IN007-bijlage-AB-23-02-16-voorstel-Inzet-papierverenigingen.pdf
Tekst van het document
Aan
:
Algemeen bestuur
Vergadering Agendapunt Van
: : :
16 februari 2023 7.1, ter besluitvorming Dagelijks bestuur
Onderwerp
:
Inzet verenigingen bij de papierinzameling
Voorstel 1. Kennis nemen van de notitie “Samenwerken met verenigingen, kerken en andere maatschappelijke organisaties1”. 2. Alternatieve mogelijkheden en taken (bij gemeenten en bij Avri) voor verenigingen aanbieden als alternatief voor de papierinzameling. 3. De uitgangspunten vaststellen voor de alternatieve mogelijkheden en taken die Avri aanbiedt. 4. In 2023 de alternatieve mogelijkheden en taken uitwerken door de gemeenten en respectievelijk Avri. 5. De kosten voor de alternatieve taken van Avri te dekken uit het pluspakket. 6. Vanaf 1 januari 2024 te stoppen met de inzet van verenigingen bij de inzameling van papier. 7. De vergoeding aan de verenigingen in drie jaar af te bouwen met achtereenvolgens 75%, 50%, 25%. 8. De afbouwkosten ten laste laten komen van het basispakket, uitgaande van een inspanningsverplichting van de verenigingen om per 1-1-2024 zoveel mogelijke alternatieve werkzaamheden te hebben.
Inleiding Sinds 1999 zamelt Avri in samenwerking met de vrijwilligers van 83 verenigingen papier in. Deze samenwerkingen verlopen goed en draagt bij aan het draagvlak bij bewoners voor het gescheiden inzamelen van papier. De papierinzameling is in het basispakket opgenomen en hiermee dragen alle gemeenten naar evenredigheid bij aan de kosten voor papierinzameling middels verenigingen. In diverse gremia (Dagelijks en Algemeen bestuur, platformbijeenkomsten en diverse raadsinformatiebijeenkomsten) is de inzet van vrijwilligers de afgelopen jaren regelmatig besproken, zonder dat over de inzet van vrijwilligers besluitvorming heeft plaatsgevonden. Over het algemeen is er begrip voor de wens om te stoppen met de inzet van vrijwilligers. Het uitgangspunt dat subsidiering van verenigingen de verantwoordelijkheid van de gemeenten is, wordt breed onderschreven. Ook is er bewustzijn dat de continuïteit bij de verenigingen belangrijk is. In de notitie samenwerking papierverenigingen is een overzicht van de huidige situatie opgenomen en is het nieuwe beleid beschreven. Beoogd effect Het effect is samengesteld uit meerdere elementen: Recht doen aan het feit dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor subsidies aan verenigingen. Het voorkomen van onveilige situaties door het werken met vrijwilligers. Op termijn lagere bedrijfsvoering kosten van Avri en dus een lagere afvalstoffenheffing.
Het stoppen van een ongelijke verdeling van de beschikbare vergoedingen aan de verenigingen. Verenigingen alternatieve inzet en vergoeding bieden. Argumenten 1.1. De notitie beschrijft de huidige situatie, de mogelijke toekomstige situatie en de overgangsregeling. Deze notitie kan gebruikt worden voor het politieke besluitvormingsproces, om de verenigingen te informeren en om het gesprek te starten over mogelijke alternatieven. Tevens bevat het een overzicht van de vergoeding per vereniging. 2.1 Uit de pilot “schoonmaken ondergrondse containers” blijkt dat alternatieve inzet mogelijk is. Avri kan niet voor alle verenigingen alternatieve inzet bieden. Over de hoogte van de vergoeding is nog geen voorstel gedaan, maar een ontkoppeling met de papiervergoeding ligt voor de hand. Gemeenten en Avri gaan beiden op zoek naar alternatieve inzet voor alle verenigingen. 1
Hierna zullen de verenigingen, kerken en andere maatschappelijke organisaties aangeduid worden met “verenigingen”.
1
3.1 Het is belangrijk dat Avri kaders meekrijgt waaraan alternatieve taken getoetst kunnen worden. De uitgangspunten voor alternatieve inzet zijn: Er is budget beschikbaar bij Avri of gemeenten De werkzaamheden kunnen veilig en zelfstandig worden uitgevoerd. Voor de taken bij Avri geldt dat de werkzaamheden binnen het werkpakket van Avri passen en geen wezenlijke inzet van Avri medewerkers vraagt voor begeleiding. Het is aan de gemeenten om zelf kaders in te vullen voor de taken die zij eventueel gaan aanbieden. 3.2. De uitgangspunten zijn op deze wijze benoemd in het besloten AB van 23 september 2021. 4.1 Het is mogelijk om de vrijwilliger op professionele wijze in te zetten. Hiermee moeten de vrijwilligers aan dezelfde eisen voldoen als regulier personeel, zoals tijdig starten, regelmatige inzet om routine te houden, werkkleding, bijwonen toolboxmeeting en aanspreekbaar door teamleider2. 4.2 Nog niet alle mogelijkheden voor alternatieve taken zijn onderzocht. Ambtelijk (Gemeenten en Avri) is gestart met een inventarisatie van mogelijke alternatieve taken voor inzet van vrijwilligers tegen een vergoeding.4.3. Verenigingen kunnen zich inzetten voor grondstoffenscheiding van hun afval. Dit kan de financiële gevolgen voor de verenigingen verzachten. Avri zou mogelijk gunstige inzamelcontracten (voor grondstoffen) aanbieden aan de verenigingen.
Het kan zijn dat het wettelijk niet mag om verenigingen een gunstig contract aan te bieden (wet Markt en Overheid). En als het kan, is het belangrijk om de financiële gevolgen voor het bedrijfsafval in kaart te brengen. Dit moet nog onderzocht worden. 5.1 De vergoeding voor de verenigingen voor de papierinzameling is onderdeel van het basispakket. Hiermee is het logisch om de afbouwkosten ook in het basispakket te laten vallen. Daarnaast betekent opnemen in het pluspakket dat er 8 extra tarief-regels in de tarieventabel opgenomen worden. Dit brengt extra kosten met zich mee en maakt de tarieventabel onnodig complex. 6.1 De inzet van vrijwilligers in de papierinzameling is niet meer veilig. Avri kan de veiligheid van de vrijwilligers niet meer garanderen. Het risico dat er gevaarlijke situaties ontstaan, is groot. Het wordt steeds lastiger om de veiligheid van de vrijwilligers te waarborgen. Avri is aansprakelijk en loopt hierdoor meer risico. De oorzaken dat de veiligheid onder druk is komen te staan zijn: Inzamelen is een professioneel vak en vrijwilligers worden incidenteel ingezet waardoor routine bij de vrijwilligers ontbreekt. De inzameling van papier vindt voornamelijk plaats in de avonduren. Met name in de wintermaanden is dit dus in het donker. De leeftijd van de vrijwilligers wordt steeds hoger.
Een aantal verengingen hebben moeite om vrijwilligers bereid te vinden om in te zamelen. 6.2 Avri kan de inzameling zelf uitvoeren tegen lagere kosten Het inzamelen door Avri leidt tot een mogelijke verlaging van de afvalstoffenheffing van € 3 tot € 4 per huishouden per jaar. 7.1 De gevolgen voor de verenigingen zijn groot, gemeenten willen hiervoor een oplossing vinden. Gemeenten organiseren zelf subsidies en vergoedingen aan verenigingen, zonder de papierinzameling met vrijwilligers. Dat kan subsidie zijn, maar ook alternatieve taken waarvoor een vergoeding wordt gegeven. Gemeenten kunnen dan ook denken aan andere alternatieve taken, zoals het onderhoud van de begraafplaatsen, het bezorgen van post of het verzorgen van voorlichting. 7.2 De verenigingen moeten de kans krijgen om te anticiperen op de toekomst. Verenigingen krijgen een afbouwregeling aangeboden. De voorwaarden voor de afbouwregeling zijn: Na het stoppen met de inzet bij de papierinzameling ontvangen de verenigingen nog drie jaar een vergoeding. De vergoeding wordt afgebouwd met een percentage van de vergoeding voor het aantal aansluitingen in het laatste jaar van inzameling. In het eerste jaar na het stoppen ontvangen de verenigingen 75% (2024) , daarna achtereenvolgens 50% (2025) en 25% (2026). 2
Deze opsomming is indicatief en niet limitatief.
2
-
Vanaf 2027 stopt de vergoeding. De vergoeding vanuit de afbouwregeling plus de vergoeding voor de alternatieve taken mag tijdens de overgangsperiode in het lopende jaar nooit meer zijn dan van de vergoeding voor het aantal aansluitingen in het laatste jaar van inzameling.
Kanttekeningen Er zijn geen kanttekeningen. Communicatie De verenigingen zullen worden geïnformeerd over de stappen van het bestuurlijke proces. Financiën Het inzamelen door Avri leidt tot een mogelijke verlaging van de afvalstoffenheffing van € 3 tot € 4 per huishouden per jaar t.b.v. programma basispakket. Dit is zonder de kosten voor de afbouwregeling. De afbouwregeling komt ten laste van het basispakket. De financiële gevolgen van de afbouwregeling zijn:
2023 Afbouwpercentage Vergoeding (begroting 2023)
730.000
Aandeel vergoeding in afvalstoffenheffing
€
7,30
€
2024
2025
2026
75%
50%
25%
547.500
365.000
182.500
5,48
€
3,65
€
1,83
De gevolgen voor de afvalstoffenheffing van het mogelijk voordeel van de uitvoering door Avri en de kosten van de afbouwregeling samen zijn: 2023
2024
2025
2026
Mogelijk voordeel
€
-3,00
€
-3,50
€
-4,00
Afbouwregeling
€
5,48
€
3,65
€
1,83
Afvalstoffenheffing
€
2,48
€
0,15
€
-2,18
Uitvoering Na besluitvorming zullen de verenigingen in samenwerking met de gemeenten worden geïnformeerd over dit besluit. In 2023 zullen Avri en de gemeenten samen verschillende alternatieven uitwerken. Hierbij is een actieve rol voor het RBA weggelegd. De financiële, materiele en personele gevolgen van het stoppen van de inzet van vrijwilligers zullen in een plan van aanpak worden uitgewerkt. Dit plan van aanpak zal in de eerste helft van 2023 gereed zijn en zal ter besluitvorming aan het DB worden aangeboden. De financiële gevolgen zullen in de begrotingen vanaf 2024 worden meegenomen. Bijlage 1. Notitie: Samenwerking verenigingen, kerken en andere maatschappelijke organisaties.
3