CConstaterende datWeesp
Koppel je AI →
Document · PDF

Printversie besluitenlijst

Commissie WZ 28 januari 2021, gemeente WeespBij agendapunt: Opening en mededelingen van de voorzitter11.619 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE WZ VAN GEMEENTE WEESP d.d. 28 januari 2021

1.

Opening en mededelingen van de voorzitter De heer …: Koekoeksklok. De heer …: Oh, koekoeksklok, ja. De voorzitter: O ja, Maarten en Bernard, jullie mogen jullie microfoons uitzetten. Dames en heren, welkom bij deze eerste commissie AZ in het nieuwe jaar. Ik heet u allen wel, en ook de luisteraars … De heer …: Welzijn. De voorzitter: Sorry, commissie welzijn. Gisteren was de commissie AZ. Dank u wel. Ik moet ook nog even er weer helemaal inkomen. Ook welkom de luisteraars en de leden van het college en de griffie. Ik begin met een opening en mededelingen. Er zijn geen mededelingen.

2.

Inspreekrecht voor burgers De voorzitter: Dan agendapunt twee, het inspreekrecht voor burgers. Daar heeft zich dit keer niemand aangemeld als inspreker.

3.

Vaststelling agenda De voorzitter: En dan kom ik bij punt drie, vaststelling van de agenda. Is iedereen akkoord met de agenda zoals die er ligt? Uitstekend. Dan gaan we verder met het punt ter advisering. TER ADVISERING

4.

Financiering uitbreiding subsidie aan Versa voor schuldhulpverlening en preventie De voorzitter: Agendapunt vier, financiering uitbreiding subsidie aan Versa voor schuldhulpverlening en preventie. En het voorgesteld raadsbesluit is in te stemmen met het opzetten van schuldhulpverlening en preventie in Weesp naar Amsterdams model. Vanwege de wijziging van de wet gemeenschappelijke schuldhulpverlening er 1 januari 2021 en vooruitlopend op de bestuurlijke fusie met Amsterdam. Punt twee, de voorlopige beschikking gemiddelde uitkering participatiewet 2021 te verwerken in de begroting en het voordelige saldo daarvan in te zetten voor schuldhulpverlening. En besluit drie, hiertoe de eerste begrotingswijziging voor 2021 vast te stellen. Wie kan ik daar het woord voor geven? De heer Bierwolf van de WSP. Gaat uw gang. De heer Bierwolf: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ik had even een paar korte vragen. Ik zie meerdere keren in de planning de datum 1 januari 2021. Dat zijn we al gepasseerd. Op de moment moeten er dus bepaalde stappen genomen worden en soms heeft dat ook in personele invloed op die ieder vanaf dat moment moet gelden.

Mijn vraag is: is het al gerealiseerd of lopen wat dat betreft iets achter op dat schema? En mijn tweede vraag is, de Fte’s die ingevuld moeten worden, wordt dat uit eigen kring gedaan? Want het lijkt me toch wel dat je mensen moet hebben die al enigszins thuis zijn in de theorie en alles wat hier gebeurt, als je daar open

sollicitaties, dan denk ik dat je nog een tijd kwijt bent om die mensen op te leiden. En het gaat hier net als bij de toelage in Den Haag ook over geld een eventuele frauduleuze dingen. Dus het lijkt me dat we dat door professionele mensen moeten laten doen die al kennis hebben. Dat is eigenlijk een beetje mijn vraag. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bierwolf. Dan ga ik verder met mevrouw Ogier van GroenLinks. Mevrouw Ogier: Ja, dank u wel voorzitter. Nou, ik had allereerst even een opmerking wat niet zozeer voor de wethouder is, maar dat ik mij dan wel verbazen over dat het nu veel makkelijker wordt om allerlei gegevens uit te wisselen. En dat we met de toeslagenaffaire, ik zag dat die straks nog even terugkomt in de rondvraag, maar dat het daar dan allemaal zo ingewikkeld is en dat dat hier zijn allemaal kan, wat volgens mij ansicht goed is, maar ik verbaas me dan daar toch even over. Nou, ik lees dat het wel nu georganiseerd wordt door schuldhulpverlening door Versa, maar dat Versa niet in het stelsel van Amsterdam zit.

Dus ik vroeg me af hoe … Er wordt nu heel veel tijd gestoken om dat bij Versa te ontwikkelen en hoe duurzaam is dat dan? Dus kunnen we dat dan ook op langere termijn daar houden? En ik vroeg me nog af bij de dekking, is het ‘…’ dat daarvoor wordt gebruikt? Nou, we kunnen er denk ik wel vanuit gaan natuurlijk dat de uitkeringen ook op zullen lopen, dus lopen we daar dan niet een risico mee? Dat waren mijn vragen. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Ogier. Dan geef ik het woord aan de heer Renzenbrink van het CDA. De heer Renzenbrink: Oh, ik stak mijn hand op. Ik dacht dat ik nog niet aan de beurt was. Oké, ik heb een paar vragen over het plan van aanpak, zeg maar. Op pagina twee daar wordt gesproken over bij preventie en beroepssignalering, dat het nodig is voor de harmonisatie. Nou, dat is dus, ja, ik heb het gister ook al een keer genoemd, het is geen harmoniseren, we gaan gewoon Amsterdams systeem uitvoeren. Dus vanuit die gedachtegang heb ik het ook maar benaderd. Er staat in dat er moet samenwerking gezocht worden met een aantal convenantpartners van Amsterdam.

Mijn vraag is, Amsterdam heeft dus een convenant met een aantal partners, maar welke partners uit die Gooi en Vechtstreek gaan we hierdoor missen? Of wordt er een bypass voor georganiseerd? We gaan natuurlijk over naar een andere werkwijze en dan moet je wel oppassen dat we niet de hele Gooi en Vechtstreek niet op korte termijn weggooien, want dat heeft natuurlijk ook verband met mensen die daar naar toe, nu ook alweer mee te maken hebben. Dus welke convenantpartners hebben wij in Gooi en Vechtstreek en worden die meegenomen? Dan is mijn volgende vraag, bij de financiële inloopspreekuren, daar wordt de verschillen aangegeven. Ik proef er eigenlijk uit, dat zeggen wij, wij hebben natuurlijk een behoorlijk veld met vrijwilligers. Dan denk ik bijvoorbeeld aan frustratie om de hoek of allerlei schuldhulpmaatjes en al dat soort zaken. En ik zie eigenlijk alleen maar een professionalisering. Ik zie gewoon die groepen of die mensen die op vrijwillige basis waar we een vrij groot netwerk van hebben helemaal niet meer terugkomen. En is het de bedoeling dat, want Amsterdam zit veel meer met professionals te werken, dat wij gewoon dat hele netwerk in Weesp nu gewoon aan de kant zetten? Want dat zou toch wel zonde zijn voor … Maar ik zie die nergens terugkomen. En bij pagina vijf, daar gaat het ook over de schuldhulp. Dan zie je ook totaal de schuldhulpmaatjes niet terugkomen.

En weet je wat ik … Gister bij AZ heb ik iets gezegd over ‘…’ Amsterdam en dat is wat je er ook van vindt. Maar het is wel zo van, als we dan niet gaan harmoniseren, maar we gaan allerlei Amsterdamse zaken toepassen, dan is het wel handig als we heel duidelijk hebben wat er wel of niet van toepassing is. Want bijvoorbeeld een aantal stichtingen, een aantal organisaties, die zich bezighouden ook in dit veld, die hebben daar volgend jaar helemaal geen bestaansrecht meer en het is dan wel handig, en ik heb het ook gelijk even met de Brexit gedaan, het is wel goed dat iedereen ook zich kan aanpassen, want dat is ook gewoon denk ik noodzakelijk, ook vanuit die organisaties vandaan. Dat speelt hier ook een beetje een rol, want nu hebben we altijd in onze eigen schuldhulpverlening natuurlijk gewoon heel veel daarop gebouwd en denk ik ook niet verkeerde resultaten gehaald en die zijn helemaal weg. En nogmaals,

Amsterdammers werken anders, maar hoe gaan we daarmee om? Dus ik vind het wel belangrijk om daar wat inzicht in te krijgen hoe dat gaat lopen. Dat waren mijn vragen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Renzenbrink. Dan de heer Elderenbosch van D66. De heer Elderenbosch: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een vraag over het raadsvoorstel. Onder doel en resultaten wordt duidelijk omschreven wat het doel is, namelijk voldoen aan het wettelijk kader. Het middel is ook duidelijk omschreven: Amsterdamse werkwijze. Maar wat is nu het concrete resultaat? Wat levert dit ons en de inwoners van Weesp nou concreet op? Want er gaat toch een investering van tweehonderdduizend in. Kunnen er bijvoorbeeld meer mensen geholpen worden? Daar was ik benieuwd naar. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik verder met de heer Keesman van de PvdA. De heer Keesman: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, wij hadden natuurlijk al vragen gesteld aan het begin van het jaar over de implementatie van de wijziging van die wet schuldhulpverlening door gemeenten en we zijn blij dat er nu een raadsinformatiebrief erover ligt. Ja, we hebben gekeken naar die invulling van een werkplan, zeg maar. We hebben de indruk dat er eigenlijk twee dingen door elkaar heen lopen en dat is eigenlijk ook wel een beetje logisch.

Dat is aan de ene kant die implementatie dus van die wet, de vroeg signalering en ook de acties die vervolgens ondernomen gaan worden. En wij hebben begrepen dat er dus ook gaat ingezet worden op proactieve huisbezoeken, wat ons heel erg goed lijkt. En daar is dan tweeëneenhalve FTE voor nodig hebben we begrepen. En over de andere kant hebben we dat proces om ons in te vlechten in de structuur van Amsterdam. En die dingen lopen en dat plan van aanpak nogal door elkaar heen. De eerste vraag is eigenlijk van, is het nou zo dat per 1 januari van dit jaar gaat die wet in, dus hebben de bewoners eigenlijk ook al recht op de voordelen die die wet biedt. Dat wil zeggen, een veel pro-actievere benadering als ze in een problematische schulden komen. Dat wil zeggen, zouden we die acties, die erg gericht op zijn om die wet de implementeren niet naar voren te halen? Zouden we die niet eerst moeten doen? Want dat is meteen ook een punt. Ik sluit mij ook helemaal aan bij de vraag van mevrouw Ogier. Is het nu wel zo handig om dat bij Versa te doen? Want ik begrijp in beetje uit het plan dat het nog helemaal niet zeker is, of misschien wel behoorlijk onzeker, dat Versa een rol speelt in de toekomst in Weesp, omdat dat geen partner is in Amsterdam. En dat betekent dus inderdaad dat we capaciteit gaan opbouwen bij Versa, die vervolgens niet benut kan worden in Weesp.

En dat is toch wel een beetje raar. En het punt is ook, ik zeg: wie capaciteit gaan we opbouwen. Die is er dus niet zomaar. Bij wijze van spreken duurt het nog een half jaar voordat die opgebouwd is en die kan dan nog een half jaartje draaien en dat is het dan. Is dat nu wel zo handig? Zou de wethouder daar op kunnen reflecteren? Misschien zie ik het verkeerd, maar dit waren onze indruk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor uw indrukken, mijnheer Keesman. Dan ga ik verder met de laatste fractie, VVD. Mevrouw Van Dalen. Mevrouw Van Dalen: Yes, dank u wel voorzitter. Ja, wij hadden in vraag aan de schuldhulp voor ondernemers. Er staat in het plan van aanpak dat er eerst met kleine aantallen gekeken wordt naar uitbreiding van het aanbod. En dan mochten er door de coronapandemie meer ondernemers in de problemen komen, dan gaan we dan opnieuw kijken. Misschien sla ik het een beetje te plat, maar waarom gaan we … Kijk, we kunnen er natuurlijk vergif op innemen dat er meer ondernemers in de problemen gaan komen. Kunnen we dan niet of als proactief nu er vanuit gaan dat er veel ondernemers zijn en vanuit dat standpunt die hulp bieden in plaats van achteraf denken: oh, het waren er toch meer dan verwacht. Want we kunnen het nu eigenlijk wel al verwachten. Dus dat was onze vraag.

De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van Dalen van de VVD. Dan geef ik het woord aan wethouder Miner. De heer Miner: Dank u wel, voorzitter. Dank voor al uw kritische vragen. Ik moet even kijken hoe ik ze gaan beantwoorden. Ik denk dat ik bij de Partij van de Arbeid beginnen, omdat die een aantal basale vragen gesteld waarvan ik denk, oké, misschien kan ik daar andere vragen meer beantwoorden. Allereerst de vraag: waarom gaan jullie nu met Versa in zee? Omdat Versa natuurlijk wel de ervaring juist heeft in de afgelopen jaren en de connecties, juist op dit gebied. Wat we eigenlijk zagen, is dat we met die wet meer moesten gaan doen dan we deden en dan moesten we ook meer met ‘…’ gaan doen. Maar we moesten vooral niet de hele boel gaan slopen. En daarom is nu de gedachte, zet de Versa als het ware in haar kracht met extra Fte’s en extra kennis, ook kennis van Amsterdam. En als we het goed doen, is het ook de bedoeling dat ze ermee doorgaan. Ook na de bestuurlijke fusie. Dat is niet zeker, want dat vereist dan nog inschrijving en in aanmerking komen et cetera. Maar de gedachte is wel, als Versa dit goed oppakt dat ze daarmee doorgaan. Want de aanpak wordt niet honderd procent Amsterdams. Er is wel sprake van harmonisatie, mag wel met respect voor de manier waarop Weesp dingen doet. Want wij werken bijvoorbeeld met een sociaal werkteam. Amsterdam doet dat op een andere manier.

Wij werken heel veel met vrijwilligers, waar ik juist altijd zo ontzettend gelukkig van word. Die vrijwilligers willen we allemaal houden. Die willen we ook allemaal laten doen waar ze goed in zijn, omdat vrijwilligers in waarde zijn en een relatief kleine gemeenschap als wees. En het laatste wat je volgens mij moet willen, is die vrijwilligers van je vervreemden. Dus die willen wij houden. Dan geeft de Partij van de Arbeid aan dat er eigenlijk twee dingen door elkaar heen lopen en ik denk dat dat op zich wel een goede waarneming is. Een deeltje is een moetje. Namelijk na 1 januari moesten we meer doen dan we tot dan toe deden. En dan is het logisch dat je naar Amsterdam kijkt, omdat die juist op het gebied van schuldhulpverlening een ontzettend uitgebreid aanbod hebben. Toen ze mij voor de eerste keer lieten zien wat Amsterdam doet vergeleken met wat Weesp doet, dacht ik, toen sloeg ik echt stijl achterover. Maar je moet het nogmaals niet doen zonder dat respect voor die Weesper aanpak en daarom proberen we die twee dingen ook in elkaar te vlechten als het ware. En dat zal misschien voor u her en der onlogisch voelen, maar dat is wel wat we aan het doen zijn en waar ik ook wel op vertrouwen dat het gaat lukken. Dan kom ik bij D66, maar die heb ik volgens mij eigenlijk al voor een groot deel beantwoord. Die zeggen: ja, je hebt je doel helder en dat is het wettelijk kader.

Zelfs iets meer dan het wettelijk kader, dat willen ze ook meer doen. Je hebt je middel helder, Amsterdamse werkwijze. Dat is dus iets ingewikkelder dan dat. Maar met die vroeg signalering hopen we eigenlijk ook veel meer mensen te bereiken en ook veel eerder te bereiken. Dat is eigenlijk, zou de grote winst van deze aanpak moeten zijn. Wat je eigenlijk wil, is dat mensen zich melden voordat er überhaupt sprake is van problematische schuld. Je wil dat mensen zich melden als ze ook maar enigszins in de knel komen en een wil is als het ware helpen om zo gauw mogelijk vooruit te komen. Die tweeënhalve FTE overigens, die worden breder ingezet. Die zijn voor vroeg signalering en schuldhulpverlening. Dus niet alleen voor vroeg signalering. Daarmee heb ik volgens mij voor het CDA de vraag over de vrijwilligers beantwoord. Dan de vraag over de convenanten. We hadden beperkt aantal convenanten. Ik kan me persoonlijk herinneren dat we er een met IJmeer hadden. Dat ons de huur niet werd betaald, dat IJmeer aan de bel trok. Daarvoor hadden we inderdaad de convenant gesloten. Misschien hadden we er meer. Maar de nieuwe wet maakt het mogelijk dat je aan je partners iets meer ook oplegt dat je een convenant met ze kan sluiten, dus dat ze aan die bel gaan trekken.

En dat zal dus zeker niet alleen Amsterdamse partners betreffen, maar ook andere partners met wie Weesp op dit ogenblik samenwerkt. Dan, even kijken, de vragen van de WSP. Ja, heel graag had ik in december dit al vastgesteld en waar we op 1 januari begonnen. Daar hebben we ook nog toegewerkt, maar de financiering was een probleem. Het was gewoon hartstikke ingewikkeld om het geld te vinden om dit te realiseren, zo vlak nadat u als raad de begroting had vastgesteld. Daarom hebben we heel wat gezocht naar een manier, hoe kunnen we dit nu financieren? Want deze aanpak vraagt wel wat, een stevig bedrag. En de financiering, die is gevonden en daarmee ga ik op de vraag van GroenLinks beantwoorden. In de begroting heeft u al een stevig

extra bedrag uitgetrokken voor de vermoede groei van uitkeringen. Ik weet het ook niet uit mijn hoofd, maar dat is echt al stevig meer dan het was. Alleen die rijksbijdrage is nog meer en daarom achten we het verantwoord om inderdaad eerst het geld wat we in de begroting hebben vrijgemaakt, dat blijft vrijgemaakt, maar dan blijft er nog iets over en dat zetten we dan in de schuldhulpverlening. Dat is de gedachte. Dat is de begrotingswijziging die we u voorleggen. Op de vraag van GroenLinks hoe het dan zit met hoe makkelijk het nu opeens is om gegevens uit te wisselen. Volgens mij is dat dus deels in die wet vastgelegd over die convenanten en zo. Over de techniek zelf moet ik u het antwoord schuldig blijven, dus als u zegt: ik wil dat helemaal precies weten, moet u dat zeggen en oké, dan zoeken we het uit. Ook GroenLinks vraagt hoe duurzaam Versa is, maar daar heb ik dus van gezegd dat het de bedoeling is dat het duurzaam is. Al is het niet zeker. En dan denk ik dat ik met dit uitgebreide antwoord … Oh nee, dan heb ik alleen de VVD niet beantwoord. Die zegt: waarom ga je nu niet proactief meer inzetten voor die ondernemers? Maar daar is iets raars aan de hand, want tot mijn verbazing zijn de getallen dus, dat kent u ook uit de krant, faillissementen bijvoorbeeld, waren nog nooit zo laag.

Dus volgens mij doen we in zekere zin wat u van ons vraagt, want we houden de vinger heel dicht aan de pols. We kijken wat er gebeurt met ondernemers, maar als we kijken naar het verleden zien we ook dat de getallen in Weesp bijzonder laag zijn en dus is het, volgens mij zitten we nu in wat nodig is, maar kijk ook zo snel mogelijk wat er nog nodig mocht zijn als het aantal groeit. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Miner. Dan ga ik voor de tweede ronde vragen. De heer Bierwolf van de WSP. Uw microfoon, mijnheer Bierwolf. U moet uw microfoon eerst aanzetten. De heer Bierwolf: Ja, neem me niet kwalijk. Ja, ik mis toch wel een stukje van mijn antwoord van mijn vraag. Ik had gevraagd of ernaar gestreefd wordt om mensen uit eigen kring in te zetten op die plaatsen, omdat er natuurlijk op korte termijn veel expertise nodig is. En als je dat met openbare, hoe heet het, sollicitaties doet, dan heb je weer een kans dat je weer een tijdje op moet lijnen. Dus dat was mijn vraag. Voor de ‘…’ Fte’s ingevuld met mensen uit de nu al bestaande voorraad aan experts. Dat was mijn vraag. De voorzitter: Dank u wel. En dan heeft de heer Keesman nog een handje opgestoken. De heer Keesman van de PvdA. De heer Keesman: Ja, dank u wel voorzitter.

Ja, het inzicht dat het college dus eigenlijk strategisch gezien het belangrijk vindt om Versa in zijn kracht te zetten en dus ook in positie te brengen om ook in Amsterdam een aanbieder te worden. Nou ja, in ieder geval, dan klinkt het al een stuk logischer dat deze keuze gemaakt wordt. Dat is punt één. Maar punt twee, ja, toch nog wel de vraag van, ja, is dat dan een soort van een tweetje tussen het college en Versa en waarbij gedacht wordt: hoe kunnen we Versa daar eens aan de bak kunnen laten komen? Of hoe moet ik dat dan zien? Het versterkt natuurlijk te positie van de Versa, maar kan Weesp er simpelweg ook niet op aandringen bij onze toekomstige fusiepartner, van hé, het zou toch heel mooi zijn als Versa ook in Amsterdam een aanbieder wordt, want dan kunnen wij continuïteit waarborgen voor onze cliënten. Dat is punt één. En punt twee is, ja, wat is nu de verwachting van de wethouder wanneer dit op stoom is? Want ik begrijp dat die convenanten nog afgesloten moeten worden met verschillende organisaties en het team moet op stoom gebracht worden. Wanneer gaan de eerste hulpverleners aan de deur aanbellen van mensen waar een vroeg signalering van door gekomen is? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Keesman. Dan ga ik naar de heer Renzenbrink van het CDA. De heer Renzenbrink: Ja, dank u wel voorzitter.

Ja, dat is niet omdat ik altijd wel kritisch ben, maar ik heb het idee als je gewoon kijkt naar hoe de structuur in Amsterdam is neergezet en wat dat hoort, dan denk ik dat Versa net als de GAD misschien het eerste jaar gebruikt kan worden, maar ik denk dat het heel lastig is om dat

gewoon voor de continuïteit te zorgen en dat zijn gewoon de grote mensenwereldcontractenafspraken waar wij niets meer over te zeggen hebben. Ik denk ook niet dat dat heel moeilijk is om dat te borgen, maar het gaat er ook om van dat je in ieder geval die overloopsituatie goed gaat regelen. Want er staat nog een aantal dingen in die planning en die plan van aanpak en dat is dat er onder andere pre september een plan moet zijn, om het maar even het integratieplan of het overlapplan of hoe je het allemaal wil gaan noemen, voor een aantal aspecten. En ook voor nieuwe subsidieaanvragen voor bepaalde instanties, waar Versa er dan een van is. Maar je ziet ‘…’ in het hele stuk terug en ik wil toch iets meer zekerheid hebben van de wethouder dat gewoon zeg maar die structuur, niet die vrijwillige structuur, want Amsterdam is veel … Als je alles doorleest in Amsterdam en ook kijkt wat er hier staat, dat het allemaal geënt op gewoon professionals, punt. En de rest zijnde moeten we niet zo heel veel van hebben. Dat zal misschien daar ook hier en daar zijn plek ergens al gekomen, maar dat ademt alles uit. Dus hoe borgen we nu steeds meer dat we die vrijwilligers houden? En dat we gewoon zeker in het Amsterdam, Weesper systeem over laten lopen. Het gekke is namelijk wel dat we wel nog een Weesper mop gaan optuigen.

En ja, ik heb wat geluiden gehoord hier en daar ook in de adviesraad en het is ook gewoon, daar zit nu ook geen advies meer bij. Vroeger werd dat er nog wel eens bijgevoegd, want toen waren ze het waarschijnlijk er iets meer mee eens, maar er was wat minder enthousiasme over. Dus mijn punt is gewoon van: hoe krijgen we nu gewoon goed zicht op wat er nu werkelijk gaat gebeuren? Of zegt dan gewoon van: nou, dat is de nieuwe werkwijze vanaf nu, dat gaan we doen. En dan is het alleen per casus gewoon, dan zal toch moeten gaan komen straks een overlooptraject hebben om in ieder geval die mensen niet in de kou te laten staan. Dus ik zit toch een beetje te zoeken, van waar zit die vastigheid? Want toezeggingen, we gaan ons best doen en we gaan kijken of Versa plek kan krijgen, ja, in de grote mensenwereld gaat het om heel veel geld daar ook natuurlijk. Ik bedoel, zo zal het waarschijnlijk niet gaan werken op goede wil alleen. Dus ik ben toch wel meer benieuwd naar hoe de wethouder dat ziet en ook gewoon wat relatie was met de adviesraad, want nogmaals die zaten over dat punt, waren die in mijn beleving toch wat minder enthousiast over het geheel. En we waren over het algemeen altijd heel blij met hun adviezen en vanwege hun deskundigheid. Dus dat was mijn vraag. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Renzenbrink. Ik zie geen handjes meer. Dan ga ik over naar de heer Miner.

Wethouder Miner. De heer Miner: Dank u wel, voorzitter. Ik begin even bij de adviesraad, want ook als die een negatief advies zouden hebben uitgebracht, zou dat gewoon bij de stukken zitten, want dat is natuurlijk de deal die je hebt men een adviesraad. Maar ik weet eerlijk gezegd in dit geval gewoon even niet of er een advies is en of ze dat advies hebben willen uitbrengen. Dus ik ga u toezeggen dat ik dat ga uitzoeken. Maar de suggestie dat wij alleen positieve adviezen bijvoegen, werp ik echt van mij. En de zorg van het CDA snap ik heel goed. Ik denk alleen dat ik hem niet weg kan nemen, want ik kan u niet zeggen wat de Amsterdamse organisatie over meer dan ruim een jaar na de bestuurlijke fusie gaat doen. Ik kan alleen maar aansturen, en daar doe ik ook mijn stinkende best voor, om die overgang zo soepel mogelijk te laten verlopen met eigenlijk liefst positieve gevolgen voor afnemers van diensten in het sociaal domein. En dat is waar we heel hard voor knokken. En natuurlijk hebben we wel uiteindelijk, vind ik, moeten we dan ook altijd kijken naar die afspraken die we met Amsterdam ook heel hoog over hebben gemaakt, waarin ook staat dat mensen die binnen het sociaal domein er niet door achteruit mogen gaan, waar je ze dus ook straks in de nieuwe structuur aan mag houden.

Maar het is niet zo dat ik nu al kan zeggen: ja, er staat een handtekening onder het contract met Versa door Amsterdam, omdat ik er niet over ga. Dus de lastigheid waar u mee komt, die zie ik ook. Maar ik probeer juist heel erg om bestaande structuur in te zetten in de hoop dat die bestaande structuur dan ook in ieder geval een tijdlang behouden kunnen blijven.

De voorzitter: U wilt een interruptie doen, mijnheer Renzenbrink? Gaat uw gang. De heer Renzenbrink: Ja. Het was niet meteen om de wethouder aan te vallen, maar juist wat u nu zegt, dat bedoelde ik juist ook, omdat u gewoon geen zekerheid kunt geven. Vandaar ook de vraag van de heer Keesman. Laten we ons niet zeggen van nou, we doen ons best voor Versa. We gaan dit doen, we gaan dat doen. Pak het gewoon reëel aan en we noemen het gewoon ook reëel, want ik denk dat we daar meer bij gebaat zijn dan allemaal hopen dat het goed gaat komen. Want hopen werkt in de grote mensenwereld, in dat grote geld, werkt dat gewoon niet, want dat is ook een stuk realiteit. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Renzenbrink. De wethouder. De heer Miner: Ik voelde me ook niet aangevallen, want ik heb eigenlijk het idee dat de heer Renzenbrink en ik hetzelfde willen. Alleen, ik probeer ook met een zekere eerlijkheid aan te geven waar ik over ga, gezien mijn portefeuille en waar ik niets meer over ga. En ik probeerde aan te geven wat ik doe om ervoor te zorgen dat ik in ieder geval de kans zo groot mogelijk maken, dat die structuur wordt voorgezet. Ik denk namelijk altijd dat het bijzondere aan Weesp is onze kleinschaligheid. Er zitten vrijwilligers in, er zit in dat mensen kennen. Daar zit inderdaad in dat je veel minder doet met betaalde krachten, maar veel meer draait op in dat het vrijwilligers.

Wat je volgens mij met schuldhulpverlening echt wel zag, is dat je met die nieuwe wet ook al die betaalde krachten echt nodig hebt om een aantal dingen te doen die je nu verplicht bent. Ik denk dus ook dat we het beter gaan doen. En daar wil ik eigenlijk het beste van beide werelden behouden. Dat is waar ik naar streef. Dan heb ik een vraag vanuit Partij van de Arbeid. Je had op 1 januari moeten beginnen, wanneer begin je nu? We beginnen 1 maart. En wil ik dus ook dat er op 1 maart ook wel gelijk acties worden ondernomen. Dan nog een vraag van de heer Bierwolf, hoe zit het met de kennis die je hier in huis haalt? Het sociaal werking doet al huisbezoeken. Het wordt een a kwestie deels aansluiten van meer convenantpartners en er komt een schuldhulpverlener bij die gaat meelopen. En dan als laatste, dat is nog, kan ik iets meer zeggen over de adviesraad. Die is zeer negatief over de naam Weesper mop, maar die onderkende wel het belang van een bredere inloop. Ze zeiden over de Weesper mop dat ze dat eigenlijk gewoon niet zo’n prettige naam vonden, omdat de naam wijst op een koekje. Maar ze waren op zich over de aanpak niet heel negatief. Best wel positief, kan ik wel zeggen. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Miner. Dan hebben we volgens mij dit agendapunt afgerond. De heer Renzenbrink: Nee, ik heb nog even een vraag nog niet beantwoord gekregen, voorzitter.

De voorzitter: Oh, geeft u maar aan, welke vraag is dat? De heer Renzenbrink: Ik had gevraagd in hoeverre, er wordt een aantal keren in dat plan van aanpak aangegeven dat er op 1 september een plan moet zijn voor een aantal zaken. Juist ook eigenlijk voor 2021, voor subsidieaanvragen en dergelijke. Gezien alle perikelen die er zijn, hoe reëel is dat? Want dat is wel heel essentieel ook voor de voortgang. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Renzenbrink van het CDA. De wethouder Miner. De heer Miner: Ik ga er vanuit dat als wij een datum noemen, dat we die datum halen en als we die datum niet halen, dat ik, zodra ik dat weet, bij u terugkom om aan te geven dat we het niet halen en uitleg waarom.

De voorzitter: Helder. Dan kan ik dan overgaan tot afsluiting van het agendapunt? En kan ik concluderen dat dit een hamerstuk is voor de raad? De heer Renzenbrink: Die conclusie laat ik even aan u. Ik ben het nog niet helemaal met een aantal dingen achter met ruggespraak, dus ik vind het goed dat het als hamerstuk erop gaat, maar dan hou ik het me het recht voor om het er eventueel af te halen. De voorzitter: Uitstekend. Dat recht heeft u natuurlijk altijd. Dan houden we het voorlopig als hamerstuk voor de aanstaande raad. Dan ga ik verder met de punten ter bespreking. TER BESPREKING 5.

Terugkoppeling uit besturen, werkgroepen en vertegenwoordigingen De voorzitter: Agendapunt 5: terugkoppeling uit besturen, werkgroepen en vertegenwoordigen. Is er een terugkoppeling bijvoorbeeld uit de regio Gooi en Vechtstreek. Wie kan ik het woord geven? De heer De Lange, wethouder De Lange. Die stak als eerste een hand op. Wethouder De Lange: Dank u wel voorzitter. Het is geen terugkoppeling uit de regio Gooi en Vechtstreek, maar een terugkoppeling gewoon vanuit uw stadhuis, zeg maar. Dan niet live. Maar in de begroting is natuurlijk … In begroting ‘21 is er een bedrag van € 20.000 opgenomen om de uitvoering van de right-tochallenge motie te kunnen faciliteren. Maar op dit moment beperken de corona maatregelen de mogelijkheid om met inwoners fysiek een schouw te lopen. Daarmee hebben we wel geëxperimenteerd met digitaal schouwen, maar daar was helaas te weinig animo voor. Wel hebben wij de klankbordgroep van inwoners geformeerd, zoals we die hebben genoemd in een inclusieve agenda, en zij zijn uiteraard ook bereid om de straat op te gaan op het moment dat het weer kan. We blijven wel op zoek naar alternatieven, en gaan zo snel als mogelijk op signalen af die we krijgen vanuit de inwoners of via onze meldingensysteem SIA, meldingen over toegankelijkheid in de openbare ruimte worden gemonitord en zo snel mogelijk opgelost.

Overigens, de meldingen die we de laatste tijd krijgen in het SIA hebben vrijwel geen betrekking op toegankelijkheid, maar andere problemen in de openbare ruimte. Maar zoals gezegd: als het weer kan dan gaan we de fysieke schouw organiseren. Voor nu gaan we wel een oproep, een extra oproep plaatsen in de krant, op sociale media, en op de website onder meldingen met betrekking tot de toegankelijkheid te blijven doen. Uiteraard zal ik deze oproep ondersteunen met een videoboodschap. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer De Lange. Zijn daar op dit moment vragen over? Dan ga ik naar wethouder Heijstee. Wethouder Heijstee: Ja, dank u wel voorzitter. Ben goed te horen? De voorzitter: Uitstekend. Wethouder Heijstee: Oké. De voorzitter: Ja. U ben nog niet te zien, maar dat komt vanzelf wel. Wethouder Heijstee: Oh, ik zie mezelf wel. De voorzitter: Ja, u komt eraan, ja hoor.

Wethouder Heijstee: Oh. Goedenavond. Ik heb twee mededelingen. De eerste gaat over de inkoop in Amsterdam, gelijk aan het inkooptraject in de regio Gooi en Vechtstreek, heeft Amsterdam ook de inkoop gedaan. Op 19 januari heeft het college van Amsterdam besloten om de lopende aanbestedingsprocedures voor de aanvullende onderst… Wmo ondersteuning voor 2021 en verder deels in te trekken. Er wordt een nieuwe procedure opgestart voor de onderdelen hulp bij huishouden, dagbesteding en aanvullende ondersteuning, maar de inkoop logeeropvang en ondersteuning en opvang huiselijk geweld worden wel voortgezet. Nou, dat komt omdat er zes korte gedingen zijn aangespannen bij aanvullende ondersteuning. De voornaamste klacht ging daarbij over de onduidelijkheid van de verdelingssystematiek van de cliëntplekken. Nou, heel ingewikkeld, maar eigenlijk gaat het erom dat de aanbestedingsprocedure niet transparant genoeg geweest zou zijn. Op grond daarvan heeft het college dus besloten om de procedure te stoppen, en een nieuwe procedure te starten. De buurtteams starten wel gewoon in 1 april, en ze gaan met huidige overbruggingsovereenkomsten, in de regio noemen ze dat bijvoorbeeld uitloopovereenkomsten, blijft gewoon de zorg geleverd voor de aanvullende ondersteuning. Die overeenkomsten worden verlengd tot de procedure wordt afgerond.

Nou, belangrijkste vraag is natuurlijk: wat betekent dit voor ons? Wat betekent dit voor de Weesper inwoners? Vooralsnog heeft het geen consequenties, juist omdat er dus overbruggingscontracten zijn. Maar wij gaan wel, en net werd al even gesproken over het behoud van die sociale infrastructuur, dat is ook onderdeel van het plan van aanpak wat aan het maken zijn voor de overgang naar Amsterdam. Een van die pijlers is ook de zorgcontinuïteit, dus we gaan … De contracten gaan lopen via Amsterdam, en we gaan dus kijken hoe … Oh, mijn oor valt uit, sorry, hoe deze procedure zich verhoudt tot dat plan van aanpak voor onze inwoners. Ik heb begrepen, ook ambtelijk, dat het ook wel weer kansen biedt omdat een bepaald aantal aanbieders die bijvoorbeeld nu actief is in Weesp mogelijk makkelijk zou kunnen aansluiten in Amsterdam. Dus het biedt kansen. De wethouder in Amsterdam heeft haar raad geïnformeerd via een RIB, een raadsinformatiebrief, en mocht u daar behoefte aan hebben dan kan ik zorgen dat die via de griffier ook waar u terecht komt. Dus dan hoor ik dat graag. Tweede mededeling is dat u vanavond … De heer Renzenbrink: Mag ik, mag ik … De voorzitter: De heer Renzenbrink, ja, gaat u er maar op in. De heer Renzenbrink: Twee vragen.

A, u noemt gewoon dat plan van die overgang van die sociale infrastructuur, hoe gaan we dat doen? Ja, ik ben graag: data, data, data, wanneer? Want op zich, dat is heel essentieel om er zicht op te krijgen. Tweede vraag is: omdat we natuurlijk gewoon met die inkoop ook van huishoudelijke ding… Hulp, zeg maar, die we Amsterdam zitten, worden wij geen onderdeel van het probleem van Amsterdam? Want die hebben een wachtlijst van 500 mensen voor huishoudelijke hulp nu al, dat we daar in dat traject nu al gezogen worden? De voorzitter: Dank u wel Renz… Mijnheer Renzenbrink. Wethouder Heijstee: Ja, dank u wel. Nou, dat eerste, dat staat volgens mij ook op de LTA, gaan we u begin februari uit mijn hoofd over informeren. Dus langs die drie lijnen waarvan we zeggen, drie pijlers van dat plan van aanpak. De eerste is de inkoop van jeugd en Wmo, en dan komt ook uw tweede opmerking denk ik aan de orde. Het tweede deel is, we blijven werken met ons sociaal wijkteam op de integrale werkwijze. Hoe borgen we dat in de Amsterdamse structuren? En de derde lijn is, en dat staat ook in uw, een van de kernwaarden, behoud van sociale infrastructuur. Dus er liggen subsidierelaties met informele zorg, bijvoorbeeld spreekuur Administratie voor Elkaar werd al genoemd, maar bijvoorbeeld ook Handjehelpen.

Hoe borg je die ook in het Amsterdamse systeem? Daar moet je afspraken over maken zodat dat niet verloren gaat in Weesp. Dus die drie lijnen. Uw tweede opmerking: ik weet niet of er dit moment 500 mensen op een wachtlijst staan. Ik weet

wel dat er in zijn algemeenheid in heel Nederland een toename is bij aanvragen voor huishoudelijke hulp doordat de eigen bijdrage natuurlijk laag is, dus dat alle gemeenten daar ook wel mee … Nou ja, daar hebben we volgens mij de vorige keer ook met elkaar over gesproken: hoe kan je aan de poort zorgen dat de mensen die het echt nodig hebben dat ook krijgen? Dus ja, dat in zijn algemeenheid, maar ik kan nu niet … We gaan nu niet in 2021 al aansluiten huishoudelijke hulp Amsterdam, dat is ook een vraag van u, dat gaat pas per ‘22 lopen. De voorzitter: Dat is helder, dank u wel. Vervolg uw verhaal, wethouder Heijstee. Wethouder Heijstee: Ja, het is toch ook wel een belangrijk onderwerp, snap ik ook. Het tweede is het uitvoeringsplan sociaal domein 2021. Dat had u vanavond van ons moeten krijgen via een RIB. Dat is vertraagd naar de volgende cyclus. Dat heeft te maken met de mensen die daar ook mee bezig zijn door dus, ja, toch echt de sluiting van de scholen, mensen die thuis kinderen moeten opvangen, dat het niet gelukt is om op tijd klaar te hebben omdat er ook … Wat ik net zei, hè? Met die overgang naar Amsterdam ook mensen daar mee bezig zijn. Dus dat betekent niet dat we stilzitten overigens, maar dat plan komt eraan, maar is iets vertraagd. De voorzitter: Daar wil de heer Elderenbosch van D66 een vraag over stellen. De heer Elderenbosch: Ja, dank u wel.

Kunnen we alvast afspreken dat we dat stuk als een bespreekstuk agenderen voor de volgende commissie? Want dat is vrij lijvig neem ik aan, dat dat niet past in de commissie daarna als bespreekstuk staat. De voorzitter: Ik kijk even naar de rest van de commissieleden, daar gaat de commissie over. Ik kijk even naar wethouder Heijstee, kan dat zo opgenomen worden? Wethouder Heijstee: Nee natuurlijk, ik wil alleen hoop … Ik hoop niet dat het lijvig is. Ik hoop dat wij u kort en krachtig, dus ja, ons doel is niet een lijvig stuk, maar lijkt me heel goed en ook heel wenselijk ja, ja. De voorzitter: Ja, uitstekend, dank u wel. Bent u, heeft u nog meer mededelingen? Wethouder Heijstee: Nee, dank u wel voorzitter, nee. De voorzitter: Heb ik dan alle mededelingen en terugkoppelingen gehad vanuit het college? 6.

Vragen naar aanleiding van Raadsinformatiebrieven De voorzitter: Dan kan ik verder naar het volgende agendapunt, agendapunt 6, vragen naar aanleiding van de raadsinformatiebrieven. De eerste raadsinformatiebrief is notitie, is 2020/232, notitie sport 2021. Ik zie geen handjes, dan kom ik bij 2020/238 … De heer Elderenbosch: Ja hoor, voorzitter, een handje. De voorzitter: Oh. De heer Elderenbosch van D66. De heer Elderenbosch: Ja, was er daarna nog een, zag ik. De voorzitter: Ja, ik zie het.

De heer Schaap: Klopt, dat ben ik. De heer Elderenbosch: Ik vroeg mij af of het college nog iets kan melden over de sportclubs die zich hebben verenigd om ook in co-creatie aan een sportvisie te werken. Is daar al meer duidelijkheid over? Of is er sprake van een samenwerking? Dank u wel. De voorzitter: Dan ga ik eerst nog naar de andere vraag. De heer Schaap van PvdA. De heer Schaap: Ja, dank u voorzitter. Het is een mooie notitie, fijn dat de gemeente inderdaad de sport blijft ondersteunen, ook in deze moeilijke periode. Ik had een klein vraagje over de, bij de oplevering nieuwe sportlocaties, daar staat sporthal Aetsveld zal zoveel mogelijk naar Amsterdamse standaarden worden beheerd en onderhouden. Mijn vraag is even wat wordt daarmee bedoeld? Wat houdt dit precies in? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de wethouder, ik neem aan Heijstee, wethouder Heijstee. Wethouder Heijstee: Ja, dank u wel voorzitter. Op de vraag van de heer Elderenbosch, ja, de clubs werken zeker samen, maar er is mij niet bekend dat zij nu een gezamenlijke visie hebben. Ik denk ook dat de contacten nu op dit moment vooral richten toch op van de corona situatie, het ondersteunen daarbij. We gaan wel binnenkort met alle sportverenigingen een soort gesprek voeren met elkaar om ook te kijken hoe de aftercoronaperiode het hand boven het hoofd kunnen houden.

Maar er is vanuit de sportverenigingen zelf niet een visie bij ons neergelegd, nee. De tweede vraag, ja, goeie, scherp gelezen. Wat er aan de orde is, is dat eigenlijk Amsterdam, als je het dan vanuit personele inzet iets meer personele inzet doet bij het beheer van hun sporthallen, of hun sportaccommodaties. Dat is in sporthal Aetsveld nog niet. Dat betekent niet dat er niet goed beheerd wordt, maar het zit nog niet op het 100% niveau zoals dat in Amsterdam is. Daar werken we naartoe, zelfs al in 2021 heeft de afdeling, of heeft sport eigenlijk aangegeven in uit Amsterdam, dus ze willen allemaal op hetzelfde niveau zijn zodat dat in 2022 ook, ja, het beheerniveau gelijk is aan de andere Amsterdamse accommodaties. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we volgende raadsinformatiebrief 2020/238, uitkomsten inkoop sociaal domein 2020. Kan ik daar iemand het woord geven? De heer Keesman van de PvdA De heer Keesman: Ja, dank u wel voorzitter. Ik heb twee vragen hierover, op bladzijde twee. De vraag is: is er inmiddels een uitgebreidere uitleg van de tarieven jeugdzorg beschikbaar? Dat is de eerste. De tweede is: op bladzijde drie zijn inmiddels voor alle kinderen waarvan de zorgverlener stoppen passende oplossingen gevonden, merkwaardig. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Heijstee. Oh, wethouder Miner, excuus.

Wethouder Miner: Wethouder Miner, als u het niet erg vindt voorzitter, dank u wel. De vraag van de Partij van de Arbeid. De continuïteit van zorg is gegarandeerd voor alle inwoners die gebruik maken van voorzieningen. Uiteindelijk is het toch zo dat het overgrote deel van de zorgaanbieders die reeds gecontracteerd waren, zich toch opnieuw hebben ingeschreven. Redenen om zich niet in te schrijven zijn tarieven, contractuele voorwaarden en bedrijfsmatige keuzes. Sommige organisaties maken alle keuzes door zich bijvoorbeeld tot de WAZ te richten, maar we hadden bijvoorbeeld één zorgbieder UK, heel belangrijk voor de regio, ook voor jeugd, die wel een juridische procedure is gestart. De rechter heeft bepaald dat de regio ‘…’ nader moesten

onderbouwen. Dat is gebeurd en gepubliceerd, maar UK heeft inmiddels de intentie uitgesproken om de langdurige relatie die we hebben om die toch voort te zetten. Daarmee stoppen er 18 actieve aanbieders per 1 januari 2021, en met 15 van die aanbieders, collega Heijstee noemde het daarstraks nog, er is een zogenaamde uitloopovereenkomst gesloten waardoor zij de zorg voor in ieder geval één jaar voortzetten. Daarmee zijn slechts drie aanbieders per 1 januari 2021 stopt. Ook sommige kinderen uit Weesp kregen zorg van deze aanbieders, en in overleg met ouders en verzorgers is voor deze kinderen een oplossing gevonden. Nou heb ik het idee dat ik één vraag van de Partij van de Arbeid daarmee niet heb beantwoord, dus ik ga de heer Keesman even aankijken of hij dat ook van mening is en hem even voor mij kan herhalen. De voorzitter: De heer Keesman. De heer Keesman: Ja, dat was de vraag: is er inmiddels een uitgebreidere uitleg van de tarieven jeugdzorg beschikbaar? Want die werd in het vooruitzicht gesteld in de raadsinformatiebrief. Wethouder Miner: Hij is nog niet beschikbaar, maar dan doe ik bij deze de toezegging dat ik voor u naga of ik die beschikbaar kan stellen als u ‘…’. De voorzitter: Dank u wel wethouder Miner. Dan ga ik verder naar de volgende raadsinformatiebrief, we hebben er nog een paar te gaan.

Raadsinformatiebrief 2020/239, aanpassen regionale arbeidsprogramma’s in verband met corona crisis. Mevrouw Hilders van het CDA, gaat uw gang. Mevrouw Hilders: Dank u wel voorzitter. Het lijkt erop dat de projecten die genoemd worden in de RIB met name voor laaggeschoolden zijn of voor mensen met weinig of zonder werkervaring. Mensen die nu hun werk verliezen dat zijn arbeidskrachten van allerlei niveaus. Ik heb niet zo goed begrepen, maar misschien kunt u mij dat uitleggen, wat de regio en wij dus ook daarmee doen voor wat hoger geschoolden? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Miner denk ik ook? Wethouder Miner: Volgens mij zijn deze regionale arbeidsprogramma’s inderdaad vaak erg gericht op mensen die het heel erg moeilijk hebben op de arbeidsmarkt. Volgens mij is de gedachte daarachter dat hoger geschoolden toch simpeler weer nieuw werk zullen vinden. Overigens gaat het hier om een soort ombuiging van … We hebben die programma’s Werken aan Werken en Perspectief op Werk, met 22 deelprojecten. Op zich blijft er ook heel veel van bestaan en staand, alleen wat er is gebeurd is dat zo snel als ook maar enigszins mogelijk was, budget dat bijvoorbeeld aan dat, hoe heette dat ook alweer, Schoon Thuis te besteden aan groepen waarvan je dus vermoed dat ze in de knel komen te zitten.

Dus ik denk eigenlijk dat het antwoord op de vraag van het CDA is: nee, misschien is het zo dat in deze projecten u met name laaggeschoolden ziet, maar in het totaal van de projecten, van die 22 projecten, is dat niet zo. Het is niet zo dat die allemaal worden afgeschaft. De voorzitter: Ik denk dat het goed is zo. Dan gaan we weer verder met de volgende raadsinformatiebrief, raadsinformatiebrief, en jawel, 2021/01, de eerste van 2021. Verdeling structurele subsidies 2021. Wie kan ik daarover het woord geven? Dan ga ik verder met raadsinformatiebrief 2021 … De heer Keesman: Nee, voorzitter … De voorzitter: Oh.

De heer Keesman: Voorzitter, ik was iets, iets te laat, maar … De voorzitter: De heer Keesman van PvdA. De heer Keesman: Mag ik nog even? De voorzitter: Jazeker. De heer Keesman: Ja, ja, ja. Dus over de toegekende subsidies inderdaad, dat gaat even over de subsidie van de bibliotheek. Nou, ten eerste, die is naar beneden gegaan, waar ligt dat dan? Ziet hem dat in dat project van de taalcoaches? Daar mag u van mij ook de vrijheid nemen om mij nog even te updaten hoe het nou met de taalcoaches zit, want daar zijn we natuurlijk continu benieuwd naar. Dan voor de rest, het budget voor laaggeletterdheid is van € 75.000 in 2020 naar € 20.000 in 2021 gegaan. Daar zou ik ook de achtergrond graag van horen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik de heer De Lange in dit geval, wethouder De Lange het woord. Wethouder De Lange: Dank u wel voorzitter. Ik zit gelijk even, u vraagt zo’n mooie technische vraag, dat ik gelijk even aan het zoeken ben naar de aanvraag voor de bibliotheek. Ik denk dat ik daar in die zin, ja, ik zie hem ook niet zo snel staan. Nee, bibliotheek zie ik wel degelijk staan, want ik zie … Wat u ziet is dat er wat er is aangevraagd in 2021 en wat er is toegekend, daar zit het verschil tussen. Over all is de toegekende subsidie wel omhooggegaan, dat is de jaarlijkse inflatiecorrectie die daarop wordt toegepast.

Ten aanzien van uw andere vraag of dat dan de taalmaatjes betreft, hebben het hier over structurele subsidies, dit viel niet onder structurele subsidie, maar ik … Voor de volledigheid, ja, ik weet helaas ook niet alles, zal ik dat ook even moeten uitzoeken. Met betrekking tot het budget laaggeletterdheid kijk ik naar mijn collega Miner, maar ik vermoed ook zomaar dat dit ook een, dat hij hier ook even op terug gaat komen. Maar dat is aan de collega Miner. De voorzitter: Wethouder Miner. Wethouder Miner: Ik heb dan twee vragen te beantwoorden, volgens mij. De ene vraag ga ik precies doen wat collega De Lange zegt, daar kom ik op terug, want die is me iets te technisch, maar de tweede vraag, hoe gaat het met de taalcoaches. We doen er alles aan om dat weer op gang te krijgen, en u kunt zeer binnenkort een RIB daarover verwachten. De voorzitter: Dank u wel wethouder Miner. Dan kunnen we verder naar de volgende raadsinformatiebrief, 2021/02, dienstverleningsovereenkomst Wmo-taxi. Daar kan ik de heer Elderenbosch van D66 het woord geven. De heer Elderenbosch: Dank u wel voorzitter. Het is een beetje op detailniveau, en het is ook wel wat met mijn werk te maken heeft waardoor mijn hart een klein beetje gaat bloeden. Het stuk an sich is redelijk technisch en volgens mij staat alles erin wat we eerder gepresenteerd hebben.

Waar ik op doel dat gaat over pagina 12 in het DVL, dat gaat over de KPI’s. De jaartallen moeten er denk ik nog bij, maar de normwaarden voor klanttevredenheid, die vind ik toch wel weinig ambitieus als je een normwaarden van een zeven als uitgangspunt hebt. Dat is vaak het cijfer wat mensen geven als iets wel oké is, dus het is niet heel erg ambitieus. Dus, nou ja, ik hoop dat daar toch uiteindelijk nog wat hogere normwaardes komen. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel de heer Elderenbosch. Wethouder Heijstee denk ik in dit geval? Aan u het woord. Wethouder Heijstee: Ja, dank u wel, ja. Dat kan, dat kan, dat u zegt: dat is vanuit uw expertise een relatief laag cijfer. Ik weet wel zeg maar, en zeker ten aanzien van klanttevredenheid, het is juist expliciet van tevoren ook met de adviesraden over gesproken, ook omdat er juist in Wmo-taxi veel klachten waren. Dus in die zin zijn de ambities toch wel hoog gesteld. Dus ik neem uw opmerking mee naar de regio, we doen dit natuurlijk, nou ja, wij doen met een DVO mee, maar daar doen alle gemeenten aan mee, en ik geef u, ik zal uw boodschap overbrengen, zeker, ja. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we verder met het RIB 2021/107, toekennen subsidie dak- en thuisloosheid. Kan ik daar iemand het woord voor geven? Neem even de tijd voor de microfoons. Ja, de heer Schaap van de PvdA. De heer Schaap: Ja, dank u wel voorzitter. Even een vraagje inderdaad hierover. Het zijn dus dak- en thuislozen, maar de vraag is even van: hoeveel dak- en thuislozen zijn er eigenlijk in Weesp? En wat gebeurt hiermee? En wat moeten wij ons verder erbij voorstellen? En ook, in hoeverre profiteert Weesp hier nog van, van deze RIB? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel de heer Schaap. Wethouder Heijstee, gaat uw gang. Wethouder Heijstee: Ja, dank u wel.

Nou, ten aanzien van de laatste opmerking, dit is ook zeg maar onderdeel van de overgang naar Amsterdam, maar zeker in 2021 kunnen mensen die dat nodig hebben uiteraard gebruik maken van alle opvang, de opvang in Hilversum, vrouwenopvang zit in Almere, dus ook deze voorzieningen zijn nog steeds voor mensen beschikbaar. U vraagt hoeveel dak- en thuislozen Weesp kent, dat weet ik niet. Ik weet wel dat er natuurlijk, het mooie woord weer hè, outreachend wordt gewerkt door het wijkteam, dus op basis van signalen en meldingen dat mensen echt wel in beeld zijn. Maar aantallen weet ik niet exact, nee. De voorzitter: Dank u wel wethouder Heijstee. Dan ga ik verder met het volgende raadsinformatiebrief, raadsinformatiebrief 2021/08, uitslag Weesp begroot. Nou, ik denk dat dat algemeen bekend is die uitslag inmiddels, maar de heer Elderenbosch heeft er nog een vraag over. Gaat uw gang, van D66. De heer Elderenbosch: Nou, geen vraag. In de vorige commissie hebben we dit natuurlijk ook aangegeven wat een mooi initiatief dit was, en dat er zowel, of zelfs landelijk aandacht hebben gehad bij het Jeugdjournaal, dus wat ons betreft voor herhaling vatbaar, mooie vorm van participatie, en het zou mooi zijn als het budget in de toekomst ook wat hoger is zodat nog meer of nog grotere plannen uitgevoerd kunnen worden. De voorzitter: Dank u wel.

Ik neem aan dat de wethouder het met dank in ontvangst neemt, uw complimenten. Dan ga ik verder met de raadsinformatiebrief 2021/10, stand van zaken overgedragen stukken februari 2021. Is daar nog iets over? Dan kom ik met 2000 … Oh, raadsinformatiebrief 2000, ik neem aan 2021/11, stand van zaken multidisciplinair verblijf december 2020. De heer Elderenbosch van D66. De heer Elderenbosch: Ja, dank u wel. Ja, hier zijn we natuurlijk de afgelopen periode best wel, best wel hard achteraan gegaan. Als je terugkijkt op wat er ook in de brief staat, en de motie die in 2018 door de coalitie destijds is aangenomen, dan heb je toch het gevoel van: ja, eigenlijk wisten we het toen wel dat dit er een beetje uit zou komen. Op zich logisch dat het daarna in het coalitieakkoord is gekomen, daarom ben ik er ook wel wat kritisch op achteraan gegaan, en nu wordt het doorgeschoven, gevoelsmatig in elk geval, naar Amsterdam. Ergens begrijpelijk want wij hebben gewoon een beperktere rol, en Amsterdam kan daar meer in

betekenen. Maar ja, het voelt toch alsof het in deze periode een beetje als een nachtkaars uitgaat. Ik vind het ook wel opvallend dat de partijen die destijds voor de motie hebben gestemd hier zo weinig van hebben laten horen. We zijn ongeveer de enigen die hier fel achteraan hebben gezeten. Ja, vinden ze het onderwerp nu niet meer belangrijk? Dat vraag ik me dan af. Het voelt niet helemaal af. Als ik het zo lees dan volgen er geen acties meer in deze coalitieperiode. We laten het ons, lijkt het, als gemeente een beetje leiden door de uitspraak van Vivium dat er op dit moment geen behoefte is, of geen vraag is. Maar ja, dan vergeten we ons wel voor te bereiden op de komende vergrijzing waar we echt wel veel meer mensen hebben die een plek nodig hebben, en dat is jammer. Daar wilde ik het voor nu bij laten. De voorzitter: Dank u wel de heer Elderenbosch. Misschien wil wethouder Heijstee nog reageren? Wethouder Heijstee: Ja, ja, want ik ben het eigenlijk niet met de heer Elderenbosch eens, wij schuiven niks door. Dit was natuurlijk een antwoord op een vraag die u heeft gesteld. Er ligt een heel mooi onderzoek van ‘HMM’, dat gaat over kortdurend verblijf. Heel concreet worden bijvoorbeeld, ik had het net even over de logeeropvang, die is aanbesteed in Amsterdam, daar zijn een viertal zorgaanbieders.

In de gesprekken die met die zorgaanbieders wordt gevoerd wordt Weesp ook meegenomen, maar we hebben wel heel duidelijk aangegeven in de beantwoording: wij kunnen dit niet alleen. We hebben hier te maken met andere wetten, andere financieringsstromen, dus wij moeten dit samen met partners oppakken. Dus de lijn van het kortdurend multidisciplinaire, zeg maar de logeeropvang, ook voor mensen ‘…’, daar gaan we zeker mee, daar zijn we mee aan de slag. De andere lijn is de thema-avond ouder worden, ook daar zijn we mee aan de slag. Ik ga u voor de zomer van dit jaar nog met een raadsinformatiebrief vertellen wat we allemaal gedaan hebben en wat we nog gaan doen. Dus ik hoop dat u vertrouwen blijft houden dat we echt nog wel gaan doen. Dat er een gebouw zal staan in 2021, dat zal niet lukken, dat weet ik ook. De voorzitter: Dank-u-welwethouder Heijstee. Dan ga ik verder met het volgende raadsinformatiebrief 2021/12, plan van aanpak eenzaamheid 2021. De heer Renzenbrink van het CDA, gaat uw gang. De heer Renzenbrink: Ja, dank u wel voorzitter. Op zich, wat er in staat in die raadsinformatiebrief is natuurlijk gewoon niet zoveel verkeerd aan, daar heb ik het ook niet over. Ik zou een kleine opmerking willen maken. Er wordt gesproken over signaleringskaarten uitdelen.

Zeker in kader wat er nu gaande is betrekt daar ook de middelbare scholen bij, bij wijze van spreken, om het onderwijs, dat die ook gewoon genoemd worden van: hé, je kunt eventueel wat melden. Dat even los daarvan. Het punt eigenlijk wat ik wil maken, dit is natuurlijk gemaakt in een andere tijd. We zitten natuurlijk gewoon, we moeten nu niet even met de raadsinformatiebrief even gewoon de sociale structuur van Weesp na corona oplossen, maar ik wil wel graag, en dat is ook een beetje aansluiting wat de heer Elderenbosch zei: er komt dus nu aan een uitvoeringsplan sociaal domein. We hebben net al door de wethouder horen zeggen over sporten wordt gesproken met de sportverenigingen over na en na coronatijd. Dit aspect van die eenzaamheid en de activiteit die erin zitten hebben daar ook gewoon natuurlijk duidelijke relatie mee. We hadden van de week met een klankbordgroep ook over corona activiteiten met een aantal raadsleden, en toen werd ook door mevrouw Kwakman heel duidelijk naar voren gebracht problematiek rond om de jeugd. Niet alleen gewoon de verveling of gewoon een beetje rare dingen doen, maar zijn natuurlijk gewoon echt serieuze zorgen bij een aantal groeperingen.

Dus ik zou voorstellen dat als de volgende commissie WZ, dat misschien er met een kapstok van de uitvoeringsplan sociaal domein, dat het toch iets breder zeg maar: wat kunnen wij nog doen? En ook met alle beperkingen die we hebben als overheid? Want we kunnen als Weesp het probleem niet oplossen, maar ik denk wel dat wij moeten gaan denken, en dan kom ik toch weer helaas met mijn ‘voor’structuren, wat kunnen wij bedenken in bepaalde structuren of hulp en faciliteiten dat we gewoon wat structuur kunnen brengen in die na-corona tijd

om gewoon die sociale infrastructuur weer body te geven op een breed aantal terreinen? Dat we daar in ieder geval een poging te wagen. Nogmaals, ik besef heel erg goed, mooie woorden genoeg en het is helemaal niet zo makkelijk op te lossen, en ook door het college niet, maar ik denk toch dat we moeten kijken: wat kunnen we daar alleen in doen? Want alleen brood en spelen is de oplossing niet, dat kan misschien een hulpmiddeltje zijn, maar het zit iets breder. Dus ik stel voor dat we dat gewoon volgende WZ ook met de sociaal domein en uitvoeringsplan, want dat zal ook beïnvloed worden van wat allemaal nu gaande is. Die opmerking wilde eigenlijk even dat ik deze raadsinformatiebrief een beetje als kapstok er ook voor gebruiken. Want ook wat er nu in deze plannen staat zal ook gewoon anders worden omdat de wereld natuurlijk gewoon heel anders is. De voorzitter: Dank u wel de heer Renzenbrink. Misschien wil de wethouder erop reageren nog even? Wethouder Heijstee. Wethouder Heijstee: Nou, ik denk dat de heer Renzenbrink hele terechte dingen zegt over eenzaamheid … Kijk ook naar jeugd. We lezen, we zien ook allemaal wat er gebeurt onder de jongeren, dus zeker.

Ik vind het eigenlijk wel een goeie suggestie om te zeggen: als wij het uitvoeringsplan bespreken, want dat hebben we hiervoor gedaan, daar zult u ook corona in herkennen, dus ik vind het een hele goeie, een hele goeie suggestie. De voorzitter: Dank u wel. Dan nemen we die mee … Wethouder Heijstee: En … Ja, of nee, ik wou nog aangeven: dan kunnen wij ook vertellen, want er gebeuren natuurlijk ook dingen, bijvoorbeeld buurtsportcoaches zijn op dit moment ook extra met sport- en beweeginitiatieven bezig binnen de corona maatregelen, juist geschikt ook op de jeugd en de ouderen gericht, dus er gebeuren echt wel zaken. Ook een tafelgesprek ook met de zorg gaan we organiseren. Maar ik denk dat het een hele goeie suggestie is, ja. De voorzitter: Dank u wel wethouder Heijstee. Dan kom ik bij de laatste raadsinformatiebrief 2021/16, voortgang TGVS januari 2021. Was niemand daar … Wethouder Heijstee: Voorzitter? De voorzitter: Ja? Wethouder Heijstee: Het is een beetje een gekke, gekke dat ik hierover begin … De voorzitter: Nee hoor, dat kan. Wethouder Heijstee: Ik wou in ieder geval aangeven dat het bezwaar en de voorlopige voorziening waarover wordt gesproken in RIB is ingetrokken door TGVS. De voorzitter: Uitstekend. Wethouder Heijstee: Afgelopen dinsdag, ja. De voorzitter: Dank u wel voor deze goede mededeling.

7.

Lijst van afspraken en toezeggingen De voorzitter: Dan ga ik verder naar het volgende agendapunt: lijst van afspraken en toezeggingen. Zoals je weet worden de groen gearceerde nummers van de lijst verwijderd de volgende keer. Zijn er nog opmerkingen over? Niet?

8.

Lange termijn agenda De voorzitter: Dan ga ik naar het volgende punt, punt acht: lange termijn agenda. Wil daar iemand wat over zeggen? Dan zijn we daar ook klaar.

9.

Rondvraag De voorzitter: Dan komen we met de punt negen, de rondvraag, en daar wil ik het woord geven aan mevrouw Ogier als eerste, GroenLinks heeft zich aangemeld met een vraag over de kinderopvang. Mevrouw Ogier van GroenLinks. Mevrouw Ogier: Ja, dank u wel voorzitter. Vraag gaat over dat de afgelopen tijd in het nieuws weer veel gedoe … Aandacht is geweest voor de kinderopvang en het gebrek aan plekken in Weesp, en dat sommige partijen zich niet herkennen in de reactie van de gemeente dat er regelmatig gesprekken plaatsvinden. Ik vroeg me af of de wethouder kan aangeven wat er afgelopen periode vanuit de gemeente gedaan is om de realisatie van kinderopvangplekken te stimuleren? De voorzitter: Dank u wel voor uw vraag. Dan geef ik het woord aan wethouder Heijstee. Wethouder Heijstee: Ja, dank u wel. Ik wil, ik heb een lange antwoord, maar ik denk dan ben ik in ieder geval volledig. Nou, als gemeente, we herkennen ons niet in de reactie van een aantal organisaties. Er zijn zowel vanuit de gemeente gesprekken geweest met kinderopvangorganisaties, zowel degenen die al actief zijn in Weesp, maar ook met organisaties die nog niet zijn gevestigd maar wel de ambitie hebben om binnen Weesp te vestigen. Ambtelijk zijn er ook hele korte lijnen met deze organisaties.

In alle gesprekken hebben we aangegeven dat de gemeente geen voorraad aan panden heeft die beschikbaar zijn voor kinderopvang, en dat er bij de invulling van panden ook sprake moet zijn van een gelijk speelveld. Informatie wordt dan gegeven tijdens die gesprekken over procedures, bijvoorbeeld het wijzigen van een bestemmingsplan, hetgeen soms nodig is om in een pand kinderopvang te kunnen vestigen. Hierbij geven we dan aan wat de rol van de gemeente is en dat zij zich moeten houden aan de geldende procedures rondom het wijzigen van een omgevingsvergunning. Ikzelf vind het belangrijk om niet over elkaar te praten de pers, maar vooral met elkaar, dus ook de organisaties onderling. Daarom heb ik het initiatief genomen om op korte termijn in gesprek te gaan met alle kinderopvangorganisaties die nu al in Weesp actief zijn. Daarmee willen we ook het gesprek voeren over de wachtlijsten. Aangezien er ouders zijn die hun kinderen op meerdere plekken inschrijven, moeten de wachtlijsten ook in verband met elkaar worden beschouwd om het daadwerkelijk tekort aan kinderopvang in Weesp te duiden. Tevens wil ik het gesprek voeren over het aanbod dat er is. Zo is er bijvoorbeeld aangegeven dat er plekken beschikbaar nog zijn op woensdag en vrijdag, maar die worden niet ingevuld.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9731945/2