B2 21 Zienswijze Omgevingsvisie NFO.pdf
Tekst van het document
INGEKOMEN
II
07DEC. 2021
I I II
P 21019747
nederlandse fruittelers organisatie LOUIS PASTEURLAAN 6 - 2719 EE ZOETERMEER TELEFOON 079-3681300 RABOBANK: NL 33 RABO 0200.3013.57 www.nfofruit.n1 en e-mail: info@nfofruitn1
Gemeente West Betuwe Gemeenteraad van de gemeente West Betuwe Postbus 112 4190 CC Geldermalsen
Datum Onze ref. Betreft:
7december 2021 21/0371/MAdLP/LB Zienswijze omgevingsvisie gemeente West Betuwe
Geachte Gemeenteraad van West Betuwe, De ontwerp omgevingsvisie van gemeente West Betuwe is in de ogen van de Nederlandse Fruiteelt Organisatie ( NFO) een gedegen stuk werk met veel aandacht voor de Fruitteelt sector. De NFO is blij dat gemeente West Betuwe zich zelf ziet als dé fruitgemeente van Nederland. Dit zie je ook terug in de kernambities opgenomen in deze omgevingsvisie. De omgevingsvisie zegt hierover: we bieden een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor ( lokale) bedrijven, waaronder innovatieve fruit tech bedrijven en recreatieve ondernemers, naar zorgen ook voor de verbinding met (jong) talent op de Fruit Tech Campus. De NFO is content met de aandacht die de Fruit Tech Campus krijgt in de omgevingsvisie, hier ligt de toekomst van de fruitteelt sector. Echter met deze zienswij7e willen wij " de puntjes op de izetteil". Er zijn een aantal zaken die wat betreft de NFO scherper neergezet mogen worden in de omgevingsvisie. Bodem en Water het daadwerkelijke DNA In hoofdstuk 2Ons West Setuwe wordt uitgebreid gekeken nagr de ruimtelijke dragers en kwaliteiten van de fysieke ' eefomgeving, het zogenaamde ruimtelijke DNA. De NFO mist hierin een duidelijke link naar de bodem en het watersysteem. De bodem en het watersysteem zouden namelijk leidendi.-ioeten zijn voor de keuzes die gemaakt worden in de inrichting van Nederland.
Dit zie je terug in het Nationaal Water Programma 2022 — 2027 van de Rijksoverheid. In deze omgevingsvisie wordt dit zijdelings aan geraakt maar zou meer benadrukt mogen worden. Het aantrekkelijke landschap (fysieke leefomgeving) is ontstaan doordat bodem en water dit mogelijk hebben gemaakt. Bodem en water zijn het daadwerkelijke DNA van een gebied. Bodem: Het is namelijk van uit de bodem gezien logisch dat juist op de oeverwallen zoveel fruitteelt aanwezig is. De gronden op de oeverwallen hebben een goede doorlatende ondergrond en zijn juist daarom zo geschikt voor de fruitteelt. Fruitbomen groeien niet goed op natte gronden en hebben daarom een goede water doorlatende bodem nodig met een niet te hoge grondwaterstand. Dat de bodem het verschil maakt blijkt ook uit de kwaliteit van het fruit. De Betuwe levert het beste en meest smakelijke fruit. Het is daarom niet gek dat een derde van al het Nederlandse fruit hier vandaan komt. Water: De Fruit Delta is gelegen tussen de grote rivieren. Door deze gunstige ligging tussen de rivieren, is aanvoer van water goed mogelijk. Door de goede beschikbaarheid van water heeft de fruitsector zich hier kunnen ontwikkelen. Niets groeit of b!oeit zonder water.
Naast water voor de groei van fruit heeft de fruitteeltsector twee momenten in haar teeltcyclus waarop ze moet kunnen beschikken over \soldoende water, namelijk bij nachtvorst in het voorjaar en bij hoge
1
temperaturen in de zomer die gepaard gaan met veel zonne-instraling. Tijdens nachtvorst is water nodig om te voorkomen dat de bloemknoppen bevriezen. In de zomer is water nodig om het gewas te koelen om zonnebrand te voorkomen. Fruitpact In hoofdstuk 2.3 West Betuwe in de regio wordt het samenwerkingsverband Greenport Gelderland genoemd. Als een regionale samenwerking op het gebied van olastuinbouw. Greenport Gelderland is het tuinbouwprogramma voor het Gelderse Rivierengebied en gaat niet alleen over de glastuinbouw. In het fraaie Gelderse Rivierengebied bevinden zich vijf belangrijke tuinbouwclusters; de teelt van champignons ( 15 ha, regio Maasdriel), laanbomen ( 1.400 ha, regio Opheusden), bloemen & planten en groenten ( 555 ha, Bommelerwaard en ArnhemNijmegen) en fruit ( 5.600 ha, regio Buren/Geldermalsen). De fruitteelt is met 5.600 ha het grootste tuinbouwcluster. Elk cluster heeft een eigen cultuur en ontstaansgeschiedenis. Voor ieder cluster zijn publiek-private samenwerkingsverbanden onder Greenport Gelderland opgezet, de zogenaamde ' pacten'. De pacten spelen een belangrijke rol, omdat zij dicht op de ondernemer opereren. Fruitpact is het pact van de fruitteelt. In gemeente West Betuwe ligt het grootste aantal hectare fruitteelt en zou dus minimaal verwezen moeten worden naar het voor deze sector belangrijke samenwerkingsverband Fruitpact.
Huisvesting seizoenarbeiders Gemeente West Betuwe staat net als iedere andere gemeente voor een moeilijke woningbouwopgave. Er wordt in de omgevingsvisie stilgestaan bij de huisvesting van arbeidsmigranten. Veel fruittelers hebben zelf accommodatie op hun eigen terrein om deze seizoenarbeiders tijdelijk onder dak te kunnen bieden. Hiermee ontlasten zij de gemeente, omdat zij zelf voor huisvesting zorgen. En daarnaast draagt dit bij aan het creëren van een veilige leefomgeving. Omdat de seizoenarbeiders zich groeperen rond de fruitbedrijven in het buitengebied en niet in de dorpskernen, wordt overlast voork6men. Als NFO verwachten wij van de fruitgemeente West Betuwe dat voldoende huisvesting van arbeidsmigranten op de bedrijven mogelijk blijft. Zodat alle werkzaamheden tijdig voltooid kunnen worden op de teeltbedrijven, zowel in hardfruit als ook in zachtfruit. Teelt ondersteunende voorzieningen In hoofdstuk 3.5 Landbouw spreekt de gemeente de ambitie uit om dé fruitgemeente van Nederland te willen worden. De fruitteeltsector is bepalend voor het landschap, maar ook voor de economie en de werkgelegenheid. De NFO is blij dat de gemeente zich wil gaan inzetten om dé fruitgemeente van Nederland te worden. De gemeente geeft aan ruimte te willen bieden voor uitbreiding, schaalvergroting, teelt ondersteunende voorzieningen maar ook voor innovatieve ideeën.
Zoals waterberging ( klimaatadaptatie), maatregelen voor een gezonde bodem, telen onder zonnepanelen, dit juichen wij toe. Echter zijn wij als NFO geen voorstander van grote zonnevelden op onze schaarse en dure landbouwgronden. En de teelt-ervaringen onder zonnepanelen zijn nog beperkt, en vooralsnog alleen boven zachtfruit. Dus laten we voorzichtig zijn met de verwachtingen, er is nog veel kennis en ervaring nodig. De NFO is blij dat de gemeente niet bij voorbaat nee zegt tegen teelt ondersteunende voorzieningen en gaat ervan uit dat hagelnetten ook onder teelt ondersteunende voorzieningen vallen. Hagelnetten zijn een belangrijke aanvulling om het gewas te beschermen tegen hagel, maar ook tegen hittestress. Water helpt om het gewas te koelen, maar ook hagelnetten kunnen de oogst beschermen. Hagelnetten werken als een zonnescherm boven de boomgaard, waardoor de temperatuur in de boomgaard een paar graden koeler is dan zijn omgeving. Ook in de zachtfruit- sector ( bramen, frambozen, bessen) en steenfruit- sector ( kersen, pruimen) zijn hagelnetten (al dan niet in combinatie met folie) niet meer weg te denken om de oogst te behoeden tegen regen, hagel of zonnebrand. De gemeente plaatst hier echter een belangrijke kanttekening bij. Dat deze ontwikkelingen het landschap, cultuurgeschiedenis en de natuur moeten versterken.
En dat op specifieke plekken teelt ondersteunende voorzieningen niet ten koste mogen gaan van de aantrekkelijkheid van het landschap voor recreanten en toeristen, zoals bijvoorbeeld de Linge-uiterwaarden. Ons
inziens zijn juist zeer moderne en toekomstgerichte fruitbedrijven gesitueerd in de Lingeuiterwaarden ( bijvoorbeeld Beesd en Geldermalsen). Deze bedrijven mogen dan ook niet beperkt worden in het gebruik van teelt ondersteunende voorzieningen. De NFO vraagt zich af hoe de gemeente dit ziet en wat er wordt bedoeld met deze specifieke plekken, dit is niet duidelijk. Robuust watersysteem In hoofdstuk 3.6 Energie en klimaat wordt aangegeven dat het gebied in 2050 klimaat- en waterrobuust is ingericht. Echter een duidelijke visie op een waterrobuuste inrichting wordt gemist. Wel wordt er in hoofdstuk 3.7 Natuur, cultuur en recreatie gesproken over een sterke groenblauwe dooradering van het landschap. Deze groenblauwe dooradering faciliteert berging en voorraad van zoet water voor de functies in het gebied en is tevens aantrekkelijk voor natuur en recreatie. Hierbij moet wel meegenomen worden dat er makkelijk wordt gesproken om water vast houden en bufferen. Als dit in combinatie gezien wordt met peilopzet heeft dit gevolgen voor de grondwaterstand in de directe omgeving van de waterbuffer. Fruitbomen hebben een lage grondwaterstand nodig. Als het bufferen van water samengaat met peilopzet, zal dit niet altijd samengaan met fruitteelt.
Naast water vasthouden en bufferen vindt de NFO dat bij een waterrobuuste inrichting ook gekeken moet worden naar een watersysteem waarmee op de momenten dat dit mogelijk is water beter en sneller kan worden aan- en afgevoerd. Om zo optimaal gebruik te maken van de ideale ligging van de Betuwe tussen de grote rivieren op momenten dat dit kan, bijvoorbeeld in het voorjaar voor nachtvorstbestrijding. Maar waarmee ook op de momenten dat dit niet kan, water beter kan worden vastgehouden ( buffer) en verdeeld. In het Nationale Waterbeleid wordt beschreven hoe Nederland in 2050 weerbaarder moet zijn tegen zoetwatertekorten. Om watertekorten te voorkomen wordt de volgende voorkeursvolgorde gehanteerd: zuinig gebruiken - vasthouden - slimmer verdelen. De NFO wil benadrukken dat zij actief bezig zijn met deze onderwerpen. Zo is er veel aandacht voor efficiënt watergebruik door toepassen druppelirrigatie en watergift op basis van bodemvochtsensoren (zuinig gebruiken). Ook het verhogen van het organische stofgehalte in de bodem is een belangrijk onderwerp binnen de fruitsector om water beter vast te kunnen houden (vasthouden).
In samenwerking met Waterschap Rivierenland is gekeken hoe de fruitsector in tijden van water tekorten het water slimmer kan verdelen door bijvoorbeeld de peren bij hitte alleen te druppelen en rode appels die gevoelig zijn voor zonnebrand zo kortmogelijk te beregen ( slimmer verdelen / zuinig gebruiken). Toekomstverhaal West Betuwe in 2040 Dé fruitaemeente van Nederland Een bloeiende fruitgemeente in een prachtig rivierenlandschap, waar je duurzaam en gezond woont, werkt en leeft. Dit is hoe gemeente West Betuwe zich van andere gemeenten wil onderscheiden. We zijn dé fruitgemeente van Nederland geworden en bieden ruimte aan de gehele fruitketen: fruitteelt, verwerking, logistiek, innovatie en educatie. Dit is een mooi toekomstbeeld. Echter ziet de NFO ook een bedreiging; zo wordt er gezegd dat er langs de rivieren alleen nog ruimte is voor kleine agrariërs en dat de grote agrarische bedrijven meer landinwaarts liggen. In de zone rondom de Linge is er een goede balans tussen agrarisch gebruik, natuurontwikkeling en — bescherming en recreatie. Een brede zone langs de Waal lijkt aangewezen te worden voor recreatie- en natuurdoeleinden, Beleefbare Waa!zone. Binnen deze zones liggen een aantal grote familiebedrijven met opvolging. De NFO mist een economische impactanalyse voor deze bedrijven.
Ook is het niet duidelijk wat de gemeente West Betuwe verstaat onder grote of kleine agrariërs. Graag benadrukken wij dat de grootte van agrariërs niks te maken heeft met de locatie van de percelen (langs de rivieren of landinwaarts). Dat percelen langs de rivieren een grotere landschappelijke waarde zouden kunnen hebben is helder, maar het is niet relevant of deze percelen van een grote of kleine agrariër zijn. Het gaat om levensvatbaarheid op elke locatie en daar kan een fruitvriendelijke gemeente naast een ondernemende fruitteler aan bijdragen.
Kringlooplandbouw De bedrijven in ons agrarisch gebied maken in de jaren voorafgaand aan 2040 de omslag naar een soort van kringlooplandbouw. Ze hebben een goede manier gevonden om alles wat daarbij komt kijken een passende plek te geven in ons landschap. Dit betekent bijvoorbeeld: toekomstbestendige waterberging, weerbare fruitrassen, beplanting die de biodiversiteit bevordert en maatregelen voor een gezonde bodem. De NFO is van mening dat de fruitteeltsector al heel erg op de goede weg is, maar alles valt of staat met het verdienmodel van de ondernemers. Als er geen goede rendementen worden gehaald is er ook geen ruimte voor innovaties en extra verduurzaming, natuurinclusieve landbouw, etc.. Resumerend De NFO is blij met de omschrijving van de omgevingsvisie: Een bloeiende fruitgemeente in een prachtig rivierenlandschap, waar je duurzaam en gezond woont, werkt en leeft. De NFO is blij met de aandacht die er binnen de gemeente West Betuwe is voor de fruitsector. Er zou meer aandacht mogen zijn voor bodem en water als DNA voor het gebied. Daarnaast zijn er nog wat onduidelijkheden over hoe de gemeente invulling wil gaan geven aan een waterrobuuste inrichting van de gemeente. Maar er is ook onduidelijkheid over het toekomst perspectief van fruitbedrijven langs de Linge en de Waal. De NFO ziet hier graag duidelijkheid in. Deze duidelijkheid begint met een goede visiekaart.
De kleuren en arceringen liggen zo dicht bij elkaar dat niet goed te onderscheiden is welke functie waar gewenst is door de gemeente. De NFO hoopt in de uiteindelijke omgevingsvisie een duidelijkere visiekaart West Betuwe 2040 terug te zien. Deze is nu niet altijd even duidelijk en daar komt ruis van op de lijn. Tot slot wordt
in
het laatste
hoofdstuk ingegaan
op
participatie.
Participatie
betekent
belanghebbenden vroegtijdig betrekken. Een mooie afsluiter voor deze zienswijze. De NFO zou graag vroegtijdig betrokken worden als er onderworpen besproken worden die de fruitsector raken. Uiteraard zijn wij bereid om onze zienswijze mondeling toe te lichten.
De NFO ziet uw reactie met belangstelling tegemoet.
Met vriendelijke groet, NEDER ANDSE FRUITTELERS ORGANISATIE „
Erik van Haarlem. NFO Kring Midden Nederland/Regio West Betuwe Bommelerwaard.