CConstaterende datWest Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

RV2022-050 Bijlage 3. Ensembleboek Het Rustieke Hart van de Tielerwaard.pdf

Oordeelsvormende vergadering(en) 12 april 2022, gemeente West BetuweBij agendapunt: 5: Voorstel tot vaststelling Landschapsontwikkelingsplan (LOP) West Betuwe 20223.612 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ENSEMBLEBOEK 2 VOOR HET RUSTIEKE HART VAN DE TIELERWAARD 28 JANUARI 2022 Onderdeel van het Landschapsontwikkelingsplan West Betuwe 2022

Inhoud 1.

Het gebied het Rustieke hart van de Tielerwaard in vogelvlucht ................................................... 3

2.

Opgaven voor het Rustieke hart van de Tielerwaard...................................................................... 4 2.1.

Opgaven Omgevingsvisie ........................................................................................................ 4

2.2.

Overige opgaven...................................................................................................................... 5

3.

Visie ................................................................................................................................................. 5

4.

Bouwstenen voor ruimtelijke ontwikkelingen ................................................................................ 8 4.1.

Werkwijze

4.2.

Kernkwaliteiten en ontwikkeldoelen voor het Rustieke hart van de Tielerwaard.................. 8

4.3.

Landschapselementen voor het rustieke Hart van de Tielerwaard ...................................... 12

................................................................................................................................ 8

Figuur 1 De landschapsensembles van West Betuwe

2 | ENSEMBLEBOEK 2 VOOR HET RUSTIEKE HART VAN DE TIELERWAARD

1. Het gebied het Rustieke hart van de Tielerwaard in vogelvlucht

Figuur 2 Het landschapsensemble van het rustieke hart van de Tielerwaard wordt begrensd door de Waal in het zuiden, de N848 en het bedrijvengebied bij Leuven in het westen, het gebied van de Lingedorpen en de Zuiderlingedijk in het noorden en de dynamiek van A2 en de zone van Geldermalsen naar Tuil en Haaften in het oosten.

In dit deel van de gemeente West Betuwe vinden we het typische rivierenlandschap van de “brede rivieren’ uit het gedicht van Marsman. Vanaf de winterdijk is de Waal hier een brede stroom die weids door het “oneindig laagland” stroomt. Het is een grootschalig landschap met een duidelijke richting oostwest met de rivier mee richting de delta. De grote vrachtschepen lijken zelfs klein op de brede Waal. De smalle uiterwaarden worden extensief beweid en kennen een eigen karakteristiek met brede sloten met riet, knotwilgen, zomerdijken en sporadisch meidoornhagen. In de wat grotere uiterwaarden als de Beneden- en Bovenwaard van Herwijnen en de Crobsche waard liggen (voormalige) steenfabrieken en vindt geleidelijk natuurontwikkeling plaats. De dijk vormt een harde grens tussen de wereld van natuur en water en die van de bewoners. Kunstwerken op de dijk staan voor het bewustzijn van een eeuwenlang gevecht met het water. Door een smalle oeverwal langs de Waal is de overgangszone uiterwaarden-oeverwal-kom hier een duidelijk herkenbare gradiënt die parallel loopt aan de dijk. Op de oeverwal liggen compacte dijkdorpen met bochtige straten en kleine boomgaarden tot aan de provinciale weg, die sinds een halve eeuw een 'nieuwe achterstraat' vormt waaraan ter hoogte van de dorpen woonwijken en sportterreinen liggen en bedrijven zich vestigen.

Daarachter ligt de grote open kom van de Tielerwaard tussen de N848 en Marijkestraat/Boutensteinse Wetering. Eeuwen geleden hadden de dorpen ieder hun eigen dorpspolder. Daartoe omgaven zij een deel van de natte kom met kades. Noord-zuid liepen door de kom zijkades, of zijvingen. Oost-west liepen in het lage deel van de kom, ver van de dorpen de achterkades. Soms lag er ook een kade tussen dorp en kom om het hoge water van de kom uit het dorp te houden. Deze wordt soms meikade of meidijk genoemd. Tijdens de ruilverkavelingen werd de ontwatering van de kommen verbeterd, waardoor de gronden droger werden en beter verkaveld konden worden. Van de dorpspolders bleven slechts enkele kades gehandhaafd. De A15 en Betuweroute doorsnijden de kom, de muren langs de spoorlijn ontnemen het zicht vanaf de snelweg en samen vormen ze een barrière voor recreatief verkeer. Enkele planmatige

3 | ENSEMBLEBOEK 2 VOOR HET RUSTIEKE HART VAN DE TIELERWAARD

boerderijstraten en wegen met (selectieve) wegbeplanting lopen kaarsrecht door de kom. Leegte en rust domineren deze kom. Alles is met de ruilverkaveling Tielerwaard-West gerationaliseerd tot recht, ontwaterd, vlak en vierkant, waardoor slechts een enkele zijdwende of eendenkooi rest. Langs de wegen staan overwegend essen en in de bosjes vooral populieren en wilg.

2. Opgaven voor het Rustieke hart van de Tielerwaard

Figuur 3 Uitsnede het rustieke hart van de Tielerwaard uit Visiekaart Omgevingsvisie (concept 2021)

2.1. Opgaven Omgevingsvisie • • • • • •

Woningbouw is kleinschalig, alleen in de dorpen en kan worden ingepast met verevening. Bedrijfsontwikkeling en/of woonwijken bij de dorpsentrees (Graaf Reinoutweg) inpassen met klimaatkamers Bedrijfsontwikkeling grootschalig in de omgeving van Leuven. Daar is ook klimaatadaptatie en groenblauwe dooradering met landschappelijke inpassing aan de orde. Zonneparken kunnen worden aangelegd langs de A15 Biodiversiteit: weidevogelgebieden en Basiskwaliteit Natuur. Bijzondere riviernatuur in de uiterwaarden. Ecologische noord-zuidverbindingen. Recreatief is de “beleefbare Nieuwe Hollandse Waterlinie aangeven, en zijn aan de zuidkant de beleefbare Waalzone en een gastvrije Waaldijk. Fort Nieuwe Steeg (Geofort) is als recreatieve parel aangegeven.

4 | ENSEMBLEBOEK 2 VOOR HET RUSTIEKE HART VAN DE TIELERWAARD

2.2. Overige opgaven • • • • •

Voedselproductie in kringlooplandbouw Biodiversiteitsherstel in de vorm van ‘basisnatuur’ en natuurinclusieve landbouw. Populaties steenuil, kamsalamander en grote modderkruiper. De Bossenstrategie: aanleg van bos en landschapselementen. Klimaatadaptatie: waterberging voor piekbuien en droogte, hittestress Circulariteit: kringlopen van producten, materialen en grondstoffen.

3. Visie

Figuur 4 Uitsnede Visiekaart De zonering van noord naar zuid wordt vertaald naar een zonering van de toe te passen sporen waarlangs de visie dichterbij gebracht kan worden. Langs de rivier in de uiterwaarden zal vooral ingezet blijven worden op spoor R 1: UIT(me)ERWAARDE. Op de oeverwallen gaat het vooral om het inspireren en stimuleren van initiatieven van dorpelingen en ondernemers volgens spoor L 2: STIMULEREN VAN ONDEROP. Op de overgang naar de oeverwal langs de Waal kan via spoor R3. ‘Klimaatkwartieren maken’ een groenblauwe dooradering van het landschap een basis vormen voor toekomstige ontwikkelingen, zonder die al volledig vast te leggen. De ontwikkeling van het landschap in het komgebied moet met name vormgegeven kunnen worden langs spoor R2. ‘Blauwe boezem en groene ribbenkast’. Samen met de agrariërs en andere grondeigenaren en beheerders kunnen hier goede zaken gedaan worden, zowel voor de boeren als voor de natuur, de klimaatadaptatie en de energietransitie.

R 1: UIT(me)ERWAARDE Net als in het LOP van 2008 wordt voorgesteld om langs de Waal dicht bij de dorpen te kiezen voor de uiterwaarden van de 'gewone koe' en verder van de dorpen voor uiterwaarden met een 'natuurlijke' natuurontwikkeling met nieuwe nevengeulen, ooibossen, zandbanken en struinpaden. Vanuit de dorpen

5 | ENSEMBLEBOEK 2 VOOR HET RUSTIEKE HART VAN DE TIELERWAARD

zouden wandel- en fietspaden over wandeldijkjes naar de zomerdijk behouden of ontwikkeld moeten worden. Deze zouden ook in de delen van de ooibosontwikkeling met elkaar verbonden moeten worden. De natuur in de uiterwaarden kan vaak een rol spelen bij natuurinclusieve landbouw: extensivering van de bedrijfsvoering en benutting van kruidenrijk gras en hooi. De natuur wordt dan – zonder bemesting en bestrijdingsmiddelen – beheerd zoals dat sinds eeuwen gebeurd is. Bij voorkeur blijven vlak bij de dorpen 'cultuurlijke uiterwaarden met 'gewone koeien' in de wei en Wilde Bertram in de slootkant'. Daardoor wordt ook het zicht op de dorpen behouden vanaf de rivier en de dijk aan de overkant. De uiterwaarden en rivier moeten toegankelijk blijven voor dorpsbewoners. Maak daarom de uiterwaarden met een doorgaand wandelpad van Tiel naar Gorinchem over de zomerdijken verder toegankelijk, ook vanuit de dorpen. Daarbij dient aandacht te zijn voor cultuurhistorische elementen als steenfabrieken, wielen en oude kades. De aanwezige landbouw is daarbij waardevol voor het uitzicht op de Waal en het beheer van de uiterwaarden. De uiterwaarden verder van de dorpen kunnen zich natuurlijker ontwikkelen met zacht ooibos en nevengeulen.

Maatregelen in het kader van Ruimte voor de Rivier kunnen samengaan met ontsluiting van de uiterwaarden en natuurontwikkeling, bijvoorbeeld in de Benedenwaard en Crobsche Waard.

L 2: STIMULEREN VAN ONDEROP In dit landschapsensemble zijn juist de initiatieven van dorpelingen en ondernemers zeer belangrijk voor realisatie van de visie. Dat geldt met name op de oeverwallen. Deze zijn vanouds zeer afwisselend in gebruik, doordat daar de dorpen en bebouwing aan de dijk liggen. Tussen de dorpen ligt intensief gebruikt landbouwland, afwisselend en kleinschalig met boomgaarden, voormalige kasteelterreinen, enkele wielen en kromakkers. Verder liggen hier vanouds ook de meeste akkers, boomgaarden en boomteeltpercelen. In het LOP wordt ervoor gekozen om dit beeld van afwisselend verdichtte oeverwallen met uitzichten naar de uiterwaarden en komgebieden te behouden en versterken. De toegankelijkheid voor de recreërende dorpelingen zou versterkt kunnen worden via groene diensten op vrijwillige basis zonder dat de agrarische bedrijvigheid daar last van heeft. Daarvoor worden voortbouwend op de historische beplantingen enkele nieuwe typen landschapselementen voorgesteld in dit LOP: herenlanen, jonkheersingels en jonkvrouwgaarden. Kleinschalige verdichting op de oeverwal, waarbij bebouwing en beplanting hand in hand gaan, is ook mogelijk als nieuw landgoed. Enkele dorpsranden verdienen een betere afronding met beplanting. Tussen de dorpen wordt de aanleg van houtsingels en solitaire bomen gestimuleerd, zo mogelijk in combinatie met een wandelpad als jonkheerdreef.

De dorpslinten mogen daarbij langs de dijk niet aan elkaar groeien en dienen hun uitzicht op de rivier met uiterwaarden te behouden.

R 3: Klimaatkwartieren De initiatieven van onderop kunnen gekoppeld worden aan de ontwikkeling van klimaatkwartieren. Bij de dorpen ligt ook de meeste bedrijvigheid. De laatste decennia ontstaat ook bedrijvigheid aan de rand van het dorp op de overgang naar de komgebieden. In het LOP van 2008 in de landschapsensembles waar het historisch cultuurlandschap nog herkenbaar is deze ontwikkeling als landschappelijk ongewenst beschouwd. In het rustieke hart moest voorkomen worden dat zich een 'boulevard' met bedrijvigheid zoals meubelhandels en autodealers ontwikkelt. In deze actualisatie van 2022 wordt ervoor gekozen om deze zone de nieuwe ontwikkelingen voor te zijn. Voor een deel kan zo een mooie afronding van de dorpen met hun woonwijken en bedrijventerreinen vormgegeven worden. Op de delen waar geen dorp op de oeverwal ligt kunnen de beplantingen van de klimaatkwartieren heel nuttig zijn voor de ecologische structuur van het landschap, maar ook voor de inpassing van het moderne agrarische bedrijf. Maar ook voor de inpassing van recreatieve paden die wandelingen vanuit en tussen de dorpen mogelijk maken. Die paden kunnen ook aansluiten op de dwarskades van de dorpspolders. De agrariërs kunnen op vrijwillige basis delen van de randen van de klimaatkwartieren in realiseren en daarmee zouden zij voor langere termijn een deel van hun inkomen

6 | ENSEMBLEBOEK 2 VOOR HET RUSTIEKE HART VAN DE TIELERWAARD

veilig moeten kunnen stellen. Dat levert een duurzaam landschap op, zowel economisch als ecologisch als esthetisch.

R2: Blauwe boezem en groene ribbenkast In dit LOP wordt voorgesteld om de dorpspolders nieuw leven in te blazen, niet alleen om de cultuurhistorie zichtbaar te maken. Ze kunnen nu goed dienstdoen als basis voor routes voor dorpsommetjes en een betere ontsluiting van de kom voor voetgangers en fietsers over kadepaden. Daarnaast kunnen de kommen ook een belangrijke rol spelen bij de energietransitie en de klimaatadaptatie. De ‘blauwe boezem’ wordt vormgegeven als waterbuffer met natte hooilanden, grienden en waterplassen, eventueel afgewisseld met windturbines en zonnevelden, met Het Broek als inspiratiebron. De ‘ribbenkast’ wordt gevormd door de zij- en achterkades van de oude dorpspolders van Enspijk, Deil en Meteren dienen te worden versterkt als dragers van de groenblauwe structuur. Daarbinnen kan een verfijning langs bedrijfskavels plaatsvinden. Met name in de boezemgebieden in de ruimte tussen de dorpspolders kunnen natte hooilanden en grienden in deze omgeving de klimaat- en energieopgave een landschappelijke invulling geven die ook goed is voor de biodiversiteit. Samen met de agrariërs en andere grondeigenaren en beheerders kunnen hier goede zaken gedaan worden, zowel voor de boeren als voor de natuur, de klimaatadaptatie en de energietransitie.

Daartoe worden oude kades hersteld en soms nieuwe zijkades en achterkades gemaakt op plekken waar de oude niet te restaureren zijn. De Graaf Reinaldweg vormt nu een barrière tussen dorpen en de kades. Door in de noordelijke berm een nieuwe meikade te maken en deze bij rotondes aan de dorpen te koppelen kan deze worden opgeheven. Ook kan het waterpeil van de boezems buiten de dorpspolders wellicht omhoog zodat de dorpspolders zich nog meer onderscheiden in het landschap. Langs de kades kan een typische kade-struweelbeplanting worden geplant. Deze zorgt er dan ook voor dat de snelweg en Betuweroute minder prominent in het landschap zichtbaar zijn. Over de boezems tussen de polders door blijven noord-zuid zichtlijnen mogelijk.

Dorpspolders, kadepaden en gedekte wegen Los van de meikade ligt een verbinding tussen de dorpspolders. Om het verschil tussen de kadepaden om de dorpspolder en boezems ertussen te benadrukken liggen de wegen door die boezem niet op een kade en zijn ze onbeplant. Zo is grote delen van het jaar wel een verbinding tussen de ommetjes om de verschillende dorpspolders mogelijk. Vanouds lopen er enkele doorgaande wegen door de kom van de oeverwal langs de Waal naar de oeverwal langs de Linge. In dit LOP wordt voorgesteld om deze als gedekte wegen vorm te geven. Dit geeft beschutting voor de fietsers. Als de weg langs een polderrand loopt worden de gedekte weg en kade gecombineerd. De kom blijft binnen de dorpspolders grotendeels open met ruimte voor grondgebonden, duurzame landbouw. Deze landbouw is de beste garantie voor het behoud van de karakteristieke openheid en de weidevogelbiotoop. Aan de wegen in de kom liggen linten van boerderijen uit de tijd van de ruilverkaveling. Wanneer hier nieuwe bedrijfsuitbreidingen plaatsvinden, zal dit achter de bestaande bebouwing moeten gebeuren, waardoor het open zicht zo min mogelijk wordt aangetast. Bij forse uitbreidingen zal inpassing moeten plaatsvinden door langszij populierenbos of een fijnstofsingel aan de noordoostzijde aan te leggen.

Als een stevig netwerk zullen zijkaden (loodrecht op de winterdijk), meidijken (parallel aan de winterdijk, tussen dorp en polder) en achterkades (middenin de kom, waar nu de A15 en Betuwelijn liggen) worden hersteld en beplant om een aantrekkelijk recreatief netwerk te vormen en de polder te compartimenteren. Dit herstel van de kades kan gepaard gaan met een verbreding van naastgelegen sloot ten behoeve van waterberging en natuurvriendelijke oevers. Dit netwerk van kadepaden helpt de winterdijken te ontlasten van de recreatieve druk, werkt als ecologische verbinding en maakt de historie

7 | ENSEMBLEBOEK 2 VOOR HET RUSTIEKE HART VAN DE TIELERWAARD

van het komgebied weer leesbaar. Daar waar het onmogelijk is geworden de kades te herstelling, kan worden getracht zo dicht mogelijk bij het oude tracé een nieuwe kade op te werpen. Enkel de kades en 'gedekte wegen' worden beplant met heesters of bomen, de andere wegen verliezen in de loop van de tijd hun beplanting. De singels langs de 'kadepaden' bestaan uit een mengsel van verschillende soorten wilg, populier, iep, els en doornige soorten als meidoorn en sleedoorn. Door de beplanting op de achterkades is tevens het zicht op de betonnen wand van de Betuwelijn weggenomen. Enkele doorgaande noord-zuidverbindingen worden als 'gedekte gemeenschapspaden' ingericht met aan de westzijde een lage beplantingsstrook en aan de oost- of zuidkant een lage kade. Door de beplanting wordt het aantrekkelijker om door de kom te fietsen. De Zeek, Haaftensche Molenvliet en Boutensteinseweg verdienen extra aandacht, omdat de grotendeels verdwenen kades hier tevens de oostgrens vormden van het inundatieveld van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. In het zuidoosten van het rustieke hart zullen de bestaande eendenkooien en natuurgebieden het beeld bepalen. Ten noorden van de Betuweroute kunnen particulieren wellicht overgaan tot het stichten van nieuwe landgoederen van het type 'Kooigoed' zoals die in het landgoederenbeleid van Geldermalsen wordt beschreven.

In het rustieke hart zullen de dorpspolders voornamelijk in landbouwkundig gebruik blijven, die geleidelijk wel zal extensiveren en natuurinclusiever zal worden. De meikades, zijkades en achterkades kunnen tussen de grote bedrijven door vorm krijgen, zonder dat ze die bedrijven hinderen. Wellicht kunnen delen ervan als “groene dienst” via ANLb of via een andere vergoeding door de grondeigenaar geleverd worden.

4. Bouwstenen voor ruimtelijke ontwikkelingen 4.1. Werkwijze Bij een projectidee of initiatief (op lokaal niveau), bijvoorbeeld een bedrijfsuitbreiding in het landelijk gebied: Stap 1. neem het goede ensembleboek Stap 2. bekijk in het uitvoeringsprogramma of er al projecten zijn die aansluiten bij het idee en bekijk hoe daarop verder kan worden aangesloten Stap 3. inventariseer de “kernkwaliteiten natuur en landschap” , de “kernkwaliteiten nationale landschappen” en de kernkwaliteiten zoals beschreven in de Streekgidsen. Stap 4. bepaal de grondslagen voor eventuele verevening aan de hand van doelen en mogelijkheden Stap 5. ontwerp samen met de betrokkenen nieuwe of herstelde landschapselementen met opgaven, bouwpakket en ontwikkeldoelen; probeer zoveel mogelijk doelen te “stapelen”: voedselproductie, natuurontwikkeling, landschap(sbeeld), waterberging en andere doelen voor klimaatadaptatie, circulariteit en energievoorziening, evt. wonen/bedrijvigheid, etc.

4.2. Kernkwaliteiten en ontwikkeldoelen voor het Rustieke hart van de Tielerwaard Bij de uitwerking van plannen voor initiatieven in dit landschapsensemble dient rekening te worden gehouden met de kernkwaliteiten en ontwikkeldoelen zoals die in de omgevingsverordening en in de streekgids zijn vastgelegd. Zie Streekgids Betuwe-Tielerwaard (BoschSlabbers, 2021) pag. 87-97 (99%versie). De ideeën hierin sluiten goed aan bij de visie van het LOP.

KERNKWALITEITEN natuur en landschap (Omgevingsverordening Provincie Gelderland) https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.9925.PVOmgverordeningGCgc08/b_NL.IMRO.9925.PVOmgverordeningGC-gc08_733.pdf waar nodig aangepast aan de

8 | ENSEMBLEBOEK 2 VOOR HET RUSTIEKE HART VAN DE TIELERWAARD

deelgebieden zoals ze in het LOP West-Betuwe zijn gedefinieerd. Deelgebied 62 Tielerwaard: • gebied van grootschalige kommen met forse stroomrug langs de Waal en kleinschalige stroomrug langs de Linge • Parel Komgrondenreservaat Deil: bloemrijke, schrale hooilanden; in de sloten planten die op kwel wijzen: holpijp, waterviolier; ganzen als wintergasten; ook eendenkooien, kooibossen en grienden • weidevogelgebied Leuvense Veld • leefgebied steenuil • leefgebied kamsalamander • oude polderstructuur met zijtwendes, achterkades en boezems nog op veel plaatsen herkenbaar; eendenkooien en andere bosjes (o.a.

uit de ruilverkaveling) • rust, ruimte en donkerte (op afstand van A15 en Betuwelijn) • abiotiek: aardkundige waarden, kwel, bodem, waterreservoir • ecosysteemdiensten: recreatie, waterwinning, waterberging Deelgebied deelgebied 148 Waaluiterwaarden Waardenburg - Brakel: • Dynamische rivier met actieve geologische en geomorfologische processen, water-, sediment- en diasporentransport en ecologisch kerngebied én verbinding tussen Midden-Europa en de Noordzeekust • Noord- en zuidoever Waal met variabel, grotendeels agrarisch, maar ook industrieel cultuurlandschap en natuurcomplexen: Rijswaard, Crobsche Waard • A-locatie bos: Rijswaard Neerijnen: een aantal geïsoleerd liggende grienden en doorgeschoten schietwilgenbos in de uiterwaard; van belang vanwege potenties voor zachthout- en hardhoutooibos en epifyten op oude stoven, waarvan Rodelijstsoorten • leefgebied steenuil • leefgebied kamsalamander • waarden voor weidevogels, water- en moerasvogels, vleermuizen, amfibieën, vissen en bever • plaatselijk kleinschalige landschappen met strangen, hagen en singels, knotwilgen en ooibos • cultuurhistorische waarden van de uiterwaarden, oude kavelpatronen, doorbraakkolken, waterstaatswerken (kades en sluisjes), kleiwinningen • onbebouwdheid van de uiterwaarden (enkele boerderijen en steenfabrieken) • rust, ruimte en donkerte m.u.v.

de omgeving van stedelijke gebieden • abiotiek: aardkundige waarden (o.m. reliëf van oeverwallen, strangen en andere stromingspatronen), kwel, bodem • ecosysteemdiensten: recreatie, wateropvang en -afvoer ONTWIKKELDOELEN natuur en landschap (Omgevingsverordening Provincie Gelderland) Deelgebied 62 Tielerwaard: • ontwikkeling kalkmoerassen, ruigteranden en laag gelegen bloemrijke graslanden • ontwikkelen rivier- en beekbegeleidende bossen (zacht- en hardhoutooibos, elzenbossen) • ontwikkelen populaties van kamsalamander, kleine en grote modderkruiper en bittervoorn • ontwikkelen weidevogelpopulaties • ontwikkeling populaties van water-, oever- en moerasvogels (w.o. zwarte stern) • ontwikkeling ecologische verbindingszone Linge met parkachtige structuren met water en moeraszones • vermindering barrièrewerking A2 en N848 • ontwikkeling (oude) bossen, bosranden en overgangen naar cultuurgronden • ontwikkeling biotopen voor vlinders, reptielen en amfibieën en vogels van cultuurlandschappen • ontwikkeling landgoedstructuren, cultuurhistorische patronen en beheersvormen (grienden)

9 | ENSEMBLEBOEK 2 VOOR HET RUSTIEKE HART VAN DE TIELERWAARD

deelgebied 148 Waaluiterwaarden: • Ontwikkeling stroomdalgraslanden en glanshaverhooilanden •ontwikkeling water- en oeverhabitats •ontwikkeling hard- en zachthoutooibossen •ontwikkeling moerassen, ruigteranden en laag gelegen bloemrijke graslanden •ontwikkelen weidevogelpopulaties •ontwikkeling populaties van water-, oever- en moerasvogels •ontwikkelen biotopen voor vlinders, reptielen en amfibieën, w.o. kamsalamander •ontwikkeling populatie bevers (en otters) • vermindering barrièrewerking A2 en spoorlijn • ontwikkeling coulissenlandschap met strangen, knotwilgenrijen en meidoornhagen (evenwijdig aan de stroom) met lokaal doorzichten op de rivier, dorpen en steden •behoud reliëf oeverwallen, strangen en andere stromingspatronen

10 | ENSEMBLEBOEK 2 VOOR HET RUSTIEKE HART VAN DE TIELERWAARD

Kernkwaliteiten Nationaal Landschap Nieuwe Hollandse Waterlinie https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.9925.PVOmgverordeningGCgc08/b_NL.IMRO.9925.PVOmgverordeningGC-gc08_732.pdf, waar nodig aangepast aan de deelgebieden zoals ze in het LOP West Betuwe zijn gedefinieerd. De kernkwaliteiten van het voormalige militaire systeem van de Nieuwe Hollandse Waterlinie Dit is een beschrijving op hoofdlijnen. Gedeputeerde Staten werken aan een nadere beschrijving van de kernkwaliteiten van de Nieuw Hollandse Waterlinie, waarmee invulling wordt gegeven aan de afspraak die daarover in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) is opgenomen. Deze beschrijving heeft betrekking op het hele gebied van de Nieuwe Hollandse Waterlinie.

Het unieke, in samenhang met het landschap ontworpen negentiende en twintigste-eeuwse hydrologische en militair verdedigingssysteem, bestaande uit: - inundatiegebieden; - zones met verdedigingswerken als forten, batterijen, lunetten betonnen mitrailleurkazematten en groepsschuilplaatsen in hun samenhang met de omgeving; - voormalige schootsvelden (visueel open) en verboden kringen (merendeels onbebouwd gebied) rondom de forten; - waterwerken als waterlichamen, sluizen, inlaten, duikers en dijken functionerend in samenhang met verdedigingswerken en inundatiegebieden; - overige elementen als beschutte wegen, (resten van) loopgraven en tankgrachten; - de landschappelijke inpassing en camouflage van de voormalige militaire objecten; - de historische vestigingsstructuur van de vesttingssteden Muiden, Weesp, Naarden, Nieuwersluis, Gorinchem en Woudrichem; De grote openheid. Groen en overwegend rustig karakter. Grote rivieren Maas en Waal en hun uiterwaarden Brede stromen - Laaglandrivieren met dijken, dynamiek van stromend water; - Waal: breed, weinig gebogen rivierbed en dynamisch door vrije afvoer - Uiterwaarden van de Waal met grote afwisseling in breedte en grootschalig - Waal en Maas ten westen van Heerewaarden: dijken scherpe grens tussen binnen- en buitendijks.

Tielerwaard, Land van Maas en Waal Water bergen Kenmerken - Amorfe structuur, weinig pregnante gradiënten van uiterwaarden, oeverwal en kom; - Relatief weinig dynamiek; - Grootschalig; - Vrij uitzicht vanaf dijk met cultuurhistorisch waardevolle dijkhuizen, en over de rivier met uiterwaarden; - Gave open kommen langs grens met Zuid-Holland Zie ook: Velden, Kees van der, 2014: Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie ten zuiden van de Lek DEEL II - inundatiekom Tielerwaard, handboek voor beschermen én ontwikkelen. NHW - Pact van Loevestein. Zie ook Streekgids Betuwe-Tielerwaard (BoschSlabbers, 2021) pag. 87-97 (99%-versie).

11 | ENSEMBLEBOEK 2 VOOR HET RUSTIEKE HART VAN DE TIELERWAARD

De ideeën hierin sluiten naadloos aan bij de visie van dit landschapsensemble.

4.3. Landschapselementen voor het rustieke Hart van de Tielerwaard

Figuur 5 Landschapsensemble met deelgebieden en advies landschapselementen

12 | ENSEMBLEBOEK 2 VOOR HET RUSTIEKE HART VAN DE TIELERWAARD

13 | ENSEMBLEBOEK 2 VOOR HET RUSTIEKE HART VAN DE TIELERWAARD

14 | ENSEMBLEBOEK 2 VOOR HET RUSTIEKE HART VAN DE TIELERWAARD

15 | ENSEMBLEBOEK 2 VOOR HET RUSTIEKE HART VAN DE TIELERWAARD

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.westbetuwe.nl/api/v1/meetings/440/documents/9867