Bijlage Groenbeheerplan Weesp
Tekst van het document
Groenbeheerplan Weesp Nadere uitwerking groenbeleidsplan 2019 17 september 2021
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Verantwoording Titel
Groenbeheerplan Weesp
Opdrachtgever
Ingenieursbureau Gemeente Amsterdam
Projectleider
Martijn Horstman
Auteur(s)
Annemieke Feijen, Lauren Huisman
Tweede lezer
Martijn Horstman
Projectnummer
1277271
Aantal pagina’s
29
Datum
17 september 2021
Handtekening
Ontbreekt in verband met digitale verwerking. Dit rapport is aantoonbaar vrijgegeven.
Colofon TAUW bv Handelskade 37 Postbus 133 7400 AC Deventer T +31 57 06 99 91 1 E info.deventer@tauw.com
2/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Inhoud 1
Inleiding ..................................................................................................................................... 4
2
Beleidskaders ............................................................................................................................ 4
3
Hoofdstructuren ......................................................................................................................... 7
4
3.1
Terminologie ...................................................................................................................... 8
3.2
Hoofdbomenstructuur ......................................................................................................... 8
3.3
Ecologische structuur ......................................................................................................... 9
3.4
Hoofdgroenstructuur ........................................................................................................ 11
Programma .............................................................................................................................. 13 4.1
4.1.1
Hoofdbomenstructuur................................................................................................ 13
4.1.2
Ecologische structuur ................................................................................................ 14
4.1.3
Hoofdgroenstructuur ................................................................................................. 15
4.2
6
Invulling op de middellange termijn (jaar 2-4) .................................................................. 16
4.2.1
Hoofdbomenstructuur................................................................................................ 16
4.2.2
Ecologische structuur ................................................................................................ 17
4.2.3
Hoofdgroenstructuur ................................................................................................. 18
4.3
5
1e jaar ............................................................................................................................... 13
Invulling op de lange termijn (> 5 jaar) ............................................................................. 19
4.3.1
Hoofdbomenstructuur................................................................................................ 19
4.3.2
Ecologische structuur ................................................................................................ 20
4.3.3
Hoofdgroenstructuur ................................................................................................. 21
Financiele consequenties en nadere invulling ......................................................................... 22 5.1
Beschikbare budgetten .................................................................................................... 22
5.2
Ecologische structuur ....................................................................................................... 23
5.3
Hoofdgroenstructuur ........................................................................................................ 24
5.4
Hoofdbomenstructuur ....................................................................................................... 26
Vervolg en realisatie groenstructuren ...................................................................................... 28
3/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
1 Inleiding Achtergrond en aanleiding In 2019 is het groenbeleidsplan Weesp opgesteld. Dit is opgesteld in een verwachte samenvoeging met Amsterdam, dus aansluitend bij het beleid van Amsterdam. Maar wel gericht op de speerpunten en unieke situatie van Weesp. Het groenbeleidsplan geeft op verschillende onderwerpen aandachtspunten en een vraag voor nadere uitwerking mee. In 2020 is gestart met de nadere uitwerking tot het groenbeheerplan. In afstemming tussen Weesp en Amsterdam is de groenvisie opgesteld: de hoofdgroenstructuur, bomenstructuur en ecologische structuur zijn bepaald. Deze visie voor Weesp sluit aan bij de structuren en systematiek van Amsterdam, maar is herkenbaar voor de Weesper. De visiekaarten zijn vervolgens vertaald naar kansenkaarten voor de korte, middellange en lange termijn. Met name de kansen voor de korte termijn dienen in 2021 opgesteld te zijn, zodat ze vertaald kunnen worden naar de beheercontracten voor de volgende jaren. Leeswijzer
Korte samenvatting groenbeleid Groenstructuren Kansen groenstructuur komende jaar (2021/2022) laaghangend fruit
Kansen groenstructuur middellange termijn (2023-2025) vergt enige voorbereiding Kansen groenstructuur lange termijn resterende aspecten om te komen tot een uitgewerkte structuur
Acties ten behoeve van omvormen en samenwerking beheerpartners Veranderingen en bijbehorende kosten
2 Beleidskaders De basis voor de dit groenbeheerplan is het groenbeleidsplan wat in 2019 is opgesteld. Het groenbeleidsplan is gebaseerd op onder meer de structuurvisie Weesp en de bomenvisie Weesp en sluit aan bij de Groene Puccini van Amsterdam.
4/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Speerpunten groenbeleidsplan 1.
We zorgen dat iedere Weesper toegang heeft tot kleinschalig openbaar groen dichtbij en tot grotere groengebieden iets verder weg Concreet: -
In 2020 geven we nadere invulling aan de hoofdgroenstructuur. Waar ligt deze, hoe is de relatie met de bomenhoofdstructuur en hoe kunnen we de structuur versterken Restgroen wordt rustgroen (versnippering buiten de hoofdgroenstructuur). In samenspraak met bewoners komen we tot een passende inrichting In samenspraak met andere disciplines investeren we in recreatief groter wijkgroen en herkenbare wandel- en fietsroutes naar het buitengebied (bijvoorbeeld inrichten buurtpark Trivaxvijver en een wandel- en fietsroute in Bloemendalerpolder)
2.
We gaan van monofunctioneel naar multifunctioneel groen in de openbare ruimte. We kiezen voor groen dat meerdere diensten levert aan mens en dier Concreet: We investeren in een duidelijke hoofdgroenstructuur zodat er herkenbaarheid ontstaat voor bewoners en bezoekers. Dit wordt uitgewerkt door in 2020 te bepalen waar de hoofdstructuur moet liggen, waar deze al aanwezig is (en in welke kwaliteit) en waar deze versterkt moet worden en hoe de hoofdgroenstructuur tot uiting moet komen in -
-
standplaatsvoorzieningen, soorten en relatie met de hoofdbomenstructuur Het kleinere lokale groen, wat als snippers in de wijk ligt, krijgt samen met de bewoners een functie passend op die locatie. Hiermee wordt het restgroen getransformeerd tot rustgroen waar bewoners elkaar kunnen ontmoeten en samen de identiteit van de wijk kunnen vormgeven Bij herinrichting en herplant wordt gekozen voor soorten die een hoge bijdrage leveren
-
aan de biodiversiteit (aantrekkelijke voor vlinders, bijen, insecten, vogels en amfibieën). Bij het toepassen van groen wordt uitgegaan van duurzame soorten die ook bij een wijzigend klimaat (meer piekbuien en langere droge periodes) tot volwassen groen
-
kunnen uitgroeien en het leefklimaat veraangenamen Berm- en grasrandenbeheer wordt aangepast naar een hogere ecologische doelstelling, waardoor de natuurlijke kernwaarden van het buitengebied ook in de stad zichtbaar worden en de harde rand tussen stad en polder verzacht. (In 2020 kan er gestart worden met een pilot om bijvoorbeeld bij de Leeuwenveldseweg, Korte Muiderweg en/of Aetsveldseweg de bermen om te vormen tot bloemrijke bermen en het beheer hier op aan te passen.)
3.
We worden een natuurinclusieve stad waar gebouwd, ingericht en beheerd wordt met respect voor planten en dieren Concreet: In 2020 leggen we de ecologische hoofdstructuur vast en bepalen we welke maatregelen -
ter versterking hiervan nodig zijn Bij herplant en aanplant kiezen we voor soorten met een hoge ecologische waarde
5/29
Kenmerk
4.
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
We vergroenen buurten en wijken duurzaam en samen met bewoners Concreet: We informeren onze inwoners over de meerwaarde van meer groen en minder verharding in de tuin. Groene tuinen met minder verharding kunnen bijdragen aan een vermindering van de opwarming van de omgeving op hete dagen, zorgen ervoor dat het riool minder belast wordt tijdens piekbuien en bieden vogels en andere kleine dieren meer leefgebieden (operatie Steenbreek) -
Met onze inwoners zoeken we naar een passende inrichting van de ‘restruimtes’ in de wijken. Deze plekken geven wijken en buurten een eigen identiteit en herkenbaarheid. Door met bewoners aan een passende inrichting van de restruimtes te werken ontstaat sociale samenhang. Voorbeelden van rustgroen zijn zeer divers, denk bijvoorbeeld aan bijenveldjes, pluktuinen, trapveldjes, speeltuinen, gazon met picknickbanken et cetera. Belangrijk hierbij is dat de omwonenden de ruimte ‘adopteren’ en het willen gebruiken in de nieuwe vorm
5.
We werken samen met bewoners, leren van elkaar en stimuleren nieuwe werkwijzen en technieken die passen bij de opgaven Concreet: Gemeente stelt de kaders voor de inrichting en onderhoud van rustruimtes op, zodat -
6.
duidelijk is welke vrijheid de omgeving heeft in de invulling van deze ruimtes Gemeente initieert jaarlijks een buurtschouw met bewoners en ondernemers om met elkaar in gesprek te gaan
We zorgen dat het groen goed ontworpen, aangelegd en beheerd wordt Concreet: -
Bij herinrichting van de openbare ruimte of bij vervanging van groen wordt het handboek groen gebruikt. Hierdoor zorgen we voor een goede uitgangspositie van het groen, zodat dit kan uitgroeien naar een volwaardig eindbeeld
-
Beheerders wordt betrokken in de ontwerpfase zodat er een beheerbare situatie komt en in de beheerfase is duidelijk welke ontwerpkeuzes zijn gemaakt zodat de kracht van het ontwerp overeind blijft
De speerpunten zoals benoemd in het groenbeleidsplan zijn vertaald in een drietal kaarten: Hoofdbomenstructuur (HBS), Hoofdgroenstructuur (HGS) en de ecologische structuur (ES). Om tot deze eindbeelden te komen is een programmering geadviseerd waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen mogelijkheden op korte termijn (2021/2022), mogelijkheden op middellange termijn (2023-2025) en mogelijkheden op langere termijn (>2025). De haalbaarheid van de programmering is afhankelijk van de beschikbare budgetten. Het eindbeeld wordt met de structuurkaarten geschetst, de realisatie hiervan is variabel in tijd.
6/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
3 Hoofdstructuren Het groenbeleidsplan is vertaald in een drietal structuurkaarten: Een hoofdbomenstructuur (de basis hiervoor is de bomenstructuurkaart van Weesp uit 2017)
Een hoofdgroenstructuur (gebaseerd op de structuurvisie van Weesp, maar vertaald naar de terminologie zoals ook in Amsterdam wordt gehanteerd) En de ecologische structuur (hier is voortgebouwd op de ecologische structuur van Amsterdam, aansluitend bij het groenbeleid van Weesp)
De totstandkoming van de structuurkaarten is in verschillende werksessies met daarin de verschillende betrokken ambtenaren van zowel Weesp als Amsterdam tot stand gekomen. Zo is invulling gegeven aan het behoud van de identiteit en unieke waarden van Weesp, maar passend binnen de overkoepelende structuur van Amsterdam. Amsterdam is ten tijde van de ontwikkeling van dit groenbeheerplan haar Hoofdgroenstructuur aan het door ontwikkelen (HGS 2.0). Hierbij worden de HGS en de ESA geïntegreerd tot één kaart. Omwille van de herkenbaarheid is voor voorliggende beheerplan nog gebruik gemaakt van het onderscheid en de terminologie uit de HGS en de ESA. Tabel 3.1 de legenda eenheden aan en de omzetting daarvan naar de HGS2.0. Tabel 3.1 Omzetting legenda eenheden naar HGS2.0 Hoofdbomenstructuur
Hoofdgroenstructuur (HGS)
(HBS)
Ecologische structuur
IMBOR
HGS 2.0
(ES)
Monumentale boom
Boom
Molenbiotoop Hoofdbomenstructuur
Hoofdbomenstructuur
Boom
Sport en recreatie
Groen- terreindelen
Parken
Landschap
Groen- terreindelen
Landschap
Landschapspark
Landschapspark
Wijkstructuur/wijkgroen
Groen- terreindelen
Entrees
Groen- terreindelen
Historische structuren
Groen- terreindelen
Landschapspark
Begraafplaats
Groen- terreindelen
Landschapspark
Groen- assen
Brede verbindingen of
Droge ecologische structuur
Droge ecologische structuur
Natte ecologische structuur
Natte ecologische
smalle linten Groen- assen
Natte verbindingen
structuur Ecologische bermen
Ecologische bermen
Ecologische stapstenen
Ecologische stapstenen Faunavoorziening
Landschapspark of park Faunavoorzieningenkunstwerken
7/29
Kenmerk
3.1
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Terminologie
In tabel 3.1 staan een aantal begrippen genoemd die wij in dit hoofdstuk toelichten Wijkgroen: heeft een lokale gebruiksfunctie, hier vallen ook groene parkeerplekken onder en wordt in samenspraak met de omgeving vorm gegeven
Sport en recreatie: deze terminologie betreft groen ontmoetingsplekken en kan variëren in grootte en functie (groen recreatie, sport, speeltuin et cetera) Landschapspark: uitloopgebied naar het buitengebied, hier wil de gemeente randvoorwaarden
kunnen scheppen voor ruimtelijke kwaliteit, gemeente hoeft geen eigenaar van deze gronden te zijn Landschap: landelijk gebied van een agrarisch polderlandschap, gemeente is geen eigenaar van deze gronden.
3.2
Hoofdbomenstructuur
De hoofdbomenstructuur is een uitwerking van het bomenbeleidsplan uit 2018. Binnen de bomenstructuur uit 2018 ontbraken nog een tweetal wegen, met de toevoeging van deze wegen wordt een doorgaande verbinding van bomen gevormd binnen de stad. Voor toepassingen van soorten en voor uitgangspunten met betrekking tot groeiplaats en beschikbare en benodigde ruimte (boven- en ondergronds) wordt verwezen naar het vigerende bomenbeleidsplan van Weesp. De gewenste structuur is nog niet in volledige omvang aanwezig. Daarnaast zijn de structuren op enkele locaties onderbroken door uitval van individuen. Het naar de toekomst toe gesloten krijgen van deze structuur vraagt om ingrijpen. Kanttekening bij de hoofdbomenstructuur is dat deze niet de gemeentelijke bomenstructuurkaart van Weesp vervangt waarnaar verwezen wordt in de bomenverordening. Voor het eventueel aanvragen van een kapaanvraag wordt verwezen naar de gemeentelijke bomenstructuurkaart, waar meer structuren op zijn aangegeven dan enkel de hoofdstructuur. Ook de wijkstructuren zijn kapvergunningplichtig. Belangrijk bij de hoofdbomenstructuur is om bewust te zijn van de molenbiotopen in de stad. In Weesp staan 3 molens (waarvan 2 dicht bij elkaar). Voor het goed functioneren van een molen wordt veelal het volgende uitgangspunt aangehouden.
Binnen 100 meter rond de molen mag namelijk geen bebouwing of beplanting hoger dan de onderste punt van de verticaal staand wiek worden opgericht. Binnen 100 tot 400 meter rond de molen mag de beplanting niet hoger worden dan 1/100 van de afstand tussen beplanting en molen, gerekend van de onderste punt van de verticaal staande wiek. In figuur 3.1 staan de marges van de molenbiotopen aangegeven. Zoals te zien in de kaart staan er binnen 100 meter rond de molenbiotoop geen hoofdbomenstructuur ingetekend. Zoals te zien in het figuur is de marge van 400 meter zeer beperkend voor de hoofdbomenstructuur. Daarom wordt een meer integrale afweging gemaakt van belangen, aangezien de bomen dicht bij de vestingstructuur staan.
8/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
In de hoofdbomenstructuur maken we onderscheid tussen onderbroken structuren, structuren die volledig nieuw gerealiseerd moeten worden, en de al aanwezige hoofdbomenstructuur die onderhouden moet worden. Invulling HBS over de komende jaren:
2021/2022 (korte termijn): ‘inboet’. Binnen de bestaande structuren de gaten weer opvullen, met uitzondering van de lanen die al zo ver in verslechterde staat zijn dat ze op termijn in geheel vervangen worden
2023-2025 (middellange termijn): de nieuwe structuren aanplanten, ter invulling van de HBS en de in verval geraakte lanen opnieuw aanplanten >5e jaar: herstel structuur door slechte bomen en verminderde groeiplaatsen te vervangen
voor optimale situatie
Figuur 3.1 Hoofdbomenstructuur Weesp
3.3
Ecologische structuur
De ecologische structuur kenmerkt zich door een extensief onderhoud. De structuur is gericht op een hoge mate van biodiversiteit (bij vriendelijk) én moet toekomstgericht gerealiseerd worden met aandacht voor het klimaat. Onderhoudsfrequenties en -periodes zijn afgestemd om te verwachten / te wensen doelsoorten. Een diverse samenstelling zorgt voor een evenwichtig systeem van flora en fauna, waardoor ziekten en plagen minder kans krijgen.
9/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Belangrijk hierbij zijn ook de verbindende florastructuren, waardoor fauna haar leefgebied kan vergroten. Daarom is ervoor gekozen om enkele belangrijke structuurdragers aan te wijzen als droge ecologische structuur; te weten het spoor, de Aetsveldselaan, Korte Muiderweg, verlopend naar de Leeuwenveldseweg en de toekomstige rondweg. De ecologische bermen liggen langs de Reaalspolderweg, de Keverdijk, de Basisweg, de G.J. Wiefferingdreef, Aetsveldseweg en een stadsrand. Hiermee wordt de natuur ook de stad ingehaald en wordt dit voor iedereen bereikbaar. Aanvullend op de ecologische structuur van Amsterdam zijn de natte ecologische structuren aangegeven (te weten de Vecht, het Amsterdamrijnkanaal, de uitwatering van het Naardermeer en de nieuwe waterstructuur in Weespersluis en Smal Weesp). Tot slot zijn er nog twee ecologische stapstenen ter plaatse van de huidige eendenkooi in Weespersluis en ter plaatse van de coöperatie Het Domijn (figuur 3.2). De ecologische stapstenen zijn (kleine) leefgebieden voor diverse fauna. Ook kunnen de gebieden gebruikt worden voor diverse diersoorten om van de ene locatie naar de andere locatie tet ‘stappen’. Om de natuur (in het bijzonder de fauna) goede migratiemogelijkheden te geven is geïnvesteerd in een onderzoek naar de faunapassage knelpunten (2021).
Op basis van dit onderzoek kunnen maatregelen in de vorm van faunapassages en faunauittreedplaatsen worden getroffen. Het oplossen van faunapassage knelpunten wordt idealer opgepakt als de omgeving waar het knelpunt optreedt wordt aangepakt vanuit (groot)onderhoud of op projectbasis. Zo kunnen de werkzaamheden meeliften met al begrootte werkzaamheden. Invulling ESW (ecologische structuur Weesp) over de komende jaren:
2021/2022 (korte termijn): omvormen van de droge ecologische structuur, ecologisch te beheren bermen en knelpuntenstudie 2023-2025 (middellange termijn): Ontwikkelen van de natte ecologische structuur en haar
oevers, investeren in oplossingen voor de faunaknelpunten, visie ontwikkelen voor de ecologische stapstenen >5e jaar: invullen van de ecologische stapstenen, investeren in oplossen faunaknelpunten
10/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Figuur 3.2 Ecologische Hoofdstructuur Weesp
3.4
Hoofdgroenstructuur
In de hoofdgroenstructuur kaart zijn naast de ecologische structuren ook de historische structuur, entrees, sport en recreatie gebieden, wijkstructuren, landschapsparken en landschap opgenomen. De historische structuren staan al beschreven in visie schansen, de fasering van de ecologische structuren wordt beschreven in de ESW, voor de sport en recreatie gebieden en het landschap zijn geen concrete maatregelen gepland. Voor deze gebieden dient een visie te worden ontwikkelt die bijdraagt aan een gewenst toekomstbeeld. Hiervoor is afstemming en samenspraak met Amsterdam nodig voor aansluiting bij de koers die ook in Amsterdam wordt gekozen. Momenteel wordt er geïnvesteerd door agrariërs in bloemrijke akkerranden. Dit is een wenselijke ontwikkeling, wat ook als zodanig geformuleerd kan worden. In de kaders wordt geformuleerd welke ontwikkelingen wel en niet gewenst zijn in bijvoorbeeld het buitengebied. Binnen Amsterdam geeft een Technische Advies Commissie (TAC) advies over de ruimtelijke kwaliteit en over nieuwe ontwikkelingen die hier wel/niet aan bijdragen. De fasering voor de hoofdgroenstructuur focust zich op de invulling van de wijkstructuren, de entrees én de realisatie van het landschapspark. Zoals eerder benoemd is het doel van het aanwijzen van landschapsparken het stellen van kaders voor toekomstige ontwikkelingen.
Belangrijk onderdeel van het groenbeleidsplan is het invulling geven in samenspraak met bewoners. Daarnaast wordt er met het projectteam Weespersluis afgestemd welk toekomstbeeld
11/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
voor ogen is voor Weespersluis, zodat de ontwikkelingen en het groenbeheerplan op elkaar aansluiten. Invulling HGS over de komende jaren:
2021/2022 (korte termijn): Herkenbare entrees realiseren (met uitzondering van de entree van Weespersluis, deze wordt afgestemd op de realisatie van de contouren van de wijk) en afstemmen met de inwoners over de ontwikkelingen van een herkenbare wijkstructuur in het
groen. Koers en toekomstbeeld groen en water Weespersluis verder afstemmen met projectteam Weespersluis 2023-2025 (middellange termijn): De afgestemde ontwikkelingen tot wijkgroen realiseren en
de entree bij Weespersluis vormgeven. Daarnaast wordt visie ontwikkelt hoe de landschapsparken langs de randen van Weesp worden vormgegeven >5e jaar: Invulling geven aan de geplande ontwikkelingen van de landschapsparken (zie voor de definitie paragraaf 3.1) rond Weesp
Figuur 3.3 Hoofdgroenstructuur Weesp
12/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
4 Programma Om tot de gewenste groenstructuren te komen en Weesp (ook) in de toekomst een aantrekkelijke groene gemeente te laten zijn, dienen verschillende ingrepen plaats te vinden, waarna hier een nieuw beheer voor benodigd is. We delen dit op in drie verschillende fasen. De eerste fase wordt binnen een jaar gestart en is eenvoudig realiseerbaar of betreft een voorbereiding. Dit zijn quickwins, identificatie van knelpunten, beleidsvorming of participatieprocessen. Vervolgens starten we in de 2e fase, dat in jaar 2-4 plaatsvindt, met de realisatie van grotere ingrepen zoals nieuwe hoofdbomenstructuren. De laatste fase (>5 jaar) is om de laatste knelpunten te verhelpen en structuren aan te leggen waar momenteel nog geen beeld voor is gevormd.
4.1
1e jaar
De wijzigingen die in het eerste jaar worden voorgesteld, zijn eenvoudig te realiseren waardoor dit eenvoudig in de contracten is mee te nemen. 4.1.1
Hoofdbomenstructuur
De hoofdbomenstructuur geeft een duidelijke structuur aan Weesp en helpt haar inwoners en bezoekers in oriëntering en geleiding. Daarnaast draagt de aanwezigheid van bomen ook op andere vlakken bij aan een prettig woon- en leefklimaat. De bestaande structuren zijn op een aantal plaatsen onderbroken. Het eerste jaar focust daarom op het sluiten van de bestaande structuren. Figuur 4.1 geeft aan welke straten daartoe behoren.
13/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Figuur 4.1 Uitwerkingsprogramma hoofdbomenstructuur jaar 1
4.1.2
Ecologische structuur
De ecologische structuur is gericht op een hoge mate van biodiversiteit. Belangrijk hierbij zijn de verbindende florastructuren, waardoor fauna haar leefgebied kan vergroten. Voor de realisatie van de ecologische structuur beginnen we in het eerste jaar met de inventarisatie van de FUP knelpunten zodat deze in de opvolgende jaren ingevuld kunnen worden. Daarnaast worden de droge ecologische structuren en ecologische bermen gerealiseerd, met uitzondering van de structuren gesitueerd in het ontwikkelingsplan van Weespersluis. Dit zal tegelijkertijd met de ontwikkeling van het gebied plaatsvinden in fase 2 (2-4 jaar). De ecologische structuur van de N236 wordt tegelijkertijd met de hoofdbomenstructuur opgepakt in fase 3 (>5 jaar).
14/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Figuur 4.2 Uitvoeringsprogramma ecologische structuur jaar 1
4.1.3
Hoofdgroenstructuur
In het eerste jaar worden de participatieprocessen gestart rondom de invulling van het wijkgroen in zes wijken. In het afgelopen jaar hebben verschillende wijkschouwen plaatsgevonden. Daaruit kwamen verschillende aandachtspunten naar voren die een plek kunnen krijgen in het nieuwe wijkgroen, passend binnen een herkenbare identiteit per wijk. Daarnaast worden de herkenbare entrees ingevuld, met uitzondering van de entree in de ontwikkeling van de Weespersluis. Via deze entrees komen bezoekers de stad binnen en mogen herkenbaarder worden gemaakt door bijvoorbeeld een kunstwerk, verlichting of aangeplant groen.
15/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Figuur 4.3 Hoofdgroenstructuur jaar 1
4.2
Invulling op de middellange termijn (jaar 2-4)
De invulling van de structuren op de middellange termijn zijn grotere ingrepen zoals het realiseren van nieuwe hoofdboomstructuren, de natte ecologische structuren en de invulling van het wijkgroen. Dit valt ook samen met de ontwikkeling van de Weespersluis. 4.2.1
Hoofdbomenstructuur
In jaar 2-4 worden de nieuwe hoofdbomenstructuren gerealiseerd. Dit zijn hoofdbomenstructuren die belangrijk zijn, maar waar nu nog nauwelijks of geen bomen staan. Dit gebeurt tegelijkertijd met de ontwikkeling van de Weespersluis in jaar 2-4. Daarnaast worden de lanen die in verval zijn geraakt en waar de gaten niet zijn opgevuld als totaal vervangen.
16/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Figuur 4.4 Uitvoeringsprogramma hoofdbomenstructuur jaar 2-4
4.2.2
Ecologische structuur
In de tweede fase worden de natte ecologische structuren uitgewerkt tot concrete plannen en gerealiseerd. Hieronder verstaan wij de natuurvriendelijke inrichting van de Vecht, maar ook de natte verbindingen zoals Smal Weesp. De oever is door de stedelijke functie en aanmeergelegenheid ongeschikt om te vernatuurlijken maar het water vormt wel een verbinding en er kan aan de kade gezocht worden voor schuilmogelijkheden voor vissen. Naast de natte structuren worden de droge ecologische structuren in Weespersluis gerealiseerd. In deze fase wordt ook invulling gegeven aan de faunaknelpunten én wordt beleid geformuleerd over het toekomstbeeld is voor de ecologische stapstenen (kleine ecologische gebiedjes die fauna de gelegenheid geven van de ene naar de andere plek te komen). Waar mogelijk worden de faunapassages gerealiseerd in combinatie met al op de meerjarenprogramma staande groot onderhoud-werkzaamheden aan wegen of watergangen.
17/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Figuur 4.5 Uitvoeringsprogramma ecologische structuur jaar 2-4
4.2.3
Hoofdgroenstructuur
In de tweede fase worden de plannen vanuit het burgerparticipatie traject ingevuld. Welke identiteit krijgt elke wijk in de nadere groen uitwerking en hoe kunnen de verschillende aandachtspunten uit de wijkschouw hierin worden meegenomen. In deze fase wordt ook invulling gegeven aan de entree voor de Weespersluis én wordt beleid geformuleerd voor het landschapspark.
18/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Figuur 4.6 Uitvoeringsprogramma hoofdgroenstructuur jaar 2-4
4.3
Invulling op de lange termijn (> 5 jaar)
De laatste fase (>5 jaar) is om de laatste knelpunten te verhelpen en structuren aan te leggen waar in de voorgaande jaren een beeld voor is gevormd. 4.3.1
Hoofdbomenstructuur
Als in de eerste 4 jaren van dit programma de structuren zijn hersteld / aangevuld, kan op de lange termijn geïnvesteerd worden in het op orde houden van de structuren. Als uitgangspunt hierbij is genomen dat 2 % van de laanbomen uit de hoofdbomenstructuur jaarlijks vervangen dient te worden.
19/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Figuur 4.7 Uitvoeringsprogramma hoofdbomenstructuur >5 jaar
4.3.2
Ecologische structuur
In de derde fase worden de ecologische stapstenen gerealiseerd op basis van de geformuleerde visie en programma hiervoor. Daarnaast pakken we deze fase de droge ecologische structuur van de N236 op. De overgebleven faunaknelpunten dienen op lange termijn te worden opgelost. Hierbij kan gezocht worden naar combinatie van uitvoering, door bijvoorbeeld aan te sluiten bij groot onderhoud van wegen of riolering.
20/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Figuur 4.8 Uitvoeringsprogramma ecologische structuur >5 jaar
4.3.3
Hoofdgroenstructuur
Eventuele onderdelen die in de landschapsparken dienen te worden uitgevoerd, conform de opgestelde visie die in de jaren 2-4 is geformuleerd, dienen voor de lange termijn begroot te worden.
21/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Figuur 4.9 Uitvoeringsprogramma hoofdgroenstructuur >5 jaar
5 Financiele consequenties en nadere invulling Het groenbeheer in Weesp is middels onderhoudscontracten weggezet bij verschillende aannemers en werkvoorzieningsschap. Wanneer wijzigingen optreden in areaal of uitvoering (denk bijvoorbeeld aan ecologisch maaibeheer in plaats van regulier gazon- en bermonderhoud) vraagt dit om tijdig aanpassen van de budgetten en contracten voor dagelijks onderhoud.
5.1
Beschikbare budgetten
Voor het dagelijks onderhoud, groot onderhoud en beleid en inspectie & monitoring zijn jaarlijks verschillende budgetten beschikbaar gesteld. Middels de Kadernota is voor de uitvoering Groenbeleids-/beheerplan in 2022 een bedrag van € 206.000 ter beschikking gesteld, in 2023 € 206.000 en in 2024 € 206.000. Bij elkaar is dit € 618.000. De raming voor de uitvoering van korte termijn (< 1jr) zoals omschreven in dit Groenbeheerplan komt uit op € 617.000 (zie o.a. bijlage Voorstel = format Kadernota-aanvraag). Voor de uitvoering van de genoemde acties op middellange- en lange termijn dient t.z.t. nog aanvullend budget te worden geregeld.
22/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Areaaluitbreiding of -omvorming door projecten dienen hier in te worden verwerkt voor actuele benodigde instandhoudingsbudgetten. De in onderstaande paragrafen beschreven maatregelen voor de korte termijn kunnen uit de beschikbare (project)budgetten worden gerealiseerd. Voor de middellange en lange termijn moeten nog aanvullende budgetten worden gezocht of moet worden gekeken of de uitvoering hiervan in andere projecten kan worden meegenomen.
5.2
Ecologische structuur
Voor de realisatie van de ecologische structuur zijn de kosten op een rijtje gezet per fase (zie tabel). Voor de realisatie van de droge ecologische structuur dient 11.100m in het eerste jaar te worden gerealiseerd. De 8.200 meter dat in jaar 2-4 (middellange termijn) gerealiseerd dient te worden zijn de structuren van de rondweg. Deze droge ecologische structuren zijn ook als hoofdbomenstructuur geraamd in jaar 2-4. De realisatie van de droge ecologische structuur betreft het aanbrengen van een bloemrijk grasmengsel in de bermen langs de rijbaan. Voor de ecologische stapstenen, de eendenkooi en het bos bij de coöperatie het Domijn, ligt nog geen ambitie. Het is zaak om voor de ecologische stapstenen in het eerste jaar een ambitie en ontwikkelopgave te definiëren zodat dit op langere termijn (>5 jaar) kan worden uitgevoerd. De natte ecologische structuur is 22.700 meter lang en dient in jaar 2-4 te worden gerealiseerd. In de raming gaan wij uit van een enkelzijdige ecologische oever van 5 meter per kant. Tot slot dienen de knelpunten voor fauna uitstapplaatsen (FUP’s) of faunapassages in het eerste jaar geïdentificeerd te worden. Momenteel zijn er verschillende knelpunten bekend, er moet echter nog een oplossing per knelpunt worden uitgewerkt.
Belangrijke kanttekening bij onderstaande kosten is dat het aanbrengen en onderhoud van de verschillende maatregelen in Weespersluis al in bestaande contracten zitten met aannemer en beheerder. Uitgangspunten hierbij dienen het komende jaar goed te worden afgestemd. Structuur
Maatregel
Droge ecologische
Afgraven toplaag en
structuur
inzaaien met
Aantal/Areaal
Fase
Totaalbedrag
4.000 m*
<1 jaar
15.000,00
8.200 m
2-4 jaar
30.750,00
32.800 m2
<1 jaar
123.000,00
262.302 m2
>5 jaar
PM (o.b.v. plannen)
2
2-4 jaar
1.816.000,00
bloemrijk mengsel Afgraven toplaag en inzaaien met bloemrijk mengsel Ecologische bermen
Afgraven toplaag en inzaaien met bloemrijk mengsel
Ecologische stapsteen
Nader te bepalen
Natte ecologische
Vergraven flauw talud
structuur
of plas-dras en
113.500 m
23/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Structuur
Maatregel
Aantal/Areaal
Fase
Totaalbedrag
inplanten met oeverplanten Faunapassages
Verkennen
<1 jaar
PM - uren
Na jaar 1
12.500,00
knelpunten faunapassages Faunapassages en
Per 4 stuks
fauna uitstapplekken * Dit betreft alleen de wegen onder eigendom van de gemeente, de spoorbaan is niet meegerekend.
De ecologische bermen dienen te worden beheerd als gras – bloemrijk gras en worden 2 keer per jaar gemaaid, waarbij het maaisel wordt afgevoerd. De natuurvriendelijke oevers dienen 1 keer per jaar te worden gemaaid, waarbij 10 % van de vegetatie dient te blijven staan. Deze locatie dient jaarlijks te rouleren. Het maaisel wordt afgevoerd. Onderhoudskosten Hoofdgroep
Groep
Gras
Bloemrijk gras
Aantal/Areaal 295.102 m2
Ruigte en oever
Water-/oeverplanten
113.500 m2
Maatregel 2 keer / jaar maaien
Kosten 46.250,00
en afvoeren 1 keer / jaar maaien
27.860,00
en afvoeren, 10 % behouden Ecologie
faunavoorzieningen
Per stuk
Inspectie en kleine
500,00
gebreken verhelpen, reinigen waar nodig
Bovenstaande beheerkosten zijn de kosten voor de nieuwe (omgevormde) beheereenheid. In de oude situatie zijn de bermen en oevers als ruw gras onderhouden. Genoemde bedragen zijn daarom geen totale meerkosten op de huidige budgetten. Voor het onderhoud van ruw gras langs bermen en oevers dient bij bovenstaande arealen rekening te worden gehouden met circa EUR 30.000,00 aan jaarlijkse onderhoudskosten.
5.3
Hoofdgroenstructuur
In het eerste jaar worden de entrees gerealiseerd, met uitzondering van de entree van de Weespersluis. Concrete invulling van de entrees dienen in overleg te worden bepaald. Gaat Weesp voor eenheid van alle entrees, wordt er een thema doorgevoerd of wordt er met inzet van bijvoorbeeld een kunstenaar aandacht aan besteed. Afhankelijk van de wijze waarop zijn er investeringskosten benodigd.
24/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Daarnaast wordt 2021 ingezet om middels participatie invulling van het wijkgroen van de zes wijken te bepalen. Vervolgens kan op de middellange en lange termijn het wijkgroen worden ingevuld. Bovengenoemde kan gezien het grote toe te passen oppervlakte een zeer kostenbepalende post zijn. Omdat de werkelijke invulling van deze gebieden uiteindelijk grote verschillen zal kennen, is dit enkel bedoeld om een gevoel te krijgen van de kosten wanneer de geraamde werkzaamheden werkelijk worden gedaan op het gehele gereserveerde oppervlak. In de praktijk zullen niet overal deze werkzaamheden benodigd zijn.
Na 2021/2022 dient ook geïnvesteerd te worden in het ontwikkelen van een visie en programma voor de landschapsparken (groene buffer langs de stadsgrenzen). Op de lange termijn kan hier gaandeweg invulling aan worden gegeven. Structuur
Maatregel
Entrees
Beeldbepalend
Aantal/Areaal
Fase
Kosten
6 stuks
<1 jaar
84.000,00
groen, verlichting, een kunstwerk of een bankje Entree rondweg Participatieproces
1 stuk
2-4 jaar
14.000,00
6 gebieden
<1 jaar
PM - uren
6 gebieden
2-4 jaar
PM – o.b.v. invulling
2-4 jaar
PM - uren
>5 jaar
PM – o.b.v. plannen
wijkgroen Invulling wijkgroen en wijkstructuur
Bodemverbetering toepassen,
19.000.000 m
2
aanplant groen (laag en opgaand) Toepassen meubilair en verlichting Invulling visie
Ontwikkelen visie
landschapspark Landschapspark
PM
20.000.000 m2
25/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Na investeren in herkenbare entrees en een duidelijke wijkstructuur dient dit op kwaliteit onderhouden te worden. Omdat de te verwachten kosten sterk afhankelijk zijn van de feitelijke inrichting wordt hieronder een verwachting gegeven op basis van een redelijke bandbreedte aan mogelijkheden. Onderhoudskosten hoofdgroep
Groep
Overig
Overig - entree
Aantal/Areaal Per stuk
Maatregel
Kosten
5x per jaar uitvoeren klein
5.600,00
onderhoud entrees (maaien, verwijderen onkruid, schoonmaken meubilair) Wijkgroen en wijkstructuur
Bodemverbetering toepassen,
4 gebieden 19.000.000 m
2-4 jaar
PM – o.b.v. invulling
>5 jaar
PM – o.b.v. invulling
2
aanplant groen (laag en opgaand) Toepassen meubilair en verlichting Landschapspark
5.4
20.000.000 m2
PM
Hoofdbomenstructuur
Voor de hoofdbomenstructuur zijn een aantal straten onderbroken. Van de 6.700 m is ongeveer 1.800 m onderbroken. Soms staan de bomen 5 m van elkaar verwijderd terwijl anderen op 10 m afstand van elkaar staan. Wij gaan in deze notitie uit van één boom per 8 m (tweezijdig) omdat we aannemen dat niet op iedere 8 m ruimte is voor een boom. De Leeuwenveldseweg en Korte Muiderweg zijn grotendeels onderbroken en worden tegelijkertijd met de overige nieuwe wegen (zoals de rondweg) gerealiseerd. Deze wegen dienen als hoofdontsluitingswegen aan twee zijden met bomen te worden aangeplant. De totale lengte van de nieuwe hoofdbomenstructuur is 8.000 m. Voor de aanplant van nieuwe bomen gaan wij uit van de werkzaamheden zoals voorgeschreven in het beleid in de Groene Puccini van Amsterdam. Voor het onderhoud van de al aanwezige hoofdbomenstructuur (16.100 m) gaan wij ervan uit dat 10 % van de bomen in 5 jaar vervangen moet worden (dus 2 % per jaar). Structuur
Maatregel
Hoofdbomenstructuur
Bomen aanplanten
(onderbroken)
plantmaat 18-20, inclusief
Aantal/Areaal 225 bomen
Fase
Kosten <1 jaar
393.750,00
groeiplaatsvoorzieningen (25 m3 bomenzand)
26/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
Structuur
Maatregel
Aantal/Areaal
Fase
Kosten
Hoofdbomenstructuur
Bomen aanplanten
1.000 bomen
2-4 jaar
1.801.200,00
Bomen vervangen
40 bomen per jaar
>5 jaar
76.000,00
(nieuw) Hoofdbomenstructuur (onderhoud)
Voor het onderhoud van het extra bomenbestand wordt voor de hoofdbomenstructuur in de budgettering uitgegaan van bomen in gras. Onderhoudskosten Hoofdgroep
Groep
Bomen
Bomen in gras
Aantal/Areaal 1.305
(jonge aanplant) Bomen in gras (volgroeide vorm)
Maatregel Jonge aanplant
Kosten 6.525,00
begeleidingssnoei 1.305
Volgroeide vorm
13.050,00
onderhoudssnoei
27/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
6 Vervolg en realisatie groenstructuren Om invulling te geven aan voornoemde structuuraanpassingen, moeten verschillende acties worden uitgezet. Zeker voor het komende jaar vergt dat actie op korte termijn. Er dient gekeken te worden welke ruimte er zit in bestaande beheerbudgetten van de wijken en waar een ophoging van budgetten nodig is. Er dienen aanpassingen in de (uitbesteedde) onderhoudscontracten te worden gedaan, zodat de nieuwe beheereenheden en arealen op juiste wijze worden beheerd. Voor de langere termijn initiatieven dient de gemeente samenwerking te zoeken met de bewoners van de wijken voor de uitwerking van de wijkstructuren én met derden zoals de provincie en het waterschap voor de uitwerking van de ecologische structuur en de gemeente-overstijgende verbindingen die worden voorgesteld. Er wordt met de projectgroep van Weespersluis afgestemd hoe de ontwikkelingen in de bestaande plannen voor Weespersluis geïntegreerd kunnen worden. De volgende onderdelen zijn al in gang gezet. 2020 Ecologische structuur Het omvormen van de (droge) bermen langs de Leeuwenveldseweg, Korte Muiderweg en Aetsveldseweg 2021 Een groot deel van het budget voor uitwerking Groenbeleidsplan in 2021 zal worden uitgegeven aan het samen met bewoners vaststellen van de Groene Buurt Identiteit middels een aantal buurtbijeenkomsten in 2021.
Er wordt een start gemaakt met het invullen van de onderbroken bomen hoofdstructuur door aanplant van bomen in lege boomspiegels. 2022 Ecologische structuur Het omvormen van de bermen langs de Keverdijk (dit is samenwerking met asset Verhardingen die het wegdek gaat renoveren)
Nader inventariseren knelpunt-locaties in ecologische structuren, in kaart brengen nu aanwezige faunapassages en waar nodig repareren, nieuwe faunapassages aanbrengen Haalbaarheidsonderzoek naar aanbrengen natuurvriendelijke oevers langs Blijwaterpad en watergang langs zuidkant Aetsveld
Hoofdboomstructuur Nader onderzoek naar mogelijkheden voor bijplanten bomen in bestaande hoofdstructuur bomen binnen de bebouwde kom zodat ‘gaten’ in de structuur gevuld kunnen worden. Van potentiële locaties zullen bodemmonsters genomen moeten worden om te controleren of de bodem niet
28/29
Kenmerk
R001-1277271AMH-V02-mdg-NL
verontreinigd is. Indien geen verontreinigingen worden aangetroffen kan mogelijk in het najaar van 2022 gestart worden met het aanbrengen van groeiplaatsverbetering. Deze opgave kent deels overlap met opgave voor inplanten lege boomspiegels waar buiten het groenbeheerplan budget voor is vrijgegeven. Indien herplanten van bomen op oorspronkelijke locatie niet mogelijk is zal gezocht worden naar een locatie elders. Dit wordt gecombineerd met het versterken van de hoofdboomstructuur. Hoofdgroenstructuur Asset Groen gaat in gesprek met de projectteam Weespersluis om te kijken of uitbreiden van
de groenstructuur mogelijk is Ontwerpen worden opgesteld voor de entrees (6 stuks) Voorstellen tot aanpassen wijkgroen in overleg met politiek en bewoners van Weesp
Voor uitvoering Groenbeleidsplan is in 2022 een budget van EUR 206.000 beschikbaar. Voor het nader verdelen van dit budget over bovengenoemde posten zal het Ingenieursbureau eerst SSKprojectramingen moeten opstellen. 2023 – 2025 Op basis van de te formuleren uitgangspunten voor de verschillende onderdelen (zoals het wijkgroen en de bomenstructuur) en de afstemming over mogelijke ontwikkeling van de natte ecologische structuur met het waterschap kan in de jaren 2023-2025 een nadere invulling van het groenbeleidsplan plaatsvinden. De budgetten en concrete uitwerking hiervan dient in 2022 te worden bepaald. Tot slot Er gaan de komende jaren de nodige maatregelen plaatsvinden. De budgetten zullen niet voor alle groenonderdelen toereikend zijn om de planning in de geschetste faseringskaarten te halen. Daarmee kan een deel van de voorgestelde maatregelen in de lange termijn tot uitvoering komen. Echter het streefbeeld is met de structuurkaarten zoals in dit plan opgenomen gegeven.
29/29