CConstaterende datwassenaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Samenvattend verslag van de Commissie Fysieke Leefomgeving - Hoorzitting ontwerp bestemmingsplan ‘Ammonslaantje naast nr. 39' d.d. 6 oktober 2020

Commissie Fysieke Leefomgeving Wassenaar 11 januari 2021, gemeente wassenaarBij agendapunt: Aanvullende informatie2.789 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Samenvattend verslag van de Commissie Fysieke Leefomgeving Hoorzitting ontwerp bestemmingsplan ‘Ammonslaantje naast nr. 39' d.d. 6 oktober 2020 Gemeente Wassenaar

Aanwezig: Dhr. L.N.M. van Doeveren MSc (voorzitter) Dhr. ir. B. Boon Dhr. drs. H.J.M. Hendrickx Dhr. ir. L.W. Koetsier Dhr. B.G. Paulides

Cie Fysieke Leefomgeving Hoorzitting 6 oktober 2020 VVD Lokaal Wassenaar! Hart voor Wassenaar CDA Democratische Liberalen Wassenaar

Tevens aanwezig: Dhr. Holvast Dhr. De Jong Dhr. Koot Dhr. J.J. Bakker Dhr. Zuurbier Dhr. Knijnenburg

1.

Opening

De voorzitter opent de vergadering van de Commissie Fysieke Leefomgeving en heet de aanwezigen welkom. De commissie doet deze avond de eerste drie kwartier dienst als Hoorcommissie inzake het bestemmingsplan 'Ammonslaantje naast nr. 39'. Vorig jaar is een informatiebrief ontvangen over de ambitie om het bestemmingsplan aan te passen. Het conceptbestemmingsplan heeft tot en met 22 juli jl. ter inzage gelegen. Er zijn zes zienswijzen ontvangen waarvan er vijf vanavond door de indieners zullen worden toegelicht. Zij krijgen ieder vijf minuten spreektijd waarna commissieleden vragen kunnen stellen. De voorlopige planning voor behandeling van het Raadsvoorstel Bestemmingsplan Ammonslaantje naast nr. 39 is gepland voor de Commissie Fysieke Leefomgeving van 30 november a.s. en de raad van 14 december a.s. 2.

Hoorzitting bestemmingsplan 'Ammonslaantje naast nr. 39'

De heer Holvast, woonachtig op de Maaldrift 2, is vijf jaar geleden van de oostelijke ventweg aan de Rijksstraatweg verhuisd in verband met de aanleg van de Rijlandlandroute. De woning daar moest worden afgebroken. Een nieuwe groene woonomgeving vond hij aan de Maaldrift. Gezien de ervaringen met de RijnlandRoute, heeft spreker zich goed verdiept in het bestemmingsplan van deze omgeving. Daarin wordt onder meer gesteld dat de bestaande ruimtelijke structuur geen ruimte biedt voor verdere verdichting, zonder dat dit ten koste zou gaan van de aanwezige kwaliteit van het gebied. Hij citeert een aantal passages uit het bestemmingsplan waarin dit wordt onderstreept (pagina's 63, 64 en 77). Op basis van dit bestemmingsplan lijkt verdere verdichting absoluut uitgesloten, reden voor hem en zijn echtgenote om de huidige woning te kopen. Nu blijkt de gemeente aan te sturen op extra bebouwing in het open gebied die ten koste zal gaan van de landschappelijke en historische waarde. Spreker begrijpt niet hoe dit valt te rijmen met alle discussie hieromtrent en het vastgestelde bestemmingsplan. Naar zijn mening dient het college er juist met het oog op alle discussie over de Groene Zone en mogelijke bouwlocaties, precedentwerking te voorkomen en dit bestemmingsplan niet vast te stellen. Het verzoek aan de raad is dan ook het bestemmingsplan in deze vorm niet goed te keuren.

De heer De Jong roept in herinnering dat in juni 2013 door de gemeenteraad unaniem is ingestemd met het huidige bestemmingsplan dat het beleid continueert zoals dat al vanaf de jaren negentig is gevoerd voor dit gebied. Tot drie keer toe heeft de Raad van State de gemeente in het gelijk gesteld met betrekking tot het beleid dit gebied open en groen te houden. De indieners van de zienswijzen zien geen enkele reden waarom daar nu van afgeweken moet worden. De wethouder heeft dit voorbeeld genoemd als 'het precedent voor bouwen in de gemeente Wassenaar'. De plannen voor bouwen in de gemeente zijn echter in de Woonvisie 'Grip op Wonen' reeds vastgesteld. Die visie biedt geen basis voor dit initiatief. Medewerking verlenen aan een bouwinitiatief als dit zet echter de deur op een kier voor volgende aanvragen. Het ontbreekt college, ambtenaren en raad aan houvast om een lijn te kunnen trekken. Het motto 'denken in mogelijkheden' is onvoldoende reden om af te wijken van een jarenlange consistente lijn. Hij licht toe dat de aparte kavel is ontstaan bij een verkoop in de jaren tachtig toen een stuk tuin is afgesplitst. Door bebouwing toe te staan op dit tuindeel, ontstaat een route voor andere eigenaren van grote percelen om een tuin te splitsen en een bouwvak aan te vragen. Dit zou leiden tot verdichting van het dorp en afbreuk doen aan het groene karakter van Wassenaar.

Voorts stelt het college participatie als voorwaarde om medewerking te verlenen aan dit initiatief. Daar heeft de wethouder in de commissievergadering 4 november 2019 nog nadere duiding aan gegeven. Deze participatie is echter van zeer beperkte aard tot nu toe. In het bestemmingsplan wordt bovendien totaal geen aandacht besteed aan de gevolgen van woningbouw voor de ecologische verbinding zoals verwoord in de Nota van uitgangspunten voor de Groene Zone. Met betrekking tot de cultuurhistorie tot slot stelt het bestemmingsplan ten onrechte dat zich in en rondom het plangebied geen gebouwen van cultuurhistorische waarde bevinden. De uitkomst van het cultuurhistorisch onderzoek uit 2019 wordt blijkbaar genegeerd. Op het kleinste kavel van het groene deel van het Ammonslaantje wordt een huis met het grootste bouwvlak en de hoogste nok, op slechts 2,5 meter van de erfgrens gesitueerd. Dit heeft aanzienlijk effect op de lichtinval in de woning van spreker. Ook zet het zijn tuin en terras 's middags in de schaduw. Van een bijdrage aan goede ruimtelijke ordening lijkt dan ook geen sprake. In de zienswijze wordt de juistheid van de afwegingen van het gemeentebestuur betwist, maar worden ook vraagtekens geplaatst bij het opportunisme van de gemeente in de poging dit initiatief te doen slagen.

Aandacht voor het algemene belang, bredere context, implicaties elders in Wassenaar en consequenties richting andere grote dossiers ontbreekt. Als het de bedoeling is een precedent te scheppen voor inbreiding in het noordelijke landelijk gebied, is het beter daar duidelijk beleid op te maken waar alle bewoners over kunnen meedenken. Indien wordt beoogd splitsing van vele andere kavels mogelijk te maken, zou het passender zijn dat bekend te maken middels een verkiezingsprogramma, coalitieakkoord of omgevingsplan. Hij verzoekt de raad niet in te stemmen met het bestemmingsplan. De heer Koot is woonachtig aan de Maaldrift 3. In het rapport van Rho van 25 maart 2020 wordt vermeld dat initiatiefnemer informeel zijn idee heeft voorgelegd aan direct omwonenden, voorafgaand aan het opstellen van het bestemmingsplan. De beschreven gang van zaken geeft weer dat de omwonenden actief betrokken zouden zijn bij het proces. Hij weerspreekt dit; er is wel een poging gedaan door de initiatiefnemer om contact op te nemen, maar dit is bij een WhatsAppbericht en kort telefonisch contact gebleven. Na 15 maart jl. is echter niets meer van de initiatiefnemer vernomen. De participatie in het proces is derhalve onvoldoende.

Daar het bestemmingsplan stelt dat de bouwrechten uit het bestemmingsplan van 1996 volledig zijn benut, op het terrein Maaldrift 3 na (paragraaf 6.4, Wonen 1.) en dat de openheid van het gebied aan noordwest en noordzijde een belangrijke kwaliteit is die in verschillende beleidsvisies is vastgelegd (paragraaf 3.2.1), heeft spreker recent zijn woning gekocht in de veronderstelling dat de ruimte voor en naast de woning in de nabije toekomst niet zou veranderen. Bovendien schept goedkeuring van dit bestemmingsplan een precedent voor afsplitsing van delen van andere kavels met de opzet daar een woning te bouwen. De argumenten om bebouwing af te keuren luiden samengevat: 1. Onvoldoende tot geen participatie 2. Woongenot wordt aangetast 3. Precedentwerking De woningnood noopt tot bouw van nieuwe woningen in Wassenaar, maar deze woning valt niet in de categorie betaalbare koop- en huurwoningen waaraan grote behoefte is, zoals die in de conceptWoonvisie 2021-2025 nadrukkelijk wordt benoemd en draagt daar dan ook niet aan bij. Het verzoek aan de raad is het bestemmingsplan niet goed te keuren. De heer Bakker spreekt namens de Vereniging Vrienden van Wassenaar. De vereniging is van mening dat de aanpak van dit plan niet deugt en dat het inhoudelijk rammelt. Goedkeuren van dit plan kan zodoende het vertrouwen in het gemeentebestuur schaden. Er is sprake van willekeur.

In het geldende bestemmingsplan staat dat verdichting is uitgesloten en wordt uitgebreid beschreven dat geen ruimte is voor meer woningen, zoals eerdere sprekers ook al

hebben toegelicht. De vereniging is absoluut voorstander van de bouw van nieuwe woningen, maar kan zich niet vinden in de aanpak en inhoud van dit plan. De gemeente heeft het standpunt met betrekking tot het open gebied meerdere keren verdedigd tot aan de Raad van State toe en werd telkens in het gelijk gesteld. Op 4 november 2019 meldde de portefeuillehouder in de commissie dat het college met betrekking tot het principeverzoek om te mogen bouwen ingaat tegen het ambtelijk advies, omdat de milieubepalingen niet meer valide zijn – terwijl onduidelijk bleef welke bepalingen dit behelst – en dat dit moest worden gezien als wijziging van beleid. In het bestemmingsplan wordt echter genoemde wijziging van beleid op geen enkele wijze onderbouwd. Het bestemmingsplan meldt dat de woning past op het perceel en dat de bouw van de woning leidt tot versterking van het bebouwingslint, hetgeen in tegenspraak is met het geldende bestemmingsplan. De vereniging verwacht dan ook van de raad dat dit concept wordt afgekeurd. De vereniging heeft ook gezocht naar bevestiging van de door de portefeuillehouder genoemde wijziging van beleid, onder andere in de Woonvisie en het structuurvisierapport. In geen van beide wordt iets over dit gebied gezegd.

De regel is duidelijk: er mag niet worden gebouwd, behalve bij vervanging van bestaande bouw of een opstal die de bodem niet beroert, zoals bijvoorbeeld een woonwagen. Bovendien is al eerder voor bijna dezelfde locatie een verzoek ingediend om te mogen bouwen dat is afgewezen op basis van het bestemmingsplan. Dit nu toestaan zonder duidelijke onderbouwing zet de deur open voor vergelijkbare gevallen met willekeur in besluitvorming tot gevolg. De Vereniging Vrienden van Wassenaar verzoekt dan ook eerst na te denken over de inrichting van de noordrand, zoals in de Structuurvisie heeft gestaan, maar waar geen invulling aan is gegeven. Het plan met betrekking tot de Groene Zone betreft niet de noordrand van Wassenaar. Er zijn vele redenen, zoals ook door eerdere sprekers vermeld, om daar nu aan te gaan werken. Bij wijze van goed voorbeeld wordt verwezen naar de totstandkoming van de gebiedsvisie van Katwijk waarin wordt bepleit de Wassenaarseweg niet langer als doorgaande route te gebruiken. De heer Boon heeft een drietal vragen. Ten eerste is hij benieuwd of het idee om een woonwagen op het stuk grond te plaatsen serieus was bedoeld. De heer Bakker heeft daarmee slechts willen uitleggen hoe beperkend de geldende regels zijn. De heer Boon vraagt vervolgens of de voorbeelden van andere in de nabijheid gelegen kavels waar ook een woning zou passen, als serieuze opties worden gezien.

De heer Bakker heeft die voorbeelden genoemd ter illustratie van de stelling dat er meerdere percelen zijn die qua omvang op het onderhavige perceel lijken waar eigenaren met eenzelfde plan zouden kunnen komen. De vraag is hoe de gemeente daarop zou reageren. Als dit de bedoeling is, dient er een fatsoenlijke gebiedsvisie te worden opgesteld. De heer Boon informeert tot slot naar de reden om Katwijk als voorbeeld aan te halen; heeft dit een relatie met deze locatie, moet een voorbeeld genomen worden aan de aanpak van Katwijk, of is dit ter onderstreping van het feit dat Wassenaar een punt heeft behaald in Katwijk? De heer Bakker antwoordt dat alle drie de redenen meespelen, het belangrijkste is echter de aanpak. Het betreft een qua omvang vergelijkbaar gebied waarvoor Katwijk een gebiedsvisie heeft opgesteld om beleid te wijzigen, maar dat is vergezeld gegaan van de nodige inspraak en dergelijke. De heer Zuurbier spreekt namens de familie Den Hollander die al generaties lang een familiebedrijf nabij het betreffende kavel heeft. Hij zal twee hoofdpunten uit de zienswijze toelichten. Het toevoegen van woningen in het gebied kan leiden tot ontstaan van een bebouwde-komsituatie waardoor het bedrijf van de familie zogezegd op slot wordt gezet. Hierover wordt met geen woord gerept in het bestemmingsplan.

Bij een bebouwde kom horen andere afstandsnormen die niet getoetst of beschreven zijn. Een bebouwde kom ontstaat wanneer een bepaald aantal woningen bijeen staat, dat is niet afhankelijk van een gemeentebesluit. Zodra dit het geval is, kan het bedrijf niet meer aan de geldende wet- en regelgeving voldoen en wordt daardoor op slot gezet. Andersom geldt dat de woning getoetst dient te worden aan de normen, maar dit is niet gebeurd. Er kan dus niet worden gesteld dat er sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Daarnaast is over de ontsluiting van het perceel, die over het eigendom van de familie Den Hollander moet lopen, geen enkel overleg geweest. Het is echter niet mogelijk om de toegangsweg daar te realiseren; ontsluiting op voorgestelde wijze is onmogelijk. De heer Koetsier vraagt of met de bouw van een enkele woning extra al een bebouwde kom ontstaat.

De heer Zuurbier antwoordt dat een woning net het verschil kan maken. De heer Koetsier informeert naar precedenten. De heer Zuurbier stelt dat dit regelmatig voorkomt. Er is geen sprake van een getalsmatige grens, de aard van het gebied is bepalend. De heer Koetsier vraagt of hij het goed begrijpt dat de heer Den Hollander geen bezwaar heeft tegen de bouw, zo lang hij garantie heeft dat zijn bedrijf niet op slot gaat. De heer Zuurbier bevestigt dat. De heer Koetsier heeft begrepen dat er recht van overpad is. Is de heer Den Hollander bereid om hierover in overleg te gaan als hij de garantie heeft dat zijn bedrijf niet op slot gaat? Daar kan de heer Zuurbier niet op antwoorden, dat gesprek had naar zijn idee al in een eerdere fase plaats moeten hebben. De heer Paulides informeert of het voor het gevaar van het ontstaan van een bebouwde kom verschil zou maken als sprake zou zijn van een plattelandswoning in plaats van een burgerwoning. De heer Zuurbier antwoordt dat dit geen verschil maakt. De heer Paulides heeft begrepen dat dat voor de milieucirkel wel verschil maakt. Van een plattelandswoning kan alleen sprake zijn als deze behoort bij een agrarisch bedrijf, licht de heer Zuurbier toe. De heer Knijnenburg woont al ruim zestig jaar aan het Ammonslaantje.

Weliswaar woont hij niet direct grenzend aan het betreffende kavel, toch heeft spreker gemeend een zienswijze te moeten indienen. Drie redenen daarvoor worden toegelicht. 1. Participatie aan de voorkant Buren zijn geïnformeerd door de aanvrager, die heeft zijn verslag daarvan op papier bij het college ingediend. Het college heeft vervolgens een brief aan de raad gestuurd waarin staat dat het plan weinig effect heeft op de omgeving en dat de kans op zienswijzen heel gering is. De brief lezend, ontstaat echter de indruk dat aanvrager de participatie niet helemaal juist heeft uitgevoerd, maar ook dat het college niet goed heeft begrepen hoe participatie werkt. Het effect van de participatie is namelijk dat in de buurt een enorme weerstand tegen dit plan is ontstaan. In de aanloop naar de Omgevingswet wordt participatie steeds belangrijker, maar er zijn, voor zover bekend, nog geen criteria gesteld waaraan deze moet voldoen. Het voorbeeld dat hier wordt behandeld, geeft weer hoe het helemaal fout kan gaan. 2. Cultuurhistorische betekenis Spreker is intensief betrokken geweest bij de totstandkoming van het geldende bestemmingsplan. Destijds is heel goed gekeken naar de historie van het gebied. Spreker schetst de geschiedenis van het gebied Maaldrift sinds de oudste bronnen over Wassenaar en als voormalig eigendom van het Koninklijk Huis.

Tot op heden heeft de staat een deel van het gebied in bezit. Cultuurhistorisch is het een van de meest waardevolle gebieden van Wassenaar. 3. Valkenburg/Groene Zone Op dit moment spelen er meerdere ontwikkelingen in Valkenburg; Katwijk is bezig met een bestemmingsplan en Wassenaar werkt aan een Nota van uitgangspunten voor de Groene Zone. In die nota is bouwen in de Groene Zone geen uitgangspunt, maar wanneer hier verder over wordt besloten moet goed worden beschouwd of het al dan niet mogelijk moet worden gemaakt hier te bouwen. De heer Hendrickx heeft twee vragen. Er werd gesteld dat verzet was ontstaan doordat geen participatie heeft plaatsgevonden maar er wel een verslag naar de gemeente is gestuurd. De heer Knijnenburg heeft begrepen dat voor de participatie zoals bedoeld in de Omgevingswet nog criteria moeten worden vastgesteld. Naar zijn idee dient participatie zowel om omwonenden te informeren als om vooraf wat plooien glad te strijken. Uit het verslag blijkt dat er wel werk van de participatie is gemaakt, maar dat de verkeerde conclusie is getrokken waarna het college die conclusie zonder meer heeft overgenomen. De heer Hendrickx informeert of een gebied met cultuurhistorische waarden statisch en onveranderd zou moeten blijven of ook dynamiek moet kennen.

Het is niet de bedoeling van de heer Knijnenburg alle ontwikkelingen tegen te houden. Wanneer dit echter een geval van nieuw beleid betreft, zoals de wethouder zelf heeft betoogd, dat voortkomt uit het coalitieakkoord, dient dat heel zorgvuldig te worden behandeld waarbij ook het verleden nadrukkelijk moet worden betrokken. De voorzitter bedankt alle aanwezigen voor hun bijdragen. Volledigheidshalve deelt hij mee dat het college indien gewenst een aangepast bestemmingsplan aan de raad kan doen toekomen. De hoorzitting wordt gesloten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duivenvoorde&id=0a2858b4-2943-4376-bae4-46b543f8fae0