CConstaterende datWest Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

RV2021-088 Bijlage Van Pallandtweg 1, 9 en 10_Bijlagen bij toelichting.pdf

Gemeenteraad 28 september 2021, gemeente West BetuweBij agendapunt: 20: Vaststellen bestemmingsplan “Van Pallandtweg 1, 9 en 10 Neerijnen”13.759 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

bestemmingsplan Van Pallandtweg 1, 9 en 10 ontwerp

bestemmingsplan Bijlagen bij toelichting

Van Pallandtweg 1, 9 en 10 ontwerp

bestemmingsplan Van Pallandtweg 1, 9 en 10

Inhoudsopgave

Bijlagen bij toelichting

5

Bijlage 1

Landschappelijke inpassing

7

Bijlage 2

Verkennend bodemonderzoek

61

Bijlage 3

Watertoets

103

Bijlage 4

AERIUS-berekening

109

3

bestemmingsplan Van Pallandtweg 1, 9 en 10

4

bestemmingsplan Van Pallandtweg 1, 9 en 10

Bijlagen bij toelichting

5

bestemmingsplan Van Pallandtweg 1, 9 en 10

6

bestemmingsplan Van Pallandtweg 1, 9 en 10

Bijlage 1 Landschappelijke inpassing

7

Regelstation Van Pallandtweg 1 Neerijnen Landschappelijke inpassing

17/02/2021

1

2

Inhoudsopgave 1. Inleiding

4

2. Analyse locatie

5

2.1 Ontstaan van het landschap 2.2 Landschappelijke kenmerken en kwaliteiten 2.3 Huidige situatie plangebied 2.4 Zicht op het nieuwe regelstation

5 5 8 10

3. Ruimtelijke uitgangspunten en inpassingsconcept

12

4. Inpassingsvariant 1

14 14 16 18

5. Inpassingsvariant 2

32 32 34 36

4.1 Plankaart 4.2 Materialen en beeldkwaliteit 4.3 3D impressie

5.1 Plankaart 5.2 Materialen en beeldkwaliteit 5.3 3D impressie

3

1. Inleiding In de directe omgeving van Neerijnen is sprake van een sterk toenemende vraag naar electriciteit en vindt steeds meer opwek van electricteit plaats. Gezien de grote vermogensvraag ten gevolge van ruimtelijke ontwikkelingen en de energietransitie, moet Liander het huidige station aan de Van Pallandtweg 1 uitbreiden. Om dit te kunnen realiseren is een bestemmingsplanwijziging noodzakelijk.

perceel in haar omgeving als de beeldkwaliteit van de bebouwing op het perceel. Allereerst is een landschappelijke analyse gemaakt van de locatie in haar omgeving (H2), met aandacht voor de ruimtelijke karakteristieken in relatie tot de beoogde ontwikkeling van het perceel. Op basis van de analyse worden ruimtelijke uitgangspunten geformuleerd m.b.t. de inrichting van het perceel (H3). Deze zijn bedoeld als handvatten voor de landschappelijke inpassing en het beeldkwaliteitsvoorstel. In navolging van de uitgangspunten zijn twee inpassingsvarianten opgesteld (H4 en H5). Later in het proces zal een keuze gemaakt worden tussen deze varianten.

Open ruimte (gras)

Gebouw

17080

P

VELD 101 VELD 102

7350

7350

2000

Voorruimte

VELD 103

MS ruimte 2

VELD 104

Secundaire ruimte

VELD 105

350

MS ruimte 1

VELD 108

Primaire ruimte

VELD 109

VELD 110

VELD 111 VELD 112 VELD 113 VELD 114

Transformatorruimte

Transformatorruimte

Transformatorruimte

Tr. 3

Tr. 2

Tr. 1

VELD 115 VELD 116

P

30415

P

Parkeerplaatsen

Ruimtereservering voor toekomstige uitbreiding

Transformatorruimte

Installaties in gebouw

Plattegrond van het nieuwe regelstation op basis van de eisen, afmetingen en standaarden van Liander

Foto transformator in transformatorruimte zonder dak.

Impressies van voorbeelden van een regelstation, afgewerkt met rode baksteen (boven) en verticale houten geveldelen (onder).

34770

VELD 106 VELD 107

Verbindingsgang kabelverbinding

440350

P

WC

Accuruimte 2000

16080

P

350

350

350

10kV

4

350

20kV

Impressie van gebouw met installaties en drie transformatorruimtes zonder dak.

61445

Verharding

Hekwerk

.

Het terrein bestaat uit de volgende onderdelen: • Gebouw met installaties en drie transformatorruimtes zonder dak • Verharding rondom het gebouw • Enige open ruimte rondom (grasveld) • Vijf parkeerplaatsen • Ondergronds: ruimte voor kabels en leidingen • Ruimtereservering voor toekomstige aanvullende 10KV installatie

Toegangshek

TOEKOMST 10KV INST

Het nieuwe regelstation zal worden opgebouwd aan de hand de standaarden, afmetingen en eisen ten aanzien van techniek en beveiliging van Liander voor de realisatie van een regelstation (figuur 1.3). Het terrein heeft een toegangsweg voor onderhoud en is omsloten door een hekwerk.

350

Waar bestaat een regelstation uit?

350

De gemeente heeft te kennen gegeven dat het station landschappelijk goed ingepast moet worden. Hiervoor is voorliggend document opgesteld. In dit document wordt ingegaan op zowel de landschappelijke inpassing van het

2. Analyse locatie Het perceel aan de Van Pallandtweg 1 is gelegen te gemeente West-Betuwe in het dorp Neerijnen (zie figuur 2.1 en 2.2.). De locatie ligt in het buitengebied van het rivierenlandschap.

2.1 Ontstaan van het landschap

In het rivierenlandschap heeft de rivier de structuur van het landschap bepaald. Tegenwoordig is dit nog herkenbaar aan de uiterwaarden, dijken, oeverwallen, komgronden en oude en meestromende geulen. Zoals te zien op de geomorfologische kaart van figuur 2.2 ligt het perceel aan de Van Pallandtweg 1 op de oeverwal van een verdwenen rivierloop: op een stroomrugglooiing op de grens van een rivierkomvlakte. Deze geomorfologische eenheden zijn hoofdzakelijk ontstaan door fluviatiele processen in een geologische tijdperk waarin geen (peri)glaciale omstandigheden heersten. De stroomrug is herkenbaar als een lichte verhoging in het landschap. Op de reeks historische topografische kaarten van figuur 2.4 (op de volgende pagina) is te zien hoe de locatie zich door de tijd ruimtelijk heeft ontwikkeld. Neerijnen ontstaat als een nederzetting aan een oude zijstroom van de Waal. Wat opvalt is dat op en rond het perceel aan de Van Pallantweg zich rond 1850 veel boomgaarden bevinden (karakteristiek voor de oeverwal, zie ook paragraaf 2.2). Tussen 1900 en 2000 verdwijnen deze van het perceel en de naastgelegen percelen.

2.2 Landschappelijke kenmerken en kwaliteiten

Stroomruggen als voormalige oeverwallen zijn al sinds de prehistorie een ideale plek om te wonen vanwege de verhoogde ligging en de vruchtbare grond. De grond is geschikt voor akkerbouw en fruitteelt. Karakteristieken van dit landschap zijn: onregelmatige blokverkaveling, oude wegenpatronen, kastelen, boomgaarden, bos, hagen en laanbomen. Het landschap heeft een kleinschalig besloten karakter dat een sterk contrast vormt met de grootschalig open komgebieden (figuur 2.5). Qua beplanting zijn op de oeverwallen de oorspronkelijke loofbossen vrijwel verdwenen vanwege ontginning voor akkers en fruitteelt. Struiken en bomen die hier vroeger algemeen voorkwamen zijn Eenstijlige meidoorn, Hondsroos, Wilde kardinaalsmuts, Sleedoorn en Gladde iep (Inventarisatie van autochtone bomen en struiken in de terreinen van Het Geldersch Landschap, mei 2006). Het afgelopen jaar zijn er in en rond Neerijnen veel essen gekapt in verband met de essentaksterfte. De gekapte bomen worden vervangen door andere soorten, zoals eiken, kersen en lindes. Ook geschikt kunnen zijn (haag) beuk, spaanse aak, fladder iep, esdoorn en hazelaar (Praktijkadvies Essentaksterfte VBNE, 2018).

Figuur 2.1 Luchtfoto richting het zuiden met de beoogde locatie bij Pallandtweg 1 op de grens van de

oeverwal (kleinschalig besloten gebied, bos) en komgrond (weids open gebied, grasland, aan de rand van de landgoederenzone van Neerijnen en Waardenburg (o.b.v. Apple Kaarten)

Opijnen

Neerijnen Waardenburg

N

5

Figuur 2.2 Ligging locatie (puntsymbool) aan de Van Pallandtweg 1 te Neerijnen (uitsnede Open Topografie Nederland)

Figuur 2.3 Ligging locatie (puntsymbool) op de rand van een stroomrugglooiing en rivierkomvlakte (uitsnede Geomorfologische kaart Nederland 1:50.000)

6

1817

1850

1900

1930

1960

1980

2000

2018

Figuur 2.4 Historische kaartenreeks van het perceel en haar directe omgeving (uitsnedes Topotijdreis.nl) Neerijnen ontstaat als een nederzetting aan een oude zijstroom van de Waal. Diverse kastelen werden gebouwd en vormden een landgoederenzone langs de rivieren. Op en rond het perceel bevinden zich rond 1850 veel boomgaarden. Tussen 1900 en 2000 verdwijnen deze van het perceel en de naastgelegen percelen en wordt het grasland.

7

Bos Kasteel Grasweide Weg met laanbeplanting

Bomencluster Boomgaard

Bomenrij

Erf

Weiland

Figuur 2.5 Het landschap rondom Neerijnen wordt gekarakteriseerd door de combinatie van open en besloten landschap. Onregelmatige blokverkaveling, oude wegenpatronen, kastelen, boomgaarden, bos, hagen en laanbomen geven het gebeid een kleinschalig besloten karakter (boven) dat een sterk contrast vormt met de grootschaligere open komgebieden (onder).

2.3 Huidige situatie plangebied

Het nieuwe regelstation aan de Van Pallandtweg/ Kaalakkerstraat is een uitbreiding van het ernaast gelegen huidige regelstation (figuur 2.6). Het huidige gebruik van het perceel voor het nieuwe regelstation is agrarisch. Naast de beoogde locatie bevindt zich ook Stroomhuis Neerijnen (figuur 2.10), dat in een verder verleden voor elektriciteitsvoorziening zorgde en waarin tot voor kort (naar verwachting in de toekomst wederom) daghoreca is gevestigd met uitzicht op de planlocatie. Dit stroomhuis uit de jaren ‘50 toont zich door haar architectuur met zadeldak, witte accenten en raampartijen nadrukkelijk aan het landschap. Vanaf de Kaalakkerstraat en de 2e Tieflaarsestraat is dit gebouw zichtbaar, met de besloten bosrand erachter. Het ernaast gelegen huidige regelstation is een eenvoudig bakstenen gebouw dat verstopt

8

ligt achter dichte bosschages. Dit gebouw is slechts een klein beetje zichtbaar over de toegangsweg vanaf de Kaalakkerstraat. In de directe omgeving van het plangebied zijn twee ontwikkelingen gaande. Ten westen van de locatie wordt een nieuw landgoed ontwikkelt, Landgoed Het Heuvelbosch (figuur 2.7). Op dit landgoed worden drie wooneenheden gerealiseerd. Daarnaast wordt het 5,5 hectare groot landgoed grotendeels openbaar waarmee het recreatieve netwerk in de omgeving wordt versterkt. Ten zuiden van het plangebied wordt een werkschuur voor stichting Het Geldersch Landschap gerealiseerd. Deze nieuwe werkschuur gaat dienen als uitvalbasis voor onderhoudswerkzaamheden in het bos, als opslag plaats voor materiaal en opstelplaats voor voertuigen.

Ontwikkeling landgoed Heuvelbosch

Locatie nieuw regelstation

tra a

t

Huidig regelstation

s er kk a l Ka a

Cultureel centrum Stroomhuis Neerijnen

Van Pa llan

dtw eg

Ontwikkeling werkschuur Geldersch Landschap

Figuur 2.6 Ligging beoogde locatie nieuw regelstation aan de Van Pallandtweg 1. Er tegenover bevindt zich cultureel centrum Stroomhuis Neerijnen in een voormalig regelstation van Nuon. (uitsnede Apple Maps 2018)

Figuur 2.7 Impressie landgoed Het Heuvelbosch dat gebouwd wordt ten westen van de locatie voor het nieuwe regelstation

Figuur 2.8 Plannen voor de nieuwe werkschuur van stichting Het Geldersch Landschap aan de Van Pallandtweg

Figuur 2.10 Het Stroomhuis, voormalige regelstation met publieke functie, ontsloten vanaf de Van Pallandtweg, gelegen ten zuiden van locatie voor het nieuwe station

Figuur 2.11 Het huidige regelstation, gelegen ten zuiden van de locatie voor het nieuwe regelstation en ontsloten vanaf de Kaalakkerstraat

9

2.4 Zicht op het nieuwe regelstation

Het nieuwe regelstation aan de Van Pallandtweg zal vanaf verschillende kanten zichtbaar zijn (zie figuur 2.12). Vanaf de Kaalakkerstraat hebben voorbijgangers van dichtbij zicht op de locatie (zie nummer 1 & 2). De Kaalakkerstraat loopt aan de noordzijde van de locatie over in de 2e Tieflaarsestraat. Vanaf deze weg (nummer 3) hebben voorbijgangers zicht op de noordzijde van

het toekomstige regelstation. Wanneer het station parallel aan de Kaalakkerstraat geplaatst wordt, dan hebben voorbijgangers vanaf deze locatie zicht op de achterzijde van het regelstation, daar waar de transforruimtes staan. Bezoekers van Het Stroomhuis (5) en het toekomstige Landgoed Het Heuvelbosch (4) hebben ook zicht op de locatie.

Figuur 2.12 Conclusies ruimtelijke analyse beoogde locatie (zie gestippelde rode contour): locatie ligt op grens besloten en open gebied en raakt aan diverse landschappelijke (zicht)lijnen.

10

Zicht vanaf nummer 1: op beoogde locatie aan rand van besloten gebied, bezien vanaf Kaalakkerstraat

Zicht vanaf nummer 2: op beoogde locatie aan rand van besloten gebied, bezien vanaf 2e Tieflaarsestraat

Zicht vanaf nummer 3: op beoogde locatie aan rand van besloten gebied, bezien vanaf 2e Tieflaarsestraat Figuur 2.10 Zicht op de beoogde locatie voor het nieuwe regelstation (Google Maps 2020)

11

3. Ruimtelijke uitgangspunten en inpassingsconcept Vanuit de landschappelijke analyse van de omgeving van Neerijnen en de beoogde locatie zijn de volgende drie uitgangspunten voor de positionering en vormgeving van het nieuwe regelstation opgesteld:

Uitgangspunt 1: Ensemble van ‘drie generaties stroomhuizen’

Het nieuwe regelstation komt bij het oude stroomhuis en het huidige regelstation te staan. Samen vormen zij een ensemble en vertellen het verhaal van ‘drie generaties stroomhuizen’. Door de drie stroomhuizen zo dicht mogelijk bij elkaar te plaatsen en de oriëntatie en het materiaalgebruik van het nieuwe regelstation af te stemmen op het oude stroomhuis en regelstation vormen ze een samenhangend geheel.

Uitgangspunt 2: Oriëntatie richting de Van Pallandtweg, ontsluiting op de Kaalakkerstraat

Het oude stroomhuis is rond 1950 aangelegd aan het ontginngingslint en heeft zijn toegang aan de Van Pallandtweg. Bij de aanleg van het huidige regelstation is de oriëntatie richting de Van Pallandtweg aangehouden, maar is een inrit aan de Kaalakkerstraat aangelegd. Uitgangspunt voor het nieuwe regelstation is om de oriëntatie van het station aan te laten sluiten op het oude stroomhuis en huidige regelstation. Omwille van technische redenen zal de ontsluiting van het nieuwe regelstation, net als de ontsluiting van het huidige regelstation, aan de Kaalakkerstraat gerealiseerd worden. Na aanleg van het nieuwe regelstation zal de inrit naar het huidige regelstation behouden blijven, maar een informele en onopvallende uitstraling krijgen door middel van grasbetontegels, zodat er een rustiger beeld ontstaat. Op deze manier kan deze inrit nog wel gebruikt worden voor het terrein van de nieuwe werkschuur van Het Geldersch Landschap.

Uitgangspunt 3: Stroomhuizen in de bosrand

Figuur 3.1 Verbeelding uitgangspunt 1t/m 3.

12

Het oude stroomhuis en huidige regelstation liggen in de bosrand. Het nieuwe regelstation wordt zo goed mogelijk ingepakt met beplanting zodat deze net als het huidige regelstation minder zichtbaar is vanuit de omgeving. Omdat er rondom het nieuwe regelstation veel kabels worden aangelegd is het niet mogelijk om het regelstation helemaal in te pakken met een dichte beplantingsrand. De beplanting in de groene zoom bestaat uit gebiedseigensoorten en sluit aan bij de bestaande soorten ter plaatse. Het oude stroomhuis blijft vanaf de 2e Tieflaarsestraat zichtbaar doordat deze zijde van het oude stroomhuis zoveel mogelijk vrij blijft van beplanting.

Inpassingsconcept

De landschappelijke inpassing van het nieuwe regelstation vertelt het verhaal van de ‘drie generaties stroomhuizen’, gelegen in de rand van de landgoederenzone op de overgang van kleinschalig besloten en open landschap. Het nieuwe regelstation is als onderdeel van de ‘drie generaties stroomhuizen’ gelegen in de rand van de landgoederenzone. Het ensemble is georiënteerd richting de Van Pallandtweg en de inritten aan de Kaalakkerstraat zijn ondergeschikt aan de toegang aan de Van Pallandtweg.

Door een groene zoom van beplanting rondom het nieuwe regelstation gaat het gebouw op in de bosrand. De achterzijde van het oude stroomhuis blijft vrij van beplanting, zodat dit gebouw zichtbaar blijft vanaf de 2e Tieflaarseweg. Zo blijft ook het zicht vanuit het oude stroomhuis op het open grasland behouden.

Figuur 3.2 Schematische weergave inpassingsconcept

13

4. Variant 1 Op basis van het in H3 toegelichte inpassingsconcept en diverse gesprekken met belanghebbenden zijn twee inpassingsvarianten opgesteld. De positie van het regelstation is in beide varianten nagenoeg hetzelfde. De materiaalkeuze en keuze voor type beplanting rondom het regelstation verschillen per variant. In dit hoofdstuk vindt u de plankaart, toelichting, referentiebeelden en 3D impressies van variant 1.

4.1 Plankaart variant 1

Het nieuwe terrein wordt verbonden met het terrein van het huidige regelstation. Zo kunnen de parkeerplaatsen, die nodig zijn voor het onderhoud, gecombineerd worden en blijft de hoeveelheid hekwerk minimaal. Tussen het nieuwe en huidige regelstation wordt ruimte gereserveerd voor een eventuele toekomstige uitbreiding. In variant 1 is het terrein van het nieuwe regelstation tegen de oostgrens van de grondaankoop geschoven zodat er aan de kant van de Kaalakkerstraat zoveel mogelijk ruimte is voor de groene zoom. In deze groene zoom wordt, waar technisch mogelijk, bosplantsoen beplanting geplant. De precieze plaatsen en aantal bomen in relatie tot boomsoorten is nader te definiëren in beplantingsplan. De oostzijde van het regelstation is vrij van beplanting om het zicht op het open grasland vanuit het oude stroomhuis zo goed mogelijk te behouden. Omdat het hekwerk aan deze zijde vanuit het stroomhuis zichtbaar is, wordt een fraai hekwerk toegepast (zie referentie beelden p.17).

Het nieuwe regelstation bestaande uit het gebouw met installaties en daaraan grenzend drie transformatorruimtes zonder dak. Op het lage deel van het dak zonnepanelen in oostwest-opstelling in een strak en gelijkmatig grid op het dak, in lijn met de voorgevel van het gebouw. • Enige open ruimte rondom

Bosplantsoen rondom regelstation Fraai hekwerk rond regelstation Gras op perceel regelstation

Inrit/toegang tot nieuw regelstation aan de Kaalakkerstraat Ruimtereservering eventuele toekomstige uitbreiding regelstation

Informele inrit huidig regelstation aangelegd in grasbetontegels; toegang werkschuur mogelijk gekoppeld aan deze inrit

Toekomstige werkschuur van stichting Het Geldersch Landschap

Ruimtereservering voor eventuele uitbreiding van de capaciteit van het regelstation op de lange termijn. Verharding op het terrein uitgevoerd in lichtgrijze klinkerbestrating, keperverband. Parkeerplaatsen op het terrein uitgevoerd in grasbetontegels voor extra waterinfiltratie. Hekwerk (1 of 2m hoog) rond het regelstation ter beveiliging met toegangspoort aan Kaalakkerstraat. Bosplantsoen Rond het nieuwe regelstation wordt een groene zoom met bosplantsoen beplanting geplant. Gras

14

Toegang oude stroomhuis

grens

grond

aanko

op

Figuur 4.1 Plankaart variant 1

15

4.3 Materialen en beeldkwaliteit

Het nieuwe regelstation maakt onderdeel uit van het ensemble van stroomhuizen. Het is het derde gebouw met vergelijkbare functie op deze plek. Er is gekozen om het materiaalgebruik voor het gebouw af te stemmen op het materiaalgebruik bij het oude stroomhuis en huidige regelstation. Voor

het gebouw met installaties zal gebruik worden gemaakt van een rood/bruine baksteen, passend bij de bakstenen van het oude stroomhuis. De transformatorruimtes zonder dak worden volgens de standaard van beton gemaakt.

Figuur 4.2 Rood/bruine baksteen

Figuur 4.3 De materialen die gebruikt worden voor het nieuwe regelstation

(passend bij stenen oude stroomhuis) en beton.

worden afgestemd op de materialen die gebruikt zijn bij het oude stroomhuis.

Figuur 4.4 Op het dak van het lage gedeelte van het station worden zonnepanelen gelegd in

oostwestopstelling, zodat deze vlak en in lijn met de voorgevel van het gebouw kunnen worden geplaatst. Bij voorkeur worden deze verdiept in het dakvlak geplaatst, zodat deze niet zichtbaar zijn vanuit de omgeving. Echter omdat vanuit het oude Stroomhuis wel gedeeltelijk op het dak kan worden gekeken, is het belang dat de panelen zo strak en gelijkmatig mogelijk op het dak worden gelegd.

Figuur 4.5 De bestrating van het station bestaat uit klinkers. Om de hoeveelheid bestrating te minimaliseren

en waterinfiltratie te vergroten kunnen de parkeerplaatsen aangelegd worden met grasbetontegels.

16

Figuur 4.6 Het beveiligingshekwerk rond het terrein moet 1 of 2 meter hoog zijn. Omdat het hekwerk

goed zichtbaar is vanuit het oude stroomhuis is de uitstraling ervan belangrijk. Vanuit het oogpunt van ruimtelijke kwaliteit is gekozen is voor een antraciet/zwart hekwerk met doorgestoken spijlen, zodat deze zoveel mogelijk wegvalt in de beplanting en tegen de achtergrond van het gebouw. Het voorgestelde hekwerk met “rimboe-spijlen” oogt modern en vriendelijker dan een normaal hekwerk. In een lagere variant is deze ook toepasbaar rond de nieuwe werkschuur van stichting Het Geldersch Landschap die vlakbij gebouwd wordt en ook een nieuw hekwerk zal gaan toepassen. Vanwege de vele hekwerken in de omgeving is het voor een rustig beeld goed als deze op elkaar worden afgestemd.

Tilia cordata (Winterlinde)

Quercus robur (Zomereik)

Fagus sylvatica (Gewone beuk)

Figuur 4.7 Referenties bomen in bosplantsoen beplanting. Exacte soorten worden afgestemd op soorten

die in de direct omgeving van het huidige regelstation en oude stroomhuis staan en zijn gebiedseigen.

Figuur 4.8 Referenties beplanting. Bosplantsoen met heesters en bomen. Gebiedseigen soorten, passend

bij bos beplanting rondom het oude stroomhuis en huidig regelstation.

17

4.3 3D impressies variant 1

Figuur 4.9 Zicht vanaf de 2e Tieflaarsestraat

18

19

Figuur 4.10 Zicht vanaf de Kaalakkerstraat

20

21

Figuur 4.11 Zicht vanaf de Kaalakkerstraat

22

23

Figuur 4.12 Zicht vanaf de Kaalakkerstraat

24

25

Figuur 4.13 Zicht vanuit het Stroomhuis (begane grond)

26

27

Figuur 4.14 Zicht vanuit het Stroomhuis (begane grond)

28

29

Figuur 4.15 Zicht vanuit het Stroomhuis (1e verdieping)

30

31

5. Variant 2 Op basis van het in H3 toegelichte inpassingsconcept en diverse gesprekken met belanghebbenden zijn twee inpassingsvarianten opgesteld. De positie van het regelstation is in beide varianten nagenoeg hetzelfde. De materiaalkeuze en keuze voor type beplanting rondom het regelstation verschillen per variant. In dit hoofdstuk vindt u de plankaart, toelichting, referentiebeelden en 3D impressies van variant 2.

5.1 Plankaart variant 2

Het nieuwe terrein wordt verbonden met het terrein van het huidige regelstation. Zo kunnen de parkeerplaatsen, die nodig zijn voor het onderhoud, gecombineerd worden en blijft de hoeveelheid hekwerk minimaal. Tussen het nieuwe en huidige regelstation wordt ruimte gereserveerd voor een eventuele toekomstige uitbreiding. In variant 2 ligt het terrein van het nieuwe regelstation iets dichter bij de Kaalakkerstraat, zodat ook aan de oostzijde ruimte is voor een groene rand met beplanting. Omdat de ruimte aan de oostzijde beperkt is, is hier gekozen voor een gemengde wilde haag. In de groene zoom aan de noord- en westzijde worden heesters tot 4-5 meter (hoogte regelstation) geplant. De precieze plaatsen en aantal heesters in relatie tot heestersoorten is nader te definiëren in een beplantingsplan. Het hekwerk rondom het terrein gaat grotendeels schuil achter de beplanting in de groene zoom en de gemengde wilde haag. Omdat het hekwerk nauwelijks zichtbaar is, is in deze variant gekozen voor een standaard hekwerk (zie referentie beelden p.17).

Het nieuwe regelstation bestaande uit het gebouw met installaties, waarop zonnepanelen gelegen. Daaraan grenzend drie transformatorruimtes zonder dak. • Enige open ruimte rondom

Heesters 4-5 meter hoog Hekwerk rond regelstation Gras op perceel regelstation Inrit/toegang tot nieuw regelstation aan de Kaalakkerstraat Ruimtereservering eventuele toekomstige uitbreiding regelstation

Informele inrit huidig regelstation aangelegd in grasbetontegels; toegang werkschuur mogelijk gekoppeld aan deze inrit

Toekomstige werkschuur van stichting Het Geldersch Landschap

Ruimtereservering voor eventuele uitbreiding van de capaciteit van het regelstation op de lange termijn. Verharding op het terrein uitgevoerd in lichtgrijze klinkerbestrating, keperverband. Parkeerplaatsen op het terrein uitgevoerd in grasbetontegels voor extra waterinfiltratie. Hekwerk (1 of 2m hoog) rond het regelstation ter beveiliging met toegangspoort aan Kaalakkerstraat. Heesters Rond het nieuwe regelstation wordt een groene zoom van heesters geplant welke 4-5 meter hoog zijn Gras

32

Toegang oude stroomhuis

grens

grond

aanko

op

Gemengde wilde haag aan oostzijde van regelstation

Figuur 5.1 Plankaart variant 2

33

5.3 Materialen en beeldkwaliteit

Het nieuwe regelstation maakt onderdeel uit van het ensemble van stroomhuizen. Het is het derde gebouw met vergelijkbare functie op deze plek. Er is gekozen om het materiaalgebruik voor het gebouw af te stemmen op het materiaalgebruik bij het oude stroomhuis en huidige regelstation. Voor

het gebouw met installaties zal gebruik worden gemaakt van een rood/bruine baksteen, passend bij de bakstenen van het oude stroomhuis. De transformatorruimtes zonder dak worden volgens de standaard van beton gemaakt.

Figuur 5.2 Rood/bruine baksteen

Figuur 5.3 De materialen die gebruikt worden voor het nieuwe regelstation

(passend bij stenen oude stroomhuis) en beton.

worden afgestemd op de materialen die gebruikt zijn bij het oude stroomhuis.

Figuur 5.4 Op het dak van het lage gedeelte van het station worden zonnepanelen gelegd in

oostwestopstelling, zodat deze vlak en in lijn met de voorgevel van het gebouw kunnen worden geplaatst. Bij voorkeur worden deze verdiept in het dakvlak geplaatst, zodat deze niet zichtbaar zijn vanuit de omgeving. Echter omdat vanuit het oude Stroomhuis wel gedeeltelijk op het dak kan worden gekeken, is het belang dat de panelen zo strak en gelijkmatig mogelijk op het dak worden gelegd.

Figuur 5.5 De bestrating van het station bestaat uit klinkers. Om de hoeveelheid bestrating te minimaliseren

en waterinfiltratie te vergroten kunnen de parkeerplaatsen aangelegd worden met grasbetontegels.

34

Figuur 5.6 Het beveiligingshekwerk rond het terrein moet 1 of 2 meter hoog zijn. Omdat het hekwerk in

variant 2 veelal achter beplanting ligt en daardoor minimaal zichtbaar is, is gekozen voor een standaard hekwerk.

Figuur 5.7 Referentiebeelden heesters tot 4-5 meter hoog. Exacte soorten worden afgestemd op soorten

die in de direct omgeving van het huidige regelstation en oude stroomhuis staan en zijn gebiedseigen. Soorten die eventueel gebruikt kunnen worden zijn Veldesdoorn, Sleedoorn en Kardinaalsmuts.

Gelderse roos

Meidoorn

Hondsroos

Figuur 5.8 Referentiebeelden gemengde wilde haag. Soorten die gebruikt kunnen worden zijn Gelderse

roos, meidoorn, sleedoorn, hondsroos, veldesdoorn, kardinaalsmuts en krent.

35

5.3 3D impressies variant 2

Figuur 5.9 Zicht vanaf de 2e Tieflaarsestraat

36

37

Figuur 5.10 Zicht vanaf de Kaalakkerstraat

38

39

Figuur 5.11 Zicht vanaf de Kaalakkerstraat

40

41

Figuur 5.12 Zicht vanaf de Kaalakkerstraat

42

43

Figuur 5.13 Zicht vanuit het Stroomhuis (begane grond)

44

45

Figuur 5.14 Zicht vanuit het Stroomhuis (begane grond)

46

47

Figuur 5.15 Zicht vanuit het Stroomhuis (1e verdieping)

48

49

Bronnen

Het Geldersch Landschap (2006). Inventarisatie van autochtone bomen en struiken in de terreinen van Het Geldersch Landschap. Ecologisch adviesbureau Maes. [online pdf] via http:// www.ecologischadviesbureaumaes.nl/316.pdf, geraadpleegd 21.01.2020 VBNE (vereniging van bos- en natuurterreineigenaren). Praktijkadvies Essentaksterfte [online pdf] via https://www. vbne.nl/Uploaded_files/Zelf/praktijkadviesessentaksterfte-14-12-2018.d81fed.pdf, geraadpleegd 21.01.2020

© 2020. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de samenstellers van dit document. De samenstellers van dit document hebben datgene gedaan wat redelijkerwijs van haar kan worden gevergd om de rechten van de auteursrechthebbende op de beelden te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen die menen rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot de de samenstellers van dit document wenden. Graag nemen wij dan de juiste bronvermelding over.

51

bestemmingsplan Van Pallandtweg 1, 9 en 10

60

bestemmingsplan Van Pallandtweg 1, 9 en 10

Bijlage 2 Verkennend bodemonderzoek

61

VERKENNEND BODEMONDERZOEK VAN PALLANDTWEG 1 TE NEERIJNEN

Rapportage verkennend bodemonderzoek Van Pallandtweg 1 te Neerijnen Opdrachtgever

BügelHajema Utrechtseweg 7 3811 NA Amersfoort

Rapportnummer Versienummer

6770.001 D1

Status

Eindrapportage

Datum

21 februari 2019

Vestiging

Gelderland Fabriekstraat 19c 7005 AP Doetinchem 0314 - 365150 doetinchem@econsultancy.nl

Opsteller

M.G.B. Ellenkamp-Paalhaar, MSc

Paraaf

Kwaliteitscontrole

ing. H.G. Willemsen

Paraaf

Kwaliteitszorg Econsultancy is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer (VKB). De VKB is een vereniging van bodemadviesen -onderzoeksbureaus en heeft als doel kwaliteitsborging en continue verbetering van de dienstverlening van haar leden op het gebied van bodembeheer. Het VKB keurmerk geeft opdrachtgevers de zekerheid dat het uitvoerend bureau werkt conform de eisen die de VKB aan haar leden stelt op het gebied van competenties en integriteit van medewerkers en het toepassen van vigerende normen en onderzoeksprotocollen. Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteits- en milieusysteem, zoals beschreven in het kwaliteits- en milieuhandboek. Ons kwaliteits- en milieusysteem is gecertificeerd volgens de eisen in de NEN-EN-ISO 9001 en NEN-EN-ISO 14001. Betrouwbaarheid Dit bodemonderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving. Een bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid echter uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van de bodem, waardoor het, op basis van de resultaten van een bodemonderzoek, onmogelijk is garanties af te geven ten aanzien van de milieuhygiënische bodemkwaliteit. Daarnaast betreft het bodemonderzoek een momentopname.

Econsultancy accepteert op voorhand geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Econsultancy uitgevoerde bodemonderzoek neemt.

INHOUDSOPGAVE 1

INLEIDING .................................................................................................................................. 1

2

AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE ................................................................................... 1

3

VOORONDERZOEK................................................................................................................... 2 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9

Geraadpleegde bronnen ................................................................................................... 2 Historisch en huidig gebruik onderzoekslocatie ............................................................... 2 Toekomstige situatie ......................................................................................................... 3 Calamiteiten ...................................................................................................................... 3 Uitgevoerd(e) bodemonderzoek(en) op de onderzoekslocatie ........................................ 3 Aangrenzende terreindelen/percelen ............................................................................... 3 Terreininspectie ................................................................................................................ 3 Informatie lokale of regionale achtergrondgehalten ......................................................... 3 Bodemopbouw en geohydrologie ..................................................................................... 4

4

CONCLUSIES VOORONDERZOEK (ONDERZOEKSOPZET) ................................................. 4

5

VELDWERK ................................................................................................................................ 5 5.1 5.2

5.3

6

LABORATORIUMONDERZOEK ................................................................................................ 6 6.1 6.2 6.3

7

Algemeen.......................................................................................................................... 5 Grondonderzoek ............................................................................................................... 5 5.2.1 Uitvoering veldwerk ............................................................................................ 5 5.2.2 Zintuiglijke waarnemingen .................................................................................. 5 Grondwateronderzoek ...................................................................................................... 5 5.3.1 Uitvoering veldwerk ............................................................................................ 5 5.3.2 Bemonstering ..................................................................................................... 6

Uitvoering analyses .......................................................................................................... 6 Toetsingskader ................................................................................................................. 7 Resultaten grond- en grondwatermonsters ...................................................................... 8

SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES .......................................................................... 9

BIJLAGEN: 1. 2a. 2b. 3. 4a. 4b. 5.

- Topografische ligging van de locatie - Locatieschets - Foto's onderzoekslocatie - Boorprofielen - Analysecertificaten - Getoetste analyseresultaten - Toetsingskader Circulaire bodemsanering

6770.001

1

INLEIDING

BügelHajema heeft aan Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek op de locatie Van Pallandtweg 1 te Neerijnen. Het bodemonderzoek is uitgevoerd in het kader van Omgevingsvergunning. Het verkennend bodemonderzoek heeft tot doel met een relatief geringe onderzoeksinspanning vast te stellen of op de onderzoekslocatie een grond- en/of grondwaterverontreiniging aanwezig is, teneinde te bepalen of er milieuhygiënische belemmeringen zijn voor de nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Het vooronderzoek is verricht conform de NEN 5725:2017 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek". Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5740+A1:2016 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond". Het veldwerk en de bemonstering zijn verricht onder certificaat op grond van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek", protocollen 2001 en 2002. De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering en aan de achtergrondwaarden voor grond uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage B, tabel 1). Econsultancy is onder meer gecertificeerd voor de protocollen 2001 en 2002 van de BRL SIKB 2000.

In dat kader verklaart Econsultancy geen eigenaar van de onderzoekslocatie te zijn of te worden.

2

AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE

Het vooronderzoek omvat de onderzoekslocatie en direct hieraan grenzende terreindelen binnen een afstand van 25 meter. De onderzoekslocatie (± 245 m²) is gelegen aan de Van Pallandtweg 1 te Neerijnen (zie bijlage 1). Het perceel, waar de onderzoekslocatie deel van uitmaakt, is kadastraal bekend gemeente Waardenburg, sectie D, nummer 1434. Volgens het Actueel Hoogtebestand Nederland bevindt het maaiveld zich op een hoogte van circa 3,0 m +NAP en zijn de coördinaten van het midden van de onderzoekslocatie X = 147.280, Y = 427.400.

Rapport 6770.001 versie D1

Pagina 1 van 9

3

VOORONDERZOEK

3.1

Geraadpleegde bronnen

Voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden is een vooronderzoek uitgevoerd op basis van de NEN 5725. In tabel I zijn de in het kader van het vooronderzoek geraadpleegde bronnen weergeven. Van de locatie en de directe omgeving zijn uit verschillende informatiebronnen gegevens verzameld over het historische, huidige en toekomstige gebruik, eventuele calamiteiten, eventueel eerder uitgevoerde bodemonderzoeken, de bodemopbouw en geohydrologie, verhardingen, kabels en leidingen. Tabel I.

Geraadpleegde bronnen Onderdeel

Bron

Historisch, huidig en toekomstig gebruik

BugelHajema (contactpersoon mevrouw E. Van den Berg) Geldersch Landschap en kastelen (contactpersoon de heer M. de Kroon)

Bouw-/milieudossier, ondergrondse tanks, calamiteiten, eerder uitgevoerd bodemonderzoek

Omgevingsdienst Rivierenland (contactpersoon mevrouw W. Dekkers)

Locatiegegevens van internet: - historisch topografisch kaartmateriaal - basisregistratie grootschalige topografie - kadastrale gegevens - hoogtekaart - luchtfoto's - Google streetview - provinciale bodeminformatie - bodemopbouw - geo(hydro)logie - kabels en leidingen

www.topotijdreis.nl www.pdok.nl www.kadaster.nl www.ahn.nl webservices.gbo-provincies.nl/lufo/services/wms maps.google.nl www.bodemloket.nl maps.bodemdata.nl www.dinoloket.nl www.kadaster.nl/klic-wion

Terreininspectie

Uitgevoerd door medewerker Econsultancy, d.d. 30 januari 2019

3.2

Historisch en huidig gebruik onderzoekslocatie

Uit historisch kaartmateriaal uit de periode 1900 - heden blijkt, dat tot voorkort op de locatie een schuur heeft gestaan, welke reeds is gesloopt. Verder was tot in de jaren ’60 op de locatie mogelijk een halfverharde weg aanwezig, omdat de Zwaluwestraat destijds haaks aansloot op de Van Pallandtweg. Vanaf de jaren ’60 buigt deze weg af in westelijke richting, om daar aan te sluiten op de Kaalakkerstraat. Verder was de locatie altijd in agrarisch gebruik. Voor zover bij de opdrachtgever en de Omgevingsdienst Rivierenland bekend, heeft er op de onderzoekslocatie nimmer opslag van oliehoudende producten in ondergrondse of bovengrondse tanks plaatsgevonden. Er zijn geen aanwijzingen gevonden, die aanleiding geven een asbestverontreiniging op de locatie te verwachten. Uit de geraadpleegde bronnen blijkt geen aanwezigheid van ophogingen, dempingen of stortingen. In bijlage 2a is de huidige situatie op een locatieschets weergegeven. Bijlage 2b bevat enkele foto's van de onderzoekslocatie.

Rapport 6770.001 versie D1

Pagina 2 van 9

3.3

Toekomstige situatie

De initiatiefnemer is voornemens de locatie een nieuwe werkschuur te realiseren. 3.4

Calamiteiten

Voor zover bij de opdrachtgever bekend hebben zich op de onderzoekslocatie in het verleden geen calamiteiten met een bodembedreigend karakter voorgedaan. Ook uit informatie van de Omgevingsdienst Rivierenland blijkt niet, dat er zich in het verleden bodembedreigende calamiteiten hebben voorgedaan. 3.5

Uitgevoerd(e) bodemonderzoek(en) op de onderzoekslocatie

Op de onderzoekslocatie zijn, voor zover bekend, geen bodemonderzoeken uitgevoerd. 3.6

Aangrenzende terreindelen/percelen

In paragraaf 3.1 zijn de geraadpleegde informatiebronnen voor de omliggende terreindelen en aangrenzende percelen binnen 25 meter van de onderzoekslocatie opgenomen. Ten noordoosten is bebouwing aanwezig, met ten oosten van de locatie een parkeerterrein. Aan de westzijde bevindt zich de Zwaluwestraat. Aan de zuidzijde grenst de locatie aan een grasland met bomen. Van de aangrenzende percelen zijn geen bodemonderzoeksgegevens bekend. De huidige eigenaar van de onderzoekslocatie is niets bekend omtrent potentieel bodembedreigende activiteiten op aangrenzende percelen. Er vinden geen industriële activiteiten in de directe omgeving van de onderzoekslocatie plaats. Uit de verzamelde informatie blijkt, dat er vanuit de omliggende percelen geen grensoverschrijdende verontreinigingen zijn te verwachten. 3.7

Terreininspectie

Voorafgaand aan het bodemonderzoek is er een terreininspectie uitgevoerd. Deze is gericht op de identificatie van bronnen, die mogelijk hebben geleid of kunnen leiden tot een grond- en/of grondwaterverontreiniging. De tijdens de terreininspectie aangetroffen situatie komt overeen met de locatiegegevens, zoals deze zijn opgenomen in paragraaf 3.2. Op de onderzoekslocatie zijn geen mogelijke bronnen voor een grond- en/of grondwaterverontreiniging aangetroffen. Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. 3.8

Informatie lokale of regionale achtergrondgehalten

Volgens de bodemkwaliteitskaart van de Regio Rivierenland is de locatie gelegen binnen de zone ‘Buitengebied’.

Rapport 6770.001 versie D1

Pagina 3 van 9

3.9

Bodemopbouw en geohydrologie

De originele bodem bestaat volgens de bodemkaart van Nederland uit een kalkhoudende poldervaaggrond, die volgens de Stichting voor Bodemkartering voornamelijk is opgebouwd uit zware zavel en lichte klei. De afzettingen, waarin deze bodem is ontstaan, behoren geologisch gezien tot de Formatie van Echteld. De gemiddelde stand van het freatisch grondwater bedraagt ± 2,5 m +NAP, waardoor het grondwater zich op ± 0,5 m -mv zou bevinden. Het water van het eerste watervoerend pakket stroomt volgens de isohypsenkaart van de Dienst Grondwaterverkenning van TNO in noordwestelijke richting. Ten noordwesten van de onderzoekslocatie ligt het pompstation Kolff. De onttrekking van dit pompstation heeft echter geen invloed op de grondwaterstroming van het freatisch grondwater. De onderzoekslocatie ligt niet in een grondwaterbeschermings- en/of grondwaterwingebied.

4

CONCLUSIES VOORONDERZOEK (ONDERZOEKSOPZET)

De (mogelijke) aanwezigheid van de voormalige halfverharde weg ter plaatse van de onderzoekslocae tie in de eerste helft van de 20 eeuw wordt, gezien het gebruik in die periode, vooralsnog niet als verdacht aangemerkt. Uit het vooronderzoek blijkt dan ook, dat er geen sprake is van bodembelasting, anders dan een regionale of landelijke diffuse achtergrondbelasting in de grond en het grondwater. Op de locatie worden geen verontreinigende stoffen verwacht in gehalten boven de landelijk of regionaal geldende achtergrondwaarde voor grond en/of de streefwaarde voor grondwater. Dit geldt zowel voor natuurlijke achtergrondgehalten als voor "antropogene" achtergrondgehalten, waarvan de oorzaak niet eenduidig is aan te wijzen. Op basis van het vooronderzoek is geconcludeerd dat de onderzoekslocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie "onverdacht, niet lijnvormig" (ONV-NL). Bij onverdachte locaties luidt de onderzoekshypothese dat de bodem niet verontreinigd is.

Rapport 6770.001 versie D1

Pagina 4 van 9

5

VELDWERK

5.1

Algemeen

Tijdens het opstellen van het boorplan is rekening gehouden met de doelstellingen en de richtlijnen, die geformuleerd zijn in de inleiding. Daarnaast is rekening gehouden met de gegevens voortvloeiend uit het vooronderzoek en de ligging van kabels en leidingen. Bijlage 2a bevat de locatieschets met daarop aangegeven de situering van de boorpunten en de peilbuis. In bijlage 3 zijn de boorprofielen opgenomen. 5.2 5.2.1

Grondonderzoek Uitvoering veldwerk

Het veldwerk is op 30 januari 2019 uitgevoerd onder kwaliteitsverantwoordelijkheid van de heer A.G.C. Rondeel. Deze medewerker van Econsultancy staat geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2001 van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek". In het totaal zijn er met behulp van een edelmanboor 4 boringen geplaatst; 2 boringen tot 0,5 m -mv, 1 boring tot 2,0 m -mv en 1 boring tot 3,0 m -mv. Deze diepe boring is afgewerkt als peilbuis, teneinde de milieuhygiënische kwaliteit van het grondwater te kunnen bepalen. Van het opgeboorde materiaal is een boorbeschrijving conform de NEN 5104 gemaakt en zijn er grondmonsters genomen over trajecten van ten hoogste 0,5 m, waarbij bodemlagen met verontreinigingskenmerken of een afwijkende textuur separaat bemonsterd zijn. 5.2.2

Zintuiglijke waarnemingen

De bodem bestaat voornamelijk uit zwak tot matig zandige klei. De bodem is verder plaatselijk matig humeus, zwak tot matig roesthoudend, zwak tot matig siltig, zwak grindig en sterk keienhoudend. In het opgeboorde materiaal zijn zintuiglijk geen verontreinigingen waargenomen. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn op het maaiveld van de onderzoekslocatie, alsmede in de bodem, geen puin(resten) of andere asbestverdachte materialen aangetroffen. Hierbij wordt opgemerkt dat gelet op de doelstelling van het onderzoek de veldwerkzaamheden niet conform de NEN 5707 ("Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond") zijn uitgevoerd. De uitkomst van het onderzoek is met betrekking tot de parameter asbest derhalve indicatief. 5.3

Grondwateronderzoek

5.3.1

Uitvoering veldwerk

Centraal op de onderzoekslocatie is een peilbuis (filterstelling 1,5-2,5 m -mv) geplaatst. De filterstelling is bepaald op basis van de grondwaterstand, zoals deze tijdens de veldwerkzaamheden op 30 januari 2019 is ingeschat.

Rapport 6770.001 versie D1

Pagina 5 van 9

5.3.2

Bemonstering

De grondwaterbemonstering is op 8 februari 2019 uitgevoerd door de heer A.G.C. Rondeel. Deze medewerker van Econsultancy staat geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2002 van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek". De bemonstering is uitgevoerd conform de eisen uit het protocol 2002 van de BRL SIKB 2000 en de NEN 5744:2011. Tabel II geeft een overzicht van de peilbuisgegevens en de resultaten van de veldmetingen. Tabel II.

Overzicht gegevens peilbuis en veldmetingen grondwater

Peilbuisnummer

Situering peilbuis

Filterstelling (m -mv)

Grondwaterstand (m -mv)

Elektrisch Geleidingsvermogen (µS/cm)

Troebelheid (NTU)

Zuurgraad (pH)

PB 03

centraal op onderzoekslocatie

1,5-2,5

0,86

1.010

14,6

7,6

6

LABORATORIUMONDERZOEK

6.1

Uitvoering analyses

Alle grond- en grondwatermonsters zijn aangeboden aan een laboratorium dat is erkend door de Raad voor Accreditatie en AS3000-geaccrediteerd is voor milieuhygiënisch bodemonderzoek. In het laboratorium zijn in totaal 2 grondmengmonsters samengesteld (1 grondmengmonster van de bovengrond en 1 grondmengmonster van de ondergrond). De 2 grondmengmonsters en het grondwatermonster zijn geanalyseerd op de volgende pakketten: -

standaardpakket grond: droge stof, lutum en organische stof, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), polychloorbifenylen (PCB), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) en minerale olie;

-

standaardpakket grondwater: metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), vluchtige aromaten (BTEX), styreen, naftaleen, gehalogeneerde koolwaterstoffen (VOX) en minerale olie.

Tabel III geeft een overzicht van de samenstelling van de grondmengmonsters en de analysepakketten. Tabel III.

Overzicht van de samenstelling van de grondmengmonsters en de analysepakketten

Grondmengmonster

Traject (m -mv)

Analysepakket

Bijzonderheden

MM1

01 (0-50) 02 (0-50) 03 (0-30) 04 (0-30)

standaardpakket

bovengrond (zintuiglijk schoon)

MM2

03 (100-150) 03 (150-200) 04 (50-100) 04 (100-150)

standaardpakket

ondergrond (zintuiglijk schoon)

Rapport 6770.001 versie D1

Pagina 6 van 9

6.2

Toetsingskader

De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering en aan de achtergrondwaarden voor grond uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage B, tabel 1). Dit toetsingskader voor de beoordeling van de gehalten en/of concentraties van verontreinigingen is gegeven in de toetsingstabel en bevat voor grond en grondwater elk drie te onderscheiden waarden met de verschillende niveaus: -

achtergrondwaarde: deze waarde ("AW") geeft de gehalten aan zoals die op dit moment voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen;

-

streefwaarde: deze waarde ("S") geeft het milieukwaliteitsniveau aan voor grondwater, waarbij als nadelig te waarderen effecten verwaarloosbaar worden geacht;

-

tussenwaarde: deze waarde ("T") is de helft van de som van de achtergrondwaarde (of in het geval van grondwater de streefwaarde) en de interventiewaarde. De tussenwaarde is de concentratiegrens waarboven in beginsel nader onderzoek moet worden uitgevoerd, omdat het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bestaat;

-

interventiewaarde: deze waarde ("I") geeft het niveau voor verontreinigingen in grond en grondwater aan waarboven ernstige vermindering of dreigende vermindering optreedt van de functionele eigenschappen, die de bodem heeft voor mens, plant of dier. Bij gehalten en/of concentraties boven de interventiewaarde is er sprake van een sterke verontreiniging. Bij overschrijding van de interventiewaarde wordt vaak een nader onderzoek uitgevoerd om de ernst van de verontreiniging en de spoedeisendheid van de sanering te bepalen. Wanneer het boven de tussenwaarde of interventiewaarde gelegen gehalte een natuurlijke oorsprong heeft, is uitvoering van vervolgonderzoek meestal niet noodzakelijk.

In bijlage 5 is de toetsingstabel opgenomen uit de eerder genoemde circulaires. Deze bijlage bevat de achtergrondwaarden en de interventiewaarden voor een standaardbodem (10% organische stof en 25% lutum). De gemeten gehalten zijn door middel van een BoToVa-toetsing, met behulp van de door het laboratorium bepaalde waarden voor het organische stof- en lutumgehalte, omgerekend naar gehalten in een standaardbodem en vervolgens getoetst. De gebruikte analysetechnieken zijn weergegeven op de certificaten in bijlage 4a. Om de mate van verontreiniging aan te geven wordt de volgende terminologie gebruikt: Grond: - niet verontreinigd: - licht verontreinigd: - matig verontreinigd: - sterk verontreinigd:

gehalte < achtergrondwaarde en/of detectielimiet; gehalte > achtergrondwaarde en < tussenwaarde; gehalte > tussenwaarde < interventiewaarde; gehalte > interventiewaarde.

Grondwater: - niet verontreinigd: - licht verontreinigd: - matig verontreinigd: - sterk verontreinigd:

concentratie < streefwaarde en/of detectielimiet; concentratie > streefwaarde en < tussenwaarde; concentratie > tussenwaarde < interventiewaarde; concentratie > interventiewaarde.

Rapport 6770.001 versie D1

Pagina 7 van 9

6.3

Resultaten grond- en grondwatermonsters

Tabel IV geeft een overzicht van de parameters in de grond die de geldende toetsingskaders overschrijden. Tabel IV.

Overschrijdingen toetsingskaders grond

Grondmengmonster

Traject (m -mv)

Gehalte > AW

Gehalte > T

Gehalte > I

(licht verontreinigd)

(matig verontreinigd)

(sterk verontreinigd)

MM1

01 (0-50) 02 (0-50) 03 (0-30) 04 (0-30)

PAK

-

-

MM2

03 (100-150) 03 (150-200) 04 (50-100) 04 (100-150)

nikkel

-

-

Tabel V geeft een overzicht van de parameters in het grondwater die het geldende toetsingskader overschrijden. Tabel V.

Overschrijdingen toetsingskader grondwater

Grondwatermonster PB 03

Situering peilbuis centraal op onderzoekslocatie

Concentratie > S

Concentratie > T

Concentratie > I

(licht verontreinigd)

(matig verontreinigd)

(sterk verontreinigd)

barium

-

-

Bijlage 4a bevat de door het laboratorium aangeleverde analysecertificaten. Bijlage 4b bevat de getoetste analyseresultaten.

Rapport 6770.001 versie D1

Pagina 8 van 9

7

SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES

BügelHajema heeft aan Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek op de locatie Van Pallandtweg 1 te Neerijnen. Het bodemonderzoek is uitgevoerd in het kader van Omgevingsvergunning. Op basis van het vooronderzoek is geconcludeerd dat de onderzoekslocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie "onverdacht" (ONV). De bodem bestaat voornamelijk uit zwak tot matig zandige klei. De bodem is verder plaatselijk matig humeus, zwak tot matig roesthoudend, zwak tot matig siltig, zwak grindig en sterk keienhoudend. In het opgeboorde materiaal zijn zintuiglijk geen verontreinigingen waargenomen. Er zijn op basis van het vooronderzoek, tijdens de terreininspectie en bij de uitvoering van de veldwerkzaamheden geen aanwijzingen gevonden, die aanleiding geven een asbestverontreiniging op de locatie te verwachten. Hierbij wordt opgemerkt dat gelet op de doelstelling van het onderzoek de veldwerkzaamheden niet conform de NEN 5707 ("Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond") zijn uitgevoerd. De uitkomst van het onderzoek is met betrekking tot de parameter asbest derhalve indicatief. De bovengrond is licht verontreinigd met PAK. De ondergrond is licht verontreinigd met nikkel. Voor de aangetroffen verontreinigingen in de grond heeft Econsultancy vooralsnog geen verklaring.

In het grondwater is een lichte bariumverontreiniging aangetroffen. Deze metaalverontreinigingen zijn hoogstwaarschijnlijk te relateren aan regionaal verhoogde achtergrondconcentraties van metalen in het grondwater. Conclusie en advies De vooraf gestelde hypothese, dat de onderzoekslocatie als "onverdacht" kan worden beschouwd wordt, op basis van de lichte verontreinigingen, verworpen. Echter, gelet op de aard en mate van verontreiniging, bestaat er géén reden voor een nader onderzoek en bestaan er met betrekking tot de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem géén belemmeringen voor de nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Er zijn op basis van het vooronderzoek, tijdens de terreininspectie en bij de uitvoering van de veldwerkzaamheden aanwijzingen gevonden die aanleiding geven een asbestverontreiniging op de locatie te verwachten. Een verkennend onderzoek asbest in bodem wordt dan ook niet noodzakelijk geacht. Algemeen Indien er bij werkzaamheden grond vrijkomt die niet op de locatie kan worden hergebruikt, zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit of de regionale bodemkwaliteitskaart van toepassing.

Econsultancy Doetinchem, 21 februari 2019

Rapport 6770.001 versie D1

Pagina 9 van 9

Bijlage 1

Topografische ligging van de locatie

Schaal 1:25.000 Deze kaart is noordgericht

Legenda Symbolen:

Polygonen:

Boringen:

Asfalt

Ontgravingsvak

Boring tot 0,5 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 0,5 m -mv

Klinker

Saneringslocatie

Boring tot 1,0 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 1,0 m -mv

Beton

Partij ontgraven grond

Boring tot 1,5 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 1,5 m -mv

Ontgravingsdiepte (m -mv)

Toekomstige bebouwing

Boring tot 2,0 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 2,0 m -mv

Partijhoogte (m +mv)

Voormalige bebouwing

Boring tot 2,5 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 2,5 m -mv

Opnamerichting foto

Asfaltverharding

Boring tot 3,0 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 3,0 m -mv

Vloeistofdichte vloer

Reparatievak asfalt

Boring tot 3,5 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 3,5 m -mv

Prefab betonnen vloerplaat

Opslagtank (bovengronds)

Boring tot 4,0 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 4,0 m -mv

Tegels

Opslagtank (bovengronds in lekbak)

Boring tot 4,5 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 4,5 m -mv

Golfplaat (asbest verdacht)

Opslagtank (ondergronds)

Boring tot 5,0 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 5,0 m -mv

Boom

Struweel

Peilbuis (diep)

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + peilbuis (diep)

Bos

Haag

Peilbuis

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + peilbuis

Boring voorgaand onderzoek tot 0,5 m -mv

Kernboring 80 mm

Boring voorgaand onderzoek tot 1,0 m -mv

Kernboring 120 mm

Boring voorgaand onderzoek tot 1,5 m -mv

Kernboring 120 mm + boring tot 0,5 m -mv

Boring voorgaand onderzoek tot 2,0 m -mv

Kernboring 120 mm + boring tot 1,0 m -mv

Struiken Gras

Lijnen:

Water

Bebouwing

Braak

Grens onderzoekslocatie

Grind

Toekomstige bebouwing

Onverhard

Voormalige bebouwing

Puinverharding

Beschoeiing

Talud

Hekwerk

Boring voorgaand onderzoek tot 3,5 m -mv

Spoorlijn

Boring voorgaand onderzoek tot 4,0 m -mv

Wandmonster

Boring voorgaand onderzoek tot 4,5 m -mv

Kernboring 120 mm + boring tot 4,0 m -mv

Boring voorgaand onderzoek tot 5,0 m -mv

Kernboring 120 mm + boring tot 4,5 m -mv

Spoorbaan Fietspad Parkeerplaats

Verontreiniging:

Trafo Pomp Olie/vetafscheider Mangat Riool inspectieput Zinkput Ontluchting Vulpunt Sleuf asbestonderzoek 200x40x50cm

Boring voorgaand onderzoek tot 3,0 m -mv

Kernboring 120 mm + boring tot 1,5 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 2,0 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 2,5 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 3,0 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 3,5 m -mv

Peilbuis voorgaand onderzoek (diep)

Kernboring 120 mm + boring tot 5,0 m -mv

Niet verontreinigd

Peilbuis voorgaand onderzoek

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 0,5 m -mv

Gehalte >AW/S-waarde

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 1,0 m -mv

Gehalte >T-waarde

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 0,5 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 1,5 m -mv

Gehalte >I-waarde

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 1,0 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 2,0 m -mv

Niet verontreinigd

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 1,5 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 2,5 m -mv

AW/S-waarde contour

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 2,0 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 3,0 m -mv

T-waarde contour

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 2,5 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 3,5 m -mv

I-waarde contour

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 3,0 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 4,0 m -mv

Niet verontreinigd

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 3,5 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 4,5 m -mv

AW/S-waarde contour

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 4,0 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 5,0 m -mv

T-waarde contour

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 4,5 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + peilbuis (diep)

I-waarde contour

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 5,0 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + peilbuis

Niet verontreinigd

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + peilbuis (diep)

Boring tot 0,5 m -waterbodem

Licht verontreinigd

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + peilbuis

Boring tot 1,0 m -waterbodem

Matig verontreinigd

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm

Duiker Voormalige duiker

Boring voorgaand onderzoek tot 2,5 m -mv

Sterk verontreinigd Verontreinigingsgraad onbekend Vindplaats asbestverdacht materiaal op maaiveld

Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie

Foto 1.

Foto 2.

Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie

Foto 3.

Foto 4.

Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie

Foto 5.

Foto 6.

Bijlage 3

Boorprofielen

Pagina1 van 1

Boring:

01

Boring: 0

0

gras

02 0

0

Klei, zwak zandig, matig humeus, donker bruingrijs, Edelmanboor

Klei, zwak zandig, matig humeus, donker bruingrijs, Edelmanboor

1

Boring:

1 50

50

Boring: 0

gras

04 0

0

Klei, matig zandig, matig keien, grijsbruin, Edelmanboor

1

50

50

03

0

30

Klei, zwak zandig, bruingrijs, Edelmanboor

2

2 50

50

60

3 90

Klei, zwak zandig, zwak roesthoudend, lichtbruin, Edelmanboor Klei, zwak siltig, matig roesthoudend, neutraalgrijs, Edelmanboor

100

gras Klei, matig zandig, sterk keien, grijsbruin, Edelmanboor

1

30

50

gras

Klei, zwak zandig, matig roesthoudend, licht grijsbruin, Edelmanboor

3 100

100

4

Klei, zwak siltig, zwak roesthoudend, lichtgrijs, Edelmanboor

4

150

Zand, matig fijn, matig siltig, zwak grindig, lichtbruin, Edelmanboor

150 160

5

Klei, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor

5

200

200

200

210

Klei, zwak zandig, lichtgrijs, Edelmanboor 250

300

300

Projectcode: 6770.001 getekend volgens NEN 5104

Bijlage 4a Analysecertificaten

Econsultancy T.a.v. Marieke Ellenkamp Rijksweg Noord 39 6071 KS SWALMEN

Analysecertificaat Datum: 01-Feb-2019

Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer/Versie Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monster(s) ontvangen

2019012755/1 6770.001

30-Jan-2019

Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. De analyse resultaten hebben alleen betrekking op het beproefde object. De grondmonsters worden tot 4 weken na datum ontvangst bewaard en watermonsters tot 2 weken na datum ontvangst. Zonder tegenbericht worden de monsters nadien afgevoerd. Indien de monsters langer bewaard dienen te blijven verzoeken wij U dit exemplaar uiterlijk 1 werkdag voor afloop van de standaardbewaarperiode ondertekend aan ons te retourneren. Voor de kosten van het langer bewaren van monsters verwijzen wij naar de prijslijst.

Bewaren tot: Datum:

Naam:

Handtekening:

Wij vertrouwen erop uw opdracht hiermee naar verwachting te hebben uitgevoerd, mocht U naar aanleiding van dit analysecertificaat nog vragen hebben verzoeken wij U contact op te nemen met de afdeling Verkoop en Advies.

Met vriendelijke groet, Eurofins Analytico B.V.

Ing. A. Veldhuizen Technical Manager

Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL

Tel. +31 (0)34 242 63 00 BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Fax +31 (0)34 242 63 99 IBAN: NL71BNPA0227924525 E-mail info-env@eurofins.nl BIC: BNPANL2A Site www.eurofins.nl KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01

Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2004 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).

Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.westbetuwe.nl/api/v1/meetings/329/documents/8001