CConstaterende datWest Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

RV2024-066-bijlage-OB01-Ontwerpbesluit-Oprichting-Radarlocatie-Radarstation-Herwijnen-fase-1-Ontwerpbesluit.pdf

Gemeenteraad 7 mei 2024, gemeente West BetuweBij agendapunt: 4: Zienswijze Radartoren Herwijnen13.823 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

> Retouradres Postbus 16191 2500 BD Den Haag

(Ontwerp)beschikking

ILT Vergunningverlening leefomgeving en scheepvaart Team Leefomgeving bedrijven, infra en stoffen Postbus 16191 2500 BD Den Haag www.ilent.nl Contactpersoon Afdeling Communicatie en Klantcontact T 088 489 00 00 aanvragenLBIS@ilent.nl

Datum Betreft

Oprichting radarlocatie Herwijnen

Ons kenmerk 2023/1482 Uw kenmerk 7611283

Onderwerp Op 23 juni 2023 heb ik, m inister van Infrastructuur en Waterstaat van het Rijksvastgoedbedrijf nam ens de Staat (m inister van Defensie), een aanvraag voor een om gevingsvergunning ontvangen, zoals bedoeld in de Wet algem ene bepalingen om gevingsrecht (Wabo). De aanvraag heeft betrekking op de voorm alige locatie van de Luchtverkeersleiding Nederland, aan de Broekgraaf in Herwijnen, gem eente West-Betuwe. De aanvraag is bij het Om gevingsloket online (Olo) geregistreerd onder num m er 7611283. Het project waarvoor vergunning wordt gevraagd, betreft de oprichting van een radarlocatie in het buitengebied van de Gem eente West-Betuwe. Het gaat om de realisatie en het gebruiken van een radartoren, het uitbreiden van de verharding en het planten van bom en. Een uitgebreide project-omschrijving is opgenom en in bijlagen M03 bij de aanvraag. Gelet op bovenstaande om schrijving wordt vergunning gevraagd voor de volgende activiteiten zoals bepaald in artikel 2.1 van de Wabo: •

Het bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1 onder a Wabo);

•

Het oprichten en in werking hebben van een inrichting (artikel 2.1 onder e Wabo).

Pagina 1 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

Aanvraag De op 23 juni 2023 ingediende aanvraag bestaat uit de volgende onderdelen: Bijlage

Titel/organisatie

d.d.

Kenmerk, rapport-of registratienummer

OLO-aanvraagform ulier

23-06-2023

7611283

Foto’s radarlocatie Herwijnen februari 2023 A01

Overzicht bijlagen

A02

Aanbiedingsbrief

14-06-2023

5665180

M01

Situatietekening

04-04-2023

P-1004168

M02

Plattegrond en gebouw

03-04-2023

M03

Toelichting bij aanvraag Herwijnen

20-06-2023

Versie 1.0

M04A

Verkennend bodem onderzoek, Tebodin

07-12-2015

16215001

M04B

Actualisatie bodem onderzoek, Tebodin

10-11-2020

16215001 rev. 2

M05

Tanksaneringscertificaat

M06

Veiligheidsinform atieblad Glycol

20-10-2015

Versie 2.0

M07

Akoestisch onderzoek Adviesbureau De Haan

21-06-2023

AH.2022.1343.00.R001

M08A

ICNIRP-contour

16-03-2023

Versie 2.0

M08B

Safety Statem ent Thales

05-04-2023

0026~H0203~90470

180200974.02

51247_SAR_004 M08C

Evaluatie van gezondheidsaspecten door RF-

13-01-2020

TNO 2020 R10094

27-08-2020

TNO 2020 R11278

21-09-2021

TNO 2021 M11700

07-06-2021

2251914.0501-RSM

velden afkom stig van de voorgenomen SMARTL radar te Herwijnen, TNO M08D

Evaluatie van gezondheidsaspecten door blootstelling voorgenom en SMART-L radar te Herwijnen: aanvulling op rapportage TNO 2020 R10094, TNO

M08E

Mem orandum SMART-L bijdrage sam engestelde blootstelling, TNO

M08F

Rapportage stralingsm etingen radar Wier, DEKRA

M09

Onderzoek stikstofdepositie, SAB Vervallen

19-06-2023

160239.04 V1.3

M10

QuickScan natuur, SAB

22-02-2023

160239.04

B01

Overzicht bijlagen

B-Ber

Onderzoek stikstofdepositie, SAB Vervallen

19-06-2023

160239.04 V1.3

B-Ct

Constructieberekening, BAM Vervallen

26-05-2023

8130A001-3-26-05-

Pagina 2 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

2023 B-Dt-01

Principe schuifpoort, V1 LEGI Vervallen

B-Dt-02

Principe staalBm athekwerk, V1 HERAS

09-06-2023

Vervallen B-Kf

Artist Im pression

B-Pdt-01

Overzicht tekening, BAM Vervallen

26-05-2023

8130

B-Pdt-02

Trappen tekening, BAM

03-05-2023

8130

B-Pdt-03

Bouwbesluit tekening, BAM

26-05-2023

8130

B-Sit-01

Situatietekening en ligging Vervallen

04-04-2023

P-1004168

B-Sit-02

Situatie bestaand Vervallen

08-03-2023

B-Sit-03

Situatie nieuw Vervallen

03-04-2023

Na ontvangst van de aanvraag hebben wij deze aan de hand van de Mor getoetst op volledigheid. De aanvraag was nog niet volledig. Op 30 oktober 2023 is daarom formeel verzocht om aanvullingen. Dit heeft geleid tot de onderstaande op 2, 10 en 17 novem ber 2023 ingediende aanvullingen. De aanvraag is m et deze aanvullingen volledig en in behandeling genom en. Op 2 novem ber 2023 zijn de volgende aanvullingen ingediend: Bijlage

Titel/organisatie

d.d.

Kenmerk, rapport-of registratienummer

A03

Aanbiedingsbrief aanvulling aanvraag

01-11-2023

6263264

AKO 1

Brief reactie op bevindingen akoestisch

04-09-2023

AH.2022.1343.00.B001

30-07-2021

AJ/2021-FUMO-

onderzoek, Adviesbureau De Haan AKO 2

Mem o tonaal geluid, FUMO

0053851/0405 AKO 3

Geluidsm etingen Wier, Adviesbureau De Haan

10-01-2022

AH.2018.0879.03.B001

M09

Onderzoek stikstofdepositie, SAB, Vervallen

12-10-2023

160239.04 V1.4

B-Adv

Advies Welstand

31-10-2023

B-Ber

Onderzoek stikstofdepositie, SAB Vervangt

12-10-2023

160239.04 V1.4

13-10-2023

22-386

versie 1.3 ingediend 23 juni 2023 B-Ct

Staalconstructie ENSEL

B-Dt-01

Principe schuifpoort V2 LEGI Vervangt Principe schuifpoort, V1 LEGI van 09-062023

B-Pdt

Principe dubbelm aatstafhekwerk V2, RVB

26-10-2023

Pagina 3 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

Vervangt B-DT-02 Principe staalmathekwerk, V1 HERAS B-Pdt

Radartoren Herwijnen uitvoering nieuwe

25-10-2023

8130

20-10-2023

P-1004168

20-10-2023

P-1004168

02-11-2023

8130A001-3-26-05-

situatie, BAM Vervallen B-Sit

Situatie en ligging bestaand, RVB Vervangt BSit-02, Situatie bestaand van 08-03-2023

B-Sit

Situatie en ligging nieuw, RVB Vervangt BSit-03 Situatie niuw van 03-04-2023 en BSit-01 Situatietekening en ligging van 0404-2023

B-Ct

Constructieberekening, BAM Vervangt B-Ct Constructieberekening,BAM van 26-05-

2023

2023 Op 10 novem ber 2023 zijn de volgende aanvullingen ingediend: Bijlage

Titel/organisatie

d.d.

Kenmerk, rapport-of registratienummer

A03

Aanbiedingsbrief aanvulling 10-11-2023

B-Sit-04

Schetsontwerp_A3

B-DO-100

Bouwaanvraag, BAM Vervangt B-Pdt

10-11-2023

6263264

02-11-2023

8130

10-11-2023

2023014625

Radartoren Herwijnen nieuwe situatie van 25-10-2023 en B-PDT-01 Overzicht tekening van 26-05-2023 B_Brf_Brief

RVB geheim h_2023014625

Op 17 novem ber 2023 is de volgende aanvulling ingediend: Bijlage

Titel/organisatie

d.d.

Kenmerk, rapport-of registratienummer

M09

Onderzoek stikstofdepositie, SAB Vervangt

09-11-2023

160239.04 V1.5

d.d.

Kenmerk, rapport-of

versies 1.4 en 1.3 Op 6 m aart 2024 is de volgende aanvulling ingediend: Bijlage

Titel/organisatie

registratienummer M11

38H02 Aanvulling m aart 2024

05-03-2024

674436

Peutz, Onderzoek naar de geluidniveaus in de

29-02-2024

F 22985-1-RA-001

om geving ten gevolge van de radarinstallatie

Pagina 4 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

(SMART-L) van defensie te Wier, Resultaten geluidm etingen 30 januari 2024. M12

Peutz, Onderzoek naar de geluidniveaus in de

29-02-2024

F 22986-1-RA-002

om geving ten gevolge van de geprojecteerde radarinstallatie (SMART-L) van defensie te Herwijnen. M13

Stukken kam ervragen

Op naam stelling Onderhavige vergunning betreft een sam engestelde vergunning. Hierin zijn een m ilieudeel en een bouwdeel opgenom en. Zowel het m ilieudeel (de ‘m ilieuvergunning’) als het bouwdeel (de ‘bouwvergunning’) worden expliciet op naam gesteld. Binnen de Staat der Nederlanden als vergunninghouder, zijn verschillende ministeries verantwoordelijk voor uitvoering c.q. naleving van de omgevingsvergunning. Om die reden wordt hieronder gespecificeerd welke onderdelen binnen de Staat belast zijn met uitvoering c.q. naleving van de omgevingsvergunning. Ten aanzien van het m ilieudeel wordt de vergunning op naam gesteld van: De Staat der Nederlanden p/a m inisterie van Defensie Com m ando Luchtstrijdkrachten Cdt. Air Com bat Com m and Postbus 8762 4820 BB Breda Ten aanzien van het bouwdeel wordt de vergunning op naam gesteld van: De Staat der Nederlanden p/a Rijksvastgoedbedrijf (nam ens Ministerie van Defensie) Postbus 16169 2500 BD Den Haag

Pagina 5 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

Wet natuurbescherming De voorgenomen locatie voor het radarstation ligt niet in een Natura 2000 gebied. Op enige afstand van de voorgenom en locatie zijn wel Natura 2000 gebieden aanwezig. Het betreft de volgende drie gebieden: -

Lingegebied en Diefdijk Zuid, op circa 3.1 kilom eter afstand;

-

Loevestein, Pom pveld & Kom sche Boezem op circa 3.7 kilom eter afstand;

-

Rijntakken op circa 8,1 kilom eter afstand.

Om te bepalen of de bouw en het gebruik van het radarstation een relevante stikstofdepositie oplevert in deze gebieden is een onderzoek uitgevoerd door SAB, Adviseurs in ruim telijke ontwikkeling. Het betreft het rapport Onderzoek stikstofdepositie Herwijnen, Radartoren, m et projectnum m er 160239.04 van 9 novem ber 2023. In dit onderzoek zijn Aerius berekeningen uitgewerkt voor zowel de bouw- als de gebruiksfase. Uit de berekeningen blijkt dat de bijdrage in beide gevallen een depositie van 0,00 m ol stikstof per hectare per jaar oplevert. Daarm ee worden significante gevolgen voor de genoem de Natura 2000 gebieden op voorhand uitgesloten. Om die reden hoeft er geen vergunning ten behoeve van de Wet natuurbescherm ing aangevraagd te worden voor dit project. Bevoegd gezag De inrichting valt ten aanzien van het m ilieudeel onder andere onder categorie 29.1 en onder categorie 20.1 a onder 3 van bijlage I, onderdeel C, van het Besluit om gevingsrecht (Bor). Op grond van categorie 20.6 onder a is de inrichting vergunningplichtig vanwege het elektrische verm ogen voor de om zetting van dat elektrische verm ogen van m eer dan 4 kW. Op grond van artikel 2.4 derde lid van de Wabo juncto artikel 3.3 tweede lid van het Bor ben ik, m inister van Infrastructuur en Waterstaat, bevoegd om deze om gevingsvergunning te verlenen.

Huidige vergunningsituatie Het betreft een oprichtingsvergunning. Voor deze inrichting zijn op deze locatie niet eerder vergunningen verstrekt. PROCEDURE Op de besluitvorming voor dit project is de rijkscoördinatieregeling als bedoeld in artikel 3.35 van de Wet ruim telijke ordening (Wro) van toepassing. Dat wil in dit geval zeggen dat de besluiten die nodig zijn voor Radarstation Herwijnen Pagina 6 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

gezam enlijk worden voorbereid, waarbij deze procedure wordt gecoördineerd door de m inister van Defensie. Daarbij doorlopen de besluiten, op grond van artikel 3.31 derde lid in sam enhang m et artikel 3.35 vierde lid van de Wro, de uniform e openbare voorbereidingsprocedure als bedoeld in afdeling 3.4 van de Algem ene wet bestuursrecht m et toepassing van de bijzondere regels in artikel 3.31 derde lid in sam enhang m et artikel 3.35 vierde lid van de Wro. Dit besluit is één van de besluiten die nodig zijn voor Radarstation Herwijnen. Op grond van artikel 3.32 in sam enhang m et artikel 3.35 vierde lid van de Wro worden dit besluit en de andere besluiten gelijktijdig door de m inister van Defensie bekendgem aakt. Tevens doet de m inister van Defensie daarvan m ededeling in de Staatscourant, enkele huis-aan-huisbladen en regionale dagbladen en langs elektronische weg. Eerdere insprekers en grondeigenaren en beperkt gerechtigden op die gronden worden persoonlijk geïnform eerd. Volledigheid en ontvankelijkheid Volgens artikel 2.7 eerste lid van de Wabo, dient de aanvrager ervoor zorg te dragen dat de aanvraag betrekking heeft op alle activiteiten die onlosmakelijk met elkaar sam enhangen. Gebleken is dat alle onlosm akelijke onderdelen zijn aangevraagd.

De aanvraag is daarnaast op basis van artikel 2.8 Wabo en paragraaf 4.2 Bor getoetst aan de indieningsvereisten (van hoofdstuk 4) uit de Ministeriële regeling om gevingsrecht (Mor) en op inhoud beoordeeld. Daarbij is gebleken dat een aantal gegevens ontbrak. Ik heb daarom op 30 oktober 2023 om aanvullende gegevens gevraagd. Op 2, 10 en 17 novem ber heb ik aanvullende gegevens ontvangen. Ik ben van oordeel dat de aanvraag sam en m et de aanvullingen voldoende informatie bevat voor een goede beoordeling van de gevolgen van de activiteit op de fysieke leefom geving. De aanvraag is zowel volledig als ontvankelijk en daarom in behandeling genom en. Wettelijke adviezen In de Wabo en het Bor worden bestuursorganen vanwege hun specifieke deskundigheid of betrokkenheid aangewezen als adviseur. Gelet op het bepaalde in artikel 2.26 lid 3 van de Wabo, alsmede paragraaf 6.1 van het Bor heb ik op 28 juni 2023 de aanvraag ter advies verzonden aan de gemeente West Betuwe.

Pagina 7 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

Naar aanleiding hiervan heb ik geen adviezen ontvangen. Ik ga er daarom van uit dat de gem eente West Betuwe geen opm erkingen heeft ten aanzien van de aangevraagde vergunning. Samenhang met overige wet- en regelgeving Toetsing milieueffectrapportage Er hoeft bij deze aanvraag geen m .e.r.-beoordeling of een m ilieueffectrapport (MER) te worden ingediend. De reden hiervoor is dat de in de aanvraag beschreven voorgenom en activiteiten niet zijn verm eld in de eerste kolom van onderdeel C en/of onderdeel D van de bijlage bij het Besluit m ilieueffectrapportage (besluit m .e.r.). Activiteitenbesluit milieubeheer / Besluit activiteiten leefomgeving In het Activiteitenbesluit m ilieubeheer (hierna: Activiteitenbesluit) zijn voor bepaalde activiteiten die binnen inrichtingen plaats kunnen vinden, algem ene regels opgenom en. Deze regels zijn direct werkend en m ogen niet in de om gevingsvergunning worden opgenom en. Per 1 januari 2024 is, m et inwerkingtreding van de Om gevingswet, het Activiteitenbesluit kom en te vervallen. Hierm ee zijn de algem ene regels van het Activiteitenbesluit niet langer van toepassing, m aar m oet voldaan worden aan de algem ene regels uit het Besluit activiteiten leefom geving (hierna: Bal). Voor bepaalde onderdelen is het Activiteitenbesluit echter nog wel twee kalenderjaren na invoering van de Om gevingswet van toepassing.

Dit geldt voor situaties waarvoor in het Activiteitenbesluit uitzonderingen of voorwaarden zijn gesteld, die niet terugkom en in het Bal. Dit is bepaald in artikel 8.1.6 van het Invoeringsbesluit Om gevingswet. Dit geldt alleen voor activiteiten die zijn aangewezen in hoofdstuk 3 van het Bal. Onderstaand is aangegeven voor welke onderdelen het Activiteitenbesluit nog van toepassing is en waarvoor het Bal m oet worden gevolgd. Op basis van artikel 1.10 van het Activiteitenbesluit m oet de oprichting van de inrichting worden gemeld. De aanvraag m oest tijdens het indienen ervan tevens worden gezien als m elding in het kader van het Activiteitenbesluit. Artikel 8.1.1, lid 2, van het Invoeringsbesluit Om gevingswet bepaalt dat een m elding of kennisgeving van een activiteit die vóór de inwerkingtreding van de Om gevingswet is gedaan, en als op die activiteit na de inwerkingtreding van die wet een verbodsbepaling als bedoeld in artikel 4.4, eerste lid, van de Pagina 8 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

Om gevingswet van toepassing is, geldt als een m elding van die activiteit als bedoeld in dat lid. Bij het radarstation Herwijnen vinden de volgende activiteiten plaats die voorheen vielen onder de werkingssfeer van hoofdstuk 3 het Activiteitenbesluit: •

Paragraaf 3.1.3 Lozen van hem elwater, dat niet afkom stig is van een bodem bescherm ende voorziening;

•

Paragraaf 3.1.4 Behandelen van huishoudelijk afvalwater op locatie;

•

Paragraaf 3.2.1 In werking hebben van een m iddelgrote stookinstallatie, gestookt op een standaard brandstof;

•

Paragraaf 3.4.9 Opslaan van gasolie, sm eerolie of afgewerkte olie in een bovengrondse opslagtank.

Voor bovenstaande activiteiten geldt geen overgangsrecht op grond van artikel 8.1.1 lid 2 van het Invoeringsbesluit Om gevingswet. Ook is in het Bal voor deze activiteiten geen specifiek overgangsrecht geregeld. De volgende activiteiten zijn onder de Om gevingswet niet langer geregeld in algem ene rijksregels, m aar zijn overgegaan naar de algem ene regels in het tijdelijke deel van het Om gevingsplan, de ‘bruidsschat’: •

Lozen van hem elwater, niet afkom stig van een bodem bescherm ende voorziening

•

Behandelen van huishoudelijk afvalwater op locatie

Voor de aangevraagde activiteiten geldt dat de volgende onderdelen van het Bal van toepassing zijn: Activiteit

Activiteitenbesluit

Besluit activiteiten leefom geving

Het inwerking hebben

Paragraaf 3.2.1

van een m iddelgrote

Paragraaf 3.2.1 Paragraaf 4.126

stookinstallatie, gestookt op een standaard brandstof Opslaan van diesel en afgewerkte olie in

Paragraaf 3.4.9

Paragraaf 3.2.8 en paragraaf 4.94

bovengrondse opslagtanks;

Pagina 9 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

Opslag van gevaarlijke

Voorheen n.v.t. op type

Paragraaf 3.2.9

stoffen in verpakking

C

Paragraaf 4.98

Voor m ilieubelastende activiteiten zoals om schreven in het Bal geldt naast algem ene regels of een eventuele vergunningplicht een specifieke zorgplicht. Deze specifieke zorgplicht staat in artikel 2.11 van het Bal. Hij geldt voor de m ilieubelastende activiteiten die in hoofdstuk 3 van het Bal zijn aangewezen. Dat betekent dat de specifieke zorgplicht ook geldt voor activiteiten, waarvoor in hoofdstuk 4 en 5 voorschriften zijn opgenom en. OVERWEGINGEN EN TOETSINGEN MILIEUDEEL Inleiding De aanvraag heeft betrekking op het oprichten en in werking hebben van een inrichting als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 aanhef en onder e van de Wabo en artikel 2.6 Wabo. De Wabo om schrijft in artikel 2.14 het m ilieuhygiënische toetsingskader van de aanvraag. Een toetsing aan deze aspecten heeft plaatsgevonden. Bij m ijn beslissing op de aanvraag heb ik: •

De aspecten genoem d in artikel 2.14 lid 1 onder a van de Wabo betrokken;

•

Met de aspecten genoemd in artikel 2.14 lid 1 onder b van de Wabo rekening gehouden;

•

De aspecten genoem d in artikel 2.14 lid 1 onder c van de Wabo in acht genom en.

In de onderstaande hoofdstukken licht ik dit nader toe, waarbij ik m ij beperk tot die onderdelen van het toetsingskader die ook daadwerkelijk op m ijn beslissing van invloed (kunnen) zijn. Algemene overwegingen In het belang van het bereiken van een hoog niveau van bescherm ing van het m ilieu m oeten aan de vergunning voorschriften worden verbonden, die nodig zijn om de nadelige gevolgen die de inrichting voor het m ilieu kan veroorzaken, te voorkom en of, indien dat niet m ogelijk is, zoveel m ogelijk - bij voorkeur bij de bron - te beperken en ongedaan te m aken. Daarbij wordt ervan uitgegaan dat in

Pagina 10 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

de inrichting ten m inste de voor de inrichting in aanm erking kom ende beste beschikbare technieken (BBT) worden toegepast. Bij het bepalen van de beste beschikbare technieken voor de onderhavige inrichting zijn de volgende docum enten geraadpleegd van de in de bijlage bij de Regeling om gevingsrecht opgenomen lijst m et Nederlandse informatiedocumenten over BBT: •

Nederlandse richtlijn bodem bescherm ing (NRB) (2012);

•

PGS 15: 2016 Versie 1.0 (september 2016): Opslag van verpakte gevaarlijke stoffen.

Bij het opstellen van deze beschikking is rekening gehouden m et deze richtlijnen. Bij het bepalen van de beste beschikbare technieken heb ik ook rekening gehouden m et het volgende inform atiedocum ent over BBT voor wat betreft elektrom agnetische velden: •

Richtlijn ICNIRP 2020 (International Com m ision on Non-Ionizing Radiation Protection).

De richtlijn ICNIRP is geen wettelijk voorschreven docum ent, m aar de ICNIRP is een norm , opgesteld door de WHO en wordt als norm gehanteerd in de m eeste Europese landen. Dit docum ent geeft de laatste inzichten in de stand der techniek weer. Bij het opstellen van deze beschikking is rekening gehouden m et deze richtlijn. In de voorschriften is, daar waar van toepassing, de nieuwste versie van betreffende richtlijn voorgeschreven. De inrichting voldoet – m et inachtneming van de aan deze beschikking verbonden voorschriften - aan de BBT. Voor de overwegingen per m ilieuthem a wordt verwezen naar de desbetreffende paragraaf. Inhoudelijke overwegingen Externe Veiligheid Het externe veiligheidsbeleid in Nederland is gericht op het verminderen en beheersen van risico's van activiteiten voor de omgeving (mens en milieu). Voor het radarstation gaat het hierbij om de risico's die verbonden zijn aan de opslag en het gebruik van gevaarlijke stoffen en om het aspect straling. Met betrekking tot onderhavig radarstation gaat in dit hoofdstuk de aandacht vooral uit naar stralingsaspecten die verbonden zijn aan de inzet van een Smart-L radar. Daarbij is aandacht voor het toetsingskader voor straling, de bij de aanvraag ingediende Pagina 11 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

rapporten en de beoordeling van die rapporten. Vervolgens verbind ik conclusies aan het aspect straling in relatie tot deze vergunning. Gevaarlijke stoffen Ten behoeve van de noodstroomvoorziening is een aggregaat aanwezig met een bovengrondse tank met een inhoud van 2800 liter diesel. De tank is inpandig opgesteld, is dubbelwandig uitgevoerd en voorzien van lekdetectie. Op deze tank zijn de rechtstreeks werkende regels van het Bal van toepassing. Om die reden zijn in deze vergunning geen aanvullende voorschriften opgenomen. De rechtstreeks werkende voorschriften van het Bal garanderen voldoende veiligheid. Binnen de radartoren is een beperkte hoeveelheid onderhoudsmiddelen aanwezig voor standaard onderhoudsactiviteiten. Daarnaast is een kleine hoeveelheid glycol op voorraad ten behoeve van het koelsysteem in de toren. Deze stoffen worden opgeslagen in een kast die voldoet aan de eisen van de PGS 15. Rechtstreeks werkende voorschriften voor de opslag van gevaarlijke stoffen zijn te vinden in paragraaf 3.2.9 van het Bal. Om die reden zijn in deze vergunning geen voorschriften opgenomen. Stralingsaspecten Doel van de radar Om de veiligheid in Nederland te kunnen waarborgen is het van belang dat elke bedreiging vanuit de lucht vroegtijdig wordt waargenomen, waardoor er actie op ondernomen kan worden.

Nederland heeft daartoe een afspraak met haar NAVObondgenoten om systematisch het toegewezen luchtruim af te zoeken naar mogelijke bedreigingen. Ook voor de begeleiding van eigen gevechtsvliegtuigen is het systeem van belang. Deze radardekking wordt verzorgd door de radar nabij het Friese dorp Wier en een tweede radar waarvoor deze aanvraag is ingediend bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Deze tweede radar is geprojecteerd nabij het dorp Herwijnen in de gemeente West-Betuwe. De radars samen garanderen dat er optimaal beeld is van het Nederlandse luchtruim. Stralingsveiligheid, toetsingskader Twee organisaties geven richtlijnen uit die betrekking hebben op de risico’s die samenhangen met de blootstelling van mensen aan niet-ioniserende elektromagnetische straling. Die organisaties zijn de International Commission on Non-Ionizing Radiation Protection (ICNIRP) en de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO).

Pagina 12 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

De ICNIRP-richtlijn richt zich op het publieke domein terwijl de NAVO-richtlijn zich meer richt op het militaire domein. Van de twee is de ICNIRP het meest restrictief. De Gezondheidsraad adviseert de blootstellingslimieten van de ICNIRP uit 2020 te gebruiken. Daarin is een grote hoeveelheid wetenschappelijk onderzoek verwerkt. Ook de Raad van State hanteert voor de toetsing naar blootstelling aan elektromagnetische velden de ICNIRP blootstellingslimieten. Voor de toets aan de stralingsveiligheid wordt in deze vergunning daarom getoetst aan de ICNIRP 2020 richtlijn. Daarbij is het uitgangspunt dat op plaatsen buiten de inrichting die toegankelijk zijn voor derden, de electromagnetische velden die door de in de inrichting aanwezige SMART-L radar gezamenlijk worden opgewekt, niet hoger zijn dan de in de ICNIRP vastgestelde basisrestricties en referentieniveaus. De basisrestricties en referentieniveaus komen tot uiting in specific absorption rates. Radiofrequente electromagnetische velden kunnen tot opwarming in biologisch weefsel leiden. De normering, vastgesteld door de ICNIRP, heeft tot doel om gezondheidsschade door dergelijke opwarming van menselijk weefsel te voorkomen. De specific absorption rate (SAR) is de daarbij gehanteerde maat, uitgedrukt in watt per kilogram (W/kg).

Dit is een maat voor de hoeveelheid elektromagnetisch vermogen dat wordt geabsorbeerd per kilogram lichaamsgewicht. Daarbij maakt de ICNIRP onderscheid in twee typen SAR-waarden. Eén voor het hele lichaam, bekend als ‘whole body SAR’ en de ‘lokalized SAR’, welke onderverdeeld is in een lokalized SAR voor hoofd en romp en een lokalized SAR voor armen en benen. Voor de whole body SAR is de basisrestrictie 0,08 W/kg. Voor de lokalized SAR voor hoofd en romp is de basisrestrictie 2 W/kg en voor de lokalized SAR voor armen en benen is de basisrestrictie 4 W/kg. Hierin is een veiligheidsmarge verwerkt. Deze veiligheidsmarge is toegepast op de blootstellingsintensiteit waarop in de wetenschap biologische effecten zijn gevonden. Voor de vaststelling van de blootstellingslimieten zoals hierboven genoemd voor het algemene publiek, is de genoemde blootstellingsintensiteit met een factor 50 verlaagd. Stralingsrapporten aangeleverd bij de aanvraag De geprojecteerde radar in Herwijnen is getoetst aan de ICNIRP normering. Deze toets is weergegeven in verschillende rapportages die bij de aanvraag zijn

Pagina 13 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

ingediend. Het betreft de volgende bij de aanvraag gevoegde stukken, met een korte beschrijving van de inhoud: 1. M08C, TNO rapport TNO 2020 R10094, Evaluatie van gezondheidsaspecten door RF-velden afkomstig van de voorgenomen SMART-L radar te Herwijnen, januari 2020. 2. M08D TNO rappport TNO 2020 R11278, Evaluatie van gezondheidsaspecten door blootstelling voorgenomen SMART-L radar te Herwijnen: aanvulling op rapportage TNO 2020 R 10094, augustus 2020. 3. M08E Memorandum TNO 2021 M11700, SMART-L bijdrage samengestelde blootstelling, september 2021. 4. M08A, ICNIRP contour SMART-L, voldoet aan de richtlijn en operationeel bruikbaar, versie 2.0, maart 2023. 5. M08B, Safety Statement RF radiation, Verklaring ontrent de stralingsveiligheid van het SMART-L MM/F radarsysteem te Herwijnen, 05 april 2023. 6. M08F Rapport stralingsmetingen Dekra, Assesment Report RF exposure – MPE, 07 juni 2021. Ad 1. TNO rapport TNO 2020 R10094 Dit rapport geeft conclusies over de stralingsbelasting met elektromagnetische straling in Herwijnen als gevolg van de SMART-L radar op verschillende afstanden van de radar.

Omdat in de aanloop naar dit rapport reeds de nodige vragen zijn gesteld omtrent gezondheidsaspecten die spelen rondom radarstraling en zorgen die geuit zijn door omwonenden, gaat het rapport ook in op de bescherming van de gezondheid door blootstelling aan elektromagnetische velden en meer specifiek de relatie tussen elektromagnetische straling en de ziekte ALS en vormen van kanker. Het rapport gaat voorts in op de wet- en regelgeving en de relatie met het ALARA principe (As Low As Reasonably Achievable) waarbij ook een vergelijking wordt gemaakt met laagfrequente straling (hoogspanningstrajecten) en straling als gevolg van huishoudelijke apparaten zoals mobiele telefoons en WiFi-routers. Hoofdstuk 4 van het rapport gaat in op de technische gegevens die door de fabrikant van de radar (Thales) zijn geleverd en die door TNO zijn geverifieerd middels een audit. Op basis van deze niet openbare gegevens (denk aan technische data, soft- en hardwarematige data en andere (bouw)technische radargegevens), waarbij alléén de SMART-L radar is beschouwd, concludeert TNO dat de elektromagnetische veldsterkten buiten het inrichtingsterrein nergens de maximale grenswaarden van de ICNIRP-richtlijn overschrijden.

Pagina 14 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

Omdat hoofdstuk 4 van de rapportage handelt over de SMART-L als enkel radarsysteem, is in hoofdstuk 5 van de rapportage een uitgebreide beschouwing en berekening gegeven van de verwachte samengestelde blootstelling. Daarbij is rekening gehouden met de vast opgestelde radarbronnen (de SMART-L radar en de KNMI-radar die in de nabijheid van de SMART-L aanwezig is), maar is ook ingeschat wat het samengestelde effect is als rekening wordt gehouden met eigen WiFI-routers, DECT- en mobiele telefoons en navigatieradars van scheepvaart op de Waal. Dit hoofdstuk gaat ook in op de ontwikkeling en invoering van het 5Gnetwerk voor mobiele telefonie. De berekeningen laten zien dat zelfs in de meest ongunstige scenario’s (worst-case) de blootstellingslimieten nergens overschreden worden. Binnen de berekende bandbreedte wordt de samengestelde blootstelling berekend op maximaal 31% van de ICNIRP blootstellingslimieten. Het worst-case scenario is in deze beschrijving het scenario waarbij de SMART-L radar in starende modus is geplaatst en bovendien alle bronnen bij elkaar op zijn geteld. In starende modus “tuurt” de radar gedurende een periode in één bepaalde richting. Verder geeft de rapportage in hoofdstuk 6 referentiemetingen weer die in Herwijnen zijn uitgevoerd door TÜV Rheinland.

Deze metingen tonen aan dat de huidige gemiddelde elektrische veldsterkten van verschillende bronnen gecombineerd, overeenkomen met de veldsterkteniveaus zoals het Agentschap Telecom (nu Rijksdienst voor de Digitale Infrastructuur (RDI)) heeft gemeten op verschillende locaties in Nederland. De hoogst gemeten waarde in Herwijnen van 0,7V/m RMS voldoet daarbij ruimschoots aan het laagste ICNIRP-referentieniveau van 27,5 V/m RMS. Tot slot worden conclusies geformuleerd in hoofdstuk 7 van het rapport. Uit de toetsing blijkt dat de SMART-L radar voldoet aan de blootstellingslimieten die de ICNIRP-richtlijn voorschrijft. Ook indien andere radiofrequente bronnen worden meegerekend, zoals de KNMI weerradar, mobiele telefonie basisstations en omroep wordt aan de ICNIRP-richtlijn voldaan. Dit verandert niet wanneer persoonlijke apparaten zoals de mobiele telefoon, WiFi routers en DECT-telefoon worden meegerekend. Dan wordt ook aan de richtlijn voldaan. TNO is daarbij in de berekeningen uitgegaan van het meest ongunstigste geval. Als er schattingen gemaakt moesten worden, zijn de blootstellingswaarden naar boven afgerond. Op deze manier wordt voorkomen dat uiteindelijk de daadwerkelijke situatie te gunstig is vastgesteld. In de conclusies wordt als aanbeveling meegegeven om de metingen die TÜV

Pagina 15 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

Rheinland heeft uitgevoerd als referentiemetingen na plaatsing van de SMART-L radar, met de SMART-L radar in roterende en starende modus, opnieuw uit te voeren. Geverifieerd moet worden of de SMART-L radar ook dan aan de geldende ICNRIP-richtlijn voldoet. Ad 2. TNO rappport TNO 2020 R11278 Dit rapport is tot stand gekomen nadat er met betrekking tot het rapport TNO 2020 R10094 herhaaldelijk een aantal vragen om nadere (technische) toelichting zijn gesteld. Bovendien is na het uitkomen van dat rapport in maart 2020 een herziene ICNIRP-richtlijn gepubliceerd. De herziene richtlijn is in de aanvullingsrapportage meegenomen en is intussen ook het nieuwe vastgestelde toetsingskader geworden. Dat betekent dat in deze vergunning toetsing plaats vindt aan de hand van de nieuwe, herziene ICNIRP-richtlijn 2020. Er zijn berekeningen uitgevoerd op de afstanden 300 meter, 370 meter, 450 meter en 1500 meter afstand van de radar. De toetsing op 370 meter heeft betrekking op een tijdelijke woonunit die in rapport TNO 2020 10094 niet was gesignaleerd en ten opzichte van de permanente woning op kortere afstand van de radar blijkt te zijn gelegen (370 meter). Volledigheidshalve is vervolgens ook de afstand van 300 meter tot de radar berekend, op de erfgrens van het perceel. De herhaaldelijk gestelde vragen zijn centraal gezet in hoofdstuk 2 van de rapportage.

Dit hoofdstuk geeft antwoorden op de vragen die hoofdzakelijk technisch van aard zijn. Dit is een verdieping van en toelichting op de achterliggende uitgangspunten die ten grondslag liggen aan de rapportage, de berekeningen en de uitkomsten. In hoofdstuk 3 van de rapportage worden de overeenkomsten en verschillen, voor zover van belang voor deze analyse en toetsing, tussen de huidige en de herziene ICNIRP-richtlijnen besproken. Van belang hierbij is dat op het moment van schrijven van deze beschikking de ICNIRP-richtlijn 2020 inmiddels het vastgestelde toetsingskader is geworden. In hoofdstuk 4 van dit rapport komt de blootstelling op kortere afstand dan 450 meter aan de orde. Meer in het bijzonder wordt de vraag beantwoord wat voor de tijdelijke woningunit op de boerderij aan de Nieuwe Steeg 56A op een afstand van 370 meter van de radar de gelijktijdige samengestelde blootstelling is. Ook zijn berekeningen van de gelijktijdige samengestelde blootstelling uitgevoerd op de erfgrens van dit woonperceel op 300 meter afstand van de radar. Deze uitkomsten

Pagina 16 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

van de berekeningen zijn getoetst aan zowel de ICNIRP-richtlijn 1998 als de ICNIRP-richtlijn 2020. Tot slot worden in hoofdstuk 5 van deze rapportage de conclusies gegeven. Uit de aanvullende berekeningen blijkt dat zowel op een afstand van 370 als op een afstand van 300 meter voldaan wordt aan de blootstellingslimieten van zowel de ICNIRP-richtlijn 1998 als de ICNIRP-richtlijn 2020. TNO is daarbij uitgegaan van het meest ongunstige geval, waardoor een worst-case benadering is gehanteerd. De aanbevelingen uit het eerste rapport blijven overeind. TNO adviseert: -

Na de realisatie van de SMART-L radarinstallatie op verschillende locaties blootstellingsmetingen uit te voeren. Deze locaties kunnen in overleg met belanghebbenden worden bepaald maar TNO adviseert om in ieder geval bij de dichtstbijzijnde woning en de tijdelijke woonunit deze metingen uit te voeren.

-

De radarinstallatie operationeel te stellen alleen als door metingen is aangetoond dat de radarinstallatie voldoet aan zowel de geldende ICNIRPrichtlijn (1998) als aan de herziene ICNIRP-richtlijn (2020).

Ad 3. Memorandum TNO 2021 M11700 In het proces van de Rijkscoordinatieregeling die gevolgd wordt voor Radarlocatie Herwijnen is een aanvullend locatieonderzoek uitgevoerd. Het TNO memorandum geeft een inschatting van de samengestelde blootstelling per onderzochte locatie, waarbij gebruik is gemaakt van de vele meetresultaten van de Rijksdienst voor de Digitale Infrastructuur over heel Nederland. Uit het onderzoek blijkt dat de bijdrage van de SMART-L radar aan de gelijktijdige samengestelde blootstelling, zelfs als de overige op de betreffende locatie aanwezige RF-bronnen 25% van de gelijktijdig samengestelde limietwaarde veroorzaken, ruim voldoet aan de in de ICNIRP-richtlijn gestelde basisrestrictie voor algemeen publiek. Dit geldt zowel voor de roterende als de starende modus van de radar, op alle onderzochte locaties. In totaal zijn 17 locaties onderzocht. Gelet op de door de RDI gemeten veldsterkten op de diverse locaties geeft dit onderzoek aan dat de locatie Herwijnen in de berekende tijdgemiddelde waarden en in de piekbelastingswaarden niet verschilt van de overige onderzochte locaties. De locatiekeuze staat in deze vergunning niet ter discussie. De aanvraag is ingediend voor de locatie Herwijnen. Uit de benchmark met de andere onderzochte locaties blijkt echter wel dat de locatie Herwijnen niet significant beter of slechter scoort ten aanzien van de stralingseffecten.

In alle gevallen en

Pagina 17 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

op alle locaties blijkt dat er geen overschrijdingen van de gelijktijdig samengestelde blootstelling voorkomen. Ad 4. ICNIRP contour SMART-L, Defensie i.s.m. Thales Ad 5. Safety Statement RF radiation, Thales Het document ‘ICNIRP contour SMART-L’ beschrijft een contour rondom de radar met een straal van 1200 meter. Buiten deze contour wordt te allen tijde voldaan aan de ICNIRP richtlijn. Binnen deze contour kan niet met zekerheid gegarandeerd worden dat altijd overal aan de ICNIRP blootstellingslimieten voldaan kan worden. Radarleverancier Thales conformeert zich aan deze contour middels de verklaring, het Safety Statement dat het niveau van elektromagnetische straling ten gevolge van het SMART-L MM/F systeem te Herwijnen onder de in de ICNIRP-norm gestelde grenswaarde zal blijven buiten de ICNRIP contour. De contour is bedoeld om een duidelijk kader te scheppen, waarbij voor publiek toegankelijk gebied altijd is gegarandeerd dat de blootstellingslimieten onder de grenzen van de ICNIRP blijven, óók nabij de radar. In de TNO rapporten zijn berekeningen uitgevoerd vanaf 300 meter afstand tot de radar en vervolgens op 370 meter, 450 meter en 1500 meter. De rapporten TNO 2020 R10094 en TNO 2020 R11278 laten zien dat op deze afstanden overal ruimschoots aan de ICNIRP blootstellingslimieten kan worden voldaan.

Op kortere afstanden vanaf de radar moet teruggevallen worden op informatie van Thales. Vanuit het uitgangspunt dat dichterbij de radar ook op een geringere hoogte stralingsniveau’s gedetecteerd kunnen worden, is het van belang dat het voldoen aan de blootstellingslimieten dichterbij de radar óók gegarandeerd is. Dit is een noodzaak omdat ook in het publieke gebied direct buiten de inrichtingsgrens voorkomen moet dat publiek blootgesteld wordt aan een mogelijk te hoog stralingsniveau. Denk daarbij aan vrachtwagenchauffers die passeren op de Broekgraaf of personeel in landbouwmachines die nabij de radar aan het werk zijn. Om die reden is in de eerste straal van 300 meter vanaf de radar binnen de ICNIRP-contour voorzien in een minimale hoogte van 6 meter, waaronder geen ICNIRP blootstellingslimieten kunnen worden overschreden. De ICNIRP-contour voorziet daarmee in een permanent veilig gebied buiten de contour en een mogelijk onveilig gebied binnen de contour, óók in de eerste 300 meter rond de radar. Defensie en Thales garanderen dat de instellingen van de radar – onafhankelijk van de modus waarin de radar opereert – dusdanig worden

Pagina 18 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

geconfigureerd dat buiten de contour geen blootstellingslimieten kunnen worden overschreden. Dit wordt in de voorschriften bij deze vergunning vastgelegd. Daarmee wordt feitelijk een ‘buitengrens’ vastgelegd waarbuiten altijd een gezond woon-, werk- en leefklimaat is gegarandeerd. In de volgende afbeelding is de contour zichtbaar gemaakt. Daarbij zijn de volgende hoogten van toepassing: -

Vanaf de radar is tot een afstand van 35 meter (tot de inrichtingsgrens) de hoogte van de contour vastgelegd op 4 meter. Dit gebied valt binnen de inrichtingsgrens en is geen publiek toegankelijk gebied.

-

Buiten de inrichtingsgrens, vanaf 35 meter tot een afstand van 300 meter afstand van de radar is de hoogte van de contour vastgelegd op 6 meter. Dit is publiek toegankelijk gebied.

-

Vanaf 300 meter is de hoogte vastgelegd op 26 meter, oplopend tot 60 meter op 1200 meter afstand van de radartoren. Ook dit is publiek toegankelijk gebied.

Ter verduidelijking wordt opgemerkt dat het rapport ICNIRP contour SMART-L is opgesteld voor zowel de radar in Herwijnen als de radar in het Friese Wier. Daarom zijn, ter verificatie, de dichtstbijgelegen én de hoogste verblijfsobjecten in zowel de gemeente West Betuwe als de gemeente Waadhoeke (Friesland) in de afbeelding van de ICNIRP-contour weergegeven. De gele markers in de afbeelding

Pagina 19 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

staan voor: Afstand

Hoogte

450m

8,4m

710m

28,0m

730m

33,4m

1100m

22,1m

360m

8,7m

Object

Verblijfsobject met woonfunctie; Nieuwe Steeg 56A, 4171 LG, Herwijnen Verblijfsobject met woonfunctie; Moaije Peal 1A, 4074 VN, Minnertsga Verblijfsobject met bijeenkomstfunctie (Johanneskerk); Tsjerkepaed 22A, 9043 VN, Wier Verblijfsobject met overige gebruiksfunctie (KNMI radar); Broekgraaf 2, 4171 LA, Herwijnen Verblijfsobject met woonfunctie; Boutlaan 2-62, 4171 DE, Herwijnen

Ad 6. Rapport stralingsmetingen Dekra Het betreft een meetrapport van Dekra Certification BV te Arnhem waarbij de stralingsintensiteit op verschillende afstanden is gemeten vanaf de vergelijkbare SMART-L radar te Wier (Friesland). Er is zowel in staring-mode als in rotatingmode gemeten op een hoogte van 2 meter boven maaiveld en een hoogte van 4 meter boven maaiveld op afstanden van 35 meter, 150 meter, 200 meter, 300 meter en 710 meter afstand van de radar. De meetresultaten laten zien dat nergens ICNIRP blootstellingslimieten worden overschreden in geen van de configuraties van de radar (staring of rotating). Het meetrapport geeft een indicatie van de te verwachten meetwaarden van de radar die in Herwijnen geplaatst zal gaan worden. Immers, deze is van hetzelfde type. Conclusies De conclusies die hieronder worden getrokken over de aangeleverde stralingsrapporten zijn mede gebaseerd op een tweetal adviezen van de RDI. Advies Rijksdienst voor de Digitale Infrastructuur RDI De rapportages TNO 2020 R10094 en TNO 2020 R11278 zijn begin 2020 voor een second opinion voorgelegd aan de RDI. In maart 2020 heeft dit tot een advies geleid van de RDI. Ten behoeve van de aanvraag zijn de twee TNO-rapportages aangevuld. Dit heeft geleid tot de 6 rapportages zoals hierboven beschreven. Deze 6 rapportages zijn in samenhang opnieuw voorgelegd aan de RDI.

In september 2023 heeft de RDI een tweede advies opgeleverd over deze 6 rapporten. Aan de RDI is gevraagd een algemene beoordeling van de rapporten te geven waarbij specifiek gevraagd is om te toetsen of de conclusies van de rapporten in samenhang juist zijn. De kernvraag aan de RDI was om te toetsen of op publiek

Pagina 20 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

toegankelijk gebied de blootstellingslimieten inderdaad gehaald worden zoals de rapporten veronderstellen. De RDI concludeert dat de door TNO in de rapporten gehanteerde uitgangspunten juist zijn. De uitgangspunten en berekeningen van TNO zijn voor de RDI verifieerbaar, zeker voor de berekeningen van de stralingsbelastingen op grotere afstand. Daarbij concludeert de RDI dat de uitkomsten waarschijnlijk een overschatting zijn omdat TNO voor de berekeningen van worst-case situaties uitgaat. TNO heeft geen berekeningen uitgevoerd binnen 300 meter van de radar. Voor de toets of ook binnen 300 meter rond de radar aan de limieten voldaan kan worden, zijn zowel TNO als RDI afhankelijk van data, berekeningen en systeemeigenschappen van de radar die alleen bij Thales bekend zijn en die gerubriceerd (geheim) zijn. Die data zijn door TNO bij Thales middels een audit geverifieerd. Dit geeft de RDI en de minister van I&W voldoende aanleiding aan te nemen dat de blootstellingsbeelden op de juiste uitgangspunten, data en systeemeigenschappen zijn gebaseerd. Thales zelf conformeert zich hieraan en garandeert middels het Safety Statement dat de blootstellingslimieten buiten de ICNIRP-contour altijd gerespecteerd wordt door en dankzij veiligheidsinstellingen in de configuratie van de radar.

De RDI concludeert ook dat de bepaling van de samengestelde blootstelling (meerdere bronnen, zoals de KNMI-radar) adequaat en conform de ICNIRP cumulatieregels heeft plaatsgevonden. Om te borgen dat op voor publiek toegankelijk terrein tot op acceptabele hoogte nergens de ICNIRP blootstellingslimieten worden overschreden heeft Defensie in samenwerking met Thales de ICNIRP contour ontwikkeld zoals beschreven in bijlage M08A. Dit document richt zich specifiek op de situatie rondom de radar tot een straal van 1200 meter. In dit document schetst Defensie een contour waarbuiten aan de ICNIRP-richtlijn voor blootstelling van algemeen publiek wordt voldaan en waarbinnen dit niet geheel gegarandeerd is. De contour maakt geen onderscheid tussen de verschillende modi van de radarinstallatie; alle bundelvormen zijn onder alle omstandigheden en wijzen van gebruik meegenomen in de analyse. Het document van Defensie (M08A) geeft aan dat onder de voorwaarde dat de ICNIRP contour altijd wordt gerespecteerd, er een acceptabele mate van de operationele bruikbaarheid van de radar is vastgesteld. Bij het samenstellen van

Pagina 21 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

de onderzijde van de contour is een compromis gevonden tussen voldoende “bewegingshoogte” en operationele bruikbaarheid. In het advies van de RDI leidt dit tot een aantal aanbevelingen die vertaald worden in voorschriften bij deze vergunning. Naast algemene voorschriften waarin Defensie de ICNIRP limieten moet borgen, wordt de ICNIRP contour vastgelegd in een voorschrift. De voorschriften gaan voorts in op verificatiemetingen na oplevering van de radar, verificatie-metingen bij veranderingen, onderhoud of systeemupdates en het uitvoeren van periodieke metingen op willekeurige momenten bij een in bedrijf zijnde radar. De rapportages en de second opinion door de RDI geven voldoende waarborgen dat het woon- en leefklimaat rondom de radar wordt gerespecteerd. Onder het stellen van voorschriften wordt de ICNIRP-contour zoals beschreven in M08A ‘ICNIRP-contour SMART-L d.d. 16-03-2023 versie 2.0’ en daarmee de ICNIRP blootstellingsimieten niet overschreden. Akoestiek Algemeen De bedrijfsactiviteiten hebben tot gevolg dat geluid wordt geproduceerd. Deze geluidsemissie wordt vooral veroorzaakt door het ronddraaien van de radar. De veroorzaakte geluidsbelasting in de omgeving is in kaart gebracht in een akoestisch rapport. Het betreft het rapport “Radarpost-Zuid, Herwijnen”, AH.2022.1343.00.R001 van adviesbureau de Haan d.d. 21 juni 2023, verder ‘akoestisch rapport’ genoemd.

Naar aanleiding van aanvullende vragen die ik heb gesteld is de aanvraag op het onderwerp akoestiek op 2 november 2023 aangevuld met de volgende verduidelijkende documenten: -

AKO 1, Brief reactie op bevindingen akoestisch onderzoek, Adviesbureau De Haan 04-09-2023 AH.2022.1343.00.B001;

-

AKO 2, Memo tonaal geluid, FUMO 30-07-2021 AJ/2021-FUMO0053851/0405;

-

AKO 3, Geluidsmetingen Wier, Adviesbureau De Haan 10-01-2022 AH.2018.0879.03.B001.

Het geluid wordt beoordeeld op basis van de representatieve bedrijfssituatie (de geluidsemissie die de inrichting onder normale omstandigheden veroorzaakt).

Pagina 22 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

Beoordeeld worden de geluidsbelasting, de maximale geluidsniveaus en de indirecte hinder als gevolg van het in werking zijn van de inrichting. Beoordeling Bij het beoordelen van de geluidgevolgen van de inrichting wordt aangesloten bij de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening, VROM 1998. De woonomgeving in onderhavige situatie wordt gekenmerkt als een ‘landelijke omgeving’. Hiervoor gelden de volgende richtwaarden voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau: •

40 dB(A) tussen 07.00 en 19.00 uur;

•

35 dB(A) tussen 19.00 uur en 23.00 uur;

•

30 dB(A) tussen 23.00 uur en 07.00 uur.

Deze richtwaarden komen overeen met het op 25 mei 2021 door de gemeenteraad van de gemeente West Betuwe vastgestelde ‘Geluidbeleid gemeente West Betuwe 2021’ voor agrarisch gebied. Uit het akoestisch rapport volgt dat, met inzet van in het rapport beschreven maatregelen, de geluidbelasting vanwege de inrichting op omliggende woningen niet hoger is dan de bovengenoemde streefwaarden. In de geluidvoorschriften is daarom bij de bovengenoemde richtwaarden aangesloten. De inrichting is zowel in de dag-, avond- als nachtperiode in gebruik. Daarom zijn voor zowel de dag-, de avond- als de nachtperiode geluidgrenswaarden gesteld. Om te waarborgen dat aan de geluidgrenswaarden kan worden voldaan, zijn de in het akoestisch rapport beschreven maatregelen bij voorschrift verplicht gesteld. Daarnaast is een meet-/onderzoeksverplichting opgenomen die voor ingebruikname moet zijn ingevuld, inclusief een beoordeling van de aard van het geluid ter hoogte van de ontvanger (tonaal, laagfrequent). Voor het maximale geluidniveau wordt in de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening aanbevolen om te streven naar het voorkomen van ten hoogste 10 dB(A) hogere geluidniveaus dan de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus. Uit het akoestisch rapport volgt dat aan de streefwaarde volgens de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening wordt voldaan.

In het voorschrift voor het maximaal geluidniveau is daarom aangesloten bij de streefwaarde.

Pagina 23 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

Voor de beoordeling van het geluid van verkeer van en naar de inrichting is aansluiting gezocht bij de Handreiking ‘Geluidhinder veroorzaakt door het wegverkeer van en naar de inrichting; beoordeling in het kader van de vergunningverlening op basis van de Wet m ilieubeheer', voormalig VROM, 1996. Uit het akoestisch rapport volgt dat wordt voldaan aan de in genoemde Handreiking opgenomen voorkeurwaarde van 50 dB(A). Kamervragen mbt controlemetingen In het vergaderjaar 2020-2021 zijn door leden van de Tweede Kamer vragen gesteld over de op te richten radar in Herwijnen. De aanleiding was berichtgeving over een te hoge geluidbelasting van eenzelfde radar in het Friese Wier. In het verslag 1835 zijn de Kamervragen beantwoord door de toenmalig Staatssecretaris van Defensie Visser. In haar beantwoording heeft Visser aangegeven dat voor de beide radars in Wier en Herwijnen ten minste dezelfde geluidsmaatregelen zullen worden toegepast teneinde te kunnen voldoen aan de landelijke normen. Indien blijkt dat er aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn voor de tweede radar (te Herwijnen), zullen deze worden uitgevoerd. Nadat de geluidbeperkende maatregelen in Wier zijn genomen, wordt in Wier een controlemeting uitgevoerd om zeker te stellen dat de radar voldoet aan de normen. Deze geluidsmetingen zullen als onderbouwing dienen voor de vergunningsaanvraag voor de tweede radar.

In de motie van het Eerste Kamerlid Janssen van 5 december 2023 wordt verwezen naar de toezegging van Visser dat in Wier eerst middels controlemetingen wordt aangetoond dat de radar aan de geluidnormen kan voldoen en dat de controlemetingen dienen als onderbouwing voor de vergunningaanvraag voor de tweede radar te Herwijnen. De controlemetingen in Wier zijn inmiddels uitgevoerd en verwoord in de rapportage van Peutz met rapportnummer F 22985-1-RA-001 van 14 februari 2024. Hieruit blijkt dat, na het treffen van geluidbeperkende maatregelen, ter plaatse van woningen geluidsniveaus optreden van maximaal 22 dB(A). Daarmee wordt voldaan aan de grenswaarden uit de vergunning voor de radar in Wier te weten 40 dB(A), 35 dB(A) en 30 dB(A) voor respectievelijk de dag,- avond- en nachtperiode. Met de controlemetingen is voldaan aan de toezegging van Visser, waarmee aan deze voorwaardelijkheid voor Herwijnen tegemoet is gekomen. De controlemetingen laten zien dat maatregelen effectief zijn om de grenswaarden te waarborgen.

Pagina 24 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

Toch is ter controle een extrapolotieberekening uitgevoerd voor de situatie in Herwijnen. Dit is gedaan omdat de woningen rondom de identieke radar in Herwijnen op andere afstanden van de radar liggen dan in Wier. Het rapport van Peutz met rapportnummer F 22986-1-RA-002 van 22 februari 2024 heeft als conclusie dat in Herwijnen geluidsniveaus worden berekend van maximaal 26 dB(A). Daarmee wordt voldaan aan de grenswaarden van deze vergunning, te weten 40 dB(A), 35 dB(A) en 30 dB(A) voor respectievelijk de dag,- avond- en nachtperiode. Conclusie Het rapport “Radarpost-Zuid, Herwijnen”, AH.2022.1343.00.R001 van adviesbureau de Haan d.d. 21 juni 2023 toont aan dat, na het treffen van maatregelen, voldaan kan worden aan de grenswaarden. De geluidmetingen in Wier tonen aan dat de in Wier getroffen maatregelen effectief zijn. In Wier wordt met een geluidniveau van 22 dB(A) voldaan aan de grenswaarden. Een extrapolatierapporage van de identieke radar in Herwijnen, waarbij de fysieke omstandigheden in Herwijnen zijn ingevoerd in het rekenmodel, laat zien dat ook in Herwijnen, na het treffen van maatregelen, wordt voldaan aan de in deze vergunning opgenomen grenswaarden. Dit laat onverlet dat in de voorschriften van deze vergunning is opgenomen dat na oprichting van de radar fysieke geluidmetingen moeten aantonen dat de radar kan voldoen aan de geluidgrenswaarden.

Bodem Toetsingskader Het (nationale) preventieve bodembeschermingsbeleid is vastgelegd in de Nederlandse Richtlijn Bodembescherming (NRB). Het uitgangspunt van de NRB is dat door een combinatie van voorzieningen en maatregelen een verwaarloosbaar bodemrisico wordt gerealiseerd. Op basis van de NRB worden de voorgenomen activiteiten beoordeeld en wordt bepaald welke combinatie van voorzieningen en maatregelen noodzakelijk is om tot een verwaarloosbaar bodemrisico te komen. Daarbij richt de NRB zich op de normale bedrijfsvoering en voorzienbare incidenten. Bodembescherming in situaties van calamiteiten wordt in het kader van de NRB niet behandeld. Een eventuele calamiteitenopvang die onlosmakelijk deel uitmaakt van de installatie, bijvoorbeeld in de vorm van een tank of opvangbassin, is wel een activiteit waar

Pagina 25 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

de NRB in voorziet. Activiteiten met bodembedreigende stoffen Binnen de inrichting vinden de volgende potentieel bodembedreigende activiteiten plaats: -

De opslag van 2800 liter diesel in een bovengrondse (dubbelwandige) tank.

-

Het in gebruik hebben van een koelsysteem m et glycol.

-

De opslag van een gebruiksvoorraad glycol en enige reinigings- en onderhoudsm iddelen in een PGS 15 opslagkast.

Bodem bescherming m et betrekking tot de bovengrondse tank voor de opslag van diesel wordt rechtstreeks geregeld in het Bal. Behalve de algem ene regels van paragraaf 4.94 van het Bal, is ook de algem ene zorgplicht uit artikel 2.11 van toepassing. Deze regels garanderen een verwaarloosbaar bodem risico. De opslag en het gebruik van glycol en enige reinigings- en onderhoudsm iddelen en het potentiële gebruik van het noodstroom aggregaat brengen altijd een potentieel risico op bodem verontreiniging m et zich m ee. De activiteiten m et bodem bedreigende stoffen zijn echter beperkt. De voorzieningen die in de aanvraag worden beschreven (lekbakken, PGS-kast) voorzien sam en m et de betonnen vloeren in de toren in een verwaarloosbaar bodemrisico. Voor de opslag van gevaarlijke stoffen geldt dat m et inachtnem ing van de algem ene regels uit paragraaf 4.98 van het Bal en de algem ene zorgplicht uit artikel 2.11 van het Bal een verwaarloosbaar bodem risico gerealiseerd wordt. In deze vergunning zijn geen nadere voorschriften opgenom en voor de bescherm ing van de bodem . Bodemonderzoek In de aanvraag zijn twee bodem onderzoeken opgenom en: -

Verkennend en actualiserend bodem onderzoek Broekgraaf 1 Herwijnen d.d. 7 decem ber 2015, Bilfinger Tebodin;

-

Onderzoek geldigheid en actualiserend bodem onderzoek Broekgraaf 1 Herwijnen d.d. 10 novem ber 2020, Bilfinger Tebodin.

Het onderzoek van 7 decem ber 2015 betreft een verkennend en actualiserend bodem onderzoek ter plaatse van een radarstation van Luchtverkeersleiding Nederland. De aanleiding van het onderzoek betrof de voorgenom en verkoop van de locatie en de aanwezigheid van een ondergrondse HBO-tank m et leidingwerk.

Pagina 26 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

Het onderzoek van 10 novem ber 2020 betreft een actualiserend onderzoek, om dat na 2015 achtereenvolgens het radarstation van Luchtverkeersleiding Nederland is gesloopt en in 2019 de ondergrondse HBO-tank m et het leidingwerk is gesaneerd. In dit onderzoek wordt de conditie van de bodem na sloop en sanering opgem aakt. Uit het onderzoek van 10 novem ber 2020 blijkt dat de m ilieu hygiënische kwaliteit van de bodem geen aanleiding vorm t om nader onderzoek uit te voeren. De bodemkwaliteit vormt geen belemm ering voor deze vergunningprocedure en de bouw van een nieuwe radartoren. Om dat ook in de nieuwe situatie door de voorgenom en activiteiten bodem verontreiniging niet geheel uitgesloten kan worden, is in de voorschriften een eindsituatieonderzoek opgenom en. (Afval)water In de radartoren is, behalve tijdens onderhoudswerkzaam heden, geen personele bezetting aanwezig. Dat betekent dat het waterverbruik op jaarbasis zeer beperkt is. Het enige afvalwater dat ontstaat is vergelijkbaar m et huishoudelijk afvalwater. Dit ontstaat hoofdzakelijk door toiletgebruik en schoonm aak. Het huishoudelijke afvalwater wordt via een septictank geloosd op het oppervlaktewater. Daarnaast wordt schoon hem elwater afgevoerd via bodem en oppervlaktewater.

De behandeling van het huishoudelijke afvalwater in een septictank en de afvoer van hem elwater, niet afkom stig van een bodem bedreigende voorziening waren activiteiten die voorheen onder het Activiteitenbesluit vielen. Met inwerkingtreding van de Om gevingswet worden deze activiteiten gereguleerd in het tijdelijk deel van het om gevingsplan. Er dient voor deze activiteiten voldaan te worden aan de regels in het om gevingsplan. In deze vergunning zijn daarom voor het onderwerp afvalwater geen voorschriften opgenom en. Afvalstoffen Afvalstoffen kom en op het terrein van de inrichting niet vrij. De radartoren is een onbem ande locatie. Niet uitgesloten is dat er een geringe hoeveelheid afval ontstaat bij onderhoudswerkzaam heden. Indien dit het geval is dan neem t de onderhoudsm onteur de afvalstoffen (gescheiden) m ee. Afvalstoffen en voorzieningen voor de opslag van afvalstoffen kom en op de inrichting niet voor. Om die reden zijn in deze vergunning geen voorschriften opgenom en voor de opslag van afvalstoffen.

Pagina 27 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

Integrale afweging Het bevoegd gezag m oet alle aspecten van de m ilieugevolgen, voor zover ze elkaar beïnvloeden, tegen elkaar afwegen. Hierm ee wordt voorkom en, dat m aatregelen ten behoeve van het ene m ilieu-com partim ent negatieve gevolgen hebben voor een ander com partim ent. Bij deze vergunning vindt geen relevante onderlinge beïnvloeding plaats. Een nadere afweging is daarom niet nodig.

OVERWEGINGEN EN TOETSINGEN BOUWDEEL Bouwen van een bouwwerk Inleiding De om gevingsvergunning m oet worden geweigerd indien voor wat betreft bouwen de activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo niet voldoet aan de in artikel 2.10 van de Wabo gestelde toetsingsaspecten. Een toetsing aan deze aspecten heeft plaatsgevonden. Toetsing Bouwbesluit De aanvraag is getoetst aan het Bouwbesluit 2012. Uit deze beoordeling blijkt dat het voldoende aannemelijk is dat aan de voorschriften van het Bouwbesluit 2012 wordt voldaan. Bouwverordening De aanvraag is getoetst aan de Bouwverordening van de gemeente West Betuwe. Uit deze beoordeling blijkt dat het voldoende aannem elijk is dat aan de voorschriften van de bouwverordening wordt voldaan. Rijksinpassingsplan (RIP) De aanvraag is getoetst aan het Ontwerp Rijksinpassingsplan Militair radarstation Herwijnen (hierna: ontwerp RIP). Op basis van documenten, behorende bij de aanvraag, m oet het initiatief voldoen aan de bepalingen uit het ontwerp RIP. Van toepassing zijn: 1. Bestem m ing: ‘Maatschappelijk - Zend- en ontvangstinstallatie’ (ontwerp RIP artikel 3); 2. Dubbelbestem m ing: ‘Waarde - Archeologische 5’ (ontwerp RIP artikel 4); 3. Dubbelbestem m ing: ‘Waarde - Archeologische 7’ (ontwerp RIP artikel 5)

Pagina 28 van 47

Inspectie Leefomgeving en Transport Ons kenmerk 2023/1482 Datum

4. Dubbelbestem m ing: ‘Waarde - Nieuwe Hollandse Waterlinie’ (ontwerp RIP artikel 6) 5. Aanduiding: ‘overige zone – inundatiekom m en’. Maatschappelijk - Zend- en ontvangstinstallatie Het ontwerp RIP artikel 3.1 sub a geeft expliciet aan dat deze locatie bestem d is voor een m ilitair radarstation, zoals in de ingediende aanvraag is voorzien. Daarnaast is aangegeven dat het m ilitair radarstation uitsluitend m ag worden gebouwd ter plaatse van het in het ontwerp RIP opgenom en bouwvlak, ontwerp RIP artikel 3.2.1 sub a, wat hier het geval is. Ten slotte voldoet de hoogte van het radarstation aan de in het ontwerp RIP opgenomen maxim ale bouwhoogte van 33 m hoogte t.o.v. m aaiveld, in het bijzonder ontwerp RIP artikel 3.2.1 sub b. Ten behoeve van de toegankelijkheid van het m ilitair radarstation wordt de verharding uitgebreid m et o.a. parkeerplaatsen, welke binnen de bestem m ingsom schrijving van ontwerp RIP artikel 3.1 is opgenom en.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.westbetuwe.nl/api/v1/meetings/798/documents/15711