Bijlage 1.2 Verkennend natuuronderzoek locatie SKOW Wassenaar
Tekst van het document
Verkennend natuuronderzoek+ Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar
DEFINITIEF 19 december 2023
Pagina 1 van 41
Colofon Dit document is samengesteld in opdracht van Gemeente Wassenaar Contactpersoon:
H. van Son
Door:
Eco Consult - Groen, Monitoring & Management B.V. Plesmanstraat 59-32, 3905 KZ Veenendaal
Telefoon:
+3185 3038 627
E-mail:
info@ecoconsult-gmm.nl
Website:
www.ecoconsult-gmm.nl
Samenstelling:
Marieke Teunissen, projectleider; Ron Theunisz, senior-ecoloog, Maurice Theunisz, junior-ecoloog
Foto’s:
Eco Consult (tenzij anders vermeld bij de foto)
Datum:
19 december 2023
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande toestemming van de samensteller en in overleg met de opdrachtgever. Deze uitgave is met grote zorgvuldigheid samengesteld. Noch de samenstellers, noch de opdrachtgever zijn aansprakelijk voor eventuele schade als gevolg van onjuistheden en/of onvolkomenheden ten gevolge van het gebruik van deze uitgave.
VERKENNEND NATUURONDERZOEK+
Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar
Definitief 19 december 2023
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
INHOUD LEESWIJZER
5
1
INLEIDING
7
1.1
Initiatiefnemer en aanleiding
7
1.2
Onderzoeksopzet en werkwijze
8
2
3
4
BESCHERMDE GEBIEDEN
12
2.1
Wet natuurbescherming
12
2.2
Nationaal Natuurnetwerk
13
2.3
Gemeentelijk beleid
14
BESCHERMDE SOORTEN
16
3.1
Onderzochte soortgroepen
16
3.2
Grondgebonden zoogdieren
17
3.3
Vogels
20
3.4
Amfibieën
23
3.5
Vaatplanten
24
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
29
4.1
Effecten op beschermde gebieden
29
4.2
Effecten op beschermde soorten
30
4.3
Samenvatting conclusies
31
4.4
Algemeen zorgvuldig handelen
32
4.5
Wanneer is ontheffing nodig?
32
LITERATUUR/INFORMATIE
33
BIJLAGE I: REGELS BESTEMMINGSPLAN
34
BIJLAGE II: AANVULLEND VLEERMUISONDERZOEK
35
BIJLAGE III: ADVIES LOCATIEKEUZE VERSUS NATUURWAARDEN
36
BIJLAGE IV: WET- EN REGELGEVING EN BELEID
39
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
4
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
LEESWIJZER De gemeente Wassenaar is op zoek naar een locatie voor een nieuwe school/integraal kindcentrum in Noord-Wassenaar. Als zoekgebied is het westelijk gedeelte van park Deijleroord aangewezen. Op dit terrein staat al een oud schoolgebouw dat in gebruik is als kinderopvang, een nieuwe sporthal (Gymadora) en er ligt een verhard sportterrein. Het parkgedeelte bestaat uit volwassen wordend bosplantsoen, grasvelden, boomgroepen, solitaire bomen, grindpaden en een vijver met zij-sloten. Aan de westzijde ligt een brede watergang, de Zijlwatering. De vraag aan adviesbureau Eco Consult – Groen, Monitoring & Management B.V. uit Veenendaal is om een verkennend natuuronderzoek uit te voeren naar de natuurfuncties van het terrein. Dit onderzoek omvat bureaustudie, veldonderzoek en analyse van onderzoeksresultaten. Het betreft de onderdelen gebieds- en soortbescherming uit de Wet natuurbescherming (hoofdstuk 2 en 3 uit de wet). In het eerste inleidende hoofdstuk wordt de opdracht geformuleerd evenals de toegepaste werkwijze en de te toetsen werkzaamheden. Hoofdstuk 2 bevat de toetsing van de gebiedsbescherming. Getoetst zijn de nationale gebiedsbescherming uit de Wet natuurbescherming, het provinciale beleid in de vorm van het Nationaal Natuurnetwerk.
Hoofdstuk 3 bevat per soortgroep de voorkomende relevante soorten en de resultaten van de toetsing van deze soorten aan de Wet natuurbescherming. In hoofdstuk 4 worden de conclusies en aanbevelingen weergegeven. Tot slot volgen enkele bijlagen. Bijlage I bevat de bestemmingsplanregels, Bijlage II het nader onderzoek dat aanvullend is uitgevoerd. In bijlage III wordt advies gegeven omtrent keuzes voor de nieuwbouw vanuit natuuroogpunt gezien. In bijlage IV wordt ten slotte de wetgeving en het vigerende beleid beschreven.
5
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
Afbeelding 1, begrenzing van het zoekgebied voor de nieuwe school (binnen geel vlak)
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
6
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
1
INLEIDING Dit hoofdstuk gaat over wie opdracht gaf voor dit onderzoek en waarom. Het bevat ook de afbakening van het onderzoeksgebied en de onderzoeksopzet.
1.1
Initiatiefnemer en aanleiding Gemeente Wassenaar is bezig met het zoeken naar een geschikte locatie voor een nieuwe school/integraal kindcentrum in Wassenaar-Noord. Als optie is het westelijke gedeelte van park Deijleroord aangewezen. Op dit terrein staat al een oud schoolgebouw dat in gebruik is als kinderopvang, een nieuwe sporthal (Gymadora) en er ligt een verhard sportterrein. Het parkgedeelte bestaat uit volwassen wordend bosplantsoen, grasvelden, boomgroepen, solitaire bomen, grindpaden en een vijver met zij-sloten. Aan de westzijde ligt een brede watergang, de Zijlwatering. Doel van dit onderzoek is om een verkenning uit te voeren naar de natuurfuncties en de ecologische-/natuurwaarden van het terrein en advies uit te brengen wat ecologisch gezien de beste ligging voor de nieuwbouw zal zijn. Door voorgenomen werkzaamheden kunnen aanwezige beschermde dieren zoals vleermuizen, marterachtigen en jaarrond beschermde vogels (en verblijfplaatsen van) worden verstoord of gedood waardoor hun verblijfplaatsen en foerageergebied worden verstoord of opgeheven. Deze diersoorten verblijven mogelijk in aanwezige bomen en binnen de andere natuurstructuren. Ook beschermde planten kunnen door werkzaamheden worden beschadigd of verwijderd. Dit is verboden op basis van de Wet natuurbescherming. Bovendien geldt voor alle inheemse soorten zorgplicht.
Het is daarom noodzakelijk om voorafgaand aan werkzaamheden onderzoek uit te laten voeren of er daadwerkelijk verboden overtreden gaat worden. De toetsing bestaat in eerste instantie uit een verkennend natuuronderzoek (ook wel quickscan genoemd) om in kaart te brengen welke soorten en gebieden er (kunnen) voorkomen dan wel negatief worden beïnvloed door de voorgenomen werkzaamheden. Mogelijk blijkt uit dit verkennend onderzoek dat voor bepaalde soorten of gebieden nader onderzoek nodig is om de effecten nauwkeuriger in beeld te kunnen brengen. Ook wordt uit deze onderzoeken duidelijk of er maatregelen getroffen moeten worden om zorgvuldig met aangetroffen soorten om te gaan of dat een ontheffing of vergunning nodig is. Het veldbezoek van het verkennend onderzoek is in dit geval gecombineerd met een onderzoek naar verblijfplaatsen en een eerste veldbezoek voor een nader onderzoek voor vleermuizen omdat werkzaamheden in een wat ouder parkachtig gebied vrijwel altijd leiden tot nader onderzoek naar boombewonende soorten en de periode van veldwerk hiervoor nog juist binnen de aangegeven onderzoeksperiode conform het vleermuisprotocol viel. Pas wanneer de plannen voldoen aan wet- en regelgeving kan worden gestart met de werkzaamheden.
7
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
Doel onderzoek Het doel van het verkennend onderzoek is om te bepalen of er beschermde leefgebieden, verblijfplaatsen en beschermde soorten volgens hoofdstuk 2 en 3 uit de Wet natuurbescherming voorkomen en of het terrein op een andere wijze van wezenlijk belang is voor beschermde leefgebieden en/of beschermde soorten, bijvoorbeeld externe werking op Natura 2000-gebieden of aantasting van het overig Natuurnetwerk. Ook wordt gekeken of er soorten voorkomen die om andere redenen beschermenswaardig kunnen zijn en welke kansen er zijn voor het versterken van de biodiversiteit. Dit verkennend onderzoek geeft antwoord op de volgende vragen: ●
Is er wel of geen nader onderzoek en nadere toetsing nodig?
●
Wanneer is er wel of geen vergunning nodig in verband met leefgebieden?
●
Wanneer is er wel of geen ontheffing soortbescherming nodig?
●
Is wel of geen ander significant negatief effect te verwachten?
Locatie en werkzaamheden Het onderzoeksgebied betreft een deel van park Deijleroord zie afbeelding 1 voor de ligging ervan. Aan het einde van dit hoofdstuk is in afbeelding 2 een sfeerimpressie van het park opgenomen. De werkzaamheden betreffen het bouwrijp maken van een deel van het park en realisatie van de nieuwbouw van een school. Het bouwrijp maken en bouwen gaat in dit geval ten koste van het groen in het park, bijvoorbeeld het verwijderen van grasvelden, bosschages of bomen. Om de hiervoor genoemde vragen te kunnen beantwoorden is in het onderzoek gekeken naar het volgende: •
Aanwezigheid van beschermde soorten in bomen (holtes en nesten).
•
Aanwezigheid van beschermde soorten in en op de bodem onder en in de bosschages, kruidachtige vegetatie en gazon.
1.2
•
De kwaliteit van aanwezige habitats.
•
Aanwijzen van locaties met laagste natuurwaarde.
•
Aanwezigheid en gedrag van vleermuizen en andere nachtactieve soorten.
Onderzoeksopzet en werkwijze Het onderzoek is gebaseerd op literatuuronderzoek en bureaustudie en aangevuld met een terreinverkenning op de onderzoekslocatie. Het onderzoek is aan de hand van de volgende stappen uitgevoerd: A. Bureaustudie naar beschermde gebieden en voorkomende soorten.
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
8
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
B. Verkennend terreinbezoek (soorten, effecten van bouwactiviteiten). C. Aanvullend 1e nader onderzoek verblijfplaatsen en nachtactieve soorten. D. Opstellen conceptrapportage. E.
Afstemming met de opdrachtgever.
F.
Bijstellen rapportage en oplevering.
Bureaustudie Via literatuur- en bronnenonderzoek is onderzocht welke wettelijk beschermde en beleidsmatig aangewezen plant- en diersoorten en leefgebieden aanwezig zijn waarmee rekening moet worden gehouden. Ook is op basis van bestaande informatie uit eerdere inventarisaties en expert judgement, een inschatting gemaakt van welke beschermde soorten zouden kunnen voorkomen. De volledige lijst van geraadpleegde bronnen is aan het eind van de rapportage in de bronvermelding terug te vinden. Op provinciale en gemeentelijke kaarten is nagegaan hoe de onderzoekslocatie ligt ten opzichte van wettelijk beschermde gebieden en of werkzaamheden op de onderzoekslocatie effect zullen gaan hebben op deze gebieden.
Terreinbezoek Bij het veldbezoek is met name gelet op de relatie tussen de door de toekomstige werkzaamheden te veroorzaken verstoringen en het ter plaatse (kunnen) voorkomen van wettelijk of beleidsmatig beschermde soorten en habitattypen. Het verkennend onderzoek is op 30 augustus 2023 uitgevoerd door ing. R. Theunisz en M. Theunisz van Eco Consult – Groen, Monitoring & Management B.V. Het doel was het park te bekijken en aanvullend aan het bronnenonderzoek de verzamelde informatie te toetsen, ontbrekende gegevens te verzamelen en foto’s te maken. Hierbij vooral gezocht naar (mogelijk) aanwezige beschermde soorten en hun verblijfplaatsen. Het veldbezoek is gecombineerd met een avondonderzoek naar vleermuizen en andere nachtactieve soorten. Indien beschermde of bedreigde soorten en leefgebieden aangetroffen zijn of deze worden vermoed, zijn deze genoteerd. Op 21 november 2023 heeft er overdag nog een extra controle op aanwezige verblijfplaatsen in het veld plaatsgevonden door ing. R. Theunisz.
Analyse en weergave onderzoeksresultaten De onderzoeksresultaten van bureauonderzoek en veldwerk zijn geanalyseerd en verwerkt in deze rapportage. Tot slot zijn de conclusies getrokken en worden aanbevelingen gedaan. Deze conceptrapportage wordt aan de opdrachtgever voorgelegd en na verwerking van de reacties wordt de definitieve rapportage opgeleverd.
9
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
I.
Paden en zich ontwikkelend bos
II. Open grasveld met enkele elzen en lindes
III. Hetzelfde grasveld als II, vanuit een andere hoek
IV. Plein schoolgebouw/ kinderopvang
V. Achteraanzicht huidige schoolgebouw/kinderopvang
VI. Gazon tussen Burmanlaan en vijver/zijsloot
VII. Brug over sloot aan de Van Cranenburchlaan
VIII.
Vijver Van Cranenburchlaan-Burmanlaan
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
10
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
IX. Jonge treurbeuk
X. Volwassen es
XI. Volwassen iep
XII. Sporthal Gymadora met links jong bosplantsoen
XIII. Speelplaats Burmanlaan/Van Groeneveltlaan
XIV. Zijlwatering
Afbeelding 2, impressie onderzoeksgebied
11
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
2
BESCHERMDE GEBIEDEN De ligging van de onderzoekslocatie is in beeld gebracht ten opzichte van de dichtstbijzijnde wettelijke en beleidsmatig beschermde gebieden. Vervolgens is onderzocht op basis van bureaustudie in hoeverre de verwachte activiteiten invloed kunnen hebben op de instandhoudingsdoelstellingen en doelsoorten in deze gebieden.
2.1
Wet natuurbescherming Het onderzoeksgebied ligt niet binnen de grenzen van een Natura 2000-gebied. Het dichtstbijzijnde gelegen Natura 2000-gebied is Meijendel & Berkheide en ligt op circa 1,6 km afstand van de onderzoekslocatie, zie afbeelding 3.
Afbeelding 3, ligging onderzoekslocaties ten opzichte van Natura 2000-gebied (Bron: atlasleefomgeving)
Door de afstand tussen de werklocatie en Meijendel & Berkheide, tussenliggende bebouwing en aard van werkzaamheden zijn externe effecten op dit Natura 2000-gebied niet te verwachten. De voorgenomen werkzaamheden vinden niet fysiek plaats in of direct grenzend aan het Natura 2000-gebied en het betreft onderhouds- en renovatiewerkzaamheden. Er is geen nader onderzoek ten aanzien van Natura 2000-gebieden nodig en daarmee ook geen vergunning artikel 2.7 uit de Wet natuurbescherming omdat de externe effecten geen wezenlijke negatieve effecten veroorzaken in Natura 2000-gebieden.
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
12
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
2.2
Nationaal Natuurnetwerk Om de Natura 2000-gebieden te kunnen verbinden en daarmee een robuust natuurnetwerk te creëren hebben provincies het Natuurnetwerk Nederland (NNN, voorheen Ecologische Hoofdstructuur) in hun plannen verankerd. Dit zijn provinciaal beleidsmatig beschermde natuurgebieden. In de omgeving van park Deijleroord liggen verschillende gebieden die deel uit maken van het NNN, zie afbeelding 4. Het dichtstbijzijnde punt ligt op ca. 630 meter afstand van het onderzoeksgebied. De provincie Zuid-Holland beschermt het NNN via het ruimtelijk beleid om ervoor te zorgen dat de omvang en kwaliteit van deze gebieden niet afneemt. Dit is geregeld in de ZuidHollandse Omgevingsverordening (de opvolger van de Provinciale Ruimtelijke Verordening). Nieuwe gemeentelijke bestemmingsplannen en omgevings-vergunningen moeten voldoen aan de regels die in deze verordening zijn opgenomen. Dat gaat met de “nee, tenzij”-toets. Een nieuw project, dat de natuur significant aantast, mag niet worden toegestaan in het bestemmingsplan of de omgevingsvergunning (“nee”), tenzij het een groot openbaar belang dient én er geen alternatieven zijn buiten de natuur. Als het toegestaan is, is natuurcompensatie verplicht (op een andere plek moet dan nieuwe natuur komen). Met de voorgenomen werkzaamheden in het park is er geen sprake van een project dat de natuur in dit netwerk aantast.
Verder onderzoek is daarom niet nodig.
Afbeelding 4, ligging onderzoekslocatie ten opzichte van Nationaal Natuurnetwerk (Bron: atlasleefomgeving)
13
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
2.3
Gemeentelijk beleid Bestemmingsplan In het gemeentelijk bestemmingsplan uit 2013 is het gebied bestemd als groen, zie bijlage I voor de bijbehorende regels. Afhankelijk van de grootte van de nieuwbouw is een bestemmingsplan wijziging nodig, de kans hierop is erg groot.
Afbeelding 5, bestemmingsplan Hofcamp 2013 (Bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Groen- en watervisie 2015 In september 2015 stelde de gemeenteraad de gemeentelijke Groen- en watervisie 2015-2019 vast. Hierin de gemeentelijke groenstructuur opgenomen, zie afbeelding 6. Deze groenstructuur is 1 op 1 overgenomen in de Structuurvisie 2025. Het plangebied is op deze kaart aangeduid als een van de grotere wijkpark. Uit navolgende citaten spreken de ambities van de gemeente ten aanzien van deze hoofdgroenstructuren: •
“We gaan uit van onze eigen kwaliteiten en kiezen in deze structuurvisie voor een groene koers.”1
•
“Instandhouden en versterken van de leefbaarheid voor mens en dier staat centraal” 1
•
“Wassenaar wil in 2025 de groenste gemeente van Nederland zijn. Het unieke groene karakter van Wassenaar wordt behouden, versterkt en uitgebreid, ook op wijk- en buurtniveau.”1
•
“Wassenaar is een groene gemeente, maar om zich te onderscheiden van zijn omgeving en te voldoen aan de behoeftes die er in de samenleving leven, moet er méér groen bij”2
•
1 2
“Doelstelling 5: Versterken van het groen op buurt- en wijkniveau.”2
Structuurvisie Wassenaar 2025, Gemeente Wassenaar 22 maart 2017 Groen- en Watervisie Wassenaar 2015-2019, Gemeente Wassenaar 2015
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
14
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
Dit betekent voor de onderzoekslocatie dat behoud en versterking van de groene structuren een belangrijke randvoorwaarden zijn voor een eventuele inpassing van de nieuwe school.
Afbeelding 6, overzicht ligging plangebied (gele cirkel) op de Groenstructuurkaart (bron: Groen- en watervisie 2015-2019)
Afbeelding 7, detail ligging plangebied (gele ovaal) op de Groenstructuurkaart (bron: Groen- en watervisie 2015-2019)
15
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
3
BESCHERMDE SOORTEN De voorgenomen werkzaamheden kunnen mogelijk nadelig zijn voor aanwezige flora en fauna. In dit hoofdstuk wordt uitgezet welke soorten zijn aangetroffen of met grote zekerheid te verwachten zijn. Tevens is aangeven welke maatregelen getroffen moeten worden indien een soort gebruik maakt van de onderzoekslocatie.
3.1
Onderzochte soortgroepen Op basis van de bureaustudie en het terreinbezoek is in beeld gebracht door welke planten en dieren het onderzoeksgebied wordt gebruikt en of het onderzoeksgebied deel uitmaakt van een essentiële verblijf- of foerageerplaatsen. Per soortgroep wordt in dit hoofdstuk aangeven welke wettelijk beschermde soorten mogelijk kunnen voorkomen of aangetroffen zijn. Er is gekeken naar de relevante wettelijk beschermde flora en faunasoorten (Wet natuurbescherming). De onderzochte soortgroepen zijn: •
Zoogdieren (rust- en voortplantingsplaatsen).
•
Vleermuizen (winter-, zomer- en paarverblijven, kraamkamers en foerageer- en migratieroutes).
•
Broedvogels (tijdelijke en jaarrond in gebruik zijnde rust- en voortplantingsplaatsen).
•
Amfibieën (leefgebied en winterverblijfplaatsen).
•
Groeiplaatsen van vaatplanten.
De verzamelde waarnemingen zijn afkomstig uit de genoemde bronnen (zie bronvermeldingen) en gaan tot 3 jaar terug. Per soortgroep wordt in de navolgende paragrafen een beschrijving gegeven van de gevolgen van bouwactiviteiten op de voorkomende soorten en worden indien nodig oplossingsrichtingen voorgesteld. Bouwwerkzaamheden worden binnen de kaders van de Wet natuurbescherming gezien als ‘ruimtelijke ontwikkeling’ 3 omdat de functionaliteit van de locatie voor de aanwezige soorten wijzigt. De in tabel 1 genoemde in Nederland beschermde diersoorten zijn vrijgesteld in de provincie Zuid-Holland. Er geldt geen vrijstelling voor landelijk beschermde vaatplanten. Voor vrijgestelde soorten geldt dat zij zijn vrijgesteld van de verboden uit de wet, zie bijlage IV. De algemene zorgplicht blijft wel gelden.
3
De wet onderscheidt ‘ruimtelijke inrichting en ontwikkeling’ ‘bestendig beheer en onderhoud’ en ‘bestendig gebruik’.
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
16
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
Tabel 1, Vrijgestelde soorten Zuid-Holland.
Vrijgestelde soorten – provincie Zuid-Holland4
3.2
Aardmuis
Gewone bosspitsmuis
Ree
Bastaardkikker
Gewone pad
Rosse woelmuis
Bosmuis
Haas
Veldmuis
Bruine kikker
Hermelijn
Vos
Bunzing
Huisspitsmuis
Wezel
Dwergmuis
Kleine watersalamander
Woelrat
Dwergspitsmuis
Konijn
Egel
Meerkikker
Zoogdieren Steenmarter Een beschermde (niet vrijgestelde) grondgebonden zoogdiersoort die in Zuid-Holland in opmars is, is de steenmarter. Binnen de directe omgeving van het onderzoeksgebied én binnen de bebouwde kom van Wassenaar zijn vanuit de literatuur géén recente (afgelopen 3 jaar) waarnemingen bekend van een steenmarter. Sporen van een steenmarter zijn tijdens het verkennend onderzoek niet aangetroffen. Geen latrine, uitwerpselen en/of prooiresten en geen stank. De aanwezigheid van een verblijfplaats van de steenmarter kan worden uitgesloten.
Waterspitsmuis De waterspitsmuis komt voor in de omgeving. Deze schuwe soort is gebonden aan ruige oevers en water. De watergangen en de vijver hebben een beschoeiing waardoor er geen sprake is van een brede oever. De oevers worden ook jaarlijks gemaaid. Daarnaast betreft het een wandelpark en is het geen rustige situatie. Dit is niet geschikt voor de waterspitsmuis. Vanwege het ongeschikte habitat kan deze soort worden uitgesloten.
Eekhoorn Nesten van eekhoorn zijn niet aangetroffen. Het onderzoeksgebied is wel geschikt als (nietessentieel) foerageergebied. Werken volgens een goedgekeurde gedragscode en ecologisch werkprotocol is nodig wanneer er bosschages en/of bomen verdwijnen.
Vleermuizen Alle vleermuissoorten zijn zwaar beschermd volgens de Europese Habitatrichtlijn bijlage IV. Omdat het een wat ouder park betreft met gebouwen en water, is het een potentieel geschikt leefgebied voor enkele vleermuissoorten. Er zijn tijdens het bureauonderzoek geen waarnemingen gevonden van vleermuizen binnen de onderzoekslocatie zelf, maar wel in de
4
17
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR622914/8 Omgevingsverordening Zuid-Holland 2022
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
directe omgeving. De soortenkansenkaart van de provincie Zuid-Holland geeft voor park Deijleroord aan: ruige dwergvleermuis zeer hoog, gewone dwergvleermuis gemiddeld/laag (open terrein en bosschages) tot hoog (bebouwing), zie afbeelding 8 en 9. In bijlage II zijn de resultaten van het aanvullend door ons uitgevoerde nader onderzoek weergegeven.
Afbeelding 8, ruige dwergvleermuis, kans op voorkomen zeer hoog (Bron: soortenkansenkaart Zuid-Holland)
Afbeelding 9, gewone dwergvleermuis: kans op voorkomen hoog (gebouwen) tot gemiddeld/laag overig terrein (Bron: soortenkansenkaart Zuid-Holland)
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
18
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
Verblijfplaatsen Het is mogelijk dat soorten verblijven in holtes van dikke bomen, op een hoogte van ca. 3 meter, buiten het bereik van predatoren. Tijdens het veldbezoek is één holte geschikt als vleermuisverblijf aangetroffen. Later is ontdekt dat deze bewoond is door een koolmees en dus niet bezet is door vleermuizen. Aan de Burmanlaan zijn twee vleermuiskasten in een boom opgehangen. Bewoning is nog niet vastgesteld. In het oude schoolgebouw is mogelijk wel een verblijfplaats aanwezig volgens de gebruiker. Tijdens het uitgevoerde nader vleermuisonderzoek is naar mogelijke verblijfplaatsen gekeken, zie bijlage II.
Afbeelding 10, vleermuiskasten aan een boom langs de Burmanlaan
Foerageren Het gebied is geschikt als foerageergebied (jachtgebied) vanwege de aanwezigheid van bosschages, bomen, grasvelden en open water. Het uitvoeren van bouwwerkzaamheden (overdag) zal geen negatief effect hebben op het foerageren van vleermuizen (avond en nacht). Verkleinen van het foerageergebied mogelijk wel vanwege afname van insectenaanbod en toename van verstoring, hier is nader onderzoek voor nodig.
Vliegroutes Vliegroutes zouden aanwezig kunnen zijn tussen de gebouwen en omliggende groenvoorzieningen. Vleermuizen verplaatsen zich vanuit hun verblijfplaatsen via boomgroepen, bosschages, lanen en waterlopen om in de omgeving te kunnen foerageren. Ook worden vliegroutes gebruikt om van het ene type verblijfplaats naar het andere te vliegen. Het
19
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
uitvoeren van renovatiewerken (overdag) aan gebouwen zal geen negatief effect hebben op vliegroutes die ‘s avonds en ‘s nachts worden gebruikt. Het verwijderen van bosschages en onderdelen van lanen heeft mogelijk wel een structureel negatief effect, hier is nader onderzoek voor nodig. In de regel wordt een maximale onderbreking van 7 meter aangehouden.
3.3
Vogels Jaarrond beschermde vogelnesten Rust- of voortplantingslocaties van vogels die hun nest jaarrond gebruiken en honkvast zijn (aangepaste lijst voor jaarrond beschermde vogelnesten RVO 2022 categorieën 1 t/m 4) zijn structureel jaarrond beschermd. Voor de soorten van categorie 5 is het belangrijk dat er voldoende alternatieven beschikbaar zijn. Het park is nauwkeurig onderzocht op mogelijke jaarrond beschermde nestplaatsen, zie afbeelding 11 t/m 14. Van de soorten met jaarrond beschermde nesten is de koolmees (categorie 5 bescherming) aangetroffen in een holte in een els, zie afbeelding 11. Vanwege de algemeenheid van deze soort en het grote aantal alternatieve locaties (koolmees bewoont ook nestkasten en gaten in gebouwen) zal er indien toevallig deze boom gekapt zou worden (buiten de broedtijd), op deze soort geen negatief effect optreden. In een veldesdoorn zijn twee grote nesten aangetroffen, zie afbeelding 12. Volgens een bewoner is dit een buizerdnest (categorie 4, nest is jaarrond beschermd). Indien dit werkelijk zo is, zal een beschermingszone moeten worden ingesteld wanneer daar direct in de buurt verstorende activiteiten plaatsvinden. Bewoning zal dan vooraf moeten worden aangetoond indien inderdaad direct bij het nest gebouwd gaat worden. Voor het verwijderen van dit nest is een ontheffing nodig.
Afbeelding 11, holte in els, bewoond koolmees
Afbeelding 12, twee nesten vermoedelijk buizerd
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
20
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
Afbeelding 13, gierzwaluw: kans op voorkomen verblijfplaats laag (gebouwen) tot niet overig terrein (Bron: soortenkansenkaart Zuid-Holland)
Afbeelding 14, Huismus: kans op voorkomen verblijfplaats laag (gebouwen) tot niet overig terrein (Bron: soortenkansenkaart Zuid-Holland)
Algemene broedvogels Voor broedvogels met een tijdelijk nest geldt dat wanneer een nest daadwerkelijk in gebruik is, er geen verstorende activiteiten mogen plaatsvinden. Er zijn diverse nesten van algemene broedvogels aanwezig in de bosschages. In de vijver ligt een bewoond nest van meerkoeten, zie afbeelding Deze soorten waaronder de meerkoeten zullen buiten de broedperiode geen hinder ondervinden door bouwwerkzaamheden. Negatieve effecten ten aanzien van algemene broedende vogels zijn wanneer buiten de broedperiode gewerkt wordt, uitgesloten.
21
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
Afbeelding 15, nest meerkoet in de vijver
Afbeelding 16, locaties holte in els (koolmees categorie 5), buizerd (categorie 4) en meerkoetnest (algemene broedvogel)
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
22
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
3.4
Amfibieën De soortenkansenkaart Zuid-Holland geeft aan dat binnen de onderzoekslocatie de aanwezigheid van enkele beschermde amfibiesoorten niet kan worden uitgesloten.
Heikikker Negatieve effecten op heikikker kunnen worden uitgesloten mits de Zijlwatering (mogelijk maar marginaal voortplantingsgebied) aan de westzijde en aanliggende bosschages (mogelijk winterverblijf) niet worden aangetast, zie afbeelding 17. De kans op aanwezigheid op die plek is klein maar kan niet worden uitgesloten.
Afbeelding 17, heikikker: kans op voorkomen verblijfplaats gemiddeld tot laag (Bron: soortenkansenkaart Zuid-Holland)
Afbeelding 18, rugstreeppad: kans op voorkomen hoog bij bebouwing en laag in het nu nog groene deel (Bron: soortenkansenkaart Zuid-Holland)
23
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
Rugstreeppad In de periode dat er niet gebouwd wordt is de kans op verstoring van rugstreeppadden niet aan de orde, zie afbeelding 18. Wanneer echter grondwerkzaamheden gaan plaatsvinden kan de pionier rugstreeppad snel bezitnemen van het terrein. Deze soort is daarom van belang in de bouwfase en heeft nog geen invloed op de planfase.
3.5
Vaatplanten Tijdens het veldbezoek is binnen het onderzoeksgebied geen beschermde (muur) vegetatie aangetroffen. Gelet op de opdracht om ook te kijken naar minder of meer biodiverse habitats kan wel worden opgemerkt dat er met kruiden ingezaaide ruigtestroken aanwezig zijn die een grote bijdrage leveren aan biodiversiteit vanwege de diverse soorten kruiden en bijbehorende insecten. Daarnaast zijn op de oevers, zeker die waarvan de beschoeiingen zijn versleten interessante maar smalle moerasruigtes aanwezig. Ook deze moerasruigtes herbergen veel soorten kruiden met bijbehorende insecten. Hierin is echter verbetering mogelijk waardoor nog meer soorten zouden kunnen worden aangetrokken.
Bosschages De al wat oudere bosschages, geschat op 50 jaar, kennen minimaal 3 verticale lagen: een boomlaag, een struik- of heesterlaag en een kruidlaag. Aangetroffen soorten zijn: •
Boomsoorten: gewone es, veldesdoorn, veldiep, zwarte els, gewone esdoorn, witte abeel.
•
Heestersoorten: eenstijlige meidoorn, liguster, vlier, taxus, hazelaar, braam, zwarte aalbes, bosrank, klimop.
•
Kruiden: gewoon nagelkruid, robertskruid, look zonder look.
Klimop en de aangetroffen soorten kruiden geven aan dat er bosontwikkeling gaande is, zie ook afbeelding 16.
I.
Bos met klimopbedekking
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
II.
Veel dood hout
24
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
III.
zwarte aalbes
IV. onderkant van een omgevallen boom
Afbeelding 16, bosontwikkeling in de bosschages
Solitaire bomen, groepen en lanen De bomen, boomgroepen en lanen herbergen diverse soorten. Ook deze zijn al behoorlijk ver in ontwikkeling zodat ze invloed uitoefenen op de omgeving door schaduwwerking, matigen van temperatuur en verhogen van luchtvochtigheid. Enkele voorkomende soorten zijn: zwarte els, treurbeuk, Hollandse iep, smalbladige els (Alnus spaethii), lindesoorten, gewone es, treurwilg, moerascypres, populieren, zie afbeelding 19.
Droge ruigtestroken De droge ruigtestroken aan de buitenzijde van bosschages zijn zo te zien ingezaaid en bestaan uit onder andere groot kaasjeskruid, grijskruid, gewone ossentong, middelste teunisbloem, witte dovenetel, grote kaardenbol, keizerskaars, gele honingklaver, cichorei, ruige zegge, vertakte leeuwentand, duinkruiskruid, zie afbeelding 20. Deze zijn waardevol als waardplant voor insecten en andere geleedpotigen en daarmee ook voor insecteneters zoals diverse vogelsoorten, egel en vleermuizen maar ook voor zaadeters.
I.
25
treurbeuk
II.
mooi uitgegroeide gewone es
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
III.
Hollandse iep
IV.
Van Groeneveltlaan met grote iepen
Afbeelding 19, enkele van de aanwezige bomen
I.
grote kaardenbol
II.
duinkruiskruid
III.
gewone ossentong
IV.
keizerskaars
Afbeelding 20, soorten van droge ruigte langs bosschages
Natte moerasruigte De vegetatie op de oever van de Zijlwatering is net gemaaid maar hoogstwaarschijnlijk interessant voor moerasplanten gezien de restanten van diverse soorten. Hier staat bijvoorbeeld ruige zegge. Langs de vijver is nog niet gemaaid, zie afbeelding 21. Hier zijn aange-
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
26
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
troffen: gele lis, koninginnenkruid, veenwortel, haagwinde, harig wilgenroosje, watermunt, waterzuring, paddenrus, moerasspirea, gewone wederik, smeerwortel, wolfspoot, oeverzegge, moeraswalstro, engelwortel, cypergras.
Afbeelding 21, moerasruigte langs de vijver
Afbeelding 22, kruidenrijk grasland
27
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
Kruidenrijk grasland Het veld gelegen ten noordoosten van het verharde sportterrein in het park bestaat ook uit een kruidenvegetatie, zie afbeelding 22 en 23. Waarschijnlijk gelijktijdig ingezaaid met de ruigtestroken of vandaaruit uitgezaaid in het gazon. Tijdens het veldbezoek is ondervonden dat het veld erg kort is gemaaid. Hier zijn verbeteringen mogelijk in het kader van biodiversiteit.
Afbeelding 23, kruidenrijk grasland (binnen groen gestreept vlak)
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
28
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
4
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN De aangetroffen en vanuit de Wet natuurbescherming beschermde gebieden en soorten leiden ertoe dat er maatregelen nodig zijn in geval werkzaamheden nadelig effect op deze soorten en/of gebieden hebben en er dus mogelijk verboden worden overtreden. In dit hoofdstuk wordt aangegeven met welke gebieden en soorten rekening moet worden gehouden en hoe hiermee moet worden omgegaan en worden aanwijzingen gegeven voor zorgvuldig en/of innovatief (zoals natuur-inclusief) verbouwen en/of onderhouden.
4.1
Effecten op beschermde gebieden Werkzaamheden op de onderzoekslocatie zullen geen negatief effect door emissie, geluid, trilling of verlichting hebben op beschermde gebieden omdat de effecten, veroorzaakt door de werken niet relevant, nauwelijks merkbaar zijn binnen het op ruim 1,6 km afstand gelegen Natura 2000-gebied. Er is geen nader onderzoek nodig en er hoeft geen vergunning volgens artikel 2.7 Wet natuurbescherming te worden aangevraagd. De onderzoekslocatie ligt niet in maar wel nabij gebieden die behoren tot het Nationaal Natuurnetwerk. Maar er zijn eveneens geen negatieve effecten te verwachten op dit netwerk omdat fysiek geen aantasting plaatsvindt. Er is geen nader onderzoek nodig en er hoeft geen vergunning te worden aangevraagd. Het gemeentelijk bestemmingsplan geeft “groen” aan maar er is ook bebouwing en verharding aanwezig met de aanduiding “maatschappelijk”. De bestemming zal van “groen” naar “maatschappelijk” moeten worden gewijzigd wanneer er in “groen” gebouwd wordt. Vanuit het gemeentelijke groenbeleid maakt het onderzoeksgebied deel uit van de gemeentelijke hoofdgroenstructuur. Dit betekent dat behoud en versterking van de aanwezige groene structuren een belangrijke randvoorwaarden zijn voor een eventuele inpassing van de nieuwe school.
Minst biodiverse deel van het onderzoeksgebied Het onderzoeken van waar qua biodiversiteit zich de minst of meest interessante delen bevindt binnen het onderzoeksgebied maakt ook deel uit van dit verkennend onderzoek. Dit is uitgewerkt in bijlage II.
29
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
4.2
Effecten op beschermde soorten Steenmarter en waterspitsmuis Steenmarter of sporen hiervan zijn niet aangetroffen. De smalle en nu frequent gemaaide oevervegetaties vormen een ongeschikt habitat voor de waterspitsmuis. Er is geen nader onderzoek naar steenmarters of waterspitsmuis nodig en er hoeft geen ontheffing te worden aangevraagd.
Eekhoorn Nesten van eekhoorn zijn niet aangetroffen. Het gebied is wel geschikt als foerageergebied. Aangezien er voldoende alternatieven zijn is dit geen essentieel foerageergebied. Er is geen nader onderzoek naar steenmarters of waterspitsmuis nodig en er hoeft geen ontheffing te worden aangevraagd. @ Indien bosschages moeten worden verwijderd is zorgvuldig handelen nodig in verband met mogelijk aanwezige foeragerende eekhoorns.
Vleermuizen Tijdens het veldbezoek zijn geen verblijfplaatsen van vleermuizen aangetroffen; mogelijk zijn er wel essentiële vliegroutes aanwezig. De mate van foerageren is ook van belang vanwege mogelijk nadelig effect op de voedselvoorziening wanneer er groene habitats verdwijnen. @ Nader onderzoek naar vliegroutes is nodig. Zie voor 1e nader onderzoek bijlage II.
Vogels Er zijn in een van de grote bomen twee dicht bij elkaar gebouwde nesten aangetroffen, vermoedelijk van buizerd, deze nesten zijn jaarrond beschermd. @ Nader onderzoek naar vaststellen van soort en bewoning van deze nesten indien deze boom verwijderd wordt en wanneer er werkzaamheden in de buurt van deze boom plaatsvinden. @ Ten aanzien van algemene broedvogels met tijdelijke nesten en de algemene soorten van categorie 5 is zorgvuldig handelen nodig. Bijvoorbeeld werken in de minst kwetsbare periode (buiten de soortspecifieke broedperiodes) en zorgen voor voldoende alternatieve nestlocaties.
Amfibieën en reptielen En zijn mogelijk beschermde amfibieën aanwezig: heikikker en rugstreeppad. Gezien de aard van de werkzaamheden is zorgvuldig handelen mogelijk door onder meer te faseren en deelgebieden te beschermen. Nader onderzoek naar amfibieën is niet nodig en er hoeft geen ontheffing te worden aangevraagd. @ Aanbevolen wordt om vestiging van rugstreeppad te voorkomen door tijdens de bouw zanddepots af te zetten met paddenschermen en ontstaan van ondiepe waterplassen te vermijden. Heikikker zal geen hinder ondervinden wanneer er niet aan en langs de Zijlwatering
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
30
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
wordt gewerkt en de aanliggende bosstrook niet wordt aangetast, wat waarschijnlijk ook niet nodig is.
Vaatplanten Beschermde vaatplanten zijn niet aanwezig. Nader onderzoek voor planten is niet nodig en er hoeft geen ontheffing te worden. @ Diverse vegetaties hebben wel waarde voor de biodiversiteit in het algemeen en hebben potentie voor nog hogere biodiversiteit. Deze behouden en verder ontwikkelen biedt kansen.
4.3
Samenvatting conclusies In tabel 2 is per soortgroep vermeld of er beschermde soorten zijn aangetroffen en wat eventueel noodzakelijke maatregelen zijn. Tabel 1, samenvattende conclusies per soortgroep Soortgroep
Aanwezigheid
Toelichting/maatregelen
Zoogdieren
Geen steenmarter en
Geen
waterspitsmuis Zoogdieren
Eekhoorn foeragerend
Zorgvuldig handelen; ecologisch werkprotocol
Vleermuizen
Geen verblijfplaatsen, mogelijk
Nader onderzoek indien vliegroutes worden
vliegroute en foerageergebied
aangetast. Zie bijlage II. Ecologisch werkprotocol
Vogels
Mogelijk jaarrond beschermd
Nader onderzoek in geval boom weg moet of er
nest van buizerd
werkzaamheden in de buurt plaatsvinden. Ecologisch werkprotocol
Vogels
Algemene broedvogels
Zorgvuldig handelen. Ecologisch werkprotocol.
Amfibieën en
Geen beschermde soorten
Zorgvuldig handelen ter voorkoming van vestiging van rugstreeppad en heikikker.
reptielen
Ecologisch werkprotocol Vaatplanten
Geen beschermde soorten
Behoud biodiverse delen, zie bijlage III. Zorgvuldig handelen. Ecologisch werkprotocol.
Wanneer de randen van boomstructuren en bosschages intact blijven in het nieuwe ontwerp, is onderzoek naar vliegroutes en essentieel foerageergebied niet nodig. Voor een aantal soorten zullen de werkzaamheden enige hinder gaan opleveren, Dit vraagt om zorgvuldig handelen. Hiervoor dient een ecologisch werkprotocol te worden opgesteld gekoppeld aan inzet van een gedragscode5.
5
31
Gedragscode soortbescherming gemeenten (Stadswerk 2023)
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
De analyse van de onderzoekslocatie naar de minste of minste kwetsbare biodiversiteit is uitgewerkt in bijlage III. De minste kwetsbare biodiversiteit is aanwezig bij het speelterrein en rond het gymlokaal. De locaties met meeste en meest kwetsbare biodiversiteit zijn de groenzone langs de Zijlwatering en rond de vijvers. De aanwezigheid van water in combinatie met gras en beplanting geeft veel verschillende leefgebieden die aantrekkelijk is voor veel soorten.
4.4
Algemeen zorgvuldig handelen Voor alle inheemse en ook vrijgestelde soorten geldt altijd de algemene zorgplicht. Aandachtspunten voor deze locatie in het kader van zorgvuldig handelen zijn: •
Voorkomen dat er nieuwe verblijfplaatsen kunnen ontstaan door bijvoorbeeld het afdichten van mogelijke in- en uitvliegopeningen zodat dieren niet naar binnen (maar wel naar buiten) kunnen of vegetatie kort maaien.
•
Aanbrengen van tijdelijke beschermingszones en deze markeren rond tijdelijke nesten of andere verblijfplaatsen die in gebruik zijn, zodat deze ongehinderd kunnen blijven functioneren. Binnen de beschermingszone niet werken.
•
Werkzaamheden uitvoeren vanuit 1 richting met behoudt van veilige vluchtroute.
•
Bij aanwezigheid van in gebruik zijnde nesten van algemene broedvogels (zie paragraaf 3.4) op plekken waar maatregelen plaatsvinden die verstorend werken, niet werken gedurende broedperiode van deze soorten. Deze periode is per soort en per seizoen verschillend. In de regel kan voor broedvogels worden aangehouden de periode van 15 maart tot 15 juli of aanwezigheid van nesten door een ecologisch deskundige voorafgaand aan de werkzaamheden laten uitsluiten.
4.5
Wanneer is ontheffing nodig? De Wet natuurbescherming beschermt een groot aantal planten en dieren. Wanneer door werkzaamheden en activiteiten beschermde soorten worden gedood, verontrust of verstoord, worden verboden overtreden. De basis van de wet is dan ook zorgvuldig handelen waarmee overtreding van de verboden wordt voorkomen. Is dit niet mogelijk dan kan, mits ecologisch onderbouwd, een ontheffing bij de provincie worden aangevraagd. Deze verleend alleen een ontheffing wanneer sprake is van een overstijgend wettelijk belang, er alternatieven zijn verkend en voldoende mitigerende of compenserende maatregelen worden genomen, zie tabel 2 in de bijlage. In er een goedgekeurde gedragscode beschikbaar is, kan deze mogelijk ook worden ingezet.
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
32
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
LITERATUUR/INFORMATIE •
BIJ12, Juridisch kader soortenstandaarden, soortenstandaards en inventarisatieprotocollen
•
RVO (2009), Aangepaste lijst voor jaarrond beschermde vogelnesten
•
NGO’s: verspreidingsatlassen en soortbeschrijvingen en andere bronnen waaruit het voorkomen van bijzondere, bedreigde en beschermde soorten zou kunnen blijken.
•
Netwerk Groene Bureaus (2020), Vleermuisprotocol 2021
•
Netwerk Groene Bureaus (2017) Soortinventarisatieprotocollen in het kader van de Wet natuurbescherming
•
WUR (2016), Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen v1.3
Websites
33
•
PDOK
•
Atlasleefomgeving.nl
•
BIJ12.nl
•
Planviewer.nl
•
Ruimtelijkeplannen.nl
•
Rijksoverheid.nl
•
Verspreidingsatlas.nl
•
Vleermuis.net
•
Vogelbescherming.nl
•
Waarneming.nl
•
Wassenaar.nl
•
Zoogdiervereniging.nl
•
https://sdl.georuimte.nl/?lijst=SoortenKansenKaart-ZH
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
BIJLAGE I: Regels bestemmingsplan Bron: ruimtelijke plannen, bestemmingsplan Hofcamp 2013
Artikel 10
Groen (G)
lid 10.1
Bestemmingsomschrijving
De voor `Groen’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen, bermen en beplanting; b. voet- en fietspaden en toegangspaden; c. water en waterberging; d. nutsvoorzieningen; e. speelvoorzieningen en/of kunstwerken; f. geluidwal ter plaatse van de aanduiding geluidwal. lid 10.2
Bouwregels
10.2.1 Op gronden als bedoeld in het eerste lid mogen uitsluitend worden gebouwd: overige bouwwerken ten dienste van de bestemming, waarbij geldt dat: a. de bouwhoogte van kunstwerken en/of speelvoorzieningen maximaal 3,00 meter mogen bedragen; b. de bouwhoogte van erfscheidingen maximaal 2,00 meter mag bedragen; c. erfscheidingen vanaf de grond een open constructie moeten hebben, met dien verstande dat ten minste 75 % van de verticale projectie van de erfscheiding open moet zijn; d. de bouwhoogte van lantarenpalen mag maximaal 8,00 meter bedragen; e. nutsvoorzieningen, geen gebouw zijnde, geen grotere oppervlakte mogen hebben dan 2 m² en niet hoger zijn dan 1,50 meter.; f. de hoogte van de geluidwal bedraagt maximaal 6,50 meter. 10.2.2 Overige bouwwerken dienen op een afstand van tenminste 3,00 meter van de bestemming `Water’ te worden gebouwd. lid 10.3
Nadere eisen
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van de cultuurhistorische waarden in de groenstructuur. In geval van ingrepen in (delen van) de groenstructuren die onderdeel uitmaken van de cultuurhistorische hoofdstructuur, zoals vastgelegd in de rapportage van Tast, gedateerd maart 2012, moet onderbouwd hoe die waarden in stand gehouden worden.
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
34
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
BIJLAGE II: aanvullend vleermuisonderzoek 1e veldonderzoek vleermuizen Tijdens het veldbezoek in de avond van 30 augustus 2023 zijn diverse vleermuizen aangetroffen, zie afbeelding II.1. Het betreft vier verschillende soorten: rosse vleermuis, gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis en laatvlieger. Het ging hier alleen om foeragerende en langsvliegende vleermuizen. Verblijfplaatsen en uitvliegende exemplaren zijn niet aangetroffen.
Tabel II.1 – Overzicht uitgevoerd nader veldonderzoek vleermuizen Datum
Tijd
Temperatuur
Neerslag
Windkracht
Medewerkers
30 augustus 2023
20.35-22.53u
18-14o C
Droog
2
Maurice Theunisz, Ron Theunisz
Het oude schoolgebouw kan mogelijk één of enkele verblijfplaatsen van gebouwbewonende soorten (gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis of laatvlieger) bevatten. Dit gebouw blijft echter gehandhaafd. Het gebied lijkt nu vooral geschikt als foerageergebied vanwege diverse habitats die veel insecten produceren: gevarieerde bosschages, droge en vochtige ruigtestroken, waterpartijen. De Zijlwatering, de bosschages en de lindelaan langs de Van Groenveltlaan) zijn tevens geschikte oriëntatiepunten. De combinatie van de Zijlwatering met de evenwijdig liggende bosschage lijken hierin de meest essentiële vliegroutes, mede omdat deze ook een onderdeel zijn van een grote verbindingsroute die als een as van zuidwest tot noordoost door de gehele gemeente loopt. Geconstateerd is dat daar inderdaad vleermuizen langs vliegen. De open terreinen worden veel minder bezocht door vleermuizen. Zie ook de waarnemingen op onderstaande afbeelding.
Afbeelding II.1, aangetroffen vleermuizen tijdens het avondbezoek op 30 augustus 2023
35
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
BIJLAGE III: Advies locatiekeuze versus natuurwaarden In onderstaande paragrafen staat in de volgorde van meest belangrijk in relatie tot biodiversiteit en bescherming tot minst belangrijk de parkonderdelen aangegeven. Het minst belangrijke deel biodiversiteit wordt hierbij dan aangemerkt als meest geschikte bouwplek, zie afbeelding III-1. De terreinen van de huidige gebouwen zijn niet meegenomen omdat er geen sprake is van sloop. Tabel III.1, samenvattende overzicht van aanwezige natuurwaarden Cat
Type gebied
Natuurwaarden
1
Watergang met aangrenzende
Hoogste natuurwaarden (meest waardevol en meeste
bosstrook en grasland
potentieel voor meer biodiversiteit)
Rond vijver
Hoge natuurwaarden (waardevol en potentieel voor
2
meer biodiversiteit)
1.
3
Ten noordwesten van bebouwing
Vrijwel geen natuurwaarden (wel enkele grote bomen)
4
Speelterrein
Vrijwel geen natuurwaarden
Zijlwatering met evenwijdig gelegen bosstrook en kruidenrijk grasland Dit is het qua beschermde soorten, ontwikkeling van habitats en biodiversiteit meest waardevolle deel. De Zijlwatering met evenwijdig gelegen bosstrook zijn onderdeel van een zone die de gehele gemeente van zuidoost tot noordoost doorkruist. Het is ook een (essentiële?) vliegroute voor vleermuizen. De bosstrook ontwikkelt zich goed met 3 lagen: bomen, heesters en typische boskruiden. De aan de oostzijde aangrenzende ruigtestrook herbergt veel ruigtekruiden. Grenzend daaraan ligt het (nu kortgemaaide) kruidenrijk grasland. De oever van de Zijlwatering herbergt veel moerasruigtekruiden maar was ook net gemaaid tijdens het veldbezoek. Omdat in de oever en het grasland al veel verschillende soorten voorkomen is hier meer potentieel voor een hogere biodiversiteit, ook op korte termijn. Fasering van het maaien waarbij ook in de winter kruiden aanwezig blijven zal zeker de biodiversiteit aan de oever en op het kruidenrijk grasland ook sterk doen toenemen. In het beheer kan zeker nog een verbeteringsslag behaald worden met gefaseerd beheer.
2.
Het gebied rond de vijver Vanwege de aanwezigheid van volgroeide bomen en bosschages, water en zeer gevarieerde droge- en moerasruigte is dit een zeer biodiverse plek. Bovendien is het een broedlocatie voor watervogels zoals meerkoet en holtebewoners zoals de koolmees. Ook hier is potentie voor meer biodiversiteit, bijvoorbeeld door weghalen van beschoeiing en maken van een brede oeverzone door afgraving van een deel van het gazon.
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
36
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
Het gebied grenzend aan bestaande bebouwing Omdat hier geen water, zich goed ontwikkelende boszones en ruigtezones aanwezig zijn is dit een minder biodivers onderdeel van het park en heeft ook niet de potentie voor hogere biodiversiteit, behalve als besloten zou worden hier bijvoorbeeld ook kruidenrijk grasland te ontwikkelen. Dan nog is er geen water aanwezig. Op dit parkonderdeel staan enkele minder duurzame bomen en ook bijvoorbeeld een zieke linde, zie afbeelding III.2. De enkele aanwezige waardevolle bomen zouden op deze locatie mogelijk behouden kunnen blijven.
3.
Speelterrein en verharding Op de hoek van de Van Groeneveltlaan/Burmanlaan ligt een grote stenige oppervlakte die in gebruik is als openbaar speelterrein. Dit terrein is niet bebouwd en qua biodiversiteit oninteressant vanwege de grote oppervlakte aan bestrating. Vanwege het grote speelterrein bij de oude school en een nog aan te leggen terrein rond de nieuwbouw blijft er mogelijk voldoende speelterrein over dat mogelijk een combinatie kan zijn van privaat en openbaar speelterrein.
1. Hoogste natuurwaarde 2. Hoge natuurwaarde
3. Matige natuurwaarde
4. Lage natuurwaarde
Afbeelding III.1, Behoud en versterking van biodiversiteit en beschermde soorten (meest belangrijke 1 en minst belangrijke 4)
37
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
Afbeelding III.2, Bomen met verslechterde conditie in deelgebied prioriteit 3
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
38
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
BIJLAGE IV: wet- en regelgeving en beleid De natuurwetgeving en het natuurbeleid zijn van grote invloed op de handelswijze bij ruimtelijke ingrepen en de planontwikkeling daaraan voorafgaand. In de volgende paragrafen wordt aangegeven met welke wetgeving en beleid rekening moet worden gehouden.
Beschermde gebieden De Wet natuurbescherming beschermt specifieke gebieden (onder andere Natura 2000 en voormalige beschermde natuurmonumenten) op basis van de Europese richtlijnen: Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn en Wetlands. Voor deze juridisch beschermde gebieden gelden vervolgens per gebied specifieke instandhoudingsdoelen voor soorten en hun habitats. Binnen deze beschermde gebieden geldt het nee-tenzij principe. Significante negatieve effecten op habitats en aangewezen soorten zijn niet toegestaan. Ook indirecte negatieve effecten (externe werking) afkomstig van buiten de gebieden is hierbij van belang. Bij wijzigingen met gevolgen voor de beschermde gebieden dient daarom te allen tijde toetsing aan de instandhoudingsdoelstelling plaats te vinden en een vergunning te worden aangevraagd. De gunstige staat van instandhouding van een aangewezen habitat of aangewezen soort mag niet in het geding komen. Toetsing van de effecten op een beschermd natuurgebied en de beschermde soorten kent verschillende vormen, te beginnen bij een verkennende (voor)toets. Wanneer daaruit blijkt dat er zeker geen negatief effect ontstaat op aangewezen soorten en/of habitats dan is een vergunning niet nodig. Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit LNV en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, RVO) hebben een uitgebreid instrumentarium ontwikkeld om dit te kunnen toetsen.
Het bevoegd gezag ligt hoofdzakelijk bij de provincies. Blijkt uit de verkennende toetsing (deze rapportage) dat er wel negatieve effecten optreden dan dient of het plan te worden gewijzigd of nader (veld)onderzoek en verdere toetsing te worden uitgevoerd en op basis daarvan gemotiveerd een vergunning te worden aangevraagd bij de betreffende provincie. Op deze gebieden is ook de soortbescherming van soorten van toepassing.
Beschermde soorten De soortbescherming geldt voor iedereen en voor heel Nederland. Voor alle in het wild levende planten en dieren geldt de algemene zorgplicht (artikel 1.11). Tevens is per provincie een lijst met beschermde soorten (met eventuele vrijstellingen) van kracht. De bescherming van deze soorten is uitgewerkt in een aantal verbodsbepalingen, zie tabel 1:
39
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
DEFINITIEF • Ecologisch onderzoek locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • Verkennend natuuronderzoek
Tabel IV.1, Relevante verbodsbepalingen Essentie van de verboden Wet Natuurbescherming (in de kolommen achter de verboden staan de verwijzingen naar de wetsartikelen)
Europese soorten
Nationale soorten
Het is verboden …
Vogels
Dieren
Specifieke beschermde soorten te doden of te vangen
3.1.1
3.5.1
3.10.1a
De voortplantingsplaats of rustplaats te beschadigen, vernielen of wegnemen
3.1.2
3.5.4
3.10.1b
Eieren te beschadigen, rapen of bezitten
3.1.3
3.5.3
Specifieke beschermde soorten te verstoren
3.1.4
3.5.2
Specifieke beschermde planten te plukken, verzamelen, afsnijden, ontwortelen, vernielen
Planten
Dieren
3.5.5
Planten
3.10.1c
Met het onderdeel soortbescherming beoogt de overheid de biodiversiteit te behouden. Uitgangspunt is instandhouding op soortniveau, het betreft de populatie van een soort plant of dier, minimaal op regionale schaal. Er wordt echter gehandhaafd op de verbodsbepalingen die zijn gekoppeld aan het toebrengen van schade aan een individu en/of rust- of verblijfplaats. Soortbescherming betekent in de praktijk dan ook dat het overtreden van de geldende verbodsbepalingen dient te worden voorkomen of zo veel mogelijk te worden beperkt door zorgvuldig handelen. Indien nodig dient de schade te worden voorkomen, beperkt of ongedaan te worden gemaakt. In bepaalde gevallen is het mogelijk om ontheffing of vrijstelling te verkrijgen van de verbodsbepalingen. Een andere mogelijkheid om het zorgvuldig handelen te borgen en ontheffingsaanvragen te voorkomen is gedurende het gehele traject een gedragscode van toepassing verklaren en aan de hand daarvan te werken. Daar waar het gaat om een ruimtelijke ontwikkeling, geïnitieerd vanuit een gemeente, is de gedragscode soortbescherming gemeenten van Koninklijke Vereniging Stadswerk aan te raden. Het ministerie heeft voor een aantal (zwaar) beschermde soorten kennisdocumenten opgesteld waarin ecologisch kennis en effectieve maatregelen voor het zorgvuldig handelen zijn opgenomen.
Afhankelijk van het beschermingsniveau van de soort zullen mitigerende of compenserende maatregelen moeten worden getroffen of een ontheffing moeten worden aangevraagd of kan mogelijk een gedragscode worden ingezet.
Wettelijke belangen De mogelijkheden om ontheffing te kunnen aanvragen zijn per beschermingsgraad verschillend. In tabel 2 zijn deze zogenaamde wettelijke belangen opgesomd en wanneer deze belangen kunnen worden aangewend.
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx
40
Verkennend natuuronderzoek+ • Locatiekeuze nieuwbouw SKOW Wassenaar • DEFINITIEF
Tabel IV.2, Erkende belangen versus beschermingsstatus soorten Vogels
Habitat richtlijnsoort
Nationale soorten
Artikel 3.3.4
Artikel 3.8.5
Artikel 3.10.2 (art 3.8.5)
Volksgezondheid
X
X
X
Openbare veiligheid
X
X
X
Veiligheid van het luchtverkeer
X
Bescherming wilde flora en fauna
X
X
X
X
X
Belangen/Redenen/Voorwaarden
Dwingende redenen van groot openbaar belang (sociaal, economisch, wezenlijk gunstig effect voor milieu) Het algemeen belang
X
Rode lijst-soorten Naast beschermde soorten zijn er ook Rode lijst-soorten. Dit zijn soorten die bedreigd of kwetsbaar zijn, of sterk achteruit zijn gegaan in aantal. Rode lijst-soorten, voor zover deze niet opgenomen zijn in de tabellen met beschermde soorten, hebben geen juridisch beschermde status conform de Wet natuurbescherming. De zorgplicht is wel van toepassing op de Rode lijst-soorten. In de praktijk kunnen voor deze soorten beschermende maatregelen worden voorgeschreven, hiermee wordt dan invulling gegeven aan het Rijksbeleid.
Natuurnetwerk Nederland Het Natuurnetwerk Nederland, voorheen de Ecologische Hoofdstructuur, is het provinciale netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. Het zich ontwikkelende netwerk moet natuurgebieden en agrarische gebieden steeds beter met elkaar verbinden. Het netwerk bestaat uit Nationale parken, natuurontwikkelingsgebieden, landbouwgebieden met agrarisch natuurbeheer, grote wateren: meren, rivieren, de kustzone van de Noordzee en de Waddenzee. Alle Natura 2000-gebieden vallen binnen het Natuurnetwerk Nederland. De provincies hebben de grenzen voor het natuurnetwerk in hun provincie vastgelegd en bijbehorend beleid en beschermingsregels opgesteld.
41
SKOW verkennend flora en fauna onderzoek Wassenaar DEFINITIEF 20231219.docx