D15-begeleidend-schrijven-en-kaderbrief-2024-RAR.pdf
Tekst van het document
Aan de Griffies van de gemeenten Buren, Culemborg, West Betuwe, Maasdriel, Neder-Betuwe, Zaltbommel, Tiel.
Datum Uw kenmerk Ons kenmerk Onderwerp
28 november 2022 1628-20823 Kaderbrief Programmabegroting 2024 van het Regionaal Archief Rivierenland
Geachte raadsleden, geachte collegeleden, Naar aanleiding van de motie Kracht van de Raden en het daaruit voortvloeiende vastgestelde (eind 2020) Informatieprotocol ontvangt u hierbij de Kaderbrief Programmabegroting 2024 van het Regionaal Archief Rivierenland. Deze kaderbrief is op 24 november 2022 door het Algemeen Bestuur behandeld en geeft inzicht in de beleidsmatige en financiële uitgangspunten/kaders voor de Programmabegroting van het Regionaal Archief Rivierenland. In tegenstelling tot andere jaren, gaat deze kaderbrief niet alleen in op de begroting 2024, maar geeft het ook een winstwaarschuwing af voor 2023. Deze winstwaarschuwing heeft te maken met autonome ontwikkelingen waar het Regionaal Archief Rivierenland geen invloed op heeft. De belangrijkste hierin is de stijging van de energiekosten. Maar ook de loon- en prijsindexaties, die significant hoger zijn dan verwacht ten tijde van het opstellen van de begroting 2023. Deze hogere indexaties hebben ook invloed op de begroting 2024 en dus voor de bijdrage per inwoner. Om de energiekosten verder terug te dringen gaat het Regionaal Archief Rivierenland verdere verduurzamingsmogelijkheden onderzoeken. De mogelijkheid voor het toepassen van zonne-energie, het inzetten van nog meer ledverlichting maar ook het iets verlagen van de kantoortemperatuur zijn mogelijkheden om verder te verduurzamen.
Deze verduurzamingsmogelijkheden zouden een effectieve aanvulling kunnen zijn op het reeds duurzame gebouw uit 2012 met energielabel A. Hierin zijn al meerdere duurzaamheidsmaatregelen voorzien zoals de inzet van een duurzame energiebron door een warmte-koude opslag in de bodem, een mos-sedumdak en later ook het (gedeeltelijk) toepassen van ledverlichting. Natuurlijk blijft de terugverdientijd van deze verduurzamingsmogelijkheden een belangrijk criterium voor het wel of niet toepassen ervan. Het Regionaal Archief laat zich hierin (samen met de buren in het pand: Woningbouwcorporatie Thius) extern adviseren.
Pagina 1 van 7
Deze kaderbrief geeft u als raden vroegtijdig zicht in de financiële ontwikkeling en verwachting voor 2023 en in de kaders en uitgangspunten voor onze Programmabegroting 2024. Hoewel de Kaderbrief formeel niet zienswijze-plichtig is, kunt u ons uiteraard desgewenst een reactie sturen op de in de bijlage opgenomen kaders en uitgangspunten. Als u er voor kiest om ons een reactie toe te sturen, ontvangen wij die graag vóór 1 maart 2023, zodat we de mogelijkheid hebben om de informatie te gebruiken bij het opstellen van de begroting. U ontvangt onze Programmabegroting 2024 en de meerjarenraming 2025-2027, zoals gebruikelijk, voor 15 april 2023 zodat u de gelegenheid krijgt de gemeentelijke zienswijze bij de begroting kenbaar te maken. Wij nemen aan u met dit schrijven voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groeten, Namens Bestuur Regionaal Archief Rivierenland
Ella Kok-Majewska MBA Directeur/Streekarchivaris
Bijlage: - Kaderbrief Programmabegroting 2024 Regionaal Archief Rivierenland
Pagina 2 van 7
1 Kaderbrief RAR Deze kaderbrief van het Regionaal Archief Rivierenland (RAR) heeft betrekking op de reeds vastgestelde begroting van 2023 en de uitgangspunten voor de nog op te stellen begroting van 2024.
2 Begroting 2023: Winstwaarschuwing De begroting van 2023 is opgesteld in maart 2022 en goedgekeurd in de BOV/AB vergadering van 7 juli jongsleden. Hierbij zijn de financiële uitgangspunten uit de kaderbrief van december 2021 gehanteerd. Ondertussen zijn er diverse ontwikkelingen in de wereld gaande die zorgen dat de financiële uitgangspunten, gehanteerd bij deze begroting, niet meer corresponderen met de huidige realiteit. Deze autonome ontwikkelingen zorgen voor prijsstijgingen die vele male hoger zijn dan is voorzien in de begroting. De voornaamste stijging zit in de energiekosten: deze stijgen in 2023 voor het RAR met een factor van circa 3 tot 4 keer. Maar ook de loonstijgingen en overige prijsstijgingen zijn zowel in 2022 als in 2023 hoger dan is meegenomen in de begrotingen. Met de kennis van nu voorziet het RAR dat de kosten in 2023 de begroting gaan overstijgen met een omvang van tussen de 8% tot 14%. Hierin is uitgegaan van de prijsstijgingen uit 2022 en de verwachtingen voor 2023 welke voortkomen uit de circulaire van september 2022. Dit is dan ook de reden om een winstwaarschuwing van 8% - 14% af te geven voor het jaar 2023. Aangezien het gaat om autonome prijsstijgingen waar het RAR zelf geen enkele invloed op heeft, is het voorstel om de financiële ontwikkelingen in 2023 op de voet te volgen en rond juli 2023 een update te geven van de stand van zaken.
Hiermee wordt een verrassing voorkomen aan het einde van het jaar.
3 Uitgangspunten voor de begroting 2024 Voor onze programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 worden een aantal kaders gehanteerd. Het gaat hier specifiek om het beleidskader, het financiële kader en de overige uitgangspunten die van invloed zijn op de begroting en meerjarenraming. In deze kaderbrief ontvangt u voorafgaand aan de begroting het concept van de te hanteren kaders in onze begroting. Hiermee geeft het RAR u als raad inzicht en sturingsmogelijkheid in de beleidsmatige en financiële uitgangspunten voor de programmabegroting 2024 en de meerjarenraming 2025-2027.
Pagina 3 van 7
3.1
Beleidskader
De begroting is opgesteld op basis van: - De gemeenschappelijke regeling Regionaal Archief Rivierenland; - Het “Beleidsplan Regionaal Archief Rivierenland 2022-2025”; - De wet- en regelgeving waaronder: ▪ Gemeentewet (GW); ▪ Archiefwet; ▪ Besluit Begroting en Verantwoording (BBV); ▪ Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) De Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) is op 1 juli jl. in werking getreden. Doel van de wijziging is om de democratische legitimiteit van gemeenschappelijke regelingen en de kaderstellende en controlerende rol van gemeenteraden te versterken. Alle gemeenschappelijke regelingen moeten door deze wetswijziging gewijzigd worden en zo het RAR. De wetgever geeft twee jaar de tijd aan samenwerkingsverbanden op basis van de Wgr om hun regeling te wijzigen. Dit betekent dat de wijziging van de regeling uiterlijk op 1 juli 2024 moet zijn geïmplementeerd. Komende tijd wordt gebruikt om dit traject gezamenlijk met ander GR-en in de regio vorm te geven. Voor uitgebreidere informatie hierover wordt verwezen naar de “Notitie: aanpak Wijziging Wgr” bijgesloten bij agendapunt 5 van deze vergadering.
3.2
Financieel kader programmabegroting en meerjarenraming
Hieronder de financiële kaders en richtlijnen die toegepast worden op de programmabegroting en meerjarenraming. 3.2.1 Indexering De financiële controllers van de gemeenschappelijke regelingen (GR-en) Rivierenland hebben met elkaar gesproken over de systematiek van het in de begroting verwerken van verwachte prijs- en salariskostenstijgingen en de hierbij gewenste onderlinge harmonisering. Gezamenlijk uitgangspunt hierin is dat de budgetten op het niveau van 2024 worden gebracht, conform het CPB. Dit gebeurd door de correcties van 2022 en 2023 door te voeren, omdat hier niet eerder op gecorrigeerd is. Daarna vindt indexatie plaats conform de uitgangspunten zoals hieronder omschrijven. Indexering salarissen Voor de lonen wordt als basis de laatst bekende CAO gehanteerd. De huidige CAO heeft een looptijd tot 31 december 2022. Vanaf 2023 wordt aansluiting gezocht bij de door het CPB geraamde stijging van de lonen (loonvoet sector overheid), die in de door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties uitgebrachte septembercirculaire 2022 is gepubliceerd.
Pagina 4 van 7
Aanvullend wordt voor de hoogte van de totale salariskostenstijging in de begroting een schatting gemaakt van de verwachte stijging van de pensioenpremies en overige sociale lasten (premies werknemersverzekeringen). In de middellange termijnverkenning van het CPB (maart 2022) wordt een stijging van de sociale premies verwacht van 0,2%. De loonkostenindexering voor 2024 wordt dan: Index 2024: - Loonvoet sector overheid (circulaire september 2022): - Prognose stijging sociale premies:
4,20% 0,20% 4.40%
De recente inflatoire ontwikkelingen gekoppeld aan de afgesloten Cao’s van het Rijk (apr.22-jun.24) en de provincie (jan.22-dec.23) maken dat de GR-en verwachten niet met de totale indexering op de loonkosten 2023 (3,3%) uit te komen. Om deze reden worden daarom de loonindexering voor 2023 (en 2024) conform de CAO gecorrigeerd. De verwachting is dat de laatste ontwikkelingen in de begroting 2024 kan worden verwerkt. Mocht de CAO langer op zich laten wachten dan wordt deze correctie, indien significant, verwerkt in de volgende begrotingscyclus. Samengevat wordt voor loonkosten de volgende indexering aangehouden* Jaar 2024 2025 2026 Loonkostenindex 4,4% 4,1% 3,9% * gebaseerd op de door het CBP uitgebrachte septembercirculaire 2022
2027 3,9%
Prijsindexering kostenbudgetten De prijsindexering wordt tevens toegepast overeenkomstig de door het CPB opgestelde cijfers zoals opgenomen in de septembercirculaire 2022. De prijsindexering wordt dan: Index 2024: - Prijs overheidsconsumptie (imoc) (circulaire september 2022):
2,40%
Samengevat wordt voor de volgende prijsindexering aangehouden* Jaar 2024 2025 2026 Prijsindex 2,4% 2,4% 1,9% * gebaseerd op de door het CBP uitgebrachte septembercirculaire 2022
2027 1,9%
Pagina 5 van 7
3.2.2 Energiekosten Net als het overgrote deel van Nederland heeft ook het RAR te maken met een extreme stijging in de energiekosten. Deze stijging is in 2023 vele malen hoger gebleken dan de hierboven genoemde prijsindex en daarom wordt voor energiekosten en aparte index meegenomen in de begroting 2024. Bij het RAR gaat het om gas en elektra. Hiervoor maakt het RAR gebruik van de gezamenlijke inkoop van energie via Thius (mede pandbewoner). Thius koopt energie (elektra en gas) in voor een groot aantal van haar panden. Dit levert schaalvoordelen op, waar het RAR op kan meeliften. Helaas is het vaste prijs-contract van Thius in 2022 afgelopen en zijn ook zij komende jaren afhankelijk van de dan geldende marktprijzen. Op basis van de huidige inzichten is de verwachting dat de energieprijzen, voor zowel gas als elektra, in 2023 met een factor van 3 tot 4 gaan stijgen ten opzichte van 2022 (een indexatie van circa 250%). Deze stijging is meegenomen in de winstwaarschuwing van 2023. Voor de begroting van 2024 wordt uitgegaan van de kosten uit 2023. Echter, het vaststellen van indexatie maakt deze ontwikkeling minder eenvoudig dan wel onmogelijk. Er is voor 2024, en daarna, is veel onzekerheid over de ontwikkeling van de energieprijzen.
Zelf de experts op dit vlak kunnen niet aangeven welke kant het opgaat: nog verder stijgen, dan wel gelijk blijven op dit niveau of juist weer terug omlaag. Dit maakt dat er voor 2024, en de jaren erna, geen indexatie wordt hanteren (indexatie 0%) tot het moment dat hier meer duidelijkheid over is. 3.2.3 Rentepercentage financiële middelen Het RAR hanteert op basis van de in 2009 aangetrokken financieringsmiddelen voor investeringen een (gemiddeld) rentepercentage van 4,75%. Dit betreffen annuïtaire leningen welke zijn afgesloten voor de financiering van de bouw met een vaste rente gedurende de gehele looptijd. In de afgelopen periode is reeds onderzocht of eerdere aflossing en afsluiting van een nieuwe financiering met een lagere rente financieel aantrekkelijk was. Hieruit is gebleken dat eerdere aflossing alleen mogelijk is met volledige uitbetaling van de vooraf vastgestelde en berekende rente over de totale looptijd. Dit maakt dat oversluiten van deze lening niet tot financiële voordelen gaat leiden. 3.2.4 Weerstandsvermogen Het uitgangspunt van het algemeen bestuur is een structurele en reëel sluitende begroting en incidentele tekorten te dekken vanuit de algemene reserve. De geldende ratio van het weerstandsvermogen is door het algemeen bestuur vastgesteld op minimaal 1,0. Dit betekent voor het RAR een minimaal niveau van het weerstandsvermogen van € 211.000.
De hoogte van het weerstandsvermogen is bepaald aan de hand van de risicoanalyse uit 2020, welke is vastgesteld in het AB. Deze risicoanalyse wordt in 2023 herzien, waarbij opgemerkt dient te worden dat de verwachting is dat hiermee het weerstandsvermogen niet sterk gaat wijzigen omdat de risico’s voor het RAR niet erg aan verandering onderhevig zijn.
Pagina 6 van 7
3.2.5 BTW Het Regionaal Archief Rivierenland is btw-plichtig. Het bedrag per inwoner wordt als gevolg hiervan met 21% btw belast. De betaalde btw kan door de deelnemende gemeenten en het waterschap via de zogenaamde compensabele btw worden verhaald. 3.2.6 Bijdrage per gemeente Voor het bepalen van de bijdrage per gemeente wordt gebruik gemaakt van de inwonersaantallen per gemeente. Zo wordt er gerekend met het aantal inwoners per gemeente met de peildatum van 1 januari het jaar ervoor. Voor de begroting van 2024 wordt gerekend met de inwonersaantallen van het CBS per 1 januari 2023. Voor de meerjarenramingen wordt gerekend met dezelfde inwonersaantallen als voor de begroting van 2024, omdat hiervoor geen betere data beschikbaar is.
4 Samenvatting financiële uitgangspunten 2024 Samengevat worden de volgende uitgangspunten hanteert in de begroting 2024: • De indexering en prijsstijging conform onderstaand overzicht: Jaar 2024 2025 2026 Loonkostenindex 4,4% 4,1% 3,9% Prijsindexatie 2,4% 2,4% 1,9% Energiekosten Prijs 2023 0% 0% stijging (250% t.o.v. 2022) • •
2027 3,9% 1,9% 0%
Rente percentage financiële middelen 4,75% De inwonersaantallen van het CBS per 1 januari 2023.
Pagina 7 van 7