CConstaterende datWeesp
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 bij RIB 2021 63 - Werkwijze Archeologie in Amsterdam

Commissie SOB 13 april 2021, gemeente WeespBij agendapunt: Vragen naar aanleiding van Raadsinformatiebrieven374 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Werkwijze archeologie in Amsterdam Wet- en regelgeving Gemeenten hebben sinds de invoering van de Wet op de Archeologische Monumentenzorg de taak om archeologisch erfgoed zorgvuldig en vroegtijdig mee te wegen in ruimtelijke ontwikkelingen. Via de bestemmingsplannen en de omgevingsvergunning geldt daarom voor bouwontwikkelingen op archeologisch kansrijke locaties een onderzoeksplicht. Voor de uitvoering van archeologisch onderzoek is volgens de Erfgoedwet een certificaat nodig waaruit blijkt dat gewerkt wordt volgens de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie. Het onderzoek verloopt in stappen, waarbij iedere stap – van een bureaustudie tot verschillende vormen van opgravingen – wordt afgesloten met een besluit door de gemeente over het eventuele vervolg. De ontwikkelaar is als ‘bodemverstoorder’ verantwoordelijk voor de kosten van dit onderzoekstraject. Aanvullingen Amsterdam Monumenten en Archeologie / Ruimte en Duurzaamheid (MenA) beschikt over een gecertificeerd team van archeologen dat vanuit hun expertise snelle en flexibele dienstverlening biedt aan burgers en collega-ambtenaren. Voordat bij een bouwaanvraag een onderzoeksplicht wordt opgelegd, gaat MenA eerst kosteloos na wat het archeologisch potentieel is van de planlocatie.

Locaties met een lage trefkans worden met deze ‘Quickscan’ vrijgesteld van onnodig onderzoek, terwijl voor waardevolle locaties een passend archeologisch programma van eisen wordt vastgesteld. MenA ziet toe op de kwaliteit van onderzoek en advisering door derden, maar ook kan het veldteam van MenA worden ingehuurd om het veldwerk zelf uit te voeren. Na afsluiting van het archeologisch traject worden de vondsten duurzaam opgeslagen in het archeologisch depot van de gemeente Amsterdam, waar ze voor toekomstig onderzoek en museale doeleinden bewaard blijven.

IVO = Inventariserend veldonderzoek AO = Archeologische opgraving

De rol en bevoegdheden van het college  Het college neemt het selectiebesluit. In een selectiebesluit wordt een terrein al dan niet vrijgegeven voor verdere ontwikkeling.  Het college kan nadere eisen stellen ten aanzien van archeologisch onderzoek.  Het college stelt een programma van eisen vast, waarbij nadere regels worden gesteld ten aanzien van de kwaliteit van het archeologisch veldonderzoek.  In het programma van eisen neemt het college bepalingen op met betrekking tot het toezicht op de feitelijke uitvoering van het archeologisch veldonderzoek. Tijdens het archeologisch veldonderzoek worden aanwijzingen van het college in acht genomen.  In Amsterdam zijn de bevoegdheden van het college gemandateerd aan de senior archeoloog van Monumenten en Archeologie. Voor verdere toelichting bij de Amsterdamse werkwijze archeologie, zie www.amsterdam.nl/erfgoed

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9996887/1