heeft op 11 maart 2024 besloten om de tekst over de Informatieplicht niet aan te passen. Dit omdat het tekstvoorstel, dat geopperd is door Culemborg en West Betuwe, niet veel toevoegt aan de huidige situatie en de GR. De leden 1 en 2 staan namelijk al in de GR. Voor zover het betreft lid 3 en 4 het volgende: De stukken en de verslagen van de AB-vergaderingen staan al op de website van de ODR. De stukken voor het DB zijn vertrouwelijk, maar kunnen wel opgevraagd worden.
Voor de Woo geldt dat er nu een project
Pagina 4 van 11
deelnemende gemeenten en aan Provinciale Staten gevraagd en ongevraagd alle inlichtingen die voor een juiste beoordeling van het door het bestuur gevoerde en te voeren beleid nodig is. 2. Het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur verstrekken aan de raden van de deelnemende gemeenten en aan Provinciale Staten alle inlichtingen die door een of meer leden van die raden of Provinciale Staten worden verlangd. 3. Het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur verstrekken de inlichtingen zoals genoemd in lid 1 onder andere door: a. het beschikbaar stellen van verslagen en besluitenlijsten van vergaderingen van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur; b. het informeren over de wijze waarop het bestuur uitvoering geeft aan de openbaarmaking van informatie als bedoeld in de Wet open overheid. 4. Het algemeen bestuur kan een informatieprotocol vaststellen waarin is opgenomen welke informatie op welke wijze wordt gedeeld.
loopt om tot een goed werkproces te komen. Dit zullen we t.z.t. delen met de raden. Daarnaast is er al een informatieprotocol en kan men altijd stukken opvragen. Wij hebben dit niet aangepast in de concept GR-tekst.
3. Artikel 32. Uittreding In artikel 32 lid 3b is de volgende tekst opgenomen: b. de financiële gevolgen, waaronder in ieder geval frictiekosten, desintegratiekosten en gevolgschade over een periode van vijf jaar, alsmede de betaling ineens of de afbouw van De bijdrage en over welke periode het ontbreken van dekking voor vaste kosten dient te worden gecompenseerd. Op dit moment is gemeente West Betuwe bezig met de voorbereidingen voor het zelf gaan uitvoeren van vergunningverlening bouwen. Daarover zijn we in gesprek met de ODR. Ten aanzien van de desintegratiekosten die voor rekening komen voor West Betuwe maken we daarbij onderscheid tussen personele kosten en materiële kosten. De gezamenlijke verwachting van de vergoedingsstermijn van de personele kosten zal tussen de twee en drie jaar zijn. Artikel 32 lid 3b biedt daarin geen ruimte en dient dan ook te worden aangepast.
3. Voor wat betreft de afbouw van personele frictiekosten heeft het AB besloten de termijn van vijf jaar te handhaven. Het AB rekent de gevolgen door, ook voor de personele kosten. Als uit die doorrekeningen blijkt dat de afbouw van personeel in twee of drie jaar mogelijk is, dan zijn de kosten daar dan ook toe beperkt. De redelijkerwijs te verwachten kosten vormen het maximum, niet het aantal jaar waarover afgebouwd kan worden. Mocht echter blijken dat de afbouw in personeel de volledige vijf jaar zal kosten, dan moet het mogelijk zijn om de kosten over die periode in rekening te brengen. In die zin is aanpassing van dit artikel volgens het AB niet nodig. Wij hebben dit niet aangepast in de concept GR-tekst.
Wat betreft uittreding stellen wij voor nog enkele wijzigingen in artikel 32 door te voeren. Lid 4 lijkt beperkender
Het AB heeft op 11 maart besloten om dit tekstvoorstel niet over te nemen. Dit omdat in lid 3 sub b een definitie wordt gegeven van de kostensoorten en de periode waarover deze meegeteld worden. Dit betekent dat rekening wordt gehouden met meerjarenperspectieven. Daar wordt eveneens de termijn van vijf jaar al
Pagina 5 van 11
geformuleerd te zijn dan lid 3. Ons inziens is het van belang de meerjarige effecten in ogenschouw te nemen. Lid 4 zou als volgt geformuleerd kunnen worden: “De financiële gevolgen worden gebaseerd op de begroting van het jaar na het besluit tot uittreding, inclusief de meerjarenraming, waarbij de verwachte financiële effecten op, en over een periode van 5 jaar na, de datum van uittreding worden meegenomen.” Wij stellen voor aan lid 5 toe te voegen: “De kosten voor het inschakelen van de expert worden door de Omgevingsdienst Rivierenland rechtstreeks aan de expert betaald, waarna deze kosten volledig in rekening komen van de deelnemer, die het uittredingsbesluit genomen heeft.”
genoemd, deze hoeft niet te worden herhaald. Wij hebben dit niet aangepast in de concept GR-tekst.
Wij stellen voor aan lid 6 toe te voegen: “maar niet eerder dan nadat de gemeenteraden en provinciale staten in de gelegenheid zijn gesteld hun zienswijze op de uittreedsom bij het algemeen bestuur in te dienen.”
Het AB heeft op 11 maart besloten dat een zienswijzeprocedure zoals West Betuwe toegevoegd wil zien aan lid 6 niet moet worden overgenomen. Een zienswijzeproces over de uittreding en de uittredingskosten zou betekenen dat na een proces van soms jaren het resultaat wordt voorgelegd aan de gemeenteraden van de deelnemers. De ruimte om tot een geheel ander besluit te komen is dan in tijd en in financiële impact zeer klein. De leden van het AB zijn in het proces meegenomen in de stappen en de tussenresultaten en kunnen tussentijds de eigen gemeenteraad informeren over het proces. Dat is effectiever dan de raad achteraf in de gelegenheid te stellen tot inspraak die door de impact in tijd en geld op dat moment zeer beperkt zal zijn. Wij hebben dit niet aangepast in de concept GR-tekst.
In de gewijzigde tekst van Omgevingsdienst Rivierenland is daarnaast de volgende uittredingsbepaling opgenomen: Artikel 32. Uittreding (lid 7) De uittredende deelnemer is gehouden de definitieve uittreedsom binnen 6 maanden na de in lid 6 bedoelde vaststelling te voldoen. Het algemeen bestuur kan in afwijking hiervan een andere betalingsregeling vaststellen. Artikel 32 lid 7 kent een standaard betalingstermijn van 6 maanden. De financiële gevolgen worden echter
Op 11 maart heeft het AB besloten deze zienswijze niet over te nemen. Dit omdat de kosten voor uittreding worden vooraf berekend en door het AB vastgesteld. Daarbij wordt gerekend met een periode van vijf jaar voor berekening van de kosten. Dit staat inhoudelijk en in tijd los van het moment van betalen. Wij hebben dit niet aangepast in de concept GR-tekst.
Het AB heeft op 11 maart besloten dat in lid 5 expliciteren dat de kosten voor de externe deskundige door de uittredende deelnemer wordt betaald kan worden overgenomen. Wij hebben dit aangepast in de concept GR-tekst.
Pagina 6 van 11
berekend over een periode van 5 jaar. Het is daarmee niet logisch en redelijk de financiële gevolgen binnen 6 maanden te voldoen. Ondanks de mogelijkheid tot een andere betalingsregeling te komen stelt onze gemeenteraad een standaardbetalingstermijn voor van 3 jaar in plaats van 6 maanden. 4. West Betuwe stelt nog een aantal tekstuele wijzigingen voor: Art. 5 Iid 5 de zin "Het derde Iid is niet van toepassing." verwijderen, aangezien dit niets toevoegt. Art.23 Achterhaalde tekst verwijderen: ”met ingang van 1 januari 2013, of zoveel later als het aanvangt zijn taken uit te voeren". Art.24 "uitvoeringsdiensten" wijzigen in "omgevingsdiensten". Art.26 Iid 2. "jaarrekening is" wijzigen in "algemene financiële en beleidsmatige kaders zijn. Art.26 Iid 9. "zesde lid" wijzigen in "achtste Iid". Art.26 Iid 15. "lid 10" wijzigen in "Iid 8". Art.27 Iid 6. "artikel 10" wijzigen in "artikel 26".
4. Wij hebben de voorgestelde tekstwijzigingen verwerkt met een juiste verwijzing naar artikelen of artikelleden.
Pagina 7 van 11
Gemeente West Betuwe- RAR Zienswijze Aanlevertermijnen P&C producten harmoniseren conform informatieprotocol. - de Kadernota/-brief vóór 1 december van het tweede jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient naar raden - de ontwerpbegroting uiterlijk 15 april voorafgaande aan het begrotingsjaar naar raden.
Besluit/reactie AB Het algemeen bestuur heeft besloten om ten aanzien van de termijnen vast te houden aan de nieuwe wettelijke uiterste termijnen, met daarbij een toevoeging dat in de praktijk afspraken worden gemaakt over de toe te passen termijnen met de deelnemers en deze afspraken op te nemen in een informatieprotocol, vast te stellen door de deelnemende colleges en het dagelijks bestuur.
Gemeente West Betuwe – Regio Rivierenland Zienswijze Besluit/reactie AB Actieve informatieplicht. Voorkeur voor de Bij amendement op het bestaande dynamische variant. informatieprotocol zal een uitwerking van de actieve informatieplicht worden opgenomen. Dit wordt vastgesteld door het AB. Participatie inwoners en belanghebbenden: Uitgangspunt van de participatieregeling is voorstel voor een dynamische variant: dat participatie verloopt via de gemeenten. participatieverordening. Bij uitzondering kan het AB besluiten tot een participatieproces vanuit de regio Rivierenland. Eigenaarschap ligt in het eerste geval bij de afzonderlijke gemeenten, in het tweede geval bij de Regio Rivierenland. Indien eigenaarschap vanuit de Regio Rivierenland wenselijk is, kan dit een reden zijn om voor de uitzondering te kiezen en participatie via de Regio te laten plaatsvinden. Uiteraard kan ook de agendacommissie hierover adviseren. Voorstel wordt niet overgenomen, aangezien dit een minderheidstandpunt is in de zienswijzen. Zienswijze bij uittreding door alle Dit voorstel nemen we over. Deze gemeenten toevoeging doet immers recht aan het in stelling brengen van alle gemeenteraden bij een dergelijk grote gebeurtenis en er als gevolg van de uittreding ook consequenties zijn voor de gemeenten die blijven deelnemen.
Evaluatie op verzoek van minimaal 2 Dit komt overeen met de tekst in artikel 34 gemeenten. die voor zienswijze was aangeboden en die nu ook is gehandhaafd.
Pagina 8 van 11
Uittreding: voorstel om dynamische variant op te nemen, dus uitwerking in een uittredingsregeling.
Termijnen: kaderbrief tussen 1 december en 1 april december, jaarrekening en begroting uiterlijk 15 april. Zittingsperiode. Einde zittingsperiode algemeen bestuur (artikel 10 lid 1) aanpassen. Nu staat er dat het lidmaatschap van het AB verloopt op de dag van het aflopen van de zittingsperiode van de gemeenteraad. Dit betekent dat er in de tijden van de coalitievorming geen AB is. Graag zo formuleren dat een AB-lid blijft zitten totdat de betreffende gemeente diens opvolger heeft aangewezen. In artikel 4, lid 1 van de regeling staat vermeld dat Regio Rivierenland zich o.a. richt op het gebied van 'Klimaat en energietransitie'. Deze uitbreiding van werkgebieden vraagt om een nadere afstemming. Graag dit werkgebied schrappen en eerst een gesprek voeren over de wenselijkheid van uitbreiding van de gebieden. Negatieve zienswijze op omvorming collegeregeling.
Het proces dat doorlopen wordt is vrij nauwgezet omschreven. Duidelijk is welke stappen in welke volgorde worden doorlopen, wie hierover besluit en welke randvoorwaarden gelden. Duidelijk is ook welke principes voor de berekening gelden. De gekozen uitwerking van artikel 29 kent al veel dynamische elementen. Wat ontbreekt om het de dynamische variant te maken is de verplichting voor het AB de uittredingsregeling verder uit te werken in een reglement. Slechts een minderheid van raden heeft hiervoor voorkeur opgenomen in hun zienswijze. Het AB kiest om de huidige tekst te handhaven. De termijnen kaderbrief op 1 december, jaarrekening en begroting uiterlijk 15 april zijn in het nieuwe tekstvoorstel verwerkt, gelet op de zienswijzen van de meerderheid van raden. Tekst is aangepast. Lidmaatschap van het AB eindigt van rechtswege zodra het lid ophoudt lid of voorzitter te zijn van de raad uit wiens midden men is aangewezen dan wel ophoudt wethouder van de desbetreffende deelnemende gemeente te zijn.
De toevoeging van ‘klimaat en energie’ aan de belangbepaling in artikel 4, sluit aan bij de reeds bij Regio Rivierenland belegde werkzaamheden in de ondersteuning bij samenwerking in de RES. De toevoeging dient ter verduidelijking van reeds opgepakte taken, niet ter uitbreiding zonder nadere besluitvorming. Het AB kiest om de huidige tekst te handhaven. Voorstel is ingetrokken gelet op ontbreken vereiste meerderheid voor wijziging.
Pagina 9 van 11
Gemeente West Betuwe - UBR Zienswijze Zienswijzeprocedure: artikel 35 lid 4 zodanig aanpassen dat ook indien het politieke of financiële belang slechts één deelnemer betreft, gekozen wordt voor zienswijze. Termijnen: kaderbrief tussen 1 december en 1 april december, jaarrekening en begroting uiterlijk 15 april. Tekstuele aanpassingen.
Gemeente West-Betuwe - Werkzaak Zienswijze Informatieplicht: dynamische in plaats van minimale variant.
Participatie: voorstel om te kiezen voor de minimale variant in plaats van de dynamische.
Evaluatie: moet plaatsvinden indien minimaal 2 deelnemers hierom verzoeken in plaats van zoals nu opgenomen 3. Uittreding minimale variant aanvullen met dynamische variant (uittredingsregeling vast te stellen door AB).
Termijnen: kaderbrief tussen 1 december en 1 april december, jaarrekening en begroting uiterlijk 15 april.
Besluit/reactie AB Voorstel overgenomen.
De termijnen kaderbrief op 1 december, jaarrekening en begroting uiterlijk 15 april zijn in het nieuwe tekstvoorstel verwerkt, gelet op de zienswijzen van de meerderheid van raden. Alle tekstvoorstellen overgenomen
Besluit/reactie AB Toegevoegd wordt dat voor de informatieplicht een informatieprotocol wordt vastgesteld waarin invulling wordt gegeven aan de informatieplicht. Dit sluit aan bij de bestaande praktijk. De bevoegdheden zijn aan het college gedelegeerd en daarmee ook de wijze van voorbereiding van beleid door middel van participatie dat door het algemeen bestuur wordt vastgesteld. Het algemeen bestuur zal dat in een participatieverordening regelen. Gelet op het aantal deelnemers wordt het voorgesteld aantal deelnemers dat kan verzoeken, gehandhaafd. Het artikel over uittreding geeft voldoende kaders mee aan de hand waarvan de uittreding een goede invulling kan krijgen. In het voorgestelde artikel staat dat het algemeen bestuur het uittredingsplan vaststelt na een zienswijze van de deelnemer. Daarmee wordt rekening gehouden met alle belangen. De wettelijke termijnen worden in de GR aangehouden, maar toegevoegd is dat in de praktijk afspraken tussen Werkzaak en de gemeenten worden gemaakt in het informatieprotocol, dat door de colleges en het dagelijks bestuur wordt vastgesteld
Pagina 10 van 11
Gemeente West-Betuwe - VRGZ Zienswijze Zienswijzeprocedure Ons is niet duidelijk waarom artikel 30 in het leven is geroepen. Wij raden u aan na te gaan of het niet beter is om de zienswijzeprocedure omtrent het crisisplan en het beleidsprogramma te verwerken in artikel 11a. En in het geval dat er op deze onderdelen helemaal geen zienswijzeprocedure bedoeld is, die onderdelen tekstueel meer los te koppelen van het beleidsplan.
Evaluatie In de regeling heeft u opgenomen dat na verzoek van minimaal twee deelnemers het algemeen bestuur kan besluiten tot evaluatie van de regeling. Wij vinden dat bij een verzoek van ten minste twee deelnemers de regeling verplicht moet worden geëvalueerd, waarbij de evaluatiecriteria ter zienswijze worden voorgelegd aan de gemeenteraden. De evaluatie vindt echter niet vaker dan eens per raadsperiode plaats.
Toetreding en uittreding Wij verzoeken u aan artikel 36 toe te voegen: "Aan toetreding kan het algemeen bestuur voorwaarden (waaronder financiële voorwaarden) verbinden, voor zover de hierop betrekking hebbende wetten niet anders bepalen." Wat betreft uittreding stellen wij voor dat u aan artikel 36a lid 4 toevoegt: "Het eindrapport wordt voor zienswijze naar de gemeenteraden gezonden." Aan lid 15 kunt
Besluit/reactie AB Artikel 30 bestond al in de oude GR en is nu aangepast. Artikel 11a geeft een opsomming van besluiten die aan raden worden voorgelegd, hierbij volgen wij de Wet gemeenschappelijke regelingen. Nieuw is dat het beleidsplan nu expliciet is opgenomen als besluit dat het Bestuur voor zienswijze aan haar raden voorlegt. Dit is wat betreft dit onderwerp aan te merken als bestendiging (en aanscherping) van een bestaande praktijk die al was doorgevoerd in de gemeenschappelijke regeling. De raden krijgen hiermee een sterkere positie. De consultatie van de raden als het gaat om het regionaal beleidsplan (onder c) resp. het risicoprofiel (onder d) is een uitbreiding op artikel 14 van de Wet veiligheidsregio’s (naast het overleg dat de burgemeester heeft met de raad) resp. een uitbreiding op artikel 15 van de Wet veiligheidsregio’s (waar voorheen enkel werd gevraagd naar de wensen van de raad). Hier is voor gekozen om de raden beter in staat te stellen hun zienswijzen op belangrijke plannen naar voren te brengen. In de ontwerptekst is gekozen voor een dynamische invulling van het instrument evaluatie. Dit is conform de wens van de raden zoals verwoord in de uitgangspunten notitie waarbij aangegeven wordt dat men dit instrument graag flexibel in wil zetten.
Tevens wordt aangegeven dat “op verzoek van een substantieel aantal deelnemers mogelijk zou moeten zijn” en dat “bij regiooverstijgende samenwerking (…) de deelnemers uit de regio Rivierenland initiatief [zouden] moeten kunnen nemen voor het starten van een evaluatie.” Om deze reden is niet gekozen voor een vaste termijn voor het starten van een evaluatie. Gezien het feit dat de veiligheidsregio een wettelijk verplicht samenwerkingsverband is, kan toe- of uittreding alleen als sprake is van gemeentelijke herindeling. De wet algemene regels herindeling (Wet arhi) is dan van toepassing. Alle besluiten die een aanzienlijk politiek of financieel belang hebben kunnen door het (Algemeen) Bestuur ter zienswijze aan de raden voorgelegd worden. Deze bepaling is
Pagina 11 van 11
u nog toevoegen: "Aansluitend gelden de verplichtingen van de volgens lid 9 vastgestelde uittreedsom." P&C Cyclus Wij vragen aandacht voor de diverse termijnen die zijn opgenomen in de aangepaste regeling. Deze sluiten niet afdoende aan op de Planning en Control cyclus van onze gemeente. In 2020 hebben alle colleges een Informatieprotocol vastgesteld dat termijnen bevat voor deze cyclus. Dit protocol is gedeeld met de directeuren van de diverse gemeenschappelijke regelingen, met als doel dit protocol in te passen. Deze gelegenheid doet zich nu voor. In de tekst van de aangepaste regeling zijn nu de wettelijke termijnen opgenomen. Die termijnen dragen niet bij aan het versterken van de controlerende taak van de gemeenteraad. Daarop roepen wij u op de termijnen uit het Informatieprotocol aan te houden. Dat zijn de volgende termijnen: kaderbrief uiterlijk 1 december en jaarrekening en begroting uiterlijk 15 april.
opgenomen in artikel 11a van de ontwerp tekst en is daarmee ook op dit proces van toepassing. In uw zienswijze verwijst u naar het informatieprotocol dat in 2020 is vastgesteld door de colleges in de regio Rivierenland. De VRGZ werkt in de gehele regio Gelderland-Zuid en moet dan ook rekening houden met de planning- en control cyclus van alle raden in de regio. In de ontwerp tekst zijn de wettelijk termijnen opgenomen om zo te voldoen aan geldende wet- en regelgeving. Uiteraard hechten wij aan goede samenwerking en vinden wij het belangrijk dat uw raad in de gelegenheid is een zienswijze naar voren te brengen. Om deze reden ontvangt u de jaarrekening en begroting van de VRGZ de afgelopen jaren altijd vóór 1 april. De kaderbrief ontvangt u uiterlijk 1 december.
Centrumregeling Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang Er zijn geen zienswijzen ingediend op de centrumregeling.