CConstaterende datWest Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

RV2022-082 Bijlage 4 Begroting 2023 Regio Rivierenland.pdf

Gemeenteraad 21 juni 2022, gemeente West BetuweBij agendapunt: 6: Voorstel tot het indienen van een zienswijze op de Jaarstukken 2021 en de Begroting 2023 Regio Rivierenland20.315 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Aanvullende toelichting bij de verzuimcijfers: In het schooljaar 2020-2021 hebben de gemeenten Buren, Neder-Betuwe, West Betuwe en Zaltbommel positief besloten ten aanzien van de uitvoering van preventieve taken door leerplicht. Dit past ook in de landelijke trend en zeker in de regionale aanpak. Helaas heeft de gemeente West Maas en Waal niet gekozen voor uitvoering van preventieve taken en worden voor laatstgenoemde gemeente alleen de wettelijke taken uitgevoerd. Dit zal na het schooljaar 2021-2022 geëvalueerd worden. Of dit meteen leidt tot een toename van processen is nog niet meteen inzichtelijk. De betrokkenheid vanuit leerplicht vindt echter steeds meer in een vroegtijdig stadium plaats en daardoor kan verdere escalatie van verzuim dan wel van inzet jeugdhulpverlening worden voorkomen. Tijdens de corona-epidemie heeft Team Leerplicht gemerkt, dat de gemelde cases zwaar van problematiek zijn en al behoorlijk geëscaleerd zijn; mogelijk vanuit het niet hebben van een structuur van de dagelijkse gang naar school.

23 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

De financiën van dit programma Financiële aandachtspunten Onderstaande tabel geeft een totaaloverzicht van de financiën van dit programma. Hieronder volgen de belangrijkste financiële aandachtspunten: De (deels incidentele) lasten zijn ten opzichte van de begroting 2022 per saldo gestegen met € 708.000. Er zijn verschillende oorzaken voor de lastenstijging: de nieuwe uitvoeringstaak Inburgering, waarvan de lasten voor de eerste keer zijn opgenomen in de begroting 2023, de lasten van extra (deels incidentele) taken bij Wmo/Jeugd en de lasten voor Aanpak Jeugdwerkloosheid, waarvan de uitvoering bij het RMC is belegd. Tegenover de hogere lasten staan ook hogere inkomsten, waardoor de extra lasten volledig zijn gedekt binnen de financiële kaders van de begroting. De werkzaamheden in het kader van het Transformatiefonds, dat onderdeel is van het actieprogramma ‘Zorg voor de jeugd, worden eind 2022 beëindigd; volgens verwachting zijn de projectmiddelen voor het Transformatiefonds dan volledig ingezet. Gevolg is een daling van de lasten in de begroting 2023 met € 472.000. De uitvoeringslasten (en de bijdragen die de gemeenten hiervoor betalen) bij Leerplicht, Sociale Recherche, Basismobiliteit/Versis en Wmo/Jeugd zijn in totaliteit t.o.v. 2022 licht gestegen als gevolg van de indexering van de salariskosten en de overige kostenbudgetten.

Ook bij RMC is sprake van hogere uitvoeringskosten als gevolg van kostenindexatie. - De begrote inzet van de reserves bedraagt € 52.000 en heeft betrekking op de inzet van de RMC-reserve voor de financiering van de uitvoeringstaken en project-gerelateerde werkzaamheden, die gericht zijn op het voorkomen en terugdringen van voortijdig schoolverlaten.

Programma 2 Bedragen x € 1.000 Lasten Baten Subtotaal Gemeentelijke bijdrage Saldo van baten en lasten Onttrekking reserve Storting reserve Resultaat

Rekening 2021

B 2022 t/m AB mrt

Begroting 2023

10.414 11.270 856 856 59 915

11.122 12.011 889 889 52 941

11.223 12.232 1.009 1.009 81 226 864

Toelichting bij de tabel: Het begrote resultaat van € 941.000 (voordeel) is gelijk aan het bedrag van de overheadkosten, die conform BBV-voorschrift niet meer aan het programma worden toegerekend, maar integraal (bij programma 3) worden verantwoord. Producten Tot dit programma behoren de volgende producten: - Regionaal Meld- en Coördinatiepunt (RMC) - Leerplicht - Sociale Recherche - Inkoopondersteuning - Coördineren en beheren van de uitvoering van Basismobiliteit (Versis) - Uitvoeringsondersteuning Wmo/Jeugd - Ambtelijke ondersteuning RW-POA (Regionaal Werkbedrijf en Platform Onderwijs en Arbeidsmarkt) - Wet Inburgering

Achtergronden bij dit programma Meer informatie over Contractgestuurde dienstverlening is te vinden op onze website.

24 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Programma 3 – Algemene baten en lasten In dit programma worden de overheadkosten centraal begroot en verantwoord, die niet meer toegerekend worden aan taken/activiteiten. Alleen de kosten die een directe relatie hebben met het primaire proces worden aan de programma's toegerekend. Naast de overheadkosten worden binnen dit programma ook de resultaten uit Treasury en de centrale budgetten voor onvoorziene uitgaven en vennootschapsbelasting begroot en verantwoord. Tot slot worden de rentelasten van de financiering van de gronden die in erfpacht aan Avri zijn uitgegeven en de daarmee samenhangende opbrengst uit de erfpachtcanon in programma 3 begroot en verantwoord. Resumerend zijn in programma 3 Algemene baten en lasten de volgende onderdelen opgenomen:

Programma onderdelen programma 3 Algemene baten en lasten A

Overhead

B

Treasury

C

Onvoorziene uitgaven

D

Vennootschapsbelasting

Taakveld 0.4 uit de Regeling vaststelling taakvelden en verstrekking informatie voor derden. Het renteresultaat zoals opgenomen in taakveld 0.5 uit de Regeling vaststelling taakvelden en verstrekking informatie voor derden. Het centrale budget voor onvoorziene uitgaven maakt deel uit van taakveld 0.8 'Overige baten en lasten' uit de Regeling vaststelling taakvelden en verstrekking informatie voor derden. Het centraal begrote bedrag voor de heffing van vennootschapsbelasting wordt opgenomen in taakveld 0.9 'Vennootschapsbelasting' uit de Regeling vaststelling taakvelden en verstrekking informatie voor derden.

De financiën van dit programma Financiële aandachtspunten Onderstaande tabel geeft een totaaloverzicht van de financiën van dit programma. Hieronder volgen de belangrijkste financiële aandachtspunten: - De lasten bestaan hoofdzakelijk uit de kosten van overhead. De totale lasten bij programma 3 zijn t.o.v. de begroting 2022 nauwelijks gestegen, per saldo maar met € 2.000. - De overheadkosten zijn gestegen met € 57.000, onder meer als gevolg van de indexering van de salariskosten en overige kostenbudgetten. Daarnaast zijn de rentelasten van de grondfinanciering met € 57.000 gedaald als gevolg van de beëindiging van de erfpachtconstructie en overdracht van de BNG-leningen aan Avri. De aan de investeringen toegerekende rente is met € 2.000 gedaald t.o.v. de begroting 2022. In overeenstemming met de uitgangspunten van de Notitie Rente van de BBV-commissie wordt de doorbelasting van rente naar taakvelden als negatieve last op het taakveld Treasury opgenomen. - In het bedrag van de begrote baten van in totaal € 248.000 is een bedrag voor desintegratiekosten van € 133.000 begrepen, dat Avri vanaf de afsplitsing op 1 januari 2016 betaalt als vergoeding voor de niet afbouwbare overhead. - Het begrote resultaat uit Treasury is t.o.v. 2022 gedaald, maar blijft positief. Het positieve treasuryresultaat geven we terug aan de gemeenten via de gemeentelijke bijdrage (zie volgende punt).

- Per saldo is de gemeentelijke bijdrage negatief (-/- € 2.000) en dat betekent, dat we via de gemeentelijke bijdrage een bedrag teruggeven aan de gemeenten. De opbouw is als volgt: budget voor onvoorziene uitgaven: € 10.000 en voordelig resultaat uit treasury: -/- € 12.000. - De inzet van de reserves is begroot op € 133.000 en bestaat uit de inzet van de reserve Herhuisvesting (€ 58.000) en de inzet van de reserve Desintegratiekosten voor de financiering van de lasten van het ICT-plan, waarmee we de vernieuwing/modernisering van de ICTInfrastructuur hebben gerealiseerd (€ 75.000). Na de samenvattende cijfertabel op de volgende pagina is een gedetailleerde specificatie opgenomen van de overheadkosten per onderdeel, waardoor de kosten van onze bedrijfsvoering transparant en inzichtelijk zijn vastgelegd in de begroting. Bovendien wordt daarmee een betere sturing en control gerealiseerd.

25 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Programma 3 Bedragen x € 1.000 Lasten Baten Subtotaal Gemeentelijke bijdrage Saldo van baten en lasten Onttrekking reserve Storting reserve Resultaat

Rekening 2021

B 2022 t/m AB mrt

Begroting 2023

2.149 298 -1.851 -6 -1.857 64 -1.793

2.405 265 -2.140 -4 -2.144 154 -1.990

2.407 248 -2.159 -2 -2.161 133 -2.028

Overzicht van de kosten van overhead Conform wettelijk voorschrift (BBV) nemen we in een apart overzicht de kosten van de overhead op in het programmaplan, zodat via de programmabegroting inzicht wordt gegeven in de kosten van de overhead voor de gehele organisatie. Overhead heeft betrekking op ondersteunende taken die niet direct dienstbaar zijn aan de externe klant of het externe product. De algemene definitie luidt als volgt: overhead heeft betrekking op alle kosten die samenhangen met de sturing en de ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. In onderstaand overzicht is een specificatie opgenomen van de overhead, waarbij voor het onderscheid naar de verschillende kostencomponenten aansluiting is gezocht bij de definitie en opsomming uit de Notitie Overhead van de BBV-commissie. De inrichting van onze administratie sluit hierop aan.

Overhead Bedragen x € 1.000 Directie en management primair proces Concernondersteuning en bestuursondersteuning Huisvesting Personeelszaken en organisatie Informatievoorziening en automatisering AVG (FG-functionaris) Totaal lasten Baten Vergoeding overeenkomst desintegratiekosten Avri Overige ontvangen bijdragen in de overheadkosten Totaal baten Saldo van de baten en lasten bij Overhead Mutaties reserves Onttrekking reserve Herhuisvesting Onttrekking reserve Desintegratiekosten Totaal mutaties reserves Saldo/resultaat taakveld 0.4 Overhead

Begroting 2023 317 1.227 259 166 353 87 2.409

Wijze van verdeling en toerekening van de overhead percentages en fte's percentages en fte's vaste bedragen en fte's percentages en fte's fte's fte's

133 115 248 2.161 58 75 133 2.028

Op basis van de in bovenstaande tabel weergegeven verdeelsleutels bedraagt de overhead voor programma 1 Regionale samenwerking € 1.087.000 en voor programma 2 Contractgestuurde dienstverlening € 941.000. Voor de uitvoeringsteams van Contractgestuurde dienstverlening komt dat neer op een gemiddeld bedrag van € 27.700 per fte (dat was in de begroting 2022 € 32.400 per fte). Het voordeel bij de kosten van overhead per fte is het gevolg van het feit dat de totale overheadkosten slechts in geringe mate zijn gestegen en dat we meer uitvoeringstaken verrichten waarover de overhead verdeeld kan worden. Als voorbeeld van een nieuwe uitvoeringstaak wordt genoemd Inburgering vanaf 1 januari 2022.

26 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Overhead en apparaatskosten In onderstaand overzicht zijn de lasten gespecificeerd.

Specificatie Bedragen x € 1.000 Totaal lasten overhead Uitvoeringsteams Contractgestuurde dienstverlening Speerpunt- en beleidsondersteuning en projecten Totaal lasten Percentage van de totale lasten Bedrag per inwoner

Overhead Apparaatskosten 2.409

2.409 15,7% € 9,60 €

2.409 3.873 1.106 7.388 48,3% 29,44

De overhead, uitgedrukt als percentage van het totaal van de begrote lasten, is t.o.v. de begroting 2022 gedaald met 0,7% punten (van 16,4% naar 15,7%) en blijft op een relatief laag niveau. De procentuele daling in de begroting 2023 heeft te maken met het feit dat het totaal van de lasten in de begroting is toegenomen als gevolg van nieuwe uitvoeringstaken, waaronder Inburgering en het Regionaal Stimuleringsfonds (RSF). Als gevolg van uitbreiding in het takenpakket (vraag van de gemeenten) zal een plan gemaakt worden waarbij gekeken wordt naar de ondersteunende werkzaamheden. De verwachting is dat met name bij de staf naar rato meer inzet zal moeten plaatsvinden om dit mogelijk te maken.

Treasury Regio Rivierenland had tot eind 2021 twee BNG leningen. De leningen werden gebruikt voor de de financiering van de gronden, die in erfpacht waren uitgegeven aan Avri. Begin 2022 zijn de in erfpacht aan Avri uitgegeven gronden verkocht aan Avri. Beide BNG-leningen zijn begin 2022 overgedragen aan Avri als integraal onderdeel van de met Avri gemaakte afspraken, en in overeenstemming met de notariële akte van de verkoop van de in erfpacht uitgegeven gronden en de daarmee samenhangende beëindiging van de erfpachtconstructie. De investeringen en overige activiteiten hebben we met eigen middelen (voornamelijk reserves) gefinancierd. Hierdoor realiseren we in de begroting een positief resultaat uit treasury, dat we via de gemeentelijke bijdrage teruggeven aan de gemeenten. Alle rentelasten en rentebaten worden begroot en verantwoord op het taakveld Treasury. In de paragraaf Financiering is een renteschema opgenomen, dat inzicht geeft in de rentebaten, rentelasten en het begrote renteresultaat. Het saldo en de samenstelling van het resultaat uit treasury is in onderstaand overzicht samengevat.

Specificatie Bedragen x € 1.000

Treasury

Rentelasten externe financiering (BNG-leningen) Rentelasten overig Saldo rentelasten en rentebaten Af: toerekening rente aan gronden die in erfpacht zijn uitgegeven (projectfinanciering) Totaal van de aan de overige vaste activa (taakvelden) toe te rekenen rente De aan de overige vaste activa (taakvelden) toegerekende rente Begroot resultaat taakveld 0.5 Treasury (voordelig)

1 1 1 13 -12

Per saldo resteert een begroot positief resultaat uit treasury van € 12.000, dat via de gemeentelijke bijdrage wordt teruggegeven aan de gemeenten.

27 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Onvoorziene uitgaven

In de begroting 2023 is een centraal budget voor onvoorziene uitgaven opgenomen van € 10.000. Financiering gebeurt via de gemeentelijke bijdrage.

Vennootschapsbelasting

Regio Rivierenland is vanaf 1 januari 2016 belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting. Bij de taken die als ondernemersactiviteit worden aangemerkt moet over de behaalde (fiscale) winsten vennootschapsbelasting worden afgedragen, tenzij één van de in de wet opgenomen vrijstellingen van toepassing is. Voor het begrotingsjaar 2023 wordt geen heffing van vennootschapsbelasting verwacht.

Producten

Tot dit programma behoren de volgende taakvelden/producten: - Overhead - Treasury - Onvoorziene uitgaven - Vennootschapsbelasting

28 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Paragraaf 1 – Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Belangrijke ontwikkelingen en aandachtspunten in 2023 De weerstandscapaciteit van de regio is voldoende om de risico’s die we lopen op te vangen. We zetten het beleid ongewijzigd voort. Toelichting bij de financiële risico’s Onderstaande risico’s zijn relevant voor de begroting 2023: - Bij Contractgestuurde dienstverlening werken we met dienstverleningsovereenkomsten. - Aan het werken met dienstverleningsovereenkomsten zijn financiële risico's verbonden. De financiële risico's en eventuele tekorten bij de uitvoering van taken voor gemeenten kunnen worden opgevangen door inzet van de risicoreserve Contractgestuurde dienstverlening. - Regio Rivierenland is namens de regiogemeenten verantwoordelijk voor de organisatie van het regionale vervoersysteem Versis. Het coördineren en beheren van de uitvoering van Versis/Basismobiliteit kan risico's met zich meebrengen. Provincie Gelderland heeft per 3 april 2022 het ov-vangnet vervoer beëindigd. De Provincie gaat het ov-vangnet vervoer anders organiseren. Hierdoor is een gecombineerde en efficiënte planning en uitvoering van de ritten binnen Versis minder goed mogelijk. Bovendien is er tot 2024 sprake van een geleidelijk afbouw van de provinciale subsidie op het Wmo-vervoer. - Als gevolg van deze ontwikkelingen, die door de provincie zijn geïnitieerd, krijgen gemeenten vanaf 2022 te maken met een toename van de kosten bij Versis.

- Voor de uitvoering van het vervoer zijn overeenkomsten gesloten met een regiecentrale en een aantal vervoerders. Financiële risico's bestaan bij een eventueel faillissement van een van de partijen. Daarnaast bestaan risico's bij onenigheid tussen opdrachtgever en uitvoerende ondernemers, wat uiteindelijke financiële gevolgen kan hebben. Tot slot kunnen er financiële risico's zijn op het gebied van personele verplichtingen, als de uitvoering van Versis door de Regio wordt beëindigd. De gevolgen van financiële risico's en tekorten kunnen worden gefinancierd vanuit de risicoreserve Contractgestuurde dienstverlening. - In het verleden is een integrale inventarisatie uitgevoerd naar de financiële risico's bij het Regiokantoor van Regio Rivierenland, waarbij tevens een koppeling is gelegd met de saldi van reserves en voorzieningen om de risico's te kunnen dekken. De in de balans opgenomen algemene reserve van € 474.000 wordt voldoende geacht voor het afdekken van de financiële risico's. - In aanvulling op de uitgevoerde risico-inventarisatie bij het Regiokantoor is een vervolgonderzoek uitgevoerd, specifiek gericht op frauderisico's. Frauderisico’s kunnen (latent) aanwezig zijn zowel op het gebied van onttrekking van geld of goederen aan de organisatie als ook met betrekking tot de financiële verantwoording.

Doel van de frauderisico-analyse is vast te stellen hoe het staat met de kwaliteit van beheersing van frauderisico's. Er functioneren voldoende controle- en beheersingsmaatregelen binnen het Regiokantoor van Regio Rivierenland. De frauderisico's worden als 'laag' gekwalificeerd. De uitvoeringsaspecten van risicomanagement en de daarmee samenhangende ontwikkelingen in de organisatie worden hierna in deze paragraaf toegelicht.

29 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Toelichting op het begrip weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen is afhankelijk van de benodigde weerstandscapaciteit – de ingeschatte risico’s – en de beschikbare weerstandscapaciteit – de middelen die beschikbaar zijn om eventuele tegenvallers op te kunnen vangen. Het weerstandsvermogen wordt gevormd door de aanwezige middelen om de nadelige gevolgen van risico’s op te vangen. Het gaat bij het weerstandsvermogen met name om risico’s die niet via verzekeringen of voorzieningen kunnen worden ondervangen. In onderstaand schema is dit weergegeven: Bekende risico’s

Beschikbare middelen

Benodigde weerstandscapaciteit

Beschikbare weerstandscapaciteit

Weerstandsvermogen

De benodigde weerstandscapaciteit wordt bepaald door: -

de verwachte impact van de aanwezige risico’s; de gewenste mate van zekerheid dat de risico’s kunnen worden opgevangen; de mate waarin de risico’s al op andere wijze zijn afgedekt.

De beschikbare weerstandscapaciteit is het totaal aan middelen en mogelijkheden waarover de regio kan beschikken om eventueel optredende niet begrote kosten af te dekken, zonder invloed op de uitvoering van taken. De middelen die we tot de beschikbare weerstandscapaciteit rekenen zijn: - de vrije aanwendbare reserves; - de stille reserves; - de post onvoorzien in de begroting.

Beleid omtrent weerstandscapaciteit Regio Rivierenland is een gemeenschappelijke regeling die taken uitvoert in opdracht van acht gemeenten. Het weerstandsvermogen van de regio wordt gevormd door het weerstandsvermogen van de afzonderlijke gemeenten. Niettemin zijn er redenen om ook binnen de regio financiële weerstand op te bouwen. Op grond van wettelijke voorschriften is de regio verplicht voorzieningen te vormen voor kwantificeerbare risico’s, verplichtingen en verliezen. Daarnaast is het wenselijk om voor bepaalde activiteiten een reserve te hebben om te voorkomen dat bedrijfsresultaten en onvoorziene omstandigheden grote afwijkingen veroorzaken in de jaarlijks geraamde gemeentelijke bijdragen en tarieven. De afgelopen jaren is de vaste gemeentelijke bijdrage van de gemeenten deels omgezet naar dienstverleningsovereenkomsten. Het leveren van maatwerk en flexibiliteit heeft als nadeel dat er meer (financiële) risico’s in de bedrijfsvoering ontstaan. Om deze risico’s op te kunnen vangen heeft het Algemeen Bestuur ingestemd met de vorming van reserves.

30 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Overzicht van weerstandscapaciteit en risico’s bij de programma's Regionale samenwerking en Contractgestuurde dienstverlening Om het inzicht te versterken in de bestaande en toekomstige financiële risico's en de mate waarin deze zijn afgedekt door reserves heeft het Regiokantoor in het verleden een onderzoeksrapport 'Risico's bij Regio Rivierenland' op laten stellen. Mede op basis van de uitkomsten van de risicoinventarisatie en de in het onderzoekrapport opgenomen adviezen is een algemene reserve gevormd van € 474.000 als extra buffer voor het afdekken van (financiële) risico's. In algemene zin kan gesteld worden dat er geen (grote) risico's zijn bij het Regiokantoor die om directe aanpassing in de bedrijfsvoering vragen. Daarbij past wel de volgende kanttekening: als gevolg van de verliezen bij de contractactiviteiten in 2019 en 2020 is het saldo van de risicoreserve Contractgestuurde dienstverlening aanzienlijk gedaald. Gelukkig is in 2021 sprake geweest van een kentering en waren we in staat de risicoreserve Contractgestuurde dienstverlening te versterken. Onze inspanningen zijn gericht op een reëel en structureel sluitende begroting bij de contractactiviteiten (programma 2) in de (meerjaren)begroting vanaf 2022 en met name het oplossen van de tekorten bij het Inkoopbureau.

De sturing op uren is geïntensiveerd en verbeterd en met de medewerking van de gemeenten (en andere belangrijke klanten van het Inkoopbureau) streven we naar een financieel sluitende exploitatie bij het Inkoopbureau. Toelichting bij de risicoreserve Contractgestuurde dienstverlening Voor het opvangen van tekorten (en overige financiële risico's) bij de uitvoering van contractactiviteiten (programma 2 Contractgestuurde dienstverlening) is een risicoreserve gevormd. Deze reserve is bedoeld om tegenvallende resultaten en/of wegvallende vraag op flexibele taken op te kunnen vangen. Een reserve van maximaal 30% van de totale uitgaven bij Contractgestuurde dienstverlening wordt voldoende geacht om de bedrijfsvoeringrisico’s op te kunnen vangen (Besluit van het Algemeen Bestuur uit april 2011). De flexibele taken van Contractgestuurde dienstverlening bevatten risico’s voor Regio Rivierenland, waarbij te denken valt aan ziekte en inhuur van personeel en fluctuaties in de vraag naar diensten/producten. Ook zijn er risico’s op het gebied van vraag en aanbod. Hiertegenover staat dat de gemeenten betalen voor de gevraagde diensten. In het uiterste geval zijn gemeenten als eigenaar van de Regio Rivierenland verantwoordelijk voor tekorten die niet kunnen worden gedekt uit de gevormde reserves.

Onvoorziene uitgaven In de Nota reserves en voorzieningen is ten aanzien van de weerstandscapaciteit van de programma's Regionale samenwerking en Contractgestuurde dienstverlening bepaald dat er een post ‘onvoorzien’ in de begroting opgenomen kan worden voor incidentele tegenvallers. In de programmabegroting 2023 is een bedrag van € 10.000 opgenomen voor onvoorziene uitgaven.

Maatregelen op het gebied van risicobeheersing en risicomanagement

We hebben verzekeringen afgesloten voor onze eigendommen en voor het personeel. We hebben verzekeringen op het gebied van brand/opstal + inventaris/goederen, computerverzekering, aansprakelijkheid, rechtsbijstand en goed werkgeverschap. Eventuele financiële risico's en kosten van schades kunnen veelal via verzekeringspolissen worden gedekt. De werkorganisatie en de werkprocessen zijn zodanig ingericht, dat voldoende (controle-) procedures en beheersmaatregelen functioneren om financiële risico's en frauderisico's te voorkomen of in ieder geval te beperken. We werken met (meerjarige) contracten, bijvoorbeeld op het gebied van huisvesting/onderhoud om de risico's ten aanzien financiële verplichtingen te reduceren. Ook voor de inkomsten geldt, dat we contractafspraken maken met onze klanten (bijvoorbeeld via dienstverleningsovereenkomsten). Het beheer van subsidiegelden en de bewaking van subsidievoorwaarden en -verplichtingen is voldoende ingebed in de organisatie.

31 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Ten aanzien van de geldmiddelen wordt opgemerkt dat de organisatie geen eigen kas heeft. Alle geldstromen lopen via de bank (BNG), waardoor geen risico's bestaan ten aanzien van vervreemding of verduistering van kasgelden. De banktegoeden zijn ondergebracht bij de schatkist, waardoor ook ten aanzien van het onrechtmatig gebruik van banktegoeden de financiële risico's grotendeels zijn afgedicht, omdat voor het ontvreemden van gelden extra stappen ondernomen moeten worden. Bovendien zijn in het proces van bankbetalingen meerdere controlestappen aangebracht. Voor wat betreft de gemeentelijke bijdrage zijn in de Regeling Regio Rivierenland bepalingen opgenomen, waardoor financiële risico's worden beperkt, in ieder geval voor de korte termijn. Overige getroffen maatregelen betreffen voornamelijk organisatorische maatregelen, passend bij de ontwikkelingen in de bedrijfsvoering en de dynamiek van het werken in een gemeentelijke (politieke) omgeving. Er wordt geïnvesteerd in personeel via training, opleidingen en loopbaanbegeleiding. Daarnaast is er aandacht voor de kwaliteit, betrouwbaarheid en continuïteit van (ICT-)systemen en de hiermee samenhangende activiteiten op het gebied van databeheer en informatiebeveiliging.

Overige financiële risico’s Op grond van de wettelijke voorschriften mogen in de balans geen arbeidskosten gerelateerde verplichtingen worden opgenomen met een jaarlijks gelijkblijvend volume. Dit heeft onder meer betrekking op de verplichting verlofdagen. Als gevolg van de toegenomen werkvoorraad en werkdruk zien we een groei in het verlofsaldo bij medewerkers. De lasten daarvan worden gerealiseerd op het moment dat het verlof wordt opgenomen of uitbetaald. Voor de latente verlofverplichtingen is geen budget in de begroting opgenomen en daarmee vormt de verplichting voor verlofdagen (in de jaarrekening 2021 een bedrag van € 260.000) een belangrijke financiële risicopost.

32 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Paragraaf 2 – Onderhoud kapitaalgoederen

Belangrijke ontwikkelingen en aandachtspunten in 2023 We zetten het beleid ongewijzigd voort.

Beleidskader Het beleid ligt vast in het meerjarenonderhoudsplan Het beleidskader ligt vast in de beleidsnotitie Onderhoud gebouwen. Uitgangspunt is dat op langere termijn ons bedrijfspand op een adequate wijze wordt onderhouden. Renovaties en nieuwbouw moeten hiervan los worden gezien. Hiervoor dienen afzonderlijk middelen beschikbaar te worden gesteld door het Algemeen Bestuur. Begin 2016 zijn door een daartoe gespecialiseerd bureau nieuwe meerjarige onderhoudsplannen opgesteld. Het onderhoudsplan is doorgerekend voor een periode van 20 jaar. Jaarlijks wordt nagegaan of de voorziening een toereikend saldo heeft en of het meerjarenonderhoudsplan bijstelling behoeft. In 2019 hebben we de nieuwe huisvesting gerealiseerd in ons pand aan de Burg. Van Lidth de Jeudelaan. De verbouwingen zijn in 2020 afgerond in combinatie en samenhang met de uitvoering van het meerjarig onderhoudsplan. Het investeringskrediet voor de verbouwingen is inmiddels volledig ingezet. Eind 2021 zijn we gestart met het opstellen van een geactualiseerd meerjarig onderhoudsplan, dat in overeenstemming is met de huidige huisvestingssituatie van ons gerenoveerde pand. We hebben in de begroting 2023 de storting in de onderhoudsvoorziening vastgelegd op € 15.546, gelijk aan het geraamde bedrag in de begroting 2022.

Financiële consequenties en vertaling daarvan in de begroting Onderhoudsvoorziening pand Burg. van Lidth de Jeudelaan Het meerjarenonderhoudsplan is in 2016 geactualiseerd. In 2019 is in het kader van de herhuisvesting aanzienlijk geïnvesteerd en daarbij zijn geplande/voorzienbare onderhoudswerkzaamheden gecombineerd uitgevoerd met de aangebrachte vernieuwingen en verbeteringen aan en in ons pand. Als gevolg van de uitgevoerde verbouwingen en renovaties hoefde de onderhoudsvoorziening in 2020 en 2021 niet ingezet te worden. Er is in de afgelopen 2 jaren geen terugkerend/periodiek groot onderhoud uitgevoerd. In afwachting van de actualisatie van het meerjarenonderhoudsplan in 2022 hebben we in de begroting 2023 de storting in de onderhoudsvoorziening gehandhaafd op € 15.546. We verwachtingen dat de jaarlijkse onttrekkingen in de pas zullen lopen met de jaarlijkse storting. Het geplande/geraamde verloop van de onderhoudsvoorziening meerjarig is als volgt. Onderhoudsvoorziening gebouwen Burg. Van Lidth de Jeudelaan Bedragen x € 1.000 Stand 1 januari Dotatie voorziening Onttrekking voorziening Stand 31 december

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2025

Begroting 2026

93 16 16 93

93 16 16 93

93 16 16 93

93 16 16 93

93 16 16 93

33 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Paragraaf 3 – Bedrijfsvoering

Belangrijke ontwikkelingen en aandachtspunten in 2023 Algemeen De paragraaf bedrijfsvoering geeft inzicht in de stand van zaken en de beleidsvoornemens rond de bedrijfsvoering. Met bedrijfsvoering worden de bedrijfsprocessen bedoeld die nodig zijn om de beleidsdoelstellingen uit de programma's te realiseren. Voor een goede bedrijfsvoering zijn budget, personeel met kennis en kunde, infrastructuur, leiding/aansturing, een goede communicatie, informatie en beheersinstrumenten nodig. Ook is een efficiënte inrichting van de organisatie en een gezonde samenwerkingscultuur, samen met gemeenten en andere partners cruciaal om de doelstellingen van de regionale samenwerking te bereiken en onze dienstverlening adequaat te kunnen uitvoeren. Onze organisatie is voortdurend in verandering door de dynamiek in het openbaar bestuur en de ontwikkelingen in de samenleving. Verandering zal de constante factor zijn voor onze organisatie. Dat vraagt een organisatie die daarmee om kan gaan en kwaliteit blijft leveren. Het Dagelijks Bestuur is verantwoordelijk voor een adequate bedrijfsvoering. Het Algemeen Bestuur heeft hierbij een kaderstellende en controlerende taak.

Inrichting van de organisatie De organisatie van Regio Rivierenland bestaat uit drie onderdelen: - Staf (Concern- en bestuursondersteuning): dit onderdeel is gericht op de interne dienstverlening aan de andere twee onderdelen en is gericht op de bedrijfsvoering van Regio Rivierenland. - Beleid en projecten (onderdeel van het programma Regionale samenwerking): dit onderdeel richt zich volledig op de procesmatige facilitering van de beleidsmatige samenwerking tussen de gemeenten op o.a. de drie Speerpunten (Agribusiness, Economie & Logistiek en Recreatie & Toerisme) en op de doorlopende programmalijnen op diverse gebieden zoals duurzaamheid, mobiliteit en wonen. Daarmee worden de opgaven uit programma 1 van de begroting verwezenlijkt. - Contractgestuurde Dienstverlening: dit onderdeel levert op contractbasis diensten voor de gemeenten. Daarmee worden de opgaven uit programma 2 van de begroting gerealiseerd. Staf (Concern- en bestuursondersteuning) De ondersteunende middelen (P&O, Financiën & Control, Administratie, Informatievoorziening & Automatisering, Informatieveiligheid en privacy (FG), Huisvesting, JZ, Archief, Communicatie, Bestuursondersteuning/-secretariaat) staan direct ten dienste van de bedrijfsvoering van het Regiokantoor. In 2023 zullen wij de staf verder doorontwikkelen.

Deze doorontwikkeling heeft enerzijds procesmatige aspecten in zich; de processen en daarbij behorende taken, rollen en verantwoordelijkheden dienen scherp in beeld te zijn en daar waar mogelijk te worden geoptimaliseerd. Anderzijds zal de doorontwikkeling zich richten op competenties en vaardigheden van medewerkers. Een organisatie die adaptief is kan dit alleen zijn met enthousiaste medewerkers die zich eveneens voortdurend ontwikkelen. De ambitie op dit vlak is het worden van een Great Place to Work in 2024. Een derde belangrijk element in de doorontwikkeling is het bewaken van de balans tussen taken en omvang van het personeelsbestand ofwel het in evenwicht brengen hiervan. Bij de doorontwikkeling van bedrijfsvoering en mede als gevolg van uitbreiding van het takenpakket (vraag naar uitvoering taken van de gemeenten nemen toe) wordt voor de ondersteuning een plan gemaakt waarbij de primaire processen voldoende ondersteund worden.

De concernondersteuning is gericht op: - Goed werkgeverschap (cultuur van de organisatie, ontwikkeling en inspiratie van medewerkers, arbeidsvoorwaarden, personeelsregelingen, Ondernemingsraad (OR) en Lokaal Overleg (LO)) - De planning- en controlcyclus - Control (auditcomité, interne controle, algemene financiële en juridische control) - Organisatie-inrichting (treasury, budgetbeheer, mandatering, organisatieregelingen) - Juridische control (gemeenschappelijke regeling en interne reglementen en verordeningen) - Informatietechnologie & informatieveiligheid + de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde dataverwerking (ICT)

34 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

-

Archief (centrale archiefverantwoording en -wetgeving) Concerncommunicatie (website, intranet, nieuwsuitingen, folders) Bestuursondersteuning (faciliteren bestuursvergaderingen, regiomiddagen, regionale agendacommissie en bijeenkomsten)

De overige middelenfuncties, waarbij dienstverleningsafspraken kunnen worden gemaakt, zijn ondergebracht bij het onderdeel Contractgestuurde Dienstverlening met een directe kostentoedeling naar de onderdelen waar werkzaamheden voor worden verricht. Door deze werkwijze wordt de werkelijke kostprijs per onderdeel transparant. Hierdoor kunnen ook makkelijker diensten buiten onze organisatie worden aangeboden, waarmee inkomsten worden gegenereerd. Beleid en projecten (Regionale samenwerking) De samenwerking tussen de gemeenten wordt gefaciliteerd door drie speerpuntondersteuners en diverse beleidsmedewerkers en programmamanagers. Zij faciliteren de samenwerking tussen de gemeenten en partners op een hoogwaardig procesmatig niveau en anticiperen daarbij op de wensen van de gemeenten en maatschappelijke ontwikkelingen (veranderingen, bedreigingen en kansen voor de gemeenten). We zetten, samen met de gemeenten en partners, in op het transparant maken en houden van de onderwerpen die op regionaal niveau spelen, zodat de gemeenten het overzicht behouden en de inhoudelijke richting kunnen blijven bepalen. We blijven investeren in onze communicatie. Onze website moet de bron zijn waar onze gemeenten, maar ook andere partners de juiste informatie makkelijk kunnen vinden.

Mede hierdoor ontwikkelt FruitDelta Rivierenland zich verder tot een samenwerkingsplatform en komt de regio nog verder tot bloei. Contractgestuurde dienstverlening Voor Contractgestuurde dienstverlening zetten we in op efficiënte bedrijfsvoering, goede procesondersteuning vanuit de interne backoffice en slimme automatisering met gebruik van handige tools zodat we op effectieve en kostenefficiënte wijze producten en diensten kunnen leveren aan onze gemeenten.

Beleidsindicatoren Met de wetswijziging van maart 2016 in het kader van de Vernieuwing van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) zijn een aantal beleidsindicatoren vastgesteld, die verplicht in de programma's en programmaverantwoording opgenomen moeten worden. De wettelijk voorgeschreven beleidsindicatoren binnen programma 3 zijn in het hierna opgenomen overzicht benoemd en toegelicht.

Beleidsindicator Personele formatie (fte per 1.000 inwoners) Personele bezetting (fte per 1.000 inwoners) Externe inhuur (percentage van de totale salariskosten) Overhead (percentage van de totale lasten) Apparaatskosten (bedrag per inwoner)

Begroting 0,235 0,243 4,9% €

15,7% 29,44

35 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Toelichting bij de beleidsindicatoren Personele formatie en personele bezetting De personele formatie is gebaseerd op het actuele formatieoverzicht (per 1 maart 2022, waarin ook de vacatures zijn meegenomen. In onderstaand overzicht zijn de besluiten met betrekking tot de personele formatie en aanstellingen tot 1 maart 2022 zijn verwerkt.

Specificatie Directie en management primair proces Concern- en bestuursondersteuning, ICT, AVG en administratie Speerpunt- & beleidsondersteuning en projecten Uitvoeringstaken Contractgestuurde dienstverlening Proces-/programmamanager RW-POA *) Totaal fte Totaal fte per 1.000 inwoners

*)

Personele Personele formatie (incl. bezetting vacatures) 2,00 2,00 13,86 14,80 9,55 10,55 32,64 32,74 0,89 0,89 58,94 60,98 0,235 0,243

RW-POA staat voor Regionaal Werkbedrijf en Platform Onderwijs & Arbeidsmarkt. De proces/programmamanager RW-POA is op 1 maart 2020 bij Regio Rivierenland in dienst gekomen.

De personele bezetting is per saldo 2,04 fte hoger dan de personele formatie. Het verschil heeft grotendeels te maken met een hogere ureninzet bij sommige medewerkers, die deels tijdelijk van aard zijn. Daarnaast is in de begroting rekening gehouden met extra inzet van personeel voor de uitvoering van de Regiodeal (projectleider Versterking Burgerparticipatie). De extra personele inzet voor de Regiodeal is volledig gedekt door de middelen uit de Regiodeal. Externe inhuur De in de salarisbegroting opgenomen budgetten voor externe inhuur komen in de begroting 2023 uit op een bedrag van € 280.500. Dat is 4,9% van het salariskostenbudget in de begroting. De inhuurbudgetten hebben betrekking op de teams Inkoopbureau en Financiën. In het geval we voor (tijdelijke) projecten extern personeel inhuren, worden de lasten hiervan gefinancierd uit de projectopbrengsten. De eventuele inhuurkosten voor projecten zijn niet in de salarisbegroting meegenomen.

36 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Paragraaf 4 – Financiering

Belangrijke ontwikkelingen en aandachtspunten in 2023 We zetten het beleid ongewijzigd voort.

Beleidskader: het Treasurystatuut van de regio

In het Treasurystatuut staan de uitgangspunten en doelstellingen voor het treasurybeleid vermeld. De uitvoering en ontwikkelingen worden in deze paragraaf toegelicht. Onderdelen: - Algemene ontwikkelingen - Treasurybeheer - (Krediet) Risicobeheer - Financiering - Ontwikkeling liquiditeitspositie

Algemene ontwikkelingen

Dit onderdeel schetst de belangrijkste interne en externe ontwikkelingen die invloed kunnen hebben op de treasuryfunctie, alsmede wijzigingen in de Wet Financiering Decentrale Overheden (wet Fido), de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo), de wet Hof en het Verplicht Schatkistbankieren voor decentrale overheden. Interne ontwikkelingen Regio Rivierenland voldoet bij de uitvoering van de treasuryfunctie aan de wet- en regelgeving. Bij wet van 11 december 2013 tot wijziging van de Wet financiering decentrale overheden is het een verplichting geworden om overtollige liquide middelen aan te houden in de schatkist van het Rijk. Gelden tegen gunstige rentetarieven uitzetten op spaarrekeningen of deposito's bij andere financiële instellingen is met de invoering van Schatkistbankieren niet meer toegestaan. Er mag een bedrag ter hoogte van 2,00% (met een ondergrens van € 1.000.000) van het jaarlijkse begrotingstotaal buiten de schatkist gehouden worden voor de uitvoering van dagelijkse taken. Wij hebben de drempelwaarde vastgelegd op € 450.000, omdat bij een banksaldo boven € 500.000 een rentevergoeding aan de BNG betaald moet worden. Externe ontwikkelingen, rente-ontwikkelingen De belangrijkste externe ontwikkelingen zijn (internationale) economische indicatoren en de invloed hiervan op de geld- en kapitaalmarkt, alsmede wijzigingen in wet- en regelgeving.

Regio Rivierenland kent geen zelf ontwikkelde rentevisie. Zij volgt de marktgegevens en renteontwikkelingen via publicaties van gerenommeerde financiële instellingen. We verwachten dat de rente op de geld- en kapitaalmarkt in de komende periode op het huidige lage niveau zal blijven.

Treasurybeheer

Het treasurybeheer is de (beleids) uitvoering van de treasuryfunctie, binnen de kaders van het huidige treasurystatuut. De treasuryfunctie omvat alle activiteiten die zich richten op het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, financiële geldstromen, de financiële posities en hieraan verbonden risico’s. Met de invoering van schatkistbankieren is de aandacht voor het volgen en bewaken van de banksaldi en de mutaties in 's Rijks schatkist verder geïntensiveerd.

37 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Risicobeheer Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is een wettelijke limiet en bepaalt de maximale omvang van de externe kortgeldpositie in enig jaar. De zogenaamde netto vlottende schuld mag maximaal 8,2% bedragen van het begrotingstotaal van € 15.297.000. Daarboven moet lang geld worden aangetrokken. De kasgeldlimiet voor Regio Rivierenland bedraagt voor 2023 afgerond € 1.254.000 Renterisico De renterisiconorm is ook een wettelijke limiet en beperkt de vaste schuld die in enig jaar voor aflossing of renteherziening in aanmerking komt tot 20% van het begrotingssaldo. De vaste schuld van Regio Rivierenland bestaat uit geldleningen waarop geen renteherzieningen plaatsvinden. Derhalve is er geen renterisico. Kredietrisicobeheer Regio Rivierenland loopt geen risico’s bij het uitzetten van geldmiddelen. De gelden zijn belegd conform de voorwaarden genoemd in het treasurystatuut. Frauderisico We hebben bij het Regiokantoor een inventarisatie van frauderisico's uitgevoerd. Het doel van deze frauderisico-analyse is vast te stellen hoe het staat met de kwaliteit van beheersing van frauderisico's binnen onze organisatie en welke beheersingsmaatregelen er eventueel nog genomen moeten worden ter voorkoming van eventuele fraude. De belangrijkste frauderisico's hebben betrekking op fraude met bancaire middelen, kantoorvoorraden en onrechtmatig gebruik van subsidiegelden.

Er functioneren voldoende controle- en beheersingsmaatregelen binnen het Regiokantoor van Regio Rivierenland en de frauderisico's worden als 'laag' gekwalificeerd.

Financiering De aanwezige vaste activa zijn volledig met lang vermogen gefinancierd. Tot 2022 werd deze grotendeels via de langlopende leningen bij de BNG en deels met eigen vaste financieringsmiddelen (reserves). Begin 2022 zijn de langlopende leningen bij de BNG overgedragen aan Avri in het kader van de verkoop van de in erfpacht uitgegeven gronden aan Avri. Gelijktijdig is de erfpachtconstructie beëindigd. Sinds de overname van de BNG leningen door Avri verloopt de financiering enkel nog via eigen reserves. De financiële positie is goed en de financieringsverhoudingen op basis van de geprognosticeerde balans per 1-1-2023 zijn gezond, zoals in onderstaand overzicht.

Financiering Bedragen x € 1.000 Totale kapitaalbeslag in vaste activa Eigen vaste financieringsmiddelen (reserves) Vaste schulden (Leningen BNG) Totaal van de langlopende financiering

Prognose 1-1-2023 841 2.502 2.502

Er is een surplus aan langlopende financieringsmiddelen. Dat heeft voor een groot deel te maken met de verkoop eind 2018 van het pand JS de Jongplein. Daarnaast is het surplus aan vast vermogen in 2022 verder toegenomen door de verkoop van de erfpacht uitgegeven gronden aan Avri en overdracht van de BNG-leningen. Het overschot aan kortlopende middelen hebben we ondergebracht bij ’s Rijks Schatkist. De financiering van onze eigen bedrijfsactiviteiten en investeringen gebeurt uit eigen middelen (voornamelijk reserves). Een belangrijk voordeel van de financiering met eigen financieringsmiddelen (reserves) is, dat geen rentelasten betaald hoeven te worden.

38 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

De reserves worden de komende jaren afgebouwd en ingezet voor de bekostiging van de herhuisvesting (verbouwingsinvesteringen) en het ICT-plan (modernisering ICT-infrastructuur en vervanging kantoorautomatisering). Daarnaast wordt de RMC-reserve ingezet om een kostendekkende exploitatie mogelijk te maken van de projecten en activiteiten die RMC coördineert en uitvoert op het gebied van voortijdige schoolverlaters en kwetsbare jongeren. In meerjarig perspectief wordt de inzet van de bestemmingsreserves jaarlijks afgebouwd, waardoor we ook in de toekomst een reëel en structureel sluitende begroting realiseren.

Wettelijke kaders In de Notitie Rente van de BBV-commissie zijn voorschriften opgenomen voor de wijze waarop de rente verwerkt moeten worden in de begroting. Alle rentelasten en rentebaten uit hoofde van financieringen moeten bij Treasury worden verantwoord. Er mag een rentevergoeding over eigen financieringsmiddelen (reserves) worden berekend, maar deze rentevergoeding is gemaximeerd tot het rentepercentage dat is gebaseerd op het gewogen samenstel van de rentelasten over de externe financiering (langlopend én kortlopend). De omslagrente moet op consistente en eenduidige wijze worden toegerekend aan de individuele vaste activa. Het in de begroting voorgecalculeerde omslagpercentage mag binnen een marge van 0,5% worden afgerond. De BBV-commissie doet de aanbeveling om het Renteschema uit de Notitie Rente op te nemen in de paragraaf Financiering van de begroting. In de begroting 2023 hebben we de rentepercentages toegepast die in onderstaand overzicht zijn opgenomen.

Rentepercentages Langlopende financiering Rentevergoeding over eigen vaste fianancieringsmiddelen (reserves) Omslagrentepercentage

n.v.t. 1,500% 1,500%

De bespaarde rente met betrekking tot eigen financieringsmiddelen komt in de begroting ten gunste van de exploitatie en maakt onderdeel uit van het resultaat uit Treasury. Op de volgende pagina is het Renteschema opgenomen uit de Notitie Rente van de BBVcommissie, waarmee inzicht wordt gegeven in de rentelasten, de rentebaten, het renteresultaat en de wijze van toerekening van de rente aan investeringen.

39 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Renteschema

Renteschema Bedragen x € 1.000 Rentelasten externe financiering (BNG-leningen) Rentelasten overig Saldo baten en lasten Af: toerekening rente aan gronden die in erfpacht zijn uitgegeven (projectfinanciering) Totaal van de aan de overige vaste activa toe te rekenen externe rente Rente over het eigen vermogen (rentevergoeding van 1,5%) Totaal van de aan de overige vaste activa toe te rekenen rente De aan de overige vaste activa toegerekende rente (omslagpercentage 1,5%) Gerealiseerd renteresultaat (nadelig)

1 1 1 38 39 13 26

Het resultaat uit Treasury (opgenomen in programma 3) komt uit op € 12.000 (voordelig) en is als volgt opgebouwd: * Renteresultaat: € 26.000 (nadelig). * Hierin opgenomen rentevergoeding eigen financieringsmiddelen (reserves): € 38.000. Het bedrag van € 38.000 is gelijk aan de bespaarde rente die ten gunste van de exploitatie is gebracht. Het renteresultaat is nadelig als gevolg van het surplus aan langlopende financiering (leningen + reserves), in verhouding tot het vastgelegde kapitaal in vaste activa. Het treasuryresultaat is positief, omdat de in het renteschema verantwoorde rente over het eigen vermogen als bespaarde rente weer ten gunste van de exploitatie komt. We betalen immers geen rentevergoeding over het eigen vermogen.

40 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Paragraaf 5 –Verbonden partijen

Visie en beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen Verbonden partijen zijn rechtspersonen waarmee Regio Rivierenland een bestuurlijke en financiële band heeft. In de begroting en jaarstukken wordt aandacht besteed aan de verbonden partijen. Dit is vanwege bestuurlijke, beleidsmatige en/of financiële belangen en risico’s die samenhangen met verbonden partijen. In de financiële verordening is bepaald dat nieuwe verbonden partijen en wijzigingen in bestaande verbonden partijen of eventuele problemen en beëindiging van bestaande verbonden partijen in deze paragraaf behandeld dienen te worden.

Verbonden partijen en risico’s Verbonden partijen waarmee Regio Rivierenland een bestuurlijke en/of financiële band heeft, kunnen risico’s met zicht mee brengen. Het streven is deze risico’s te beperken. Bij de verschillende toelichtingen worden de risico’s aangegeven, voor zover van toepassing. Deelname in vennootschappen Regio Rivierenland heeft geen bestuurlijke en/of financiële belangen in andere vennootschappen. Deelname in samenwerkingsverbanden Regio Rivierenland heeft geen bestuurlijke en/of financiële belangen in andere samenwerkingsverbanden.

Belangrijke ontwikkelingen en aandachtspunten in 2023 Geen bijzonderheden. Vanaf het begrotingsjaar 2021 hebben wij geen kapitaalbelang in andere ondernemingen of organisaties meer.

41 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Overzicht van baten en lasten en gemeentelijke bijdrage

Totaaloverzicht Overzicht baten en lasten Bedragen x € 1.000 Lasten 1. Regionale samenwerking 2. Contractgestuurde dienstverlening 3. Algemene baten en lasten Totaal lasten Baten 1. Regionale samenwerking 2. Contractgestuurde dienstverlening 3. Algemene baten en lasten Totaal baten Gemeentelijke bijdrage 1. Regionale samenwerking 2. Contractgestuurde dienstverlening 3. Algemene baten en lasten Totaal gemeentelijke bijdrage Saldo van baten en lasten Mutaties reserves 1. Regionale samenwerking 2. Contractgestuurde dienstverlening 3. Algemene baten en lasten

Rekening 2021

Onttr. Stort. Onttr. Stort. Onttr. Stort.

Totaal mutaties reserves Resultaat

Ontwikkeling gemeentelijke bijdrage Bedragen x € 1.000 Programma 1 Regionale samenwerking Programma 2 Contractgestuurde dienstverlening Programma 3 Algemene baten en lasten Voordeel huisvestingskosten Totaal Procentuele stijging

B 2022 t/m AB mrt

Begroting 2023

5.696 11.223 2.149 19.068

1.489 10.414 2.405 14.308

1.768 11.122 2.407 15.297

4.539 12.232 298 17.069

331 11.270 265 11.866

562 12.011 248 12.821

2.169 -6 2.163 164

2.233 -4 2.229 -213

2.293 -2 2.291 -185

81 226 64 -81 83

59 154 213 -

52 133 185 -

Rekening 2021

B 2022 t/m AB mrt

Begroting 2023

2.169 -6 2.163

2.233 -4 2.229 3,05%

2.293 -2 2.291 2,78%

De gemeentelijke bijdrage in de begroting 2023 komt uit op een bedrag van € 9,13 per inwoner. De mutaties worden hierna toegelicht.

42 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Ontwikkeling gemeentelijke bijdrage De ontwikkeling van de gemeentelijke bijdrage geeft het volgende beeld:

Ontwikkeling gemeentelijke bijdrage Bedragen x € 1.000

Rekening 2021

B 2022 t/m AB mrt

Begroting 2023

Gemeentelijke bijdrage programma's 1 t/m 3 Aantal inwoners Bedrag per inwoner

2.163.000 246.654 € 8,77

2.229.000 248.663 € 8,96

2.291.000 250.974 € 9,13

In de gemeentelijke bijdrage is niet de (project)bijdrage begrepen, die gemeenten betalen voor zaken zoals het Regionaal Investeringsfonds (RSF) en voor Mobiliteit. Deze bijdragen worden separaat gefactureerd. De stijging van de gemeentelijke bijdrage in de begroting 2023 is in onderstaand overzicht gespecificeerd. Mutaties gemeentelijke bijdrage Bedragen x € 1.000

Afwijking

Gemeentelijke bijdrage begroting 2023

2.229

Lager resultaat uit Treasury

2

N

Hogere uitvoeringskosten, voornamelijk als gevolg van de stijging van de salariskosten. Een stijging met 2,70% ten opzichte van de gemeentelijke bijdrage in de begroting 2022, en dat is net iets lager dan het percentage van de geraamde stijging van de salariskosten van 2,75 % dat in de kaderbrief van de programmabegroting 2023 is opgenomen.

60

N

Gemeentelijke bijdrage begroting 2023

2.291

Gemeentelijke bijdrage begroting 2022 Overzicht besluiten Algemeen Bestuur na vaststelling programmabegroting 2022. Nr. Omschrijving Gemeentelijke bijdrage programmabegroting 2022

Bedrag I/S* x € 1.000

Dekking

Datum besluit

2.229

Geen begrotingswijzigingen t/m AB maart 2022 Actueel saldo gemeentelijke bijdrage begroting 2022

2.229

De begrotingswijzigingen vanaf april 2022 worden in de Bestuursrapportage 2022 verwerkt Gemeentelijke bijdrage begroting 2022

2.229 I=Incidenteel; S=Structureel

43 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Verschillenanalyse per programma

1. Regionale samenwerking Bedragen x € 1.000

Begroting 2022 t/m AB mrt

Begroting 2023

1.489

1.768

Lasten

Verschil ->

Impact op gem. bijdrage

279

Speerpuntberaden & beleids- en projectondersteuning

Voor het Regionaal Stimuleringsfonds (RSF) is in de begroting 2023 een bedrag van € 2 per inwoner voor 7 gemeenten opgenomen.

398

Speerpuntberaden & beleids- en projectondersteuning

Geen bijdrage Mobiliteitsfonds in de begroting 2023 opgenomen. Besluitvorming in het Algemeen Bestuur en in de gemeenteraden m.b.t. het opnemen van een (structurele) projectbijdrage in de begroting volgt op een later moment in 2022.

-249

Speerpuntberaden & beleids- en projectondersteuning

Meer geraamde lasten voor uitvoering en monitoring van de Regio deal.

82

Alle producten

Hogere uitvoeringskosten door indexatie van de salarislasten en overige kostenbudgetten.

48

48

Overhead

Een hoger bedrag voor de aan het programma toegerekende overheadkosten. De kosten van overhead zijn overeenkomstig wettelijk voorschrift (BBV) afzonderlijk verantwoord (bij programma 3); het effect op de gemeentelijke bijdrage, een toename met € 12.000, is wel bij programma 1 verantwoord.

0

12

Baten

331

562

->

231

Speerpuntberaden & beleids- en projectondersteuning

Voor het Regionaal Stimuleringsfonds (RSF) is in de begroting 2023 een bedrag van € 2 per inwoner voor 7 gemeenten opgenomen.

398

Speerpuntberaden & beleids- en projectondersteuning

Projectbijdragen van gemeenten voor het Mobiliteitsfonds. Zie toelichting bij de lasten.

-249

Speerpuntberaden & beleids- en projectondersteuning

Ontvangen bijdragen subsidie Regio Deal

82

Gemeentelijke bijdrage

44 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

2.233

2.293

->

60

60

2. Contractgestuurde Dienstverlening Bedragen x € 1.000 Lasten

Begroting 2022 t/m AB mrt

Begroting 2023

10.414

11.122

Verschil ->

708

Regionaal Meld- en C oördinatiepunt (RMC )

Hogere uitvoeringskosten/projectgerelateerde lasten, per saldo, waaronder € 100.000 voor Aanpak Jeugdwerkloosheid.

136

Leerplicht

Hogere uitvoeringslasten, per saldo

31

Sociale Recherche

Hogere uitvoeringslasten, per saldo

25

Inkoopbureau

Lagere uitvoeringslasten, per saldo

-19

Basismobiliteit (Versis)

Lagere uitvoeringslasten, per saldo

-29

Ondersteuning Wmo/Jeugd

Per saldo hogere uitvoeringslasten, onder meer voor de uitvoering van additionele taken zoals Jeugdbeschermingstafel, RET en Bovenregionale samenwerking/G7.

205

Transformatiefonds

Deze taak, die onderdeel is van het actieprogramma 'Zorg voor de Jeugd', is beëindigd en gerealiseerd per ultimo 2022.

-472

Inburgering

Nieuwe uitvoeringstaak Inburgering opgenomen in de begroting 2023.

831

Overhead

Een hoger bedrag voor de aan het programma toegerekende overheadkosten. De kosten van overhead zijn overeenkomstig wettelijk voorschrift (BBV) afzonderlijk verantwoord (bij programma 3); het effect op de DVOopbrengsten, een toename met € 26.000, is wel bij programma 2 verantwoord (verwerkt bij de DVO-opbrengsten).

0

Baten

11.270

12.011

->

741

Alle producten

In de begroting 2023 zijn de tarieven bijgesteld conform de stijging van de salariskosten. Hierdoor zijn de geraamde DVO-opbrengsten voor de uitvoeringstaken gestegen t.o.v. de begroting 2022. De stijging van de opbrengsten is hierna per uitvoeringstaak gespecificeerd.

Regionaal Meld- en C oördinatiepunt (RMC )

Hogere rijksbijdrage en projectinkomsten voor RMC , waaronder € 100.000 voor Aanpak Jeugdwerkloosheid.

127

Leerplicht

Hogere DVO-opbrengsten.

7

Sociale recherche

Hogere DVO-opbrengsten.

6

Inkoopondersteuning

Bijstelling raming DVO-opbrengsten o.b.v. de actuele afspraken met opdrachtgevers over ureninzet en uurtarieven.

-43

Basismobiliteit (Versis)

Actualisatie raming opbrengsten, per saldo een daling, in lijn met de lagere uitvoeringskosten.

-39

Ondersteuning Wmo/Jeugd

Hogere inkomsten, onder meer voor de uitvoering van additionele taken zoals Jeugdbeschermingstafel, RET en Bovenregionale samenwerking/G7.

214

Transformatiefonds

Lagere inkomsten van het Rijk uit het Transformatiefonds voor de doelgroep kwetsbare jongeren. Zie toelichting bij de lasten.

-472

Inburgering

Nieuwe uitvoeringstaak Inburgering opgenomen in de begroting 2023.

941

Gemeentelijke bijdrage

-

-

->

Impact op gem. bijdrage

-

45 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

3. Algemene baten en lasten Bedragen x € 1.000

Begroting 2022 t/m AB mrt

Lasten

Begroting 2023

2.405

Verschil

2.407

->

2

Overhead

Taakveld 0.4: hogere overheadkosten, in totaal een toename met € 57.000

57

Treasury

Taakveld 0.5: geen rente grondfinanciering meer ivm beëindiging erfpachtconstructie en overdracht BNGleningen aan Avri.

-57

Treasury

Taakveld 0.5: resultaat uit treasury, bestaande uit het saldo van de betaalde financieringsrente en de aan andere taakvelden toegerekende rente. Volgens de Notitie rente van de BBV-C ommissie moet de toegerekende rente als negatieve rentelast op het taakveld Treasury worden verantwoord.

2

Baten

265

248

->

2

-17

Treasury

Taakveld 0.5: geen opbrengsten rente grondfinanciering meer ivm beëindiging erfpachtconstructie en verkoop gronden aan Avri.

-57

Overhead

Taakveld 0.4: hogere inkomsten voor dekking van overheadkosten.

40

Gemeentelijke bijdrage

46 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

-4

-2

->

Impact op gem. bijdrage

2

2

Uitgangspunten programmabegroting 2023 De uitgangspunten voor de programmabegroting 2023 zijn vastgesteld in de Kaderbrief Programmabegroting 2023, die het Algemeen Bestuur in de vergadering van 24 november 2021 heeft vastgesteld. Algemeen Basis vormt het bestaande beleid zoals geformuleerd en geraamd in de Programmabegroting 2022 inclusief de begrotingswijzigingen tot en met de besluitvorming in het Algemeen Bestuur t/m maart 2022. Nieuwe ontwikkelingen die relevant zijn voor de begroting 2023 worden eveneens meegenomen. Aantallen inwoners Voor de vaststelling van de aantallen inwoners per gemeente worden, conform de in de gemeenschappelijke regeling Regio Rivierenland opgenomen bepalingen, de openbaar gemaakte bevolkingscijfers van het CBS aangehouden naar de stand van 1 januari van het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar. Voor 2023 worden de voorlopige inwoneraantallen op 1 januari 2022 gehanteerd. Prijsindexering kostenbudgetten Overeenkomstig kaderbrief passen we een algemene prijsindexering toe van 1,5%. Alleen indien voor specifieke kostencategorieën andere indexeringspercentages gelden, wordt afgeweken van het algemene indexeringspercentage en worden de marktconforme kostenstijgingen in de begrotingscijfers verwerkt.

Meerjarenbegroting In de meerjarenbegroting wordt de actuele bedragen geraamd, waarbij rekening gehouden wordt met de bekende meerjarige aanpassingen, zoals mutaties op het gebied van salarissen, prijsindexeringen, actualisatie van werkbudgetten en kapitaallasten. Salariskosten Algemeen uitgangspunt is, dat de personele formatie en de bijbehorende salariskosten voor de begroting 2023 worden geraamd op basis van de actuele personele formatie in februari/maart 2022. De CAO 2021-2022 is inmiddels vastgesteld. De financiële controllers van de Rivierenlandse gemeenschappelijke regelingen (GR-en) hebben met elkaar afspraken gemaakt over de systematiek van het in de begroting verwerken van verwachte salariskostenstijgingen en de hierbij gewenste onderlinge harmonisering. Afgesproken is, dat aansluiting word gezocht bij de door het CPB 'berekende' stijging van de lonen (de geraamde loonontwikkeling). Op basis van de huidige inzichten en gepubliceerde informatie van het CPB wordt in de begroting 2023 gerekend met een loonontwikkeling van 2,3% (loonvoet sector overheid). Daarnaast houden we voor 2023 rekening met een beperkte stijging van de pensioenpremies en de overige sociale lasten (premies werknemersverzekeringen) van indicatief 0,45%, waardoor de totale stijging van de salariskosten in de begroting 2023 geraamd wordt op 2,75%.

In de jaarrekening worden de werkelijke salariskosten verantwoord. Rente investeringen en reserves Basis vormt hiervoor de nota “reserves en voorzieningen”. Voor de rentevergoeding over eigen financieringsmiddelen (reserves) hanteren wij in de begroting 2023 een rente van 1,5%, overeenkomstig de voorschriften uit de Notitie Rente van de BBV-Commissie. Voor de toerekening aan vaste activa/investeringen hanteren we een omslagrente van 1,5%. Vennootschapsbelastingplicht De invoering van de vennootschapsbelastingplicht voor overheidsbedrijven per 1 januari 2016 heeft gevolgen voor Regio Rivierenland. Bij de taken die als ondernemersactiviteit worden aangemerkt moet over de behaalde (fiscale) winsten vennootschapsbelasting worden afgedragen, tenzij één van de in de wet opgenomen vrijstellingen van toepassing is.

47 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

BTW De begroting van de lasten bij de programma’s Regionale samenwerking, Contractgestuurde dienstverlening en Algemene baten en lasten is exclusief de compensabele en de verrekenbare BTW. Meerjarenbegroting In de meerjarenbegroting wordt rekening gehouden met de bekende meerjarige aanpassingen, zoals mutaties op het gebied van salarissen en eventuele prijsontwikkelingen.

48 BEGROTING 2023 REGIO RIVIERENLAND

Uiteenzetting financiële positie

Belangrijke ontwikkelingen en aandachtspunten Belangrijke ontwikkelingen en aandachtspunten ten aanzien van de financiële positie zijn: - Een stijging van de salarissen en premies voor pensioenen en werknemersverzekeringen in de begroting 2023 met 2,75%. Een eventuele bijstelling van de salariskostenstijging in 2023 wordt via de Bestuursrapportage 2023 in de begroting verwerkt. - De (bestemmings)reserves voor Herhuisvesting en Desintegratiekosten worden de komende jaren afgebouwd en ingezet voor de dekking van lasten waarvoor ze zijn gevormd. Gevolg hiervan is een geleidelijke verschuiving van financiering met eigen financieringsmiddelen (reserves) naar externe financiering. Indien en voor zover hiervoor additionele bancaire financiering noodzakelijk is, krijgen we te maken met nieuwe (externe) rentelasten. Zolang de marktrente op de huidige lage stand blijft, zal het effect op de gemeentelijke bijdrage beperkt blijven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.westbetuwe.nl/api/v1/meetings/458/documents/10268