Bijlage 2. Jaarrekening 2023 met rechtmatigheidsverklaring
Tekst van het document
Pagina 1 Jaarstukken 2019 BSGR rech0003
Jaarstukken 2023
Pagina 2 Jaarstukken 2023 BSGR
Inhoudsopgave Inhoudsopgave Voorwoord van de Directeur Verantwoordelijkheid (dagelijks) bestuur 1. Inleiding & leeswijzer 2. Financieel resultaat 2.1 Analyse resultaat 2023 2.2 Voorstel resultaatbestemming 3. Programmaverantwoording 3.1 Programmarekening over 2023 3.2 Toelichting per programma 3.2.1 Toelichting algemeen 3.2.2 Strategie 3.2.3 ISAE 3402 3.2.4 Financiën en aanbesteding 3.2.5 Automatisering 3.2.6 Informatiebeveiliging en Privacy 3.2.7 Programma 1: Heffen 3.2.8 Programma 2: Informatie & Inning 3.2.9 Programma 3: Waarderen 3.2.10 Programma 4: Overhead 3.2.11 Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien 3.3 Paragrafen 3.3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 3.3.2 Financiering & treasury 3.3.3 Prognose EMU-saldo 3.3.4 Bedrijfsvoering 3.3.5 Wet open overheid 3.3.6 Beleidsindicatoren 4.
Jaarrekening 2023 4.1 Overzicht van baten en lasten 2023 4.2 Balans per 31 december 2023 4.3 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 4.3.1 Waarderingsgrondslagen 4.3.2 Grondslagen van resultaatbepaling 4.4 Toelichting op het overzicht van baten en lasten 4.4.1 Economische kosten categorieën 4.4.2 Incidentele baten en lasten 4.4.3 Wet normering bezoldiging topfunctionarissen (WNT) 4.5 Toelichting op de balans 4.5.1 Vaste activa 4.5.2 Vlottende activa 4.5.3 Vaste Passiva 4.5.4 Vlottende passiva 4.5.5 Niet uit de balans blijkende verplichtingen 4.6 Geprognosticeerde Balans 4.7 Overige gegevens 4.7.1 Belangrijke gebeurtenissen na balansdatum 5 Bijlage I 5.1 Overzicht belastingtaken inclusief overhead voor BSGR en per deelnemer
2 3 4 5 6 6 7 8 8 9 9 9 10 11 11 13 15 19 25 35 36 37 37 42 43 43 48 49 50 50 51 52 52 53 54 54 56 57 59 59 59 60 61 62 63 63 63 64 64
Pagina 3 Jaarstukken 2023 BSGR
Voorwoord van de Directeur Geachte lezer, Bijgaand treft u aan de Jaarstukken van 2023 van de Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland, waarin een positief resultaat van € 665K wordt gepresenteerd. Hierbij past de kanttekening dat de WOZbezwaren 2023 vanwege de enorm grote hoeveelheid slechts gedeeltelijk zijn afgehandeld per 31 december 2023. De kosten voor de verdere afhandeling komen daarmee ten laste van 2024. Voor het inmiddels elfde jaar op rij heeft de BSGR tevens een ISAE3402-type II verklaring ontvangen, helaas kent deze dit jaar wel beperkingen. De belangrijkste reden hiervoor is de overgang van de ICTinfrastructuur naar een andere provider. De BSGR is wel nog steeds de enige belastingorganisatie in Nederland die ISAE3402 type II gecertificeerd is. Een dergelijke verklaring staat garant voor de betrouwbaarheid en validiteit van de door de BSGR uitgevoerde belastingprocessen en is daarmee een nadrukkelijk (ook internationaal) kwaliteitspredicaat. De wereldwijde crises, inflatie en grote tekorten op de arbeidsmarkt, ook bij onze toeleveranciers, heeft veel gevraagd van onze medewerkers. De werkdruk is daarmee enorm toegenomen, niet in het laatst, door steeds complexere wet- en regelgeving vanuit de Rijksoverheid. De grenzen van wat uitvoeringsorganisaties nog aan kunnen zijn inmiddels bereikt en misschien zelfs al overschreden.
Mijn grote dank gaat dan ook uit naar alle medewerkers van de BSGR die in het afgelopen jaar onder zeer moeilijke omstandigheden, de continuïteit en kwaliteit van de dienstverlening van de BSGR waarborgden.
Leiden, maart 2024 Mevr. drs. E.T.M. van Kesteren
Pagina 4 Jaarstukken 2023 BSGR
Verantwoordelijkheid Dagelijks Bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het Dagelijks Bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met de door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het Algemeen Bestuur op vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het Dagelijks Bestuur bepaald en bedraagt 1% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op €146K.
De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2023 van de Commissie BBV van november 2023. Bevinding Het Dagelijks Bestuur is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens. Er zijn geen afwijkingen geconstateerd. In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met de Algemeen Bestuur aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het Dagelijks Bestuur ook beschreven welke actie hij onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.
Pagina 5 Jaarstukken 2023 BSGR
1. Inleiding & leeswijzer Voor u ligt het jaarverslag en de jaarrekening 2023 van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland, kortweg de jaarstukken 2023 van de BSGR. De BSGR laat dit jaar een positief resultaat zien van € 665K. Dit resultaat is met name ontstaan door fors lagere personele lasten over het gehele jaar als gevolg van het niet kunnen beschikken over gekwalificeerde inhuur voor de afhandeling van de WOZ-bezwaren. Resultante hiervan is dat de kosten van de afhandeling van de WOZ-bezwaren 2023 voor een groot deel ten laste gaan komen van 2024, zoals in het najaar reeds is gemeld. Deze extra kosten worden gemitigeerd door het gehele resultaat ten gunste van een bestemmingsreserve ‘proceskosten afhandeling WOZ-bezwaren 2023’ te laten komen. Het niet aanwenden van de post Onvoorzien en een aantal ‘kleinere’ voordelen op meerdere posten leiden uiteindelijk tot een resultaat van € 665K. Voor wat betreft de kwaliteit blijft de BSGR streven naar behoud van de ISAE3402-verklaring. Certificering is en blijft een “unique selling point” voor de BSGR in de aansluiting van nieuwe deelnemers. Over 2023 is wederom een ISAE 3402-verklaring afgegeven door de certificerend accountant. Helaas dit jaar wel met beperkingen. In de onderliggende jaarstukken wordt inzicht gegeven in het financiële resultaat.
In de programmaverantwoording wordt per begrotingsprogramma de middeleninzet nader geanalyseerd, beginnend met een totaaloverzicht. Ook wordt ingegaan op de verschillende te onderkennen verplichte paragrafen. Als laatste is de balans per ultimo 2023 met bijbehorende toelichting onderdeel van de jaarstukken. Aangezien de jaarrekening onderwerp van accountantscontrole is, hetgeen resulteert in een oordeel over de getrouwheid en rechtmatigheid, worden de jaarstukken vergezeld van de controleverklaring van de accountant.
Pagina 6 Jaarstukken 2023 BSGR
2.
Financieel resultaat
2.1
Analyse resultaat 2023
Het begrotingsjaar 2023 kent een totaal aan baten ad € 15,5 mln., gebaseerd op begrote uitgaven van € 15,1 mln. x € 1.000 Onderdeel Personeelslasten Kapitaalslasten Automatiseringslasten Huisvestingslasten Overige goederen en diensten Bijdrage GDI Onvoorzien Bijdragen deelnemers Bijdragen deelnemers Overig Doorbelasting GDI Overige Opbrengsten Uitvoeringskosten KTA Totaal van saldo van baten en lasten Onttrekkingen aan bestemmingsreserves Totaal na mutaties in reserves
Primaire Begroting 2023 8.722 249 1.754 595 2.527 200 109 -13.956 0 -200
14.156
-14.156
14.156
-14.156
Gerealiseerde resultaat
Begroting 2023 na wijziging december 9.215 208 2.351 629 2.428 150 109 -15.053 -145 -150 -130 -25 15.088 -15.503 15.088
0
-15.503 -415
Realisatie 2023 9.147 208 2.276 629 2.393 -4 0
14.648
-15.053 -145 28 -125 -17 -15.313
14.648
-15.313 -665
De afwikkeling van 2023 laat een totaal aan baten zien ad € 15,3 mln. en een totaal aan lasten van € 14,6 mln. Per saldo is er sprake van een positief resultaat van € 665K. De toename van het voordelig saldo (na begrotingswijziging) ten opzichte van de bijgestelde begroting laat zich afgerond als volgt specificeren: Onderdeel x € 1.000 Personeelslasten Kapitaalslasten Automatiseringslasten Huisvestingslasten Overige goederen en diensten Bijdrage GDI Onvoorzien Bijdragen deelnemers Bijdragen deelnemers Doorbelasting GDI Overige Opbrengsten Uitvoeringskosten KTA Onttrekkingen aan bestemmingsreserves Totaal
Voor een nadere toelichting zie paragraaf 4.4.1 en verder.
Saldo 68 0 75 0 35 154 109 0 0 -178 -5 -8 0 250
Pagina 7 Jaarstukken 2023 BSGR 2.2
Voorstel resultaatbestemming
Het totale resultaat over begrotingsjaar 2023 geeft het volgende beeld: x € 1.000 Resultaat Boekjaar
Resultaat 2023
Resultaat 2022
665
86
Bij de besluitvorming over de jaarrekening zal aan het bestuur worden voorgesteld om € 300K van het resultaat ten gunste te brengen van een nieuw te vormen bestemmingsreserve ‘proceskosten afhandeling WOZ-bezwaren 2023’. Reden hiervoor is dat een groot deel van de proceskostenvergoedingen WOZ-bezwaren 2023 ten laste zal komen van boekjaar 2024. Najaar 2023 is reeds gemeld dat hiervoor extra middelen benodigd waren die ten laste zouden komen van 2024. Ook wordt voorgesteld om € 65K van het resultaat toe te voegen aan de algemene reserve, waarmee de algemene reserve net iets lager is dan de wettelijk toegestane 5%. De resterende € 300K zal tot slot worden teruggestort aan de deelnemers cf. de kostprijscalculatie 2023.
Pagina 8 Jaarstukken 2023 BSGR
3.
Programmaverantwoording
3.1
Programmarekening over 2023
Onderstaand is een samenvattend overzicht opgenomen over de opbouw van het programmaresultaat. De baten worden weergegeven met een negatief teken. Het onderdeel saldo geeft het resultaat weer per programma. Het totale positieve resultaat bedraagt €665K over 2023. Ten opzichte van de begrotingswijziging december 2023 is er sprake van een saldo van € 250K. x € 1.000 Lasten Programma 1 - Heffen Programma 2 - Informatie & Inning Programma 3 - Waarderen Programma 4 - Overhead Algemene dekking en onvoorzien Totaal Lasten Baten Programma 1 - Heffen Programma 2 - Informatie & Inning Programma 3 - Waarderen Programma 4 - Overhead Algemene dekking en onvoorzien Totaal Baten Saldo van baten en lasten Programma 1 - Heffen Programma 2 - Informatie & Inning Programma 3 - Waarderen Programma 4 - Overhead Algemene dekking en onvoorzien Gerealiseerde totaal van saldo van baten en lasten Mutaties reserves Onttrekkingen aan het rekeningresultaat Dotaties aan bestemmingsreserves Onttrekkingen aan bestemmingsreserves Saldo mutaties reserves Gerealiseerde resultaat
Primaire Begroting 2023 3.218 2.867 5.013 2.949 109 14.156
Gewijzigde Realisatie 2023 Begroting december 2023 3.387 3.356 3.039 2.796 5.129 5.110 3.425 3.386 109 0 15.088 14.648
Realisatie versus begroting 31 243 19 39 109 441
-3.218 -2.867 -5.013 -2.949 -109 -14.156
-3.387 -3.039 -5.129 -3.425 -524 -15.503
-3.356 -2.796 -5.110 -3.386 -665 -15.313
-31 -243 -19 -39 142 -190
0 0 0 0 0 0
0 0 0 0 -415 -415
0 0 0 0 -665 -665
0 0 0 0 250 250
0 0 0 0 0
0 0 0 0 -415
0 0 0 0 -665
0 0 0 0 250
De lasten op programmaniveau worden in basis volledig gedekt door de baten (deelnemersbijdragen) en de onttrekkingen uit de bestemmingsreserves. Wanneer het totaalsaldo van bijdragen van deelnemers en de onttrekkingen aan bestemmingsreserves lager cq. hoger is dan de gerealiseerde lasten, wordt dit zichtbaar gemaakt middels de post Algemene dekking en onvoorzien. In boekjaar 2023 hebben wij een positief resultaat behaald van € 665K. Dit bedrag is opgenomen bij de Algemene dekking en onvoorzien als correctie op de opbrengsten van de programma’s.
Pagina 9 Jaarstukken 2023 BSGR 3.2
Toelichting per programma
3.2.1 Toelichting algemeen Programmaverslag Inleiding In het programmaplan 2023 en de meerjarenbegroting zijn de werkzaamheden van de BSGR verdeeld over de volgende programma’s: • • • •
programma 1 – heffen programma 2 – informatie & inning programma 3 – waarderen programma 4 – overhead (voorheen directie en bedrijfsvoering)
Daarnaast wordt er aandacht besteed aan de algemene dekkingsmiddelen en de post onvoorzien. Maatschappelijke effecten De BSGR is een uitvoeringsorganisatie. Hierdoor vertalen de maatschappelijke effecten zich vooral in de productie die voor de deelnemers gedraaid is alsmede de kwaliteit van die productie. De BSGR heeft zich in 2023 wederom verder geconcentreerd op verbetering van de opzet en werking van de primaire processen waarbij rekening wordt gehouden met de specifieke sturingselementen en prestatieindicatoren per proces. In de jaarstukken wordt vooral vanuit het financieel kader verantwoording afgelegd. Hierbij gaat de programmaverantwoording in op de vragen: 1. Wat hebben we gedaan? 2. Wat heeft dat gekost? Onderstaand wordt een beknopte doorkijk van het beleid en ontwikkelingen op middellange termijn van de BSGR gegeven. Strategische ontwikkelingen
3.2.2 Strategie Om interessant te blijven voor de huidige en nieuwe deelnemers is een optimale prijs-kwaliteit verhouding essentieel. Continue aandacht voor kostenreductie blijft noodzakelijk, waarbij de kwaliteit van de dienstverlening door de BSGR minimaal op hetzelfde niveau blijft. Deze verhouding staat inmiddels onder forse druk aangezien de werkprocessen “gedicteerd” worden door de verplichte afname van en levering aan de landelijke basisregistraties die momenteel nog verre van optimaal functioneren met als gevolg grootschalig en handmatig opwerken van gegevens. Een belangrijk kenmerk van de BSGR is dat de prijs van haar producten gedetailleerd kan worden doorgerekend. De door het Algemeen Bestuur van de BSGR vastgestelde kostprijsmethodiek speelt daarbij een grote rol. De kostprijsmethodiek wordt gebruikt voor het verkrijgen van inzicht in de kostenstructuur van de BSGR en kan worden gebruikt als sturingselement voor de BSGR zelf, als berekeningsmethodiek voor potentiële nieuwe deelnemers en als basis voor de kostenverdeling tussen de deelnemers onderling. Element in de prijs-kwaliteit verhouding is tevens de verhouding tussen harmonisatie en standaardisatie enerzijds versus maatwerk anderzijds. Harmonisatie en standaardisatie van uitvoering is elementair in een grootschalig productieproces en feitelijk een randvoorwaarde voor toetreding tot de BSGR.
Te denken valt hierbij aan bijvoorbeeld betaaltermijnen, betaalwijzen (bijvoorbeeld automatische incasso’s vanaf een bepaald bedrag), combineren van aanslagen en dergelijke. Harmonisatie en standaardisatie van het belastingbeleid is qua kostenefficiency wenselijk, echter qua politieke beleidsvrijheid lastig te realiseren. Deze politieke beleidsvrijheid heeft echter wel een prijs, welke BSGR met het kostprijscalculatiemodel berekend kan worden. Het streven naar harmonisatie staat de mogelijkheid daarmee niet in de weg dat de BSGR ook maatwerk aan haar deelnemers kan en wil leveren. In dat geval zal de BSGR voor de betreffende deelnemer inzichtelijk maken wat daarvan de kosten zijn ten opzichte van het afnemen van een geharmoniseerd product. Uitgangspunt is daarbij wel dat de deelnemer de integrale kosten voor maatwerk betaalt. Daarbij dient niet onvermeld te blijven dat de
Pagina 10 Jaarstukken 2023 BSGR BSGR, volgens het principe van kostprijscalculatie (KPC), begroot op basis van voorcalculatie en afrekent op basis van nacalculatie De omgeving van de BSGR is onderhevig aan vele, snelle veranderingen op het gebied van wetgeving en technologie. Het volgen van deze ontwikkelingen is een noodzaak en dit heeft consequenties voor de bedrijfsvoering, processen en systemen van de BSGR die aangepast moeten worden op de gewijzigde wet- en regelgeving en de veranderende technologie. Deze ontwikkelingen zorgen voor druk op het kunnen handhaven van een optimaal prijs-kwaliteitsniveau. Toenemende vergrijzing en schaarste op de arbeidsmarkt dwingt de BSGR om de mogelijkheden voor schaalvergroting te onderzoeken. Personeel met kennis van lokale belastingen wordt landelijk meer en meer een schaars goed, waarbij de uitstroom van kennis als gevolg van de vergrijzing de continuïteit van belastingorganisaties onder druk zet. Belastingorganisaties zullen daarom actiever moeten zoeken naar mogelijkheden voor een verregaande samenwerking, dan wel dat op termijn de dienstverlening moet worden aangepast aan de veranderende omgeving. Deze ontwikkeling ziet het accountantskantoor BDO overigens ook binnen gemeenten.
Samenwerking met andere belastingkantoren kan gelet op bovenstaande niet alleen kostenvoordelen bieden maar ook voorzien in de steeds hogere eisen die gesteld worden aan de kwaliteit van de medewerkers en het beheersbaar houden van de interne organisatie. De vraag is echter of dit voldoende is om het huidige zeer hoge niveau van dienstverlening te kunnen waarborgen. Verregaande standaardisatie en ‘versimpeling’ van heffingsmethodieken kan hierbij soelaas bieden en kan de kosten beheersbaar houden. Echter de laatste jaren zien wij eerder een tegengestelde beweging in deze (bijvoorbeeld Diftar) waardoor de kosten zullen gaan oplopen.
3.2.3 ISAE 3402 Vanaf de operationele start van de BSGR in 2011 is er hard gewerkt om op het huidige zeer optimale prijs-kwaliteitsniveau te komen waarop de organisatie nu presteert. Het verkrijgen van de ISAE3402 type 2 verklaring, een waarborg voor de validiteit en betrouwbaarheid van de belastingprocessen is daar een voorbeeld van. Tot op heden is de BSGR nog steeds de enige belastingorganisatie in Nederland die in het bezit is van deze type 2 kwalificatie. Ook voor de komende jaren zal het behoud van deze certificering centraal staan. Certificering is daarmee een belangrijk “unique selling point” in de aansluiting van nieuwe deelnemers bij de BSGR. De BSGR beschikt hiermee over een gestructureerd risicomanagement model te weten de stappen: identificatie, analyse en beoordeling, beheersing van risico’s en structurele inpassing in het beleid. Deze ontwikkeling is onder andere vormgegeven in het ISAE raamwerk. Het controleraamwerk beschrijft het volgende: • De wijze waarop de belangrijkste processen binnen BSGR, gericht op het waarderen, heffen en invorderen van belastingen, het samenstellen van de belastingrapportage, de IT General Controls en privacy zijn ingericht; • Per proces wat de doelstelling is; • Welke risico’s kunnen optreden binnen deze processen; • Welke beheersmaatregelen minimaal moeten zijn ingericht.
Er kan gemeld worden dat er in maart 2024 voor het elfde achtereenvolgende jaar een ISAE3402 type II verklaring is behaald, echter met beperkingen.
Pagina 11 Jaarstukken 2023 BSGR 3.2.4 Financiën en aanbesteding In 2022 stonden een aantal grote aanbestedingen op de kalender, waarvan de effecten zichtbaar zijn geworden in 2023. De grootste hiervan, de aanbesteding van de ICT Infrastructuur en kantoorautomatisering is inmiddels afgerond en heeft geleidt tot een overgang van Centric SMC naar KPN als beheerder. Deze overgang heeft aanvankelijk tot forse performance issues geleid. Ditzelfde gold voor de overgang van de telecom services naar KPN. Door veel inspanningen is de performance inmiddels fors verbeterd. Doordat de infrastructuur en de belastingapplicatie niet meer bij dezelfde leverancier zijn ondergebracht komen nu vaker afstemmingsproblemen voor die extra aandacht vragen. Met betrekking tot gespecialiseerde inhuurkrachten op detacheringsbasis maakt BSGR sinds begin van dit jaar gebruik van een Dynamisch Aankoop Systeem (DAS) waarin de uitvraag naar inhuur personeel voor bijvoorbeeld de WOZ-bezwaarafhandeling kan worden uitgezet. Hiermee kunnen mogelijke problemen op het gebied van rechtmatigheid worden voorkomen. De Verbijzonderde Interne Controle (VIC) is in 2023 doorontwikkeld en wordt periodiek uitgevoerd.
3.2.5 Automatisering Samen met een aantal andere belastingkantoren, wordt in een directeurenoverleg gesproken over de aan te houden koers als het gaat om ICT ontwikkelingen. Hierbij worden ze geadviseerd door de leden van het kernteam. Dit zijn vanuit deze belastingkantoren medewerkers die of verantwoordelijk zijn voor de ICT en/of beleid dan wel afdelingshoofd zijn. Door het kernteam wordt ook de ontwikkelagenda van Centric en Bakerware (onze portal leverancier en inmiddels ook onderdeel van Centric) besproken met de betrokken partijen. Hierdoor is een ICT samenwerking ontstaan tussen de genoemde kantoren aan de ene kant en de softwareontwikkelaar aan de andere kant. Deze samenwerking leidt ertoe dat krachten gebundeld worden en kosten gedeeld. De kostendeling is van belang gezien de hogere perceptiekosten die het gevolg zijn van de door het Rijk in het leven geroepen en door te ontwikkelen basisregistraties. Deze landelijke basisregistraties leiden tot aanzienlijke prijskaartjes. Niet alleen voor belastingkantoren, maar ook voor belastingafdelingen van waterschappen en gemeenten. De verwachting is dat de vanuit het Rijk geïnitieerde kosten alleen nog maar zullen stijgen.
Het beperkt aantal organisaties dat pakketten levert voor integrale belastingheffing en -inning wordt daarmee vanuit het Rijk geconfronteerd met zowel omvangrijke softwarewijzigingen als de daarbij behorende zeer hoge kosten. Deze kosten worden doorbelast aan hun klanten. Twee belangrijke ontwikkelingen staan hierin centraal: De doorontwikkeling van een aantal basisregistraties naar een samenhangende objectenregistratie en ”common ground”. Duidelijk is dat hiervoor forse inspanningen en ICT investeringen benodigd zijn. Daarnaast vragen WOZ-taxaties om steeds slimmere technieken. Door de inzet van enerzijds kunstmatige intelligentie in taxatiemodellen en anderzijds meer locatiegegevens uit Geo-registraties en GIS-analyses zullen de voor WOZ taxaties gebruikte modellen steeds betere taxaties leveren. Het huidige waarderingspakket van de BSGR biedt deze technieken (nog) onvoldoende, waardoor oriëntatie op een nieuw waarderingspakket vereist wordt. Door de softwareleverancier (Centric) wordt gewerkt aan het ombouwen van de belastingapplicatie naar de SaaS waarna deze in de Cloud kan worden afgenomen. Waar de verwachting was dat dit eind 2023 gereed zou zijn, heeft de leverancier haar koers aangepast waarbij nu de verwachting is dat op zijn vroegst eind 2028 de belastingapplicatie geheel in de Cloud kan worden afgenomen.
Voor BSGR betekent dit dat er gedurende een langere periode gebruik gemaakt moet gaan worden van dure inhuur op het gebied van applicatiebeheer. Vanuit dit perspectief is de BSGR begonnen met het intern en extern werven van applicatiebeheerders. Deze vertraging heeft ook consequenties voor de kosten van het aanbesteedde contract van de ICT infrastructuur en hosting. Immers er was vanuit gegaan dat er in het 3e jaar van de looptijd sprake zou zijn van een SaaS omgeving met lagere kosten. Dit laatste is nu niet het geval.
Pagina 12 Jaarstukken 2023 BSGR Bovenstaande ontwikkelingen zorgen ervoor dat lokale overheden steeds meer de keuze maken voor een andere softwareleverancier. Dit vanwege het feit dat een andere leverancier wel de software aanbiedt in de SaaS. Het voordeel van een SaaS oplossing voor de softwareleverancier is dat er voor wat betreft het beheer geen werkzaamheden meer op locatie verricht hoeven te worden. Er zal een nog nauwere samenwerking plaats moeten vinden met andere belastingkantoren om ervoor te zorgen dat de processen op elkaar worden afgestemd en worden opgenomen in de ontwikkeling van de standaardsoftware. Basisregistraties Hieronder leest u de belangrijke ontwikkelingen met betrekking tot de vijf meest gebruikte basisregistraties in het kader van de belastingheffing: De basisregistratie personen (BRP) Het vroegere GBA, wat feitelijk al decennia in gebruik is, heet nu BRP. Na het stopzetten van verdere ontwikkeling van de BRP zijn hier geen noemenswaardige ontwikkelingen meer. De basisregistratie adressen en gebouwen (BAG) De BAG is in het kader van belastingheffing met name van belang in haar relatie tot de WOZ. Beide administraties betreffen objecten, die idealiter met elkaar dienen te matchen. In praktijk zijn de wettelijke uitgangspunten echter niet dezelfde, met verschillen in WOZ- en BAG administratie, met name op objectniveau.
Daar waar dat het geval is, dienen deze indien mogelijk met opwerkacties opgelost te worden. Inmiddels is de BSGR volledig aangesloten op de e-Services BAG, wat inhoudt dat mutaties in de BAG dagelijks kunnen worden verwerkt. De basisregistratie WOZ (LV WOZ) BSGR is voor haar elf deelnemende gemeenten bronhouder voor de LV WOZ. Op basis van de vereisten van de LV WOZ worden gegevens tussen de belastingadministratie en de LV gesynchroniseerd gehouden. Voor de niet-deelnemende gemeenten is de BSGR afnemer van de gegevens vanuit de LV WOZ. De afgenomen informatie is de basis voor de heffing van het waterschap. De belangrijkste constatering tot nu toe is dat deze overgang naar de LV WOZ geen tijd oplevert, maar juist veel tijd kost. Doordat aan de “poort” door de LV WOZ evidente fouten die door de bronhouder worden aangeleverd niet worden afgevangen, is veel extra werk ontstaan om al deze zaken (verplicht) terug te melden aan de bronhouder. Omdat een geautomatiseerde terugmeldvoorziening ontbreekt, moet alles handmatig in Excel-bestanden worden geregistreerd en via de mail teruggemeld worden aan de betreffende bronhouder. Ook de antwoorden op deze terugmeldingen moeten in veel gevallen weer handmatig worden verwerkt. Feitelijk betekent deze basisregistratie op dit moment “terug naar af”.
De additionele werkzaamheden kosten op dit moment enkele fte extra op jaarbasis voor de afdeling Heffen. De basisregistratie kadaster (BRK) Sinds januari 2023 heeft BSGR hard gewerkt om te kunnen voldoen aan de eisen om aan te sluiten op de BRK 2.0. Half augustus zijn die werkzaamheden afgerond. De aansluiting is half september gerealiseerd, waarna we nu in dit proces gebruik maken van berichtenservices. Na de eerste ervaringen blijkt dat dit functioneert.
Het Handelsregister (HR) De registratie van bedrijven vindt al jaren plaats door de Kamer van Koophandel (KvK). Deze is bronhouder van het HR. Afname van bestanden vindt inmiddels plaats via het Handelsregister. Alhoewel deze bestanden kwalitatief veel beter zijn dan de oude KvK bestanden is de verwerking hiervan in de software slechts beperkt geautomatiseerd en dient in tegenstelling tot de oude situatie weer handmatig één op één fiattering plaats te vinden. De efficiencywinst als gevolg van betere gegevens wordt zo weer teniet gedaan.
Pagina 13 Jaarstukken 2023 BSGR Terug melden Met de komst van de basisregistraties is het zelf wijzigen van gegevens verleden tijd. Indien een vermeende fout wordt geconstateerd, moet deze terug gemeld worden aan de bronhouder. De terugmelding zou via Digimelding (een vorm van berichtenverkeer) moeten verlopen. Voor wat betreft de BRP kan volledig geautomatiseerd worden terug gemeld. Voor de BAG, BRK en HR kan dit door middel van een zeer tijdrovend en omslachtig proces. De overige basisregistraties, waaronder de LV WOZ kennen nog geen terugmeldvoorziening wat veel extra werk oplevert. BSGR is wel aangesloten op de terugmeldvoorziening LV WOZ Bronhouders. Dat is de eerste stap die in het kader van de automatisering van de terugmeldvoorziening LV WOZ is gezet. Concluderend kan gesteld worden dat door de verplichte overgang naar de landelijke basisregistraties de forse efficiencyslagen en kostenbesparingen die de BSGR de afgelopen jaren doorgevoerd heeft voor een groot deel ongedaan zijn gemaakt.
3.2.6 Informatiebeveiliging en Privacy Op 25 maart 2020 heeft het Dagelijks bestuur het Strategisch Informatiebeveiligingsbeleid BSGR 2020 – 2024 vastgesteld. Hierin is aangesloten op de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). De praktische uitwerking van het Strategisch Informatiebeveiligingsbeleid is neergelegd in het Informatiebeveiligingsplan, welke laatstelijk is vastgesteld door de directeur op 31 mei 2022. Hierin zijn de maatregelen beschreven die worden getoetst in het kader van informatiebeveiliging. Hierover wordt gerapporteerd aan het Dagelijks bestuur. Deze verantwoording is voorgelegd in de vergadering van het dagelijks bestuur van 9 juni 2022. Beoogd wordt om de actualisatie van het informatiebeveiligingsplan, die met name een gevolg is van de ICT-migratie in 2023, op 2 oktober aan het MT voor te leggen en in de vergadering van 26 oktober aan het dagelijks bestuur voor te leggen. Voor wat betreft de algehele voortgang van de implementatie van de BIO: Beoogd was om, in samenspraak met een delegatie binnen de externe werkgroep Privacy & Informatiebeveiliging (opgezet vanuit de belastingkantoren die gebruikmaken van het belastingpakket van Centric), de verdere implementatie van de BIO gezamenlijk op te pakken.
Dit om te voorkomen dat binnen iedere afzonderlijke organisatie een zoektocht werd ondernomen naar een juiste invulling van de maatregelen voortvloeiend uit de BIO. Als gevolg van personele wisselingen bij andere kantoren is dit destijds onvoldoende van de grond gekomen. Beoogd was dat BSGR hierin zelf meer tijd en energie zou steken om dit voor de organisatie zelf op orde te krijgen. Als gevolg van de migratie van de ICT-infrastructuur en, zich ook bij de BSGR voorgedane, personele wisselingen, is dit vooralsnog niet van de grond gekomen. De bewustwording met betrekking tot informatiebeveiliging en privacy onder de medewerkers is tot op heden beperkt gebleven tot voorlichting via intranet en via de BSGR-Academy. Het gaat dan met name 11 om het vergroten c.q. testen van theoretische kennis. Beoogd was om in de loop van dit jaar de kennis en alertheid van medewerkers op dit vlak, en dan vooral ten aanzien van phishing mail, in praktijk te toetsen. Helaas is dat als gevolg van de problemen die zijn ontstaan door en na de migratie van de ICTinfrastructuur tot op heden uitgebleven. Dit zal alsnog worden opgepakt. In het door de BSGR bijgehouden register van datalekken blijkt dat deze grotendeels gevuld is met datalekken die betrekking hebben op door de BSGR ontvangen geopende retourpost.
De BSGR is verplicht deze geopende retour ontvangen correspondentie als datalek bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) te melden (zie Staatscourant 2015, nr. 46128 van 16 december 2015). Dit wordt periodiek als één melding aan de AP doorgegeven. Zoals eerder vermeld is besloten dat de BSGR met haar leveranciers in principe de door de VNG/IBD opgestelde standaard verwerkersovereenkomst afsluit (inmiddels versie 2.42). Tot op heden zijn er nu landelijk ca. 100 leveranciers (laatste stand van zaken per ultimo augustus 2023) die hebben aangegeven deze tekst van de verwerkersovereenkomst te hanteren bij de levering van hun product/dienst. Hierbij zijn ‘slechts’ twee organisaties waarmee de BSGR een leveranciersrelatie heeft. In de afgelopen jaren is gebleken dat het niet altijd mogelijk is om de VNG/IBD standaardovereenkomst af te sluiten, met name omdat leveranciers zelf al een eigen tekst qua verwerkersovereenkomst hanteren
Pagina 14 Jaarstukken 2023 BSGR en zij hier niet van willen afwijken. In die gevallen is het slechts mogelijk om bij nieuwe aanbestedingen c.q. contractonderhandelingen de tekst van de VNG/IBD als voorwaarde mee te nemen. In 2021 heeft de Europese Commissie een eigen tekst van een standaard verwerkersovereenkomst gepubliceerd. Decentrale overheden kunnen gebruik maken van deze tekst en deze is – voor zover bekend- niet dwingend voorgeschreven. Om die reden blijft de BSGR vooralsnog de tekst van de VNG/IBD voor de verwerkersovereenkomsten hanteren bij nieuwe contracten. Archiefbeheer Op het archiefbeheer binnen de BSGR is, naast het Besluit informatiebeheer Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland, ook de Verordening Archief- en Informatiebeheer van de gemeente Leiden (op basis van artikel 41 van de gemeenschappelijk regeling) van toepassing verklaard. Dat wil zeggen dat de gemeentearchivaris van de gemeente Leiden (Streekarchief ‘Erfgoed Leiden en omstreken’) ook de archivaris is voor het archief van de BSGR. In 2022 heeft er voor de eerste keer een inspectie van het archief door de archiefinspecteur van het Streekarchief plaatsgevonden. De definitieve rapportage hiervan is op 10 januari jl. opgeleverd en aan het dagelijks bestuur ter kennisname voorgelegd in de vergadering van 16 februari.
De conclusie van de rapportage is dat de ‘BSGR op hoofdlijnen in voldoende mate voldoet aan de eisen van de Archiefwet 1995, maar dat er nog aandachtspunten zijn om te kunnen voldoen aan wet- en regelgeving.” Eén van de door de archivaris aangegeven punten betreft het opstellen van een eigen archiefverordening voor de BSGR. Bij de aanpassing van de tekst van de gemeenschappelijke regeling van de BSGR is hierop geanticipeerd. In het aan het bestuur voor te leggen advies met betrekking tot de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen is opgenomen dat de tekst van een eigen archiefverordening uiterlijk in de vergadering van 11 april 2024 aan het algemeen bestuur zal worden voorgelegd De verordening is dan in ieder geval van kracht op het moment dat de gewijzigde tekst van de gemeenschappelijke regeling wordt gepubliceerd. Evenals in voorgaande jaren is ook dit jaar weer een verzoek tot opschoning van de fysiek opgeslagen documenten bij Iron Mountain aan de archivaris voorgelegd. Het betreft in dit geval fysiek opgeslagen documenten van vóór 1 januari 2016. Aan Iron Mountain is, na daartoe verkregen toestemming van de archivaris, opdracht gegeven om deze fysiek opgeslagen documenten per 1 januari 2024 te vernietigen. Daarnaast heeft eind juli een digitale opschoningactie plaatsgevonden van oude (voldane of afgeboekte) vorderingen in de belastingadministratie.
Onderstaand wordt per programma verslag gedaan over het begrotingsjaar 2023.
Pagina 15 Jaarstukken 2023 BSGR 3.2.7 Programma 1: Heffen Onderwerp Het programma Heffen omvat het tijdig, correct en volledig opleggen van zowel subject- als objectgebonden aanslagen waterschapslasten en gemeentelijke heffingen. Dit is inclusief de vergaring en verwerking van de daartoe benodigde gegevens vanuit interne en externe bronnen (onder andere basisregistraties en de door de gemeenten en het waterschap aan te leveren belastinggrondslagen). Applicatiebeheer maakt tot en met 2023 onderdeel uit van de afdeling Heffen. Na het ontstaan van de afdeling Bedrijfsvoering per 1 juni 2023 worden per 1 januari 2024 de activiteiten van dit team ook formeel en qua begroting en verantwoording overgeheveld van Heffen naar de nieuwe afdeling Bedrijfsvoering. Voor 2023 vindt de verantwoording nog plaats binnen de afdeling Heffen. Applicatiebeheer ondersteunt de totale organisatie op het gebied van regulier beheer, productie en projecten ten aanzien van ICT aspecten. Daarnaast omvat het programma de activiteiten met betrekking tot het behandelen en afdoen van bezwaren tegen plicht en maatstaf. Tevens worden ingebrekestellingen wegens het uitblijven van een uitspraak binnen de wettelijke beslistermijn met betrekking tot deze bezwaren binnen het programma Heffen opgepakt.
Wat hebben we gedaan? Activiteiten 2023 Ook in 2023 zijn de inspanningen erop gericht geweest de kohieren kwalitatief en kwantitatief goed op te leggen. De totale bruto oplegging in 2023 is € 602 miljoen. In dit bedrag zijn opleggingen begrepen over oude belastingjaren van € 27,7 miljoen. In 2022 is opgelegd € 561 miljoen. Hiervan betrof het €24,8 miljoen over oude jaren. De stijging van de meeropbrengst ten opzichte van 2022 is met name te wijten aan de hogere tarieven, naast de areaaluitbreiding. Er moet voor Rijnland nog een aanzienlijk aantal aanslagen WSHE opgelegd worden. De voornaamste oorzaak hiervoor is dat relatief veel WOZ-waarden nog niet definitief vastgesteld zijn. Dit geldt zowel voor deelnemende als niet-deelnemende gemeenten. Naast de reguliere werkzaamheden, waaronder de bezwaarafhandeling, hebben in 2023 de volgende ontwikkelingen plaatsgevonden: ➢
➢ ➢
➢
➢
De grootste uitdaging van 2023 was de overgang van de Centric software van het computercentrum van Centric-SMC naar de infrastructuur van KPN. Uiteindelijk is dat met grote inzet van partijen en na regelmatig opschalen gelukt. Enige knelpunt op dit moment zijn de bij tijd en wijle nog trage responstijden. Dit heeft de aandacht. Alle grote kohieren voor 2023 zijn conform planning opgelegd. De afnamefunctionaliteit LV-WOZ heeft, in tegenstelling tot voorgaand jaar, zijn werk gedaan. Wel is geconstateerd dat de software nog bugs heeft, waardoor niet alle waarden goed in het belastingsysteem waren verwerkt. Het verwerken van de kadastrale gegevens blijft een uitdaging. In augustus is de overgang naar BRK 2.0 eindelijk afgerond. Pas in oktober konden de systemen in gebruik genomen worden, waardoor een achterstand is ontstaan. Dit naast de onvolkomenheden in de berichtenlevering, en bugs in de software zorgen voor achterstand in de verwerking. Hierdoor lopen processen bij de WOZ en op de eigen afdeling ook vertraging op. Ook in 2023 is het niet mogelijk gebleken gebruik te kunnen maken van de berichtenservice vanuit het HR. De software werkte simpelweg niet en de leverancier had geen capaciteit de fouten in de software te herstellen. Het feit dat de berichtenservice niet heeft gewerkt heeft tot (heel) veel handwerk en extra bezwaren geleid.
Momenteel is hierdoor nog een achterstand van ongeveer 800 bezwaren van bedrijven die met inhuur zo snel mogelijk weggewerkt moet gaan worden. Dit heeft te maken met zo’n 16.000 nog te verwerken mutaties van de afgelopen jaren. Nieuwe ontwikkelingen/innovaties zullen zoveel mogelijk meegenomen worden in de versie zoals die in de SAAS-omgeving door Centric zal worden beheerd. De planning om volledig in de SaaS omgeving te kunnen werken was aanvankelijk 2021/2022. Naderhand is de planning aangepast
Pagina 16 Jaarstukken 2023 BSGR
➢
➢
naar 2023. Inmiddels heeft de leverancier laten weten te koersen op 2028. Of dit gaat lukken is gezien de geringe ICT-capaciteit op de arbeidsmarkt nog maar de vraag. Reden waarom BSGR heeft besloten toch weer eigen applicatiebeheerders op te leiden. In 2023 hebben er meerdere personele wisselingen plaatsgevonden op de afdeling Heffen, mede door prepensionering. Gelukkig zijn er vervangers gevonden, helaas zonder diepgaande belastingkennis. Deze erosie van kennis is een tendens die zich overal in den lande aftekent. De vergrijzingsgolf betekent daarmee een forse uitdaging voor belastingkantoren en belastingafdelingen van gemeenten. Samengaan van kantoren zou het probleem kunnen mitigeren. In 2023 zijn in totaal 394 kohieren aangemaakt, waarvan 171 over oude jaren. Hiervan zijn er 80 logisch te verklaren doordat het nog de laatste maand of het laatste kwartaal van het voorgaande jaar is ofwel dat er sprake is van definitieve aanslagen na een aangifte. 91 kohieren zijn gestart omdat de gegevens voor de aanslagen (erg) laat van een deelnemer zijn ontvangen. Vaak zijn het ook kohieren voor minder dan tien aanslagen. Dit levert ons veel extra werk op. Dit behoeft zeker aandacht. Met de desbetreffende deelnemer(s) gaan we hierover in gesprek.
Plicht- en maatstafbezwaren 2023 Er zijn dit jaar 47.212 bezwaren binnengekomen, waarvan er 38.689 waarde gerelateerd zijn. In vergelijking tot vorig jaar is er een forse daling van het aantal plicht-, maatstaf-, en parkeerbezwaren zichtbaar (8.523 versus 20.332). Hiervan staan er nog 1.976 open. Deze daling is o.a. te verklaren door het hoge aantal parkeerbezwaren in 2022. De afwijking in de maatstaf bezwaren in 2022 is veroorzaakt door een omissie in de aanlevering van de DIFTAR Zoeterwoude. Het aantal maatstafbezwaren is hiermee weer terug op het niveau van voor 2022. Additioneel aan onderstaande grafiek hebben er ca. 8.500 ontheffingen gerelateerd aan de tariefswijziging van de gemeente Oegstgeest plaatsgevonden.
Pagina 17 Jaarstukken 2023 BSGR
BodegravenReeuwijk
Gouda
Katwijk
Leiden
Leiderdorp
Oegstgeest
Velsen
Voorschoten
Waddinxveen
Wassenaar
Zoeterwoude
Rijnland
Totaal bezwaarregels *
Aantallen bezwaren 2023
Bezwaar tegen maatstaf
Ingediend in 2023 Afgehandeld In behandeling
73 60 13
144 128 16
87 81 6
113 105 8
19 18 1
24 24 0
82 80 2
8 8 0
30 24 6
38 34 4
1 1 0
631 577 54
1.250 1.140 110
Bezwaar parkeerbelasting
Ingediend in 2023 Afgehandeld In behandeling
0 0 0
1 0 1
982 383 599
0 0 0
0 0 0
0 0 0
39 5 34
0 0 0
0 0 0
0 0 0
0 0 0
0 0 0
1.022 388 634
Bezwaar tegen plicht
Ingediend in 2023 Afgehandeld In behandeling
178 144 34
390 270 120
267 208 59
630 510 120
89 70 19
87 59 28
344 275 69
126 107 19
225 161 64
173 151 22
47 37 10
3.695 3.027 668
6.251 5.019 1.232
Ingediend in 2023 Bezwaar tegen de WOZ-waarde Afgehandeld Rijnland WSHE In behandeling
1.730 574 1.156
2.537 1.589 948
2.667 1.146 1.521
4.482 2.614 1.868
1.271 672 599
1.305 434 871
2.983 1.093 1.890
1.292 507 785
1.010 385 625
1.146 423 723
400 139 261
17.866 38.689 7.654 17.230 10.212 21.459
Omschrijving
Indicator
*Noot: een bezwaarschrift kan meerdere deelnemers betreffen. Deze worden bij elke betreffende deelnemer meegeteld. In de kolom totaal komen deze maar één keer voor. De kolom totaal is daarmee geen optelsom van de kolom per deelnemer. In dit overzicht zijn tevens de ambtshalve bezwaren opgenomen.
Pagina 18 Jaarstukken 2023 BSGR Wat heeft dat gekost? x € 1.000 Lasten Personeelslasten Overige goederen en diensten Automatiseringskosten Totaal Lasten Baten Bijdragen deelnemers Bijdragen deelnemers Overig Totaal Baten Gerealiseerde totaal van saldo van baten en lasten Onttrekkingen aan het rekeningresultaat Dotaties aan bestemmingsreserves Onttrekkingen aan bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat
Primaire begroting 2023
Gewijzigde begroting december 2023
Realisatie 2023
2.563 321 334 3.218
2.908 123 356 3.387
2.897 120 339 3.356
11 3 17 31
-3.218 0 -3.218 0 0 0 0 0
-3.292 -95 -3.387 0 0 0 0 0
-3.261 -95 -3.356 0 0 0 0 0
-31 0 -31 0 0 0 0 0
Realisatie versus begroting
Het programma Heffen kent in totaal een behaald voordeel op de lasten van € 31K. De personeelslasten binnen het programma Heffen laten een onderschrijding als gevolg van lagere kosten inhuur. Het voordeel bij overige goederen en diensten is het gevolg van lagere lasten bij de gegevensverstrekkingen. De automatiseringskosten zijn licht hoger als gevolg van een gewijzigde toedeling over de programma’s.
Pagina 19 Jaarstukken 2023 BSGR 3.2.8 Programma 2: Informatie & Inning Onderwerp Het programma I&I omvat het gehele proces van doelgerichte acties om de opgelegde aanslagen in te vorderen: binnengekomen belastinggelden worden ingeboekt, in voorkomende gevallen wordt automatisch dan wel na beoordeling kwijtschelding verleend en zo nodig worden belastingplichtigen gemaand tot betalen. Aanmaningen kunnen uitmonden in een traject van dwanginvordering. De BSGR verzorgt het gehele invorderingsproces, inclusief de dwanginvordering, grotendeels zelf. Daarnaast bevat dit programma alle werkzaamheden rondom schuldhulpverlening en bewindvoering, alsmede de klantencontacten in de vorm van correspondentie, algemene telefoonbeantwoording en balie- en receptiewerkzaamheden.
Wat hebben we gedaan? Kwijtscheldingen Voor het afhandelen van kwijtscheldingsverzoeken maakt de BSGR gebruik van het Inlichtingenbureau (IB). Tweewekelijks wordt er een bestand bij het IB aangeboden om zoveel als mogelijk verzoeken automatisch af te doen. Als een kwijtscheldingsverzoek niet automatisch kan worden toegekend door het Inlichtingbureau, dan is er een ‘blokkade’ geconstateerd. Het IB beschikt in dat geval dan namelijk over geen óf over verouderde informatie om een goed advies te geven. Blokkade-redenen kunnen zijn het ontbreken van informatie over inkomen, vermogen en/of bezit van auto’s. Er kan sprake zijn van één van genoemde blokkade-redenen, maar er kunnen bij één kwijtscheldingsverzoek ook meerdere blokkade-redenen worden geconstateerd, bijvoorbeeld een blokkade op inkomen ÉN een blokkade op auto’s, of zelfs alle blokkade-redenen. Ten opzichte van 2022 werden er in 2023 door het IB ruim 2.134 méér blokkades geconstateerd, met name op het onderdeel ‘vermogen’. Het IB maakt bij het onderdeel vermogen gebruik van de beginstand van het voorgaande jaar bij de belastingdienst. Veel burgers dienen dan alsnog een handmatig kwijtscheldingsverzoek in, omdat op het moment van aanvraag van kwijtschelding het saldo op de bankrekening van belastingplichtigen lager is, waardoor ze alsnog in aanmerking kunnen komen voor kwijtschelding.
Als er sprake is van een blokkade, wordt er eerst gecontroleerd of de BSGR al wél over deze ontbrekende informatie beschikt, óf dat de BSGR over meer recente informatie beschikt dan het IB. Als dit het geval is, wordt op basis van de reeds beschikbare informatie direct een definitieve beoordeling van het kwijtscheldingsverzoek gedaan. Pas als ook de BSGR niet over recentere of ontbrekende informatie beschikt, wordt er bij de burger navraag gedaan om deze ontbrekende informatie aan te leveren. In 2023 beschikte de BSGR in 11.782 kwijtscheldingsverzoeken met maximaal één blokkade vanuit het IB in 5.735 verzoeken wél over de bij het IB ontbrekende informatie. Hierdoor konden deze kwijtscheldingsverzoeken direct worden beoordeeld en toegekend. Burgers hebben in 2023 dus direct de juiste afhandeling gekregen op basis van de meest recente informatie. In 2023 zijn er in totaal 12.987 kwijtscheldingsverzoeken handmatig beoordeeld bij de BSGR. Van de behandelde handmatige kwijtscheldingsverzoeken in 2023 is 81,5% binnen de gestelde termijn van 6 weken afgehandeld, 6,2% binnen de termijn van 6 tot 12 weken, en 12,3% heeft een doorlooptijd gekend van 12 weken of langer. Per ultimo 2023 was 1, 2% procent nog in behandeling omdat de aanvragen niet compleet zijn.
Jaarlijks worden veel kwijtscheldingsverzoeken niet volledig ingediend, waardoor een snelle(re) afhandeling van het verzoek niet mogelijk is. In 2023 zijn er meer kwijtscheldingsverzoeken ingediend, 36.919 ten opzichte van 36.053 in 2022. Ook het aantal verzoeken dat is toegekend is behoorlijk toegenomen, 32.135 ten opzichte van 29.654 in 2022.
Pagina 20 Jaarstukken 2023 BSGR Toenemende kosten voor levensonderhoud en de hoge inflatie zijn de meest logische verklaringen voor deze stijgingen. Kwijtscheldingsregels t/m december 2023 ontvangen in boekjaar 2023 **
openstaand ultimo 2022 *
handmatig afgewezen in boekjaar 2023
handmatig toegewezen in boekjaar 2023
automatisch toegewezen in 2023 via IB ***
openstaand per ultimo 2023
Bodegraven-Reeuwijk
11
613
90
123
401
10
Gouda
32
3.668
621
689
2.369
21
HHR van Rijnland
282
35.747
5.718
7.018
22.921
372
Katwijk
7
1.310
208
243
847
19
Leiden
60
6.947
1.383
1.803
3.690
131
Leiderdorp
7
749
176
151
423
6
Oegstgeest
6
491
94
97
303
3
Velsen
28
2.321
407
479
1.440
23
Voorschoten
7
568
109
107
349
10
Waddinxveen
3
615
92
112
413
1
Wassenaar
8
701
131
116
450
12
Zoeterwoude
4
156
74
17
69
0
455
53.886
9.103
10.955
33.675
608
Totaal
*
= aantal kan afwijken t.o.v. rapportage 2022 ivm vernietiging aanslagen in 2023 over voorgaande belastingjaren ** = een kwijtscheldingsverzoek kan betrekking hebben op meerdere deelnemers. Dit leidt ertoe dat het werkelijk ontvangen aantal verzoeken lager uitvalt dan de hierboven gepresenteerde cijfers. Het bovenstaand overzicht geeft de totalen weer van verzoeken per deelnemer, inclusief verzoeken die betrekking hebben op oudere belastingjaren. *** = inclusief toewijzing door gebruik te maken van recentere informatie bij de BSGR
Pagina 21 Jaarstukken 2023 BSGR Beroepen kwijtschelding & bezwaren tegen invorderingsmaatregelen Het aantal beroepschriften kwijtschelding in 2023 is met 571 stuks ten opzichte van 2022 met 926 stuks aanzienlijk gedaald. Het overgrote deel van de beroepschriften is ingediend omdat er sprake was van incompleetheid bij de uitspraak op de initiële aanvraag. Van het aantal beroepschriften in 2023 is uiteindelijk bijna 50% alsnog toegekend. De meest voorkomende reden van toewijzing is het verstrekken van recentere informatie door de belastingplichtige dan de informatie waar de BSGR zijn besluit op heeft genomen. In 2023 is er net als in 2022 met name op gestuurd om de gemiddelde doorlooptijd van de beroepen terug te dringen. In bijna 86,5% van de beroepschriften wordt er binnen 6 weken een uitspraak gedaan. In 2022 lag dit percentage op 94%. Dit percentage ligt lager door de vertragingen met de inkomende postverwerking in het 3e kwartaal van 2023. Het aantal bezwaarschriften tegen de invorderingsmaatregelen ligt met 165 stuks in 2023 weer een stuk hoger dan in 2022 toen er 125 bezwaarschiften werden ingediend. Dwanginvordering Door de BSGR worden er voorafgaand aan de aanmaningen kosteloze betalingsherinneringen verstuurd aan burgers en bedrijven met openstaande vorderingen.
In 2023 is er door de BSGR middels aanmaningen en dwangbevelen voor circa € 2,1 miljoen aan invorderingskosten opgelegd aan burgers. Dit bedroeg in 2022 € 1,4 miljoen. De verklaring hiervoor is dat er meer aanmaningen en dwangbevelen zijn verstuurd in 2023. Daarnaast is door de latere aanslagoplegging in 2022, een deel van de invordering van deze aanslagen pas ingezet in 2023. De kosteloze betalingsherinnering heeft tot doel om het aantal aanmaningen en dwangbevelen te reduceren en de burgers die een betaling zijn vergeten of hebben gemist in de gelegenheid te stellen om alsnog te betalen zonder ophogende invorderingskosten. In 2023 zijn er 109.546 herinneringen naar burgers en bedrijven verstuurd ten opzichte van 77.430 in 2022. Het aantal verstuurde aanmaningen is gestegen van 47.344 stuks in 2022 naar 62.224 stuks in 2023. Deze stijgingen zijn met name veroorzaakt door de latere aanslag oplegging in 2022 waarvan de invordering in 2023 wordt gedaan, maar ook door de stijging van kosten voor levensonderhoud en hoge inflatie. Daarnaast heeft de afdeling Informatie & Inning door bezettingsproblemen in 2023 veel minder tijd kunnen besteden aan de telefonische opvolging van openstaande vorderingen. Hierbij worden burgers en bedrijven benaderd vóórdat er een aanmaning of dwangbevel wordt verstuurd.
Bij bedrijven is dit relatief makkelijk omdat hun bedrijfsinformatie bijna altijd op internet te vinden is. Voor het benaderen van burgers (en kleine zelfstandigen) geldt dat dit alleen wordt gedaan indien de burger toestemming heeft gegeven voor de registratie van zijn/haar contactinformatie. Dit proces is tijdrovend, maar krijgt veel positieve reacties van de benaderden. Het aantal verstuurde aanmaningen en dwangbevelen in 2023 is gestegen. Aanmaning van 47.344 stuks in 2022 naar 62.224 stuks in 2023, en dwangbevelen van 21.873 stuks in 2022 naar 26.769 stuks in 2023. Deurwaarders hebben bij de BSGR de opdracht om beslissingen te nemen aan de deur. “Zacht” waar het kan, “hard” waar het nodig is. Enerzijds bijvoorbeeld door schriftelijke toestemming voor toetsing kwijtschelding te verzorgen zodat de BSGR dit verder kan afhandelen, anderzijds door het leggen van beslag roerende zaken of afslepen van voertuigen als dit noodzakelijk is. Als burgers thuis worden aangetroffen, wordt er door de deurwaarder ook direct een inschatting gedaan van de mogelijke verhaalsmogelijkheden. In 2023 is ruim € 97K aan PIN/Cash betalingen bij de deurwaarders gedaan. De BSGR kan ‘administratief beslag’ leggen op een voertuig bij de Rijksdienst voor het Wegverkeer. Dit houdt in dat het betreffende voertuig niet meer fysiek door de deurwaarder hoeft te worden aangetroffen voor het leggen van beslag.
Met dit beslag kan het kenteken van het betreffende voertuig niet worden overgeschreven/verkocht zonder uitdrukkelijke toestemming van de BSGR. Door dit ‘administratieve beslag’ is de inzet van de scanbus overbodig geworden. In 2023 is er door de BSGR 151 keer administratief beslag gelegd op een voertuig.
Pagina 22 Jaarstukken 2023 BSGR In het geval van een betalingsachterstand bij woning-/kamerverhuurders is er in 2023 in ruim 85 gevallen beslag gelegd op de huurpenningen. Dit houdt in dat huurders verplicht zijn hun huurpenningen aan de BSGR over te maken in plaats van aan de verhuurder van de woning-/kamer. Loonvordering In 2023 zijn er twee loonvorderingsruns uitgevoerd, eenmaal vóór de migratie naar de nieuwe ICTinfrastructuur, en eenmaal daarna. In 2023 zijn er in totaal 7.837 aankondigingen van loonvordering opgestart. Ruim 2.900 aankondigingen zijn vervolgens afgevoerd omdat de BSGR maatwerk toepast in het kader van Maatschappelijk Verantwoord Invorderen (bv geen beslag leggen bij ‘Participatiewet- uitkering’, ZZP-ers en burgers die via een uitzendbureau werken). Volgend op de aankondiging zijn er 3.529 betalingen ontvangen en zijn er ruim 1.400 loonvorderingen daadwerkelijk opgelegd. Onvermogen/schuldhulpverlening Officiële instanties die zijn aangesloten bij de NVVK (Nederlandse Vereniging voor Schuldhulpverlening & Sociaal Bankieren) kunnen digitaal gegevens ophalen, verwerken en uitwisselen met de BSGR. Eind 2023 waren er in totaal 8.779 Onvermogendossiers (Bewindvoering en Schuldhulpverlening). Voor al deze dossiers wordt de invordering door de BSGR voor 3 jaar opgeschort.
In 2022 lag dit aantal nog op 8.593 dossiers Hersteloperatie Toeslagenaffaire Afhandeling Toewijzing als gedupeerde door de Rijksbelastingdienst (RBD) leidt tot een compensatievergoeding van € 30.000,- en het kwijtschelden van alle per 31 december 2020 openstaande publieke of private schulden. De BSGR verzorgt voor de deelnemers de afhandeling van de gedupeerden. Gedupeerden konden zich nog tot 31 december 2023 aanmelden bij de RBD als gedupeerde. Tweewekelijks ontvangt de BSGR updates vanuit de RBD zodat de afhandeling kan worden gestart. Voor alle bekende subjecten wordt de invordering dan opgeschort. In totaal zijn er tot en met december 2023 door de RBD 21.752 bsn-nummers doorgegeven aan de BSGR. Van deze 21.752 bsn-nummers zijn er 5.116 bekend als subject bij de BSGR. Tot en met december 2023 heeft de RBD van de 21.752 doorgegeven bsn-nummers er 10.770 definitief beoordeeld (49,5%). Van de 5.116 bekende subjecten bij de BSGR, zijn er tot en met december 2023 door de RBD 2.629 claims toegewezen als gedupeerde, 157 claims afgewezen als gedupeerde en 179 claims zijn afgemeld (hierbij voldoet het subject niet aan eisen om als gedupeerde te worden aangemerkt). Alle 2.965 gevallen zijn door de BSGR schriftelijk afgehandeld richting gedupeerden zelf.
Betalingsregelingen Belastingplichtigen kunnen onder bepaalde restricties en voorwaarden zelf een betalingsregeling met de BSGR treffen via de website. Buiten de mogelijkheid tot automatische incasso in maximaal 8 termijnen, worden er jaarlijks duizenden betalingsregelingen getroffen met burgers en bedrijven. In 2023 zijn er ruim 19.424 betalingsregelingen afgesproken. Dit is hoger dan de 17.906 betalingsregelingen die in 2022 zijn afgesloten. Betaalmethoden Onderstaand een overzicht van de ontwikkelingen van de belangrijkste betaalmethoden van de BSGR over 2019, 2021 en 2023. Met ingang van 2022 is de BSGR gestopt met het verstrekken van acceptgirokaarten bij de aanslag. Deze betaalwijze is sinds juni 2023 volledig verdwenen in Nederland. De belangrijkste redenen hiervoor zijn het steeds meer verdwijnen van lokale bankfilialen en de groei van mobiel bankieren via de smartphone. In 2023 zijn er ruim 31.000 betalingen handmatig door de BSGR verwerkt (geen of verkeerd subjectnummer/ omschrijving, etc.), tegen ruim 25.255 betalingen in 2022. Deze stijging is grotendeels
Pagina 23 Jaarstukken 2023 BSGR te verklaren doordat de dwanginvordering van 2022 gedeeltelijk is verschoven naar 2023. Met name dwanginvorderingsbetalingen dienen handmatig gekoppeld te worden.
Let op :
weergave incasso is 1 maal bij standaard van 8 termijnen weergave acceptgiro is 1 maal bij standaard van 2 termijnen aantallen 2022 zijn afwijkend ivm het later opleggen van aanslagen, waardoor ontvangsten doorlopen naar 2023
Flexibele Automatische Incasso In 2023 hebben 16.750 burgers een automatische incassomachtiging afgegeven aan de BSGR. Hoewel het procentuele aantal incassomachtigingen het afgelopen jaar nauwelijks stijgt, nam het aantal betalingstransacties in 2023 wel fors toe, van krap 1,1 miljoen in 2022 naar 1,3 miljoen in 2023. Steeds meer burgers kiezen er voor hun aanslag in meerdere termijnen te willen betalen, wat kostenverhogend werkt. Telefonie In 2023 werden er in totaal 87.000 gesprekken gevoerd met burgers en bedrijven. Dat zijn er 10.000 minder dan in 2022. Deze daling is exclusief de bijna 4.000 telefoongesprekken die zijn ‘gemist’ in de periode van 11 september tot 15 november 2023, toen de BSGR vanwege performance issues vanaf 13.00 uur telefonisch gesloten was. Veel burgers en bedrijven belden vervolgens op een ander tijdstip alsnog naar de BSGR. Het serviceniveau daalde daardoor fors van 92,2% in 2022 naar 81,6%. In onderstaand overzicht is aangegeven waar de af te handelen telefoon in eerste instantie wordt opgenomen. Uiteraard kan het zijn dat er vervolgens doorverbonden moet worden.
* = alle gesprekken waarbij voor ‘direct medewerker aan de lijn’ wordt gekozen.
Pagina 24 Jaarstukken 2023 BSGR Chat In 2023 was er slechts op enkele dagen voldoende bezetting om burgers deze service te bieden. Vanwege de beperkte beschikbaarheid en kosten is besloten om met ingang van 2024 deze service niet meer aan te bieden.
Wat heeft dat gekost? x € 1.000
Lasten Personeelslasten Overige goederen en diensten Automatisering Bijdrage GDI Totaal Lasten Baten Bijdragen deelnemers Doorbelasting GDI Uitvoeringskosten KTA Totaal Baten Gerealiseerde totaal van saldo van baten en lasten Onttrekkingen aan het rekeningresultaat Dotaties aan bestemmingsreserves Onttrekkingen aan bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat
Primaire begroting 2023
Gewijzigde begroting december 2023
Realisatie 2023
Realisatie versus begroting
1.646 791 230 200 2.867
1.689 867 333 150 3.039
1.677 836 288 -4 2.796
12 32 45 154 243
-2.667 -200 0 -2.867 0 0 0 0 0
-2.864 -150 -25 -3.039 0 0 0 0 0
-2.806 28 -17 -2.796 0 0 0 0 0
-58 -178 -8 -243 0 0 0 0 0
Het programma Informatie en Inning kent in totaal een behaald voordeel op de lasten van € 243K. Het overgrote deel (€ 154K) van dit resultaat wordt veroorzaakt door de lagere kosten aan bijdrage GDI. Deze post wordt door de BSGR doorbelast aan het waterschap en het ministerie van binnenlandse zaken. Daarnaast is er sprake van een lichte onderschrijding van de personeelslasten wegens lagere kosten inhuur, een voordeel op de overige goederen en diensten als gevolg van lagere bankkosten en lagere kosten voor drukwerk, porti- en verzendkosten. De automatiseringskosten zijn lager als gevolg van lagere doorbelastingen en lagere kosten telefonie.. De uitvoeringskosten van de Kindertoeslagaffaire die de BSGR vergoedt krijgt, liggen licht lager dan eerder begroot.
Pagina 25 Jaarstukken 2023 BSGR 3.2.9 Programma 3: Waarderen Onderwerp De BSGR voert voor haar deelnemers de Wet waardering onroerende zaken (de WOZ) uit. Dit omvat naast het waarderen van objecten tevens het beheer van gegevens van objecten, benodigd om tot een juiste jaarlijkse waardebepaling en waardevaststelling van die objecten te komen. Deze gegevens en waarden worden beschikbaar gesteld aan de interne processen en externe afnemers. Onder het gegevensbeheer valt onder andere het onderhouden van de relaties tussen de WOZ en andere Basisregistraties (bijvoorbeeld de basisregistratie BAG bij de gemeenten). Alle activiteiten met betrekking tot het behandelen en afdoen van waarde-bezwaren (WOZ-bezwaren), het afhandelen van ingebrekestellingen wegens het uitblijven van een uitspraak binnen de wettelijke beslistermijn met betrekking tot deze bezwaren alsmede het voeren van verweer tegen WOZ-, plicht- en maatstafberoepsschriften horen tevens binnen het takenpakket van de afdeling WOZ. De BSGR voert het WOZ proces inclusief de taxaties grotendeels in eigen beheer uit met ondersteuning van inhuurkrachten in piekperioden of wanneer extra inzet gezien de deadlines noodzakelijk wordt geacht. De uitvoering van de activiteiten dient plaats te vinden conform het toetsingskader alsmede de richt- en tijdslijnen van de Waarderingskamer (WAKA).