RV2024-034-Bijlage6-Aanvullende-notitie-flora-en-fauna.pdf
Tekst van het document
Blom Ecologie Koeweistraat 2 4181 CD Waardenburg
Van den Heuvel Ontwikkeling & Beheer B.V.
0418 820 288
T.a.v. dhr. R. de Groot
info@blomecologie.nl
Lekdijk 44
www.blomecologie.nl
2967 GB Langerak
Onderwerp:
Notitie uilenpotentie Sportlaan 8 te Vuren
Datum:
5 oktober 2023
Project:
2022-0036
Samensteller:
drs. C.J. van Soolingen
KVK
67221904
BTW nr.
NL856882999B01
IBAN
NL21RABO0314240683
Geachte heer De Groot, Hierbij onze beoordeling ten aanzien van potentiële aanwezigheid van ransuil en bosuil aan de Sportlaan 8 te Vuren.
Aanleiding Bij een procedure ten behoeve van bestemmingsplanwijziging aan de Sportlaan 8 te Vuren is een zienswijze ingediend waarin wordt gesuggereerd dat er een ransuil zou broeden in de te verwijderen bosschage op de planlocatie. Hierbij zijn enkele uitvergrote foto’s van jonge ransuilen gevoegd. In de door Blom Ecologie uitgevoerde quickscan Wnb is aanwezigheid van de ransuil echter uitgesloten. Hierbij onze reactie op de potentiële aanwezigheid van de ransuil. Beoordeling ransuil In de beoogde ontwikkeling wordt een bosschage verwijderd welke in de huidige situatie functioneert als tuin. Het betreft de bosschage welke is gelegen ten zuiden van de te slopen kassen en ten noorden van de huidige oprit op het terrein. Het betreft een overzichtelijke bosschage met meerdere lage struiken en slechts enkele hogere bomen (figuur 1 en 2). Het gaat met name om enkele sparren en coniferen. Alleen de hogere bomen zouden eventueel geschikt kunnen zijn voor een nestlocatie van de ransuil. Tijdens het locatiebezoek is de te verwijderen bosschage nauwkeurig onderzocht op aanwezigheid van beschermde fauna. Hierbij is ook gezocht naar nesten van vogels. Ransuilen maken vooral gebruik van oude kraaien- en eksternesten. Dit zijn relatief grote en opvallende nesten, zeker wanneer er geen bladeren aan bomen aanwezig zijn.
Tijdens het veldbezoek is echter geen potentieel eksterof kraaiennest gevonden, noch sporen welke op aanwezigheid van een ransuil wijzen. Het is zeer onwaarschijnlijk dat een dergelijk groot nest over het hoofd is gezien tijdens het veldbezoek, dat is uitgevoerd in januari. De te kappen sparren en coniferen zijn jaarrond groen, maar het betreft geen grote bomen met een dichte structuur. De sparren hebben een vrij ijle, open groeiwijze en de coniferen zijn slechts enkele meters hoog. Bovendien zijn vaste rustplaatsen van ransuilen vaak vrij eenvoudig op te sporen door de aanwezigheid van uitwerpselen (witte ‘krijtsporen’) en braakballen. Dit alles is echter niet aangetroffen en derhalve is de aanwezigheid van de ransuil uitgesloten in de rapportage van de quickscan (Davids, 2022). De aangeleverde foto’s van jonge ransuilen zijn sterk uitvergroot en kunnen zonder nadere duiding onmogelijk als bewijsmateriaal worden gezien van aanwezigheid van een ransuilnest in de specifieke te verwijderen bosschage. Op de meeste foto’s zijn jonge uilen te zien in een spar met veel dood loof daaromheen. Uit de foto’s welke in ons bezit zijn blijkt niet dat er een boom met dergelijke dode plekken aanwezig was tijdens het door ons uitgevoerde veldbezoek. Een van de foto’s betreft een jonge ransuil in een es met dikke zijtakken.
In de te verwijderen bosschage staan geen essen, dus van deze foto is eenvoudig vast te stellen dat dit geen dier betreft dat zich op de planlocatie bevond. Ook in de NDFF zijn geen waarnemingen van ransuilen bekend in de nabijheid van de planlocatie (NDFF 2013-2023). Binnen een straal van 2 km zijn slechts enkele waarnemingen bekend van de soort. De dichtstbijzijnde waarneming bevindt zich op circa 1 km afstand van de planlocatie.
De bosuil is jaarrond beschermd wanneer er sprake is van ecologisch zwaarwegende redenen (cat. 5). Ook de bosuil is in de afgelopen tien jaar niet dichterbij dan op 1 km afstand waargenomen. Er zijn geen sporen of andere indicaties dat er sprake is van vaste rustplaatsen en/of nestlocaties. Derhalve is geen sprake van zwaarwegende redenen en is het uitvoeren van aanvullend onderzoek naar de bosuil niet benodigd.
Figuur 1 Overzicht van de te verwijderen bosschage (rechts van de oprit), vanuit de oostzijde.
Figuur 2 De te verwijderen bosschage gezien vanuit de westzijde (bron: Google Maps).
Conclusie Wij zien in de aangeleverde foto’s geen aanleiding om te concluderen dat deze in de te verwijderen bosschage zijn genomen. Tijdens het veldbezoek van de quickscan is geen indicatie voor de aanwezigheid van ransuilen of bosuil vastgesteld, hoewel dit doorgaans tijdens een gericht locatiebezoek goed is te achterhalen. Vanwege gebrek aan bewijsmateriaal, het ontbreken van sporen en de geringe omvang van de te verwijderen bosschage in relatie tot de omgeving achten wij het onnodig om een aanvullend onderzoek naar de ransuil en bosuil uit te voeren. De aanwezigheid van de ransuil en bosuil in de te verwijderen bosschage kan onzes inziens worden uitgesloten.
We hopen u met dit schrijven voldoende te hebben geïnformeerd. We verblijven in afwachting van uw reactie.
Met vriendelijke groet,
Blom Ecologie B.V., drs. C.J. van Soolingen Auteur
Blom Ecologie B.V. Koeweistraat 2 - 4181 CD Waardenburg Niets uit deze rapportage mag zonder schriftelijke toestemming van de opdrachtgever en Blom Ecologie B.V. worden gebruikt door derden. Onder gebruik worden alle vormen van kopie, openbaarmaking en elke andere toepassing begrepen. Deze rapportage mag alleen gebruikt worden voor het doel waarvoor het is samengesteld. Blom Ecologie B.V. is niet aansprakelijk voor schade die voortkomt uit toepassing van de resultaten van werkzaamheden en/of gegevens verkregen van Blom Ecologie B.V.