CConstaterende datWest Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

D016 Avri; Overzicht raadsvragen stortplaats.pdf

Lijst ingekomen stukken 26 januari 2021, gemeente West BetuweBij agendapunt: D: D Voor kennisgeving aannemen3.006 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvragen Nazorg Stortplaats Gemeente

Vraag

Antwoord

Buren

1.a Wat is de rol van de gemeenteraden in dit besluit? Waar gaan zij officieel over en hoe wordt dat geborgd in het toekomstige proces?

De gemeenten raden hebben geen rol in dit besluit. Het is een eenzijdig besluit van GS om een definitieve datum van overdracht pas over 10 jaar vast te stellen.

Buren

1.b Wat zijn de argumenten om de opties a t/m e af te wijzen? Zij staan niet genoemd in de statenbrief. We horen graag de argumenten per optie.

In deze brief is aangegeven dat deze opties, naders beschouwd, niet opportuun zijn of weinig soelaas bieden.

De volgende mogelijkheden zijn onderzocht:

Meer specifiek kan worden vastgesteld dat de voorkeursoptie van Avri gemeenten (a) en provincie (e) te ver bestuurlijk uit elkaar lagen; dat de opties b, c, d weinig tot geen financiële verlichting zou bieden (en dus niet voldeed aan de opdracht van PS aan GS).

a. Uitstel van overdracht van de stortplaats met 75-150 jaar b. Uitstel van overdracht van de stortplaats met 20-25 jaar c. Geen uitstel van overdracht en een negatief eigen vermogen van Avri d. Geen uitstel van overdracht en een lening van de gemeenten e. Geen uitstel van overdracht en het opnemen van een voorziening in 2020 f. Uitstel van overdracht voor onbepaalde tijd, waarbij over 10 jaar (in 2031) de provincie zal bepalen wanneer de stortplaats overgedragen zal worden.

Dat optie F daarmee de meeste ruimte bood, zowel bestuurlijk als financieel, om een substantieel financiële verlichting in het huidige en komende begrotingsjaar te bewerkstelligen.

[Bron: Statenbrief 8 december 2020 Onderwerp: Voortgang amendement 20 A9 nazorg stortplaats Avri Buren

2.a Wat zijn de nadelige gevolgen van het uitstel? Kunt u deze nadelen puntsgewijs uitwerken? Hoe kan de raad nog invloed hebben op de gevolgen?

Het belangrijkste nadeel is dat het beheer van de stortplaats, inclusief operationele risico’s, bij Avri blijft de komende jaren. Daarnaast blijft het risico bestaan dat de rekenrente nog verder daalt, waardoor bij de overdracht van de stortplaats uiteindelijke wellicht meer moet worden betaald dan de becijferde € 10 miljoen.

West Betuwe

1. De Avri is 100% aandeelhouder van de Avri Realisatie BV, welke op haar beurt weer 100% aandeelhouder is van Avri Solar B.V.. Is het juist dat het bestuur van de Avri gerechtigd is op de algemene vergadering van aandeelhouders van de commerciële bv’s tot een dividenduitkering te mogen besluiten?

21.01.13 Overzicht raadsvragen stortplaats

De GR Avri is aandeelhouder van Avri Realisatie B.V. Zij is gerechtigd op de algemene vergadering van aandeelhouders tot een dividenduitkering te besluiten.

1

West Betuwe

2. Wat is de reden dat vorig jaar niet de gehele vrij uitkeerbare reserves zijn uitgekeerd richting de Avri, maar slechts 300.000 euro?

Op 9 juli 2020 is de jaarrekening 2019 van Avri Realisatie B.V. tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA) goedgekeurd en heeft de aandeelhouder GR Avri (Algemeen Bestuur) geen ruimte gezien om dividend uit te keren.

Er is besloten het resultaat over het boekjaar 2019 ad € 179.138,(geconsolideerd, inclusief resultaat deelneming Avri Solar B.V.) toe te voegen aan de algemene reserve en dus (vooralsnog) geen dividend uit te keren. De reden is om wat middelen achter de hand te hebben voor de verbetering van de afzet van de grondstoffen van Avri. Avri heeft hiervoor het programma GRIP opgezet. Hierbij is sprake van initiatieven op gebied van scheiding en verwerking van grondstoffen, in eigen beheer of in samenwerking met derde partijen. Juist om alle opties open te houden voor samenwerkingspartijen en een extra werkmaatschappij onder de BV op te kunnen richten, heeft het bestuur voorgesteld om die reden vooralsnog in de reserve te laten. West Betuwe

3. Hoe zijn de reserves van de commerciële BV's ad 2,5 mio de afgelopen jaren gebruikt c.q. ingezet? Antwoord: Avri

West Betuwe

4. In hoeverre en voor welk bedrag zijn de reserves uit de commerciële BV's in 2021 aan de Avri uit te keren?

West Betuwe

Zie ook beantwoording vraag 2 5. Wordt er een onderzoek gestart of het juridisch en financieel haalbaar is om de activiteiten van de 2 commerciële BV's binnen de Avri onder te brengen? Op de deponeringsbalansen staat ultimo 2019 een eigen vermogen van totaal € 2,5 mio vermeld.

21.01.13 Overzicht raadsvragen stortplaats

In 2013 is besloten een mogelijke winstuitkering van € 500.000,- niet te doen maar dit bedrag in te zetten voor de ontwikkeling van een zonnepark. Uiteindelijk is door Realisatie BV € 625.000 geïnvesteerd hierin. Hiervan is een bedrag van € 554.000,- ingebracht in Avri Solar BV als eigen vermogen en omgezet naar een achtergestelde geldlening. Deze wordt in 15 jaar terugbetaald. In 2019 is vanuit Realisatie BV aan Avri een dividenduitkering gedaan van € 350.000 De jaarrekening 2020 wordt medio 2021 tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA) goedgekeurd. Dan besluit de aandeelhouder GR Avri van Avri Realisatie BV (Algemeen Bestuur van Avri) over het al dan niet uitkeren van dividend.

Er is (nog) niet besloten om zo’n onderzoek te starten.

2

West Betuwe

6. Informatie vanuit de Adviescommissie Vermogensbeheer Nazorg Stortplaatsen Gelderland, met daarin de vertegenwoordiger stortplaatsen, moet toch gedeeld zijn met de Avri?

Dat klopt en hoewel er nog geen advies lag van de Adviescommissie is er direct bij de Kadernota 2021 (vastgesteld in het DB van december 2019 en AB van februari 2020) op basis van het verloop van de ALM studie tot dat moment aangegeven dat de verwachting is dat de rente zou kunnen dalen. In de kadernota is daarbij ook aangegeven dat er nog landelijke ontwikkelingen spelen om te komen tot een landelijke regeling (centraal beleggen met een landelijk geldende rekenrente) en de verwachting is dat hierover najaar 2020 meer duidelijkheid is. De uitkomst van de ALM studie was op dat moment allerminst zeker, de voorgestelde rekenrente is in februari 2020 bij de vaststelling vanuit de beleggingsadviescommissie (BAC) pas duidelijk geworden. De stortplaatsexploitanten waaronder Avri zijn vertegenwoordigd in de Adviescommissie en zijn steeds van mening geweest (en nog steeds) dat een bijstelling van de rente helemaal niet nodig is. Daarover is weliswaar gesproken in de Adviescommissie, maar voordat daarover tot consensus werd gekomen, heeft deze haar eindadvies aan GS uitgebracht, waarin ze enkel melding maakt van het feit dat de vertegenwoordiger van de stortplaatsexploitanten een minderheidsstandpunt inneemt. Een eventuele weerlegging van de argumenten van de stortplaatsexploitanten ontbreekt.

West Betuwe

7. De landelijke tendens bij pensioenfondsen is al jaren een dalende rekenrente. Omdat in de ALM studie is gekozen voor dezelfde modellering als de Nederlandse Bank bij de pensioenfondsen hanteert, was het toch voorzienbaar dat de rekenrente bij een volgende aanpassing (mogelijkheid herziening om de 5 jaar) moest gaan dalen?

In de ALM-studie is er voor gekozen een modellering te kiezen die de bank bij de pensioenfondsen hanteert. De Gelderse stortplaatsen waren het met deze keuze niet eens en hebben ingezet op een afspraak met de Provincie om de geldende rekenrente niet aan te passen en in overleg te gaan. De Provincie heeft pas eind 2019 besloten om de ALM-studie te accepteren en niet op het voorstel van de stortplaatsexploitanten in te gaan. Dit werd als een minderheidsstandpunt in de beleggingscommissie weggestemd. Daarnaast blijkt uit de werkelijk behaalde rendementen in het verleden ook geen duidelijk dalende trend en ligt het werkelijke rendement over 2019 zelfs hoger dan de rekenrente. Ook is gebleken dat er diverse risico’s en onzekerheden door de provincie zijn ingecalculeerd in de benodigde toekomstige vermogens. Het was daardoor niet voorzienbaar dat de rekenrente ook daadwerkelijk verlaagd zou worden.

West Betuwe

8. Wat is de reden dat de Avri, o.b.v. de sedert 2017 geactualiseerde Nota Risicomanagement en weerstandsvermogen Avri, niet eerder heeft gehandeld/gecommuniceerd over de onzekerheid van het benodigd doelvermogen bij overdracht van de stortplaats? Dit terwijl alle seinen in 2017 op minimaal oranje stonden.

De ontwikkeling is jaarlijks gemonitord. Op basis van de geactualiseerde rekenmodellen om het doelvermogen te bepalen was er sinds 2018 sprake van een surplus in de voorziening van Avri (rekening houdend met de vermogenspositie bij de provincie) op basis van de toenmalige rekenrente. Veiligheidshalve is dit surplus in de voorziening gehandhaafd en is het risico hierop niet naar beneden bijgesteld.

21.01.13 Overzicht raadsvragen stortplaats

3

Zo is ook bij de behandeling van de meest recente jaarstukken 2019 gecommuniceerd toen de accountant oordeelde dat voor 2019 we ons niet mochten baseren op een toekomstige rentedaling maar moesten uitgaan van de rekenrente zoals die in 2019 bekend is. Ook heeft de accountant toen geoordeeld dat er te veel geld in de voorziening en het spaarpotje zit en dat dit geld moet vrijvallen als incidenteel voordeel. Om een goedkeurende verklaring van de accountant te verkrijgen, hebben wij deze aanpassing voor de stortplaats in de jaarrekening 2019 doorgevoerd. Daarbij hebben we opgenomen dat omdat het risico op de renteverlaging die de Provincie toen overwoog, wel aanwezig was waardoor het feitelijke risico was toegenomen en dus moest worden toegevoegd aan de risicoparagraaf. West Betuwe

9. Bestaat er binnen de Avri een procedure om periodiek de risicomanagement-notitie te herijken? Zo ja, wat is daar de cyclus van?

Ja Avri heeft deze procedure en elke 4 jaar wordt deze herijkt. Voor meer informatie verwijzen wij u naar de financiële beheersverordening Avri, artikel 11. Risicomanagement en weerstandsvermogen.

West Betuwe

10. Staan de risico’s m.b.t. het onzeker doelvermogen in de managementletter van de accountant bij de jaarrekening 2017 en 2018 vermeld?

Deze risico’s staan niet in het accountantsverslag 2017 en 2018 vermeld, maar wel in het accountantsverslag 2019. In 2017 en 2018 was hier ook geen expliciete aanleiding voor gezien de verwachting dat er voldoende middelen beschikbaar zouden zijn.

WMW

Wie zijn namens WMW de 3 commissarissen/ toezichthouders in Avri Solar BV?

Avri Solar B.V. is een dochteronderneming van Avri Realisatie B.V die tevens de enige aandeelhouder is. Avri Solar B.V. heeft geen eigen Raad van Commissarissen (RvC). De GR Avri is aandeelhouder van Avri Realisatie B.V. De RvC van Avri Realisatie wordt benoemd uit het Algemeen Bestuur van de GR Avri, de wethouders van de 8 Avri-gemeenten. Momenteel vormen de volgende Algemeen Bestuursleden de RvC van Avri Realisatie B.V.: G. van Bezooijen (West-Betuwe) S. van Someren (Neder-Betuwe) F. Groen (Tiel)

WMW

De stortplaats wordt gebruikt voor het zonneveld van Avri Solar BV en windmolens van de coöperatie Betuwewind. Twee organisaties die winst maken en dividend aan aandeelhouders en leden uitkeren. De rekening van het nazorgfonds stortplaatsen gaat in zijn geheel naar GR Avri en daarmee naar de regiogemeenten en dus hun inwoners. Graag een toelichting hierop.

21.01.13 Overzicht raadsvragen stortplaats

Avri heeft geen investeringen in de windmolens die op het zonne- en windpark staan. Deze windmolens zijn eigendom van de Burgerwindcoöperatie. Avri heeft alleen opbrengsten uit de vaste huurvergoeding voor deze windmolens. Avri is wel investeerder in het zonnepark wat een financieel rendement kan opleveren, en ontvangt huurvergoedingen voor dit park.

4

De vaste huurvergoedingen die Avri voor zowel het zonnepark en als de windmolens ontvangt, in totaal €100.000,- zijn in de begroting 2021 als opbrengst verwerkt. Hierdoor is het tarief voor 2021 € 1,- per huishouden lager. De jaarrekening van Avri Realisatie BV wordt door directie en Raad van Commissarissen goedgekeurd. De jaarrekening van het zonnepark wordt tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA) goedgekeurd. Dan blijkt ook de mogelijkheid tot dividenduitkering. Mocht dit het geval zijn, dan zal de aandeelhouder GR Avri (het Algemeen Bestuur) besluiten hoe de dividenduitkering wordt bestemd. Dat is indirect ook het geval; de dividend uitkering van 2019 is toegevoegd aan het weerstandsvermogen van GR Avri, die weerstand moet bieden tegen de financiële risico’s van de GR. Een dividend uitkering naar GR Avri komt ook ten gunste van de inwoners. WMW

Wat is het doelvermogen dat de provincie heeft geformuleerd voor de stortplaats van de Avri? En wanneer zou dat doelvermogen behaald moeten zijn? (Het doelvermogen is het bedrag waarover de provincie ergens in de toekomst kan beschikken om daarmee het eeuwigdurend onderhoud te kunnen betalen.)

Het doelvermogen wordt bepaald op basis van een door Gedeputeerde Staten (GS) goedgekeurd actueel nazorgplan. Avri is begin dit jaar in overleg met de Provincie gestart met het opstellen van een geactualiseerd en definitief nazorgplan. De verwachting is dat dit voorjaar 2021 ingediend kan worden bij de Provincie. De Provincie zal in geval van goedkeuring van dit plan, het doelvermogen voor de stortplaats vaststellen. Cruciaal daarbij is de geplande datum van sluiting/overdracht. De Provincie legt jaarlijks belastingaanslag op. Dit gebeurt op basis van het door de Provincie berekende doelvermogen per datum van de formele sluiting/overdracht. Hierdoor is het doelvermogen beschikbaar op de datum van sluiting/overdracht van de stortplaats bij de Provincie. Op 8 december 2020 heeft de Provincie besloten dat het tijdstip van de overdracht van de stortplaats pas over tien jaar wordt bepaald. Dit betekent dat Avri in elk geval de komende tien jaar gaat sparen om het doelvermogen bijeen te krijgen.

WMW

Wat is de precieze omvang van de inleg die Avri momenteel bij de provincie heeft gedaan? (het bedrag van 5m€ is een keer genoemd in de verklaring van Avri voorzitter Joost Reus voor de regionale tv. Dit bedrag is, door mij, nergens in openbare stukken, waaronder de jaarrekeningen van Avri, iets teruggevonden.)

21.01.13 Overzicht raadsvragen stortplaats

De inleg is € 4.822.293 op basis van de belastingaanslagen per 1/1/2020

5

WMW

Avri heeft in het verleden al een verlaging van de rekenrente meegemaakt. Ook toen is er extra geld ingelegd in het Nazorgfonds. Wanneer heeft dit plaatsgevonden? Om welke bedragen en welke rekenrentepercentages ging het toen? (Wat was en wat werd daarna de rekenrente, welk tekort stelde men destijds vast in het doelvermogen? Welk bedrag moest door Avri extra worden ingelegd?

Tot 2011 heeft Avri op basis van jaarlijkse belastingaanslagen afgedragen aan het Nazorgfonds. In 2011 is Avri met de Provincie overeengekomen om de jaarlijkse afdrachten vooruit te betalen over de periode 2011 tot en met 2017. Destijds werd een overdracht van de stortplaats aan de Provincie verondersteld begin 2018. De rekenrente bedroeg toen 5,15%. Sinds 1-1- 2013 is de rekenrente verlaagd naar 4,6%. In 2015 zijn nieuwe ramingen gemaakt voor de te verwachten investeren in de eindafwerking van de stortplaats en nieuwe berekeningen van het doelvermogen. Dit op basis van actuele inzichten. De mogelijke komst van een zonnepark en windpark staan hier los van. Ten opzichte van eerdere ramingen gaf dit een geraamd tekort van totaal 2,1 miljoen (0,9 miljoen voor de eindafwerking; 1,2 miljoen voor de overdracht) einde 2019. Het algemeen bestuur (Regio Rivierenland) heeft toen besloten de tekorten te verwerken in een gewijzigde begroting Avri 2016-2019.

WMW

Avri vermeldt in haar jaarrekening (2019) een voorziening van € 934.000,= voor de stortplaats. Waarvoor is dit bedrag precies bestemd? In hoeverre is dit gescheiden te zien van de inleg die de Avri al in het provinciale nazorgfonds heeft gedaan?

Dit betreft het saldo in de concept jaarstukken 2019. Dit bedrag is bestemd om de kosten te dekken die gemaakt worden voor sluiting en overdracht. Dit zijn onder andere begeleidingskosten, controlekosten en juridische kosten voor de sluitingsprotocollen en het nazorgplan dat bij de provincie ingediend moet worden.

WMW

En, valt dit bedrag vrij zodra de afvalberg wordt overgedragen aan de provincie?

Avri heeft een zogenaamd ‘spaarpotje’ bij de Provincie aangelegd en een eigen voorziening getroffen om de kosten van de toekomstige overdracht aan de Provincie te betalen. De accountant heeft bij de jaarstukken 2019 geoordeeld dat er te veel geld in de voorziening en het spaarpotje zit en dat dit geld moet vrijvallen als incidenteel voordeel. Om een goedkeurende verklaring van de accountant te verkrijgen, heeft Avri voor de stortplaats deze technische aanpassing in de jaarrekening 2019 doorgevoerd. Er is al € 624.000 vrijgevallen bij de definitieve jaarrekening 2019. Het restant bedrag van € 310.000 is gereserveerd voor voorbereidende sluiting- en overdrachtskosten (zie vorige vraag) en valt dus niet vrij wanneer de stortplaats wordt overgedragen.

WMW

En, er is in 2019 100k€ aan onttrokken. Naar zeggen van de Avri voorzitter, omdat BBV-regels dat voorschrijven. Waarom gold dat niet voor het hele bedrag van (toen) € 1.034.000,=?

Deze onttrekking was ter dekking van de kosten die in 2019 gemaakt zijn ten behoeve van de sluiting en overdracht. Voor de verklaring van het resterende bedrag € 934.000: zie de vorige vragen.

21.01.13 Overzicht raadsvragen stortplaats

6

WMW

In de beantwoording van de raadsvraag van de VVD van 22 mei 2020, n.a.v. de Kadernota 2021 van de Avri wordt gesteld dat er momenteel €2,=/jaar in de afvalstoffenheffing is opgenomen voor beheerkosten van de stortplaats Geldermalsen. Gaat de overdracht van de stortplaats betekenen dat de afvalstoffenheffing met €2,=/jr zal worden verlaagd?

Ja, zodra de stortplaats formeel wordt gesloten en overgedragen komen de beheerskosten ten laste van het Nazorgfonds van de Provincie. Deze vervallen dan in de begroting van Avri. Op 8 december 2020 heeft de Provincie besloten dat het tijdstip van de overdracht van de stortplaats over tien jaar wordt bepaald. Dit betekent dat de €2 voorlopig in de afvalstoffenheffing gecontinueerd gaan worden. Omdat we de beheerkosten nog zelf zullen moeten opbrengen tot het moment van overdracht.

WMW

Voor de extra inleg die mogelijk door Avri moet worden gedaan kan Avri niet teruggrijpen op eigen reserves. De deelnemende gemeenten zullen dat moeten doen. Voor West Maas en Waal is daar gesproken over 7%, dus 700k€. De Bijdrageverordening Avri 2016 stelt dat gemeenten bijdragen, naar rato van het aantal inwoners. West Maas en Waal heeft dan 7,7% van de inwoners van de regio. Is 7% een onzorgvuldig geformuleerd percentage?

Er is voor de overzichtelijkheid gerekend met afgeronde percentages in de presentaties. Deze geven een indicatie van de bijdrage per gemeente. Bij een (eventuele) eindafrekening wordt er gerekend met de precieze bedragen en cijfers op basis van het aantal inwoners.

21.01.13 Overzicht raadsvragen stortplaats

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.westbetuwe.nl/api/v1/meetings/351/documents/6104