Bijlage 1 - Beleidsnotitie Risicomanagement en weerstandsvermogen 2023
Tekst van het document
Notitie Risicomanagement en weerstandsvermogen gemeente Wassenaar 2023
1
INHOUD Samenvatting...........................................................................................................................................................3 Introductie risicomanagement en weerstandsvermogen ...................................................................................3 Waarom deze notitie? .........................................................................................................................................3 Wat is er veranderd ten opzichte van de vorige notitie? ....................................................................................3 Wat stellen we voor? ...........................................................................................................................................3 Wat moet nu worden besloten?..........................................................................................................................3 Kanttekening........................................................................................................................................................3 Inleiding ...................................................................................................................................................................4 Hoofdstuk 1.
Definities en doelstelling risicomanagementbeleid ...........................................................................4 1.1 Wat zijn risico’s? ............................................................................................................................................4 1.2 Wat is risicomanagement? ............................................................................................................................4 1.3 Waarom risicomanagementbeleid?...............................................................................................................4 1.4 Doel / belang van risicomanagement ............................................................................................................4 Hoofdstuk 2.
Rollen risicomanagement...................................................................................................................5 2.1 Rol van de raad ..............................................................................................................................................5 2.2 Risicohouding.................................................................................................................................................5 2.3 Rol van het college.........................................................................................................................................5 2.4 Rol van de gemeentesecretaris......................................................................................................................6 Hoofdstuk 3 Risicomanagement..............................................................................................................................6 3.1 Strategie en kaderstelling ..............................................................................................................................6 3.2 Proces van risicomanagement .......................................................................................................................6 3.3 Afwegingskader
.............................................................................................................................................7 Hoofdstuk 4 Risicomanagement in relatie tot het weerstandsvermogen...............................................................8 4.1 Wettelijke kader ............................................................................................................................................8 4.2 Beschikbare versus benodigde weerstandscapaciteit ...................................................................................9 4.3 Beschikbare weerstandscapaciteit ................................................................................................................9 4.4 Benodigde weerstandscapaciteit.................................................................................................................10 4.3 Normering van het weerstandsvermogen ...................................................................................................10 Hoofdstuk 5 Voortzetting risicomanagement .......................................................................................................11
2
SAMENVATTING INTRODUCTIE RISICOMANAGEMENT EN WEERSTANDSVERMOGEN Risicomanagement is het systematisch opzetten, uitvoeren en bewaken van acties om risico’s te onderkennen, te beoordelen en beheersmaatregelen te nemen. Dit om te voorkomen dat de realisatie van beleidsdoelstellingen wordt belemmerd of de financiële positie (onnodig) wordt aangetast. Mochten risico’s zich ondanks de genomen beheersmaatregelen toch voordoen, dan is het noodzakelijk om over reserves te beschikken om de risico en de daaruit te ontstane mogelijke financiële tegenvallers op te vangen. De in beeld gebrachte risico’s afgezet tegen de middelen om de risico’s op te vangen (weerstandscapaciteit) leidt tot een conclusie over het weerstandsvermogen. WAAROM DEZE NOTITIE? Het risicomanagementbeleid van de gemeente Wassenaar is in 2015 door de raad vastgesteld. Ondanks dat het vastgestelde risicomanagementbeleid sindsdien niet ingrijpend is gewijzigd, is het wenselijk om het beleid te actualiseren en het meer in overeenstemming te brengen met de wijze waarop de gemeente er op dit moment uitvoering aan geeft. WAT IS ER VERANDERD TEN OPZICHTE VAN DE VORIGE NOTITIE? De vorige notitie ging uit van een groeimodel, waarbij in eerste instantie werd gericht op risico’s met een financiële Impact met een latere uitbreiding naar een bredere risicoscope (programma risico’s).
Dit voornemen is, mede omdat het niet wettelijke noodzakelijk is, niet gerealiseerd. Daarnaast wordt voorgesteld om met ingang van de begroting 2024 in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing de berekeningswijze van de benodigde weerstandscapaciteit inzichtelijker te maken, door de kans dat een risico zich voordoet en de impact ervan duidelijk in beeld te brengen. WAT STELLEN WE VOOR? Wij stellen de raad voor om de notitie vast te stellen, waarbij het risicomanagement wordt beperkt tot het voldoen aan wet- en regelgeving, geformuleerd in het BBV en berekening van de benodigde weerstandscapaciteit met ingang van de begroting 2024 duidelijk in beeld te brengen. WAT MOET NU WORDEN BESLOTEN? In te stemmen met deze notitie en de daarin vastgelegde uitgangspunten. KANTTEKENING De wijziging ten opzicht van de vorige notitie ten opzichte van de voorgaande is beperkt, maar de gemeente Wassenaar beschikt daardoor weer over geactualiseerd beleid.
3
INLEIDING Het risicomanagementbeleid van de gemeente Wassenaar is in 2015 door de raad vastgesteld. Ondanks dat het vastgestelde risicomanagementbeleid sindsdien niet ingrijpend is gewijzigd, is het wenselijk om het beleid te actualiseren en het meer in overeenstemming te brengen met de wijze waarop de gemeente er op dit moment uitvoering aan geeft.
HOOFDSTUK 1. DEFINITIES EN DOELSTELLING RISICOMANAGEMENTBELEID 1.1 WAT ZIJN RISICO’S? Risico’s zijn mogelijke gebeurtenissen die een nadelige invloed hebben op het bereiken van de beleidsdoelstellingen. Risico’s zijn niet uit te sluiten en indien deze niet (volledig) door interne beheersmaatregelen verbijzonderde interne controle, verzekeringen of voorzieningen (kunnen) worden afgedekt, kunnen ze van materiële betekenis zijn voor de financiële positie van de gemeente. Daarom is het nodig er beleid op te formuleren en er maatregelen voor te treffen, zoals het invoeren van risicomanagement. 1.2 WAT IS RISICOMANAGEMENT? Risicomanagement is het systematisch opzetten, uitvoeren en bewaken van acties om risico’s te onderkennen, te beoordelen en beheersmaatregelen te nemen. Dit om te voorkomen dat de realisatie van beleidsdoelstellingen wordt belemmerd of de financiële positie (onnodig) wordt aangetast. 1.3 WAAROM RISICOMANAGEMENTBELEID? Risicomanagement is ondersteunend aan het realiseren van de beleidsdoelstellingen en het efficiënt en effectief sturen op risico’s en het beheersen ervan verdiend derhalve aandacht. Van een gemeente wordt verwacht dat zij voorbereid en weerbaar is op eventuele onverwachte gebeurtenissen. Dit vraagt een proactieve houding ten aanzien van het onderkennen en beoordelen van risico’s en het nemen van beheersmaatregelen.
1.4 DOEL / BELANG VAN RISICOMANAGEMENT Als doelen voor risicomanagement worden de volgende benoemd: • Risicomanagement levert een bijdrage aan de integrale afweging door de raad. Zicht op de risico’s (vaak verwoord onder de kanttekeningen) en deze te betrekken bij de integrale afweging zorgt voor een kwaliteitsverbetering van de bestuurlijke besluitvorming. De raad wordt hiermee nog meer in positie gebracht. • Met risicomanagement wordt een betere beheersing van de risico’s gerealiseerd doordat vooraf wordt ingespeeld op toekomstige ongewenste ontwikkelingen of gebeurtenissen welke kunnen leiden tot het niet realiseren van de beleidsdoelstellingen, kostenverhogingen, tijdsoverschrijdingen en/of kwalitatieve tekortkomingen. • Het onderkennen en beoordelen van risico’s, het borgen van risicobeheersingsmaatregelen in de processen en het volgen van de risico’s zorgt voor meer grip. • Inzicht in de risico’s bevordert het vergroten van het risicobewustzijn: het bekend zijn met de risico’s en de impact hiervan vergroot zowel ambtelijk als bestuurlijk het urgentiegevoel. • Actief risicomanagement verbetert het meer grip houden op de exploitatie, onverwachte c.q. onvoorziene fluctuaties nemen hierdoor af. Hiermee wordt indirect ook een bijdrage geleverd aan de robuustheid en weerbaarheid van de financiële positie.
• Risicomanagement levert inzicht in de risico’s, waardoor het weerstandsvermogen kan worden bepaald. • Met risicomanagement wordt voldaan aan wet- en regelgeving geformuleerd in de BBV. 4
In 2015 heeft de raad besloten om risicomanagement in te voeren. Het systeem is in eerste instantie gericht op risico’s met een financiële impact. De bedoeling was dat het systeem geleidelijk zou worden uitgebreid naar een bredere risicoscope (programma risico’s). Dit voornemen is, mede omdat het niet wettelijke noodzakelijk is, niet gerealiseerd en we adviseren om het risicomanagement te beperken tot het voldoen aan wet- en regelgeving, geformuleerd in het BBV.
HOOFDSTUK 2. ROLLEN RISICOMANAGEMENT 2.1 ROL VAN DE RAAD De raad stelt de beleidskaders ten aanzien van risicomanagement en weerstandsvermogen vast. 2.2 RISICOHOUDING Vertrekpunt bij de invulling van risicomanagement is de bestuurlijk ambitie. Beleid maken en uitvoeren levert namelijk een bepaalde mate van risico op. Inzicht in de risico’s die samenhangen met het vaststellen van het beleid dienen aan de voorkant bij de raad en het college bekend te zijn en betrokken te worden bij de integrale bestuurlijke afweging. De acceptatie van een bepaalde mate van risico's moet aansluiten op het ambitieniveau van de raad. In 2015 heeft de raad ingestemd met het uitgangspunt dat de gemeente risico’s accepteert, indien er beheersmaatregelen worden/zijn genomen, het restrisico tijdig gemeld is, risicomanagement wordt toegepast en de financiële uitwerking passend is binnen de beschikbare weerstandscapaciteit. Er is geen aanleiding om het in 2015 door de raad vastgestelde beleid op dit moment te wijzigen. 2.3 ROL VAN HET COLLEGE De uitvoering van de door de raad vastgestelde beleidskaders voor risicomanagement en weerstandsvermogen ligt bij het college. Net als de verantwoordelijkheid voor de gemeentelijke bedrijfsvoering valt ook risicomanagement onder de integrale verantwoordelijkheid van het college.
Het college is uiteindelijk verantwoordelijk voor de realisatie van de beleidsdoelstellingen, de risico’s die hiermee gepaard gaan en de bijbehorende acties die worden ondernomen om de risico’s te onderkennen, te beoordelen en te beheersen. Om de raad periodiek te informeren, wordt twee keer per jaar, bij de begroting en bij de jaarrekening, de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing opgesteld. Hiermee krijgt de raad een herijking van de belangrijkste risico’ met de genomen of te nemen beheersmaatregelen en inzicht in de benodigde weerstandscapaciteit. Los van de reguliere periodieke informatievoorziening heeft het college een informatieplicht om, indien tussentijds de impact van (financiële) risico's substantieel wijzigt, de raad actief te informeren. In de Financiële verordening gemeente Wassenaar 2023 wordt in artikel 7 ‘Tussentijdse rapportages’ hiervoor een bedrag van € 50.000 gehanteerd. Verder gaat het college bij elk (raads)voorstel na wat de belangrijkste risico’s zijn en betrekt deze, indien daar aanleiding voor bestaat, in het voorstel (vaak verwoord onder de kanttekeningen) aan de raad, zodat zij op de hoogte is van de risico’s die eventuele doelstellingen kunnen belemmeren.
5
2.4 ROL VAN DE GEMEENTESECRETARIS De gemeentesecretaris/algemeen directeur is integraal verantwoordelijk voor het strategische risicomanagement en wordt hierbij geadviseerd vanuit de gemeentelijke organisatie (o.a. door de concerncontroller en de managers van de eenheden). Vanuit deze verantwoordelijkheid bepaalt de gemeentesecretaris/algemeen directeur de prioriteiten en de planning en zorgt ervoor dat bewust wordt omgaan met risico’s en dat risicomanagement gemeente breed wordt gestimuleerd.
HOOFDSTUK 3 RISICOMANAGEMENT 3.1 STRATEGIE EN KADERSTELLING Voorafgaand aan het uitvoeren van het risicomanagement stelt de raad de beleidskaders (de ‘spelregels’ waarbinnen het risicomanagement functioneert) vast. Daarvoor dient onder andere deze notitie. Binnen de door de gemeenteraad vastgestelde beleidskaders kan het college en het management van de gemeente werken. 3.2 PROCES VAN RISICOMANAGEMENT Risicomanagement is een continu proces dat uit de volgende stappen bestaat: 1. het onderkennen (identificeren) van risico’s; 2. het beoordelen van het risicoprofiel van de onderkende risico’s; 3. het nemen van beheersmaatregelen; 4 het rapporteren en verantwoorden onder andere in begroting en jaarrekening 4. evalueren en leren. Risicomanagementmodel: Het bewust zijn van risico’s en het gesprek hierover moet bijdragen aan het creëren van een open, lerende en zichzelf verbeterende organisatie. Een organisatie waarin risico’s nemen onderdeel is van de bedrijfsvoering, risico’s op een transparante wijze worden afgewogen en oplossingen worden bedacht om risico’s te beperken op basis van de beschikbare mogelijkheden. Wij stellen voor om het volgende model te hanteren. Figuur 1 beleidskaders
evalueren en leren
onderkennen risico's
rapporteren en verantwoorden
beoordelen risico's
nemen beheersmaatregelen
6
3.3 AFWEGINGSKADER Uiteraard verdienen niet alle risico’s evenveel aandacht. Het beoordelen en afwegen is afhankelijk van de aard, de kans en de impact van het risico. Ook speelt het draagvlak en de beschikbare middelen mee, evenals de mogelijkheid of het risico kan worden verzekerd. Stap 1. Beleidskaders De beleidskaders zijn de ‘spelregels’ waarbinnen het risicomanagement functioneert. Periodiek worden, op basis van de veranderende opvattingen en wetgeving, de kaders van het risicobeleid bijgesteld. Binnen de door de gemeenteraad vastgestelde beleid werken het college en de ambtelijke organisatie. Stap 2. Onderkennen risico’s In deze stap van het proces wordt de organisatie bewust gemaakt om signalen op te vangen die mogelijk van invloed kunnen zijn op het behalen van de doelstellingen van de gemeente. Dit gebeurt onder andere door: aandacht te blijven schenken aan het onderwerp, onder andere in de voorstellen en door het attenderen van de beleidsmedewerkers op mogelijke risico’s. De signalen van mogelijk nieuwe risico’s komen zowel van binnen als van buiten de organisatie, bijvoorbeeld vanuit verbonden partijen, de VNG of de media. Ook kennen de formats voor college- en raadsvoorstellen een paragraaf kanttekeningen, waarin de risico’s die met het voorstel samenhangen moeten worden benoemd.
Door signalen vanuit verschillende invalshoeken te belichten komt er een zo goed mogelijke risico-identificatie tot stand. Stap 3. Beoordelen risico’s Nadat de risico’s zijn geïdentificeerd, is het zaak om de kans dat risico’s zich voordoen en de impact daarvan op de doelstellingen in te schatten. Het inschatten van waarschijnlijkheid, omvang en het benoemen van de oorzaak van risico’s is van wezenlijk belang voor het definiëren van een adequate beheersmaatregel. Stap 4. Nemen beheersmaatregelen Nadat een risico is beoordeeld wordt er afgewogen of er wel of geen beheersmaatregelen genomen gaan worden. Bij deze afweging wordt gebruik gemaakt van onderstaande matrix (figuur 2). Per risico wordt op basis van impact en de kans dat een risico zich voordoet nagegaan welke actie volgt. Wat is het effect van voorkomen, verminderen of accepteren dan wel overdragen aan een andere partij (verzekeraar, aannemer, ontwikkelaar, etc.) of het treffen van beheersmaatregelen? Het vinden van een juiste balans tussen risico’s nemen en beheersen (bijvoorbeeld in termen van kosten versus omvang van het risico) maakt daar onderdeel van uit. Zodra er wordt gekozen om beheersmaatregelen te treffen, heeft dit als doel de gevolgen van risico’s te beheersen, door middel van de gekozen acties. Figuur 2 hoog
IMPACT
laag
OVERDRAGEN risico’s monitoren verzekeren
VOORKOMEN specifieke maatregelen in de bedrijfsvoering elimineren
bewustwording risico-tolerantie ACCEPTEREN
beheersmaatregelen routinematige controles in de processen VERMINDEREN
laag
KANS VAN VOORDOEN 7
hoog
Stap 5. Rapporteren en verantwoorden Gedurende het jaar legt het college op verschillende momenten verantwoording af over de resultaten van het gevoerde beleid. Dit gebeurd in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing bij zowel de begroting als bij de jaarrekening. Hierbij wordt in beeld gebracht welke risico’s de gemeente in beeld heeft, de kans dat een risico zich voordoet en de impact ervan. Daardoor ontstaat een duidelijk beeld van de benodigde weerstandscapaciteit. Stap 6. Evalueren en leren De verantwoording van de resultaten van het gevoerde beleid wordt gebruikt als feedback voor de organisatie en de gemeenteraad. Dit vormt de laatste stap uit het risicomanagement proces. De centrale gedachte bij de evaluatie is dat er ‘lessen uit het verleden’ worden getrokken. Dit kan zowel in de vorm van verbeteracties als in de vorm van het vieren van successen. Feitelijk resulteert dit in de continue verbetering van het systeem en de methodiek van risicomanagement: het is nooit af, zeker gezien het feit dat omstandigheden continu veranderen. De implementatie en volledige uitvoering van het risicomanagementmodel, inclusief de evaluatie en het leren, gaat bijdragen aan het verder verbeteren van het risicobewustzijn van de organisatie. Hierdoor kan het risicomanagement op een hoger plan worden gebracht.
HOOFDSTUK 4 RISICOMANAGEMENT IN RELATIE TOT HET WEERSTANDSVERMOGEN Zoals in paragraaf 2.3 beschreven stelt het college twee keer per jaar (bij de begroting en bij de jaarrekening ) een paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing op. In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de omvang, de dekking en de beheersing van de risico’s waarmee de gemeente kan worden geconfronteerd. Inzicht in het weerstandsvermogen van de gemeente is dus belangrijk om de continuïteit van de organisatie te kunnen garanderen. Kortom om hierover een uitspraak te doen is het noodzakelijk om de beschikbare weerstandscapaciteit te bepalen en dienen de bekende risico’s daar waar mogelijk te worden gekwantificeerd. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen incidenteel en structurele effecten. 4.1 WETTELIJKE KADER Het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) bevat de randvoorwaarden voor de afspraken tussen raad en college over risicomanagement en weerstandsvermogen. Artikel 11 vanuit het Besluit Begroting en Verantwoording bepaalt over het weerstandsvermogen het volgende: 1. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: a. de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de provincie onderscheidenlijk gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken; b.
alle risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. 2. De paragraaf betreffende het weerstandsvermogen bevat ten minste: a. een inventarisatie van de weerstandscapaciteit; b. een inventarisatie van de risico's; c. het beleid betreffende de weerstandscapaciteit en de risico's. De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing biedt op basis van dit wetsartikel minimaal inzicht in de risico’s en het weerstandsvermogen én het beleid ten aanzien hiervan. In de paragraaf wordt daarom verwezen naar deze beleidsnotitie.
8
4.2 BESCHIKBARE VERSUS BENODIGDE WEERSTANDSCAPACITEIT Weerstandscapaciteit is de mate waarin de gemeente in staat is om de risico en de daaruit te ontstane mogelijke financiële tegenvallers op te vangen. De risico’s afgezet tegen de weerstandscapaciteit leidt tot een conclusie over het weerstandsvermogen. Definitie weerstandsvermogen: Het weerstandsvermogen is de relatie tussen de weerstandscapaciteit (de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten die zich onverwachts kunnen voordoen en die van substantiële aard zijn, op te vangen) en alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in een ratio weerstandsvermogen en afgezet tegen de algemeen geldende weerstandsnorm. 4.3 BESCHIKBARE WEERSTANDSCAPACITEIT De beschikbare weerstandscapaciteit is in het BBV (artikel 11.1) omschreven als “de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken”.
De onderverdeling tussen ‘beschikt’ en ‘kan beschikken’ is hierin belangrijk: het maakt onderscheid tussen de incidentele middelen waarover een gemeente onmiddellijk kan beschikken wanneer een risico zich voordoet (incidentele weerstandscapaciteit), en de middelen die ze op langere termijn structureel kan vrijmaken (structurele weerstandscapaciteit). De onderverdeling tussen structurele en incidentele weerstandscapaciteit is hieronder verder uitgewerkt. Incidentele en structurele weerstandscapaciteit Incidentele weerstandscapaciteit Algemene reserve Bestemmingsreserves* Langlopende voorzieningen* Begrotingspost onvoorzien Stille reserves * Consequenties voor lopend beleid
Figuur 3 Structurele weerstandscapaciteit Bezuinigingsmogelijkheden* Onbenutte belastingcapaciteit*
Het definiëren (omzetten) van de algemene reserve en post onvoorzien als incidentele weerstandscapaciteit om risico’s op te vangen heeft geen consequenties: deze ‘potten’ zijn immers niet gekoppeld aan structureel beleid. Het betreft ‘vrije ruimte’, overigens behoudens claims uit eerdere besluitvorming. Bij het herzien van de nota reserves en voorzieningen zal worden beoordeeld of de huidige onderverdeling in de algemene reserve nog moet worden gehandhaafd. Voor de bestemmingsreserves en structurele weerstandscapaciteit geldt dat de inzet wel consequenties heeft: het inzetten van dit gedeelte van de weerstandscapaciteit vraagt om een herbezinning van de raad op vastgestelde doelen en prioriteiten. Ook bijvoorbeeld het wijzigen van het onderhoudsniveau van kapitaalgoederen waarvoor langlopende onderhoudsvoorzieningen zijn gevormd vraagt om een beleidswijziging. Daarnaast kan onderzoek worden verricht naar de omvang van stille reserves. Stille reserves vertegenwoordigen waarde in gebouwen, gronden of aandelen die niet uit de balans blijkt (lagere waardering), maar zichtbaar worden indien verkoop tegen marktwaarde plaatsvindt. Vooralsnog worden stille reserves niet betrokken bij de bepaling van de weerstandscapaciteit.
Vanuit de gedachte van continuïteit in beleidsuitvoering en de vermogenspositie is in 2015 voorgesteld om de bestemmingsreserves en de langlopende voorzieningen niet te betrekken bij de 9
bepaling van de weerstandscapaciteit. Op basis hiervan heeft de raad besloten om bij de bepaling van de beschikbare weerstandscapaciteit de volgende posten mee te nemen: - Algemene reserve, - Begrotingspost onvoorzien. Er is geen aanleiding om de in 2015 door de raad vastgestelde posten op dit moment te wijzigen. 4.4 BENODIGDE WEERSTANDSCAPACITEIT De risico’s die de gemeente loopt zijn bepalend voor de hoogte van de benodigde weerstandscapaciteit. Om de hoogte van de benodigde weerstandscapaciteit te bepalen is het noodzakelijk de risico’s te voorzien van een kwantificering van zowel kans als financiële gevolgen. Voor die bepaling zijn de volgende elementen van belang: het bruto-risico, de beheersmaatregelen, de kans dat een risico manifest wordt en/of het een incidenteel of structureel risico behelst. Om focus aan te brengen rapporteert het college in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing over de meest significante risico’s. Deze risico’s behelzen naar verwachting 90% van de totale financiële omvang van de risico’s. Om voldoende dekking hebben voor deze kleinere risico’s, wordt daarnaast een buffer van 10% gehanteerd. Indien sprake is van risico’s die samenhangen met de grondexploitatie wordt jaarlijks een separate risicoanalyse (bij de jaarrekening) uitgevoerd. Deze risicoanalyse dient als basis voor de vorming van adequate financiële voorzieningen.
Deze risico’s vallen buiten de berekening van het benodigd weerstandsvermogen. 4.3 NORMERING VAN HET WEERSTANDSVERMOGEN De mate waarin de gemeente haar risico’s kan dekken met eigen weerstandscapaciteit is uit te drukken in de ratio weerstandsvermogen. Die ratio geeft de verhouding weer tussen de financieel gekwantificeerde risico’s en de daarbij horende benodigde weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen beide componenten is in onderstaand figuur weergegeven. Ratio weerstandsvermogen
figuur 4
Beschikbare weerstandscapaciteit = ratio weerstandsvermogen Benodigde weerstandscapaciteit Om de berekende ratio weerstandsvermogen te beoordelen heeft het Nederlands Adviesbureau Risicomanagement (NAR) in samenwerking met de Universiteit Twente een normtabel ontwikkeld. Van deze normbepaling, weergegeven in onderstaande waarderingstabel, maakt ook de gemeente Wassenaar gebruik. Waarderingstabel ratio weerstandsvermogen
figuur 5
..
Waarderingscijfer A B C D E F
Ratio weerstandsvermogen 2,0 < x 1,4 < x < 2,0 1,0 < x < 1,4 0,8 < x < 1,0 0,6 < x < 0,8 x < 0,6
Betekenis Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
10
De raad heeft in 2015 besloten om minimaal een ratio van 2,0 te hanteren, dit staat voor uitstekend. Deze normering moet in relatie worden gezien met de risicohouding van de raad. Het is belangrijk om op een verantwoorde wijze om te gaan met risico’s en anderzijds gemeenschapsmiddelen niet onnodig vast te zetten. Er is geen aanleiding om de in 2015 door de raad vastgestelde ratio op dit moment te wijzigen.
HOOFDSTUK 5 VOORTZETTING RISICOMANAGEMENT Deze notitie is een actualisatie van de in 2015 door de raad gestelde kaders voor succesvol risicomanagement. Op basis van deze kaders voert het college het risicomanagement uit en rapporteert jaarlijks op verschillende momenten over de resultaten van het gevoerde beleid. Dit gebeurd in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing bij zowel de begroting als bij de jaarrekening.
11