B1 01 Brief RoyalHaskoningDHV met reactie.pdf
Tekst van het document
HASKONINGDHV NEDERLAND B.V.
Gemeente West Betuwe T.a.v. mevrouw N. Aarts Postbus 112 4190 CC Geldermalsen
Larixplein 1 5616 VB EINDHOVEN
+31 88 348 42 50 T info@rhdhv.com E royalhaskoningdhv.com W
Datum: Uw kenmerk: Ons kenmerk: Classificatie:
17 februari 2020 Contact: Telefoon: BG9822_T&P_LE_2002171417 E-mail: Projectgerelateerd
Bart Hoogenberg 088 34 889 72 bart.hoogenberg@rhdhv.com
Betreft: Reactie op Technische notitie beoordeling Grondwatermonitoring te Spijk Geachte mevrouw Aarts, Naar aanleiding van de door RHDHV opgestelde notitie “Golfbaan Spijk: Grondwatermonitoring ter plaatse van toegepaste LD-staalslakken” is een technische beoordeling ontvangen van Heijnens Milieuadvies (6 februari 2020). Op verzoek van de Omgevingsdienst Rivierenland hebben we in deze brief een reactie geformuleerd op de onderdelen van de technische beoordeling die betrekking hebben op het uitgevoerde grondwateronderzoek. In de technische beoordeling wordt de kwaliteit van een deel van de bemonsterde peilbuizen in twijfel getrokken. Hierbij wordt gerefereerd aan correspondentie welke in het kader van het strafrechtelijk onderzoek is uitgewisseld. In de technische beoordeling wordt gesteld dat in de notitie van Royal HaskoningDHV een opmerking gemaakt had moeten worden dat de peilbuizen door derden zijn geplaatst en dat twijfel bestaat over de kwaliteit van de peilbuizen. Hierbij wordt tevens verwezen naar de BRL SIKB 2000. Ten tijde van het uitvoeren van het grondwateronderzoek was door Royal HaskoningDHV geen informatie verkregen aangaande een discussie over de kwaliteit van de peilbuizen.
Uit navraag blijkt dat de omgevingsdienst Rivierenland evenmin op de hoogte is van een lopende discussie en volgens haar zijn de betreffende peilbuizen (1001 t/m 1005) conform de richtlijnen van de BRL SIKB 2000 geplaatst. Stelling volgens Royal HaskoningDHV Op grond van artikel 15 van het besluit bodemkwaliteit is het verboden een werkzaamheid uit te voeren zonder daartoe verleende erkenning. Onder deze werkzaamheid wordt onder andere het plaatsen van peilbuizen en het bemonsteren van peilbuizen verstaan. De bemonsterde peilbuizen zijn recent (in ieder geval na het van kracht worden van het Besluit bodemkwaliteit) door derden geplaatst (BRL SIKB 2000, protocol 2001 of in geval van machinale boringen BRL SIKB 2100).
HaskoningDHV Nederland B.V. is part of Royal HaskoningDHV Trade register number: 56515154
In de NEN 5725 is geborgd dat het adviesbureau ervan uit mag gaan dat door de informatiehouder aangeleverde informatie juist en volledig is (anders gezegd: het adviesbureau mag afgaan op de informatie die is aangeleverd en hoeft geen voorbehoud te maken ten aanzien van werkzaamheden die door derden zijn uitgevoerd (of alleen peilbuizen gebruiken die door dezelfde organisatie zijn geplaatst)). Derhalve hanteren wij, tot onomstotelijk het tegendeel is komen vast te staan, het standpunt dat deze peilbuis volgens de bij ons aangeleverde informatie onder erkenning en volgens de geldende richtlijnen zijn geplaatst. Voor de bemonstering van de peilbuis is de BRL SIKB 2000, protocol 2002 van toepassing. Voor de uitvoering van de werkzaamheden wordt daarbij verwezen naar de NEN 5744. In de NEN 5744 zijn geen beperkingen opgenomen ten aanzien van welke peilbuizen wel en welke peilbuizen niet bemonsterd mogen worden. Anders gezegd: een veldwerker mag iedere peilbuis onder erkenning bemonsteren mits daarbij de werkwijze als beschreven in de normdocumenten wordt gevolgd. De BRL SIKB normdocumenten gaan expliciet over de uitvoering van een werkzaamheid zoals het uitvoeren van boringen, het plaatsen van peilbuizen of het bemonsteren van peilbuizen. De BRL SIKB documenten gaan niet over de interpretatie van de resultaten als gevolg van deze werkzaamheden.
Indien men van mening is dat de peilbuizen niet overeenkomstig de geldende normen zijn geplaatst (wij hebben geen onomstotelijke bewijzen dat dat het geval is) dan zou in eerste instantie de organisatie moeten worden aangesproken die deze peilbuizen heeft geplaatst en niet de organisatie die de peilbuizen heeft bemonsterd. Met het uitgevoerde grondwateronderzoek zijn kwaliteitsgegevens verkregen van het grondwater ter hoogte van het filterniveau van de peilbuizen. In de notitie van Royal HaskoningDHV is aangegeven op welke wijze controle en interpretatie heeft plaatsgevonden ten einde te verifiëren dat representatieve watermonsters zijn verkregen. Hieruit en uit vergelijking met de metingen van de andere bemonsterde peilbuizen is niet gebleken dat de peilbuizen 1001 t/m 1005 zodanig afwijkend zijn dat deze ongeschikt zijn voor het grondwateronderzoek. Op het moment dat onomstotelijk vast komt te staan dat de peilbuizen niet volgens de geldende eisen zijn geplaatst, dan kan dat een effect hebben op de interpretatie van de onderzoeksresultaten. In dat geval kan dit voortschrijdende inzicht aanleiding zijn om de uitkomsten van de grondwaterbemonstering en de interpretatie daarvan te heroverwegen. Hopende u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben. Met vriendelijke groet, HaskoningDHV Nederland B.V.
ir. B. Hoogenberg Adviseur bodemsanering
17 februari 2020
BG9822_T&P_LE_2002171417
2/2