Raadsbesluit.docx
Tekst van het document
Raadsbesluit Z/21/050674/228533 - 1
De gemeenteraad van Wassenaar; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 4 mei 2021, Gelet op artikel 2.8 en artikel 22.1 van de Omgevingswet (Stb. 2016, nr. 156), zoals deze wet bij inwerkingtreding daarvan zal zijn gewijzigd met de Invoeringswet Omgevingswet (Stb. 2020, nr. 172),
b e s l u i t: 1.
aan het college van burgemeester en wethouders de vaststelling van de volgende delen van het omgevingsplan Wassenaar te delegeren: a.
de delen waarop in het tijdelijk deel van het omgevingsplan, als bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet in verbintenis met artikel 4.6, eerste lid, van de Invoeringswet Omgevingswet, aan het college van burgemeester en wethouders de bevoegdheid is gegeven om dat deel te wijzigen, zoals is bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening, en dat die delen limitatief zijn aangegeven in bijgevoegde lijst die onlosmakelijk deel uitmaakt van dit besluit;
b.
de delen waarop in het tijdelijk deel van het omgevingsplan, als bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet in verbintenis met artikel 4.6, eerste lid, van de Invoeringswet Omgevingswet, aan het college van burgemeester en wethouders de bevoegdheid is gegeven om dat deel uit te werken, zoals is bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder b, van de Wet ruimtelijke ordening, en dat die delen limitatief zijn aangegeven in bijgevoegde lijst die onlosmakelijk deel uitmaakt van dit besluit;
2.
dat deze generieke delegatie van kracht wordt op de dag waarop de Omgevingswet in werking treedt;
3.
dat de werking van dit besluit door het college van burgemeester van wethouders na één jaar na inwerkingtreding van dit besluit wordt geëvalueerd en dat die evaluatie uiterlijk twintig maanden na die inwerkingtreding aan onze raad wordt voorgelegd.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Wassenaar gehouden op dinsdag 21 september 2021. de griffier
de voorzitter,
drs. J. Kleinhesselink
drs. L.A. de Lange