CConstaterende datWest Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

1d Dijkversterking Gorinchem - Waardenburg_Bijlagen bij regels__57924__.pdf

Gemeenteraad 26 januari 2021, gemeente West BetuweBij agendapunt: 12: Vaststellen bestemmingsplan Dijkversterking Gorinchem-Waardenburg14.746 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

struinen door de voormalige inundatiekom

50 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 51

4.2 Accessen

Ontwikkelingsperspectief

Accessen waren de potentiële routes voor de vijand door

De essentie van een acces is ‘doorgang’. Vanuit het

de watervlakten. Tegenwoordig zijn het belangrijke

perspectief van de Waterlinie richt de ontwikkeling van

belevingslijnen in de Nieuwe Hollandse Waterlinie. De

het landschap van de accessen zich dan ook op het

accessen doorsnijden de inundatievelden en kruisen de

versterken van de recreatieve doorgangen door de open

kernzone van de verdediging met de forten, waterwer-

velden, in verbinding met de forten en andere verdedi-

ken en restanten van de veldstellingen.

gingswerken. Dit vraagt om aantrekkelijke langzaamver-

Er zijn verschillende typen accessen. Enerzijds de

keerroutes en pleisterplaatsen.

‘landschappelijke’ accessen van de bevaarbare rivieren,

Daarnaast is het van belang de relatie tussen het acces

de droge oeverwallen en begaanbare dijken. Anderzijds

en de verdedingswerken herkenbaar en beleefbaar te

de infrastructurele accessen in de vorm van wegen,

maken. Om deze relatie duidelijk te maken is het

kaden en spoordijken.

gewenst dat vanaf het acces het verdedigingswerk

Samen met de hoofdverdedigingslijn en de inundatielijn

zichtbaar is en omgekeerd. Op passende, subtiele wijze,

vormen de accessen een netwerk, in de vorm van een

want hier speelt het zoeken naar de balans tussen

‘ladderstructuur’. Voor de toekomst van de Waterlinie

historische camouflage en eigentijdse herkenbaarheid.

- de maatschappelijke beleving - is de versterking van

Hier ligt bijvoorbeeld een belangrijke opgave om

recreatieve begaanbaarheid en verblijfskwaliteit van

natuurdoelen af te stemmen op de gewenste zichtbaar-

belang. De accessen maken het Linielandschap zichtbaar

heid van de linie.

en ontsluiten de forten en andere historische verdedi-

Functieveranderingen op de accessen zullen op deze

gings- en inundatiewerken.

essenties beoordeeld worden en op de samenhang met de kernkwaliteiten van het onderliggend landschap. Dat is per acces anders; een oeverwal heeft immers andere waarden dan een spoordijk of een uiterwaard. Infrastructurele ontwikkelingen bieden ook kansen voor het vergroten van de herkenbaarheid van de Waterlinie, zeker waar routes de hoofdverdedigingslijn kruisen en de vele weggebruikers zicht kunnen hebben op de liniepassage.

52 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

Ontwerprichtlijnen Bij ingrepen in het landschap van de accessen zijn de volgende essenties van belang: Ontwikkel doorgaande recreatieve routes Voor de beleving van de Waterlinie is het belangrijk het recreatief padenstelsel op hoge droge landschapsdelen, zoals de oeverwallen en stroomruggen, te versterken. De vormgeving van de accespaden heeft geen specifiek militaire uitstraling (het was de route van de vijand), maar komt voort uit het onderliggend landschap.

rivieracces

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 53

Gebiedsspecifiek karakter onderliggend lanschap Het verhogen van de ruimtelijke kwaliteit van de accessen betekent ook het versterken van het gebiedseigen karakter van het onderliggend landschap, zoals het versterken van de landschapsopbouw van een oeverwal waarbij de Waaloevers een andere identiteit hebben dan de oevers van de Linge of de Lek. Zicht op de verdedigingswerken In het militair systeem was zicht vanaf het acces op de forten, batterijen, kazematten en schuilplaatsen ongewenst. Het Nederlandse leger wilde immers gedekt opgesteld staan om de vijand te verrassen in de vijandelijke opmars. Nu is herkenbaarheid van de maak de verdedigingswerken zichtbaar vanaf de accessen

Waterlinie van belang, dus zicht op de verdedigingswer-

wandelend en fietsend over de droge ruggen en kaden, vanuit de auto of vanaf de boot

ken is gewenst. Maar wel in een gepaste balans met de historische camouflage; met een verrassingseffect.

Herkenbare passage van de hoofdverdedigingslijn De passage van een acces met de hoofdverdedigingslijn

Zicht op de open inundatievelden

is niet altijd even herkenbaar. Dat was nooit de militaire

De droge routes door de inundatievelden bieden het

opzet, maar vergroten van de herkenbaarheid van de

perspectief op de inundatievelden. Zicht vanaf de routes

kruising heeft meerwaarde voor de huidige maatschap-

is belangrijk.

pelijke doelstelling. Hiervoor zijn verschillende ontwerpmiddelen denkbaar, zoals een markante vorm van het kruisvlak (bijvoorbeeld coupurewanden), het maken van een wateraccent als verwijzing naar de inundatie, het verdichten van de veilige zijde of op een artistieke wijze.

54 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 55

4.3 Kernzone militair verdedigingsstelsel De kernzone van de Waterlinie - geredeneerd vanuit de beleving van de militair-historische bouwwerken bestaat uit de rijksmonumentale objecten gelegen langs de hoofdverdedingslijn. Deze kernzone is een variabele zone aan weerszijden van de hoofdverdedigingslijn. Het bevat de forten en militaire verdedigings- en inundatiewerken, zoals de schuilplaatsen, kazematten, inundatiesluizen, inundatiekanalen en batterijen, Kringenwetwoningen en de Verboden Kringen en schootsvelden. Het landschap van de kernzone is de directe context van de monumenten. Het doel van de kernzone is het beschermen van het militair-historisch ensemble, de samenhang tussen de monumenten onderling en hun directe omgeving. De huidige openheid binnen de Verboden Kringen en de schootsvelden vanaf de hoofdverdedigingslijn richting de accessen en inundatiekommen moet behouden blijven. Het planologisch regime staat ten dienste van de samenhang, waarneembaarheid en de recreatieve waarde van de Waterlinie. Dit betreft zowel bescherming van nog aanwezige waarden als ontwikkelingen ter versterking van de beleefbaarheid, zoals de aanleg van een recreatief netwerk en de ‘natte voet’ onderaan de hoofdverdedigingslijn, in samenhang met water- en natuuropgaven.

hoofdverdedigingslijn met Verboden Kringen: verbindend, ordenend, recreatief

56 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

Ontwikkelingsperspectief De monumenten binnen de kernzone, zoals de forten, batterijen, houten Kringenwetwoningen, schuilplaatsen, kazematten en inundatiewerken, worden via de Monumentenwet beschermd. De ontwikkeling ervan is gericht op duurzame instandhouding en maatschappelijke beleving. Voor exploitabele objecten, zoals de forten, is behoud door ontwikkeling het credo. Door het toevoegen van economische functies kan dit erfgoed behouden blijven. Voorwaarden zijn het behoud van de kernwaarden en publieke toegankelijkheid. Daarbij is het goed mogelijk om nieuwe voorzieningen te integreren met het historisch object. Daar zijn inmiddels tal van goede voorbeelden van. Voor de niet-exploitabele objecten, zoals de dijken, batterijen, schuilplaatsen, kazematten en inundatiewerken, is duurzaam behoud en beleefbaarheid eveneens de koers. Aangezien het economisch ten nutte maken van deze objecten nauwelijks mogelijk is, vraagt dit om een andere organisatie van beheer. Voor de hoofdverdedigingslijn is de inzet gericht op actief herstel, eenheid van behandeling, fysieke

recreatie, landbouw, kunst en natuurobservatie in de kernzone

continuïteit en toegankelijkheid voor fietsers en wandelaars. Hier ligt een belangrijke opgave om het recreatief routenetwerk te verbeteren, want veilige en

ontwikkelen. De openheid van de schootsvelden hangt

aantrekkelijke routes door de kernzone zijn zker niet

immers voor een groot deel samen met een vitaal open,

overal een vanzelfsprekendheid. Het gaat hierbij om

agrarisch grondgebruik. Vanuit Waterlinieperspectief is

uitbreiding van het routenetwerk, het vinden van

het dan ook denkbaar dat op een agrarisch erf uitbrei-

alternatieven voor barrieres, maar ook om kwaliteitsver-

ding van agrarische bebouwing plaatsvindt. Mits

betering van de beleving.

aantoonbaar noodzakelijk voor een duurzame agrarische

Initiatieven binnen de kernzone zullen streng worden

bedrijfsvoering én het door een goed ontwerp een

beoordeeld (nee, tenzij) op het effect op de kernkwalitei-

kwaliteitsimpuls betekent.

ten, maar dit betekent niet dat deze zone ‘op slot’ zit.

Transformaties van reeds aanwezige erven (van

Ook de kernzone is een ‘levend landschap’.

boerenerf naar burgerwoningen of naar een recreatieve

De landbouw kan zich binnen de kernzone blijven

(mede)gebruiksfunctie) passen prima in het

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 57

Waterliniegedachtengoed als dit gepaard gaat met een

Ontwikkelingen voor natuur- en waterbeheer en

landschappelijke kwaliteitsimpuls.

landschapsbouw kunnen zich prima gaan voegen naar

Omdat er in de kernzone groot belang wordt gehecht aan

het groene karakter van de Waterlinie en zijn in potentie

de openheid van de schootsvelden is er geen ruimte voor

waardevol voor de versterking ervan. Het is hierbij wel

nieuwvestiging van erven in het open landschap (in de

van belang dat de herinrichting van het landschap wordt

kernzone). En dat geldt niet enkel voor nieuwe gebou-

afgestemd op de militair-historische kenmerken, de

wen; ook verzoeken tot de ontwikkeling van bosschages

openheid en de kenmerken van het onderliggende

en andere hoog opgaande elementen zullen kritisch

landschap.

worden bekeken in relatie tot de openheid van de

respect voor openheid schootsvelden

schootsvelden. De mogelijkheden voor opgaande

Ontwerprichtlijnen

beplantingen zijn sterk locatieafhankelijk. Denk bijvoor-

Het militair verdedigingsstelsel heeft een complexe

beeld aan de aanleg van nieuwe boomgaarden.

opbouw, met voor ieder onderdeel eigen richtlijnen voor

Boomgaarden zijn enerzijds een vanzelfsprekend en

initiatieven. De hoofdlijnen worden op de volgende

verrijkend onderdeel van het oeverwallandschap van de

pagina’s weergegeven, geordend naar de volgende

accessen, maar kunnen plaatselijk de schootsvelden

onderdelen:

verstoren. Dit vraagt maatwerk in beoordeling.

- hoofdverdedigingslijn

Voor bestaande dorpen en steden dient ontwikkeling

- forten

gericht te zijn op kwalitatieve inpassing van de randen.

- Verboden Kringen

Stedelijke uitbreiding binnen de kernzone is ongewenst.

- kleine verdedigingswerken

58 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

HOOFDVERDEDIGINGSLIJN De hoofdverdedigingslijn is de hoger gelegen westelijke begrenzing van de Waterlinie. De lijn bestaat grotendeels uit kaden en dijken, maar ook voor een deel uit natuurlijke hoogten in het landschap. De kaden en dijken waren vaak van oudere oorsprong met een civiele functie. Hier is het verschil met gewone polderdijken vaak niet te zien. Maar deels zijn er ook militaire liniedijken aan toegevoegd, om een sluitend systeem te krijgen. Ook deze zijn zo aangelegd dat ze niet teveel opvielen in het landschap. Voor huidige transformaties is het echter juist wel belangrijk dat de verbindende lijn tussen de forten (subtiel) herkenbaar is, om de samenhang in het liniesysteem begrijpelijk te maken.

hoog in het landschap, dichte veilige zijde, open en natte inundatiezijde, recreatie-as

Lijnopgave

Respect voor de historische kenmerken

De hoofdverdedigingslijn is dé lijnopgave van de Nieuwe

De hoofdverdedigingslijn is samengesteld uit meerdere

Hollandse Waterlinie. Het gaat om het ontwikkelen van

dijken en kaden, vaak van oudere oorsprong. De

de hoofdverdedigingslijn tot een herkenbare eenheid, als

Waterlinie is vaak één van de vele lagen in de geschiede-

verbindende schakel tussen de veelheid aan losse

nis. Het is de opgave respectvol om te gaan met de nog

Waterlinie-objecten. Het is de opgave om ruimtelijke

aanwezige historische kenmerken, zoals bijvoorbeeld

ingrepen op en langs de lijn op zodanige wijze vorm te

hoge, steile taluds en een smalle kruin en dijkverleggin-

geven dat de eenheid en het karakter van de Linie als

gen bij de wielen. De tekenen van de tijd geven de lijn

geheel worden versterkt.

het vaak gewaarde verweerde uiterlijk. Versterk karakteristiek asymmetrisch profiel De hoofdverdedigingslijn is een ordenende lijn in het landschap. Het landschap links van de lijn heeft zich vaak anders ontwikkeld dan rechts van de lijn. In zijn meest pure vorm is de hoofdverdedigingslijn de grens tussen nat en droog gebied, tussen het veilige westen en het te inunderen oosten. Contrasten moeten waar mogelijk versterkt worden: binnen-buiten, droog-nat, besloten-open. Dit geldt zowel voor de dijk zelf, als voor de gebiedsinrichting erom heen.

een lijn heeft een begin en een eind: lijnstukken van fort naar fort

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 59

Militair karakter De hoofdverdedigingslijn is een samenstelsel van kaden en dijken, maar ook een militaire lijn met een daarbijhorende vormentaal. Specifieke militaire kenmerken, zoals bijvoorbeeld de aardwerken van batterijen als onderdeel van dijktaluds en restanten van grondwerken van groepsnesten, zijn behoudenswaardig en kunnen aanknopingspunten voor beleving bieden. Recreatieve as Voor de hoofdverdedigingslijn van de 21ste eeuw is een betere toeristisch-recreatieve toegankelijkheid van belang. Dit vraagt verbetering van de gebruiksmogelijkheden voor fietsers en wandelaars op en langs de lijn. Openstelling van militaire locaties op de dijk, zoals de batterijen, vergroot de attractiviteit. Het is tevens de opgave om deze recreatieve lijn te verknopen met het recreatief netwerk van routes in de omgeving.

voorbeeld hoofdverdedigingslijn: batterij onderdeel dijklichaam

Omgaan met doorsnijdingen Continuïteit van de hoofdverdedigingslijn is van belang: ruimtelijk en recreatief. Onderbrekingen van de lijn moeten dan ook zoveel als mogelijk voorkomen worden. Toch is het denkbaar dat nieuwe doorsnijdingen nodig zijn, bijvoorbeeld door aanleg van een nieuwe weg. Bij een dergelijke ingreep is het van belang dat er een heldere ontwerpoplossing wordt gevonden - bijvoorbeeld door de insnijding smal te houden of door een coupure aan te leggen - én dat er maatregelen worden genomen om de recreatieve continuïteit te herstellen. Ook bestaande gaten kunnen opnieuw ontwikkeld worden om het doorgaande karakter te versterken, bijvoorbeeld bij de verdwenen lijn in de Tielerwaard. smalle doorsnijding, herstel continuïteit

60 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

FORTEN De Nieuwe Hollandse Waterlinie kent een grote diversiteit aan forten, specifiek ontworpen voor de vele locaties. Relatie fort en te verdedigen acces Een fort is aangelegd om een plek met geschut te verdedigen; een doorgang voor vijandelijke troepen of een essentieel punt zoals een waterinlaat. Het zichtbaar houden of maken van dit punt vanaf het fort is van belang voor het begrip van de werking van de verdediging. Uitzicht en openheid zijn belangrijk. Herkenbaarheid contouren De forten van de Nieuwe Hollandse Waterlinie zijn in essentie aardwerken; hoge grondwallen met een karakteristiek militaire profilering voor de plaatsing van geschut. De herkenbaarheid van het grondwerk is van belang bij nieuwe ontwikkelingen. Zo ook de herkenbaar-

forten in vele soorten en maten, speciaal ontworpen voor de te verdedigen locatie

heid van de gracht.

vuurlijn / binnenkruin

plongee banket

walgang

buitenkruin

contrescarp

buitentalud

escarp

gedekte weg banket

binnentalud

borstwering

terreplein

hoofdwal

borstwering

principe historische opbouw vestingwal

berm

onderwal / fausse braye

gracht met cunette

glacis

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 61

h o

o f

e d v

r d

e

g d i

g i n

v o o

s l

i j

n

a c

r z i j d e

h

r t e

v r i j

z i

j d

o s c h

e

o

v t s

e

l d

Militaire beplanting Op de forten werden bomen en struiken ingezet als barriere, als bescherming tegen afkalving van grachtboorden, voor brandhout of gebruikshout voor het maken van versterkingen. In de tweede helft van de

voor-achter

Voor en achter

19de eeuw kwam er de functie van camouflage en

Een fort heeft een voor -en achterkant. De voorzijde is

beschutting bij. Hoog opgaande beplanting maskeerde

de schutszijde: stevige grondwallen om inslaande

het fortsilhouet en de vuurmonden.

projectielen op te vangen, gecamoufleerd in het

De huidige forten verschillen sterk in beplantingsbeeld;

landschap. Aan de achterzijde (keelzijde) bevindt zich de

van geheel open tot dichtbegroeid, van herkenbaar

ingang. Bij nieuwe ontwikkeling is het respecteren van

militair tot natuurlijke verruiging. Voor de toekomst moet

de opbouw van belang. Zo is het vaak wenselijk de

per fort bezien worden wat de gewenste koers is, in de

hoofdentree aan de achterzijde te houden, evenals het

balans tussen behoud-herstel-eigentijds, tussen

parkeren.

zichtbaarheid van het fort en camouflage.

silhouet

Silhouet in het landschap Forten zijn gedekt opgesteld in het landschap. De grastaluds en beplantingen - bewust ingezet voor camouflage - tekenen de silhouetten van de forten af. Bij de herontwikkeling gaat het om het vinden van de juiste balans tussen de herkenbaarheid van het fort en de historische camouflage.

62 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

Gebouwen De forten herbergen een rijk scala aan gebouwen, voor diverse functies, uit diverse tijdsperioden. Bij herontwikkeling is het van belang de cultuurhistorische waarde per gebouw te bepalen en dit te betrekken bij het bepalen van het toekomstperspectief: behoud en hergebruik of mogelijk sloop wanneer er sprake is van verstoring van de kernwaarden. Een nieuwe functie is de beste borging voor het behoud van de historische gebouwen. Vaak zal dit vragen om eigentijdse ingrepen om het gebouw exploitabel te maken. Bouwkundige ingrepen, conform wet- en regelgeving, zijn prima mogelijk. Zo is het creëren van een uitbreiding, bijvoorbeeld onder een gronddekking, goed denkbaar, als ook het maken van insnijdingen voor lichttoetreding. In de Waterlinie en andere historische vestingwerken zijn tal van inspirerende voorbeelden bekend van hergebruik en ruimtelijke aanpassingen.

torens, contrescarps, remises, kazernes, loodsen, werkplaatsen, eetzalen, kantoren, schuilplaatsen, fortwachterswoningen, ....

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 63

Ruimte voor nieuwbouw In principe is het toevoegen van nieuwe gebouwen aan forten goed denkbaar. De Waterlinie kent immers een traditie van permanente modernisatie. Afhankelijk van de plek moet worden bepaald of nieuwbouw passend in het ensemble is. Het is daarbij wel van belang dat de nieuwbouw herkenbaar is als eigentijdse toevoeging. Replica’s worden in de meeste situaties niet gewaardeerd.

nieuwe loodsen, nieuwe woningen, nieuwe kantoren, ateliers, horecagelegenheden, expositieruimtes, ...

64 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 65

Grenzen Forten en batterijen werden in het veld afgebakend met een rij ‘limietpalen’ op de militaire landsgrens. Op deze natuurstenen blokken staat de letter ‘O’ gegraveerd, van het ministerie van Oorlog, en het nummer van de limietpaal. Soms werd het buitenterrein begrensd met een hekwerk, ook wel glinting genoemd.

voorbeeld van een militaire landsgrens, gemarkeerd met genummerde limietpalen

limietpalen en glinting

66 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

Aandacht voor details De forten van de Waterlinie hebben tal van karaktervolle details in zich. Vaak sober en doelmatig, maar soms ook van een verrassende rijkdom en expressie. Bouwkundige detaillering van gebouwen, maar ook details in de vorm van kleine elementen op en rond de forteilanden zoals limietpalen, glinting en zoutbakken. Bij nieuwe ontwikkelingen wordt een respectvolle omgang met de details gevraagd.

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 67

Om eenheid, rust en herkenbaarheid aan te brengen in

Belangrijke kenmerken van het Liniemeubilair zijn

de vele eigentijdse toevoegingen aan de Nieuwe

soberheid, terughoudendheid en utilitaire bouw. De

Hollandse Waterlinie is er een catalogus ontwikkeld; het

materialen zijn zwart metaal, inlands eiken en beton. Het

Handboek Meubilair Nieuwe Hollandse Waterlinie. Dit

kleurenpalet bestaat uit lichtgrijs, eikenhoutkleur en

handboek bevat ontwerpen voor receatieve elementen,

zwart. Kenmerkend is de introductie van het zwart stalen

zoals bankjes, picknicksets, informatieborden, hekwer-

W-profiel. Deze tot een W gevouwen metalen paal

ken en taludtrappen. Door eenheid in vormgeving, kleur

versterkt de eigenheid van de Linie en kan op diverse

en materiaalgebruik wordt verrommeling van de

manieren worden ingezet, zoals bij de hekwerken op

Waterlinie voorkomen en de herkenbaarheid versterkt.

forten, als afrastering bij de batterijen en als drager van

Het zijn eigentijdse ontwerpen, geïnspireerd op de

informatiebordjes.

historisch-militaire elementen van de Linie, passend in

Het Handboek Liniemeubilair wordt continu aangescherpt

het Waterliniekarakter. Het handboek is uitgewerkt in

met praktijkervaringen. De website Hollandse Waterlinie

bestekstekeningen voor de diverse onderdelen.

geeft de actuele stand van zaken weer.

68 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

3 0 0 m 6 0 0 m

VERBODEN KRINGEN Een vrij schootsveld in de Linie was in oorlogstijd van

1 0 0 0

groot belang. Daarom was het gebied rond de verdedigingswerken ingedeeld in zones van 300, 600 en 1000

m Verboden Kringen

meter, de zogenaamde Verboden Kringen. In deze

Behoud en versterk de openheid

gebieden moest men zich houden aan allerlei bouw- en

De nog aanwezige openheid rondom de forten en

beplantingsvoorschriften. Binnen de eerste kring van 300

batterijen is een behoudenswaardige kwaliteit. De

meter mocht alleen in hout gebouwd worden, in de

openheid heeft een directe relatie met het oorspronkelijk

tweede kring was bouwen in steen toegestaan tot 50

functioneren van het fort. Het beleid is dan ook gericht

centimeter boven de grond en voor schoorstenen, en

op het behouden van de openheid en waar mogelijk het

binnen de buitenste kring waren alle bouwmaterialen in

versterken ervan. Toevoegen van massa, zoals nieuwe

principe toegestaan, maar konden bij oorlogsdreiging

erven of bossen midden in de openheid, moet voorko-

alle obstakels worden geruimd door de militaire

men worden. Bij voorkeur vindt de verdichting achter de

bevelhebber.

hoofdverdedigingslijn plaats.

De openheid van de voormalige schootsvelden is het

De mate van openheid wisselt sterk per fort. Veel forten

meest kwetsbare deel van het Liniesysteem. Tot 1963

in het landelijk gebied kenmerken zich door een weids

werden de schootsvelden bij wet vrij gehouden van

landschap, maar er zijn ook forten en vestingsteden

bebouwing en bosaanleg. Deze Kringenwet heeft ervoor

omringd door woonwijken en bedrijventerreinen. De

gezorgd dat veel forten nog een open landschap om zich

omgang met de Verboden Kringen is dan ook een

heen hebben.

maatwerpopgave variërend van geheel open houden, tot het uitsparen van zichtlijnen en het maken van contrast tussen de leegte en verdichting.

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 69

Kwaliteitsimpuls van de randen

Houtbouw versterkt de identiteit

Openheid heeft grenzen. Soms liggen er stads- en

Bouwen in de Verboden Kringen zal kritisch bezien

dorpsranden aan de buitenzijden van de Verboden

worden, maar daar waar nieuwbouw passend is en als

Kringen, maar er liggen ook bebouwingsclusters binnen

een maatschappelijk meerwaarde wordt beschouwd, is

de Kringen (vaak ontstaan na 1963). De belevingskwali-

het streven de gebouwen uit te voeren in hout. Dat

teit van het landschap wordt mede bepaald door de

versterkt de identiteit van de Verboden Kringen.

ruimtelijke kwaliteit van deze randen. Waar kansen zich

Voor de nog aanwezige historische houten Kringenwet-

voordoen kan hier een kwaliteitsimpuls gegeven worden.

woningen geldt dat behoud en bescherming het streven

Door het toevoegen van beplanting, eventueel gecombi-

is.

neerd met enkele nieuwe gebouwen, kan een beter aanzicht gecreëerd worden. Hoewel er dan feitelijk toename van verdichting langs de rand plaatsvindt, kan dit per saldo een verbetering van de kwaliteit betekenen.

historisch houten Kringenwethuis

eigentijdse houtbouw op Fort Blauwkapel

70 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

KLEINE VERDEDIGINGSWERKEN

artillerie en vliegtuigen echter sterk verminderd. De

Naast de grote forten is er in de Waterlinie een groot

oudere verdedigingswerken werden nu ingezet als

aantal kleine verdedigingswerken. Hindernissen,

stormvrij infanteriesteunpunt.

artilleriebatterijen, grachten, prikkeldraadversperringen

Geconcludeerd werd dat de verdediging meer in de

en loopgraven aangelegd tussen de ‘kelen’ van de forten

diepte gevoerd zou moeten worden; in de

vormden een doorgaande veldstelling. Op deze ‘hoofd-

‘Hoofdweerstandsstrook’. De hoofdweerstandsstrook was

verdedigingslijn (H.V.L.)’ moest de uiteindelijke

een strook van enkele kilometers diepte met opgestelde

hardnekkige weerstand geboden worden. Vóór deze

troepen en wapens, bestaande uit een voorpostenstrook

hoofdverdedigingslijn lagen op wegen, dijken en

en een zone met een frontlijn, stoplijn en ruglijn.

spoorlijnen kleinere opstellingen, de voorposten en

Deze nieuwe verdedigingsvorm paste goed bij brede,

wachtposten. De bezetting daarvan had een waarschu-

diepe accessen, maar was minder geschikt voor

wingstaak en moest in geval van een aanval vertragende

inundatiestellingen, zoals langs de Diefdijklinie.

acties ondernemen en eventuele vernielingen verrichten.

Het versterkingsplan voor de Hoofdweerstandsstrook

Op brede accessen lag op enige afstand van de H.V.L. de

(voorbereiding Tweede Wereldoorlog) omvatte de bouw

Voortgezette Verdedigings Stelling (V.V.S.), die een

van circa 1000 infanterieopstellingen - de zogenaamde

vijandelijke doorbraak moest afgrendelen.

groepsnesten - 1000 betonnen schuilplaatsen (type P)

Na de Eerste Wereldoorlog bleef de Nieuwe Hollandse

en 100 mitrailleurkazematten met gietstalen koepel

Waterlinie - na 1922 officieel aangeduid als het Oostfront

(type G), 750 lichte betonkazematten voor lichte

van de Vesting Holland - gehandhaafd als verdedigingsli-

mitrailleur, 100 kazematten voor zware mitailleur en

nie. De defensieve waarde was door de inzet van zware

circa 20 kazematten voor pantserafweergeschut.

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 71

schuilplaats losse segmenten

groepsschuilplaats type P

schuilplaats

Daarnaast waren er talrijke opstellingen voor artillerie,

1915-1916

1939-1940

1916/I

pantserafweergeschut en mortieren, verbandplaatsen, commandoposten, prikkeldraadversperringen, enkele tankgrachten en tankversperringen. In 1940 werd echter besloten het zwaartepunt van de verdediging te verplaatsen naar de Grebbelinie. Hierdoor werd de bouw van de Hoofdweerstandsstrook grotendeels gestaakt. Van de geplande groepsschuilplaatsen kwamen er slechts

schuilplaats

koepelkazemat type G

betonnen loopgraaf

750 af en van de koepelkazematten slechts 80. Op

1918/II

1937-1939

1940

sommige plaatsen langs het Oostfront treffen we daarom nog half afgebouwde betonwerken aan. Van de doorgaande veldstelling resteren tegenwoordig de vele zwermen van betonwerken in het landschap. Vaak met een vervreemdend effect, op zichzelf staand in de weilanden, temidden van natuur, benut als tuinschuurtje of zelfs opgenomen in een huis. Maar ook tretraëders in de wegbermen, metalen en betonnen

pantserkazemat Kijkuit

schuilplaats

dubbele flankerende miltailleurkazemat

restanten van tankversperringen en grondwalletjes

1935

1918/I

1938

herinneren aan de veelheid van verdedigingswerken.

VIS kazemat Lunet III

VIS kazemat Biltstraat 1

dubbele flankerende miltailleurkazemat

versperring van tetraëders

1936

1936

1916

1937-1940

kanonkazemat

tankversperring

groepsnest

verschillende typen groepsschuilplaatsen, kazematten en

1933

1937-1940

1939-1940

versperringen (ongelijke schaal) (bron: ‘Versteende Ridders’)

72 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

Duurzaam behoud verdedigingswerken De waardering van de kleine verdedigingswerken is geen vanzelfsprekendheid. De schoonheid wordt vaak betwist en voor de eigenaar zijn ze soms een sta-in-de-weg voor het maaien, zaaien en ploegen. Toch moet gesteld worden dat de verzameling kleine werken bewaard moet blijven voor de toekomst. Ze zijn een wezenlijk onderdeel van de geschiedenis van de Waterlinie, markeren de hoofdverdedigingslijn tussen de forten en geven de linie de kenmerkende mystieke eigenheid. Koester de eigentijdse mystieke schoonheid De betonnen monolieten hebben een mystieke schoonheid door de eigenzinnige plaatsing in het landschap, de architectonische kwaliteit van de vorm en de rauwe betonnen huid met de charme van veroudering. Deze eigentijdse kwaliteiten zijn vertrekpunt voor ontwikke-

historisch gebruik groepsschuilplaats

ling. Op een aantal locaties heeft herstel van de historische context - met reconstructie van interieur,

Versterk ensembles

verbeelding van loopgraven en camouflage - meerwaar-

De kleine verdedigingswerken staan zelden op zichzelf.

de vanuit educatief en recreatief aspect, maar voor het

Ze vormen lijnopstellingen of clusters. Het is de opgave

merendeel van de sliert van betonwerken moet de

de beleving van ensembles in stand te houden en te

huidige (vervreemdende) verschijningsvorm gekoesterd

versterken. Dit kan op vele manieren, afhankelijk van de

worden.

lokale situatie. Door onderlinge zichtbaarheid tussen de objecten, tracering van een route, samenhangend

Relatie verdedigingswerk en te verdedigen acces

gebruik of een architectonische of kunstzinnige

Evenals een fort heeft de krans van kleine verdedigings-

toevoeging.

1 5

werken een sterke relatie met het landschap. De doorgang voor vijandelijke troepen moest met geschut

2

vergrendeld worden. Het zichtbaar houden van de relatie

opbouw groepsschuilplaats:

verdedigingswerk-te verdedigen punt is belangrijk voor

1) gesloten frontzijde

het begrip. Ook hier is voor-achter een ontwerpthema.

2) ingang aan de veilige achterzijde 3) ingang afgestemd op hoogte inundatie 4) haken voor camouflagebevestiging 5) periscoop gat

4

3

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 73

74 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

Hergebruik De robuustheid maakt de betonwerken heel verdraagzaam voor verschillende functies. Met respect voor de buitenzijde is binnenin veel mogelijk. Tuinschuur, schapenhok, vleermuisverblijf, expositieruimte, opslag en zelfs overnachting is mogelijk zonder de waarde aan te tasten. Maar ook zonder herbestemming - het zijn niet de meest exploitabele objecten - zullen veel van de monolieten de tand des tijds wel doorstaan.

gebruik en toevoeging

Transformaties en toevoegingen Bij veranderingen aan de objecten en ensembles is het van belang een helder onderscheid tussen oud en nieuw te hanteren, in vorm en materiaal. Schreeuwende vormen, kleuren en materialen zijn niet gepast: respecteer de soberheid. Het is ook belangrijk dat de objecten hun ‘onafhankelijkheid’ ten opzichte van het lokale landschap houden. Ze staan ‘gewoon’ open en groepsschuilplaatsen zijn geschikte vleermuisverblijven

bloot in het veld, zonder overgangszones in de vorm van tuinen of verhardingen, zonder afstemming op kavelpatronen. Het is een zelfstandige militaire laag over het lokale landschap, met een eigen logica.

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 75

los & vast

Mobiel en vast, permanent en tijdelijk De kleine elementen zijn in twee categorieën onder te verdelen: mobiel en vast. De metalen ‘asperges’ van tankversperringen en de tetraëders zijn losse, verplaatsbare onderdelen, die nog her en der verspreid in het landschap aanwezig zijn. Gericht op tijdelijk gebruik, verplaatsbaar, neergezet bij mobilisatie. Andere objecten, zoals de groepsschuilplaatsen en betonnen 14 | Parkeren bij de forten

sokkels van kazematten staan rotsvast verankerd in het landschap. De bij de infanteriestelling horende aardwerken en losse versperringen zijn vaak allang verdwenen. Bij nieuwe toevoegingen aan de linie dient dit contrast tussen mobiel-vast, permanent-tijdelijk als ontwerpthema afgewogen te worden.

tetraëders: historische inspiratie voor eigentijds gebruik Foto: tankversperringen als kantmarkering bij Fort Vechten

76 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 77

4.4 Verdichtingsvelden

Omdat het beleid gericht is op versterking van de

Het Nationaal Landschap Nieuwe Hollandse Waterlinie

landschappelijke kwaliteiten zijn grootschalige bedrijvig-

bevat naast de verdedigingswerken, de accessen en de

heid, verstedelijking en glastuinbouw minder voor de

inundatiekommen ook een aantal gebieden aan de

hand liggend. Deze staan op gespannen voet met het

westzijde van de hoofdverdedigingslijn, ook wel de

beoogde doel van een hoogwaardige groene en recrea-

‘veilige zijde’ genoemd. Een voorbeeld hiervan is de

tieve ontwikkeling. Per gebied en per ontwikkeling zal

lintbebouwing aan de westzijde van de Diefdijk. In het

een passende afweging en inrichting gemaakt moeten

rijksbeleid Panorama Krayenhoff wordt een aantal

worden.

grotere gebieden aan de veilige zijde ook wel ‘verdichtingsvelden’ genoemd, zoals de polder tussen de Nieuwe

Ontwerprichtlijnen

Zuiderlingedijk en Asperen en Heukelum en de polder

Het belangrijkste ontwerpcriterium voor de veilige zijde

ten zuidoosten van Spijk. Het versterken van het

van de Nieuwe Hollandse Waterlinie is het contrast met

landschappelijk contrast staat hier centraal.

de inundatievelden. Voor de uitwerking daarvan is geen

Deze gebieden aan veilige zijde behoren feitelijk niet tot

algemene richtlijn te geven. Het is van belang dat af te

het militair-historische complex, maar zijn van belang

stemmen op de lokale kenmerken. De omgang met een

om de werking van de Linie in het landschap te

bebouwingslint langs een dijk is anders dan met een

verhelderen.

natuurgebied. En zo is ook het verdichtingsprincipe in contrast met de openheid van de inundatiekommen een

Ontwikkelingsperspectief

criterium op hoofdlijnen. Op lokaal niveau bevinden zich

Waar de zuidoostzijde van de hoofdverdedigingslijn zich

zeker waardevolle open gebieden aan de veilige zijde van

op hoofdlijnen kenmerkt door een grootschalig open,

de hoofdverdedigingslijn waar zicht belangrijk blijft. Het

uniform en veelal agrarisch landschap, is er aan de

is maatwerk en Deel II geeft aanknopingspunten voor het

veilige zijde ruimte voor landschappelijke verdichting:

versterken en benutten van de regionale en lokale

een kleinschalige ruimtelijke en functionele mix. Hier

identiteit. Afstemming op het onderliggend landschap is

staat niet langer het behoud van het oorspronkelijk

hier de kern.

agrarisch landschap voorop; er wordt, naast bestaand agrarisch gebruik, ruimte geboden voor nieuwe ontwikkelingen zoals recreatie, stedelijk uitloop, nieuwe landgoederen, landelijk wonen, natuur- en waterontwikkeling. Voorop staat het groene karakter van de verdichting. Deze functionele verandering kan/zal ook landschappelijke verdichting Diefdijk

samengaan met een ruimtelijke verandering van het

landgoedontwikkeling Spica Staete

landschap naar meer kleinschaligheid. Dit is een

golfbaan Spijk

bewuste keuze, in contrast met de inundatievelden, met

nieuwbouw Hoog Dalem

nieuwe kwaliteiten en belevingen.

78 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 79

80 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

Pact van Loevestein, juli 2015

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

ten zuiden van de Lek DEEL II - inundatiekom Tielerwaard handboek voor beschermen én ontwikkelen

2 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

COLOFON Opdrachtgever: Nieuwe Hollandse Waterlinie - Pact van Loevestein Samenwerking: gemeenten Culemborg, Geldermalsen, Lingewaal, Zaltbommel, Werkendam, Woudrichem, Vianen, Leerdam, Gorinchem, Lingewaard, Tiel, de provincies Gelderland, Noord-Brabant en Zuid-Holland en Dienst Landelijk Gebied Inhoud, tekst en beeld: Kees van der Velden - landschapsarchitect Materiaal: beeldenbank NHW, GIS competence Center DLG, Rijksdienst Cultureel Erfgoed, Chris Will, Douwe Koen, Jaap de Zee, Richard Trenning, Gerard Burgers, Atlas Nieuwe Hollandse Waterlinie, Kees van der Velden en internet Pact van Loevestein, juli 2015

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 3

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie ten zuiden van de Lek DEEL II - inundatiekom Tielerwaard handboek voor beschermen én ontwikkelen

4 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

inundatiekom Culemborgerwaard

inundatiekom Tielerwaard

inundatiekom Bommelerwaard

inundatiekom Land van Altena

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 5

DEEL II Kernkwaliteiten ten zuiden van de Lek In het eerste deel bent u meegenomen in de achtergronden en hoofdlijnen van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. In deel II worden de kernkwaliteiten ten zuiden van de Lek meer expliciet gemaakt. Hierbij komen zowel de streekeigen kernkwaliteiten van de Waterlinie - met het inundatiestelsel, de accessen en de hoofdverdedigingslijn met verdedigingsclusters - als het onderliggend landschap aan bod. Ieder onderdeel is voorzien van een korte inhoudelijke omschrijving, een opsomming van de kernkwaliteiten, het ontwikkelingsperspectief op hoofdlijnen en een set van ontwerprichtlijnen. Deel II van het handboek kernkwaliteiten behandelt de volgende onderdelen: - inundatiekom Culemborgerwaard - inundatiekom Tielerwaard - inundatiekom Bommelerwaard - inundatiekom Land van Altena - Fort Pannerden & inundatiekanaal Tiel De onderdelen komen voort uit de opbouw van het militair-hydrologisch systeem. Het zijn de inundatiekommen van de Nieuwe Hollandse Waterlinie aangevuld met het meer oostelijk gelegen Fort Pannerden en het inundatiekanaal Tiel. Door deze benadering staat de inhoudelijke samenhang van de Waterlinie centraal; het overstijgt bestuurlijke grenzen van provincies en gemeenten. In dit onderdeel worden de kernkwaliteiten van de Inundatiekom Tielerwaard toegelicht.

6 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 7

INHOUD DEEL II

KERNKWALITEITEN INUNDATIEKOM TIELERWAARD

1. Landschap van de Tielerwaard 09 2. Inundatiestelsel 13 2.1 Inundatiestelsel Linge 15 2.2 Inundatiestelsel Merwede bij Dalem 19 2.3 Inundatiestelsel Waal bij Vuren 23 3. Accessen 29 3.1 Linge 31 3.2 Waal 33 3.2 Infrastructuur 35 4. Militair stelsel 37 4.1

Hoofdverdedigingslijn & Tussenstelling Nieuwe Zuiderlingedijk

39

4.2

Hoofdverdedigingslijn & Tussenstelling Spijkse Veld

45

4.3 Wapenplaats bij Asperen 51 4.4 Fort bij de Nieuwe Steeg 55 4.5 Fort bij Vuren 59 4.6 Vesting Gorinchem 65 5. Deelgebieden in het landschap 69 5.1

Polders Heukelum (zuid), Asperen (zuid),

Rumpt, Herwijnen en Vuren 71 5.2 Uiterwaarden en oeverwal Linge 75 5.3 Uiterwaarden en oeverwal Waal 79 5.4 Polders Asperen en Heukelum (noord) 83 5.5 Polder Spijk 87 5.6 Polder Dalem 91 6. Erven in de Waterlinie 95

Fort bij de Nieuwe Steeg in de Tielerwaard (Geofort)

8 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie | 9

1. Landschap van de Tielerwaard Het Nationaal Landschap Nieuwe Hollandse Waterlinie

indeling is een uniek kenmerk van de westelijke

bevat het laaggelegen landschap van de westelijke

Tielerwaard. Door de ruilverkaveling is de historische

Tielerwaard. Het gebied is gevormd door de grote

gebiedsindeling echter vervaagd. In de jaren 1950 tot

rivieren. In het noorden stroomt de Linge, een idyllische

1970 is hier de grootste verbeteringsoperatie van het

rivier met slingerende dijken waarlangs pittoreske

rivierengebied uitgevoerd, in aansluiting op de maat-

dijkhuizen en de kernen Asperen, Heukelum en Spijk

schappelijke urgenties na de Tweede Wereldoorlog. Sicco

liggen. De Waal, in het zuiden, is veel grootschaliger. Het

Mansholt vertolkte toen bijna iedereen met zijn uitspraak

is een echte werkrivier door de bedrijvigheid en

‘honger, dat nooit meer’. Er werden nieuwe wegen en

beroepsvaart. Hier liggen de dorpen Vuren en Herwijnen.

grote landbouwkavels aangelegd. Nieuwe boerderijen

Kenmerkend voor de Betuwe zijn de hooggelegen

werden gebouwd om optimale landbouw te kunnen

stroomruggen en oeverwallen die de lage komgronden

bedrijven. Én het Lingebos werd aangelegd ter ere van

omsluiten. Op de hogere gronden, de oeverwallen,

het 150 jarige bestaan van het Koninkrijk der

hebben de bewoners van het rivierengebied zich van

Nederlanden (1963).

oudsher gevestigd. Daar zijn de dorpen en steden ontstaan en werden akkers en boomgaarden aangelegd. Deze hoge gronden zijn kleinschalig en ademen een historische sfeer uit waardoor ze zeer in trek zijn bij recreanten. Centraal in het gebied liggen de lage, natte komgronden. Hier hadden de rivieren lange tijd vrij spel. De eerste ontginning van de komgronden gebeurde vanuit de afzonderlijke dorpen. Ieder dorp had een eigen dorpspolder. De dorpelingen omgaven een deel van de natte kom met kades. De gronden werden in gebruik genomen als weiland en hooiland. Op de meest moerassige plekken werden ze economisch benut door de aanleg van eendenkooien en grienden. Tussen de dorpspolders lagen de lage, natte boezems; deze

ie

om rk

riv

en al w r ijk ve rd oe te in w

opbouw rivierenlandschap in uiterwaard, oeverwal en rivierkom

rd

aa rw

te ui

schematische dwarsdoorsnede rivierenlandschap

r

ie

riv

al rw

e ev

o

ijk

d er

t

in

w

en

om rk

ie

riv

10 | Kernkwaliteiten Nieuwe Hollandse Waterlinie

Nog steeds is de Tielerwaard een goed functionerend

De Tielerwaard is een levend landschap. Een rondrit door

landbouwgebied met een zeer gewaardeerde grote

het gebied maakt al snel duidelijk dat delen van het

openheid van het landschap.

gebied een ingrijpende ontwikkeling doormaken. In de

Rust, openheid en landelijkheid zijn belangrijke

polder Spijk is recent de golfbaan ‘The Dutch’ aangelegd,

kernkwaliteiten van de Tielerwaard. Ze zijn sterk

evenals het landgoed Spica Staete en aan de oostzijde

verbonden met de opbouw van het rivierengebied. Zo

van Gorinchem is de nieuwbouwwijk Hoog Dalem in

gaat het kleinschalige, historische karakter van de

ontwikkeling.

oeverwallen met de dijklinten gepaard met een gezellige

De Nieuwe Hollandse Waterlinie is een kernkwaliteit van

drukte. In de grootschalige open agrarische komgebie-

de Tielerwaard West. De forten bij de Nieuwe Steeg en

den staan rust en openheid voorop.

bij Vuren en de Vestingstad Gorinchem zijn beeldbepa-

Midden in de kom loopt, in oostwestrichting, de brede

lend. De hoofdverdedigingslijn volgt de Nieuwe

infrastructuurbundel van de A15 en de Betuwelijn. Haaks

Zuiderlingedijk en de Zuiderlingedijk tot aan gemaal

daarop verbindt de N848 de A15 met de noordelijk ervan

Broekse Sluis om vervolgens door de polder richting

gelegen regio. Rondom deze aansluiting en ook bij de

Vuren te gaan. De betonnen schuilplaatsen zijn

stadsrand Gorinchem hebben de bedrijventerreinen

mysterieuze bouwsels in het veld die de lijn begeleiden.

Zeiving en Oost zich gevestigd.

De Waterlinie is een levend verhaal wanneer de ruimtelijke samenhang bewaard blijft en versterkt wordt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.westbetuwe.nl/api/v1/meetings/289/documents/6011