Raadsvoorstel - Vaststellen zienswijze voorstel Transitiecommissie MRA
Tekst van het document
ADVIES COLLEGE
*Z050AF2CB C3*
Onderwerp: Vaststellen zienswijze voorstel transitiecommissie MRA Opgesteld door: Telefoonnummer:
N. Vermaat 06 2054 6501
Persbericht: Portefeuillehouder:
Datum:
10 augustus 2021
Datum gesprek:
Registratienummer:
Z.172999/D.164955
Overlegd met JZ:
n.v.t.
Overlegd met Financiën: Overlegd met Communicatie:
n.v.t.
Status openbaarheid: Raad:
Nee Mevr. A. Heijstee-Bolt d.d.10 augustus 2021 Openbaar Ter besluitvorming
n.v.t.
Bijlage(n): Ja, eerste kolom bevat de hyperlink Zaak/docnr
onderwerp
Z.172999/D.165064 Z.172999/D.165065 Z.172999/D.165066
Oplegger samenwerkingsafspraken MRA Samenwerkingsafspraken MRA Overzicht van de inbreng, de wijze waarop deze verwerkt is in de Samenwerkingsafspraken en tenslotte welke opmerkingen de regio in de zienswijze nog wil meegeven Concept zienswijze
Z172999 / D165036
Ambtelijk voorstel 1. In te stemmen met bijgevoegde raadsvoordracht inzake het vaststellen van
bijgevoegde zienswijze op de concept samenwerkingsafspraken MRA. Besluit: Datum:
Toelichting voorstel Kortheidshalve wordt verwezen naar bijgevoegd raadsvoorstel.
Z.172999/D.164955 1 van 8
RAADSVOORSTEL Registratienummer Onderwerp Portefeuillehouder Contactpersoon + tel.nr
Z.172999/D.164955 Vaststellen zienswijze voorstel transitiecommissie MRA Mevr. A. Heijstee-Bolt N. Vermaat Tel 06 2054 6501
Ter advisering naar commissie
AZM
Datum commissie
Ter besluitvorming naar raad
ja
Datum raad
15 september 2021 23 september 2021
Voorgesteld raadsbesluit: 1. Vast te stellen van de bijgevoegde concept zienswijze op de concept samenwerkingsafspraken MRA.
Samenvatting De Metropoolregio Amsterdam (MRA) is een samenwerkingsverband van 32 gemeenten, 2 provincies en de Vervoerregio Amsterdam. Aan de samenwerking ligt een convenant ten grondslag. Gooi en Vechtstreek is een van de zeven deelregio’s in de MRA. De MRA is een bestuurlijk netwerk. De democratische legitimatie van besluiten vindt plaats in de raden en staten van de deelnemers. De gemeente Weesp zal vanwege de bestuurlijke fusie deel uit maken van de gemeente Amsterdam en uittreden uit de Regio Gooi en Vechtstreek. In de regiegroep van 10 oktober 2018 is afgesproken om de MRA samenwerking te evalueren op basis van de afspraken uit het convenant dat in 2017 is gesloten. De gemeenten zijn de in gelegenheid een zienswijze te geven. Ten behoeve van een gezamenlijke zienswijze is het voorstel getoetst aan eerder door de regio Gooi en Vechtstreek ingebrachte aandachtspunten. We constateren dat aan deze aandachtspunten in het voorstel goed opvolging is gegeven. Daarbij zien we nog wel enkele aandachtspunten voor de verdere uitwerking in definitieve samenwerkingsafspraken.
Doel en resultaten De gemeenteraden worden geconsulteerd over de concept samenwerkingsafspraken. Op basis van de inbreng van alle raden en staten worden de definitieve samenwerkingsafspraken opgesteld. Deze worden in het najaar ter besluitvorming voorgelegd. Om binnen de consultatieperiode te kunnen reageren dient de zienswijze in de eerste raad na het zomerreces geagendeerd te worden.
Reden bespreking in de raad De raad dient de zienswijze vast te stellen.
Context en kaders Historie evaluatie Z.172999/D.164955 2 van 8
In de regiegroep van 10 oktober 2018 is afgesproken de MRA samenwerking te evalueren op basis van de afspraken uit het convenant dat in 2017 is gesloten. In december 2020 heeft de MRA Regiegroep besloten vanuit haar eigen gelederen een transitiecommissie in te stellen die de beschikbare bouwstenen heeft verwerkt in een voorstel voor zowel de doelen en profilering van de MRA als voor de governance. Beschikbare bouwstenen waren onder andere het rapport ‘Meer richting en resultaat’ (zomer 2019) en de adviezen van Ben Verwaayen (State of the region, december 2020). In maart 2021 heeft de transitiecommissie haar advies opgeleverd waarin een voorstel wordt gedaan voor zowel de doelen en profilering van de MRA als voor de governance. In april-mei 2021 is aan de raden en Staten gevraagd hun wensen en opvattingen in te brengen bij het voorstel. De MRA heeft op basis van het voorstel van de transitiecommissie, de inbreng van raden en Staten en een aantal sessies met bestuurders en raadsleden de concept samenwerkingsafspraken opgesteld. Zoals gevraagd door meerdere participanten worden deze eerst ter consultatie aan de raden en Staten voorgelegd. Na verwerking van de inbreng worden de definitieve samenwerkingsafspraken aan de raden en Staten voorgelegd ter besluitvorming. Aan de gemeenteraden wordt gevraagd om een zienswijze te geven op de voorliggende concept samenwerkingsafspraken.
Wijze van inbreng gemeenten De gemeenten in de Gooi en Vechtstreek kiezen ervoor hun inbreng in de MRA in dit traject zoveel mogelijk gezamenlijk vorm te geven. Dit geeft de inbreng vanuit onze deelregio meer kracht. Tegelijkertijd moet er ruimte zijn voor lokale aanvullingen en zwaartepunten. In de nieuwe samenwerkingsafspraken krijgen gemeenten een meer directe invloed in de MRA via de Algemene Vergadering en de Raadtafel. Tegelijkertijd blijven onderdelen deelregionaal georganiseerd; zoals de vertegenwoordiging in het bestuur en in de platforms. Wanneer de definitieve samenwerkingsafspraken voorliggen is het goed om ook de werkafspraken binnen de regio Gooi en Vechtstreek te actualiseren. Uitgangspunt hierbij is de kracht van het samen optrekken als deelregio te behouden met voldoende ruimte voor lokale inbreng en het uitoefenen van de autonome bevoegdheid van de raad. Ook is het goed op het gemeentelijk niveau afspraken te maken, bijvoorbeeld over de afstemming tussen het collegelid wat zitting heeft in de Algemene Vergadering, leden van de Raadtafel en de gemeenteraad. De gemeenteraden worden geconsulteerd over de concept samenwerkingsafspraken. Op basis van de inbreng van alle raden en staten worden de definitieve samenwerkingsafspraken opgesteld. Deze worden in het najaar ter besluitvorming voorgelegd.
Om binnen de consultatieperiode te kunnen reageren dient de zienswijze in de eerste raad na het zomerreces geagendeerd te worden. Argumenten De MRA heeft meerwaarde voor de gemeenten in de Gooi en Vechtstreek Voor Gooi en Vechtstreek is de noordelijke metropool een logische schaal van samenwerking op ruimtelijk-economische opgaven. De noordelijke metropool bestaat bestuurlijk uit de MRA en de MRU (metropoolregio Utrecht). Onderlinge relaties in dit gebied zijn sterk. Het vormt een zogenaamd ‘daily urban system’. Onze inwoners, werknemers en bedrijven bewegen zich op deze schaal en ontwikkelingen in het gebied om ons heen beïnvloeden het eigen leefgebied. De MRA en de MRU verbinden als netwerkorganisaties mondiale en lokale opgaven. De MRA is een belangrijke gesprekspartner voor het Rijk, voor de invulling van de gebiedsprogramma’s als vertaling van de Nationale omgevingsvisie. De belangen van het gebied en de verschillende deelregio’s worden via de Verstedelijkingsstrategie bij het Rijk ingebracht. Op deze manier kunnen deelregio’s via de MRA richting mede richting geven aan Z.172999/D.164955 3 van 8
besluiten van het Rijk. Het zorgen voor een goede betrokkenheid van belanghebbende gemeenten is zowel een kans als aandachtspunt. De waarde van de samenwerking zit op verschillende aspecten: - Kennisuitwisseling en het op de hoogte zijn van wat er speelt op ruimtelijke en economische gebied in andere gemeenten; - Het gezamenlijk uitvoeren van onderzoek en verkenningen; - Belangenbehartiging richting Rijk en Europa. Binnen de MRA zitten verschillende invloedrijke medeoverheden. Door gezamenlijk op te trekken en krachten te bundelen geven we een sterk(er) signaal richting Rijk en Europa.
De samenwerkingsafspraken dragen bij aan meer transparantie en focus op inhoudelijke voortgang De MRA is en blijft een bestuurlijk netwerk. Met de samenwerking in de MRA worden geen bevoegdheden overgedragen. Met de nieuwe samenwerkingsafspraken wil de MRA de transparantie verbeteren en de focus leggen op inhoudelijke voortgang, zodat alle betrokken meer zicht hebben op de inhoudelijke meerwaarde van de samenwerking. Dit streven is vertaald in de volgende wijzigingen ten opzichte van het huidige convenant; - Om de raden en Staten beter bij de inhoudelijke voortgang te betrekken komt er elk voorjaar een voortgangsnota en elk najaar een termijnagenda. - In het bestuur, de platforms en portefeuillehoudersoverleggen zijn alle deelregio’s en beide provincies vertegenwoordigd. - Alle participanten zijn rechtstreeks vertegenwoordigd in de Algemene Vergadering. - De raadtafel wordt geformaliseerd en krijgt een duidelijke adviserende rol. De samenwerkingsafspraken bestaan uit twee delen; - De eigenlijke samenwerkingsafspraken die door de raden en Staten worden vastgesteld en vierjaarlijks worden geëvalueerd. Dit deel beschrijft de basisprincipes, ambities en doelstellingen, positie raden en Staten en de rollen en taken van diverse gremia; - De werkafspraken; een operationalisering en nadere duiding van de samenwerkingsafspraken uit het eerste deel.
De inbreng vanuit Gooi en Vechtstreek is grotendeels verwerkt Bij de consultatie over het voorstel van de Transitiecommissie hebben de gemeenten in Gooi en Vechtstreek een regionale zienswijze ingebracht, aangevuld met specifieke inbreng per gemeente. Ook andere deelregio’s hebben deels gezamenlijk en deels als gemeente hun wensen en opvattingen ingebracht. U vindt de totale inbreng hier: www.metropoolregioamsterdam.nl/metropool-van-grote-klasse/ Alle inbreng is gewogen en verwerkt in de voorliggende samenwerkingsafspraken. Een groot deel van de inbreng vanuit Gooi en Vechtstreek is verwerkt in de Samenwerkingsafspraken. Als bijlage is een overzicht van de inbreng en de wijze waarop deze al dan niet verwerkt is in de samenwerkingsafspraken bijgevoegd. Kanttekeningen Samenwerken vraagt in gesprek blijven Afspraken kunnen de samenwerking faciliteren en verbeteren maar nooit alle krachtenvelden ondervangen die hierbij spelen. Samenwerken betekent ook compromissen sluiten, vertrouwen op andere spelers in de samenwerking en elkaar kunnen en durven aanspreken. Soms is het rechtstreeks belang van een gemeente of deelregio volledig duidelijk maar soms is dit indirecter.
Z.172999/D.164955 4 van 8
De basis is een gezamenlijk bewustzijn van de meerwaarde van samenwerking op de MRAschaal voor de inwoners. Het behoud van democratische legitimiteit en voortdurende communicatie over doelen en behaalde resultaten is hierbij belangrijk. De samenwerkingsafspraken dragen hieraan bij door meer transparantie en het zichtbaar maken van inhoudelijke resultaten. Aandachtspunten in de Samenwerkingsafspraken De inbreng vanuit Gooi en Vechtstreek bij het voorstel van de Transitiecommissie is grotendeels verwerkt. Als bijlage is een overzicht van de inbreng, de wijze waarop deze verwerkt is in de Samenwerkingsafspraken en tenslotte welke opmerkingen de regio in de zienswijze nog wil meegeven bijgevoegd. Belangrijkste aandachtspunten die in de concept zienswijze zijn verwerkt zijn: - Uitwerking van de overkoepelende doelstellingen volgt in de MRA agenda en werkplannen. Wij geven hierbij nogmaals aan dat het streven naar sociaal evenwicht moet worden ingevuld vanuit de ruimtelijk economische opgaven en niet leiden tot het oppakken van taken vanuit het sociaal domein binnen de MRA. (B2) - De samenwerkingsafspraken bieden meer mogelijkheden voor betrokkenheid van kleine gemeenten. Bijvoorbeeld door de directe vertegenwoordiging in de Algemene Vergadering en Raadtafel.
Wij verzoeken u wel om bij het invullen van de informatievoorziening zoals beschreven in de samenwerkingsafspraken ook te kijken naar compacte informatievoorziening en bij kleine gemeenten op te halen of dit voldoende wordt gefaciliteerd. (algemeen) - De wisselwerking tussen platform en portefeuillehoudersoverleg wordt niet verder uitgewerkt in de samenwerkingsafspraken. Het is de verantwoordelijkheid van het platform om hierover onderling goede afspraken te maken. Het is goed om na het overgangsjaar of bij de volgende vierjaarlijkse evaluatie te kijken of nadere uitwerking gewenst is. Ook moet goed afgewogen worden wanneer het instellen van een vast portefeuillehoudersoverleg het juiste instrument is of wanneer beter een andere invulling kan worden gekozen. Bijvoorbeeld door als platform een themasessie over een bepaald onderwerp te organiseren voor alle portefeuillehouders van participanten. De afspraken bieden hiervoor ruimte. (C4) - Alle deelregio’s zijn vertegenwoordig in de platforms. De afspraken bieden echter ook de mogelijkheid om te besluiten dat per deelregio meer bestuurders kunnen deelnemen. Wij zijn hier niet direct voorstander van. Natuurlijk kan een bestuurder als bestuurlijk trekker, vanuit een expertise of lokaal belang uitgenodigd worden bij een agendapunt maar dit is iets anders dan structureel deelnemen aan de overleggen.
(C4) - In de beschrijving onder C2 staat dat de vergadering van de AV niet over inhoudelijke onderwerpen gaat. Tegelijkertijd geeft u in de samenvatting aan dat de AV kaderstellend en controlerend is. Het vaststellen van kaders en het beoordelen of – gegeven de door de raden en staten vastgestelde kaders – de MRA effectief haar doelen realiseert, is wel degelijk een inhoudelijk rol. Wij verzoeken u dit in de definitieve samenwerkingsafspraken nog iets meer aan te scherpen. (C2 en samenvatting) - Het is belangrijk dat de raden en Staten goed geïnformeerd zijn over de wijze waarop de MRA gemeenten en provincie vertegenwoordigt in overleg met het rijk, zoals in het BO MIRT en BOL, zoals ook staat beschreven onder C1. Een goede terugkoppeling van belangrijke overleggen richting raden is daarom gewenst. Dit kan ook via de deelregio zodat op de lokale informatiebehoefte kan worden ingespeeld. - We kunnen ons vinden in de invulling van de externe rol van de MRA. Waar een ‘coalition of the willing’ wordt gevormd moet wel bewust afgewogen worden of het onderwerp nog steeds passend is op de MRA schaal. (2.6) - De invulling van de Raadtafel met één lid en een plaatsvervangend lid is in overeenstemming met onze regionale inbreng. Een aantal gemeenten (binnen en buiten Gooi en Vechtstreek) hebben ingebracht bij voorkeur twee leden in de Raadtafel af te Z.172999/D.164955 5 van 8
-
-
-
vaardigen. Dit leidt in de afstemming tot een grote groep maar kan wel het draagvlak vergroten. Door het vieren-ogen principe zonder politieke lading kunnen raadsleden met meer rugdekking opereren. We verzoeken u nogmaals naar deze afweging te kijken en een onderbouwing te geven bij de definitieve keuze in de samenwerkingsafspraken. (C1) De inzet voor de MRA directie en de flexibele schil wordt op basis van een verdeelsleutel op deelregio-niveau verdeeld. In de concept samenwerkingsafspraken is de verdeelsleutel voor de basisbijdrage naar inwoneraantal. Voor de personele inzet is de verdeelsleutel nog niet nader gedefinieerd. We verzoeken u invulling te geven aan een verdelingssystematiek die niet alleen rekening houdt met inwonersaantal maar ook met ieders ambitieniveau en wat eenieder binnen de doelstellingen te halen en te brengen heeft. (B3 en C5) In de samenwerkingsafspraken worden de processen duidelijk beschreven. Om hierop als gemeente te kunnen acteren en ook deelregionale afstemming mogelijk te maken is het belangrijk te werken met een jaaragenda waarin overlegdata en verzenddata duidelijk staan vermeld. Een goede lange termijnagenda maakt het zelfs makkelijker om een korte termijn tussen verzending en overleg te hanteren omdat hiermee vooraf rekening kan worden gehouden in de bestuurlijke agenda’s.
Voor de consultatie van raden en Staten is de termijn van acht weken uit het huidige convenant gehandhaafd. Deze termijn is krap omdat ook deelregionale afstemming moet plaatsvinden en de aanlevering van stukken niet altijd past in de jaarplanning van de gemeenteraden. Ook hierbij helpt een jaaragenda. Wij geven u in overweging om de termijn naar 9 of 10 weken te wijzigen. Belangrijk is dat tenminste bij de termijn van 8 weken het zomerreces en het kerstreces niet wordt meegerekend. (B1 en 2.7)
Alternatieven voor oplossing en advies college Het college adviseert de zienswijze vast te stellen. De raad is in de gelegenheid de tekst van de zienswijze te amenderen. De transitiecommissie bereidt voorstellen voor. De Regiegroep neemt hierover besluiten. De inbreng van alle raden en staten worden betrokken bij de definitieve samenwerkingsafspraken. Deze worden in het najaar ter besluitvorming aan de raden en staten voorgelegd. Voor deze zienswijzeprocedure is er voor gekozen een regionale zienswijze voor te bereiden. Deze kan door gemeenten indien gewenst worden aangepast of aangevuld. Dit betekent dat er zeven gemeentelijke zienswijzen naar de MRA gaan met een stevige regionale basis en voldoende ruimte voor lokale inbreng. De deadline voor de zienswijze is gesteld op september, waarbij de MRA verzoekt de zienswijze zo vroeg mogelijk in september in te dienen. In praktijk betekent dit behandeling in de eerste raadsvergadering na het zomerreces
Betrokkenheid burgers en instellingen; burgerparticipatie n.v.t.
Financiële paragraaf Onder C6 in de samenwerkingsafspraken worden de afspraken met betrekking tot de P&C cyclus uitgewerkt. Hierin zijn een aantal punten verwerkt die eerder door onze regiogemeenten zijn ingebracht in de zienswijzen bij de begroting. Het gaat hierbij om indexering, verrekening van overschotten en tekorten en het vierjaarlijks vaststellen van de bijdrage per inwoner gekoppeld aan de MRA agenda. Bij het afsluiten van het convenant in 2016 is een bijdrage per inwoner vastgesteld van €1,50. Bij de vaststelling van de begroting 2021 is de bijdrage verhoogd naar €1,53. Bij de uitwerking van de samenwerkingsafspraken is het streven het budget en dus de kosten voor gemeenten gelijk te houden. Z.172999/D.164955 6 van 8
Een aandachtspunt hierbij is de wijze waarop de MRA directie en flexibele schil wordt gevormd. In de huidige setting levert een gemeente of deelregio op basis van eigen afweging en ambitie. In de voorstellen in de samenwerkingsafspraken (B3 en C5) wordt voorgesteld dat de inzet op basis van een verdeelsleutel op deelregio-niveau wordt verdeeld. Dit voldoet aan de inbreng van onze regio dat de inzet in relatie tot de begroting inzichtelijk moet worden gemaakt maar zal tot een herverdeling van kosten leiden die op basis van de nu voorliggende stukken lastig in te schatten is.
Uitvoering n.v.t.
Terugkoppeling/evaluatie De Regio Gooi en Vechtstreek en de MRA worden geïnformeerd.
Communicatie n.v.t.
Bijlagen Meegestuurd: Oplegger samenwerkingsafspraken MRA Samenwerkingsafspraken MRA Overzicht van de inbreng, de wijze waarop deze verwerkt is in de Samenwerkingsafspraken en tenslotte welke opmerkingen de regio in de zienswijze nog wil meegeven Concept zienswijze
Z.172999/D.164955 7 van 8
Commissieadvies:
Raadsbesluit
*Z050AF2CB C3*
Onderwerp: Vaststellen zienswijze voorstel transitiecommissie MRA Behoort bij het raadsvoorstel registratienummer Z.172999/D.164955 De raad van de gemeente Weesp; Gelezen het voorstel van het college d.d. 24 augustus 2021; Gezien (relevante wet- en regelgeving) BESLUIT: 1. Vast te stellen van de bijgevoegde concept zienswijze op de concept samenwerkingsafspraken MRA. Noot van de griffier: Dit besluit is genomen met de aantekening dat (toezegging, aanpassing, afspraak, nuancering van de argumenten e.d.) Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 23 september 2021; De raad voornoemd,
M. van Engelshoven, griffier Amendementen: Moties:
Z.172999/D.164955 8 van 8
B.J. van Bochove, voorzitter