20250113-Beantwoording-vragen-vwb-kosten-beheersing-van-het-leerlingenvervoer.pdf
Tekst van het document
Vragen van de raad Gesteld op Beantwoord op Partij Onderwerp
10 januari 2025 13 januari 2025 Verenigd West Betuwe Kosten beheersing van het leerlingenvervoer
Bij het opstellen van een verordening voor leerlingenvervoer kunnen we maatregelen opnemen om de kosten te beheersen, terwijl tegelijkertijd wordt voldaan aan wettelijke verplichtingen en de behoeften van leerlingen. Daarom de onderstaande vragen.
Vraag 1 Wordt zelfstandig reizen voldoende gestimuleerd? Begeleiding naar zelfstandig reizen: Introduceer een programma waarin leerlingen leren zelfstandig te reizen met het openbaar vervoer. Dit kan via proefperiodes met begeleiding of reisklassen. Gebruik OV waar mogelijk: Maak openbaar vervoer de standaard, tenzij een leerling door een beperking of medische reden hiervan geen gebruik kan maken. Antwoord In de nieuwe beleidsregels geven we vorm aan het stimuleren van zelfstandig reizen. Op dit moment is er al een mogelijkheid om voor een korte duur met begeleiding met het openbaar vervoer te reizen. Alle aanvragen beoordelen we achtereenvolgens of vervoer (al dan niet met begeleiding) mogelijk is per fiets, per openbaar vervoer, met eigen vervoer en tot slot met aangepast vervoer. Het openbaar vervoer is te allen tijde voorliggende op aangepast vervoer. Vraag 2 Is er een helder beleid voor afstand en vergoeding? Minimale afstandscriteria: zijn er duidelijke grenzen aan de minimale loopafstand tot de school (bijvoorbeeld 10 kilometer). Binnen deze afstand is ouderschap/vervoersverantwoordelijkheid leidend. Gebruik van reiskostenvergoeding: is hier een helder kader zoals hieronder: bied een financiële tegemoetkoming (bijvoorbeeld OV-abonnement) in plaats van een directe vervoersvoorziening, waar mogelijk.
Antwoord De minimale reisafstand tot de school is gesteld op zes kilometer, dit is een wettelijke grens. Tot die grens zijn ouders zelf verantwoordelijk voor vervoer. Deze grens geldt niet voor gehandicapte leerlingen. Hieronder verstaan we leerlingen, die door een lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of psychische handicap niet, of niet zelfstandig van het openbaar vervoer gebruik kunnen maken. Vraag 3 Wordt er voldoende gebruik gemaakt van regionale samenwerking? Gezamenlijke inkoop en aanbesteding: Werk samen met omliggende gemeenten voor het contracteren van
Vragen van de raad West Betuwe Pagina 2 van 3
vervoersbedrijven. Door schaalvergroting kun je gunstigere tarieven bedingen. Regiooverstijgende samenwerking: Zorg dat routes efficiënter worden ingedeeld voor leerlingen van verschillende gemeenten die naar dezelfde regio reizen?
Antwoord Het leerlingenvervoer besteden we sinds schooljaar 2020/2021 aan met zes gemeenten in Regio Rivierenland. Dit maakt dat de routes efficiënt zijn ingedeeld met leerlingen uit verschillende gemeenten naar dezelfde scholen. Vraag 4 Wordt er gebruik gemaakt van Flexibele vervoersopties? Deelvervoer: Moedig ouders aan om leerlingen te combineren in eigen vervoer (bijvoorbeeld carpoolen). Maatwerk voor korte afstanden: Overweeg fietsvergoedingen voor leerlingen binnen een straal van bijvoorbeeld 15 kilometer. Antwoord Dit zit in de beoordeling van alle vervoersaanvragen. Alle aanvragen beoordelen we achtereenvolgens of vervoer (al dan niet met begeleiding) mogelijk is per fiets, per openbaar vervoer, met eigen vervoer en tot slot met aangepast vervoer. In de praktijk komt veel maatwerk voor. Vraag 5 Is er voldoende grip op beleid voor uitzonderingen? Strikte voorwaarden voor alternatieve scholen: Zorg ervoor dat ouders aantonen waarom een school verder weg nodig is. Vergoed vervoer alleen naar de dichtstbijzijnde passende school. Hergebruik vervoersmiddelen: Onderzoek of aangepaste fietsen, rolstoelbussen, of taxi’s gedeeld kunnen worden met andere leerlingen of doelgroepen. Antwoord Vervoer naar de dichtstbijzijnde passende school is steeds het uitgangspunt. Ouders moeten aantonen dat hun kind is aangewezen op verder weg gelegen onderwijs.
Het efficiënt inrichten van het vervoer is continue punt van aandacht. Vraag 6 Worden de regelingen jaarlijks geëvalueerd? Analyseer jaarlijks de kosten en effectiviteit van de regeling. Zoek naar inefficiënties, zoals halflege bussen, en stuur daarop bij. Antwoord Zowel regionaal met de samenwerkende gemeenten, als met de samenwerkingsverbanden onderwijs, als lokaal monitoren en evalueren we de effectiviteit van de vervoersregeling. Halflege bussen zijn niet aan de orde.
Vragen van de raad West Betuwe Pagina 3 van 3
Vraag 7 Is er voldoende overleg met ouders en scholen? Bewustwording: Informeer ouders over hun verantwoordelijkheid en de kosten van leerlingenvervoer. Alternatieven onderzoeken: Werk samen met scholen om leerlingen die dichtbij wonen te stimuleren zelfstandig of met ouders te reizen. Antwoord Ouders worden steeds gewezen op hun verantwoordelijkheid in contacten met de gemeente, de regiecentrale en het regionale beheerbureau Versis. De teksten op onze website passen we, na de vaststelling van de nieuwe beleidsregels, aan zodat deze verantwoordelijkheid hierin nogmaals benadrukt wordt. Vraag 8 Wordt er gebruik gemaakt van digitalisering en monitoring van kosten? Gebruik een digitaal platform voor aanvragen en monitoring van vervoerskosten. Zo kun je beter voorspellen, plannen en aanpassen. Antwoord De aanvragen voor het leerlingenvervoer gaan via de Suite voor sociale regie. Dit is een gemeentelijke applicatie om gegevens te beheren en processen binnen het sociale domein te stroomlijnen. We monitoren de vervoerskosten nauwlettend.