CConstaterende datwassenaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Fysieke Leefomgeving Wassenaar 11 januari 2021, gemeente wassenaar21.419 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Soortenbescherming In de Wnb wordt een onderscheid gemaakt tussen:  soorten die worden beschermd in de Vogelrichtlijn;  soorten die worden beschermd in de Habitatrichtlijn;  overige soorten. De Wnb bevat onder andere verbodsbepalingen ten aanzien van het opzettelijk vernielen of beschadigen van nesten, eieren en rustplaatsen van vogels als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn. Gedeputeerde Staten (hierna: GS) kunnen hiervan ontheffing verlenen en bij verordening kunnen Provinciale Staten (hierna: PS) vrijstelling verlenen van dit verbod. De voorwaarden waaraan voldaan moet worden om ontheffing of vrijstelling te kunnen verlenen zijn opgenomen in de Wnb en vloeien direct voort uit de Vogelrichtlijn. Verder is het verboden in het wild levende dieren van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel a, bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, in hun natuurlijk verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen of te verstoren. GS kunnen hiervan ontheffing verlenen en bij verordening kunnen PS vrijstelling verlenen van dit verbod. De gronden voor verlening van ontheffing of vrijstelling zijn opgenomen in de Wnb en vloeien direct voort uit de Habitatrichtlijn. Ten slotte is een verbodsbepaling opgenomen voor overige soorten. Deze soorten zijn opgenomen in de bijlage onder de onderdelen A en B bij de Wnb.

De provincie kan ontheffing verlenen van deze verboden. Verder kan bij provinciale verordening vrijstelling worden verleend van de verboden. De noodzaak tot ontheffing of vrijstelling kan hierbij ook verband houden met handelingen in het kader van de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden. Bij de voorbereiding van de ruimtelijke onderbouwing moet worden onderzocht of de Wet natuurbescherming de uitvoering van het plan niet in de weg staat. Dit is het geval wanneer de uitvoering tot ingrepen noodzaakt waarvan moet worden aangenomen dat daarvoor geen vergunning of ontheffing ingevolge de wet zal kunnen worden verkregen.

Rho adviseurs voor leefruimte

20191755

32

Uitwerking Verordening uitvoering Wet natuurbescherming Zuid‐Holland In de provincie Zuid‐Holland wordt vrijstelling verleend voor het weiden van vee en voor het op of in de bodem brengen van meststoffen. In het kader van de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden, daaronder begrepen het daarop volgende gebruik van het ingerichte of ontwikkelde gebied, bestendig beheer of onderhoud in de landbouw of bosbouw, bestendig beheer of onderhoud aan vaarwegen, watergangen, waterkeringen, waterstaatswerken, oevers, vliegvelden, wegen, spoorwegen of bermen, of natuurbeheer, of bestendig beheer of onderhoud van de landschappelijke kwaliteiten van een bepaald gebied worden vrijstellingen verleend ten aanzien van de soorten genoemd in bijlage 6 bij de verordening. Het betreft aardmuis, bastaardkikker, bosmuis, bruine kikker, bunzing, dwergmuis, dwergspitsmuis, egel, gewone bosspitsmuis, gewone pad, haas, hermelijn, huisspitsmuis, kleine watersalamander, konijn, meerkikker, ree, rosse woelmuis, veldmuis, vos, wezel en woelrat. Onderzoek Gebiedsbescherming Het plangebied is geen onderdeel van een natuur‐ of groengebied met een beschermde status, zoals Natura 2000. Het dichtstbijzijnde stikstofgevoelige Natura 2000‐gebied Meijendel & Berkheide ligt op circa 2,4 kilometer. Het plangebied maakt ook geen deel uit van het Natuurnetwerk Nederland.

Het dichtstbijzijnde onderdeel van het NNN bevindt zich op een afstand van circa 530 meter (figuur 4.5).

Figuur 4.5: Ligging plangebied (rood omcirkeld) t.o.v. beschermde natuurgebieden (bron: Provincie Zuid‐Holland) Vanwege de afstand zijn directe effecten zoals areaalverlies, versnippering, verandering van de waterhuishouding en verstoring op voorhand uitgesloten. Door de ruime afstand wordt ook de kans klein geacht dat het invloed heeft op Meijendel & Berkheide op het gebied van stikstof. Ook zal de woning gasloos worden gebouwd waardoor er geen gebouwemissies te verwachten zijn. Om negatieve effecten op stikstofgevoelige natuurgebieden uit te sluiten, zijn er indicatieve AERIUS‐berekeningen gemaakt voor zowel de bouw‐ als gebruiksfase. Uit de berekeningen blijkt dat geen sprake is van rekenresultaten die hoger zijn dan 0,00 mol N/ha/jr voor de bouw‐ en gebruiksfase van de ontwikkeling.

Rho adviseurs voor leefruimte

20191755

33

Soortenbescherming Momenteel bestaat het plangebied uit grasland wat regelmatig wordt onderhouden. Hierdoor heeft het grasland geen ecologische waarden. Daarnaast zullen werkzaamheden buiten de broedseizoen plaatsvinden om verstoring op de broedvogels te voorkomen. Hiermee worden negatieve gevolgen voor beschermde soorten uitgesloten en vindt er geen overtreding op de Wet natuurbescherming plaats. Conclusie De voorgenomen ontwikkeling leidt niet tot negatieve effecten op beschermde natuurgebieden of beschermde soorten. Het aspect ecologie vormt dan ook geen belemmering voor de uitvoering van het project.

4.9

M.e.r.‐beoordeling

Toetsingskader In onderdeel C en D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten in het kader van het omgevingsvergunning planmer‐plichtig, projectmer‐plichtig of mer‐beoordelingsplichtig zijn. Voor deze activiteiten zijn in het Besluit m.e.r. drempelwaarden opgenomen. Daarnaast dient het bevoegd gezag bij de betreffende activiteiten die niet aan de bijbehorende drempelwaarden voldoen, na te gaan of sprake kan zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu, gelet op de omstandigheden als bedoeld in bijlage III van de EEG‐richtlijn milieueffectbeoordeling. Deze omstandigheden betreffen:  de kenmerken van de projecten;  de plaats van de projecten;  de kenmerken van de potentiële effecten. Onderzoek en conclusie De beoogde ontwikkeling is kleinschalig en betreft de bouw van een woning op een reeds geldende woonbestemming. De beoogde ontwikkeling is dan ook niet te scharen onder een categorie zoals genoemd in de bijlage van het Besluit milieueffectrapportage en daarmee niet m.e.r.(‐beoordelings)plichtig. Het aspect m.e.r.‐beoordeling vormt dan ook geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.

Rho adviseurs voor leefruimte

20191755

34

Rho adviseurs voor leefruimte

20191755

35

Hoofdstuk 5

5.1

Juridische planopzet

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de plansystematiek.

5.2

Planopzet

5.2.1 Algemeen Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, planregels en een toelichting. De verbeelding en de planregels vormen tezamen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide planonderdelen dienen in onderlinge samenhang te worden bezien en toegepast. Op de verbeelding zijn de bestemmingen aangegeven. Aan deze bestemmingen zijn bouwregels en planregels betreffende het gebruik gekoppeld. De toelichting heeft geen juridische betekenis, maar vormt niettemin een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting van dit bestemmingsplan geeft een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten die aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen. Tot slot is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan. De planregels van het bestemmingsplan zijn ondergebracht in vier hoofdstukken: Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. Deze regels beogen een eenduidige interpretatie en toepassing van de overige, meer inhoudelijke regels en van de verbeelding te waarborgen. In dit hoofdstuk zijn de begripsbepalingen en de wijze van meten opgenomen. Hoofdstuk 2 bevat de planregels in verband met de bestemmingsbepalingen. Per op de verbeelding aangegeven bestemming bevat dit hoofdstuk planregels, welke specifiek voor die bestemming gelden. Hoofdstuk 3 bevat de algemene regels.

Hierbij gaat het om planregels die op nagenoeg alle bestemmingen betrekking hebben en die vooral om praktische redenen zijn ondergebracht in dit hoofdstuk, alsmede een anti‐dubbeltelregel. Tenslotte bevat hoofdstuk 4 de overgangs‐ en slotregels. Deze planregels bevatten onder meer het overgangsrecht en de titel. 5.2.2 Hoofdstuk 1: Inleidende regels De artikelen 'Begrippen' en 'Wijze van meten' bevatten de begripsomschrijvingen respectievelijk de planregels over de wijze van meten. Het voert te ver om hier uitgebreid bij alle begrippen stil te staan, maar wel verdienen enkele voor de dagelijkse gebruikspraktijk belangrijke begrippen aandacht. Het betreft hier met name de begrippen bestemmingsvlak, bouwvlak en bouwperceel.

Rho adviseurs voor leefruimte

20191755

36

5.2.3 Hoofdstuk 2: Bestemmingsregels Bij het opstellen van dit bestemmingsplan is zoveel mogelijk aangesloten op het vastgestelde bestemmingsplan 'Ammonslaantje‐Maaldrift 2013'. Omdat dit plan alleen voorziet in het toevoegen van een bouwvlak zijn de in bestemmingsplan 'Ammonslaantje‐Maaldrift 2013' opgenomen bestemmingen (functies) overgenomen in voorliggend bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan kent de enkelbestemmingen 'Wonen ‐ 1', 'Tuin', 'Verkeer' en 'Water'. Tevens geldt de dubbelbestemming 'Waarde ‐ Archeologie' voor het gehele plangebied. Het Ammonslaantje heeft daarnaast de dubbelbestemming 'Waarde ‐ Landschap'. Enkelbestemmingen Tuin Het is wenselijk de beleving en ruimtelijke kwaliteiten van de beeldbepalende kant van woningen/bestemmingen te beschermen. Deze bestemming is daarom geprojecteerd op de voortuin die ruimtelijk gezien vrij van gebouwen, bijgebouwen, aan‐ en uitbouwen moeten blijven. Verkeer Een klein gedeelte van het Ammonslaantje heeft bestemming verkeer gekregen. Water De watergang langs het Ammonslaantje is expliciet bestemd voor Water. Deze watergang is een herkenbaar element van de ruimtelijke en structuur in het gebied. Alleen andere bouwwerken ten dienste van de bestemming worden toegestaan. Het beleid is daarnaast gericht op handhaving van de waterstaatkundige functie van deze gronden.

Overigens zijn werkzaamheden aan watergangen en ‐partijen ook vergunningplichtig op grond van de Keur van het Hoogheemraadschap van Rijnland. Wonen ‐ 1 Deze bestemming is opgenomen voor de beoogde naast Ammonslaantje 39. Bij deze woning is het hoofdgebouw duidelijk herkenbaar en eenvormig; door middel van een bouwvlak is de situering van het hoofdgebouw aangegeven. Daarnaast is een bijgebouwenregeling. opgenomen. Dubbelbestemmingen Waarde ‐ Archeologie 3 De bestemming Waarde ‐ Archeologie 3 is van toepassing op gebieden met een hoge waarde of verwachting. Op deze gronden mag worden gebouwd indien het bouwplan betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder het maaiveld, niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering; een bouwwerk met een oppervlakte kleiner dan 100 m² en waarbij de bodemingreep niet dieper reikt dan 30 cm beneden maaiveld; een bouwwerk dat zonder graafwerkzaamheden en zonder heiwerkzaamheden kan worden geplaatst. Wanneer het bouwplan buiten de hierboven genoemde criteria valt kan het bevoegd gezag medewerking verlenen voor zover de bouwwerken zijn toegestaan op grond van de regels van de andere bestemmingen, waarmee de dubbelbestemming samenvalt.

Tevens dient de aanvrager van de afwijking een rapport te overleggen van archeologisch onderzoek, waarbij de richtlijnen van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie in acht zijn genomen en de archeologische waarde van de betrokken locatie naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld.

Rho adviseurs voor leefruimte

20191755

37

Er zijn in dit artikel tevens voorwaarden opgenomen ten aanzien van het verlenen van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde. 5.2.4 Hoofdstuk 3: Algemene regels In elk bestemmingsplan komen algemene regels voor. Onderstaand zijn deze beschreven in overeenstemming met de structuur van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012. Anti‐dubbeltelregel De regeling zoals deze is vastgelegd in het Besluit ruimtelijke ordening is overgenomen. Algemene bouwregels In deze regel worden de grenzen of de regelgeving aangegeven die randvoorwaardelijk zijn bij of waarbinnen ruimtelijke ontwikkelingen kunnen plaatsvinden. Algemene gebruiksregels In deze gebruiksbepaling is het strijdig gebruik van gronden en bouwwerken gedefinieerd. Algemene afwijkingsregels In deze algemene regels zijn de in de gemeente Wassenaar gebruikelijke afwijkingsmogelijkheden opgenomen voor ondergeschikte bebouwing. Algemene procedureregels In deze regels wordt de procedure voor toepassing van de afwijkingsbevoegdheid geregeld evenals de voorwaarden voor het toepassen van de en toetsingscriteria toepassing afwijkingsbevoegdheid. 5.2.5 Hoofdstuk 4: Overgangs‐ en slotregels Tenslotte zijn in het laatste hoofdstuk van de planregels de overgangs‐ en slotregels zoals deze zijn vastgelegd in het Besluit ruimtelijke ordening overgenomen.

Rho adviseurs voor leefruimte

20191755

38

Rho adviseurs voor leefruimte

20191755

39

Hoofdstuk 6

Economische uitvoerbaarheid

Dit plan heeft betrekking op een particulier initiatief waarmee de gemeente geen directe financiële bemoeienis heeft. De gronden binnen het plangebied komen in eigendom van de initiatiefnemer zodra nagenoeg zekerheid kan worden verkregen over het toekennen van het bouwvlak waardoor het recht op het aanvragen van een omgevingsvergunning bestaat. De kosten voor het bouw‐ en woonrijp maken van de kavel worden door de initiatiefnemer gedragen. Aangenomen wordt dat deze over voldoende financiële middelen beschikken om de ontwikkeling te kunnen realiseren. De gemeentelijke kosten met betrekking tot de planologische procedure en daaraan verwante kosten worden verhaald via een anterieure overeenkomst. Het is daarom niet nodig een exploitatieplan vast te stellen. Het plan wordt hiermee economisch uitvoerbaar geacht.

Rho adviseurs voor leefruimte

20191755

40

Rho adviseurs voor leefruimte

20191755

41

Hoofdstuk 7

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Voorafgaand aan het opstellen van het bestemmingsplan heeft de initiatiefnemer zijn plan informeel voorgelegd aan de directe omwonenden. Op deze manier hebben zij kennis kunnen nemen en input kunnen leveren voor het initiatief. Vervolgens is de opzet van het bestemmingsplan besproken met de directe omwonenden die mogelijk hinder kunnen ervaren. Zij hebben hun mening over het plan aan de initiatiefnemer kenbaar gemaakt en zijn zich bewust van de bestemmingsplanprocedure. De buurtbewoners zijn op deze manier actief betrokken bij het proces. Het ontwerpbestemmingsplan wordt vervolgens gedurende 6 weken ter inzage gelegd. Belanghebbenden worden binnen deze periode in de gelegenheid gesteld om hun zienswijze in te dienen. De eventuele zienswijzen worden verwerkt in een Nota van zienswijzen. Indien de zienswijzen aanleiding geven tot wijzigingen wordt het bestemmingsplan aangepast voor de vaststelling, zo niet dan wordt het bestemmingsplan ongewijzigd vastgesteld. Na vaststelling wordt het vastgestelde bestemmingsplan eveneens gedurende 6 weken ter inzage gelegd. Gedurende deze periode kunnen belanghebbenden die een zienswijze hebben ingediend, beroep instellen tegen het vastgestelde bestemmingsplan. Vooroverleg Voorafgaand aan de terinzagelegging is het concept bestemmingsplan in het kader van artikel 3.1.1.

Besluit ruimtelijke ordening toegestuurd aan de overlegpartners van de gemeente Wassenaar. Er zijn geen vooroverlegreacties ontvangen van de overlegpartners. Ontwerp Het ontwerp bestemmingsplan ‘Ammonslaantje naast 39’ heeft in de periode van 11 juni 2020 tot 22 juli 2020 ter inzage gelegen. In deze periode zijn 6 zienswijzen binnengekomen. In bijlage 3 zijn de zienswijzen samengevat en van een beantwoording voorzien. Tevens wordt inzicht gegeven in de onderdelen die ten opzichte van het ontwerp bestemmingsplan door de zienswijzen of ambtshalve zijn gewijzigd. Vervolg Vervolgens wordt het bestemmingsplan al dan niet gewijzigd vastgesteld door de gemeenteraad. De publicatie van het vaststellingsbesluit vindt (over het algemeen) plaats binnen twee weken na de vaststelling. Tijdens de daarop volgende inzage termijn (6 weken) is het mogelijk beroep in te stellen bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS). Het vaststellingsbesluit treedt in werking op de eerste dag ná de dag waarop de beroepstermijn afloopt, tenzij er een voorlopige voorziening is aangevraagd.

Rho adviseurs voor leefruimte

20191755

42

Rho adviseurs voor leefruimte

20191755

bijlagen bij de Toelichting

Bijlage 1 AERIUS‐berekening gebruiksfase

Rho adviseurs voor leefruimte

20191755

Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.

Berekening Situatie 1 Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens

Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. S1KgFAxikvki (20 november 2020) pagina 1/5

Resultaten

Contact

Activiteit

Rechtspersoon

Inrichtingslocatie

Rho adviseurs

Ammonslaantje, 2241BR Wassenaar

Omschrijving

AERIUS kenmerk

Ammonslaantje naast 39

S1KgFAxikvki

Datum berekening

Rekenjaar

Rekenconfiguratie

20 november 2020, 15:12

2020

Berekend voor natuurgebieden

Totale emissie

Resultaten Hectare met hoogste bijdrage (mol/ha/j)

Toelichting

Resultaten

Situatie 1

NOx

< 1 kg/j

NH3

< 1 kg/j

Natuurgebied

Uw berekening heeft geen depositieresultaten opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.

Gebruiksfase

Situatie 1

S1KgFAxikvki (20 november 2020) pagina 2/5

Resultaten

Locatie Situatie 1

Emissie Situatie 1

Bron Sector

Gebruiksfase Wegverkeer | Binnen bebouwde kom

Resultaten

Situatie 1

Emissie NH3

Emissie NOx

< 1 kg/j

< 1 kg/j

S1KgFAxikvki (20 november 2020) pagina 3/5

Resultaten

Emissie (per bron)

Naam Locatie (X,Y)

Situatie 1

NOx NH3

Resultaten

Soort

Voertuig

Standaard

Licht verkeer

Situatie 1

Gebruiksfase 89094, 462737 < 1 kg/j < 1 kg/j

Aantal voertuigen Stof

Emissie

8,6 / etmaal NOx NH3

< 1 kg/j < 1 kg/j

S1KgFAxikvki (20 november 2020) pagina 4/5

Resultaten

Disclaimer

Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.

Rekenbasis

Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20201103_bed432f8ee Database versie 2020_20201013_1649cba239 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020

Resultaten

Situatie 1

S1KgFAxikvki (20 november 2020) pagina 5/5

Bijlage 2 AERIUS‐berekening bouwfase

Rho adviseurs voor leefruimte

20191755

Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.

Berekening Situatie 1 Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens

Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. Raxw3Gfi4tbk (20 november 2020) pagina 1/6

Resultaten

Contact

Activiteit

Rechtspersoon

Inrichtingslocatie

Rho adviseurs

Ammonslaantje, 2241Br Wassenaar

Omschrijving

AERIUS kenmerk

Ammonslaantje naast 39

Raxw3Gfi4tbk

Datum berekening

Rekenjaar

Rekenconfiguratie

20 november 2020, 15:10

2020

Berekend voor natuurgebieden

Totale emissie

Resultaten Hectare met hoogste bijdrage (mol/ha/j)

Situatie 1

NOx

21,03 kg/j

NH3

< 1 kg/j

Natuurgebied

Uw berekening heeft geen depositieresultaten opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.

Toelichting

Bouwfase

Resultaten

Situatie 1

Raxw3Gfi4tbk (20 november 2020) pagina 2/6

Resultaten

Locatie Situatie 1

Emissie Situatie 1

Resultaten

Bron Sector

Situatie 1

Emissie NH3

Emissie NOx

materieel inzet Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie

< 1 kg/j

20,92 kg/j

aanvoer materialen Wegverkeer | Binnen bebouwde kom

< 1 kg/j

< 1 kg/j

Raxw3Gfi4tbk (20 november 2020) pagina 3/6

Resultaten

Emissie (per bron)

materieel inzet 89045, 462987 20,92 kg/j < 1 kg/j

Naam Locatie (X,Y)

Situatie 1

NOx NH3

Voertuig

Resultaten

Brandstof verbruik (l/j)

Stationair bedrijf (uren/j)

Cilinder Stof inhoud (l)

Emissie

STAGE IIIa, 130 <= Betonstorter/pomp kW < 300, bouwjaar 2006 (Diesel)

90

0

0,0 NOx NH3

1,57 kg/j < 1 kg/j

STAGE IIIa, 130 <= Graafmachine kW < 300, bouwjaar 2006 (Diesel)

165

0

0,0 NOx NH3

2,88 kg/j < 1 kg/j

STAGE IIIa, 130 <= Hoogwerker kW < 300, bouwjaar 2006 (Diesel)

195

0

0,0 NOx NH3

3,40 kg/j < 1 kg/j

STAGE IIIa, 130 <= Verreiker kW < 300, bouwjaar 2006 (Diesel)

90

0

0,0 NOx NH3

1,57 kg/j < 1 kg/j

STAGE IIIa, 130 <= Aggregaten kW < 300, bouwjaar 2006 (Diesel)

375

0

0,0 NOx NH3

6,54 kg/j < 1 kg/j

STAGE IIIa, 130 <= Mobiele kraan kW < 300, bouwjaar 2006 (Diesel)

285

0

0,0 NOx NH3

4,97 kg/j < 1 kg/j

Situatie 1

Omschrijving

Raxw3Gfi4tbk (20 november 2020) pagina 4/6

Resultaten

Naam Locatie (X,Y) NOx NH3

Resultaten

Soort

Voertuig

Standaard

Standaard

Situatie 1

aanvoer materialen 89095, 462735 < 1 kg/j < 1 kg/j

Aantal voertuigen Stof

Emissie

Zwaar vrachtverkeer

38,0 / jaar NOx NH3

< 1 kg/j < 1 kg/j

Licht verkeer

100,0 / jaar NOx NH3

< 1 kg/j < 1 kg/j

Raxw3Gfi4tbk (20 november 2020) pagina 5/6

Resultaten

Disclaimer

Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.

Rekenbasis

Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20201103_bed432f8ee Database versie 2020_20201013_1649cba239 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020

Resultaten

Situatie 1

Raxw3Gfi4tbk (20 november 2020) pagina 6/6

Bijlage 3 Nota van beantwoording zienswijzen

Rho adviseurs voor leefruimte

20191755

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan Ammonslaantje naast 39

29-11-20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duivenvoorde&id=fef97505-0cf0-4411-977c-f1d194a6a5f8