Bijlage bij RIB 2021 104 - Actieplan Veerkracht
Tekst van het document
Actieplan ‘Veerkracht’ 2021-2022 Perspectief voor zelfstandigen tijdens en na corona
Inhoud 1. 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
2
Actieplan ‘Veerkracht’
Inleiding Doelstelling en doelgroep Aanpak Uitgangspunten Bestuurlijk kader Leeswijzer
4 5 6 7 8 11
2. Kansen zien 2.1 Aantallen en kenmerken 2.2 Ex-ante perspectief en ondersteuningsbehoefte van ondernemers
12 12 16
3. 3.1 3.2 3.3
19 19 22 27
Kansen onderzoeken Vooruitzichten meest getroffen sectoren Kansen voor getroffen zelfstandigen Leren uit ervaring
4. Kansen benutten 4.1 De-escalatie route 4.2 De route naar een (bij)baan in loondienst 4.3 De route naar het vergroten/herstellen van het inkomen uit eigen bedrijf
29 29 30 30
5. Uitvoering in actielijnen 5.1 Opschalen en toespitsen dienstverlening richting werk 5.2 Opschalen ondernemersdienstverlening 5.3 Intensiveren de-escalerende dienstverlening 5.4 Toegang organiseren 5.5 Proces en organisatie
32 33 35 36 39 40
6.
41
Kosten
Actieplan ‘Veerkracht’
3
1.1
1. Inleiding
Doelstelling en doelgroep
De doelstelling van het actieplan Veerkracht luidt:
De coronacrisis heeft een grote impact op de Amsterdamse arbeidsmarkt en de Amsterdamse zelfstandig ondernemers in het bijzonder. Ruim 50% van alle zelfstandigen in Amsterdam heeft een beroep gedaan op de Tozo regeling (Tijdelijke Overbruggings regeling Zelfstandig Ondernemers). Amsterdam kent relatief veel zelfstandigen die werkzaam zijn in de sectoren die het hardst worden getroffen door de crisis, zoals de kunst- cultuursector, toerisme, taxivervoer en horeca. Hierdoor is het beroep op ondersteuningsmaatregelen van de overheid in Amsterdam relatief groter dan in de rest van het land. Op 1 november jl. was het beroep op de Tozo 3 regeling in Amsterdam zelfs groter dan dat in de steden Rotterdam, Utrecht, Den Haag en Eindhoven bij elkaar opgeteld: 13.562. Ook het beroep op andere steunmaatregelen zoals de NOW, de TOGS en de TVL is in Amsterdam relatief hoger dan in de rest van het land. Amsterdamse ondernemers tonen zich veerkrachtig in deze zware tijden. Veel van hen zullen hun bedrijf moeten herstructureren of op zoek moeten naar een (bij)baan in loondienst. De overheid zal hierbij ondersteunen zodat zelfstandig ondernemers perspectief en bestaanszekerheid houden. Het kabinet heeft in augustus 2020 bij het derde steunpakket aangegeven: ‘Per 1 januari 2021 start een volgende fase van de Tozo 3.
In deze fase ondersteunen gemeenten zelfstandig ondernemers waar nodig om zich voor te bereiden op een nieuwe toekomst, hetzij als zelfstandig ondernemer, hetzij als werknemer in loondienst.’ In Amsterdam zijn we hier deze zomer mee begonnen. Zo is de capaciteit voor schuldhulpverlening aan zelfstandigen verdubbeld, is de mogelijkheid voor ondernemers om zich rechtstreeks aan te melden bij een ondernemerscoach in september geopend en is ook de route voor ondernemers om zich te oriënteren op een baan in loondienst geopend. De acties zijn ingezet, vooruitlopend op de gestructureerde aanpak die in dit actieplan wordt uiteengezet en die tot eind 2022 zal lopen. Bij de start van de coronacrisis waren er ruim 40.000 zelfstandig ondernemers die in onvoldoende mate in het eigen inkomen konden voorzien. In potentie is er dus een grote doelgroep, het zou kunnen betekenen dat we de bestaande dienstverlening moeten opschalen: van honderden per jaar naar duizenden per maand. We weten echter niet welk deel de doelgroep daadwerkelijk van het aanbod gebruik zal maken en wat de specifieke behoeftes zullen zijn. Bovendien is er veel onzekerheid over de duur van de coronacrisis en het tempo waarin de economie en arbeidsmarkt zich daarna herstellen.
De dienstverlening gericht op het vinden van een (bij)baan in loondienst moet hoe dan ook worden toegespitst op een doelgroep die gewend is eigen baas te zijn en die in elk geval tot de Tozo doorloopt (juli 2021) geen re-integratieverplichting heeft. Dit actieplan beschrijft hoe we deze opschaling en toespitsing gaan realiseren en hoe we het meest effectieve instrumentarium inzetten op het juiste moment. Daarbij volgen we een gefaseerde aanpak die aansluit op de manier waarop ondernemers werken en leren en die ons in staat stelt kort-cyclisch bij te kunnen sturen.
“Ervoor te zorgen dat zelfstandig ondernemers die financieel zijn getroffen door de coronacrisis weer perspectief en bestaanszekerheid krijgen. Dat zij in het eigen levensonderhoud te kunnen voorzien, zonder te lijden onder (verborgen) armoede en schuldenproblematiek en dat zij een maximale bijdrage kunnen leveren aan het herstel van de Amsterdamse economie en werkgelegenheid.”
Deze doelstelling kent drie pijlers : 1. Het bieden van perspectief en bestaanszekerheid aan zelfstandigen, waarmee een groot beroep op de bijstand (inclusief het Bbz) wordt voorkomen; 2. Het voorkomen en oplossen van armoede en problematische schulden bij zelfstandigen; 3. Het bijdragen aan het herstel van de Amsterdamse economie. Zowel in de overall aanpak als bij de te maken afwegingen op casusniveau dienen deze pijlers telkens in samenhang te worden beschouwd. De tweede en derde pijler leiden er toe dat de doelgroep van dit actieplan zich niet beperkt tot de zelfstandig ondernemers die op dit moment nog een Tozo uitkering ontvangen. Dit komt overeen met de zienswijze van de VNG, Divosa en het ministerie van SZW. Het actieplan richt zich op alle Amsterdamse zelfstandig ondernemers die door de coronacrisis zijn getroffen. Daarbinnen wordt prioriteit gegeven aan de volgende categorieën: 1. Ondernemers met problematische schulden of dreigende problematische schulden, bijvoorbeeld door het moeten beëindigen van hun bedrijf; 2. Ondernemers met personeel dat op straat dreigt te komen te staan; 3. Ondernemers die hun bedrijf willen of moeten beëindigen en een baan in loondienst zoeken.
Toegang tot de dienstverlening De toelatingscriteria voor de dienstverlening kunnen worden verruimd of vernauwd afhankelijk van de noodzaak, uitvoerbaarheid, vraag en financiën. Vooralsnog worden de ruim 40.000 ondernemers die tot op heden Tozo (hebben) ontvangen actief benaderd omdat de gemeente in het bezit is van hun contactgegevens. Daarbij hanteren we het ‘first in first out’ principe. Het is dus niet zo dat zelfstandigen die nu nog Tozo ontvangen – op 1 december bijna 17.000 – voorrang krijgen op zelfstandigen die na Tozo 1 of 2 zijn afgevallen. Het feit dat de afvallers geen Tozo meer ontvangen is immers geenszins een garantie dat zij in voldoende mate in hun gezinsinkomen kunnen voorzien. Dat zij geen Tozo meer ontvangen geeft aan dat hun gezinsinkomen boven de bijstandsnorm is. Voor veel van deze ondernemers betekent het dat zij een beroep doen op hun spaargeld, dat bedoeld was voor de oude dag. Voor de zelfstandig ondernemers die in 2020 geen Tozo hebben ontvangen staan de reguliere informatiekanalen open. Bovendien worden de activiteiten gericht op vroeg signalering waar nodig geïntensiveerd, zodat we ook voor deze ondernemers toegankelijk en outreaching zijn.
Als Tozo ten einde is Vooralsnog is voorzien dat de Tozo definitief afloopt op 30 juni 2021. Daarna zijn zelfstandigen die nog onder de bijstandsnorm verdienen aangewezen op het Besluit
4
Actieplan ‘Veerkracht’
Actieplan ‘Veerkracht’
5
Bijstandsverlening Zelfstandig Ondernemers (Bbz). Als zij hun onderneming voor 30 juni hebben beëindigd komen ze in aanmerking voor de Participatiewet. Vanaf dat moment verplicht de wetgeving ons prioriteit te geven aan het zo snel en duurzaam mogelijk weer naar werk of voldoende inkomen uit de eigen onderneming begeleiden van deze groep. Afhankelijk van de behoefte en de resterende beschikbare middelen zal er ook na 30 juni nog aandacht blijven voor de (ex-) zelfstandigen die niet in aanmerking komen voor het Bbz of P-wet, maar die nog steeds onvoldoende rond kunnen komen en interen op vermogen of afhankelijk zijn van een partner.
1.2 Aanpak De aanpak van dit actieplan kan worden beschreven aan de hand van een vijftal actielijnen, bestaande uit samenhangende acties, en de resultaten die hiermee worden beoogd. De acties die onderdeel uitmaken van de actielijnen, worden uiteengezet in hoofdstuk 5. ACTIELIJN
RESULTAAT
1. Opschalen en toespitsen dienstverlening richting werk
Alle door de coronacrisis getroffen zelfstandig ondernemers voor wie een baan in loondienst het beste perspectief biedt ontvangen hierbij de optimale ondersteuning vanuit de gemeente.
2. Opschalen ondernemersdienstverlening
Alle door de coronacrisis getroffen zelfstandig ondernemers voor wie het vergroten van de winst uit eigen onderneming het beste perspectief biedt ontvangen hierbij de optimale ondersteuning vanuit de gemeente.
3. Intensiveren de-escalerende dienstverlening
Dreigende problematische schulden, werkloosheid van personeel en geestelijke nood bij ondernemers worden tijdig gesignaleerd om escalatie te voorkomen. Daarnaast wordt het bereik van de minimaregelingen onder zelfstandigen vergroot.
4. Toegang organiseren
Informatie, triage en toegang toe tot de dienstverlening naar werk in loondienst of vergroten inkomen uit eigen onderneming is ingericht en geoptimaliseerd.
5. Proces en organisatie
IT, informatievoorziening, processen en de programmaorganisatie zijn optimaal ingericht om actielijn 1 t/m 4 te ondersteunen.
Tabel 1: Actielijnen en resultaten
Het actieplan zal als programma worden gecoördineerd vanuit de directies Werk en Inkomen. De drie pijlers onder de doelstelling van het actieplan maken dat naast de portefeuille W&I, de portefeuilles Economie, Armoede, volwasseneneducatie, en Onderwijs en mbo nauw betrokken zijn. Alsmede de portefeuille Kunst en cultuur, vanwege het groot aantal zelfstandigen in de cultuursector van is getroffen door de coronacrisis. De overeenkomstige directies zijn betrokken bij de uitvoering van het actieplan.
6
Actieplan ‘Veerkracht’
Omgaan met onzekerheid Zo onvoorspelbaar als de pandemie, zo onvoorspelbaar is ook het herstelvermogen van de economie. De noodzaak en effectiviteit van dit programma is dan ook voor een aanzienlijk deel afhankelijk van de ontwikkeling van de pandemie en de overheids maatregelen om deze te beteugelen. Dit leidt tot veranderlijke behoeftes bij de doelgroep. De ene week melden ondernemers zich actief aan omdat ze geholpen willen worden met de transitie naar een baan in loondienst, de andere week is die behoefte (in hun beleving) weer verdwenen omdat de zaak weer open mag. Zelfs los van de pandemie is de omvang van het aantal zelfstandigen dat daadwerkelijk gebruik zal maken van de diensterlening van de gemeente moeilijk in te schatten. In de eerste instantie geeft een grote groep aan dit te willen. De ervaring leert echter dat als puntje bij paaltje komt zelfstandigen liever hun eigen boontjes doppen. Dat maakt de opschaling van de inzet op de diverse actielijnen ingewikkeld. Om dit risico te ondervangen zijn twee zaken essentieel: openheid van zaken met betrekking tot deze onzekerheid en het flexibel inspelen op de omstandigheden, waarbij snel kan worden opgeschaald, maar ook snel kan worden afgeschaald. Op deze twee punten stuurt het programmateam actief, onder meer door continue monitoring en het organiseren van flexibiliteit.
1.3 Uitgangspunten Maximale inzet van bestaande dienstverlening Er wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van de bestaande instrumenten en de reeds bestaande aanpakken. Daar waar het bestaande instrumentarium niet toereikend is of onvoldoende aansluit bij de groep zelfstandig ondernemers, worden nieuwe instrumenten en aangescherpte werkwijzen ontwikkeld. Het zal daarbij vooral gaan om het bieden van ruimte voor een grotere mate van zelfregie dan de reguliere groep bijstandsgerechtigden gemiddeld genomen neemt. In hoofdstuk 5 wordt verder beschreven op welke punten bestaande dienstverlening moet worden toegespitst op de doelgroep zelfstandig ondernemers.
Korte termijn acties, duurzame resultaten De financiële zorgen van veel zelfstandig ondernemers nemen met de dag toe. Korte termijn actie is geboden en korte termijn resultaten zijn vereist. De eerste mijlpaal voor het actieplan Veerkracht is 1 juli 2021, wanneer de Tozo ten einde komt en ondernemers die tegen die tijd nog niet boven de bijstandsnorm verdienen aangewezen zijn op de P-wet of het Bbz. Het streven is dat zoveel mogelijk zelfstandig ondernemers dan weer in het eigen levensonderhoud kunnen voorzien. Daarbij gaan we met dit programmaplan voor duurzame resultaten. Als de verwachting is dat het herstructureren van het eigen bedrijf, zonder dat dit direct inkomen oplevert, op lange termijn meer rendement geeft dan het aanvaarden van een tijdelijke baan, dan creëren we die ruimte.
Vraaggericht, niet vraaggestuurd Alleen al het feit dat de Tozo geen wettelijke re-integratieplicht kent maakt dat ondersteuning alleen geboden wordt aan zelfstandigen die dat willen. Indien zelfstandigen van dienstverlening gebruik maken is dit echter niet vrijblijvend. Ook als de Tozo afloopt bieden we geen dienstverlening aan waar geen behoefte aan is. Het is echter ook niet zo dat alle dienstverlening waar wel behoefte aan is aangeboden wordt. De dienstverlening moet leiden tot het realiseren van de doelstelling van dit actieplan. De gemeente onderzoekt samen met de ondernemer wat het beste toekomstperspectief is en welke dienstverlening hierbij hoort. De ex-ante behoefte van de ondernemer is het startpunt voor onderzoek. De ex-post behoefte (na onderzoek) is het startpunt voor verdere dienstverlening. Aldus wel vraaggericht, maar niet vraag gestuurd.
Actieplan ‘Veerkracht’
7
Gebiedsgerichte toegang Analyses over de inkomenssituatie en kansen op de arbeidsmarkt voor getroffen zelfstandigen zullen op zowel stedelijk en regionaal niveau als op het niveau van de gebieden moeten worden gemaakt. Wanneer deze analyses uitwijzen dat in bepaalde gebieden actie nodig is, aanvullend op de stedelijke aanpak zoals beschreven in dit actieplan zal dit via de reguliere (bestuurlijke) besluitvormingslijnen worden geadresseerd. In de begroting bij dit actieplan worden daarvoor geen extra middelen gereserveerd. Uitzondering hierop vormen de ondernemersadviespunten in de stadsdelen die op verzoek van diverse stadsdelen versneld en breder zullen worden uitgerold. Zie hiervoor paragraaf 5.4. Vanwege de coronamaatregelen wordt de dienstverlening die in dit actieplan wordt uiteengezet voor een groot deel op afstand geleverd met digitale middelen. Zodra het weer mogelijk wordt, zullen, met name voor de de-escalatie route die in hoofdstuk 5 wordt beschreven, zoveel als mogelijk de fysieke kanalen weer worden geopend. Niet alleen via de ondernemersadviespunten, maar ook via de maatschappelijke dienstverlening (MaDi’s) en de buurtteams.
1. Binnen het startproces werken we aan minder instroom en een snellere uitstroom door in de eerste zes maanden na aanmelding direct te matchen. 2. Het reguliere proces naar werk en participatie richten we nog effectiever in (in 1x goed). 3. In de Cohortaanpak worden alle mensen die gebruik maken van de activerende dienstverlening opnieuw gesproken over hun kansen op werk, met als doel dat meer mensen die langdurig een bijstandsuitkering ontvangen uitstromen naar werk.
Amsterdamse Agenda armoede en schulden 2019 – 2022 & Plan van aanpak werkende minima In de Amsterdamse Agenda armoede en schulden ligt de focus op het voorkomen van financiële problemen en het creëren van toekomstperspectief, zowel voor Amsterdammers met een uitkering als voor werkende minima, waaronder ondernemers. Door het oplossen van financiële problemen ontstaat rust en ruimte om te werken aan de toekomst. Om door corona getroffen ondernemers succesvol richting (nieuw) werk te begeleiden is de aanpak van schulden en armoede dan ook essentieel. De schuldhulp verlening aan ondernemers is om die reden recentelijk geïntensiveerd.
Een veerkrachtige aanpak Vanwege de uitzonderlijke aantallen en de ongekende nieuwe economische onzekere realiteit, zullen we bij de uitvoering van het actieplan in de praktijk steeds blijven experimenteren met aanpakken, instrumenten en benaderingswijzen. Deze aanpak kenmerkt zich door een iteratief proces, waarbij kort-cyclisch en op basis van monitoring steeds gepeild wordt of de aanpak aansluit bij de doelgroep. We zullen samen met de zelfstandig ondernemers, de verschillende afdelingen binnen de gemeente én externe partners onze aanpak de komende jaren steeds verbeteren en optimaliseren.
1.4 Bestuurlijk kader In de inleiding van het geactualiseerde begrotingsakkoord Samen Sterker uit de crisis staat het volgende: In Amsterdam werken heel veel mensen in flexibele arbeidsrelaties die in moeilijke tijden te weinig zekerheid bieden. Dit is gebleken uit de tienduizenden zzp’ers die een aanvraag voor de Tozo-regeling hebben gedaan [..] Ondernemers willen we waar dat kan en zinvol is, ondersteunen. Want een bedrijfsbeëindiging of faillissement is niet alleen een persoonlijk drama. Het heeft negatieve gevolgen voor de werkgelegenheid en is van invloed op het verdienvermogen van de stad in de toekomst. Het actieplan Veerkracht geeft niet alleen uitvoering aan deze ambitie, maar sluit, zo zal in hoofdstuk 5 blijken, ook aan op diverse andere ambities uit het coalitieakkoord, zoals. Extra investering in vroegsignalering van schulden en schuldhulpverlening Transitie naar een diverse economie Investeren in om- en bijscholing Daarnaast is het actieplan vormgegeven binnen de context van de volgende bestuurlijke opdrachten, die het zoveel als mogelijk versterkt of versneld:
Meer Kans op Werk Het actieplan Veerkracht levert een belangrijke bijdrage aan de ambitie van Meer Kans op Werk om instroom uit de uitkering zoveel mogelijk te beperken en uitstroom te versnellen. De focus is sinds de coronacrisis komen te liggen op het naar werk begeleiden van Amsterdammers die binnen een jaar aan het werk kunnen. De reeds ingezette aanpak wordt voortgezet en op basis van de ontwikkelingen aangepast. Deze bestaat uit de volgende elementen: 1.
8
Actieplan ‘Veerkracht’
Het college stelt zich tot doel om werkende minima perspectief te bieden en te helpen om hun inkomen te verhogen en hun maatschappelijke positie te verbeteren De groep bestaat uit zelfstandigen, werknemers met een deeltijdbaan of seizoensbaan, oproep krachten en veel combinaties daarvan. Om de positie van minima zelfstandigen (met name zzp’ers) te verbeteren wil het college inzetten op het vergroten van de zelfred zaamheid en het bereik en de toegankelijkheid van de gemeentelijke dienstverlening. Daarnaast moet er meer focus komen op maatwerk. Door de doelgroep van dit actieplan breder te definiëren dan alleen de huidig Tozo 3 ontvangers sluiten de acties naadloos aan op de doelstellingen van het beleid gericht op werkende minima.
MBO-Agenda 2019-2023 en Uitvoeringsagenda Onderwijs & Arbeidsmarkt 2019 - 2022 Omscholing zal voor een groot deel van de door de coronacrisis getroffen zelfstandig ondernemers een cruciale rol spelen om nieuw kansen te kunnen benutten. De MBOAgenda en de Uitvoeringsagenda Onderwijs & Arbeidsmarkt 2019 – 2022 spelen hierbij een belangrijke rol. De MBO-Agenda geeft binnen de grootstedelijke context ruimte aan het mbo om aantrekkelijk, vernieuwend en toekomstgericht onderwijs aan te bieden. De ambities van de Uitvoeringsagenda Onderwijs & Arbeidsmarkt sluiten hierop aan. Deze agenda zet in op het versterken van het aanbod van goed opgeleide studenten, zij-instromers en het matchen op de vraag van de werkgevers. Vanuit beide agenda’s is de laatste jaren met verschillende innovatieve projecten geïnvesteerd in het ontwikkelen van een infrastructuur voor om-, na- en bijscholing. Publiek Private Samenwerkingen zijn een belangrijke vliegwiel en instrument om de beroepsbevolking in de regio Amsterdam duurzamer inzetbaar te maken. Zo ook de PPS Ondernemend Vakmanschap (zie kader in paragraaf 5.1), die zich richt op een passend ‘leven lang leren’ systeem voor de ondernemende vakman (niveau 4 en 5), met name zelfstandigen. Vanuit het actieplan Veerkracht zal een impuls worden gegeven aan de inrichting van deze PPS omdat een doelgroep met acute behoefte zich aanbied.
De inzet is erop gericht om leven lang leren voorzieningen te bundelen en deze onder te brengen in een Coöperatie Ondernemend Vakmanschap. Waarbij een belangrijk uitgangspunt is dat het eigenaarschap ligt bij (het collectief van) ondernemende vakmensen zelf.
Banenplan Duurzaamheid Banenplan Duurzaamheid sluit aan bij de zes banenmotoren voor duurzaam economisch herstel in Amsterdam en regio. Naar aanleiding van de impact van de coronacrisis op de economie, zet Amsterdam in op versnelde investeringen in bestaande duurzaamheids
Actieplan ‘Veerkracht’
9
programma’s die bijdragen aan werkgelegenheid en aan Amsterdamse, regionale en landelijke duurzaamheidsdoelen. Met dit Banenplan kunnen we ook de doelgroep ondernemers bedienen en de mogelijkheden voor omscholing verkennen. Het Banenplan Duurzaamheid zet concreet in om te komen tot een langdurige samenwerking tussen de branche, opleidingsinstituten en grote investeerders in de verduurzaming van Amsterdam. Alle grote investeringen worden ingezet op een duidelijke sociale paragraaf die kansen creëert voor Amsterdammers die instromen vanuit onderwijs, ander werk of een uitkering. Bij de doelgroep ondernemers zal op basis van werkervaring, behoefte en eigen wensen verkend worden of de duurzaamheidsector toekomstperspectief biedt.
Arbeidsmarktbeleid Evenals de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) in 2017 en de Commissie Borstlap in 2019 spreekt de coalitie in de Amsterdamse gemeenteraad in haar akkoord Samen Sterker uit de Crisis haar zorgen uit over weeffouten van de flexibele arbeidsmarkt: De flexibele arbeidsmarkt brengt voor een groot deel van de betrokkenen risico’s met zich mee. De kans op werkloosheid is groter terwijl de toegang tot bijvoorbeeld WW kleiner is. Het risico bestaat dat mensen langdurig aan de kant komen te staan en op termijn op armoederegelingen zijn aangewezen, waardoor bestaande verschillen zich verder zullen verdiepen. [..] De crisis dwingt ons tot een fundamentele herbezinning.
Amsterdams ondernemersprogramma AOP (2019- 2022) Naar een sterke buurteconomie Het AOP programma bundelt de inzet van verschillende gemeentelijke organisatie onderdelen die bijdragen aan het ondernemersklimaat in de Amsterdamse buurten. Een sterke buurteconomie draagt bij aan de leefbaarheid, veiligheid, identiteit en sociale cohesie in de buurt. Door de coronamaatregelen is de buurt als het toneel waarop het sociaal en economisch verkeer plaatsvindt nog groter geworden. Daarom zullen een aantal acties die reeds waren voorzien onder de pijler Individueel ondernemerschap in buurten versterken van het AOP in het kader van het actieplan Veerkracht worden versneld en/of verbreed. Het gaat dan allereerst om het inrichten van de ondernemersadviespunten.
1.5 Leeswijzer Dit document is opgebouwd aan de hand van drie bouwstenen die aansluiten op de manier waarop ondernemers werken en leren: Kansen zien, Kansen onderzoeken, Kansen benutten . Het hoofdstuk ‘Kansen zien’ zoomt in op het ex-ante perspectief dat ondernemers zien om weer voldoende in het eigen inkomen te kunnen voorzien. Om deze informatie te kunnen duiden worden in dit hoofdstuk de kenmerken en volumes van de Amsterdamse groep zelfstandig ondernemers uiteengezet.
Het actieplan Veerkracht onderkent dit, maar zal de fundamentele omissies niet weg kunnen nemen. De oplossing daarvoor ligt immers in politiek Den Haag. Desondanks is het actieplan meer dan alleen symptoombestrijding. De focus op het vergroten van het Ondernemend Vakmanschap van werkenden en met name zelfstandig ondernemers loopt als een rode draad door alle actielijnen. Hierbij wordt een duurzaam effect beoogd ongeacht het tempo waarop de aanbevelingen van de Commissie Borstlap worden gerealiseerd.
Met ex-ante perspectief wordt bedoeld: het perspectief dat zelfstandigen zien voordat zij, onder meer door de gemeente, zijn geholpen bij het nader te onderzoeken van de wenselijkheid en haalbaarheid. In hoofdstuk 3 ‘Kansen onderzoeken’ worden de kansen van de doelgroep in kaart gebracht door te kijken naar de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt.
Kansenongelijkheid
Hoofdstuk 4 ‘Kansen benutten’ beschrijft hoe de gemeente Amsterdam ondernemers kan helpen het ex-post perspectief dat zij zien na onderzoek op basis van cijfers over de economie en de arbeidsmarkt te realiseren.
Een advies uit de verkenning kansen(on)gelijkheid, waartoe het college van B&W in 2019 opdracht heeft gegeven, is om zowel op korte termijn (door het verminderen van de negatieve impact) als op lange termijn (door het wijzigen van de flex-vast systematiek) te voorkomen dat de voortdurende flexibilisering van arbeid bij kwetsbare groepen leidt tot (financiële) stress, huishoudinstabiliteit en daarmee achterblijvende ontwikkeling van kinderen in het gezin.
In hoofdstuk 5 wordt de aanpak geconcretiseerd in actielijnen en acties. In hoofdstuk 6 wordt hier een begroting aan gehangen.
Speciale aandacht gaat uit naar laaggeletterdheid als oorzaak en gevolg van kansenongelijkheid. Dit is ook aan de orde bij zelfstandig ondernemers. Daarom zal worden aangesloten op het Taaloffensief dat een breed aanbod van cursussen gericht op het versterken van taal-, reken en digitale vaardigheden heeft, ook gekoppeld aan werk zoeken en werk. Dit aanbod is gratis en kan in dit kader worden ingezet voor ondernemers of hun personeel om zo hun kansen op een reguliere baan te vergroten. Voorts willen de UvA en de afdeling Ondersteuning Ondernemers van de gemeente onderzoek doen naar de vraag in hoeverre de crisis bestaande verschillen tussen zelfstandigen in Amsterdam vergroot en/of nieuwe ongelijkheden creëert en in welke mate het beleid gericht op zelfstandig ondernemers (zowel het reguliere beleid als de noodmaatregelen) deze ongelijkheden verscherpt of juist verzacht. Tot slot zal worden onderzocht welke mechanismen hieraan ten grondslag liggen. Om het onderzoek te financieren zal worden ingeschreven op een call for proposals van het Kenniscentrum Ongelijkheid.
10
Actieplan ‘Veerkracht’
Actieplan ‘Veerkracht’
11
2. Kansen zien
Meeste aanvragen in de Jordaan, Landlust en Oostelijke Eilanden
Welke kansen zien getroffen ondernemers om weer in het eigen levensonderhoud te kunnen voorzien? Het antwoord op deze vraag is het startpunt voor het opschalen en toespitsen van onze dienstverlening aan deze groep. Een positief neveneffect van de Tozo regeling is dat we de gegevens hebben van de ondernemers die hier gebruik van hebben gemaakt en we ze deze vraag kunnen stellen. Voor een grote groep hebben we dat al gedaan. De antwoorden zijn in paragraaf 2.2. weergegeven. Om deze beter te kunnen duiden en in het juiste perspectief te plaatsen wordt in paragraaf 2.1. eerst inzicht gegeven in de aantallen en kenmerken van de doelgroep. Tot slot gaat paragraaf 2.3 in op het aanreiken van relevante informatie voor de heroriëntatie van zelfstandigen op hun toekomst.
2.1
Aantallen en kenmerken
42%
van de aanvragers heeft een partner Van die partners is de helft werknemer, en een kwart werkt als zelfstandige:
Aantal Tozo 1 aanvragen minder dan 100 aanvragen
In Amsterdam is ongeveer een kwart van de beroepsbevolking zelfstandig, in aantallen spreken we daarmee over grofweg 111.000 mensen. Het overgrote merendeel hiervan heeft is zelfstandig zonder personeel, tegenover een klein aandeel met personeel of een meewerkend gezinslid. 89.200 worden volgens (fiscale) wetgeving gezien als ondernemers omdat zij meer dan 24 uur per week werkzaam zijn in hun eigen bedrijf. Deze zelfstandigen komen in aanmerking voor de Tozo als hun (gezins)inkomen daalt onder de bijstandsnorm. Van deze mogelijkheid heeft bijna de helft tot op heden gebruik gemaakt. Gezien deze verhoudingen zal de dienstverlening die in hoofdstuk 5 uiteen wordt gezet zich hoofdzakelijk richten op zelfstandigen met een eenmanszaak. Zelfstandigen wiens onderneming een andere bedrijfsvorm heeft, bijvoorbeeld v.o.f. of b.v. komen ook in aanmerking. Echter, de dienstverlening richt zich primair op de bestaanszekerheid van de ondernemer en pas in tweede instantie van de onderneming. Eventuele specifieke ondersteunende acties gericht op MKB niet zijnde zzp’ers, vallen buiten de scope van dit actieplan.
werknemer
48
zelfstandige
24
100 tot 300
directeur-grootaandeelhouder
3
300 tot 500
overig actief/student
4
500 tot 700
ontvangt uitkering
7
700 tot 900
overig zonder inkomen
900 en meer
%
13 0
10
20
30
40
50
Afbeelding 2: Verdeling Tozo aanvragen per stadsdeel
Afbeelding 2 toont de verdeling van de Tozo aanvragen per stadsdeel. De kwantitatieve dataverzameling door onderzoeksbureau It’s Public geeft bovendien inzicht in de sectorverdeling van zelfstandigen, waarbij de sectoren taxi, horeca en cultuur in het oog springen.
Cultuur, taxi en horeca het zwaarst getroffen
Hoeveel Amsterdammers werken als zelfstandige? 12.000 onderwijsvolgend (13%) 111.000 zelfstandigen (24%)
94.000 zzp (21%) 15.000 zmp (3%)
2.000 meewerkend gezinslid (<1%)
Uit de sectorverdeling op de volgende pagina van de Tozo aanvragers valt het herkenbare patroon af te lezen dat de meeste Tozo aanvragen afkomstig zijn van de sectoren die het zwaarst zijn getroffen door de corona maatregelen: horeca, taxi en cultuur. In dit actieplan wordt speciale aandacht geschonken aan getroffen zelfstandigen in deze sectoren. Verder valt op dat nadere analyse nodig is om de categorieën ‘Overig’ en ‘Dienstverlening’ beter te kunnen duiden. Wellicht geeft dit aanleiding om meer focus sectoren aan te wijzen.
82.000 niet onderwijsvolgend (87%)
89.200
zelfstandigen werken 24 uur of meer en maken bij inkomensterugval aanspraak op tozo 1.
469.000
werkzame Amsterdammers
360.000 loondienst (76%)
Afbeelding 1: Aandeel zelfstandigen Amsterdamse beroepsbevolking
12
Actieplan ‘Veerkracht’
Actieplan ‘Veerkracht’
13
Tozo-aanvragers zijn actief in divers pallet aan branches in de Amsterdamse economie – hoogste verleng-% in cultuur, taxi & horeca Overzicht Tozo-aanvragen Amsterdam naar branche (inclusief enkele dubbele aanvragen, excl. ingetrokken aanvragen) = Nieuw Branche
= Verlenging % verlenging
Tozo-aanvragen bij gemeente Amsterdam Tozo 1
Overig
Cultuur
Tozo 2
3.829
9.359 4.782
Verzorgend beroep
4.655 2.969
Bouw
4.391 2.110
Tozo 1
129
48%
2.239
1.958 853
44%
917
Tozo 1
1.886
22%
467
Tozo 1 Tozo 2
64%
62 3.031
Tozo 1
Tozo 2
40%
312 3.263
2.951
Tozo 1
Tozo 2
1.665
35%
682
Tozo 1 Tozo 2
51%
5.108 7.287
Tozo 2 Detailhandel
326
Tozo 1
Tozo 2 Horeca
41%
347 4.176
Tozo 1
Tozo 2 Taxi / vervoer
document
9.391
Tozo 2 Dienstverlening
Focus in dit
43.746 19.752
1.523
45%
21.275
Afbeelding 3: Sectorverdeling getroffen zelfstandigen
Het is belangrijk om te beseffen dat de terugloop van aantallen aanvragen van Tozo 1 naar Tozo 2 mede te verklaren is door de toets op het partnerinkomen die bij Tozo 2 is geïntroduceerd. Het is niet gezegd dat afvallers weer voldoende winst uit het eigen bedrijf halen.
14
Actieplan ‘Veerkracht’
Actieplan ‘Veerkracht’
15
2.2 Ex-ante perspectief en ondersteuningsbehoefte van ondernemers
Hoe kijkt u op dit moment aan tegen uw toekomst als ondernemer?
Bent u van plan om een baan in loondienst te zoeken?
Observaties
Observaties
Aan de 36.000 ondernemers die Tozo 1 hebben ontvangen is gevraagd of zij behoefte hebben aan ondersteuning vanuit de gemeente anders dan de Tozo. Van de 32.612 zelfstandig ondernemers die hebben gereageerd geeft 32% (10.448) aan behoefte te hebben aan ondersteuning. Onderstaande tabel geeft weer hoe de behoefte is verdeeld. Als we deze informatie extrapoleren naar de totale doelgroep (36.000 winstverklaringen), is te verwachten dat grofweg 11.500 ondernemers ondersteuning nodig hebben. Mogelijk neemt dit aantal toe gezien de maatregelen in het najaar en de te verwachten economische gevolgen hiervan. Deze voorlopige resultaten geven hieronder een beeld van de te verwachten aantallen voor het opschalen van de dienstverlening. Hieronder wordt nader inzicht geboden in de ondersteuningsbehoefte van de zelfstandigen. Zelfstandige wil wel/geen ondersteuning (nog) geen ondersteuning Wel ondersteuning
Eindtotaal
Aantal
%
Zelfstandige wil ondersteuning bij
22.164
%
68%
10.448
32.612
Aantal
32%
Totaal
68% Voortzetten bedrijf
3.401
10,4%
Werk in loondienst
3.108
9,5%
Beide
3.939
12,1%
100%
10.448
100%
978
Ik heb er vertrouwen in dat ik op eigen kracht verder kan
16,9%
Met de juiste ondersteuning kom ik er weer bovenop
66,1%
Ik denk niet dat mijn bedrijf de coronacrisis zal overleven
15,4%
Ik heb mijn bedrijf al beëindigd %
% 100
Totaal
924
Ja
40,7%
Nee
59,3%
1,6%
100
Tabel 2: Indicatie ondersteuningsbehoefte o.b.v. winstverklaringsformulier
Hoe kijkt u op dit moment aan tegen 75 toekomst als 75 ondernemer? uw
Behoeften in beeld Om de behoeften van ondernemers scherper in kaart te krijgen is vanaf 2 oktober naar de ondernemers met behoefte aan ondersteuning een intakeformulier verstuurd. De resultaten moeten worden bezien in het perspectief van de situatie op dat moment. De vragenlijst levert desondanks interessante inzichten op die in dit actieplan op hoofdlijnen uiteen worden gezet. Deze voorlopige inzichten worden gebruikt om de dienstverlening gericht op te schalen en te intensiveren. Allereerst valt op dat een meerderheid denkt er met de juiste ondersteuning bovenop te komen, tegenover een minderheid die op eigen kracht verder kan of denkt zijn of haar bedrijf niet te redden. Daarnaast bevestigen de resultaten de bereidheid van zelfstandigen voor een baan in loondienst, al dan niet naast het voortzetten van hun onderneming. Daarnaast hebben de bevraagde zelfstandigen overwegend ruime ervaring als ondernemer, grofweg de helft werkt meer dan 10 jaar als zelfstandige. Als het gaat om het voortzetten van hun onderneming hebben ondernemers met name behoefte aan ondersteuning bij financiën, marketing en netwerken. Bij het werk in loondienst worden ondernemers het liefst geholpen met bemiddeling, omscholing en loopbaanadvies. Tot slot, wat betreft vorm hebben ondernemers een sterke voorkeur voor persoonlijke één-op-één ondersteuning en staan ze open voor digitale ondersteuning.
% 100 50
50
75 25
25
50 0
25
0 Mijn bedrijf weer zo Mijn bedrijfMijn weer inkomen zo aan te Mijn inkomen Mijn aan bedrijf te (tijdelijk) Mijn te bedrijfAnders, (tijdelijk)namelijk: te snel mogelijk net zo snel mogelijk vullen net naast zo de vullen naastbeëindigen de beëindigen goed of beter laten goed of beter inkomsten laten uit mijn inkomsten uit mijn draaien dan vóór de draaien dan bedrijf vóór de bedrijf coronacrisis coronacrisis
Anders, namelijk:
0 Mijn bedrijf weer zo snel mogelijk net zo goed of beter laten draaien dan vóór de coronacrisis
Mijn inkomen aan te vullen naast de inkomsten uit mijn bedrijf
Mijn bedrijf (tijdelijk) te beëindigen
Anders, namelijk:
Observaties Totaal
938
Afbeelding 4: Inzichten toekomstperspectief uit intakeformulier
16
Actieplan ‘Veerkracht’
Actieplan ‘Veerkracht’
17
Zoals te zien in onderstaande afbeelding wordt het coaching- en scholingsaanbod op het platform gepresenteerd aan de hand van een drietal leerpaden, die deels overlappen met de routes die in hoofdstuk 4 van dit actieplan worden gepresenteerd. Het platform moet ook ruimte bieden voor aanbod dat niet vanuit de gemeente Amsterdam wordt georganiseerd of bekostigd. Het platform zal daarom op afstand van de gemeente Amsterdam worden geëxploiteerd. Doel van het platform is niet alleen om ondernemers te informeren over relevante ontwikkelingen en het geven van een overzicht van leer- en ontwikkelaanbod om uit de crisis te komen, maar om hen te stimuleren en te faciliteren richting een leven lang leren.
3. Kansen onderzoeken In dit hoofdstuk worden de kansen van door de coronacrisis getroffen zelfstandigen in kaart gebracht door te kijken naar de te verwachten ontwikkelingen in de Amsterdamse economie en arbeidsmarkt. Hiertoe is een opdracht uitgezet bij adviesbureau It’s public waarbij specifiek is gekeken naar de reële kansen van de zelfstandigen die Tozo (hebben) ontvangen. De kernpunten uit het onderzoek zijn in dit hoofdstuk weergegeven.
3.1
Vooruitzichten meest getroffen sectoren
Vooruitzichten op korte termijn vooralsnog negatief Onderstaand is in kaart gebracht wat de huidige vooruitzichten op de korte termijn zijn voor de sectoren die tot op heden het zwaarst zijn getroffen. Dit om te bepalen in welke sectoren zelfstandigen het langdurig moeilijk zullen hebben. Helaas is de conclusie dat het perspectief negatief is voor vrijwel alle sectoren met een hoog aantal Tozo aanvragen. Volgens prognoses van de Rabobank daalt de omzet in de sectoren taxi/vervoer (-23%) en horeca (-20-70%) sterk. Voor de cultuursector is geen omzetprognose beschikbaar, maar het percentage opdrachten dat uitgesteld wordt tot 2021 (39%) laat zien dat de omzet hier ook nog steeds significant minder zal zijn in de rest van 2020 en begin 2021. Deze vooruitzichten zijn nog gebaseerd op de restricties zoals die bestonden voor 29 september. Vanaf die dag zijn extra, striktere corona maatregelen ingegaan en zullen de vooruitzichten zwaarder geworden zijn. Zie de volgende pagina voor een overzicht van de krimpsectoren.
Bedrijven worden door overheidsmaatregelen nog tijdelijk staande gehouden Het is belangrijk te vermelden dat veel bedrijven (die ook zelfstandigen inhuren) nog gesteund en of overeind worden gehouden door overheidsmaatregelen zoals de Tozo en NOW regelingen. Zodra deze aflopen dan wel beperkter toegekend worden, kunnen zelfstandigen nog een extra klap krijgen. Zoals in de inleiding van dit actieplan al werd aangegeven is het beroep op deze overige maatregelen in Amsterdam relatief groot ten opzichte van de rest van het land. Van de NOW 1.0 en 2.0 (tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkgelegenheid) hebben tot begin oktober opgeteld 21.670 bedrijven gebruik gemaakt. Dat is ruim 15% van alle bedrijven in Amsterdam, tegenover respectievelijk 14%, 13% en 11% in Rotterdam, Utrecht en Den Haag. Dezelfde cijfers zijn te zien bij de door de RVO uitgevoerde Tegemoetkoming schade COVID-19 (TOGS) en diens opvolger Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL): in Amsterdam heeft ruim 18% van de bedrijven van deze regelingen gebruik gemaakt (tegenover respectievelijk 15%, 14% en 12% in Rotterdam, Den Haag en Utrecht).
Afbeelding 5: startpagina platform Onderneemvaardig
18
Actieplan ‘Veerkracht’
Actieplan ‘Veerkracht’
19
WW hebben het blijvend moeilijk komende tijd, met name cultuur, taxi en horeca
Sterke krimp (>10%)
Overzicht effecten en expertinschatting vooruitzichten op korte termijn o.b.v. restricties Branche
Overig
Vooruitzicht met huidige restricties*
Observaties van effecten coronacrisis
-
Lichte krimp (0-10%)
Lichte groei (0-5%)
Omzetprognoses nationaal (vs. zelfde periode 2019)
-
Cultuur
Musea’s hebben in juni 77% minder bezoekers t.o.v. vorig jaar (A’dam & partners) Verschillende culturele instellingen (bv. theaters) hebben verminderde capaciteit Sommige instellingen (bv. poppodia) zijn gesloten en evenementen/festivals niet mogelijk
39% van de opdrachten uitgesteld tot 2021 (Survey on stage)
Dienstverlening
Beperkt effect (in eerste instantie veel opdrachten voor zelfstandigen geannuleerd en teruggetrokken, nu echter veelal weer hersteld)
Voor meeste subsectoren een omzetdaling van 0-5% in Q1 2021 (Rabo)
Taxi / vervoer
In juli had 53% van de taxichauffeurs nog steeds vrijwel geen werk (TaxiPro)
-23% in Q1 2021 (Rabo)
Horeca
Gemiddelde kamerbezetting hotels in juni 40% (A’dam & partners) 61% ondernemers geeft aan niet rendabel te kunnen ondernemen (Misset Horeca)
Hotels -20% in Q1 2021 (Rabo) Restaurants -50% in Q1 2021 (Rabo) Cafés -70% in Q1 2021 (Rabo)
Detailhandel
Winkelstraten kunnen slechts 15-20% van het normale winkelend publiek aan met 1,5 m afstand (Goudappel Coffeng) Winkels zelf hebben ook maar ruimte voor beperkt aantal klanten
Voor meeste subsectoren 3-10% omzetverlies, echter omzet online detailhandel neemt toe (+20%) in Q1 2021 (Rabo)
Verzorgend beroep
Bouw
Meeste subsectoren geen of 1% groei (Rabo) Hogere groei bij huisartsen (6%), ziekenhuizen (5%) en medisch specialisten (4%) in Q1 2021
-
Afhankelijk van subsector 2-4% omzetdaling in Q1 2021 (Rabo) Vooral minder investeringen in bedrijfsgebouwen
Kans op vertraging projecten door uitval arbeidskrachten (ziekte en terugkeer naar land van herkomst) Uitstel verwacht van niet-urgent onderhoud
Afbeelding 7: Vooruitzichten krimpsectoren
20
Actieplan ‘Veerkracht’
Actieplan ‘Veerkracht’
21
3.2 Kansen voor getroffen zelfstandigen Om getroffen zelfstanden zo goed mogelijk te kunnen begeleiden is het essentieel om in kaart te brengen waar voor hen kansen liggen. Om deze kansen te identificeren is onderzocht welk type werkzaamheden/functies per sector het meest voorkomt en waarschijnlijk door hen zelfstandingen worden vervuld. Voor deze functies is daarna geanalyseerd waar de meeste overlap in vaardigheden bestaat met beroepen in andere sectoren. De matching die dit oplevert is vervolgens gefilterd op basis van krapte en kansrijkheid op de arbeidsmarkt, waardoor alleen de beroepen overblijven waar een sterke match op vaardigheden bestaat en ook daadwerkelijk vacatures zijn.
Tenslotte is in kaart gebracht wat de vereiste opleiding/omscholing en het gemiddeld salaris is voor deze beroepen, en of er andere vereisten of belemmeringen zijn die de match positief of negatief beïnvloeden. Onderstaand overzicht geeft het resultaat van deze analyse: de top-3 kansrijke en matchende beroepen op basis van vaardigheden per geraakt beroep. Tezamen beslaan deze beroepen naar schatting 80% van de Tozo aanvragers in de meest getroffen sectoren horeca, taxi en cultuur. Zoals weergegeven zijn er voor elk kansrijk beroep (waarvan informatie beschikbaar is) minimaal 100 vacatures in Groot-Amsterdam. In het onderzoeksrapport van It’s public zijn detail overzichten waarin nog meer matchende beroepen staan. Hieronder is een voorbeeld gegeven voor auteurs en taalkundigen.
Overzicht – Kansrijke en matchende beroepen (o.b.v. vaardigheden) voor ~80% van Tozo-zelfstandigen in cultuur, taxi en horeca niet bekend
geen beoord.
significant lager
niet mogelijk
onbetaald
lager
belemmeringen
geen/betaald
hoger
mogelijk
Matches geraakte-kansrijke beroepen op basis van vaardigheden, Groot-Amsterdam
Schatting aantallen in Tozo 2
1
Geraakte beroepsgroepen
10.378
19%
29%
17%
34%
Beroepen (in cultuur- en horecabranche) onbekend
Cultuur
Indic. % zzp
Vacatures3
Taxichauffeurs
Vrachtwagenchauffeur (31) Transportplanner/logistiek medewerker (25) Bediener mobiele machines (15)
8% 4% 13%
300 1.000 100
Kelners & barpersoneel
Machinebediener voedselproductie (33) Productcontroleur (24) Productiemedewerker industrie en bouw (22)
4% 6% 5%
100 100 200
Koks
Machinebediener voedselproductie (55) Productcontroleur (37) Productiemedewerker industrie en bouw (29)
4% 6% 5%
100 100 200
Bedrijfsleiders horeca
Bedrijfsleider/medewerker winkel (17) Manager zorginstelling of wooncomplex (11) Transportplanner/logistiek medewerker (9)
46% 11% 4%
100 1.000
Medewerkers fastfood/snackbar
Bedrijfsleider/medewerker winkel (58) Commercieel vertegenwoordiger (36) Productiemedewerker industrie en bouw (26)
46% 17% 5%
100 600 200
Uitvoerend kunstenaars
Manager zorginstelling of wooncomplex (19) Zoekmachineoptimalisatie (SEO) expert (16) Leerkracht basisonderwijs (8)
11% 17% 4%
100
Beeldend kunstenaars
Bouwarbeider ruwbouw (17) Tekenaar bouw (9) Metaalbewerker/constructiewerker (11)
40% 11% 12%
100 100 100
Auteurs en taalkundigen
Zoekmachineoptimalisatie (SEO) expert (31) Adviseur/analist ICT (14) Energiedeskundige residentiële gebouw. (14)
17% 16% -
100 -
Taxi
Horeca
Match op basis van vaardigheden2
Opleiding
Salaris
Expertbeoord.
Afbeelding 8: Kansrijke sectoren en beroepen
22
Actieplan ‘Veerkracht’
Actieplan ‘Veerkracht’
23
Vaardigheden van auteurs en taalkundigen komen vooral overeen met vaardigheden SEO-experts, ICT-adviseurs en energiedeskundigen Meest kansrijke beroepen in Groot-A’dam voor beroepsgroep o.b.v. vaardigheden, vacatures/krapte, opleiding, uurloon en expertbeoordeling
Auteurs en taalkundigen
~600 Tozo 2-aanvragen (inschatting)
Vacatures & spanning1
Beroep
Matchende vaardigheden
Zoekmachineoptimalisatie (SEO) expert
Creatieve ideeën ontwikkelen Geschreven inhoud aanbieden Publicatiestrategie Ontwikkelingsprocessen voor inhoud Strategie voor contentmarketing
Adviseur/analist ICT
Technische documentatie aanleveren Technische teksten interpreteren Vereisten concepten vertalen naar visueel ontwerp Wetenschappelijk onderzoek uitvoeren Creatieve ideeën ontwikkelen
Energiedeskundige residentiële gebouwen
Behoeften van klanten identificeren Contracten beheren Een professioneel netwerk ontwikkelen Contacten leggen met regeringsfunctionarissen Marktonderzoek uitvoeren
Controller
Onderwerpen bestuderen Projectbeheer uitvoeren Adviestechnieken gebruiken Een professioneel netwerk ontwikkelen Wet interpreteren
Leerkracht basisonderwijs
Grammatica Talen onderwijzen Schrijfonderricht Onderwijsstrategieën toepassen Spelling
25/uur
Opleiding
Uurloon
Expertbeoordeling
5,5
Kan d.m.v. zelfstudie
24
Meestal ervaring/referenties gevraagd
100 5,5
Opleiding intern of zelfstudie
29
Ervaring (in ICT-werk) is vaak vereist. Nu geen tijd om mensen op te leiden. Omscholingstrajecten liggen stil
24
Ervaring (in soortgelijke rol) is vaak vereist
24
Minimaal hbo-diploma vereist, (veel) hogere werkdruk en minder vrijheid
Niet bekend
Niet bekend
3,7
2,6
2,7
100
100
Opleiding intern of zelfstudie
-
Zijinstroom van 2 jaar (betaald)
Afbeelding 9: Vaardigheden
Het is interessant om te zien dat er voor auteurs en taalkundigen twee beroepen uit de IT-sector (waar nog steeds of zelfs meer kansen zijn sinds de coronacrisis) matchen. Daarnaast matcht er ook een beroep (energiedeskundige) waarbij de arbeidsvraag profiteert en waarschijnlijk nog verder groeit door de energietransitie. Uiteraard zal lang niet elke getroffen zelfstandige daadwerkelijk willen overstappen naar werk in een andere sector. Bovendien zal een aantal zelfstandigen moeite hebben om werk in loondienst te aanvaarden. Er is geen data beschikbaar over de mogelijkheid om de kansrijke beroepen als zelfstandige uit te voeren.
24
Actieplan ‘Veerkracht’
In de praktijk moeten belemmeringen worden weggenomen voor daadwerkelijke matching Naast de theoretische matches op basis van verwante beroepen en aantal vacatures zijn er belemmeringen waarmee rekening gehouden moet worden. Deze kunnen liggen op het terrein van een lager salaris (zie kader Taxi, pagina 16) of gebrek aan ervaring of vereiste referenties. De aard van het werk kan ook zo anders zijn dat Tozo aanvragers het kansrijke werk in de praktijk niet bevredigend zullen vinden of mogelijk niet lang zullen volhouden. Denk aan horecapersoneel dat veel sociale interactie gewend is, waarvoor machinebediener in de voedselproductie op skills basis een best-passende match is. Ook is er soms, ondanks de match in vaardigheden, een mismatch tussen het gevraagde basisniveau aan opleiding (van mbo tot hbo/wo) en het gemiddeld behaalde niveau van Tozo aanvragers. Het goede nieuws is dat, los van basisopleiding, er voor bijna alle kansrijke beroepen geen specifieke opleiding nodig is of een opleiding die (deels) betaald dan wel intern of on-the-job gedaan kan worden.
Actieplan ‘Veerkracht’
25
3.3 Leren uit ervaring
Focus op culturele sector De kunst- en cultuursector van Amsterdam wordt hard getroffen door de coronacrisis en de genomen maatregelen van het kabinet om het Covid-19 virus in te dammen. Instellingen zijn gesloten, opdrachten zijn geannuleerd of opdrachtgevers zitten zelf in de financiële problemen. Omzetten lopen sterk terug. Het werk van veel kunstenaars, creatieven – vaak zelfstandigen - binnen de cultuursector is daarmee verdwenen. Deze groep behoort daarom niet onverwacht tot de hardst geraakte en de vooruitzichten zijn niet goed, met verwachte omzetdalingen van minimaal 20% in het eerste kwartaal van 2021.
De potentiële sterke groei van de doelgroep zelfstandigen vereist een andere en nieuwe werkwijze en organisatie om deze groep goed en effectief te begeleiden. Naast voorgaande analyses naar de behoeften en kansen, is de afgelopen periode ook de nodige praktijkervaring opgedaan. Zo is naast de afhandeling van Tozo aanvragen, in oktober ook het Switch- en Tozo-Taxi project gestart om praktische ervaring op te doen met bemiddeling van zelfstandigen en daar lessen uit te trekken. De resultaten en inzichten uit deze projecten valideren de behoeften van zelfstandigen en gebruiken we bij het doorontwikkelen van de ondersteunende dienstverlening vanaf januari 2021.
project Switch De gemeente ontwikkelt een brede aanpak voor het behoud de werkgelegenheid van kunstenaars en creatieven en andere professionals die in de cultuursector werkzaam zijn. Als binnen de sector zelf (tijdelijk) geen kansen liggen, wordt naar andere sectoren gekeken. Uit analyse van publieke data blijkt dat de opleidingsachter gronden van culturele beroepen weinig directe aanknopingspunten bieden voor werkzaamheden in andere sectoren; slechts een klein deel heeft een opleiding in andere richtingen behaald. Een skills benadering biedt echter weldegelijk mogelijkheden om professionals uit de cultuursector tot hun recht te laten komen in andere sectoren, zowel via direct bemiddeling als door het aanbieden en toegankelijk maken van opleidingstrajecten. Hierbij wordt onder andere gekeken naar de bouw, de maakindustrie, onderwijs en ICT. De verbindingen worden gelegd tussen de klant, de werkgevers via het WSP, het RWC en het UWV, zowel binnen Amsterdam als de regio. Zelfstandigen zijn bij deze aanpak uiteraard net zo goed een doelgroep als professionals met andersoortige dienstverbanden. Als we kijken naar de populatie Tozo aanvragers gaat het met name om uitvoerend (podiumkunsten) en beeldend kunstenaars, en auteurs/taalkundigen. Deze zelfstandigen bevinden zich relatief vaker in oudere leeftijdsgroepen en hebben veelal een hoog opleidingsniveau.
In 2017 en 2018 heeft de afdeling Ondersteuning Ondernemers samen met de stichting Cultuur+Ondernemen op verzoek van onder andere het ministerie van Sociale Zaken en Werkegelegenheid een programma opgezet om het ondernemerschap van creatieven onder de naam Het Fundament. De evaluatie van dit programma toonde aan dat een groot deel van den deelnemers aan het programma een inkomensgroei realiseerde. Als onderdeel van het beleid gericht op werkende minima zou Het Fundament in 2020 worden herhaald. Dit is door de Coronacrisis niet van de grond gekomen. In 2021 en 2022 zal het programma geïntensiveerd worden uitgevoerd.
26
Actieplan ‘Veerkracht’
Het project Switch is gericht op de bemiddeling naar werk in loondienst. Dit project heeft als doel inzicht te krijgen in de behoefte(n) en ondersteuningsvragen van zelfstandig ondernemers, zodat op basis daarvan goed wordt begeleid naar een baan. Het project richt zich op zelfstandigen die bij de gemeente hebben aangegeven te willen stoppen met ondernemerschap en begeleid willen worden naar een (bij)baan. Het Switchproject loopt in principe tot eind 2020. In een projectvoorstel zijn de concrete doelstellingen en resultaten van het project beschreven.
Afbeelding 10: Switchproject
Pilotproject Tozo-Taxi Omdat zoals eerder aangegeven de taxibranche hard is geraakt. Om het verwachte grote aantal zelfstandigen uit deze branche te kunnen ondersteunen is het pilotproject TozoTaxi gestart. Het doel van dit project is om op korte termijn taxichauffeurs naar ander werk te begeleiden en om te leren van deze ervaring. Met het project worden drie belangrijke doelstellingen gediend: het voorkomen van bijstand, het tegengaan van overcapaciteit en het verminderen van risico’s voor openbare orde en veiligheid. Zo draagt het project bij aan het wegnemen van spanningen en het realiseren van een gezonde taxibranche. De aanpak van het pilotproject kenmerkt zich door directe één-op één bemiddeling. Daarnaast wordt in nauwe samenwerking met het project Switch en het Regionaal Werkcentrum ingezet op omscholingstrajecten en heroriëntatie van de doelgroep. Het pilotproject loopt tot ten minste eind juni 2021.
Actieplan ‘Veerkracht’
27
4. Kansen benutten
Focus op taxichauffeurs Vanuit het Tozo-taxi project worden sinds augustus de eerste chauffeurs op weg geholpen naar ander werk. Dat gebeurt zowel via directe bemiddeling als door het aanbieden en toegankelijk maken van opleidingstrajecten. Hierbij worden de verbindingen gelegd tussen de klant, de werkgevers via het WSP, het RWC en het UWV, zowel binnen Amsterdam als de regio. Taxi chauffeurs maken niet makkelijk de overstap naar duurzame betaalde banen. Zo lijkt het lagere salaris bijvoorbeeld een grote drempel te zijn om in andere beroepen aan de slag te gaan, zoals voor de hand liggende beroepen in de transportsector. Omwille van zekerheid of uit noodzaak kiest desondanks een deel van de taxi chauffeurs eieren voor hun geld. Dan zijn er echter vaak nog belemmeringen met betrekking tot de juiste papieren. Daarom is in samenwerking een pilot gestart om chauffeurs hun zogeheten “code 95” te laten halen zodat zij met hun grootrijbewijs de kans op een duurzame baan in de transportsector aanzienlijk vergroten. Een andere belemmering voor zelfstandigen in de taxibranche is de restschuld die achterblijft na het (noodgedwongen) beëindigen van de activiteiten als chauffeur.
Zo meldde zich onlangs een chauffeur die iedere maand €2.500 aan leasekosten maakt voor zijn elektrische auto en door vroegtijdige beëindiging van dit leasecontract vanwege het ontbreken van klanten met een enorme restschuld achterblijft. De inzet is om met deze en andere interventies de mismatch tussen opleiding en skills van klanten enerzijds en de vraag vanuit werkgevers anderzijds zo veel mogelijk te verkleinen. Dit helpt de chauffeurs, maar ook zeker de werkgevers in de sectoren waar structurele tekorten zijn in gekwalificeerd en gemotiveerd personeel. Gezien de verwachte toestroom in de komende maanden is het Tozo-taxi project in nauwe samenwerking met project Switch de dienstverlening stapsgewijs verder aan het professionaliseren. De kansen worden voor de taxichauffeurs vooral gezocht bij transport, logistiek en techniek.
In hoofdstuk 2 is een beeld geschetst van de achtergrondkenmerken en de kansen die de Tozo ondernemers voor zichzelf zien. In 3 hoofdstuk is beschreven welke kansen en bedreigingen de arbeids-/ondernemersmarkt biedt. In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe op basis van de kansen die Tozo ondernemers zien en de kansen die de arbeidsmarkt biedt, we kunnen komen tot een dienstverlening die ertoe leidt dat zoveel mogelijk Tozo ondernemers zo snel en zo duurzaam mogelijk weer in het eigen levensonderhoud kunnen voorzien. We maken daarbij onderscheid in drie routes die zowel in elkaars verlengde kunnen liggen als parallel kunnen worden doorlopen. Het betreft 1. De de-escalatie route, 2. De route naar een (bij-)baan in loondienst en 3. De route naar vergroting/herstel van het inkomen uit de eigen onderneming. Voorafgaand aan de routes vindt triage plaats, variërend in intensiteit per zelfstandige. Het opschalen en toespitsen van de dienstverlening vindt per route gedifferentieerd plaats. Tussentijds kan de ondernemer indien nodig/gewenst wisselen van route.
De-escalatie route Voorkomen problematische schuldenlast, werkeloosheid personeel, geestelijke nood
Informeren, toegang organiseren, triëren
Loondienst route Bemiddeling naar een (bij-)baan
Opschalen, toespitsen dienstverlening
Ondernemers route Vergroten van het inkomen uit de onderneming
Proces en organisatie Afbeelding 11. Differentiatie routes
4.1
De-escalatie route
De financiële problemen die veroorzaakt worden door de coronacrisis kunnen een belemmering vormen voor het zien van toekomstperspectief. De meest voorkomende belemmering wordt veroorzaakt door problematische schulden. De praktische en psychische implicaties van het niet kunnen voldoen aan betalingsverplichtingen zijn groot, Maar ook zonder problematische schulden kan de coronacrisis zorgen voor een geestelijke toestand die verhindert dat ondernemers op een gestructureerde manier aan een nieuwe toekomst kunnen werken. Deze problemen liggen op de loer als het bedrijf beëindigd moet worden en er sprake is van doorlopende contractuele verplichtingen.
%
De de-escalatie route is gericht op het voorkomen of wegnemen van problematische schulden en/of geestelijke nood. Ondernemers die hiermee te maken hebben worden met voorrang geïdentificeerd en geholpen. Hetzelfde geldt voor ondernemers die aangeven geholpen te willen worden met problematiek rondom personeel. Niet alleen kan personeel worden gezien als een doorlopende contractuele verplichting, ook willen
28
Actieplan ‘Veerkracht’
Actieplan ‘Veerkracht’
29
we er in het geval van dreigende ontslagen zo snel mogelijk bij zijn in het kader de dienstverlening van werk naar werk. De de-escalatie route werkt niet vertragend, maar juist versnellend. Voor sommige ondernemers zal gelden dat stabilisatie noodzakelijk is voordat concrete stappen richting het herstellen/vergroten van het inkomen kunnen worden gezet. Voor andere ondernemers geldt dat deze stappen tegelijkertijd kunnen worden gezet. De dienstverlening wordt zodanig ingericht dat maatwerk kan worden geleverd.
inzicht in de levensvatbaarheid van de onderneming alleen zal worden verkregen met vrijwillige medewerking van de ondernemer. Dit zal Ondersteuning Ondernemers er niet van weerhouden om met zoveel mogelijk ondernemers te verkennen welke kansen en bedreigingen er liggen voor hun bedrijf, hoe lastig dit ook is in een tijd waarin niemand weet hoe lang bepaalde sectoren dicht blijven en hoe snel of traag zij vervolgens herstellen. Hieronder is een overzicht gegeven van de reguliere dienstverlening van de afdeling Ondersteuning Ondernemers.
4.2 De route naar een (bij)baan in loondienst Het is core business van WPI om Amsterdammers vanuit een uitkeringssituatie duurzaam naar werk te begeleiden. Daarnaast is ook de dienstverlening ‘van werk naar werk’ de afgelopen jaren steeds verder ontwikkeld. De Tozo ondernemers voor wie een (bij)baan in loondienst het beste perspectief biedt zullen, waar mogelijk, meegaan in de reguliere klantstroom. Op een paar punten zal de dienstverlening op Tozo ondernemers moeten worden toegespitst: 1. De Tozo kent geen re-integratie verplichting. Vanuit deze optiek zijn ook de ondernemers die op dit moment nog Tozo ontvangen Nuggers. Dat betekent echter niet dat ondernemers die gebruik hebben gemaakt van de Tozo regeling geen behoefte hebben aan de instrumenten die worden ingezet bij de re-integratie, integendeel. Dit vergt een andere benaderingswijze, ook met betrekking tot de vastlegging van persoonsgegevens voor het klantbeeld. Echter is het niet vrijblijvend wanneer zelfstandigen van dienstverlening gebruik maken. 2. Ondernemers, ook degenen die een flinke afstand hebben te overbruggen richting het beoogde toekomstperspectief, zijn gewend en om zelf de regie te voeren. Ook dit vergt een aangepaste klantbenadering. 3. De werk-naar-werk benadering van het Regionaal Werkcentrum is gericht op verbinden van werkgevers met teveel personeel aan werkgevers met vacatures.
Het verbinden van deze laatste groep aan een veelheid van zelfstandig ondernemers vergt een ander soort inspanning. 4. Het vinden van bijbanen naast het voortzetten van eigen onderneming (hybride) heeft iets meer voeten in aarde dan de reguliere dienstverlening gericht op deeltijd werk. Er moet voor worden gezorgd dat de onderneming en baan niet conflicteren in tijd, energie en belang.
4.3 De route naar het vergroten/herstellen van het inkomen uit eigen bedrijf
Gemeentelijk aanbod voor ondernemers • Inkomensondersteuning en kredietfaciliteiten (Besluit bijstandsverlening zelfstandigen = Bbz) Voor ondernemers die niet (meer) in het minimum inkomen kunnen voorzien en/of een financieringsbehoefte hebben (bijvoorbeeld voor een investering of afbetaling van schulden). • Management begeleiding voor startende en gevestigde ondernemers Individuele coaching en workshops voor (startende) ondernemers met een laag gezinsinkomen. De inkomensgrens is gebaseerd op 120% van het WSM, maar kan per geval nog gecorrigeerd worden door factoren zoals aflosverplichtingen en de hoogte van de huur of hypotheek. • Schuldhulp ondernemers en ex-ondernemers Advisering bij schulden en geldproblemen. Ondernemers worden doorverwezen naar schuldhulpbureaus die hen goed kunnen helpen. • Budget coaching voor ondernemers Dienstverlening gericht op de zelfredzaamheid van ondernemers met een hoog of grillig uitgavenpatroon. • Administratieve hulp voor ondernemers De gemeente Amsterdam hulp bij het op orde brengen bij de boekhouding van gevestigde ex-ondernemers. De bedoeling is dat ondernemers leren zelf hun administratie op orde houden.