CConstaterende datWest Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

RV2021-088 Bijlage Van Pallandtweg 1, 9 en 10_Toelichting.pdf

Gemeenteraad 28 september 2021, gemeente West BetuweBij agendapunt: 20: Vaststellen bestemmingsplan “Van Pallandtweg 1, 9 en 10 Neerijnen”10.853 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

In deze gebieden worden geen grootschalige ontwikkelingen mogelijk gemaakt, maar kleinschalige ontwikkelingen die niet leiden tot een significante aantasting van de kernkwaliteiten van het gebied zijn wel toegestaan. Inventarisatie Het plangebied ligt niet in een in het kader van de Wnb beschermd gebied. Het dichtstbijzijnde beschermde Natura 2000-gebied betreft het gebied Rijntakken, op ongeveer 0,4 km ten zuiden van het plangebied. Dit betreft buitendijks gebied, gescheiden van het plangebied door bos van het landgoed en de rivierdijk. Het plangebied maakt deel uit van gebied dat in het kader van het provinciaal ruimtelijk natuurbeleid is aangewezen als GNN. Het grenst tevens aan gronden die zijn aangewezen als Groene ontwikkelingszone. Het staat in het Natuurbeheerplan van de provincie aangemerkt als doeltype Kruiden- en faunarijk grasland (N12.02). GLK heeft het perceel tot op heden niet als zodanig beheerd (het was een schapenweide, zie foto's) en hier ook geen SNL-beheersubsidie voor aangevraagd/ontvangen. Voor de opgaande beplanting langs de randen is wel subsidie aangevraagd (N15.02). In 2016 is door ecologisch adviesbureau Ecologica een SNL- monitoring uitgevoerd, waarin vooral de bijzondere natuurwaarden buitendijks bevestigd worden. In het plangebied voor de werkschuur zijn geen SNL-soorten waargenomen. Het landgoed binnendijks is erg rijk aan paddenstoelen.

Deze zijn vooral gebonden aan lanen en komen vooral direct aan de binnenzijde van de dijk voor. Aangezien de beoogde locatie voor de werkschuur aan de andere zijde van het landgoed gelegen is, is geen negatief effect op paddenstoelen te verwachten. Toetsing Wnb beschermd gebied Gezien de aard van de ontwikkeling en de ligging buiten het Natura 2000-gebied zijn negatieve effecten ten aanzien de meeste storingsfactoren op voorhand uit te sluiten, alleen voor een mogelijk effect van verzuring of vermesting door stikstofdepositie volgt een nadere toelichting. Mogelijke effecten door stikstofdepositie in het Natura 2000-gebied kunnen optreden in de aanlegfase of in de gebruiksfase. Hierbij kan verkeer, gebruik van machines en verwarming een rol spelen. Door middel van een AERIUS-berekening is onderzocht of de realisatie en het gebruik van de nieuwe werkschuur zal leiden tot meer stikstofdepositie in stikstofgevoelige Natura-2000 gebieden. De volledige AERIUS-berekening is te vinden in Bijlage 4. De berekening met AERIUS genereert een rekenresultaat en een pdf bestand waarin wordt geconstateerd dat er geen natuurgebieden zijn met een overschrijding van een projectbijdrage van meer dan 0,00 mol

39

bestemmingsplan Van Pallandtweg 1, 9 en 10

N/ha/jaar. Er vindt dus geen extra stikstofdepositie plaats in stikstofgevoelige Natura-2000 gebieden. Een vergunning Wnb is in het kader van stikstofdepositie niet nodig. Provinciaal ruimtelijk beschermd gebied Door bouw van een werkschuur met verharding gaat een kleine oppervlakte GNN verloren. Hoewel dit gebied op dit moment een beperkte natuurkwaliteit heeft, is sprake van een significant negatief effect op dit in het kader van het provinciaal ruimtelijk natuurbeleid beschermde gebied. Het plan is hiermee in strijd met het provinciaal ruimtelijk natuurbeleid (Omgevingsverordening Gelderland, geconsolideerd 19-12-2018). Initiatiefnemer heeft gezocht naar gronden die kunnen worden ingezet voor compensatie van het verlies van GNN. De gronden zoals rood weergegeven en gelegen ter plaatse van nummer 1 op onderstaande afbeelding, worden ingezet voor natuurcompensatie. De provincie heeft aangegeven deze compensatie afdoende te vinden.

Locatie compensatiepercelen Regulieren

Conclusie Uit de ecologische inventarisatie is naar voren gekomen dat een voldoende beeld is ontstaan van de aanwezige natuurwaarden. Het plan is in strijd met het provinciaal ruimtelijk natuurbeleid. In overleg met de provincie worden gronden ingezet voor natuurcompensatie. Met de provincie vindt nog nader overleg plaats om het plangebied uit GNN-begrenzing te halen. Een aanvullend onderzoek in het kader van de Wet natuurbescherming (Natura 2000 en soortenbescherming) is niet noodzakelijk. Het plan is niet in strijd met de Wnb. Met inachtneming van het broedseizoen van vogels en de kwetsbare periode van wezel is een ontheffing van de Wnb voor soorten of een vergunning op grond van de Wnb voor gebieden op voorhand niet nodig voor de beoogde activiteiten.

40

bestemmingsplan Van Pallandtweg 1, 9 en 10

4.9

Bedrijven en milieuzonering

Kader In het kader van een goede ruimtelijke ordening (artikel 3.1.1 Wro) moet voorkomen worden dat milieubelastende activiteiten voorzienbare hinder opleveren aan milieugevoelige activiteiten. Bij het toetsen van afstanden tussen milieubelastende en milieugevoelige activiteiten wordt gebruik gemaakt van de VNG-uitgave ‘Bedrijven en Milieuzonering’ (2009). Situatie plangebied In de VNG-publicatie wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende omgevingstypen. De VNG-publicatie gebruikt het omgevingstype gemengd gebied om gebieden te typeren waar sprake is van meerdere functies die zorgen voor een bepaalde levendigheid, maar ook voor een bepaalde milieubelasting. In een dergelijk gemengd gebied wordt de vestiging van milieubelastende activiteiten op een kortere afstand dan in woongebieden, mogelijk geacht. Voor het plangebied en omgeving is sprake van het omgevingstype 'gemengd gebied'. Het plangebied ligt in het buitengebied van de gemeente West Betuwe, aan de rand van de kern Neerijnen. In het plangebied is sprake van functiemenging. De omliggende gronden zijn in gebruik ten behoeve van agrarische activiteiten, groen, wonen, maatschappelijke functies en niet-agrarische bedrijfsactiviteiten. In het plangebied wordt een werkschuur gerealiseerd. Een werkschuur is geen milieugevoelig object.

De werkschuur wordt als onder andere als werkplaats gebruikt en als opslagplaats voor het stallen van machines voor terreinbeheer. De werkschuur valt daarmee onder het type inrichting 'aannemersbedrijf met werkplaats: b.o. < 1.000 m2'. Die heeft milieucategorie 2 met minimale richtafstand van 30 meter in een rustige woonwijk en 10 meter in gemengd gebied. Wanneer in een gemengd gebied minimaal 10 m wordt aangehouden tussen woningen en bedrijfsgebouwen, kan worden geconcludeerd dat ter plaatse van de woningen sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. De dichtstbijzijnde woningen liggen op een afstand van circa 60 meter tot het plangebied. In de nabijheid van het plangebied zijn geen bedrijven of inrichtingen aanwezig welke voorzien zijn van een milieucontour. Aan de noordzijde van het plangebied is een bestemming 'Bedrijf - Nutsvoorziening' aanwezig. Een nutsvoorziening heeft een milieucontour van 30 meter. Omdat er geen sprake is van het realiseren van een milieugevoelige bestemming leidt dit niet tot een belemmering. Het aspect bedrijven en milieuzonering vormt geen belemmering voor het vastleggen van de bestaande bedrijfswoning aan Van Pallandtweg 10 in voorliggend bestemmingsplan. De bedrijfswoning is onderdeel van het agrarische bedrijf aan Van Pallandtweg 10 en kent vanuit het milieuspoor geen bescherming.

Door het bestemmen van de bestaande recreatiewoning veranderen de ontwikkelingsmogelijkheden van het agarische bedrijf niet. De recreatiewoning vormt geen geurgevoelig object. Er is geen sprake van permanent gebruik of daarmee vergelijkbaar gebruik. Er is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat in de recreatiewoning. Op het agrarisch erf worden alleen jongvee gehouden. Hiervan wordt geen hinder ondervonden in de recreatiewoning. Conclusie Het aspect bedrijven en milieuzonering vormt geen belemmering voor het initiatief.

41

bestemmingsplan Van Pallandtweg 1, 9 en 10

42

bestemmingsplan Van Pallandtweg 1, 9 en 10

Hoofdstuk 5 5.1

Juridische planbeschrijving

Algemeen

Voor het bestemmingsplan is gebruik gemaakt van de in de Wet ruimtelijke ordening opgenomen standaardvorm van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingplannen 2012 (SVBP 2012). Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, planregels en een toelichting. De verbeelding en de planregels vormen samen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide planonderdelen dienen in onderlinge samenhang te worden bezien en toegepast. Op de verbeelding zijn de bestemmingen aangewezen. Aan deze bestemmingen zijn bouwregels en regels betreffende het gebruik gekoppeld. De toelichting heeft geen rechtskracht, maar vormt niettemin een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting van dit bestemmingsplan geeft een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten die aan dit plan ten grondslag liggen. Ook is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing.

5.2

Verbeelding

Op de verbeelding worden de bestemmingen weergegeven en aanduidingen. Voor de analoge verbeelding is gebruik gemaakt van een digitale ondergrond (Grootschalige Basiskaart en/of kadastrale kaart).

5.3

Planregels

De planregels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken. Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels voor het hele plangebied. Hoofdstuk 2 geeft de bestemmingsregels. Hoofdstuk 3 geeft vervolgens de algemene regels waaronder (mogelijke) flexibiliteitsbepalingen in de vorm van wijzigings- en afwijkingsbevoegdheden. In dit derde hoofdstuk kunnen belangrijke algemene bepalingen zijn opgenomen die van invloed zijn op het bepaalde in hoofdstuk 2. Ten slotte regelt hoofdstuk 4 de overgangs- en slotbepalingen. In de volgende paragraaf worden de afzonderlijke bestemmingen behandeld. Voor de planregels is de gestandaardiseerde opbouw uit de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 gebruikt.

5.4

Wijze van bestemmen

Voorliggend bestemmingsplan bevat de volgende bestemmingen: Agrarisch met waarden - Natuur en landschapswaarden, voor de gronden van het bestaande agrarische bedrijf aan de Van Pallandtweg 10. De gronden zijn onder andere bestemd voor de aanleg en instandhouding van landschappelijke waarden en natuurwaarden, de uitoefening van agrarische bedrijfsactiviteiten, niet zijnde intensieve veehouderijen en boomgaarden. De bedrijfswoning is aangeduid als 'bedrijfswoning'. Natuur, voor de gronden aan de van Pallandtweg en de gronden die worden ingezet voor natuurcompensatie. De gronden zijn bestemd voor behoud, herstel en/of ontwikkeling van de natuur en behoud, herstel en ontwikkeling van de aanwezige natuur- en landschapswaarden. Daarnaast kunnen de gronden ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van natuur - landschapsbeheer' worden gebruikt voor maatschappelijke doeleinden in de vorm van landschapsbeheer. Binnen het bouwvlak zoals aangeduid op de verbeelding aan de van Pallandtweg 1 mag een werkschuur worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 11 meter.

Binnen 1 jaar na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning voor het bouwen van een werkschuur dient aan de volgende eisen te zijn voldaan: de gronden met de aanduiding 'specifieke vorm van natuur - landschapsbeheer' dienen te zijn ingericht, beheerd en in stand gehouden conform inpassingsvariant 1 in Bijlage 1 Landschappelijke inpassing en de onbegroeide gronden ter plaatse van de aanduiding 'natuur' dienen te zijn ingericht als kruiden- en faunarijk grasland en dienen in stand te worden gehouden. Recreatie - Recreatiewoning, voor de recreatiewoning en omliggende gronden aan de Van

43

bestemmingsplan Van Pallandtweg 1, 9 en 10

Pallandtweg 9. Op het perceel is één recreatiewoning toegestaan met een maximale goot- en bouwhoogte van 5 respectievelijk 9 meter. De recreatiewoning mag niet permanent worden bewoond. Per recreatiewoning mag één vrijstaand bijgebouw worden gebouwd. Water, op de percelen aan Van Pallandtweg 9 en 10. De gronden zijn bestemd voor waterstaatkundige doeleinden ten behoeve van waterbeheersing en waterberging, water en waterhuishoudkundige voorzieningen en verhardingen voor in- en uitritten. Gebouwen zijn niet toegestaan. Waarde - Archeologie 3, ter bescherming van de potentieel aanwezige archeologische waarden binnen het plangebied is een dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 3’ opgenomen. Hiermee worden bij toekomstige ontwikkelingen de potentieel aanwezige archeologische en cultuurhistorische waarden binnen het plangebied beschermd. Het is verboden op of in de gronden met de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 3' zonder, of in afwijking van een omgevingsvergunning enige bodemroerende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren, over een (totale) oppervlakte gelijk aan of groter dan 5.000 m2 en dieper dan 50 cm..

44

bestemmingsplan Van Pallandtweg 1, 9 en 10

Hoofdstuk 6 6.1

Uitvoerbaarheid

Financiële uitvoerbaarheid

Gelet op het bepaalde in artikel 3.1 Wro moet in het kader van een bestemmingsplan onder andere inzicht worden verschaft in de economische uitvoerbaarheid van het plan. In verband daarmee is eerst onderzocht of voor het onderhavige plan op grond van artikel 6.12, eerste lid Wro de verplichting bestaat om één of meer exploitatieplannen vast te stellen. De initiatiefnemer en de gemeente West-Betuwe gaan een anterieure overeenkomst aan waarin het verplichte kostenverhaal wordt geregeld. Degene die meent schade te lijden door het vaststellen van het bestemmingsplan, kan een verzoek indienen om een tegemoetkoming van de schade (Artikel 6.1 Wro). Eventuele kosten voortkomend uit de planschade zijn in eerdergenoemde overeenkomst meegenomen.

6.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

6.2.1

Burgerparticipatie

Geldersch Landschap & Kasteelen is eind 2019 de bewoners aan Van Pallandtweg huis-aan-huis langs gegaan om te informeren over het voornemen een nieuwe werkschuur te bouwen aan van Pallandtweg 1 te Neerijnen. Hieruit zijn geen vragen en/of opmerkingen voort gekomen. Ook is gesproken met de gebruikers van het Stroomhuis (zowel de horeca als het cultureel centrum). Vanuit het Stroomhuis zijn positieve reacties ontvangen. Voorts is het planvoornemen met de vrijwilligers op Landgoed Waardenburg en Neerijnen (veelal inwoners van Neerijnen) gedeeld. Tot slot heeft Geldersch Landschap & Kasteelen op 9 april 2020 overleg gevoerd met enkele betrokkenen. 6.2.2

Vooroverleg

Het bestemmingsplan is in het kader van het vooroverleg voorgelegd aan Waterschap Rivierenland en aan de provincie Gelderland. 6.2.3

Zienswijzen

Het ontwerpbestemmingsplan zal voor een periode van 6 weken voor een ieder ter inzage liggen. Binnen deze termijn kan een ieder een zienswijze op het plan indienen.

45

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.westbetuwe.nl/api/v1/meetings/329/documents/8003