Bijlage 5 bij bijlage 1- Programma van Eisen Kievietschool U20111
Tekst van het document
Ruimtelijk-Functioneel Programma van Eisen Kievietschool te Wassenaar
Opdrachtgever Opgesteld door Kenmerk Datum
Stichting Kievietschool, Wassenaar Carolien van der Velden en Lotte ter Braak U20111 16 maart 2020
Postbus 2145 | 7302 EM Apeldoorn | T (055) 538 66 90 | info@pentarho.nl | www.pentarho.nl | KvK-nr. 08169718 | Btw-nr. NL8189.60.115.B01
Inhoudsopgave 1
Inleiding
3
Achtergrondinformatie Huidige huisvesting Doelstelling Proces
2
3 3 3 3
Uitgangspunten
5
Leerlingenprognoses en ruimtebehoefte Maatschappelijke partners Locatie
3
5 5 5
Visie op onderwijs en huisvesting
6
Visie op onderwijs en ontwikkeling Visie op huisvesting
6 8
4
Principes
5
Beeldverwachting
9 11
Beeldverwachting in woorden Beeldverwachting in beelden
6
11 11
Ruimten en relaties
12
Groepsruimten Groepsruimten meer- en hoogbegaafden Speelleerpleinen Atelier Teamkamer Kantoorruimten Spreekkamers/zorgruimten Buitenruimte Overig/facilitair Relatieschema
12 13 13 13 14 14 14 15 15 16
7
Ruimtestaat
17
8
Technische uitgangspunten
18
Energie Binnenluchtkwaliteit Thermisch comfort Visueel comfort Akoestisch comfort
18 19 19 20 20
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 2 van 21
1
Inleiding In dit hoofdstuk wordt achtereenvolgens ingegaan op de bestaande achtergrondinformatie omtrent de Kievietschool te Wassenaar, de doelstelling van het Ruimtelijk-Functioneel Programma van Eisen (RF-PvE) en het proces. Achtergrondinformatie De Kievietschool is een kleinschalige basisschool in Wassenaar, gelegen aan de Buurtweg 16. Bij de oprichting van de school in 1918 was de school gehuisvest in een voormalig portierswoning. Na twee jaar is de Kievietschool verhuisd naar het huidige karakteristieke pand aan de Buurtweg. In de loop der jaren hebben diverse uitbreidingen en verbouwingen plaatsgevonden. De school telde in 2019 circa 180 leerlingen. Vanuit haar basisvisie: ‘klaar voor de wereld’ focust de Kievietschool op ondernemend & ontdekkend leren vanuit een veilige basis. Door de kleine klassen van maximaal 25 leerlingen is er aandacht voor de talenten van iedere leerling. De school heeft een hoog uitstroomniveau, meer dan 80% van de schoolverlaters krijgt een havo/vwo of vwo advies. Huidige huisvesting De huidige huisvesting van de Kievietschool voldoet niet meer aan de hedendaagse eisen, voldoet niet aan de ruimtebehoefte van de school en biedt te weinig mogelijkheden en ruimten voor de werkvormen passend bij de onderwijsvisie van de school. Met name het monumentale gedeelte van het gebouw bevat veel onbruikbare vierkante meters en te kleine groepsruimten.
Verder is er sprake van achterstallig onderhoud en worden knelpunten ervaren bij het dubbel gebruik van ruimten door onderwijs en opvang. Doelstelling Doelstelling van dit RF-PvE is om de uitgangspunten te definiëren die aan de ruimtelijke uitwerking, aan de sfeer en aan de beleving van het nieuwe onderwijsgebouw ten grondslag liggen. Daarnaast is in dit RF-PvE een paragraaf met betrekking tot het Technisch Programma van Eisen opgenomen. De functie van het totale Programma van Eisen (PvE) is drieledig: het dient als toetsingsinstrument in de verschillende ontwerpstadia; het is een communicatiemiddel voor de kwaliteit; het definieert de bouwopgave en zijn context. Het PvE is een belangrijk communicatiemiddel voor de gebruikers en de opdrachtgever, omdat hierin de vraag van de opdrachtgever op een begrijpelijke wijze is verwoord. Proces Dit RF-PvE is tot stand gekomen in samenspraak met de ontwikkelgroep. De volgende personen maken deel uit van deze ontwikkelgroep: Dirk Schuiling, directeur-bestuurder; Francis van Dijk, intern begeleider; Elise Jonker, coördinator bovenbouw; Barbera Koekkoek, coördinator onderbouw.
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 3 van 21
Door de snelle ontwikkelingen binnen het onderwijs met mogelijke gevolgen voor het Programma van Eisen zal bij de definitieve huisvestingsaanvraag in 2021 een herziene versie van het Programma van Eisen worden ingediend.
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 4 van 21
2
Uitgangspunten
In dit hoofdstuk staan de uitgangspunten beschreven die ten grondslag liggen aan de nieuwbouw. De uitgangspunten omtrent maatschappelijke partners worden in een volgend stadium verder verkend. Leerlingenprognoses en ruimtebehoefte Bij de bepaling van de ruimtebehoefte zijn de prognosecijfers van belang. Navolgend overzicht geeft de leerlingenprognoses voor de Kievietschool weer voor 2021 tot en met 2037. Daarnaast laat het overzicht de ruimtebehoefte in vierkante meters brutovloeroppervlakte (bvo) zien, behorend bij de leerlingenprognose. Aantal leerlingen Kievietschool 2021-2037 Schooljaar 2021 2022 Leerlingenprognose 187 191 Ruimtebehoefte m² bvo 1.141 1.161
2023 192 1.166
2024 196 1.186
2025 199 1.201
2026 203 1.221
Schooljaar Leerlingenprognose Ruimtebehoefte m² bvo
2027 204 1.226
2028 206 1.236
2029 206 1.236
2030 206 1.236
2031 208 1.246
2032 208 1.246
Schooljaar Leerlingenprognose Ruimtebehoefte m² bvo
2033 207 1.241
2034 207 1.241
2035 206 1.236
2036 206 1.236
2037 206 1.236
Bron: rapport prognose Kievietschool Postmus Advies, februari 2020, 1 e versie
Op 1 oktober 2018 telt de Kievietschool 186 leerlingen. Voor de nieuwbouw wordt uitgegaan van 208 leerlingen. Maatschappelijke partners In een volgend stadium vindt een verkenning plaats naar de mogelijkheden tot samenwerking met maatschappelijke partners. Locatie Gezien het ontbreken van ontwikkellocaties van dergelijke omvang in de nabije omgeving van de Kievietschool wordt uitgegaan van realisatie van de vervangende nieuwbouw op de huidige locatie aan de Buurtweg 16. Deze locatie is tevens het enige openbare speelterrein in de buurt en de locatie heeft een geschikte ligging ten aanzien van het voedingsgebied van de school (verplaatsing van de school kan effecten hebben op de leerlingenprognoses).
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 5 van 21
3
Visie op onderwijs en huisvesting
In dit hoofdstuk wordt de huidige visie op onderwijs en ontwikkeling van kinderen beschreven. Deze visie op onderwijs is op het moment van de aanvraag nog volop in ontwikkeling. Zo wordt momenteel verkend hoe internationalisering van het onderwijs van de Kievietschool nog verder ontwikkeld kan worden. Dit zou mogelijk (positieve) invloed kunnen hebben de leerlingenprognose, gezien de behoefte aan internationaal georiënteerd onderwijs in de regio. Vervolgens wordt de daarop aansluitende visie op huisvesting beschreven. Visie op onderwijs en ontwikkeling De Kievietschool werkt vanuit het International Primary Curriculum (IPC). Dit curriculum sluit aan op 21ste-eeuwse ontwikkelingen en heeft aandacht voor actief burgerschap, persoonlijke doelen, ICT-vaardigheden, talentontwikkeling, betrokkenheid bij het eigen leerproces en internationalisering. Met name in het middagprogramma komen deze ontwikkelingen terug in verschillende thema’s (vakoverstijgend onderwijs). De leerlingen leren doelgericht te werken aan kennis, vaardigheden en inzicht. Talentontwikkeling en het leren van soft-skills passen helemaal binnen het IPC-concept en worden onder navolgend figuur verder toegelicht. Figuur 1 geeft weer aan welke ontwikkelingen het team verder nog prioriteit wil geven binnen de nieuwe huisvesting. Het thema ‘Terug naar de basis’ komt daarbij als grootste prioriteit naar voren.
Figuur 1: prioritering ontwikkelingen
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 6 van 21
Terug naar de basis Het ochtendprogramma van de Kievietschool staat in het teken van klassikaal onderwijs gericht op de basisvaardigheden. Een sterke basis op het gebied van taal en rekenen is een voorwaarde voor leerlingen om projectmatig onderwijs (IPC) goed te kunnen volgen en uitvoeren. Het team hecht veel waarde aan deze basisvaardigheden. Vanuit deze sterke basis kunnen leerlingen verder groeien. Talentontwikkeling De school biedt wekelijks een breed aanbod aan activiteiten op het gebied van talentontwikkeling, waaronder: muziek, dans, drama/theater, sport, techniek en handvaardigheid. Deze activiteiten maken (vaak) onderdeel uit van het project/het thema waar de kinderen die periode aan werken. Duurzaamheid Zowel de leerlingen, de leerkrachten als de sociale omgeving en de wijk van de Kievietschool, zijn bewust bezig met het thema duurzaamheid. Duurzaamheid heeft daarbij niet alleen betrekking op de huisvesting (onder andere door het gebruik van zonnepanelen e.d.), maar ook een educatief component. De leerlingen maken kennis en leren over duurzaamheid binnen diverse projecten. Zij kunnen duurzame oplossingen ervaren binnen de school en op het schoolplein. Ook binnen de gemeente Wassenaar is duurzaamheid een belangrijk speerpunt. Zo wordt bijvoorbeeld binnen de gemeente de klimaattop voor kinderen georganiseerd.
Verder heeft duurzaamheid ook betrekking op de groene omgeving waarin de school gesitueerd staat en de rol van de natuur. De wijk waarin de Kievietschool is gesitueerd, zoekt op het gebied van duurzaamheid ook nadrukkelijk de samenwerking met de school. Soft-skills Op de Kievietschool is aandacht voor cognitief groeien (kennis), maar ook voor het sociaal emotioneel bloeien (sociale vaardigheden) van kinderen. Diverse sociale vaardigheden komen terug in het onderwijs, waaronder: samenwerking, zorgzaamheid, communicatie, respectvol gedrag, moraliteit, veerkracht, aanpassingsvermogen, internationale instelling (mindedness) en onderzoek. Binnen het IPC-onderwijs worden dit ook wel de negen persoonlijke en sociale doelen genoemd, die de basis vormen voor de ervaringen van de leerlingen. Leerlingen worden gestimuleerd om meer hun eigen verantwoordelijkheid te pakken, zelfvertrouwen te ontwikkelen en zelfreflectie toe te passen. ICT-vaardigheden Het werken met digitale hulpmiddelen, zoals tablets en computers, wordt op school bij alle leerlingen gestimuleerd. Het is van belang dat leerlingen digitale vaardigheden op doen in de lessen en ook leren omgaan met digitale hulpmiddelen. Rol van de leerkracht De rol van de leerkracht is in het ochtendprogramma met name instruerend en tijdens het middagprogramma meer coachend en ondersteunend.
Zowel tijdens het ochtendprogramma als tijdens het middagprogramma is de leerkracht in de buurt van zijn/haar eigen groep leerlingen en behoudt het overzicht. De positie van de leerkracht moet niet onderschat worden, de leerkracht doet ertoe! Maatschappelijke partners De samenwerkingen met de organisaties die het brede aanbod mede faciliteren moeten
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 7 van 21
nog verkend worden. Op dit moment heeft verhuur geen prioriteit en ligt de focus op eigen passende huisvesting. Integrale Kindcentra Villa Bloom is de partij die op dit moment kinderdagopvang en BSO aanbiedt op de Kievietschool. De mogelijkheden voor het intensiveren van deze samenwerking worden verder onderzocht. In de huidige situatie ervaren de leerkrachten met name op praktisch gebied grote knelpunten (overlast) bij het gebruik van ruimten door zowel de school als de opvang. Voor de groepsruimten geldt dat dubbel gebruik onwenselijk is. Voor beide partijen wordt ernaar gestreefd een volledig aanbod te realiseren, waarbij de kansen voor dubbel gebruik van ruimten met name liggen bij het atelier en de speelleerpleinen van de school. Visie op huisvesting Op basis van de visie op trends en ontwikkelingen in het onderwijs kan een visie op huisvesting geformuleerd worden. Met behulp van het taartenspel is inzichtelijk gemaakt welke verdeling van de hoofdfuncties nodig zijn om de onderwijsactiviteiten van de toekomst uit te voeren. De ruimten zijn daarbij opgedeeld in vier categorieën: leer- en werkpleinen, groepsruimten, creatieve ruimten en (ontmoetings)ruimten voor het team. Het spel resulteert in een ruimteverdeling die voor alle teamleden nagenoeg identiek is. De groepsruimten krijgen het grootste ruimteaandeel in de school.
Elke groep heeft een eigen en ruime groepsruimte (rustige basis), waarbinnen flexibel kan worden omgegaan met de indeling. Per twee groepen is er één leer- en werkplein (multifunctionele ruimte), die zichtbaar is vanuit de groepsruimten. Dit plein biedt verschillende plekken/hoeken om zelfstandig en in groepjes te werken, te spelen en te ontdekken. Met name voor het middagprogramma dient dit plein als verruiming van de groepsruimte. Verder is er een atelier dat gebruikt wordt voor diverse doeleinden en activiteiten, zoals: techniek, handvaardigheid en drama. Tot slot is er een ruime teamkamer in de school en zijn er voldoende afsluitbare spreekruimten en kantoorruimten aanwezig. Verder is het van belang dat de huisvesting toekomstbestendig en flexibel is. De gewenste gebouwopzet wordt gedefinieerd vanuit de wensen van vandaag, maar moet ook toekomstige generaties optimaal kunnen faciliteren. Het gebouw moet mogelijkheden bieden voor uitbreiding bij stijging van de leerlingaantallen.
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 8 van 21
4
Principes
Dit hoofdstuk beschrijft welke activiteiten met bijbehorende (huisvestings)principes te onderscheiden zijn, op basis van de visie zoals vermeld in hoofdstuk 3. Leren Het ochtendprogramma is gericht op de basisvakken/-vaardigheden: rekenen, taal en lezen. De leerlingen starten de dag in hun eigen groep, waar gedurende de ochtend klassikale instructies plaatsvinden. De klassikale instructie is gericht op de gehele groep en na afloop van de instructie worden drie niveaus aangeboden: verlengde instructie, zelfstandige verwerking of verrijking. De leerlingen die verlengde instructie ontvangen van de leerkracht zitten in een klein groepje binnen de groepsruimte, waar de leerlingen die zelfstandig de lesstof verwerken ook aan het werk zijn. De leerlingen die aan de slag gaan met verrijking werken in kleine groepjes op het leerplein. Klassikaal onderwijs in de ochtend voor een stevige basis. Ontdekken en onderzoeken Het middagprogramma staat in het teken van IPC. De leerlingen gaan in groepjes uiteen op ontdekkingstocht in en rondom de school. In deze dynamische omgeving gaan leerlingen op zoek naar antwoorden, waarbij ze zelf bepalen op welke manier en waar in de school ze de antwoorden kunnen vinden en uitwerken (boek, tablet, interview, observeren etc.).
Onderzoekend en ontdekkend leren staat in het middagprogramma centraal, waarbij leerlingen veel eigen verantwoordelijkheid krijgen en nemen en groepsoverstijgend aan de slag gaan. De school als ontdekkingsplek. Meer- en hoogbegaafdheid In de school is veel aandacht voor elke leerling en wordt zoveel mogelijk onderwijs op niveau geboden. Naast de differentiatie binnen de groepen in drie niveaus is er ook sprake van twee vaste meer- en hoogbegaafden groepen (groep 5-6-7-8). In deze groep wordt extra ingespeeld op de behoeften van meer- en hoogbegaafde leerlingen. Aandacht voor elke leerling. Brede ontwikkeling De Kievietschool zet in op de brede ontwikkeling van de leerlingen. Diverse activiteiten worden georganiseerd die met name in het middagprogramma of na schooltijd terugkomen. Een ateliersetting biedt alle ruimte voor leerlingen om te koken, te ontdekken, proefjes te doen, met techniek bezig te gaan en te programmeren. Daarnaast worden in deze setting ook wekelijks handvaardigheidslessen en muzieklessen gegeven. Verder is er plek om met de leerlingen theater te spelen en te dansen. Een verrijking van de schooldag door een breed aanbod aan activiteiten. Bewegen Zowel binnen als buiten is voldoende ruimte om te spelen en te bewegen in een groene en duurzame omgeving. Voor de kleuters is dit in beide gevallen in een kleinere setting.
Voor de midden- en bovenbouw wordt beweging voornamelijk vormgegeven in de gymlessen in de naastgelegen gymzaal. Er wordt gewerkt met gescheiden pauzes, zodat alle leerlingen voldoende ruimte hebben.
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 9 van 21
Veel bewegingsruimte in een groene omgeving. Zorg en ondersteuning Op school zijn verschillende plekken waar kinderen individueel of in kleine groepjes worden begeleid door het team en externen (IB, fysio, logopedist, RT, dyslexie, etc.). Het is van belang dat deze plekken multifunctioneel worden ingezet. Kindgerelateerde zorg wordt zoveel mogelijk naar binnen gehaald. Team ‘s Ochtends komen de teamleden bij elkaar om de dag door te spreken. In de pauzes lunchen zij met de leerlingen en vervolgens ontmoeten de teamleden elkaar weer in een prettige omgeving. Het team heeft een eigen plek waar ze kunnen overleggen, in rust kunnen werken, elkaar kunnen ontmoeten en ontspannen. Verder vinden er gedurende de dag verschillende overleggen plaats in kleine groepen binnen het team en tussen het team en de ouders. Een ontspannen sfeer met voldoende rust creëert een aangenaam werkklimaat voor het team.
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 10 van 21
5
Beeldverwachting
In woorden en beelden is te vangen welke sfeer en uitstraling voor de Kievietschool gewenst is. Beeldverwachting in woorden De Kievietschool: oogt als één geheel, de nieuwbouw is in lijn met het monumentale gedeelte en de gymzaal, alles past bij elkaar; heeft een groene en gezonde uitstraling door een duurzaam gebouw, duurzame materialen en een groene omgeving; heeft een veilige, verwelkomende en open sfeer en daagt kinderen uit om te ontdekken; haalt de natuur actief naar binnen en maakt optimaal gebruik van haar groene omgeving; heeft een warme en natuurlijke uitstraling door een mix van natuurlijke/pasteltinten en vrolijke en primaire kleuren; laat leerlingen, ouders en leerkrachten rust, licht en transparantie ervaren, door veel ramen en een open karakter.
Beeldverwachting in beelden
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 11 van 21
6
Ruimten en relaties
Door de eerder beschreven visie en principes te vertalen naar ruimten/functies en vervolgens te bundelen, wordt het huisvestingsconcept van de Kievietschool verder gevormd. In de onderstaande paragrafen worden de algemene eisen voor de benodigde ruimten beschreven en de bijbehorende functionele relaties. Groepsruimten Centraal in de school staan acht groepsruimten, waar aan maximaal 25 leerlingen les wordt gegeven. In deze groepsruimten vindt met name in de ochtend klassikale instructie en zelfstandige verwerking plaats. In de middag wordt voornamelijk in kleine groepjes gewerkt in de groepsruimten. De groepsruimte wordt dan verruimd door het leerplein bij de groepsruimte aan te trekken. Om deze verbinding te optimaliseren, heeft elke groepsruimte een glazen schuifdeur naar het leerplein. Met name in de onderbouw is de te openen verbinding tussen de groepsruimte en het leerplein de hele dag van belang. Zo zijn zowel in de groepsruimten als op de leerpleinen verschillende speelhoeken te vinden waar beide kleutergroepen gebruik van maken. Naast de schuifdeur naar het leerplein is ook de (doorzichtige) wand tussen beide groepsruimten te openen. Verder wordt in alle groepsruimten een wand ingezet als leerwand waarop thema’s vanuit het IPC zichtbaar worden. Er is plek voor een digibord (waar geen daglicht op gericht is) en voldoende ruimte om materialen op te bergen.
Voor de leerkrachten zijn er vanuit de groepsruimte goede zichtlijnen richting de gang en het leerplein. Zij hebben een eigen werkplek in de groepsruimte, waar zij ook na schooltijd kunnen blijven werken. Het is van belang dat de leerlingen in de groepsruimten geen geluidsoverlast ervaren van de leerlingen die aan het werk zijn op de leerpleinen of spelen op het schoolplein.
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 12 van 21
Groepsruimten meer- en hoogbegaafden Naast de reguliere groepsruimten zijn er twee kleinere groepsruimte waar de meer- en hoogbegaafde leerlingen hun dag starten (groep 5-6-7-8) en het ochtendprogramma doorlopen. Deze twee groepsruimten kunnen gekoppeld worden tot één groepsruimte van reguliere omvang. Voor deze kleinere groepsruimten gelden dezelfde principes als voor de reguliere groepsruimten. De groepsruimten voor de meer- en hoogbegaafden groepen zijn beide via een glazen schuifdeur te verbinden met het leerplein voor groep 7 en 8. Voor deze groepsruimten geldt in het bijzonder dat ze eenvoudig met het leerplein verbonden kunnen worden, zodat een van deze groepsruimten (indien gewenst) ook langdurig bij het speelleerplein aangetrokken kan worden. Door bovenstaande principes zijn deze groepsruimten zo flexibel mogelijk in te zetten (één reguliere groepsruimte, twee kleine groepsruimten en één kleine groepsruimte en een groter speelleerplein). Speelleerpleinen De leerpleinen bieden ruimte voor de leerlingen om in kleinere groepjes samen te werken en projectmatig aan de slag te gaan. Voor de groepen 1-2 betekent dit een speelleerplein waarop hoeken worden gecreëerd als verlengde van de groepsruimte. De groepen 3-4, 5-6 en 7-8 hebben ook elk hun eigen leerplein dat de leerlingen stimuleert op ontdekking uit te gaan.
Het plein biedt verschillende zitjes en plekken waarin overleg kan plaatsvinden, groepjes kunnen samenwerken en ontdekkend kan worden geleerd. Het is een multifunctionele ruimte waar tevens een digibord hangt. Door de glazen schuifdeuren te openen kan het plein verbonden worden met twee groepsruimten of in het geval van de groepen 7 en 8 met vier groepsruimten (twee meer- en hoogbegaafden groepen). Atelier Het atelier is een inspirerende en multifunctionele ruimte waar verschillende creatieve activiteiten kunnen plaatsvinden. Deze ruimte is zo gesitueerd/geïsoleerd dat de rest van de school geen ‘last’ heeft van het geluid. Wekelijks worden in dit lokaal handvaardigheid, techniek-, kook- en muzieklessen gegeven. Om dit te faciliteren biedt de ruimte een grote keuken waar een groepje van circa zes leerlingen kan koken en waar materialen afgewassen kunnen worden. Grenzend aan de ruimte is een magazijn waar de benodigde materialen en instrumenten opgeborgen kunnen worden. Naast de hoofdfunctie van het atelier, kan de ruimte ook gebruikt worden door leerlingen die in kleine groepjes samenwerken of ontdekkend leren.
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 13 van 21
Teamkamer De teamkamer is meer dan een plek om koffie te drinken en pauze te houden. Het is dé plek binnen de school waar teamleden elkaar ontmoeten. In deze ruimte staat een pantry gesitueerd en zijn voldoende zit- en ontspanplekken voor teamleden. Verder biedt de ruimte nog twee werkplekken waar in rust gewerkt kan worden. De teamkamer heeft ook als functie om de samenwerking tussen teamleden te faciliteren die zowel in de teamkamer als in de spreekkamers plaatsvindt. Kantoorruimten In het gebouw staan drie kantoorruimten: een directiekantoor en twee flexkantoren. Het directiekantoor bestaat uit een werkgedeelte waar plaats is voor één werkplek en een overleggedeelte waar een overlegtafel staat gesitueerd. De flexkantoren bestaan beide uit één werkplek. Eén flexkantoor wordt voornamelijk gebruikt door de administratief medewerker en biedt plaats voor het archiveren van documenten en dergelijke. Eén flexkantoor wordt het grootste gedeelte van de week gebruikt door de intern begeleider, die in deze ruimte haar materialen en documenten heeft opgeslagen. In deze ruimte zit een overlegtafel verbonden aan de werkplek. Spreekkamers/zorgruimten Op school zijn drie spreekkamers aanwezig, waarin kindgerelateerde zorg door het team en externen wordt geboden, waarin teamleden en leerlingen werken en overleggen of waarin teamleden vertrouwelijke gesprekken kunnen voeren.
Twee van deze spreekkamers bieden plaats voor twee tot drie personen en één spreekkamer is groter en biedt plaats voor vijf personen. De spreekkamers grenzen aan de speelleerpleinen en hebben een transparante uitstraling (mogelijk treincoupé). De ruimten zijn aparte ruimten en maken geen onderdeel uit van de speelleerpleinen.
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 14 van 21
Buitenruimte De buitenruimte is een uitdagende groene plek waar leerlingen elkaar ontmoeten. Op het schoolplein wordt duurzaamheid zichtbaar voor de leerlingen. Overig/facilitair Overige benodigde ruimten zijn: sanitair kinderen (te zien vanuit de groepsruimten, mogelijk middels een raam); sanitair personeel; garderobe (slimme opbergmogelijkheden voor jassen, tassen en natte spullen); reproruimte; serverruimte; bergruimte schoonmaak/klus; bergruimte.
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 15 van 21
Hoofdentree
Relatieschema
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 16 van 21
7
Ruimtestaat
Het kader voor de te realiseren ruimtebehoefte wordt bepaald door de normatief berekende ruimtebehoefte (1.246 m² bvo); de school is vrij in het bepalen van de invulling van deze ruimte. De ruimtevraag is berekend in netto vierkante meters (m² nvo); dit is het totaal van alle netto vloeroppervlakten. De bruto vloeroppervlakte is verkregen door het aantal m² nvo te vermenigvuldigen met een bruto-netto factor van 1,3. Deze factor staat voor de extra oppervlakte die nodig is om indelingsverliezen, constructies, installaties, technische-, verkeersen circulatieruimte op te kunnen vangen. De bruto-netto factor is ambitieus; het verzoek aan de architect is om dit waar te maken ten gunste van het netto gebruik van de ruimten. In de ruimtestaat staan de gewenste ruimten en oppervlakten weergegeven. Een gedeelte van deze ruimten dient ingepast te worden in het bestaande monumentale gedeelte van het pand.
Integrale ruimtestaat Kievietschool Wassenaar Functie Groepen 1-2 Groepsruimten Speelleerplein Sanitair leerlingen Groepen 3-4 Groepsruimten Speelleerplein Sanitair leerlingen Groepen 5-6 Groepsruimten Speelleerplein Sanitair leerlingen Groepen 7-8 Groepsruimten Groepsruimte meer- en hoogbegaafden Speelleerplein Sanitair leerlingen Personeelsruimten Teamkamer Miva-toilet Sanitair personeel Kantoor directie Flexkantoor Flexkantoor Spreekkamer groot Spreekkamer klein Algemene ruimten Atelier (incl. keuken) Bergruimte schoonmaak/klus Reproruimte Bergruimte
ruimte om te zijn
Aantal
Oppervlakte
Totaal
2 1 4
55 70 2
110 70 8
2 1 4
55 55 2
110 55 8
2 1 4
55 55 2
110 55 8
2 2 1 5
55 29 70 2
110 58 70 10
1 1 1 1 1 1 1 2
30 5 2 12 10 8 10 6
30 5 2 12 10 8 10 12
Bijzonderheden
gekoppeld aan groepsruimten
groep 3 grenst aan speelleerplein 1-2 gekoppeld aan groepsruimten bovenverdieping gekoppeld aan groepsruimten bovenverdieping
1 60 1 4 1 8 2 8 Totaal netto Bruto-netto factor Totaal bruto Norm Verschil
gekoppeld aan groepsruimten
bovenverdieping incl. afsluitbare overlegruimte hoofdgebruiker: intern begeleider hoofdgebruiker: administratie
60 4 8 16 959 1,3 1246,7 1246 -0,7
bovenverdieping
één op bovenverdieping
U20111
Pagina 17 van 21
8
Technische uitgangspunten
Naast de ruimtelijk-functionele eisen zijn ook de technische eisen van belang. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de technische uitgangspunten die gehanteerd worden voor de Kievietschool. In de onderstaande paragrafen worden de vijf aspecten nader toegelicht. Samenvatting eisen Frisse Scholen – Kievietschool Wassenaar Klasse A Klasse B Energie A Binnenluchtkwaliteit B Temperatuur B Licht B Geluid B PvE Frisse Scholen versie september 2015
Klasse C
Energie Ten aanzien het energieverbruik dient voor verblijfsruimten aan de eisen te worden voldaan die gesteld worden door het document ‘Programma van Eisen Frisse Scholen 2015 – versie september 2015’ van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), classificatie A: uitmuntend. Energiekosten nieuwbouw Om de tijdens het gebruik van het gebouw de milieubelasting te beperken worden eisen gesteld aan het primair energieverbruik van de nieuwbouw. Uitgangspunt: beperk de energiekosten. Het doel is te komen tot zelfvoorziening in energie. Het dakoppervlak van het gebouw dient daarvoor te worden ingezet. Het gebouw betreft een energieneutraal gebouw, bepaald volgens NTA 8800. De aannemer wordt verplicht gesteld tot het afgeven van een kwaliteitsborging met een prestatieverplichting van ten minste 5 jaar, ingaand vanaf de dag van oplevering. Infiltratie nieuwbouw Om warmteverliezen door infiltratie te beperken, worden tevens eisen gesteld aan de luchtdichtheid van de gebouwschil van de nieuwbouw. Infiltratievoud bij een drukverschil van 50 Pa Klasse 2 - goed Tussen 0,3 en 0,6 dm3/s.m2 Meting conform NEN-EN 13829:2000 Bovenstaande classificatie betekent dat extra aandacht is benodigd voor detaillering, hang- en sluitwerk, keuze van het afdichtingsmateriaal en de uitvoering.
De uitvoerende partij is verplicht om voor oplevering een blowerdoortest op te leveren, waarin wordt aangetoond dat wordt voldaan aan de in bovenstaande tabel genoemde luchtdichtheidseis. Tevens is de aannemer verplicht om voor oplevering een uitgebreide warmtebeeld-rapportage aan te leveren, dat een gedetailleerd beeld geeft van de isolatiekwaliteit van het gehele gebouw.
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 18 van 21
Binnenluchtkwaliteit In het gebouw dient een goede luchtkwaliteit te worden bereikt waarbij de binnenlucht geen verontreinigingen bevat in een concentratie waarvan bekend is dat deze de gezondheid aantast of hinder veroorzaakt. De kwaliteit van de binnenlucht in een ruimte wordt bepaald door de in de ruimte vrijkomende verontreinigingen, het toevoerluchtdebiet van de buitenlucht en de kwaliteit hiervan. Ten aanzien van de luchtkwaliteit in relatie tot de maximale hoeveelheid verontreiniging (concentraties van aanwezige stoffen), dient voor verblijfsruimten aan de eisen te worden voldaan die gesteld worden door het document ‘Programma van Eisen Frisse Scholen 2015 – versie september 2015’ van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), classificatie B: goed. Volledigheidshalve wordt vermeld dat alle binnenmilieu-eisen uit het PvE Frisse Scholen (dus niet alleen het onderdeel binnenluchtkwaliteit) minimaal 95% van de gebruikstijd dienen te voldoen. Kwaliteit toevoerlucht De in de verblijfsruimten ingebrachte ventilatielucht heeft minimaal dezelfde kwaliteit als de buitenlucht ter plaatse. Toevoerluchtdebiet Voor verblijfsruimten wordt het toevoerluchtdebiet bepaald door de maximale CO2concentratie. Voor de overige ruimten wordt uitgegaan van de wettelijke vereisten.
Spuiventilatie Het dient mogelijk te zijn verblijfsruimten in korte tijd met een grote hoeveelheid buitenlucht te spuien. Hiertoe dient het ventilatiedebiet van het gebouw aan de volgende waarden te voldoen (alleen van toepassing op de nieuwbouw, voor de verbouw geldt het rechtens verkregen niveau): Gebruiksfunctie Onderwijsruimten Overige ruimten
Ventilatiedebiet per m² verblijfsruimte (l/s/m²) 6 3
Thermisch comfort De mate waarin mensen zich behaaglijk voelen in een gebouw wordt voor een belangrijk deel bepaald door het aspect thermische behaaglijkheid. Naast de algemene technische behaaglijkheid (te warm of te koud) wordt ook de lokale thermische behaaglijkheid beschouwd als tocht, verticale temperatuurgradiënt (hinderlijk groot verschil tussen temperatuur op hoofdhoogte en enkelhoogte), stralingsasymmetrie (hinderlijke eenzijdige warmte-/koudestraling) en warme/koude vloeren. Algemene thermische behaaglijkheid De wettelijke basis voor de behaaglijkheid is gelegen in de Arbowetgeving. Hierin is onder meer gesteld dat het klimaat op de arbeidsplaats niet mag leiden tot schade aan de gezondheid van de gebruikers. Voorts is het klimaat op de arbeidsplaats zo behaaglijk en gelijkmatig als redelijkerwijs mogelijk. Daarbij wordt rekening gehouden met de aard van de werkzaamheden die door de gebruikers worden verricht en de fysieke belasting die het
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 19 van 21
gevolg is van die werkzaamheden. Hinderlijke tocht wordt vermeden, tenzij dit redelijkerwijs niet kan worden gevergd. Aan de eisen wordt voldaan indien de PMV-waarde in verblijfsruimten voldoet aan de onderstaande voorwaarde: Ruimte PMV-klasse Verblijfsruimte (maximaal 10% van -0,2 < PMV > +0,2 de gebruikstijd een overschrijding van…..) Berekeningen conform ISSO 32 uitgevoerd voor het klimaatjaar 1995 en representatieve binnenklimaatcondities. Bepaling conform NEN-EN-ISO 7730:2005 Ten aanzien van het thermisch comfort dient voor verblijfsruimten aan de eisen te worden voldaan die gesteld worden door het document ‘Programma van Eisen Frisse Scholen 2015 – versie september 2015’ van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), classificatie B; Goed. Bij het behalen van de eisen ten aanzien van klasse B wordt in acht genomen dat een dergelijk gecompliceerd systeem een langere inregeltijd kent. De haalbaarheid dient vooraf echter wel aangetoond te worden via de toetsing en acceptatieroute. Visueel comfort Een goed verlichte werk- en leeromgeving heeft een zo “natuurlijk” mogelijke oorsprong. Dit impliceert dat zoveel als mogelijk het beschikbare daglicht moet worden benut. Wanneer dat onvoldoende beschikbaar is, dient een zo goed mogelijke verlichtingssituatie te worden gecreëerd door toepassing van kunstlicht, gestuurd door bewegingsmelders en daglichtschakeling.
In de onderwijsruimten dient het kunstlicht regelbaar en dimbaar te zijn. Digiborden dienen bij zonlicht goed leesbaar te zijn en er zal bijzondere aandacht besteed moeten worden aan de lichtwering. Ten aanzien van het visueel comfort dient voor verblijfsruimten aan de eisen te worden voldaan die gesteld worden door het document ‘Programma van Eisen Frisse Scholen 2015 – versie september 2015’ van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), classificatie B; Goed. Uitzicht (van toepassing op nieuwbouw) Het hebben van uitzicht is belangrijk voor een mens. In combinatie met daglicht heeft dit een positieve invloed op het welzijn. Uitzicht wordt ook geassocieerd met het kunnen inschatten van het tijdstip en het weer. Vanuit verblijfsruimten dient tenminste uitzicht te zijn op de buitenomgeving. De verblijfsruimten hebben uitzicht op ten minste twee van de volgende criteria: groen, hemelkoepel en/of voorwerpen van dichtbij en veraf. Akoestisch comfort Geluid van buiten Geluid van buiten wordt in de regel vooral veroorzaakt door het verkeer. Ten aanzien van beperking van stoorgeluiden door buitengeluiden is als beoordelingscriterium om praktische reden gekozen voor een prestatie-eis ten aanzien van de geluidwering van de gevel, zodanig dat in de achterliggende geluidgevoelige ruimten kan worden voorzien in een voldoende laag geluidsniveau.
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 20 van 21
Ten aanzien van het akoestisch comfort dient voor verblijfsruimten aan de eisen te worden voldaan die gesteld worden door het document ‘Programma van Eisen Frisse Scholen 2015 – versie september 2015’ van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), classificatie B; Goed.
ruimte om te zijn
U20111
Pagina 21 van 21