Raadsvoostel Vaststellen Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 regio Rotterdam- Den Haag
Tekst van het document
VOORBLAD
Voorstel aan de Raad
Zaaknummer:
Z/18/024693/242863
Datum collegebesluit: Datum commissievergadering: Datum raadsvergadering:
4 mei 2021 31 mei 2021 14 juni 2021
Soort Voorstel: Onderwerp: Portefeuillehouder:
Adviesnota Vaststellen Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 regio Rotterdam – Den Haag Wethouder Bloemendaal
Programma:
7 Volksgezondheid en milieu; 7.4 Milieubeheer
Kernboodschap:
De raad wordt voorgesteld om in te stemmen met de RES 1.0 Rotterdam – Den Haag. Dit is een strategische visie voor de regio Rotterdam – Den Haag waarmee richting wordt gegeven aan de ambitie van het landelijke Klimaatakkoord om in 2030 49% van al onze energie duurzaam op te wekken. Elektra, warmte en biobrandstoffen hebben hierbij een belangrijke rol. Daarnaast zijn energiebesparing en het energiesysteem inclusief infrastructuur belangrijke onderdelen van de RES.
Bijlagen:
Bijlage 1: RES 1.0 Rotterdam – Den Haag, zie www.resrotterdamdenhaag.nl Bijlage 2: Wassenaar nota van beantwoording wensen en bedenkingen Bijlage 3: Begrotingswijziging ‘Vaststellen Regionale Energiestrategie’
Stukken ter inzage:
geen
Beslispunten:
1.
Relatie met:
Pagina 1 van 12
De Regionale Energiestrategie Rotterdam Den Haag, RES 1.0 vast te stellen 2. De begrotingswijziging ‘Vaststellen Regionale Energiestrategie’ vast te stellen Agendapunt: (bijv. een aangehouden stuk of een stuk wat nog moet komen of al geweest is) Toezegging: Amendement/motie: Schriftelijke vragen:
Adviesnota aan de Raad Onderwerp Vaststellen Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 regio Rotterdam – Den Haag Samenvatting De Rijksoverheid heeft zich gecommitteerd aan de klimaatdoelstellingen van Parijs om in 2050 de opwarming van de aarde te beperken tot maximaal 2 graden Celsius. Nederland heeft deze doelstellingen vertaald in het klimaatakkoord met als tussendoelstelling een CO2 reductie van 49% in 2030 en 95% in 2050 vergeleken met de uitstoot van 1990. Deze (tussen)doelstellingen zijn vertaald naar de vijf klimaattafels 1) elektriciteitsproductie, 2) gebouwde omgeving, 3) industrie, 4) mobiliteit en 5) landbouw en landgebruik. Als onderdeel van het klimaatakkoord zijn 30 regio’s in Nederland aangewezen om een Regionale Energiestrategie (hierna: RES) op te stellen. De RES is een instrument om met maatschappelijke betrokkenheid te komen tot regionale keuzen voor: – De opwekking van duurzame elektriciteit. – De warmtetransitie in de gebouwde omgeving en. – De daarvoor benodigde opslag en energie infrastructuur. Ook biedt de RES voor de gemeente Wassenaar een samenwerkingsplatform tussen alle regionale partijen, zoals gemeenten, waterschappen, de provincie Zuid-Holland en andere regionale partijen in voorbereiding op concrete projecten die voortkomen uit de RES. De RES is een product dat weergeeft hoe de energiedoelen worden ingevuld en behaald.
Daarbij wordt aangesloten bij bestaande initiatieven en staat men open voor innovatieve oplossingen. De RES heeft een horizon tot 2030 met een doorkijk naar 2050. Zo vormt de RES een fundament voor langdurige regionale samenwerking. De samenwerking heeft geleid tot de beschreven uitgangspunten die worden gebruikt bij het werken aan de Regionale Energiestrategie. Deze uitgangspunten worden door alle betrokken gemeenten en stakeholders ondersteund. In het Energieperspectief 2050 is beschreven hoe de regio een nadere invulling wil geven aan de ambitie voor 2050. Dit Energieperspectief is gedeeld met de raad en behandeld in de commissie fysieke leefomgeving op 30 september 2019. Hier is een motie uit voort gekomen van D66, VVD en fractie Mulder waarin zorgen geuit worden voor de beperkte inbreng vanuit de raad. In deze motie zijn zes aandachtspunten opgenomen die meegenomen zijn in de uitwerking van de Concept RES. Deze aandachtspunten zijn tevens meegenomen in de lopende ontwikkeling van de Transitievisie warmte. Na publicatie van de Concept RES heeft de raad een tiental wensen en bedenkingen beschreven en meegegeven aan de regio voor verdere uitwerking in de RES 1.0. Deze wensen en bedenkingen zijn meegenomen in de RES 1.0 en zijn in het raadsadvies voor de vaststelling van de RES 1.0 verder toegelicht.
Voor 1 juli 2021 wordt aan alle gemeenteraden in de regio de RES1.0 voor vaststelling aangeboden. Na 1 juli zal de gemeente de acties die de gemeente zal ondernemen ter realisatie van de ambities in de RES inventariseren en tevens nagaan waar dat aanpassing van (omgevings-)beleid en plannen vraagt.
Beoogd effect Om de opwarming van de aarde, met alle gevolgen van dien, te beperken, is het nodig om de CO2 uitstoot drastisch te beperken. Om dit te bereiken zijn ingrijpende maatregelen nodig, die de hele samenleving zullen betreffen. Met het opstellen van de RES 1.0 worden de energiedoelstellingen van de regio beschreven, maar wordt ook gestreefd naar het verkrijgen van draagvlak in de maatschappij voor de benodigde maatregelen om de energietransitie te bewerkstelligen. Met het nastreven van de regionale energiedoelstellingen wordt tevens een bijdrage geleverd aan het behalen van de lokale ambities op het gebied van de Lokale Energie Strategie (LES). In de Lokale Energie Strategie is expliciet benoemd dat Wassenaar de opwekking van energie regionaal oppakt. Het beoogd effect van het vaststellen van de RES 1.0 wordt hieronder per onderdeel uitgebreid beschreven, te weten elektriciteit, energiesystemen, warmte en duurzame brandstof. Hierbij is na Pagina 2 van 12
een algemenere toelichting op de inhoud van de RES specifiek gefocust op de gemeente Wassenaar. Tenslotte wordt beschreven hoe de wensen en bedenkingen naar aanleiding van de concept-RES zijn meegenomen in de RES 1.0.
1. Elektriciteit Eerst wordt ingegaan op de regionale keuzes, vervolgens worden de zoekgebieden voor opweklocaties, alsmede de doelstellingen en ambities verduidelijkt, waarna er specifiek wordt toegespitst op wat dit voor Wassenaar zal betekenen. Belangrijkste regionale keuzes in de RES 1.0:
Inzetten op 2,8-3,2 TWh duurzame opwek op land. Behoud of versterking ruimtelijke kwaliteit. Inzet zonne-energie op daken en parkeerplaatsen (40% van geschikt dakoppervlakte) / waterbassins (347 bassins), 350.000 drijvende panelen. Aanvullend 27 windmolens tot 2030 (bovenop de bestaande convenantafspraken). Geen opwekking in (beschermde) natuur. Uitwerken grootschalige opwek in integrale gebiedsgerichte aanpak en binnen overeengekomen afwegingskaders. Bijdrage leveren aan 35 TWh hernieuwbare energie op land in 2030. Ruimtelijke kansen zijn uitgangspunt samen met draagkracht van landschap. Op weg naar 2030 is belangrijk: samenwerking, nader uitwerken zoekgebieden, monitoring, kennisontwikkeling en-deling, opstellen RES 2.0.
Kernenergie: Kernenergie is op dit moment geen onderdeel van het Klimaatakkoord. Op dit moment vindt er een landelijke marktconsultatie plaats onder welke voorwaarden marktpartijen bereid zijn te investeren in kerncentrales in Nederland, welke publieke ondersteuning daarvoor nodig is en in welke regio’s er belangstelling is voor de realisering van een kerncentrale. Omdat de ontwikkeling van nieuwe vormen van kernenergie en de bouw van kernenergiecentrales erg langzaam gaat, kan kernenergie niet ingezet worden om het doel van 2030 (49% minder CO2-uitstoot) te halen. Om deze reden maakt kernenergie vooralsnog geen onderdeel uit van de scope van de RES 1.0. Voor de periode tot 2050 kan kernenergie wel een rol gaan spelen. Indien er op landelijk niveau wordt aangestuurd op kernenergie wordt dit onderdeel van de opvolgende versies van de RES, gezien het dan onderdeel uitmaakt van het energiesysteem. Zoekgebieden opweklocaties: In het onderstaande figuur zijn de zoekgebieden voor opwek in 2030 voor de RES-regio Rotterdam Den Haag weergegeven. De zoekgebieden zijn gevormd vanuit ‘verhaallijnen’ uit het Energieperspectief 2050, waarbij gezocht is naar een combinatie tussen inpassing van duurzame elektriciteitsproductie (zon en/of wind) enerzijds, en behoud of versterking van de ruimtelijke kwaliteit anderzijds.
Zoekgebieden langs bijvoorbeeld infrastructurele lijnen zijn daarmee altijd een zoekgebied voor zon en/of wind. Dit geeft ruimte om vervolgens in gebiedsgerichte processen afwegingen te maken. Hierbij moet wel genoemd worden dat het hier om een regionale opgave gaat; daar waar kansen afvallen, start de zoektocht naar nieuwe/andere kansen.
Pagina 3 van 12
Figuur 1. Zoekgebied opweklocaties.
Wat betekent dit voor Wassenaar:
Grootschalige daken en parkeerplaatsen (40%) gebruiken voor opwekking zonne-energie. Zoekgebied zon in natuurgebied. Er is gekozen om geen opwekking in natuur toe te passen met uitzondering van de parkeerplaatsen. Zoekgebied langs infrastructuur land in Wassenaar nabij twee plaatsen: o Valkenburgse Meer: zoekgebied voor wind/zon: Dit gebied valt als zoeklocatie binnen de ontwikkeling van de Groene Zone en de uitbreiding van het Valkenburgse Meer. Het college ziet de haalbaarheid derhalve als nagenoeg onmogelijk, gezien de eveneens in de RES 1.0 bepaalde uitsluiting van natuurgebieden. De zuidzijde van het Valkenburgse Meer is bovendien aangemerkt als ecologische verbindingszone binnen het NatuurNetwerkNederland (NNN). Voordat zoeklocaties definitief afvallen zal regionaal allereerst een inspanning geleverd moeten worden voor het zoeken naar alternatieve locaties. o Zoekgebied Zon langs spoor.
2. Energiesysteem Een energiesysteem is het samenspel van productie, transport, omvorming, opslag, distributie en gebruik van energie. Deze regio kent een groot energiesysteem. CO2-uitstoot wordt beperkt door minder energie te gebruiken, het vervangen van brandstoffen en het toepassen van innovaties. Dit leidt tot nieuwe vormen van energieproductie en opslag. Hernieuwbare energie is minder stuurbaar en heeft een grote ruimtelijke impact. Bij de onderstaande regionale keuzes is het de bedoeling dat er stapsgewijs, integraal, in overleg en met behulp van participatie verder wordt gewerkt. Belangrijkste regionale keuzes in de RES 1.0:
Streven naar energie-efficiëntie en besparing.
Pagina 4 van 12
Balans tussen vraag en productie. Rekening houden met eigenschappen van nieuwe energiebronnen en (on)mogelijkheden van opslag en omzetting.
Wat betekent dit voor Wassenaar: De bovenstaande punten zijn van toepassing op Wassenaar. Als extra aandachtspunten die ook naar voren zijn gekomen van de Wensen en Bedenkingen worden hieronder twee toevoegingen gedaan.
Financiële onderbouwing van het energiesysteem en transitie. Een helder kostenbatenkompas om de energietransitie haalbaar te houden is niet opgenomen, omdat op dit moment er nog onvoldoende inzicht is in de totale kosten en baten van de transitieopgave om de afweging integraal te maken. Een kosten-batenanalyse is derhalve nadrukkelijk geen onderdeel van deze RES 1.0.
In de RES 1.0 is opgenomen de RES 3.0 wordt voorzien van een evaluatie over het Energieperspectief 2050.
3. Warmte Eerst wordt ingegaan op de regionale keuzes, vervolgens worden het voorkeursscenario en de zeven sleutelprogramma’s toegelicht, waarna er specifiek wordt toegespitst op wat dit voor Wassenaar zal betekenen. Belangrijkste regionale keuzes in de RES 1.0:
Inzetten op besparing. Inzetten op beschikbare warmte. Samenwerken. Regie bij gemeenten. Uitwerken toekomstbeeld. Inzetten op passende wet- en regelgeving. Inzetten op passende financiële instrumenten.
Voorkeursscenario ‘Samenland’ en de zeven sleutelprogramma’s: Het is belangrijk om te beseffen dat er al veel onderzoek en onderhandeling plaatsvindt op het gebied van warmtenetten en geothermie. De analyse in de RES is gebaseerd op het bijeenbrengen van de vraag en het aanbod met betrekking tot warmte binnen de randvoorwaarden. Het scenario ‘Samenland’ heeft daarbij de voorkeur (figuur 2). Hierbij wordt ingezet op een maximaal regionale warmteuitwisseling, grote warmtegebieden en naast warmtenetten weinig andere alternatieven voor warmte. De nadruk ligt hier op een integrale systeembenadering en regionale samenwerking.
Pagina 5 van 12
In figuur 2 is dit scenario weergegeven in verhouding tot de andere scenario’s waarvoor niet gekozen is. Het scenario ‘Samenland’ wordt bereikt door het borgen van de randvoorwaarden, het afstemmen van lokale en regionale warmteontwikkelingen en met behulp van zeven sleutelprogramma’s: een aantal grotendeels lopende projecten (figuur 3).
Figuur 2. Het scenario 'Samenland' in verhouding tot andere niet gekozen scenario's.
Figuur 3. De zeven sleutelprogramma's.
Deze zeven sleutelprogramma’s zijn tevens ruimtelijk weergegeven in figuur 4.
Pagina 6 van 12
Figuur 4. Grafische weergave van de zeven sleutelprogramma's.
Wat betekent dit voor Wassenaar:
Inzetten op besparing. Het isolatieniveau moet minimaal naar woninglabel C. Deze doelstelling is onderzocht door technisch bureau CE Delft en wordt realistisch en technisch mogelijk geacht. Hierbij is echter geen rekening gehouden met de betaalbaarheid, terwijl dit wel een wens is. De regie wat betreft warmte ligt bij de gemeente. De transitievisie warmte (TVW) is leidend. De vaststelling van de tvw moet voor het einde van 2021 plaatsvinden. Aanhaken op warmtenetten (regionale warmteontwikkeling) kan alleen interessant zijn als de warmteleiding doorgetrokken wordt tussen Den Haag en Leiden. Zoals het voorlopige tracé nu ligt, gaat de leiding langs de A4 richting Voorschoten. Uit de technisch-economische analyse voor de transitievisie warmte komt naar voren dat onder de huidige omstandigheden een aftakking naar Wassenaar economisch niet de beste optie is, kijkende naar de nationale kosten (de kosten voor de maatschappij).
4. Duurzame brandstoffen Eerst wordt ingegaan op de regionale keuzes, waarna er specifiek wordt toegespitst op wat dit voor Wassenaar zal betekenen. Belangrijkste regionale keuzes in de RES 1.0:
Nadruk op hoogwaardig inzetten van duurzame brandstoffen. Dit betekent groen gas of waterstof inzetten op processen waar een hoge energiedichtheid nodig is zoals bijvoorbeeld in de industrie of zwaar transport. Laagwaardige inzet (zoals elektriciteit en lage temperatuurwarmte) wordt afgebouwd, zoals het geval is bij verbranding van biomassa. Eerst inzetten op vraagreductie. Duidelijkheid bieden aan initiatiefnemers.
Pagina 7 van 12
Focus op groengas en waterstof (beiden beperkt beschikbaar tot 2030) omdat andere grondstoffen vooral voor industriële toepassingen zijn en als transportbrandstof dienen. Er wordt aangesloten bij het duurzaamheidskader bio-grondstoffen van het Rijk. Inzet van duurzame brandstoffen is het sluitstuk in de warmtetransitie. Actieprogramma om te inventariseren welke acties er richting de RES 2.0 nodig zijn om de komst van duurzame brandstoffen te versnellen.
Wat betekent dit voor Wassenaar: Op dit moment heeft dit voor Wassenaar geen rol van betekenis. Wassenaar heeft geen afnemers van duurzame brandstoffen voor hoogwaardige toepassingen of mogelijk productielocaties voor duurzame brandstoffen. Op de zeer lange termijn als voldoende duurzame brandstoffen beschikbaar zijn (en dus ook voor laagwaardige toepassingen zoals verwarmen van woningen) kan dit een rol van betekenis worden. Het komende decennium is dit zeker niet aan de orde. 5. Wensen en bedenkingen Naar aanleiding van de concept-RES uit september 2020 is er vanuit de raad een tiental wensen en bedenkingen geuit. Vanuit de regio zijn deze vragen beantwoord en is uitgelegd hoe de betreffende punten meegenomen zijn in de RES 1.0. Tabel 1 geeft een (voor het overzicht) verkorte weergave van alle wensen en bedenkingen. De volledige versie van deze tabel staat in bijlage 2. Tabel 1. Verkorte weergave wensen, bedenkingen en de verwerking hiervan in de RES 1.0. Nr.
Wens of bedenking bij concept-RES
Verwerking in RES 1.0
Paragraaf
1
Maak beter inzichtelijk wat de huidige en toekomstige energieverbruiken zijn.
In de RES 1.0 is het toekomstig energieverbruik geactualiseerd op basis van de laatste kennis. Hierbij is aangegeven waar de cijfers op zijn gebaseerd.
1.3, 2.2, 2.4, 3.2, 8.2
2
Maak inzichtelijk hoe het toekomstige energiesysteem eruitziet in zowel opwekking, opslag als afname rekening houdend met dag- en nachtritmes en seizoenverschillen.
De systeemstudie ZH geeft inzicht in de systeemeffecten van de transitie, de uitkomsten zijn meegenomen in de RES 1.0. De RES 1.0 geeft daarnaast aan welke leidende principes van belang zijn voor een goed energiesysteem, met aandacht voor de disbalans tussen vraag en aanbod.
1.3, 6.1
3
Zonne-energie: Werk de zoeklocaties uit met lokaal voldoende draagkracht.
In de RES 1.0 is zoveel mogelijk invulling gegeven aan techniekspecifieke zoekgebieden voor wind- en zonneenergie. De zoeklocaties worden lokaal onderzocht en getoetst op relevante punten, o.a. draagvlak en participatie.
8.3 (zijdelings in 2.1, 2.2, 4.1, 4.2, 7.3)
4
Windenergie: Laat voldoende ruimte voor de lokale eisen en wensen voor uitwerking van de zoeklocaties.
In de RES 1.0 is zoveel mogelijk invulling gegeven aan techniekspecifieke zoekgebieden voor wind- en zonneenergie. De zoeklocaties worden lokaal onderzocht en getoetst op relevante punten, o.a. draagvlak en participatie.
8.3 (zijdelings in 2.1, 2.2, 4.1, 4.2, 7.3)
Pagina 8 van 12
5
Maak een bijgewerkt Energieperspectief 2050.
Er wordt in de RES 1.0 ingezet op wat technisch nu al kan om de doelstelling te behalen. Ook wordt steeds inzicht verkregen in welke technieken zich lenen voor opschaling. Kennis wordt benut vanuit aangesloten partijen.
In tekst verweven, o.a. 5.3, 8.4, 7.6
6
Benoem expliciet andere opwekkingstechnologieën in relatie tot de huidige keuzes.
De RES 1.0 legt met betrekking tot opwek de nadruk op wat voor 2030 gereed kan zijn. Andere technieken (bijv. kernenergie) worden nauwlettend gevolgd. Ontwikkelingen worden meegenomen in de tweejaarlijkse herziening.
In tekst verweven, o.a. 5.3, 8.4
7
Stem de uitwerking van de toekomstige warmtevoorziening af in de gemeentelijke Transitievisie Warmte en in de RES.
Tijdens het maken van de RES 1.0 zijn uitkomsten meegenomen van gemeenten die hun TVW al gereed hebben. Dit zal ook bij de herziening weer gebeuren. Ook kunnen gemeenten de RES benutten voor de totstandkoming van de TVW.
2.2, 2.3, 3
8
Maak de rol van hernieuwbare brandstoffen (waterstof en groen gas) duidelijk, zowel in kwaliteit als in kwantiteit.
Op basis van de momenteel beschikbare toekomstscenario's is een onderbouwde inschatting gemaakt over de rol van hernieuwbare brandstoffen. In de RES 1.0 wordt hier zowel kwalitatief als kwantitatief inzicht in geboden.
5.3, 8.4
9
Communiceer en maak inzichtelijk wat bewoners en ondernemers kunnen doen en verwachten in het kader van de RES, voor nu en in de toekomst.
De regio communiceert in principe niet rechtstreeks met inwoners, dat is voorbehouden aan de gemeenten. Echter in de communicatie dragen wij eenduidig de boodschap uit. De regio onderschrijft het belang van eenduidige communicatie over alle overheidslagen heen.
N.v.t.
10
Maak een helder kosten-baten kompas om de energietransitie betaalbaar te houden.
Betaalbaarheid van de transitie betreft meerdere aspecten. Hier wordt in de RES 1.0 inzicht in gegeven. Niet overal kan dat al even concreet, veel in de aankomende transitie is nog onbekend.
2.4, 8.2.4
Op basis van de bovenstaande antwoorden en de uitwerking daarvan in bijlage 2, kan gesteld worden dat er voldoende rekening gehouden is met de wensen en bedenkingen vanuit de raad. Daarnaast is in het voorgaande deel ook het beoogd effect per onderdeel van de RES 1.0 in kaart gebracht. Argumenten 1.1 Het voorstel past in het ingezet beleid Met het nastreven van de regionale energiedoelstellingen wordt tevens een bijdrage geleverd aan het behalen van de lokale ambities op het gebied van de Lokale Energie Strategie (LES). In de Lokale Energie Strategie is expliciet benoemd dat Wassenaar de opwekking van energie regionaal oppakt. De RES 1.0 is het logische gevolg uit het onderstaande kader:
Pagina 9 van 12
-
Klimaatakkoord Parijs (2015) Nationaal Klimaatakkoord d.d. 28 juni 2019; Energieperspectief (september 2019) Motie Energiestrategie regio Rotterdam Den Haag (15 oktober 2019) Concept-RES (april 2020) Wensen en bedenkingen raad Wassenaar (september 2020)
1.2 Vaststellen van de RES 1.0 is een bevoegdheid van de gemeenteraden, AB’s, Waterschappen en Provinciale Staten
1.3 De RES 1.0 geeft richting aan de doelstellingen voor 2030 De deelnemende partijen worden geacht hun bijdrage de komende periode verder uit te werken. In de RES 2.0 (verwacht in 2023) worden deze bijdragen verwerkt. Indien nodig worden aanvullende maatregelen voorgesteld om de klimaatdoelen van 2030 werkelijk te halen. De RES wordt iedere twee jaar herzien. 1.4 De gemeente is verantwoordelijk voor doorwerking van de RES De RES is een politiek-bestuurlijk document dat keuzes markeert en richting geeft, oftewel een strategische verkenning. De RES kent geen binding richting derden, en het is in die zin geen ‘plan’ of beleidsdocument. De RES vraagt om vertaling naar (lokale en bovenlokale) projecten en (ruimtelijk) beleid om tot realisatie te kunnen komen. De individuele RES-partners zijn hiervoor aan zet: zij bepalen hoe de RES verder wordt uitgewerkt en vertaald wordt naar beleid. Dat gebeurt bijvoorbeeld in structuur- of omgevingsvisies en/of in ander beleid (omgevings-, ruimtelijk, duurzaamheids-, energiebeleid of andersoortig). Dat kan ook vragen om bijvoorbeeld aanpassing van beleid, of het organiseren van het samenspel tussen marktpartijen, overheden, maatschappelijke partijen en bewoners. Kanttekeningen 1.1 Vaststelling van de RES 1.0 is niet vrijblijvend Deelname aan de RES 1.0 van de regio Rotterdam-Den Haag is vrijwillig maar niet vrijblijvend.
Van de gemeente wordt verwacht dat zij haar bijdrage levert en dit ambtelijk en bestuurlijk terugkoppelt. 1.2 Ondersteuning vanuit het Rijk is noodzakelijk Ondersteuning vanuit het Rijk met passende financiële en andersoortige middelen is onontbeerlijk voor het verdere proces als uitvoering. Vooral passende (Rijks)wetgeving en stimuleringsinstrumenten zijn nodig om de ambities tot uitvoering te brengen. 1.3 De tekst van RES 1.0 staat vast De RES 1.0 is het gezamenlijk document van alle samenwerkende partijen, dat breed gedragen wordt. Het is bestuurlijk vastgesteld op 18 maart 2021. Verschillen van inzicht over de tekst RES leiden niet tot aanpassing van de RES zelf, maar kunnen doorwerken in de verdere uitwerking of vertaling naar (lokaal) beleid van de betreffende overheid. Amendementen kunnen (een complicerende) invloed hebben op de besluitvorming van de RES. Mogelijke gevolgen hiervan zijn niet bij voorbaat inzichtelijk te maken. Een amendement zou door alle partners moeten worden ondersteund, wat procedureel niet haalbaar is. Eventuele moties kunnen worden ingediend bij het eigen college. Aangezien de RES een samenwerking is van verschillende organisaties, kan deze zelf geen moties ontvangen of hieraan opvolging geven. Effecten van moties krijgen hun beslag in de lokale uitwerking (verankering in beleid) en via inbreng in het Bestuurlijk Netwerk Energie.
1.4 Het is mogelijk dat een van de deelnemende partijen niet instemt Ondanks het zorgvuldig doorlopen proces, bestaat de kans een van de deelnemende partijen niet akkoord kan gaan met de RES 1.0. In dat geval zal het proces vertraging oplopen.
Pagina 10 van 12
Communicatie/Inwonersparticipatie De gemeenten zijn verantwoordelijk voor het participatieproces. De visie hierbij is dat de RES geen doel op zich is, maar een middel om de energietransitie te begeleiden. De RES heeft een groot abstractieniveau, wat ver bij de leefwereld van inwoners af staat. De lokale participatie en communicatie gaat met name over de invulling van de RES in concrete projecten. Echter, om alle vormen van participatie (van meedenken tot eigenaarschap) te bevorderen, wordt actief informatie gedeeld. Het RES-communicatieproces is derhalve een adaptief proces, waarbij rekening wordt gehouden met de lange doorlooptijd, de landelijke en regionale klimaatactualiteit en politieke en technologische ontwikkelingen. Voorafgaand aan de wensen- en bedenkingenprocedure is via de Klimaattafel een bredere meedenksessie georganiseerd. De input is meegenomen in de wensen- en bedenkingen die uiteindelijk hebben geresulteerd in de RES 1.0. Voor een van de meer concretere doelstellingen uit de RES is een informatiebijeenkomst georganiseerd op het informeren van inwoners en grote dakeigenaren van Wassenaar via een Webinar Zon op Dak. Het webinar is goed bezocht met ca. 50 deelnemers.
Bij de inzet van communicatiemiddelen wordt gebruik gemaakt van landelijk en regionaal aanbod, aangevuld met ‘eigen’ middelen via de bestaande kanalen, zoals de website, persberichten en social media. Alle communicatiemiddelen moeten voldoen aan de voorwaarden die regionaal zijn afgesproken: begrijpelijk, laagdrempelig en doelgroepgericht. Op onze eigen website www.wassenaar.nl/res wordt alle beschikbare informatie in beeld gebracht. Financiën De RES 1.0 heeft vooralsnog geen financiële consequenties, maar uitwerking ervan en deelname van RES 2.0 vergt wel extra ambtelijke capaciteit. De lasten van dit voorstel bedragen € 50.000 incidenteel en komen ten laste van het taakveld 7.4 Milieubeheer. Dit bedrag kan worden gedekt uit de bestemmingsreserve volkshuisvesting en duurzaamheid. Hierdoor is sprake van een budgetneutrale wijziging op de begroting 2021. Vanaf 2022 is (structurele) aanvullende capaciteit benodigd. De omvang hiervan hangt samen met aanvullende financiële middelen vanuit het Rijk, die naar verwachting in de loop van dit jaar duidelijk zullen moeten worden. Hierover wordt u afzonderlijk nader geïnformeerd.
Risico’s Indien geen aanvullende middelen ter beschikking worden gesteld voor uitvoering wordt het vrij lastig om invulling te geven aan de lokale inpassing van de ambities. Dit geldt voor de structurele inzet en middelen vanuit het Rijk die de uitwerking van de RES 1.0 met zich meebrengt. In de uitwerking van de RES1.0 komt de wenselijkheid en noodzaak van zonnevelden aan de orde. Dit geeft grote kans op weerstand. Aanpak van de klimaatproblematiek op eigen grondgebied wordt niet door iedereen geaccepteerd. Vergroting van begrip en acceptatie is een belangrijke opgave, zeker in de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen 2022.
Duurzaamheid De RES komt voort uit de internationale afspraken die zijn gemaakt in Parijs met betrekking tot CO2-reductie en energiedoelstellingen. Deze zijn landelijk vertaald naar het Klimaatakkoord. De RES 1.0 gaat over de regionale aanpak om invulling te geven aan het Klimaatakkoord. Het draagt bovendien bij aan het bereiken van de lokale doelstellingen met betrekking tot de Lokale Energie Strategie (LES).
Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders,
Pagina 11 van 12
drs. H.I.P. Oppatja, gemeentesecretaris
Pagina 12 van 12
drs. L.A. de Lange, burgemeester