IN001 Bijlage 2 Aanvullingen RPW 2020 -2024.pdf
Tekst van het document
Bijlage: Aanvullingen RPW 2020-2024: 1. Vraagstuk 1: concrete ambities/doelstellingen ten aanzien van duurzaamheid In haar schrijven aan de portefeuillehouder verzoekt GS Regio Rivierenland om, zowel voor de aanleg van nieuwe als reeds bestaande terreinen, meer concrete ambities en doelen te formuleren op het gebied van duurzaamheid. Met betrekking tot duurzaamheid is op dit moment het volgende opgenomen in het RPW 2020-2024: -
-
Voor nieuwe terreinen worden de (fysiek-ruimtelijke) kwaliteitseisen vastgelegd. Bedrijven op het nieuwe terrein worden hieraan gecommitteerd en er worden gestimuleerd deel te nemen aan een vorm van collectiviteit (bijv. parkmanagement) of een andere samenwerkingsvorm waarbij een organisatiegraad onder de eindgebruikers tot stand komt. Eindgebruikers worden aangemoedigd samen te werken op het gebied van het thema Duurzaam en Gezond. Hierbij kan gebruik worden gemaakt van beschikbare regionale kennis. Innovatieve projecten kunnen via Fruitdelta aanspraak maken op het regionale investeringsfonds (RIF) dan wel andere middelen van de gemeenten voor financiële ondersteuning.
Uit: RPW 2020-2024.
1.1
Voorstel aanvullende regionale aanpak middels RPW 2021:
Duurzaamheid en de transitie naar een meer circulaire leefomgeving zijn belangrijke opgaven, waarbij werklocaties een strategische rol kunnen spelen. Integraal worden deze transitie-opgaven aangepakt, onder meer met behulp van de Regionale Energie Strategie (RES), de Regionale Adaptatie Strategie (RAS) en de FruitDelta Gebiedsagenda. De opgaven op het terrein van circulariteit, de energietransitie en duurzaamheid zijn van toepassing op reguliere lokale en regionale bedrijventerreinen (incl. watergebonden en bijzondere werklocaties). Zowel bij de ontwikkeling van nieuwe terreinen als met het oog op bestaande terreinen, worden de duurzaamheidsdoelstellingen toegepast, waarbij rekening gehouden wordt met de locatie-specifieke situatie. Voor de uitbreiding of aanleg van nieuwe bedrijventerreinen betekent dit (aanvullend op de reeds gemaakte afspraken in het RPW) concreet het volgende: 1. Invoer van parkmanagement of een andere vorm van organisatiegraad; 2. Stellen van eisen aan de dakconstructie van nieuwe bedrijfspanden geschikt voor duurzame toepassingen die bijdragen aan de toekomstbestendigheid van het pand; 3. Het streven hierbij is het maximaal benutten van daken voor zonnepanelen bij nieuwe bedrijventerreinen, onder de voorwaarde dat de infrastructurele netwerkcapaciteit toereikend hiervoor is. 4. Gasloos bouwen (tenzij noodzakelijk voor het productieproces); 5.
Stimuleren uitwisseling restwarmte, elektriciteit en grondstoffen binnen het terrein en de directe omgeving ; 6. Het reserveren van ruimte voor bijvoorbeeld (elektrische) oplaadpunten, waterstof tanken, batterij/voorzieningen t.b.v. opslaan elektriciteit;
Pagina 2 van 5
7. Streven naar het opstellen van een materialenpaspoort voor gebouwen bij nieuwbouw als onderdeel van een meer circulaire leefomgeving; 8. Stimuleren klimaatadaptatie overeenkomstig het bestuursakkoord Klimaatadaptatie (2018): voldoende waterberging, opslag op eigen terrein, natuur inclusief bouwen en het vergroenen van de openbare (en private) ruimte waardoor samen een goede groene structuur en aantrekkelijkere omgeving ontstaat waarbij stimuleren van biodiversiteit een belangrijke rol heeft; 9. Streven naar een hoogwaardige duurzaamheids-certificering op zowel pand- als gebiedsniveau bij XXL-Logistiek (indien redelijkerwijs mogelijk). De regiogemeenten streven samen als regio naar de realisatie van deze geformuleerde doelstellingen op het gebied van duurzame bedrijventerreinen. Naast deze collectieve inspanning is reeds bekend dat regiogemeenten individueel aanvullende beleidsregels en doelen in relatie tot het beleidsterrein nastreven, die ook een hoger ambitieniveau kunnen kennen. Dit past bij de couleur locale en de subregionale verschillen en uitdagingen in de regio, maar het creëert tevens een kansrijke voedingsbodem om ‘best practices’ van de koplopers op dit gebied uit te wisselen met behulp van de dynamische agenda toekomstbestendige bedrijventerreinen (par. 7).
1.2 Netwerk capaciteit Middels de uitwerking luidt ten aanzien van de specifieke concretisering van duurzaamheidsambitie “2a. maximaal benutten daken voor zonnepanelen‘ geeft de regio ook een signaal af aan de provincie. Zo vormt met name de capaciteit van het huidige energienetwerk in de regio een serieuze bottleneck voor de beoogde energie-transitie. Met een gemiddelde aansluittijd van 2 jaar is de urgentie hiervan inmiddels zodanig, dat hiermee sprake is van een negatieve impact op de concretisering van de duurzaamheid ambities. De netbeheerder spreekt inmiddels van een doorlooptijd die kan oplopen tot wel 10 jaar. Provincie, netbeheerder en regio gaan in de komende periode in gesprek over de mogelijke knelpunten voor de beoogde programmering van regio en provincie en nemen de resultaten van deze verkenning vervolgens mee in de volgende actualisatie van het RPW.
1.3 Duurzaamheids-certificering op zowel pand- als gebiedsniveau bij XXL-Logistiek Duurzaamheidscertificatie is een onafhankelijk en extern gecoördineerd beoordelingssysteem dat de duurzaamheid van gebouwen meetbaar maakt. Op basis van verschillende parameters worden gebouwen beoordeeld en wordt deze beoordeling vertaald in een certificaat. De parameters van duurzaamheidscertificaten worden voortdurend bijgestuurd en geïnnoveerd. Het certificaat geeft de koper van het gebouw de garantie dat het pand gebouwd is op basis van de meest recente duurzame innovaties. Op die manier is de certificering van het gebouw een belangrijke troef bij het verduurzamen van vastgoed. Een steeds groter groeiende groep van bedrijven in de regio investeert in het verduurzamen of duurzaam nieuwbouwen van hun onderkomen en maakt hierbij gebruik van certificatie zoals BREAAM. Gebouwen worden ten behoeve van een score gequoteerd op basis van een lijst van 90 parameters binnen 9 categorieën (energie, gezondheid & welzijn, management, water, afval, landgebruik & ecologie, vervuiling, transport en materialen).
Pagina 3 van 5
Het certificaat van BREAAM is slechts één van de beoordelingsinstrumenten wat hiervoor op de markt is. Het streven van de regio luidt ten aanzien van XXL-logistiek dat het bouwen van gebouwen is toegestaan indien sprake is van certificering volgens de beoordelingsrichtlijn BREEAM-NL of een hiermee vergelijkbaar onafhankelijk aangetoond kwaliteitsniveau met behulp van een ander beoordelingsinstrument. Met deze aanvullende regionale concretisering wordt extra ingezet op een moderne toekomstbestendige inrichting van deze (logistieke) bedrijventerreinen en duurzame gebouwen. Het streven naar een zo hoog mogelijke duurzaamheidscertificering voor XXL-Logistiek zorgt daarnaast voor: Het realiseren van duurzame gebouwen met minimale impact op het milieu; Het mogelijk maken dat gebouwen te onderscheiden zijn naar duurzaamheid; Het voorzien in een geloofwaardig keurmerk voor duurzame gebouwen; Het versterken van bewustzijn dat ruimte schaars is; Het stimuleren van de vraag en aanbod van duurzame gebouwen.
2. Vraagstuk 2: afwijkende definitie XXL Logistiek – maatvoering Ten tijde van de besluitvorming van het RPW in de regiogemeenten (Q2-2020) heeft provincie Gelderland aanvullende standpunten ingenomen inzake haar beleidsdefinitie van XXL-Logistiek. Als gevolg hiervan wijkt de gekozen provinciale kwantitatieve maatvoering (4 hectare) significant af van Om die reden ligt het accent van XXL-locaties (>10 hectare) binnen de gevarieerde vestigingsmogelijkheden in Rivierenland, op Bedrijvenpark Medel. Medel is strategisch gelegen aan deze Rijksweg A15 en de internationale transportcorridor Uit: RPW 2020-2024.
de maatvoering die door Regio Rivierenland reeds was opgenomen in haar RPW (10 hectare). GS beschouwd dit als onwenselijk en verzoekt Regio Rivierenland daarom om een toelichtende correctie op de maatvoering. Ten aanzien van de beschreven ruimtelijke clustering in het huidige RPW, gebaseerd is op de Ruimtelijke Strategische Visie (RSV), is geen verdere aanvulling kenbaar gemaakt door GS.
2.1
Voorstel aanvullende regionale aanpak middels RPW 2021:
Gezien de beperkte impact op de reeds gemaakte afspraken in het RPW en de geformuleerde uitgangspunten in de provinciale omgevingsvisie (Gaaf Gelderland) luidt het advies om te voorzien in de door GS expliciet verzochte toelichtende correctie van 4 hectare voor nieuwe XXL-kavels in de regio, bedoeld voor logistieke bedrijvigheid. Concreet betekent deze wijziging dat wanneer de ruimtevraag van een logistieke locatiezoeker groter is dan 4 hectare en buiten het logistieke cluster van Medel ligt, dat dan vestiging op een ander terrein zonder een nadere afstemming met regio en provincie Gelderland niet mogelijk is.
Pagina 4 van 5
Hoewel de regio er naar streeft (vanwege de synergie voordelen) om de logistiek in beginsel geclusterd op specifieke plekken te concentreren, betekent dat tegelijkertijd niet dat een afwijking van dit beleid nooit mogelijk zal zijn. Provincie Gelderland, Gemeenten en Regio spreken af om in gezamenlijkheid te kijken naar maatwerk en nadere afstemming, indien hier behoefte aan is. Hierbij is de motivatie van de gemeente en de specifieke kenmerken van een casus wel van een significant belang. Het gaat hierbij bijvoorbeeld niet om ‘footloose’ bedrijven die zich nieuw in de regio willen vestigen, maar om bedrijven die reeds in de regio gevestigd zijn en die willen uitbreiden of verplaatsen. Wanneer gemeente en de provincie de wenselijkheid van een dergelijke ontwikkeling hebben bevestigd, dan leveren gemeente en provincie een maximale inspanningsverplichting om procedureel deze ontwikkeling zo snel mogelijk te faciliteren. Het voorstel luidt om als regio te conformeren aan de verzochte kwantitatieve correctie van de XXL-Logistiek definitie. Concreet behelst dit aanpassing van de huidige 10 hectare naar de voorgeschreven meer dan 4 hectare per kavel (max. 4 hectare BVO).
2.2 Lokale impact voor de gemeente West Betuwe Bij de behandeling van de economische visie en bedrijventerreinenbeleid hebben diverse fracties binnen de gemeenteraad aangegeven geen grootschalige bedrijven te willen vestigen. Deze werden binnen onze regio al doorverwezen naar bedrijventerrein Medel in Tiel. In de behoefteraming voor Hondsgemet Noord zijn wel enkele kavels opgenomen groter dan 3 hectare. Deze kunnen nog steeds worden gerealiseerd. Daarnaast is voor een grotere kavel dan 4 hectare BVO een maatwerkoverleg met de Regio en Provincie mogelijk. De impact van dit voorstel is dan ook gering. 3. Vraagstuk 3: capaciteit infrastructuur West Betuwe (Hondsgemet Noord) 3.1 Voorstel aanvullende regionale aanpak, middel RPW 2021. De gemeente West Betuwe en de provincie hebben in samenwerking de knelpunten van de verkeersontsluiting op de N327 en mogelijke oplossingsrichtingen onderzocht. De provincie heeft voorgesteld om de regie over te nemen en samen met gemeente, prorail en Rijkswaterstaat de mogelijkheden verder te verkennen om te komen tot een gezamenlijk gedragen maatregelenpakket met inzicht in de te verwachten kosten voor de verschillende projectonderdelen. Hiervoor zal elke partij inzicht moeten geven in de (financiële) consequenties en haalbaarheid.
Indien dit proces van verkenning leidt tot een vertraagde ontwikkeling van Hondsgemet-noord zal er in de toekomst een tekort aan bedrijventerreinen optreden en verzoekt GS een voorstel tot een oplossing van de regio. De gemeente West Betuwe neemt het voortouw om dit bij de regio kenbaar te maken en een mogelijke oplossingsrichting aan te rijken. 4. Vraagstuk 4: Toekomstbestendigheid op projectniveau
Pagina 5 van 5
Als onderdeel van de herziening in 2019 is door de gemeenten afgesproken om in het RPW meer aandacht te laten uitgaan naar de toekomstbestendigheid van (bestaande) bedrijventerreinen in de regio. Hierbij is – net zoals in eerdere versies van het RPW- aandacht voor revitalisering en herstructurering van terreinen. Aanvullend hierop stellen de gemeenten in deze regio het als een gezamenlijke ambitie om extra focus aan te brengen. Die focus ligt op het toekomstbestendig houden en maken van de reeds aanwezige bedrijventerreinen in de regio. Dit betekent concreet meer aandacht voor duurzaamheid en slimme samenwerking door meer participatie en onderlinge verbondenheid.
4.1
Voorstel aanvullende regionale aanpak middels RPW 2021:
De 8 gemeenten zetten met de nieuwe afspraken in het RPW (extra) in op toekomstbestendiger maken van huidige terreinen. Ten aanzien van de het toekomstbestendiger maken heeft GS met ingang van 2 november 2020 een subsidieprogramma beschikbaar. Daar vallen de initiatieven van de Regio Rivierenland binnen, met de toevoeging dat er per locatie maatwerk kan worden geleverd. GS wil op basis van energie en behoefte gerichte ondersteuning aanbieden. Het voorstel luid om bijgevoegd projectenoverzicht aan te bieden aan GS als onderdeel van de aanvullingen op het RPW. Deze agenda kent een dynamische karakter en bevat verschillende (nieuwe) initiatieven op schaalniveau van de regiogemeenten. 4.2
Revitalisering
Bij revitalisering gaat het vaak om (zware) ingrepen om infrastructuur, openbare ruimte en private ruimte te verbeteren. De kwaliteit van bedrijventerreinen is van groot belang voor het vestigingsklimaat en de economische ontwikkeling van de gemeente. Het gaat daarbij zowel om de kwaliteit van de openbare ruimte als om die van de private ruimte. We streven ernaar om de terreinen kwalitatief goed op orde te houden. Dit sluit aan bij onze aanpak toekomstbestendige bedrijventerreinen. Middels deze aanvulling op het RPW worden hierbij kansen gezien voor: 1. 2. 3. 4.
Het opstellen van revitaliseringsplannen, transformatieplannen en/of gebiedsvisies met behulp van de expertise en kennis van Oost NL; Het verminderen van hinder op het gebied van verbeteren van de leefbaarheid in kernen en buitengebied Ontwikkeling afwegingskader voor toestaan nieuwe functies op bedrijventerreinen in relatie tot de provinciale verordening. Ontwikkeling van (rand)voorwaarden voor economische functies op niet-formele werklocaties.
Gemeenten, regio en provincie spreken af om in samenwerking te bepalen wat er nodig is om revitaliseringsprojecten gerealiseerd te krijgen en hoe de provincie hierbij van meerwaarde kan zijn.