CConstaterende datWest Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

IN052-bijlage-VNG-Gelderland-Rapportage-Perspectief-voor-de-Veren.pdf

Lijst ingekomen stukken 27 juni 2023, gemeente West BetuweBij agendapunt: C: C Informatie vanuit het college van B&W10.567 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

21

noodzakelijk is om op langere termijn in de vaart te kunnen blijven, kan dit fonds ingezet worden. Het gaat nadrukkelijk niet om bijdragen in de exploitatie. Aangezien het om leningen gaat, blijft het fonds beschikbaar op langere termijn. Aflossing en rente kunnen opnieuw geïnvesteerd worden. 6. Actieve rol provincie De gemeenten hebben een regierol waar het gaat om te komen tot afspraken per veer. Daarbij kunnen ze gebruik maken van het model. De provincie kan samen met de regio’s voor instandhouding en ontwikkeling van het model zorgen. Jaarlijks moet daarvoor door de provincie een bijeenkomst met alle oevergemeenten en exploitanten belegd worden. Er wordt dan samen met exploitanten, brancheorganisaties, gebruikersorganisaties en gemeenten gesproken over de ontwikkelingen met betrekking tot de veren in Gelderland. Deze informatie-uitwisseling is nodig, om tijdig de ontwikkeling van de veren te kunnen beoordelen, met name na de afronding van het Verenfonds. 7. Tarieven omhoog, zorg voor dagelijkse gebruikers In de overeenkomst tussen gemeenten en exploitanten worden afspraken gemaakt over een stapsgewijze verhoging van de tarieven, om tot een betere balans tussen kosten en baten te komen. Daarbij worden tevens afspraken gemaakt over betaalbare abonnementen voor veelgebruikers (zoals scholieren en forenzen). 8.

Samenwerking exploitanten De samenwerking tussen exploitanten is onderdeel van oplossingen voor de langere termijn. Brancheorganisaties hebben meegedacht aan de ontwikkeling van het model. Ook in de toekomst werken ze mee aan de doorontwikkeling daarvan. Waar mogelijk wordt

22

VNG Gelderland

nagedacht over uitwisseling van kennis of het zoeken van voordelen door gezamenlijke inkoop. De brancheorganisaties werken mee een de organisatie van een jaarlijkse bijeenkomst met provincie en gemeenten. 9. Gemeenten zorgen voor goede infrastructuur De gemeenten zorgen – samen met de exploitant – voor de weg naar het veer, veerstoep en aankleding. Het gaat dan onder meer over fietsenstalling, zitbankjes of schuilgelegenheid bij regen. Overheden zorgen voor een goede bewegwijzering. De gemeente pakt hierbij de regie. Waar nodig zoekt de gemeente samenwerking met Rijkswaterstaat om het water bevaarbaar te houden en de veerstoep bereikbaar. Aangezien dit knelpunt zich bij meerdere veren voordoet zorgt VNG Gelderland voor afspraken met Rijkswaterstaat. 10. Maatschappelijk belang Bijdragen aan de instandhouding van de veren dienen een maatschappelijk belang. Het gaat dan met name om (duurzame) mobiliteit, instandhouding van routenetwerken (wandelen en fietsen), recreatie en toerisme, duurzaamheid en (wellicht als belangrijkste) de leefbaarheid van het platteland in het Rivierengebied. Enkele veren in het Rivierengebied zijn - ondanks een relatief klein gebruik - van groot belang voor de leefbaarheid van het gebied. Het beperken van de diensten van deze veren, in combinatie met onaanvaardbaar grote omrijdroutes kan tot isolatie van het achterland leiden.

De diversiteit van de veerverbindingen is dermate groot, dat het niet eenvoudig naar één maatschappelijk thema ingedeeld kan worden. Door bijvoorbeeld alleen te kijken naar het exploitatietekort bij veren die onderdeel uitmaken van het fietsnetwerk, wordt voorbijgegaan aan andere maatschappelijke belangen, zoals een leefbaar rivierengebied.

8 VOORSTELLEN

Bovenstaande leidt tot de onderstaande voorstellen en adviezen aan gebruikers, exploitanten, gemeenten, provincie en stichting veren Gelderland. Het is aan iedere betrokkene om op basis hiervan besluiten te nemen. Waar nodig in overleg met andere betrokkenen. De basis voor een toekomstbestendig verenbestand ligt in een goede samenwerking tussen overheden, betrokken partijen en belanghebbenden. Het is van belang, dat niet naar elkaar gewezen wordt, maar samen aan perspectief voor de veren gewerkt wordt. Gebruikers - De gebruikers van de veren gaan meer betalen. Daarvoor krijgen ze meer zekerheid, dat de meeste veren in de vaart kunnen blijven. - Organisaties van de gebruikers van de veren worden betrokken bij jaarlijkse bijeenkomst in Gelderland en geïnformeerd over besluitvorming op basis van deze adviezen. - Met organisaties wordt gesproken over optimale informatie voor (potentiële) gebruikers. - Diverse belanghebbenden bij de veren (zoals horecaondernemers, BenB’s langs wandel/ fietsroutes, werkgevers, etc.) kunnen betrokken worden bij de exploitatie van de veren en daar een (financieel) aandeel in leveren. Exploitanten - Per veer werken exploitanten samen met de oevergemeenten aan afspraken, voor korte en langere termijn. Daarbij wordt gebruik gemaakt van het model.

- Exploitanten zijn bereid hun bedrijfsgegevens te delen met oevergemeenten bij de inzet van het model en het vastleggen van afspraken. - De exploitanten werken beter samen in brancheorganisaties. - Er wordt meegewerkt aan inzet en doorontwikkeling van het model. - De branche werkt mee aan een jaarlijkse bijeenkomst met gemeenten en provincie - Waar mogelijk wordt gezocht naar het delen van kennis en mogelijkheden van gezamenlijke inkoop

Oevergemeenten - Oevergemeenten hebben de regie bij het maken van afspraken per veer en de inzet van het model: er wordt per veer tenminste eenmaal per jaar een overleg gepland tussen de beide oevergemeenten en de exploitant van het veer - Met de inzet van het model worden afspraken gemaakt over inkomsten en uitgaven per veer, inclusief de hoogte van de tarieven en een exploitatiesubsidie van de gemeente - Bij een exploitatietekort groter dan € 50.000, wordt (op basis van de vooraf vast te stellen voorwaarden) 50% door de beide gemeenten betaald en 50% door de provincie. - In de afspraken over de tarieven worden betaalbare abonnementen mogelijk gemaakt, indien nodig met een bijdrage van de gemeente. - De gemeenten zorgen – samen met de exploitant – voor de weg naar het veer, goede bewegwijzering, veerstoep en aankleding. - Gemeenten en provincie stemmen af met Rijkswaterstaat over de bevaarbaarheid van het water en bereikbaarheid van de veerstoep. Er wordt overlegd over het baggeren, waar dat nodig is. Provincie - De actieve rol van de provincie wordt ingevuld, door jaarlijks een bijeenkomst over de veren te organiseren, met oevergemeenten en exploitanten. Provincie zorgt samen met de bracheorganisaties van exploitanten voor instandhouding en doorontwikkeling van het model.

Provincie zorgt voor een goede informatie-uitwisseling om jaarlijks de ontwikkeling van de veren te volgen. - De provincie ontwikkelt een revolverend fonds, waaruit leningen beschikbaar gesteld kunnen worden ten behoeve van investeringen voor innovatie, vervanging en duurzaamheid voor veren. Exploitanten zorgen voor aflossing en rente, waardoor het fonds beschikbaar blijft voor nieuwe investeringen. Dit fonds heeft geen directe invloed op de exploitatie. - Indien bij het hanteren van het model een (door VNG Gelderland

23

betrokken partijen onderkent) tekort ontstaat waarbij de gemeenten meer dan €50.000 bijdragen in de exploitatie, draagt de provincie voor 50% bij aan dit tekort. Voorwaarde is wel, dat er gezamenlijk meerjarige afspraken worden gemaakt, gericht op afbouw van het jaarlijkse tekort. De provincie spant zich in, om - in overleg met de buurprovincies – tot een zelfde regeling te komen, voor al die gevallen waar een oevergemeente in een andere provincie ligt.

Stichting Veren Gelderland - De Stichting zorgt voor uitkeringen uit het Verenfonds aan gemeenten, conform de afspraken in het stichtingsbestuur van oktober 2022. - Het stichtingsbestuur neemt besluiten over beëindiging van de stichting en afronding van het Verenfonds.

9 VERVOLG

Nadat de stuurgroep heeft ingestemd met de verspreiding van deze rapportage, inclusief de adviezen voor de diverse betrokken organisaties, kan de werkgroep verder aan de slag met de uitwerking van de diverse onderdelen. Voor een verdere uitwerking is afstemming en besluitvorming door diverse organisaties noodzakelijk. Deze rapportage zal worden toegestuurd naar de diverse betrokkenen, met het verzoek om op korte termijn te reageren op de voorstellen, zoals ze hier met name voor de betrokken organisatie zijn gedaan. Aan allen wordt tevens gevraagd aan te geven op welke termijn besluitvorming kan plaats vinden. Voor de termijnen is het van belang, dat het Verenfonds in 2024 leeg is. Dat vraagt om besluitvorming in de loop van dit jaar (2023). We streven naar besluitvorming voor de zomer van 2023. Daarna zal de werkgroep opgeheven worden.

24

VNG Gelderland

VNG Gelderland

25

10 BIJLAGE

Samenstelling Stuurgroep: Loes van der Meijs, voorzitter (namens VNG Gelderland, burgemeester Doesburg) Gea Hofstede, wethouder Rheden Eric Jan de Haan, wethouder Lochem Ans Mol, wethouder West Maas en Waal (tevens lid van bestuur Stichting Veren Gelderland) Frank Groen, wethouder Tiel (tevens lid van bestuur Stichting Veren Gelderland) Stefan van Someren, wethouder Neder-Betuwe (tevens portefeuillehouder Rivierenland) Adviseurs: Leo Bezemer en Jan Wijnia Samenstelling werkgroep Jan Wijnia, voorzitter (Programmaregisseur toekomstbestendige veren) Leo Bezemer, VNG Gelderland Perry Ceelen, Regio Rivierenland Arie van der Staaij, gemeente Neder-Betuwe Rolf Kloosterman, provincie Gelderland John Hendriks, externe deskundige Jan Fijan, provincie Gelderland (Stichting Veren Gelderland)

26

VNG Gelderland

VNG Gelderland

27

VNG Gelderland

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.westbetuwe.nl/api/v1/meetings/640/documents/12726