CConstaterende datWeesp
Koppel je AI →
Document · PDF

RES 1.0 Noord-Holland Zuid 31 maart 2021

Commissie SOB 18 mei 2021, gemeente WeespBij agendapunt: Vaststellen Regionale Energiestrategie RES 1.028.471 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

RES 1.0 Noord-Holland Zuid 30 maart 2021

Voorwoord De energietransitie zorgt voor grote uitdagingen in Nederland. Als we de jeugd een duurzame toekomst willen geven, dan kunnen we niet wachten en moeten we nu echt aan de slag. Dat begint bij onszelf en onze omgeving. Die gaat de komende jaren veranderen, dat is niet altijd makkelijk maar verandering biedt ook kansen. Twee jaar geleden hebben we landelijk heldere afspraken gemaakt in het Klimaatakkoord. In Noord-Holland Zuid zijn we daarmee verder gegaan. Onze voorstellen liggen nu voor u, in de eerste Regionale Energiestrategie (RES 1.0) Noord-Holland Zuid. Het is de uitkomst van een intensief, meerjarig samenwerkingstraject tussen gemeenten, waterschappen, provincie en netbeheerders. Van begin af aan is samengewerkt met inwoners, energiecoöperaties, experts en maatschappelijke organisaties. En samen doen we als RES-regio een ambitieus bod om 2,7 TWh hernieuwbare energie op te wekken in 2030. De afgelopen tweeënhalf jaar hebben flink wat discussies opgeleverd. Dat is logisch. De energietransitie heeft immers grote impact op onze leefomgeving. Zij raakt ons allemaal. Het gesprek daarover aangaan maakt de plannen alleen maar sterker. Naast al die gesprekken over windturbines en zonneparken hebben we gekeken naar de vraag of het past op het elektriciteitsnet. En of het landschappelijk in te passen is, met oog voor leefbaarheid en onze natuur.

We zochten en vonden een balans in 32 zoekgebieden, die we in deze RES 1.0 beschrijven. Als regio zijn we trots op onze ambitie. Waarbij we beseffen dat het nog niet klaar is. De RES 1.0 is een denk- en zoekrichting, er kunnen nog steeds zoekgebieden afvallen of bij komen. De uitwerking is dan ook maatwerk. Eén waar we de komende dertig jaar hard aan zullen werken. Graag danken we iedereen die heeft meegewerkt aan de RES 1.0. De eerste stap is gezet. We hopen van harte dat wij de goede samenwerking in onze regio kunnen voortzetten. Namens de stuurgroep Regionale Energiestrategie Noord-Holland Zuid, Thijs Kroese (voorzitter stuurgroep) Floor Gordon (namens de deelregio Amstelland) Marieke van Doorninck (namens de deelregio Amsterdam)

Bart Heller (namens de deelregio Gooi en Vechtstreek) Jurgen Nobel (namens de deelregio Haarlemmermeer) Floor Bal (namens de deelregio IJmond & Zuid-Kennemerland) Annette Baerveldt (namens de deelregio Zaanstreek/Waterland) Edward Stigter (namens de provincie Noord-Holland) Thea Fierens (namens de waterschappen) Jocelyn Schaap (namens Liander) Sijas Akkerman (namens de natuur- en milieuorganisaties) Aernoud Olde (namens de energiecoöperaties) Olof van der Gaag (namens de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie)

I

Inhoudsopgave Samenvatting RES Noord-Holland Zuid ................................. i 1.

2.

3.

Inleiding op de RES 1.0 ............................................... 1 1.1

Wat is de Regionale Energiestrategie? ................................. 1

1.2

Aanpak in Noord-Holland Zuid ............................................ 2

1.3

Wat gebeurt er naast de RES? ............................................. 3

Van ambitie naar realisatie .......................................... 6 2.1

Ambitie (aanbod) en zoekgebieden ..................................... 6

2.2

Maatschappelijk en bestuurlijk draagvlak .......................... 12

2.3

Ruimtelijke afwegingen ..................................................... 15

2.4

Energie-infrastructuur ...................................................... 21

2.5

Effecten............................................................................ 29

Regionale Structuur Warmte ...................................... 34 3.1

Warmtebronnen ............................................................... 37

3.2

Warmtevraag .................................................................... 52

3.3

Warmte-infrastructuur ...................................................... 54

3.4

Regionale samenwerking .................................................. 56

3.5

Amstelland, Amsterdam en Haarlemmermeer................... 61

3.6

Gooi en Vechtstreek ......................................................... 65

3.7

IJmond & Zuid-Kennemerland .......................................... 66

3.8

Zaanstreek/Waterland ...................................................... 68

4.

Vervolgstappen na de RES 1.0 ................................... 71

5.

Amstelland ............................................................... 77 5.1

Samenvatting ................................................................... 77

5.2

Kenmerken en ambities Amstelland .................................. 80

5.3

Elektriciteit en warmte...................................................... 82

5.4

Energie-infrastructuur ...................................................... 84

5.5

Participatie en draagvlak .................................................. 88

6.

7.

8.

9.

Amsterdam ............................................................... 89 6.1

Samenvatting ................................................................... 89

6.2

Ambities en beleidscontext deelregio Amsterdam ............. 92

6.3

Elektriciteit....................................................................... 94

6.4

Warmte .......................................................................... 121

6.5

Elektriciteitsinfrastructuur .............................................. 127

6.6

Leefomgeving en ruimte ................................................. 130

6.7

Participatie en maatschappelijke acceptatie ................... 133

Gooi en Vechtstreek ................................................ 136 7.1

Samenvatting ................................................................. 136

7.2

Kenmerken en ambities Gooi en Vechtstreek................... 138

7.3

Energiebesparing Gooi en Vechtstreek ............................ 140

7.4

Elektriciteit en warmte.................................................... 149

7.5

Energie-infrastructuur .................................................... 151

7.6

Participatie en draagvlak ................................................ 153

Haarlemmermeer .................................................... 155 8.1

Samenvatting ................................................................. 155

8.2

Kenmerken en ambities deelregio Haarlemmermeer ....... 158

8.3

Elektriciteit en warmte.................................................... 164

8.4

Energie-infrastructuur .................................................... 167

8.5

Participatie en draagvlak ................................................ 168

IJmond & Zuid-Kennemerland .................................. 172 9.1

Samenvatting ................................................................. 172

9.2

Kenmerken en ambities IJmond & Zuid-Kennemerland ... 174

9.3

Elektriciteit en warmte.................................................... 176

9.4

Energie-infrastructuur .................................................... 178

9.5

Lokaal eigendom en draagvlak ........................................ 180

10. Zaanstreek/Waterland ............................................. 181 10.1

Samenvatting ................................................................. 181

10.2

Kenmerken en ambities Zaanstreek/Waterland ............... 183

10.3

Elektriciteit en warmte.................................................... 185

10.4

Energie-infrastructuur .................................................... 186

10.5

Participatie en draagvlak ................................................ 190

I

11. Relaties met andere opgaven ................................... 192 11.1

Klimaattafels .................................................................. 192

11.2

Economie, ruimte en maatschappij ................................. 201

Bijlage 1. Begrippenlijst .................................................. 215 Bijlage 2. Verantwoording en bronnen ............................. 221 Bijlage 3. Bijlagen RSW ................................................... 224 Bijlage 4. Netimpactanalyse ............................................ 239 Bijlage 5. Moties en amendementen ................................ 240 Colofon .......................................................................... 241

II

Samenvatting Regionale Energiestrategie Noord-Holland Zuid

Samen aan de slag In het Klimaatakkoord uit 2019 is afgesproken dat dertig energieregio’s de mogelijkheden in hun gebied onderzoeken voor grootschalige opwek van zonne- en windenergie op land. In de Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 staan de plannen die overheden, netbeheerders, maatschappelijke organisaties, ondernemers en inwoners hiervoor hebben gemaakt. Daarnaast worden in de RES 1.0 de mogelijkheden verkend om met behulp van duurzame warmtebronnen en -technieken gebouwen te verwarmen in plaats van met aardgas. De RES 1.0 is een vervolg op de concept-RES van april 2020. Energieregio Noord-Holland Zuid Noord-Holland Zuid (NHZ) is een van de dertig energieregio’s in Nederland die een RES opstellen. Doel van de RES’en is dat de energieregio’s samen in 2030 35 terawattuur (TWh) aan grootschalige hernieuwbare elektriciteit op land opwekken. De regio NoordHolland Zuid is onderverdeeld in zes deelregio’s: Amstelland, Amsterdam, Gooi en Vechtstreek, Haarlemmermeer, IJmond & Zuid-Kennemerland en Zaanstreek/Waterland.

Mogelijkheden verkennen en plannen concreter maken Het opstellen van de RES is geen studeerkamerproject. Het is het resultaat van een intensief samenwerkingstraject van gemeenten, provincie en waterschappen met netbeheerders, energiecoöperaties, maatschappelijke organisaties, natuur- en milieuorganisaties, ondernemers en inwoners. Samen verkennen zij de mogelijkheden om duurzame energie op te wekken in de regio en maken zij stap voor stap de plannen concreter. Elektriciteit (zonne- en windenergie) Ambitie, potentie en zoekgebieden In het RES-proces in Noord-Holland Zuid zijn 32 zoekgebieden aangemerkt voor de opwek van zonne- en windenergie. De regio heeft de ambitie om in deze gebieden 2,7 TWh aan hernieuwbare energie op te wekken in 2030. Bovenop deze ambitie is nog meer mogelijk: de ‘theoretische potentie’ in

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

i

Noord-Holland Zuid is in totaal 3,0 TWh. Dit biedt ruimte om in de verdere uitwerking van de plannen op zoek te gaan naar de best passende oplossingen. Daarbij kijken we naar draagvlak, ruimtelijke inpassing en een efficiënte inzet van de energie-infrastructuur.

Een zoekgebied is een gebied waar de mogelijkheden voor zonne- en/of windenergie verder worden onderzocht. Het staat dus nog niet vast dat binnen de aangewezen 32 zoekgebieden wind- en zonne-energie zullen worden opgewekt. Of en hoe dat gebeurt, is onderwerp van verdere overleggen met inwoners en andere belanghebbenden. In de RES 1.0 staan verschillende soorten zoekgebieden met elk hun eigen kansen en uitdagingen. Algemene zoekgebieden voor zonne-energie zijn grote daken, parkeerplaatsen en geluidsschermen. Daarnaast zijn er plaatsgebonden zoekgebieden voor zonne- of windenergie, zoals grond langs wegen of kanalen en grond op of rond bedrijventerreinen. Deze plaatsgebonden zoekgebieden staan op de kaarten van de deelregio’s in de RES. Daarbij is aangegeven of het gaat om een zoekgebied voor zonnepanelen (geel) of windturbines (blauw) of een combinatie van beide (groen). De zoekgebieden zijn nu nog ruim genomen. In het vervolgproces gaan we samen met de omgeving en belanghebbenden bepalen wat de meest geschikte plek is voor de zonnepanelen of windturbines.

Uitgangspunten RES Noord-Holland Zuid Het RES-proces heeft veel mensen op de been gebracht. Er zijn bijeenkomsten georganiseerd in de deelregio’s en de gemeenten, er is kennis gedeeld en er zijn discussies zijn gevoerd.. Daarbij zijn de volgende uitgangspunten voor de vervolgstappen geformuleerd: 1.

Zorgvuldige participatie: bij planvorming kunnen inwoners en andere belanghebbenden meedenken en faciliteert de gemeente inwonersinitiatieven.

2.

Eerlijke verdeling van lusten en lasten: er wordt gestreefd naar minimaal 50 procent lokaal eigendom per project.

3.

Bij ieder project wordt gestreefd naar toegevoegde waarde voor landschap en natuur en worden maatregelen genomen om negatieve effecten te voorkomen of te verminderen.

4.

Per project wordt verkend hoe kansen gekoppeld kunnen worden, ofwel waar opwek gecombineerd kan worden met andere functies.

5.

De wettelijke kaders voor afstand en (geluids)overlast blijven het uitgangspunt. Lokale overheden kunnen besluiten tot strengere normen.

6.

Snel realiseerbare projecten zoals zon op grote daken, parkeerplaatsen en geluidsschermen worden actief gestimuleerd.

7.

Er is en blijft ruimte voor nieuwe initiatieven en zoekgebieden.

8.

Ruimtelijke samenhang is belangrijk. De provincie neemt het voortouw om deze te bewaken.

Belangen zorgvuldig afwegen Bij de keuzes in de RES spelen verschillende belangen een rol. Die belangen wegen we zorgvuldig tegen elkaar af. Een afwegingskader helpt om de voors en tegens naast elkaar te zetten: op welke plekken levert opwek het meeste op (kwantiteit)? Waar passen de ideeën voor zonne- en windenergie ruimtelijk het beste? Is er al energie-infrastructuur of zijn er efficiënte aansluitmogelijkheden (netefficiëntie)? Is er draagvlak voor de plannen bij inwoners en politiek? Bij deze afwegingen is inzicht in de effecten van de keuzes nodig. Deze worden daarom onderzocht. Maatschappelijk en bestuurlijk draagvlak is voorwaarde Op weg naar deze RES 1.0 hebben vele partijen samen nagedacht over waar in de regio ruimte zou zijn voor de opwek van zonne- en windenergie. De zoekgebieden op de kaart zijn de uitkomst van dit uitgebreide participatieproces. Alle betrokkenen zijn ervan overtuigd dat samenwerking en zorgvuldige participatie cruciaal zijn voor het realiseren van de doelen. Bij de vervolgstappen wordt deze werkwijze dan ook voortgezet. Daarnaast

zetten overheden en andere partijen in Noord-Holland Zuid zich in om per energieproject te streven naar minimaal 50 procent lokaal eigendom. Speciale aandacht voor landschap en leefomgeving In de RES 1.0 is ook de ruimtelijke opgave die de opwek van hernieuwbare energie met zich meebrengt verkend. Windturbines en zonnepanelen zijn zichtbaar en vragen om zorgvuldige inpassing in het landschap. Hierbij is aandacht nodig voor ruimtelijke samenhang, een gedegen ruimtelijk ontwerp en koppeling met andere (ruimtelijke) opgaven. Ook moet rekening worden gehouden met voldoende ruimte voor de energie-infrastructuur. In de afgelopen periode is daarvoor een aantal ontwerpstudies gedaan en een handreiking opgesteld (Handreiking zoekgebieden Zon en Wind in relatie tot landschap, natuur en leefbaarheid). Voor de ruimtelijke samenhang is het van belang dat de (boven)regionale samenwerking en afstemming ook na vaststelling van de RES 1.0 worden voortgezet, in het bijzonder over het IJsselmeer en het Groene Hart. Energie-infrastructuur uitbreiden In Noord-Holland Zuid ligt een robuust elektriciteitsnetwerk. Op dit moment kan het echter niet meer overal aan de energievraag voldoen. En het verbruik van elektriciteit zal de komende jaren ook nog eens fors stijgen in de stedelijke regio Noord-Holland Zuid. Daardoor raakt de vraagkant steeds meer overbelast.

Het gevolg is dat op 41 stations de maximale capaciteit in 2030 zal worden bereikt. Er is op de meeste stations momenteel wel voldoende netcapaciteit beschikbaar voor de opwek van duurzame energie. Uit de netimpactanalyse van de netbeheerder blijkt dat op 6 van de 57 stations een knelpunt zal ontstaan door duurzame opwek. Daar zijn uitbreidingen en nieuwe stations nodig om duurzame opwek aan te sluiten. Dit betekent een grote opgave. Afstemming en samenwerking met de netbeheerder zijn essentieel om dit te gaan realiseren. Effecten in beeld brengen Gelijk met de uitwerking van de zoekgebieden uit de RES 1.0 en de borging daarvan in het omgevingsbeleid, worden de maatschappelijke en financiële effecten van energieprojecten en de effecten op de energie-infrastructuur verder in beeld gebracht. Daardoor wordt het mogelijk om alternatieven of varianten te vergelijken en onderbouwde keuzes te maken.

De RES gaat ook over warmte Naast de opwek van duurzame elektriciteit is de warmteopgave een belangrijk onderdeel van de RES. Doel van deze opgave is gebouwen te verwarmen zonder aardgas. Voor de RES 1.0 is op regionaal niveau afgesproken de mogelijke duurzame warmtebronnen in kaart te brengen en samenwerking op te zetten. Dit gebeurt in de Regionale Structuur Warmte (RSW). Gemeenten zijn daarnaast druk bezig met hun Transitievisies Warmte over de warmtevraag en -aanbod binnen hun gemeente. Voor beide documenten is van belang vast te stellen welke bovengemeentelijke bronnen in Noord-Holland Zuid een effectieve en betaalbare bijdrage kunnen leveren aan de warmtetransitie. Ook wordt verkend welke infrastructuur nodig is voor de warmtetransitie en hoe gemeenten hierin samen kunnen optrekken. Een vraag die nog beantwoord moet worden is in hoeverre geothermie beschikbaar en toepasbaar is in de gebouwde omgeving. Het gebruik van aquathermie heeft potentie, maar vergt nader onderzoek voordat het grootschalig kan worden toegepast. Om die reden is een gezamenlijke werkagenda opgesteld om ontwikkelingen en innovaties op de voet te volgen, toe te passen en aan te jagen. De RES 1.0 is een stap in een traject van dertig jaar De energietransitie is een enorme opgave. Daarom is de RES een meerjarig traject.

Het RES-proces staat continu open voor nieuwe gesprekspartners, nieuwe technologie, nieuwe omstandigheden en voortschrijdend inzicht. De plannen worden steeds concreter. In de RES 1.0 staan zoekgebieden op de kaart die verder uitgewerkt worden. In het traject naar de RES 2.0 gaan we van zoekgebieden naar locaties en vervolgens naar projecten. Inwoners kunnen in dit hele proces meepraten over de energieplannen. De RES 1.0 is tot stand gekomen na een intensief samenwerkingstraject van overheden, netwerkbeheerders, maatschappelijke organisaties, bedrijven en inwoners. Deze samenwerking wordt door alle partijen gewaardeerd en als waardevol beschouwd. Om de ambities en afspraken in de RES verder te brengen is het van belang deze samenwerking voort te zetten. Daarom wordt voor en na de zomer van 2021 een regionaal uitvoeringsprogramma uitgewerkt met daarin regionale samenwerkingsafspraken over zon, wind en warmte.

Vervolgstappen en vraag aan het Rijk Na vaststelling van de RES 1.0 door de gemeenteraden werken gemeenten, initiatiefnemers en andere belanghebbenden de zoekgebieden verder uit. Zij werken hiervoor samen met provincie, waterschappen en de netbeheerder. De uitkomsten van de RES worden vastgelegd in het omgevingsbeleid. Daarnaast dragen de overheden bij aan de uitvoering van de RES, door innovaties en initiatieven aan te jagen en samenwerking en (financiële) participatie te stimuleren. Aan het Rijk wordt gevraagd wet- en regelgeving zo aan te passen dat duurzame energieprojecten daadwerkelijk gerealiseerd kunnen worden en dat er passende (fiscale) maatregelen zijn.

Leeswijzer Deze RES 1.0 voor Noord-Holland Zuid bestaat uit 1) het hoofddocument met bijlagen en 2) zes katernen met achtergrondinformatie. Hoofdstuk 1 beschrijft wat de RES is en wat niet, het waarom van de RES maken en de regionale ambitie. Hoofdstuk 2 gaat in op het aanbod van de energieregio Noord-Holland Zuid in termen van grootschalige wind- en zonne-energieopwekking, en welke globale zoekgebieden in gezamenlijkheid zijn bepaald om deze grootschalige opwekking van duurzame energie te realiseren. In dit hoofdstuk wordt tevens ingegaan op draagvlak, ruimtelijke samenhang, infrastructuur en effecten. Hoofdstuk 3 gaat over de Regionale Structuur Warmte. In dit hoofdstuk worden onder meer de warmtevraag, het warmteaanbod en de warmteinfrastructuur in de regio in beeld gebracht, wordt een aanzet gemaakt voor een afwegingskader en wordt door middel van een werkagenda beschreven hoe de partijen in de energieregio de komende periode gezamenlijk tot concretere stappen komen. In dit hoofdstuk wordt ook de samenhang geschetst tussen de Regionale Structuur Warmte, de Transitievisies Warmte en de Wijk Uitvoeringsplannen.

Hoofdstuk 4 beschrijft de vervolgstappen na de RES 1.0, welke stappen gaan gezet worden, wie is aan zet, wat gaat uitgezocht worden, hoe komt de participatie tot stand? In de hoofdstukken 5 tot en met 10 wordt het aanbod per deelregio verder beschreven, onderbouwd en uitgewerkt. Achtereenvolgens komen aan de orde: Amstelland, Amsterdam, Gooi en Vechtstreek, Haarlemmermeer, IJmond & Zuid-Kennemerland, Zaanstreek/Waterland. De opgaven van de RES, elektriciteit en gebouwde omgeving, raken aan de andere sectortafels uit het Klimaatakkoord: industrie, mobiliteit en landbouw. Ook zijn er raakvlakken met thema’s op het gebied van economie, arbeidsmarkt en maatschappij. Deze onderwerpen komen in hoofdstuk 11 aan bod. In de bijlagen vindt u meer informatie over de netimpactanalyse en zijn de begrippenlijst, verantwoording / bronnen en het colofon opgenomen. Daarnaast treft u de bijlage ‘moties/amendementen’ aan. Deze wordt na de

besluitvorming gevuld met de inbreng die gemeenteraden en Provinciale Staten op de RES 1.0 hebben. In aparte achtergrond-katernen wordt aandacht besteed aan de ambities, rollen en beleidsinspanningen van gemeenten, provincie en de waterschappen (katern Rollen, beleidskaders en instrumenten), aan de milieueffectrapportage (katern RES 1.0 - MER en milieueffecten), proces, innovatie, energie-infrastructuur en de thematafels die zijn georganiseerd.

1. Inleiding op de RES 1.0 1.1

Wat is de Regionale Energiestrategie?

Om invulling te geven aan de gemaakte afspraken in het Klimaatakkoord werken overheden, netbeheerders, maatschappelijke organisaties, ondernemers en inwoners uit de ‘energieregio’ Noord-Holland Zuid samen aan de Regionale Energiestrategie (RES, zie ook onderstaand kader). Deze partijen zoeken met elkaar naar de meest geschikte gebieden voor grootschalige opwek van hernieuwbare energie (wind op land en zon). Daarnaast verkennen zij de mogelijkheden voor het inzetten van duurzame warmtebronnen en -technieken in plaats van fossiele brandstoffen. Noord-Holland Zuid is een van de dertig energieregio’s In het Klimaatakkoord uit 2019 is afgesproken dat dertig ‘energieregio’s’ in Nederland een Regionale Energiestrategie (RES) opstellen. De focus van de RES ligt op de opgaven van de sectortafels Gebouwde omgeving en Elektriciteit 1. Het doel is dat de energieregio’s in 2030 samen 35 terawattuur (TWh) aan grootschalige hernieuwbare elektriciteit op land opwekken. Noord-Holland Zuid (NHZ) is een van die dertig energieregio’s. De regio Noord-Holland Zuid is onderverdeeld in zes deelregio’s: Amstelland, Amsterdam, Gooi en Vechtstreek, Haarlemmermeer, IJmond & Zuid-Kennemerland en Zaanstreek/Waterland.

Rol provincie en waterschappen De provincie brengt gedurende het proces kennis en middelen in, denkt mee en inspireert. Daarnaast heeft de provincie de regie als het gaat om het borgen van de kwaliteit en samenhang van het Noord-Hollandse landschap en de Noord-Hollandse economie. De waterschappen hebben als eigenaar en beheerder van grote water- en landoppervlakten de wettelijk toetsende rol als het gaat om energieopwek op of aan keringen en oppervlaktewater. Daarnaast werken zij aan kaders voor het gebruik van warmte uit het oppervlakte- en afvalwater. 1

Andere sectortafels zijn Klimaatberaad, Industrie, Mobiliteit en Landbouw en landgebruik. Zie ook: Tafels klimaatakkoord met organisatie.

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

1

1.2 Aanpak in Noord-Holland Zuid De regio Noord-Holland Zuid heeft gekozen voor een intensief bottom upproces. Met deze aanpak zijn de vele belangen en opgaven in beeld gebracht, is samenwerking ontstaan tussen betrokken partijen en is een solide basis gelegd voor de energietransitie van de regio. In dit gezamenlijke proces zijn 32 zoekgebieden aangemerkt voor de opwek van zonne- en windenergie. RES helpt om eigen doelen te verwezenlijken De energietransitie waar Nederland voor staat, is urgent en wordt breed gevoeld. De gemeenten, de provincie en de waterschappen hebben elk hun eigen doelstellingen voor klimaatneutraliteit. Zo werkt de provincie toe naar ‘Noord-Holland in 2050 klimaatneutraal en circulair’. En gemeenten en waterschappen hebben hun eigen ambities en prioriteiten. De RES helpt om deze doelstellingen te verwezenlijken. Gelijktijdig levert de RES NoordHolland Zuid met haar ambitie een belangrijke bijdrage aan de landelijke opgave.

“Ik denk dat je uiteindelijk nooit ambitieus genoeg bent. Als er meer kan, moet je meer duurzame energie neerzetten.” Alissa Valent, deelnemer Jongerentafel

Inspelen op nieuwe inzichten en veranderende omstandigheden De RES 1.0 is een momentopname, een eerste stap in een langetermijnproces van dertig jaar waarin alle betrokkenen in Energieregio Noord-Holland Zuid zorgvuldig vormgeven aan de energie- en warmtetransitie. Het is een flexibel proces dat zich stap voor stap ontwikkelt en waarbij samenwerken en leren centraal staan. Tijdens het proces van de RES 1.0 tot vergunningverlening kunnen zoekgebieden afvallen en kunnen er, ook buiten de zoekgebieden, nieuwe ideeën en initiatieven ontstaan. Daarnaast kunnen nieuwe technieken of innovaties een rol gaan spelen. Daarom wordt de RES elke twee jaar geactualiseerd. In de online RES-viewer wordt de stand van zaken van de zoekgebieden bijgehouden, waarmee er steeds een actueel overzicht beschikbaar is.

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

2

De RES 1.0 is meer dan een kaart met zoekgebieden en een regionale warmtestructuur. Het proces van de RES heeft geleid tot een groeiend besef van urgentie, tot nauwe samenwerking tussen overheden, netbeheerders en belanghebbenden, tot nieuwe samenwerkingen tussen partijen, tot nieuwe kennis over een breed spectrum aan onderwerpen maar vooral ook tot de overtuiging dat binnen de regio ruim voldoende kansen liggen om de energietransitie gezamenlijk en verantwoord vorm te geven. Alle partijen onderschrijven dat de energietransitie alleen kan slagen als er breder wordt gekeken dan de eigen opgave: de verduurzaming van het bedrijfsleven en de industrie, de agrarische sector en de mobiliteit zijn verbonden aan de RES. Het vraagt een brede blik op onder meer de infrastructuur en om verbinding met het onderwijs, de arbeidsmarkt en het stimuleren van veelbelovende innovaties.

1.3 Wat gebeurt er naast de RES? De focus van de RES ligt op grootschalige opwek van zonne- en windenergie op land en op het duurzaam omgaan met warmte. De energietransitie is echter veel breder dan dat. Zo wordt er op het gebied van opwek van zonneen windenergie landelijk gewerkt aan de opschaling van wind op zee naar 49 TWh. Daarnaast is er een autonome groei van kleinschalige opwekking van hernieuwbare energie (installaties kleiner dan 15 kW, dit zijn ongeveer 45 zonnepanelen). De prognoses laten zien dat deze kleinschalige opwekking zal optellen tot zeker 7 TWh in 2030. Een forse en belangrijke bijdrage aan de landelijke energiebehoefte. Andere vormen van energieopwekking worden in het bod van de RES 1.0 niet meegenomen. Deze zijn (nog) niet grootschalig toepasbaar, worden toegerekend aan andere opgaven of hebben een dusdanig lange realisatietijd dat ze in 2030 nog niet actief kunnen bijdragen aan de doelstelling van het Klimaatakkoord. Ook op het gebied van mobiliteit, in de industrie, bij het bedrijfsleven en in de landbouw zijn in het Klimaatakkoord ambitieuze doelstellingen vastgesteld om de CO2-uitstoot te reduceren. De samenwerking en de volgende stappen die voor deze opgaven worden gezet, worden niet meegenomen in de RES. Regelmatig komt de terechte vraag naar voren waarom dit niet gebeurt.

Deze opgaven worden vanwege hun eigen omvang en complexiteit tegelijkertijd met de RES, maar in andere trajecten opgepakt. Uiteraard zijn er wel de nodige raakvlakken. Daarom besteden we ook aan deze thema’s aandacht om de verbinding met de RES te maken en te

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

3

behouden. In hoofdstuk 11 schetsen we de raakvlakken en actuele ontwikkelingen van de aanpalende thema’s. Hoewel energiebesparing geen onderdeel van de RES is en energiebesparing van de gebouwde omgeving een plek krijgt in de Transitievisies Warmte (TVW), wordt aan dit onderwerp wel aandacht besteed in het katern Rollen, beleidskaders en instrumenten. Ook energiebesparing door het bedrijfsleven is geen onderdeel van de RES 1.0. Ruimte voor innovatie De RES 1.0 gaat uit van bewezen technieken voor grootschalige opwek, te weten zonne- en windenergie. Dit betekent echter niet dat in de (nabije) toekomst geen ruimte is voor nieuwe manieren van opwek. Binnen de regio, in Nederland en in de rest van de wereld wordt veel onderzoek gedaan naar alternatieve manieren om energie op te wekken en op te slaan. Elke twee jaar wordt de RES geactualiseerd. Als er nieuwe technieken zijn die een serieuze bijdrage kunnen leveren aan de grootschalige opwekking, krijgen deze ook een plek in de RES. Nu al zijn er in de regio gebouwen die verwarmd worden met warmte uit het oppervlaktewater, en zijn gevels bekleed met zonnepanelen. In samenwerking met What Design Can Do (WDCD) en de Metropoolregio Amsterdam (MRA) wordt ruimte gecreëerd voor experimenten en innovatie. In het aparte katern Innovatie leest u hier meer over.

“Elke gemeente zou een iconisch energieproject moeten hebben”. Sanne van Dorp, deelnemer Jongerentafel

Klimaatakkoord en ‘Parijs’ Het mondiale doel is de uitstoot van broeikasgassen zodanig terug te dringen dat de wereldwijde temperatuurstijging ruim beneden de 2°C blijft. Het streven is om onder de 1,5°C te blijven. Dat is in 2015 afgesproken tijdens de VN-klimaattop in Parijs. In Nederland krijgt de energietransitie gestalte via het Nederlandse Klimaatakkoord en de afspraken die daaruit voortvloeien. De ambitie van Nederland is om de Nederlandse broeikasgasuitstoot in 2050 met 80 tot 95 procent te verminderen ten opzichte van 1990. De Europese Unie wil de doelen aanscherpen van 49 procent naar 55 procent in 2030. Hoe Nederland hiermee omgaat en of dit tot een hogere doelstelling voor elektriciteitsopwekking zal leiden, zal vermoedelijk duidelijk worden als er een nieuw regeerakkoord is.

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

4

Advies jongeren: “Wees ambitieus waar het kan” Op locaties waar natuur en leefbaarheid niet in het geding zijn en die technisch geschikt zijn voor duurzame opwek, moet zo veel mogelijk opgewekt worden, aldus de jongeren. Als er voldoende van dit soort locaties zijn, kan de totale ambitie van NoordHolland Zuid nog best omhoog.

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

5

2. Van ambitie naar realisatie Het is de ambitie van de regio Noord-Holland Zuid om zich in te zetten voor de realisatie van 2,7 TWh zonne- en windenergie in 2030. De potentie in de regio is groter. Dit geeft ruimte om in de verdere uitwerking op zoek te gaan naar de best passende oplossingen. Samen zetten we een volgende stap, op weg naar een duurzame toekomst. Vier leidende afwegingscriteria Om van zoekgebied tot vergunningverlening en realisatie te komen, moeten nog veel stappen gezet worden. Dit is een complex proces, waarmee uiteenlopende belangen zijn gemoeid. Een locatie zal waarschijnlijk nooit voor alle belangen groen licht krijgen. Bij de afweging tussen de belangen zijn vier criteria leidend. Naast de 1) kwantitatieve vraag hoeveel TWh een zoekgebied voor wind of zon, dan wel een warmtebron oplevert, gaat het om 2) draagvlak, zowel politiek als onder de omwonenden, 3) ruimtelijke afwegingen en 4) systeemefficiëntie. Na de RES volgen nog meerdere besluiten. Daarbij is het wenselijk om de effecten van de keuzemogelijkheden te kennen. Tijdens het RES-proces is een eerste aanzet daarvoor gedaan. Dit hoofdstuk bevat de opbrengst van het RES-proces, de inzet en de aanpak van de regio Noord-Holland Zuid.

2.1 Ambitie (aanbod) en zoekgebieden De ambitie van Energieregio Noord-Holland-Zuid is om vast te houden aan het aanbod van 2,7 TWh opwek van hernieuwbare energie op land zoals deze is vastgelegd in de concept-RES. Dit is het startpunt en de rode draad in de strategie. Omdat de theoretische potentie binnen de zoekgebieden groter is (die telt op tot 3,0 TWh), geeft dit ruimte om in de verdere uitwerking van de plannen op zoek te gaan naar de optimale oplossing bezien vanuit draagvlak, ruimtelijke inpassing en net-efficiëntie. De RES gaat ook over warmte De regio heeft tot nu toe vooral stappen gezet op het onderdeel duurzame opwek van elektriciteit met zonne- en windenergie. De warmteopgave is echter een even prominent en urgent onderdeel van de RES. Voor de RES 1.0 is op regionaal niveau alleen een procesdoel afgesproken over deze opgave, waarbij gemeenten al wel druk bezig zijn met hun Transitievisies Warmte. In

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

6

wisselwerking daarmee wordt gezocht naar bovengemeentelijke bronnen in Noord-Holland Zuid die een effectieve en zo betaalbaar mogelijke bijdrage kunnen leveren aan de warmteambitie. Daarnaast wordt verkend welke infrastructuur nodig is en hoe gemeenten effectief samen kunnen optrekken. Een vraag die bijvoorbeeld nog beantwoord moet worden is in hoeverre geothermie beschikbaar en toepasbaar is in de gebouwde omgeving. Het gebruik van aquathermie heeft potentie, maar ook dit vraagt nog om nader onderzoek voordat het grootschalig kan worden toegepast. Om die reden is gekozen voor het gezamenlijk opstellen van een werkagenda om ontwikkelingen en innovaties op de voet te volgen, toe te passen en aan te jagen.

“We zetten in op een gelijke verdeling van de lasten en de lusten. Waarbij zoveel mogelijk mensen in de omgeving van een windpark of zonneweide hiervan kunnen profiteren. Voor wat hoort wat.” Edward Stigter, gedeputeerde provincie Noord-Holland

Uitgangpunten voor de realisatie van de ambitie Het RES-proces heeft veel mensen op de been gebracht. Er zijn bijeenkomsten georganiseerd in de deelregio’s en de gemeenten, er is kennis gedeeld, er zijn discussies gevoerd en er zijn aandachtspunten meegegeven. Dit proces heeft geresulteerd in de volgende uitgangspunten voor de vervolgstappen: 1. Zorgvuldige participatie: bij planvorming kunnen inwoners en andere belanghebbenden meedenken en faciliteert de gemeente inwonersinitiatieven. 2. Eerlijke verdeling van de lusten en lasten: er wordt gestreefd naar minimaal 50 procent lokaal eigendom per project. 3. Op projectniveau wordt gestreefd naar toegevoegde waarde voor landschap en natuur en worden maatregelen genomen om negatieve effecten op natuur en omgeving te voorkomen of te verminderen. 4. Koppelkansen worden per project verkend en waar mogelijk benut, denk daarbij bijvoorbeeld aan het combineren van opwek met andere functies.

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

7

5. De wettelijke afstandscriteria en normen voor (geluids)overlast dienen als uitgangspunt. Lokale overheden kunnen besluiten tot strengere normen. 6. Zon op grote daken, parkeerplaatsen en geluidsschermen wordt actief gestimuleerd om de realisatie te versnellen. 7. Er is en blijft ruimte voor nieuwe initiatieven en zoekgebieden. 8. Ruimtelijke samenhang is belangrijk. De provincie neemt het voortouw om deze te bewaken.

Nieuwe rekenmethodiek theoretische potentie Voor het bepalen van de theoretische potentie van de opwek binnen de zoekgebieden wordt gebruikgemaakt van de nieuwe, landelijke rekenmethodiek (december 2020). In de RES 1.0 van Noord-Holland Zuid zijn minder zoekgebieden opgenomen dan in de concept-RES. Dit komt doordat er zoekgebieden zijn afgevallen in het proces van reacties en wensen en bedenkingen of door later aangenomen moties. De nieuwe rekenmethodiek zorgt toch voor een hogere potentie (TWh) van de zoekgebieden in de RES 1.0, ten opzichte van de concept-RES. Dit verschil wordt veroorzaakt doordat in de nieuwe methodiek wordt gerekend met een hoger aantal zonne-uren

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

8

en een toegenomen potentiële opwek per zonnepaneel. Kortom, dezelfde zonne-energieopstelling brengt meer op. Hiermee bewijst de systematiek van de RES haar waarde: gedurende het proces kunnen nieuwe ontwikkelingen en inzichten meegenomen worden. Hierdoor worden ambities kansrijker en kunnen keuzes bijgesteld worden. Door de landelijke rekenmethodiek aan te houden, zijn de RES’en in Nederland uniform en vergelijkbaar. De rekenmethodiek is theoretisch. De praktijk zal uitwijzen wat haalbaar is. Daarom wordt in de RES uitgegaan van een gedeeltelijke benutting van de potentie van zoekgebieden. De precieze haalbaarheid, wenselijkheid en invulling worden verder onderzocht. Zoekgebieden kunnen nog worden aangepast of zelfs afvallen. Ruimte voor nieuwe ideeën en initiatieven Naast de zoekgebieden in de RES 1.0, kunnen er bottom up nieuwe ideeën en initiatieven ontstaan om op land en binnenwateren energie op te wekken. Juist omdat ze van onderop ontstaan, is het belangrijk om dergelijke initiatieven te onderzoeken en de mogelijkheden en onmogelijkheden te verkennen. Initiatiefnemers doen daarvoor een eerste verkenning naar de haalbaarheid (onder andere draagvlak, netinfrastructuur, ecologie en goede ruimtelijke inpassing). Nieuwe initiatieven kunnen (apart van besluitvorming over de RES) voor besluitvorming worden voorgelegd aan de gemeenteraad en/of Provinciale Staten.

Uiteindelijk worden ze meegenomen in de RES 2.0, de RES 3.0 en verder. Wat is een zoekgebied? Een zoekgebied in de RES geeft aan waar de mogelijkheden voor de opwek van zonne- en/of windenergie verder worden onderzocht. Deze verkenning gebeurt in gesprek met inwoners en belanghebbenden. De uitkomsten van de RES worden verwerkt in het omgevingsbeleid van de gemeente en provincie. In de RES 1.0 worden geen concrete locaties vastgelegd. Voordat zoekgebieden vertaald worden naar concrete projecten en vergunningen, wordt voor plannen en projecten een zorgvuldig participatieproces doorlopen. Online RES-viewer De kaart met zoekgebieden in de RES 1.0 is een momentopname. Naast de RES 1.0 is een openbare online RES-viewer ingericht waarop de actuele situatie van de zoekgebieden kan worden bekeken. Dit betekent dat als een gemeente of de provincie besluit om een zoekgebied toe te voegen, te wijzigen of te schrappen, dit zichtbaar wordt in de RES-viewer. Gebiedspaspoort Elk zoekgebied in de RES-viewer krijgt een ‘gebiedspaspoort’.

Het gebiedspaspoort biedt informatie en een technische beschrijving van het zoekgebied, zoals de status van het zoekgebied, een beschrijving van de locatie(s), het (potentieel) opwekkingsvermogen, de stappen van participatie, uitgangspunten voor lokaal eigendom, de technische mogelijkheden van de bestaande energie-infrastructuur en een beschrijving van geldende beperkingen en beleidskaders.

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

9

Hoe is het aanbod tot stand gekomen? Het aanbod en de zoekgebieden zijn de opbrengst van een intensief en zorgvuldig proces van de afgelopen tweeënhalf jaar. Een uitgebreide beschrijving van het proces vindt u in het katern RES-proces. Concept-RES, reactienota en thematafels De concept-RES is het resultaat van onderzoeken, gesprekken en participatiebijeenkomsten. Betrokkenen konden een reactie geven op de concept-RES en volksvertegenwoordigers hebben vervolgens hun wensen en bedenkingen geuit. In de reactienota is vastgelegd hoe de reacties en wensen en bedenkingen op de concept-RES verwerkt zouden worden. Over sommige reacties op de concept-RES kon nog geen besluit worden genomen, omdat nog niet alle kennis of informatie beschikbaar was. Voor deze reacties zijn rondom specifieke onderwerpen acht thematafels georganiseerd, met als doel om samen met belanghebbenden en experts dilemma’s op te lossen, kansen te benutten en inspiratie op te doen waarmee de RES verrijkt kan worden. De belangrijkste conclusies en uitkomsten zijn verwerkt in het hoofddocument van de RES. In het katern thematafels leest u alle achtergrondinformatie. Concretisering zoekgebieden In deelregio’s en gemeenten is en wordt gewerkt aan de concretisering van een aantal zoekgebieden. De concretisering is altijd maatwerk, om goed te kunnen aansluiten op de lokale situatie en context.

Voor een aantal zoekgebieden zijn (lokale) participatiebijeenkomsten georganiseerd. De verantwoordelijkheid voor het organiseren van participatie ligt bij de gemeenten, samen met initiatiefnemers, en loopt ook door na de vaststelling van de RES 1.0. Elk zoekgebied heeft zijn specifieke kansen en uitdagingen Op de kaart staan generieke zoekgebieden, zoals zon op grote daken, parkeerplaatsen en geluidsweringen. Daarnaast zijn er locatie-specifieke zoekgebieden aangemerkt op de kaart zoals zon of wind langs infrastructuur, op of rond bedrijven- en industrieterreinen of op of langs binnenwater. Deze specifieke zoekgebieden hebben een eigen nummer op de kaarten van de deelregio. Ieder zoekgebied kent zijn eigen kansen en uitdagingen. Zon op dak Zonnepanelen op grote daken kunnen rekenen op veel draagvlak. Dit wordt gezien als kansrijk. Hierbij kan tegelijkertijd de kanttekening worden geplaatst dat de realisatie veel verschillende uitdagingen kent. Niet alle

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

10

daken zijn geschikt voor zon, vanwege de draagconstructie of de ligging, en de realisatie is afhankelijk van de eigenaar. Daarnaast zijn stimulering en sturing vanuit het Rijk wenselijk met wet- en regelgeving en financiële maatregelen om het potentieel van zon op dak te kunnen benutten. Zon op parkeerplaatsen Het plaatsen van zonnepanelen boven parkeerplaatsen is kansrijk en heeft draagvlak vanuit alle ateliers. Het is een goed voorbeeld van dubbel ruimtegebruik. De realisatie is niet altijd eenvoudig. De kosten voor realisatie liggen bijvoorbeeld (nog) hoger dan voor traditionele zonopstellingen en parkeerplaatsen kunnen afgelegen liggen waardoor het aansluiten van de opstellingen op het elektriciteitsnet een uitdaging kan zijn. Ook de inpassing in de omgeving is nog een aandachtspunt bij dit type zoekgebied. Voor zon op parkeerplaatsen kan de regio een faciliterende rol spelen om de realisatie te versnellen. Vooral ook omdat de gronden vaak in overheidshanden zijn. Zoekgebieden langs infrastructurele lijnen Spoorinfrastructuur en (vaar)wegen lenen zich om meerdere redenen voor een combinatie met hernieuwbare energie. Enerzijds omdat dit structurerende lijnen in het landschap zijn, anderzijds vanwege de mogelijkheden van dubbel ruimtegebruik. Door heel Noord-Holland Zuid bevinden zich infrastructurele lijnen.

In de regio staan zoekgebieden langs infrastructurele lijnen ook veelvuldig ingetekend: onder meer langs de A7, A8 en A10 in Zaanstreek/Waterland, langs de A9 in IJmond en ZuidKennemerland en de A1 in Gooi en Vechtstreek. Vanuit landschappelijk oogpunt kunnen deze lijnen worden versterkt, mits de opwek van zonneen/of windenergie op de juiste manier wordt ingepast, rekening wordt gehouden met de ruimtelijke samenhang en met geldende beschermingsregimes. Zoekgebieden bij industrie en bedrijventerreinen Hernieuwbare energieopwekking op en rond industriële gebieden zoals Tata Steel in IJmuiden en bedrijventerreinen is mogelijk kansrijk. Dit is ook interessant vanuit het perspectief om zo veel mogelijk grote hoeveelheden energie op te wekken op de plek waar de vraag ook groot is. Ook bij deze zoekgebieden dient bij de verdere concretisering integraal gekeken te worden naar leefbaarheid, landschap, natuurwaarden en economische belangen. Wat betreft Tata Steel moet dit echter inpasbaar zijn in de duurzame toekomst van het concern en afgestemd worden met de omgeving.

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

11

Zoekgebieden op en nabij water Tot slot zien we in Energieregio Noord-Holland Zuid een aantal zoekgebieden op of nabij water. Deze zoekgebieden lenen zich voor pilots om te leren en te ervaren hoe technische oplossingen voor wind- en zonne-energie gecombineerd kunnen worden met andere opgaven. En waar niet? In de RES 1.0 zijn voor een aantal zoekgebieden zorgvuldige afwegingen tussen verschillende belangen en belanghebbenden gemaakt. Hierbij bekeek de regio onder andere hoe de hernieuwbare energie past in het landschap, of vraag en aanbod bij elkaar gerealiseerd kunnen worden en of de opgave voor hernieuwbare energie gecombineerd kan worden met andere opgaven in de regio. De cultuurhistorische landschappen, natuurgebieden, de duinen en het open landschap in de regio worden zonder uitzondering gekoesterd. Dit vertaalt zich op de kaart naar zoekgebieden die voornamelijk tegen het stedelijk gebied aanliggen. Advies jongeren: “We gaan het later nodig hebben” Het bod van 2,7 TWh is volgens de jongeren realistisch als je het afzet tegen de beschikbare oppervlakte in de regio. Als je het bod afzet tegen het aantal inwoners, dan zou het ambitieuzer mogen. Als duurzame opwek binnen de omgeving past, moet het er komen. Dit kan ook door bijvoorbeeld opwek te verplichten bij nieuwe ontwikkelingen. Overigens kan het bod van 2,7 TWh als minimum gezien worden en niet als einddoel.

Want: “We gaan het later nodig hebben.”

2.2 Maatschappelijk en bestuurlijk draagvlak Op weg naar de RES 1.0 is bottom-up opgehaald waar betrokkenen in de regio ruimte zien voor zon/wind. De zoekgebieden op de kaart zijn daarmee de uitkomst van een uitgebreid participatieproces. Bij de vervolgstappen wordt deze werkwijze voortgezet. Onder de deelnemers aan het proces leeft de overtuiging dat samenwerking, zorgvuldige participatie en lokaal eigendom cruciaal zijn voor het realiseren van de doelen. Lokaal eigendom, stimulerend beleid voor lokale initiatieven Lokaal eigendom in energieprojecten draagt bij aan een eerlijke verdeling van de lusten en de lasten van de energietransitie. In Noord-Holland Zuid zetten

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

12

overheden en partijen zich in om per project te streven naar minimaal 50 procent lokaal eigendom2. Daarnaast streven overheden ernaar hun grond en (de daken van hun) vastgoed die niet (volledig) ingezet hoeven te worden voor de opwekking van energie voor de eigen bedrijfsprocessen of andere opgaven, beschikbaar te stellen voor lokale initiatieven. Er kan een groter maatschappelijk (en bestuurlijk) draagvlak ontstaan als lokaal wordt meegeprofiteerd. De behoefte aan goede voorbeelden en een leidraad voor overheden is groot. Daarom is er door de Participatie Coalitie Noord-Holland (zie kader) een menukaart opgesteld als wegwijzer voor gemeenten3. De menukaart geeft op hoofdlijnen de belangrijkste mogelijkheden om aan de slag te gaan met lokaal eigendom. In de bijbehorende Leidraad Lokaal eigendom in de praktijk zijn deze verder uitgewerkt en aangevuld met praktische voorbeelden. In de leidraad wordt enerzijds de beleidsmatige kant belicht: hoe kan lokaal eigendom worden geborgd in beleidskaders? Welke keuzes heeft een overheid en binnen welke kaders kunnen deze keuzes worden gemaakt? Anderzijds wordt uitgewerkt waarop een lokale overheid nog meer kan inzetten om lokaal eigendom te stimuleren.

Aan de slag met lokaal eigendom met behulp van een leidraad Om de overheden in hun aanpak te inspireren en ondersteunen, heeft de Participatie Coalitie Noord-Holland de Leidraad Lokaal Eigendom opgesteld. Deze leidraad licht onder andere toe op welke wijze overheden lokaal eigendom kunnen borgen in beleidskaders. Daarnaast zijn voorbeelden van instrumenten opgenomen om tot uitvoering van lokale initiatieven te komen. Ook gaat de leidraad in op rollen die gemeenten, waterschappen en provincies hierbij kunnen innemen. Bijvoorbeeld faciliteren, stimuleren of meer proactief door te ondernemen. Tot slot beschrijft de leidraad verschillende manieren om lokale initiatieven te stimuleren en staan er verwijzingen in naar praktische voorbeelden en documenten. De leidraad kan worden gebruikt om tot een plan van aanpak te komen (per overheid, regio, gemeente, gebied of project).

2 Lokaal eigendom gaat over financieel eigendom en zeggenschap over het project en

over de besteding van baten. Dit kan via verschillende vormen van financiële participatie worden gerealiseerd. In de leidraad wordt dit nader toegelicht. 3

De Participatie Coalitie Noord-Holland is een samenwerkingsverband tussen de Vereniging van

Energie Coöperaties en Initiatieven in Noord-Holland, de Natuur en Milieufederatie NoordHolland en Energie Samen.

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

13

Participatie bij planvorming Op projectniveau is de gemeente samen met de initiatiefnemer verantwoordelijk voor zorgvuldige participatie. Hierbij gaat het om samen met betrokkenen en inwoners te komen tot een ontwerp en ruimtelijke inpassing. De gemeente bepaalt in haar beleid hoe participatie bij planvorming in de gemeente wordt ingevuld. Participatie is een belangrijke pijler onder de nieuwe Omgevingswet die naar verwachting op 1 januari 2022 van kracht wordt. Onder de nieuwe Omgevingswet bepalen overheden zelf hoe ze hun participatiebeleid vormgeven. De participatieladder helpt bij de invulling van de participatie op projectniveau. De participatieladder onderscheidt van laag naar hoog de volgende treden: informeren, raadplegen, adviseren, coproduceren en zelf laten organiseren. Bij de hoogste trede nemen inwoners (of ondernemers) zelf het initiatief, de gemeente haakt aan en faciliteert het inwonersinitiatief.

“Participatie kun je niet forceren, maar wel faciliteren.” Juliane Kürschner, coördinator van de Regionale Energiestrategie Amsterdam

Samenwerking in de regio De uitwerking van, en besluitvorming over zoekgebieden krijgen een plek binnen de uitvoeringsinstrumenten voor omgevingsbeleid. Gemeenten en provincie zijn hiervoor aan zet. Zij zorgen daarbij steeds voor regionale afstemming en bijsturing. De deelregio’s doen dat ieder op eigen wijze. In hoofdstuk 5 t/m 10 geven de regio’s Amstelland, Amsterdam, Gooi en Vechtstreek, Haarlemmermeer, IJmond & Zuid Kennemerland en Zaanstreek/Waterland aan welke afwegingen en keuzes zij maken. Daarnaast ziet de provincie een rol om de samenhang tussen de deelregio’s, de RESregio’s, het IJsselmeergebied, het Groene Hart en de aangrenzende provincies te bewaken. De samenwerking op de schaal van Noord-Holland Zuid heeft haar waarde bewezen. Er is de wens om deze samenwerking voort te zetten, ook samen met de regio Noord-Holland Noord. In het vervolgproces is de samenwerking met de netwerkbedrijven, energiecoöperaties, natuurorganisaties, het bedrijfsleven, agrariërs en onderwijsinstellingen van groot belang. De regionale samenwerkingsafspraken die nodig zijn voor de uitwerking en uitvoering van de RES worden uitgewerkt in een regionaal uitvoeringsprogramma, dat naar verwachting eind 2021 gereed is.

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

14

Het doel van de samenwerking is om als betrokken overheden in samenspraak met inwoners en belanghebbenden tot afgewogen en gedragen keuzes te komen voor de energie- en warmtestrategie.

2.3 Ruimtelijke afwegingen Het inpassen van de opwek van hernieuwbare energie is bij uitstek een ruimtelijke opgave. Windturbines en zonnepanelen zijn zichtbaar en vragen om zorgvuldige inpassing in het landschap, aandacht voor ruimtelijke samenhang, een gedegen ruimtelijk ontwerp en koppeling met andere (ruimtelijke) opgaven. Ook moet rekening worden gehouden met voldoende ruimte voor de energie-infrastructuur. Ruimtelijke samenhang in de RES Bij ruimtelijke samenhang gaat het om het maken van ontwerpkeuzes op (boven)regionaal niveau, rekening houdend met de lokale omstandigheden en andere ruimtelijke aspecten. Relevante vragen daarbij zijn hoe individuele RES-zoekgebieden zich tot elkaar verhouden en hoe de verhouding tussen een enkel (of meerdere) zoekgebied(en) en haar omgeving is. Voor de ruimtelijke samenhang is het van belang dat de (boven)regionale samenwerking en afstemming ook na vaststelling van de RES 1.0 worden voortgezet. De provincie heeft in de bovenregionale clusters van zoekgebieden een regierol. Ook voor de overige zoekgebieden is het zaak dat de ruimtelijke samenhang wordt bewaakt. Naast de energietransitie is er de komende jaren een grote opgave voor woningbouw en natuurontwikkeling. Na de vaststelling van de RES 1.0 blijft de regio hieraan in het netwerk van samenwerkende overheden en belangenorganisaties aandacht besteden.

Het maken van ruimtelijke afwegingen en keuzes Om gemeenten ook na de RES 1.0 te ondersteunen bij het maken van ruimtelijke keuzes, zijn in aanloop naar de RES 1.0 twee thematafels georganiseerd4: Ruimtelijke samenhang en Ruimtelijke ontwikkelprincipes

4 ‘Thematafels’ is een verzamelnaam voor bijeenkomsten die zijn georganiseerd in

aanloop naar de RES 1.0 om een aantal specifieke thema’s uit te diepen, zie ook de website van de energieregio NHZ voor een nadere uitleg.

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

15

zonne- en windenergie5. De thematafels hadden als doel om dilemma’s op te lossen, kansen te benutten en inspiratie op te doen om de Regionale Energiestrategie te verrijken. De uitkomsten worden door gemeenten ingezet bij het verder concretiseren van de zoekgebieden en de borging in omgevingsbeleid en -vergunningen. Ontwerpstudies en gebiedsgerichte aanpak Tijdens de thematafel Ruimtelijke samenhang is een inventarisatie gemaakt van (RES-)regio-overstijgende structuren zoals snelwegen of (clusters van) zoekgebieden, die gebaat zouden zijn bij een gebiedsgerichte aanpak. Dit zijn gebieden of structuren met een (deel)regio-overstijgend karakter en waar meerdere (clusters van) zoekgebieden zijn. Voor een aantal van deze gebieden zijn in de aanloop naar de RES 1.0 ontwerpstudies gedaan, met als doel het belang van de ruimtelijke samenhang en ruimtelijke kwaliteit mee te nemen in de verdere concretisering en integrale planvorming van deze zoekgebieden. Voor Noord-Holland Zuid zijn in samenwerking met NoordHolland Noord onder andere ontwerpstudies voor de zoekgebieden langs de A7 en de A9 gedaan. Het kader Gebiedsaanpak A9-zone bevat een beknopte uitwerking van de ontwerpstudie. Een uitgebreide rapportage van de ontwerpstudies vindt u in het Katern thematafels.

“Energievoorziening is altijd centralistisch geweest en nu wordt die langzaam decentraal. Dat is niet vanzelfsprekend voor veel overheden.” Manuel den Hollander, lid van de VEINH (Vereniging Energiecoöperaties en -initiatieven NoordHolland) en van de stuurgroep RES Noord-Holland Zuid

Handreiking voor onderzoeken zoekgebieden en initiatieven Naast een aantal ontwerpstudies is in de afgelopen periode een handreiking opgesteld getiteld Handreiking zoekgebieden Zon en Wind in relatie tot landschap, natuur en leefbaarheid. Deze handreiking is het eindproduct van de thematafel Ruimtelijke ontwikkelprincipes zonne- en windenergie. De handreiking geeft gemeenten en initiatiefnemers van energieprojecten een kapstok voor het verder onderzoeken en uitwerken van zoekgebieden voor zonne- en/of windenergie. Zij geeft inzicht in harde kaders vanuit wet- en regelgeving op het gebied van natuur, landschap, leefbaarheid en participatie 5 Zie ook het Katern Thematafels.

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

16

(onder andere Natura 2000, Natuurnetwerk Nederland (NNN) en veiligheidsnormen) ter toetsing van zoekgebieden en ruimtelijke principes die inspiratie bieden voor de inpassing. De handreiking wordt samen gebruikt met de RES-viewer, en geeft met behulp van een stroomschema aan welke afwegingen doorlopen worden en welke ruimtelijke principes hierbij van toepassing kunnen zijn. Gebiedsaanpak A9-zone Opwekking van hernieuwbare energie langs of in de buurt van infrastructuur is een veel voorkomende keuze in de deelregio’s. Hiervoor bestaat echter geen generieke aanpak. Een one size fits all-aanpak doet geen recht aan de landschappelijke context van de infrastructuur. Het is dus van belang om rekening te houden met de karakteristieken van zowel het landschap als van de infrastructuur. De A9-zone van Haarlem tot Alkmaar doorsnijdt een groot deel van de provincie. In deze zone hebben verschillende gemeenten zoekgebieden ingetekend direct gekoppeld aan, of in de directe omgeving van de snelweg. In een ontwerptraject zijn de (on)mogelijkheden van duurzame energieopwekking langs de A9 verkend. Het Katern Thematafels geeft een toelichting op het proces en de volledige uitwerking van het traject

Principes Door gebruik te maken van overkoepelende ruimtelijke principes bij de concretisering, kunnen de landschappelijke kwaliteiten worden behouden en/of bevorderd. Wanneer de inpassing van zonne- en/of windenergie op een consistente en eenduidige manier gebeurt, kunnen de identiteit en samenhang van de A9-zone worden versterkt. Uit de verschillende werksessies is een aantal kansrijke principes naar voren gekomen:

1.

Benutten van restruimtes: knooppunten en verzorgingsplaatsen. Op en rondom knooppunten zijn veel kleinere en grotere restruimtes te vinden die met zonne- en/of windenergie kunnen worden gecombineerd. Naast de ruimte binnen de knoop kan het voor een aantal knooppunten, vanuit het principe van ‘clustering’ interessant zijn om ook naar de ruimte

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

17

direct rond het knooppunt te kijken voor energie-opweklocaties. Bij verzorgingsplaatsen zijn ook veel restruimtes te benutten en bestaat tevens de mogelijkheid om parkeren te overkappen met zonnepanelen.

2.

Benutten van geluidsschermen en -wallen. Langs de A9 ligt een aantal geluidsschermen en wallen. Deze zijn goed te combineren met het opwekken van zonne-energie. Op deze locaties kan eventueel ook de berm van de A9 worden benut.

3.

Multifunctionele stedelijke randen. Ook bij de stedelijke randen langs de A9 liggen kansen om zonne-energie in te passen, bijvoorbeeld gecombineerd met het verbeteren van natuur- of recreatiewaarden.

Van ruimtelijke samenhang naar inpassing en ruimtelijke kwaliteit Naast ruimtegebruik en samenhang op (boven)regionaal niveau, is ook de ruimtelijke kwaliteit op projectniveau van belang. Voor alle zoekgebieden geldt dat na de vaststelling van de RES 1.0 moet worden bekeken hoe een duurzame opwek zo optimaal mogelijk in de omgeving kan worden ingepast. Daarbij gaat het ook om het zuinig gebruik van ruimte door meervoudig ruimtegebruik, en combinaties van hernieuwbare opwek met andere opgaven zoals biodiversiteit, waterhuishouding, recreatiewerken of natuurontwikkeling. Bij nieuwe ontwikkelingen van hernieuwbare energie wordt ernaar gestreefd dat: • Nieuwe projecten de landschappelijke waarde en natuurwaarde van het gebied verbeteren. • Maatregelen worden getroffen om negatieve effecten op natuur en omgeving te compenseren of te verminderen, bijvoorbeeld door middel van een gebiedsfonds. Advies jongeren: “Creatief naar een nieuw normaal” We moeten niet in het verleden blijven hangen, maar een balans zoeken tussen ‘polderen’ en het halen van de klimaatdoelstellingen. De inpassing van duurzame energie kan creatiever om draagvlak te vergroten, zonder dat hierbij de doelgerichtheid uit het oog moet worden verloren. Jongeren kijken vooral naar meervoudig ruimtegebruik en het combineren van functies.

Voor de inpassing van zonne-energie in het landschap moet op een planmatige manier gewerkt worden aan versterken van de biodiversiteit. Daarnaast moet er ruimte zijn voor innovatieve manieren van inpassing, zoals drijvende zonnevelden. Om de inpasbaarheid van windenergie te vergroten moet zoveel mogelijk gebruik worden gemaakt van locaties waar al sprake is van geluidshinder en ‘horizonvervuiling’. Je moet duurzame opwek overal tegenkomen. Ook op onverwachte plekken en in verrassende vormen.

RES 1.0 NOORD-HOLLAND ZUID - CONCEPT 30 MAART 2021

18

Samenhang met omliggende RES-regio’s De energietransitie vraagt om een integrale benadering en om een passende weging van belangen. Dat is nog van groter belang in gebieden die qua ruimtelijke kwaliteit uniek en kwetsbaar zijn. Zonder passende afstemming kan dit tot onsamenhangende keuzes leiden. Dit geldt ook voor gebieden die RES-regio-overstijgend zijn, zoals het IJsselmeergebied en het Groene Hart. Als RES-regio’s hebben we een verantwoordelijkheid om keuzes die regiooverstijgende effecten kunnen hebben, af te stemmen met omliggende RESregio’s. Deze afstemming is gericht op een goede kwaliteit van de leefomgeving en op het voorkomen van afwenteling. Zowel in provinciaal beleid als in rijksbeleid (de Nationale Omgevingsvisie) wordt het belang van dit soort gebieden benadrukt. Voor dit soort regio-overstijgende gebieden wordt in samenwerking met de relevante overheidspartijen zoals het ministerie van Buitenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Rijkswaterstaat gewerkt aan gedeelde uitgangspunten voor hernieuwbare energieopwekking. Aansluiting bij het Groene Hart Het Groene Hart ligt deels in de RES-regio Noord-Holland Zuid en neemt een uitzonderlijke positie in. Het is een internationaal uniek gebied, bestaande uit veel verschillende landschappen met bijzondere kwaliteiten. Het Groene Hart strekt zich uit over twee landsdelen, drie provincies en zeven RES-regio’s.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10044134/1