CConstaterende datWageningen
Koppel je AI →
Document · PDF

1 3 RPW Foodvalley 2021 - versie 8 november 2021

Overige evenementen 19 januari 2022, gemeente Wageningen9.958 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

00

- CONCEPT RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 Stec Groep aan Regio Foodvalley

Lukas Meuleman, Evert-Jan de Kort en Callum Lewis 8 november 2021

2

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

Inhoudsopgave 1

Kwantitatieve opgave 1.1 1.1.1 1.1.2 1.1.3 1.1.4 1.1.5 1.1.6 1.2 1.2.1 1.2.2 1.2.3 1.2.4

2

2.2 2.3 2.4 2.5

3

Benodigde ruimte om economie op werklocaties te kunnen huisvesten circa 320 tot 350 hectare ...................................................... 4 Uitbreidingsvraag: 199 hectare ............................................................... 4 Vervangingsvraag door transformatie: circa 40 tot 45 hectare ............ 4 Vervangingsvraag door verplaatsingsopgave naar een bedrijventerrein: Circa 15 tot 20 hectare ................................................ 5 Ruimtevraag/vervangingsvraag door Next Economydoelstellingen: 24 tot 34 hectare ............................................................. 6 Bovenregionale vraag: tenminste 15 tot 25 hectare ............................. 6 Vraag vanuit kennisintensieve bedrijven en naar campuslocaties: 14 tot 28 hectare ....................................................................................... 6 Mogelijkheden om de ruimteclaim te huisvesten ................................. 6 Hard planaanbod: 58 hectare .................................................................. 6 Zacht planaanbod: circa 120 hectare ...................................................... 7 Mogelijke ruimtewinst door verdichten? ............................................... 8 Naar een passende kwantitatieve en kwalitatieve programmering .... 8

Kwalitatieve opgave 2.1

3.3

10

Bestaande voorraad: herstructureren van locaties en benutten van Next Economy potentie ten behoeve van een toekomstbestendige werklocatieportefeuille ....................................... 10 Bestaande voorraad: Optimaal en meervoudig ruimtegebruik ......... 11 Bestaande voorraad: Circulaire ambitie en energietransitie .............. 12 Profilering, clustering en netwerkvorming rondom werklocaties ..... 12 Proces & Monitoring .............................................................................. 13

Uitwerking afspraken in drie actielijnen 3.1 3.2

3

15

Actielijn A: Kansen benutten binnen bestaande voorraad ................. 15 Actielijn B: Integrale locatieafweging voor nieuwe bedrijventerreinen.................................................................................. 16 Actielijn C: Uitgiftestrategie bij kaveluitgifte ....................................... 17

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

3

1 Kwantitatieve opgave De Visie Werklocaties Foodvalley vormt het kader waar binnen we als regio samenwerken. In deze visie zijn leidende principes vast gesteld die richtinggevend zijn voor de uitwerking van de visie. De uitwerking van de visie naar concrete kwantitatieve en kwalitatieve afspraken vindt plaats in dit Regionaal Programma Werklocaties Foodvalley. Uitwerking van de afspraken leest u in de drie actielijnen (hst 3). De leidende principes zijn uitgewerkt in de Visie. Middels onze leidende principes streven we naar: 1. Optimalisatie van regionale samenwerking. De regio werkt al jaren goed samen en stemt in regionaal verband de ontwikkelingen op en van bedrijventerreinen met elkaar af. De huidige vorm van samenwerking vormt dan ook de basis, daarbovenop zoeken we naar optimalisatiemogelijkheden (waaronder betere afstemming tussen de provincies Utrecht en Gelderland). 2.

Gezonde vraag-aanbodverhoudingen voor werklocaties. Er is een forse kwantitatieve ruimtebehoefte aan bedrijventerreinen in Foodvalley. Daarnaast zijn er kwalitatieve verschillen in vraag en aanbod. Onze ambitie is om zowel kwantitatief als kwalitatief vraag en aanbod op elkaar aan te laten sluiten in Foodvalley als regio, en per gemeente.

3.

Het juiste bedrijf op de juiste plek. Bedrijven worden passend binnen de ruimtelijke structuur van de bedrijventerreinen in de regio gevestigd. Dit betekent dat grootschalige bedrijven op ruimtelijk passende locaties worden gevestigd en dat tevens lokaal maatwerk mogelijk is voor lokale bedrijvigheid. Bovendien bieden we lokaal ruimte voor verplaatsing van bedrijvigheid uit het buitengebied naar de werklocaties.

4.

Versterking van het regionale food-profiel door middel van clustering van toonaangevende sectoren en ketens. We blijven inzetten op clustering van bedrijven binnen een sector of clustering van bedrijven binnen een zelfde keten die elkaar kunnen versterken en zo een grote toegevoegde waarde vertegenwoordigen voor de economie in Foodvalley. We blijven bovendien inzetten op de verdere ontwikkeling van onze speerpuntsectoren (Agrofood, ICT en Poultry) en bijbehorende specifieke doelgroepen.

5.

Optimaliseren van het ruimtegebruik op werklocaties. Middels het RPW werklocaties streven we er naar om voldoende ruimte voor economie te Behouden. Tegelijkertijd moet de ruimte die hiervoor wordt gebruikt zo optimaal mogelijk worden benutten, bijvoorbeeld door meervoudig ruimtegebruik.

6.

Toekomstbestendige werklocaties De huidige, grote waarde van de werklocaties in Foodvalley moeten worden behouden en versterkt. Dat betekent dat we onze werklocaties optimaal willen laten aansluiten bij de hedendaagse (en toekomstige) marktvraag en opgaven die op werklocaties afkomen. Veranderingen op het vlak van energietransitie, klimaatadaptatie, ruimtelijke kwaliteit, veiligheid, mobiliteit en (digitale) bereikbaarheid en ‘Next Economy’ (digitalisering, circulair) zijn daarbij het meest prominent.

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

4

1.1 Benodigde ruimte om economie op werklocaties te kunnen huisvesten circa 320 tot 350 hectare Er is een forse kwantitatieve ruimtebehoefte aan bedrijventerreinen in Regio Foodvalley. Daarnaast zijn er kwalitatieve verschillen in vraag en aanbod. Onze ambitie is om zowel kwantitatief als kwalitatief vraag en aanbod op elkaar aan te laten sluiten in Foodvalley als regio, en per gemeente. Dit betekent dat Regio Foodvalley inzet op een gezonde vraag-aanbodverhouding. Het nieuwe programma werklocaties heeft als doel: voldoende aanbod van bedrijventerreinen van de juiste kwaliteit hebben, waarbij de toekomstige marktbehoefte het uitgangspunt is. Regio Foodvalley wil middels het Regionaal Programma Werklocaties 2021-2024 (RPW) nu en in de komende jaren kunnen voldoen aan de te verwachten (kwantitatieve en kwalitatieve) marktvraag, maar ook flexibiliteit hebben om in te kunnen spelen op nieuwe ontwikkelingen in een dynamische markt. Uitgangspunt is dat er bij de verdeling van de inmiddels schaarse resterende ruimte, voldoende economie kan worden bediend. Om de economie te kunnen bedienen zal de ruimteclaim voor werklocaties in verhouding moeten staan met de uitbreidingsvraag van bedrijven.

Hier bovenop komt nog een forse aanvullende vraag vanuit verschillende disciplines zoals vervangingsvraag door transformatie, bovenregionale vraag en de ruimteclaim vanuit bijvoorbeeld de energietransitie. Het is lastig in te schatten hoe groot deze specifieke vraag daadwerkelijk is, en is bovendien afhankelijk van beleidskeuzes. Duidelijk is wel dat de ruimtevraag lang niet enkel meer komt vanuit een uitbreiding van bedrijven op bedrijventerrein maar dat deze ruimteclaim veel meer divers en complexer is geworden. We sommen de verschillende ruimteclaims hieronder op. 1.1.1 Uitbreidingsvraag: 199 hectare In 2019 is de provinciale bedrijventerreinenprognose voor Gelderland opgesteld. De ruimtebehoefte vanuit bedrijventerreinen in Regio Foodvalley is in de periode 2019 t/m 2030 geraamd als circa 141 tot 199 hectare. Meer dan de helft van de ruimtebehoefte komt vanuit de werkmilieus ‘klassiek - gemengd’ en ‘agrifood’. Ook ‘logistiek’ en ‘HMC’ hebben naar verwachting een forse ruimtebehoefte in de regio. In figuur 18 uit de Werklocatievisie Foodvalley tonen we de ruimtebehoefte naar verschillende werkmilieus vanuit bedrijventerreinen tot en met 2030. Op basis van verschillende indicatoren (zie hiervoor de Visie Werklocaties), verwachten we momenteel dat de bovenkant van de bandbreedte van de ruimtevraag aangehouden moet worden. AFSPRAAK 1: •

We werken met zo actueel mogelijke prognoses. Dit betekent dat we bij beide provincies aandringen op het tijdig actualiseren van prognoses, waarbij we streven naar jaarlijkse actualisering. We monitoren de verwachte uitbreidingsvraag op basis van de meest actueel beschikbare prognoses.

1.1.2 Vervangingsvraag door transformatie: circa 40 tot 45 hectare Op enkele bedrijventerreinen vindt transformatie naar andere functies plaats (zie bijvoorbeeld ook de concept-Verstedelijkingsstrategie Arnhem-Nijmegen-Foodvalley). Bijvoorbeeld de transformatie van binnenstedelijke werklocaties naar een meer gemengd gebied en of een volledige transformatie naar wonen. Dit betekent dat ruimte die momenteel wordt gebruikt door bedrijven, (deels) wordt opgegeven voor een andere functie. Deze bedrijven verdwijnen echter niet en hun ruimteclaim dient elders te worden gehuisvest. Hier ontstaat een vervangingsopgave. In tabel 1 wordt inzicht gegeven in de verwachte vervangingsopgave. Deze vervangingsopgave wordt een steeds wezenlijker uitgangspunt bij de programmering van werklocaties: door de hoge ruimtedruk en een (vaak) prioritering aan andere functies binnen de rode contouren, wordt de ruimte voor bedrijvigheid schaarser terwijl de behoefte aan ruimte voor deze functies onverminderd groot blijft.

5

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

Tabel 1: Vervangingsopgave vanaf 2019 Gemeente

Bedrijventerrein

Omschrijving

Ede

Klaphekterrein

Momenteel visievorming over de toekomst van terrein, bestuurlijke besluitvorming moet nog plaats vinden. Opties variëren van volledige transformatie tot deels herstructurering.

Nijkerk

Spaanse Leger Havenkom Project Euretco Terrein Bronswerk Voormalig DC Jumbo Drie bedrijfsverplaatsingen

Rhenen

1

Veenendaal

Wageningen Totaal

Ambacht Bouwmaterialen handel Veenendaal divers Nudepark/Costerweg

Vervangingsopgave in hectare 5 tot 11

0,9 0,9 6,0 2,0 0,8 4,5

Toekomstige herontwikkeling naar woningbouw Drie bedrijven worden verplaatst. De huidige bestemming wordt vervangen door woningbouw of een andere passende ruimtelijke invulling. Eerste deel is gereed: woningbouw is in aanbouw.

12 2

Deprogrammering van bedrijvigheid/PDV naar o.a. wonen

1 2,7 Circa 40 tot 45

Bron: Input gemeenten Regio Foodvalley 2021

Uitgangspunt in dit RPW is dat bedrijfsverplaatsing als gevolg van transformatie in eerste instantie opgevangen wordt binnen de betreffende gemeente. Indien dit niet mogelijk of wenselijk is, wordt binnen de regio gezocht naar alternatieven. Zo wordt binnen de Verstedelijkingsstrategie Arnhem-NijmegenFoodvalley verkend waar deze alternatieve locaties beschikbaar kunnen komen. AFSPRAAK 2: • •

•

Jaarlijkse monitoring van de vervangingsvraag door transformatie. Constante regionale informatiedeling rondom transformatie: o.a. het delen van succesverhalen, het gezamenlijk in kaart brengen van financierings-en subsidieregelingen. Conform huidige samenwerkingsstructuren binnen de regio. In het jaar 2022 worden (eventueel gemeente-overstijgende) uitbreidingslocaties aangewezen om de vervangingsvraag te kunnen huisvesten.

1.1.3 Vervangingsvraag door verplaatsingsopgave naar een bedrijventerrein: Circa 15 tot 20 hectare Binnen verschillende gemeenten binnen Regio Foodvalley staan bedrijven voor een verplaatsingsopgave. Het gaat hierbij om bedrijven die momenteel op een locatie (buiten een formele werklocatie) zijn gevestigd waar dat niet langer gewenst is vanuit maatschappelijke overwegingen (denk aan overlast van of richting het bedrijf) of waar uitbreiding niet mogelijk is. Het gaat hier veelal om bedrijven in het buitengebied of bij/binnen een woonkern. Tabel 2: Vervangingsvraag door verplaatsing naar een bedrijventerrein sinds 2019 Gemeente

Omschrijving

Ede Rhenen

Inschatting t/m het jaar 2040 conform omgevingsvisie Inschatting t/m het jaar 2030 door bedrijfsverplaatsing vanuit het buiten gebied naar een nieuw terrein in de buurt van Achterberg.

Vervangingsopgave in hectare 10 tot 15 5

Bron: Input gemeenten Foodvalley 2021

1

In Rhenen is in de afgelopen jaren (ook voor 2019), circa 22 hectare aan werklocaties herbestemd naar wonen en/of natuur.

6

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

1.1.4 Ruimtevraag/vervangingsvraag door Next Economy-doelstellingen: 24 tot 34 hectare Naast de reguliere uitbreidingsvraag en vraag vanuit herstructurering/vervanging van de bestaande voorraad zorgen steeds meer verschillende aspecten die samenhangen met de economie, voor een toename van de ruimtedruk. Denk hierbij aan de ruimtevraag vanuit energietransitie, biodiversiteit/vergroening en circulariteit (bijvoorbeeld een circulaire hub). Tabel 3: Opgaven om NE-doelstellingen te bereiken Gemeente Ede Barneveld

Locatie

Omschrijving NE-doelstelling

Te onderzoeken Kievitsmeent 2

Realisatie Circulaire hub Circulair bedrijventerrein (inclusief hoge milieucategorie)

Te onderzoeken Lagerweij

Uitbreiding energiestation Liander Recycling van materialen windmolenindustrie en een open research center (incl. proeflocatie)

Opgave in hectare Ca. 5 tot 10

Totaal

10 Ca. 4 Ca. 5 tot 10 24 tot 34

Bron: Input gemeenten Foodvalley 2021

1.1.5 Bovenregionale vraag: tenminste 15 tot 25 hectare Regio Foodvalley heeft tegelijkertijd nog te maken met een extra ruimtedruk vanuit omliggende regio’s. Bedrijven vanuit regio’s als Arnhem-Nijmegen en Amersfoort kijken steeds vaker naar vestigingsmogelijkheden in Regio Foodvalley, simpelweg omdat in deze regio’s de ruimte nog schaarser is. Gezien de hoge ruimtedruk vinden gemeenten binnen de regio het belangrijk om keuzes te maken in het type bedrijvigheid dat men binnen de regio huisvest (bijvoorbeeld in de Verstedelijkingsstrategie ArnhemNijmegen-Foodvalley). Hoe groot deze vraag precies is, is moeilijk in te schatten en sterk afhankelijk van beleidskeuzes die worden gemaakt. Duidelijk is wel dat er ook in omliggende regio’s een tekort aan huisvestingsmogelijkheden voor bedrijven is en verplaatsing naar Regio Foodvalley als alternatief wordt beschouwd. Binnen Regio Foodvalley vervullen verschillende gemeenten hierin een verschillende rol: zo wordt er bijvoorbeeld bedrijvigheid vanuit de omliggende regio opgevangen in Ede of Barneveld terwijl Veenendaal in haar omgevingsvisie heeft opgenomen dat enkel arbeidsintensieve bedrijven naar de gemeente worden getrokken die bijdragen aan het in stand houden van de woon-werkbalans. Op basis van de visie bepaald in hoeverre een bovenregionale ruimtevrager binnen de regio wordt gehuisvest, zie volgende hoofdstuk.

1.1.6 Vraag vanuit kennisintensieve bedrijven en naar campuslocaties: 14 tot 28 hectare Regio Foodvalley zet met het programma Foodvalley 2030 in op het realiseren van ‘de meest baanbrekende innovaties in landbouw en voedsel voor een duurzame en gezonde toekomst’. Om deze ambitie waar te maken moet er voldoende geschikte ruimte zijn om de hierbij passende bedrijven te faciliteren. De ruimtevraag naar kennislocaties binnen het Kennishart is hiervoor in beeld gebracht voor Ede en Wageningen (bron: ‘Behoefte kennisintensieve werklocaties Foodvalley 2030’, Stec Groep, 8 december 2020). Gezien langjarige en constante groei, de sterke propositie van het Kennishart en de ambitie om het Kennishart te versterken, signaleren we een structurele groei van de ruimtevraag naar kennislocaties binnen het Kennishart. Op basis van (de ontwikkeling van) de werkgelegenheid, ruimtevraag per werknemer en de locatietypevoorkeur verwachten we een ruimtevraag naar kennislocaties in de komende 10 jaar van circa 14 tot 28 hectare. Deze ruimtevraag komt vanuit bedrijfsruimtegebruikers maar ook vanuit bijvoorbeeld kennisintensieve kantoorgebruikers, laboratoria en (gedeelde) onderzoeksfaciliteiten.

1.2 Mogelijkheden om de ruimteclaim te huisvesten 1.2.1 Hard planaanbod: 58 hectare Wanneer we kijken naar het huidige beschikbare aanbod valt op dat er in bijna elke gemeente aanbod beschikbaar is maar de ruimte binnen een aantal gemeenten ook zeer beperkt is of ontbreekt. De plannen

7

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

die resteren bieden ruimte aan verschillende typen bedrijven(terreinen). In totaal is er circa 58 hectare direct uitgeefbaar aanbod op bedrijventerreinen in de regio. Dit betreft de stand van januari 2021. Van de totale netto voorraad van ruim 1.100 hectare bedrijventerreinen is dus nog 6% uitgeefbaar. AFSPRAAK 3: Middels jaarlijkse monitoring van het planaanbod blijven we zorgen we dat we zicht hebben op vraagaanbodverhoudingen zodat op tijd bijgestuurd kan worden, door bijvoorbeeld nieuwe plannen (versneld) in procedure te brengen of intensief op zoek te gaan naar geschikte locaties. Zie ook paragraaf 2.5.

6,4 3,3 0,7 8,8 0,3 17,0 7,4 2,3 0,4 5,9 5,7 58,2

4,2 3,3 0,7 1,6 0,3 1,0 6,3 0,6 0,4 2,2 0,1

25 20 30 12 20 12 12 26 24 12

Maximale milieucategorie

Type terrein Zware industrie Regulier gemengd Regulier gemengd Food gerelateerd Regulier gemengd Regulier gemengd Regulier gemengd Regulier gemengd Grootschalig Hoogwaardig Regulier gemengd

Maximale Bouwhoogte

Terrein Harselaar Driehoek Harselaar-Zuid A12 Zuid Food & Businesspark Arkerpoort De Flier en omgeving Nijkerker Poort Watergoor 2000 De Batterijen Business en Science Park: Kortenoord Nude 2

Grootste uitgeefbare kavel

Gemeente Barneveld Barneveld Ede Ede Nijkerk Nijkerk Nijkerk Nijkerk Veenendaal Wageningen Wageningen Totaal

Direct uitgeefbaar (hectare)

Tabel 4: Hard (plan)aanbod in Regio Foodvalley (d.d. januari 2021).

5.2 4.1 4.2 3.1 3.2 4.2 4.2 3.2 4.2 2 3.2

Bron: IBIS, 2021; Provincie Gelderland Bedrijventerreinenmonitor, 1 juli 2020; Input gemeenten Regio Foodvalley, 2021.

1.2.2 Zacht planaanbod: circa 120 hectare Naast bovenstaande harde plannen zijn er in enkele gemeenten ook plannen die uitbreiding van het bedrijventerreinenareaal beogen maar nog niet alle benodigde (plan)procedures hebben doorlopen, zie onderstaand tabel 5. Dit gaat om grofweg 120 hectare. Ook zijn er gemeenten waar uitbreiding wordt beoogd, maar waar simpelweg geen ruimte resteert binnen de gemeentegrenzen om deze uitbreiding te huisvesten. Deze gemeenten kijken over de gemeentegrenzen om dergelijke ruimtevragers te kunnen huisvesten.

Kleinschalige bedrijvigheid Food gerelateerd Regulier gemengd

3,5 2,5 20,0 18,0 13,7 5,0 - 7,0 3,9

Maximale milieucategorie

Type terrein Regulier gemengd Regulier gemengd Regulier gemengd

Maximale Bouwhoogte (meter)

Terrein Stroe Voorthuizen Harselaar-Zuid 1b Harselaar-Zuid fase 2 Thorbeckelaan-Noord Food innovation district Harskamp

Grootste uitgeefbare kavel (hectare)

Gemeente Barneveld Barneveld Barneveld Barneveld Barneveld Ede Ede

Beoogde omvang terrein (hectare)

Tabel 5: Zachte plannen in Regio Foodvalley

0,5 0,2 5,9 -

20 -

3.2 2 4.2 -

3,5

-

3.2

8

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

Ede Ede Renswoude Rhenen Scherpenzeel Wageningen Wageningen Totaal

De Stroet IV Kievietsmeent 2 Groot Overeem II 2 zoeklocaties van 5 hectare per locatie ’t Zwarte Land II Born Oost Kwadrant 3

Regulier gemengd Circulair Regulier gemengd Regulier gemengd Grootschalig en regulier gemengd Hoogwaardig Kleinschalig

15,0 5,0 - 10,0 3,5 10,0

5,0 0,4 -

5,0 10,0 0,5

2,5 -

10 -

3.2 4.2 3.2 -

3.1 3.1 115,6 tot 122,6

Bron: IBIS, 2021; Provincie Gelderland Bedrijventerreinenmonitor, 1 juli 2020; Input gemeenten Foodvalley, januari 2021. Afgerond op 1 cijfer achter de komma.

1.2.3 Mogelijke ruimtewinst door verdichten? Een deel van de te verwachten extra vraag kan worden opgevangen door het verdichten van bestaande bedrijventerreinen. Hoe groot deze verdichtingskans is, is momenteel nog niet duidelijk. Voor de gemeente in het Utrechtse deel van de regio zijn deze mogelijke kansen inmiddels ruimtelijk in beeld gebracht. We brengen deze kansen voor de Gelderse gemeenten het komende jaar in kaart. De ruimtelijke kansen zijn in potentie aanwezig, maar in de praktijk lopen gemeenten ook tegen belemmeringen aan (zie de Werklocatievisie Foodvalley). Naast praktische belemmeringen zijn vooral ook de hoge kosten die gepaard gaan met dergelijke opgaven een belemmerende factor. Samen met Provincie Utrecht (middels de OMU) en provincie Gelderland wordt gekeken naar financieringsmogelijkheden en het mitigeren van andere belemmeringen (zoals het belemmeren van de bedrijfsvoering door veranderende milieu- en geluidshinderzones, parkeerproblematiek, het moeilijker kunnen voldoen aan vergroeningsopgaven, etc.). Ook wordt gekeken naar financieringsmogelijkheden via het OHG (OostNL) en Perspectieffonds Gelderland. Deze intensiveringslag is met onzekerheden omgeven en gebonden aan randvoorwaarden van financiering, kwalitatieve ambities en schuifruimte. Daarnaast mag verwacht worden dat de intensiveringslag geleidelijk zal plaatsvinden.

Middels bijvoorbeeld pilots verkennen we het realiteitsgehalte van de intensiveringsambitie. Afhankelijk van de mate waarin we hierin slagen kan de ruimtewinst door verdichting beperkt of juist groot zijn. We monitoren de behaalde en nog te behalen ruimtewinst door middel van verdichting jaarlijks. AFSPRAAK 4: • •

We brengen in 2022 ruimtelijk in beeld welke verdichtingsmogelijkheden er zijn voor de Gelderse bedrijventerreinen, aansluitend op analyses die al voor het Utrechtse deel zijn uitgevoerd. Vervolgens zetten we hierin als regio een vervolgstap waarbij we kijken naar praktische haalbaarheid van deze opgaven en wat hier voor nodig is, denk aan financieringsmogelijkheden, mobiliteit, vergroeningsopgaven/biodiversiteit, ruilverkaveling, etc.

1.2.4 Naar een passende kwantitatieve en kwalitatieve programmering Binnen Regio Foodvalley is er een tekort aan werklocaties. Er resteert binnen de regio – na de realisatie van alle harde plannen – nog steeds een tekort van grofweg 260 tot 290 hectare. Het is van groot belang op korte termijn tenminste de circa 120 hectare aan - nu nog - zachte plannen voor nieuwe bedrijventerreinenlocaties te realiseren (zie tabel 5). Lukt dit onvoldoende dan betekent dit dat bedrijfsruimtegebruikers zich op de korte en/of lange termijn niet binnen de gemeente of binnen de regio kunnen vestigen. Extra nieuwe bedrijventerreinen dienen daarom aan de regionale programmering te worden toegevoegd (zie ook monitoringsafspraken). De noodzaak om voldoende ruimte voor economie te blijven bieden, blijft onveranderd groot. Dit standpunt zal constant worden bepleit bij (beslissingen over de) invulling van de ruimte (zoals Verstedelijkingsstrategie Arnhem-Nijmegen-Foodvalley). Kern van de strategie voor regionaal programmeren is om de benodigde hectares daar te laten landen waar ook de vraag naar is. Dit betekent dat lokale bedrijfsruimtegebruikers met een ruimtevraag in eerste

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

instantie zo veel mogelijk binnen de eigen gemeente worden gehuisvest en daarna pas over de gemeentegrenzen wordt gekeken. Voor de huisvesting van bovenregionale ruimtevragers wordt per casus gekeken of en waar deze ruimtevraag in de regio kan landen. Accountmanagers economie hebben hier onderling afstemming over. We hanteren hierbij constant het uitgangspunt ‘het juiste bedrijf op de juiste plek’ zoals omschreven in de Visie Werklocaties Foodvalley 2021. Zie verder de uitgiftestrategie in hoofdstuk 3.

9

10

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

2 Kwalitatieve opgave WAT VERSTAAN WE ONDER TOEKOMSTBESTENDIGE BEDRIJVENTERREINEN, OOK VOOR GOED FUNCTIONERENDE WERKLOCATIES? Wij hebben als ambitie onze werklocaties zo duurzaam en circulair mogelijk te maken en te houden. Veranderingen op het vlak van energietransitie, klimaatadaptatie, ruimtelijke kwaliteit, veiligheid, mobiliteit en (digitale) bereikbaarheid en ‘Next Economy’ (digitalisering, circulair) zijn daarbij het meest prominent. Op een duurzame, circulaire werklocatie wordt per activiteit zo min mogelijk energie verbruikt, omdat processen zijn geoptimaliseerd en omdat het vastgoed goed is geïsoleerd. Daarnaast wordt zoveel mogelijk energie lokaal en duurzaam opgewekt, bijvoorbeeld door zonnepanelen op daken of windmolens, maar ook bijvoorbeeld door ‘restenergie’ van andere bedrijven in het gebied te hergebruiken. Met grote dakoppervlakken kunnen bedrijventerreinen energie-opwekkers zijn. Het vergroenen van daken en parkeerplaatsen helpt om wateroverlast bij piekbuien te verminderen (hittestress, klimaatadaptie), draagt bij aan de biodiversiteit en maakt van bedrijventerreinen een comfortabelere werkomgeving. Verduurzaming van werklocaties begint met goede samenwerking van bedrijven op werklocaties. We verwijzen hierbij bovendien naar de Werklocatievisie Foodvalley.

In de Monitor Bedrijventerreinen Regio Foodvalley (Ruimtemensen, 2020) worden enkele sprekende voorbeelden gegeven van inzet op het toekomstbestendig maken van onze bedrijventerreinen (zie figuur 1 op de vorige pagina).

2.1 Bestaande voorraad: herstructureren van locaties en benutten van Next Economy potentie ten behoeve van een toekomstbestendige werklocatieportefeuille We zetten op korte en middellange termijn in op herstructurering van werklocaties met beperkt toekomstperspectief. Op basis van monitoring kunnen deze locaties worden aangewezen door de individuele gemeente. Dit leidt tot een versterking van de portefeuille aan werklocaties en kan tegelijkertijd zorgen voor optimaal ruimtegebruik. Op tijd maatregelen treffen is belangrijk om verpaupering tegen te gaan. Anderzijds biedt verpaupering ook kansen: een locatie met te weinig toekomstpotentie, een relatief beperkte financiële (vastgoed)waarde komt in aanmerking voor herstructurering. Dit kan middels transformatie naar een andere functie (denk aan een woonfunctie in of aan de rand van een woonkern) of herstructurering naar een ander type of upgrade van een bedrijventerrein. Bedrijfsverplaatsing als gevolg van transformatie wordt in eerste instantie opgevangen binnen de betreffende gemeente, indien niet mogelijk of wenselijk wordt binnen regio gezocht naar alternatieven. Gemeenten en regio hechten groot belang aan het kunnen blijven bieden van toekomstbestendige werklocaties. Binnen Regio Foodvalley worden mede daarom in de nabije toekomst herstructureringsen/of transformatieopgaven voorzien.

Middels de ‘Monitor bedrijventerreinen Foodvalley’ (Ruimtemensen, 28 september 2020) is geïnventariseerd welke terreinen voor een specifieke transformatie, revitalisering of herstructureringsopgave staan. Zie onderstaande tabel 6. Tabel 6: Herstructureringsopgaven en benutten Next Economy potentie Regio Foodvalley Gemeente Barneveld Ede

Bedrijventerrein Harselaar-Oost

Omschrijving herstructureringsopgave of Next Economy opgave Revitalisering van 36 hectare

Klaphek Kievitsmeent 1

Revitaliseren en/of herstructureren van circa 11 hectare Aanpak met ondernemers om bedrijventerrein (33 hectare) toekomstbestendiger te maken. Projectvoorstel wordt gemaakt om

Fase en planning Visievorming 2021 Visievorming gestart Loopt nu

11

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

gebruik te kunnen maken van subsidie uit het Gelderse programma Toekomstbestendige bedrijventerrein. Inzet op energietransitie, ruimtegebruik en link met Kievitsmeent 2 (circulair), naast de zoektocht naar het verbeteren van collectiviteit en funding voor parkmanagement. Veenendaal

Verschillende bedrijventerreinen

Verduurzamen intensiveren

Visievorming gestart

Wageningen

Business & Science Park

Herinrichten en verduurzamen

Start 2021

Aangrenzend op BSPW Zwarte Land I

Zonnepark aangrenzend aan BSPW (is voor de energievoorziening van het bedrijventerrein en voor de buurt). Aanpak met ondernemers om bedrijventerrein (35 hectare) toekomstbestendiger te maken. Projectvoorstel wordt gemaakt om gebruik te kunnen maken van subsidie uit het Gelderse programma Toekomstbestendige bedrijventerrein.

Integrale afweging van de ruimte volgt

Scherpenzeel

Planvorming 2022, uitvoering 2023 – 2024

Bron: Monitor bedrijventerreinen Foodvalley, Ruimtemensen, september 2020; update input regiogemeenten 2021

Voor de Gelderse gemeenten wordt voor de genoemde terreinen verkend in hoeverre gebruik kan worden gemaakt van de subsidieregelingen voor bedrijventerreinen. We kijken hoe de provincie hierbij kan ondersteunen, bijvoorbeeld met ontwikkelkracht of revolverende middelen via de OHG en het Perspectieffonds of subsidieregelingen ten behoeve van bedrijventerreinen zoals ‘Toekomstbestendige bedrijventerreinen’ van de provincie Gelderland. AFSPRAAK 5: •

•

•

•

Gelderse bedrijventerreinen die voor een herstructureringsopgave staan worden indien nodig en mogelijk aangemeld bij het subsidieprogramma’s zoals ‘Toekomstbestendige bedrijventerreinen’ van de provincie Gelderland, of het Perspectieffonds. Utrechtse gemeenten verkennen (via RP wonen en werken Utrecht) of genoemde locaties kunnen worden geïntensiveerd en wat daar voor nodig is. We zoeken hierbij naar financieringsmogelijkheden via OMU of EBU. Alle gemeenten binnen Regio Foodvalley informeren elkaar over de voortgang van dergelijke opgaven en helpen elkaar doormiddel van kennisdeling rondom herstructurering, conform huidige samenwerkingsstructuren binnen Regio Foodvalley. Gemeenten conformeren zich aan Actielijn A uit het actieprogramma (hoofdstuk 3) en dragen zo bij aan toekomstbestendige werklocaties.

2.2 Bestaande voorraad: Optimaal en meervoudig ruimtegebruik Gezamenlijke ambitie: Het ruimtegebruik op de bedrijventerreinen in Regio Foodvalley is intensief. Ons uitgangspunt als gemeenten is om ruimtevragers zoveel mogelijk een plaats te laten krijgen binnen bestaande bebouwde gebieden, onder andere op bestaande werklocaties. We streven tot aan 2040 naar verdere verhoging van de floor space index (verhouding tussen het bruto vloeroppervlak van de bebouwing (BVO) en grondoppervlak van het uitgeefbare terrein) en het verlagen van het aantal vierkante meter per arbeidsplaats ten opzichte van de huidige situatie (2021). 1. De uitwerking van hoe de intensivering wordt vormgegeven verschilt per terrein en per kavel. Dit vraagt ook een belangrijke rol van eigenaar/gebruikers. Niet ieder terrein is geschikt voor intensivering en er is dus een afweging noodzakelijk per werklocatietype om te bepalen in hoeverre intensivering mogelijk en gewenst is. 2. Het verder optimaliseren en intensiveren van bedrijventerreinen kan niet los worden gezien van de uitbreiding met nieuwe werklocaties (samenhangend bedrijventerreinenbeleid) en randvoorwaarden als financiën. Daarnaast verkennen gemeenten en provincie hoe de OMU kan bijdragen aan de

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

3.

12

intensiveringsprocessen in het Utrechtse deel van de regio en hoe provincie Gelderland kan bijdragen aan intensivering op de Gelderse locaties (zie afspraak 4). We verkennen vanuit Regio Foodvalley de kansen voor intensivering (zie afspraak 4). Voor de Utrechtse gemeenten zijn ruimtelijke mogelijkheden al in beeld gebracht in het Regionaal Programma Wonen en Werken Regio Foodvalley (Utrecht). Afhankelijk van de praktische uitvoerbaarheid die uit dit onderzoek moet blijken, ontwikkelen we als gemeenten mogelijk een intensiveringsstrategie voor de bestaande bedrijventerreinen en maken daarin onderscheid naar werklocatietype (terreintype). De haalbaarheid van het verhogen van de dichtheid moet in de praktijk worden bekeken, en kan gezien huidig gebruik en dichtheid van locaties mogelijk complex zijn. We moeten dit goed monitoren.

2.3 Bestaande voorraad: Circulaire ambitie en energietransitie Gezamenlijke ambitie: We streven als gemeenten ernaar uitleglocaties voor nieuwe bedrijventerreinen circulair te ontwikkelen, met als doel dat onze bedrijventerreinen een circulair karakter hebben in 2040, zie hiervoor verder ook de Visie Werklocaties Foodvalley. AFSPRAAK 6: • •

•

Gemeenten informeren elkaar en delen onderling kennis uit om te komen tot succesvolle uitvoering circulaire en duurzaamheidsambities. Gemeenten wijzen in overleg met de regio bovendien in de komende 4 jaar (uiterlijk 2025) tenminste één geschikte, goed ontsloten, regionale locatie aan die concrete circulaire samenwerking direct kan faciliteren. Gemeenten conformeren zich aan Actielijn A uit het Actieprogramma (hoofdstuk 3) en dragen zo bij aan de circulaire ambities en ambities op het gebied van energietransitie.

2.4 Profilering, clustering en netwerkvorming rondom werklocaties Gezamenlijke Ambitie: Gemeenten in de regio houden aandacht voor clustering van sectoren (foodcluster) en bedrijven binnen een zelfde keten en zal blijven inzetten op het clusteren van bedrijven die elkaar kunnen versterken en zo een grote toegevoegde waarde vertegenwoordigen voor de economie in Regio Foodvalley. Deze ambitie sluit aan bij de Strategische Agenda Foodvalley 2020-2025. Hierin wordt ingezet op ‘Netwerk- en clustervorming’. We zetten in op verdere ontwikkeling van deze clusters op het gebied van kennisontwikkeling, kennisdeling, stimuleren van samenwerkingsverbanden en door fysieke ruimte te bieden voor uitbreiding. We stimuleren bovendien het (al dan niet tijdelijk) bieden van opvang van bedrijven in de regio bij herstructurering. Zo ontstaat schuifruimte en wordt er bijgedragen aan doelstellingen als intensivering en verduurzaming. Bij nieuwe uitgifte hebben we aandacht voor gezonde vraag-aanbodverhoudingen, het juiste bedrijf op de juiste plek, het versterken van food-profiel en bijbehorende speerpunten per gemeente/subregio en benutten daarmee de schaarse ruimte beter. AFSPRAAK 7: •

•

•

In 2022 brengen we best practices in beeld en werken deze verder uit. In de bedrijventerreinenmonitor (bron: Ruimtemensen, 2020) staan al goede eerste voorbeelden van bijvoorbeeld verduurzamingsmogelijkheden en dienen ter verdere inspiratie. Wij onderzoeken in de komende twee jaar in samenwerking met de provincie Gelderland hoe wij de positionering van het Food Production Cluster aan de noordkant van de regio Foodvalley kunnen versterken Gemeenten conformeren zich aan Actielijn B uit het Actieprogramma (hoofdstuk 3) en zorgen daarmee voor juiste en passende nieuwe locaties voor bedrijventerreinen.

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

13

2.5 Proces & Monitoring Monitoring Continue monitoring is essentieel om voortdurend in beeld te hebben of het aanbod voldoende is en van de juiste kwaliteit. De inzichten uit monitoring kunnen leiden tot aanpassing van het aanbod, bijvoorbeeld door het onderbouwen en ontwikkelen van nieuwe locaties of door het schrappen van plannen of terreinen die onvoldoende toekomstperspectief hebben. De resultaten van de monitoring worden jaarlijks besproken met de provincie Gelderland en Utrecht tijdens het voortgangsoverleg RPW. De regio monitort sinds 2017 (Regionaal Programma Werklocaties FoodValley 2017-2020) jaarlijks de vraag (uitgifte), het (plan)aanbod en de status van de huidige voorraad van bedrijventerreinen (zoals transformatie- en herstructureringsopgaven). We zetten deze vorm van monitoring na vaststelling van dit RPW voort. Doel hiervan is om de balans tussen vraag en aanbod te optimaliseren: aanbod moet zo goed mogelijk aansluiten bij de vraag (qua locatie en type aanbod). AFSPRAAK 8: De afspraken over monitoring zien er als volgt uit: 1. Gemeenten werken IBIS minimaal eens per drie maanden bij, opdat de gegevens altijd actueel zijn. 2. De uitgiftecijfers worden gerelateerd aan de ambities en verwachte vraag. De uitgifte worden bovendien in beeld gebracht conform de in hoofdstuk één genoemde type ruimteclaims. 3.

Op basis van de confrontatie tussen vraag (uitgifte) en aanbod in de regio, wordt ook het resterende aanbod van bedrijventerreinen gemonitord en ontstaat inzicht in: kwaliteit van het aanbod en de kwaliteit van de kavels. 4. De kwaliteit en vitaliteit van het bestaande aanbod (inclusief leegstand) wordt integraal onderdeel van de monitoring, zodat ook de kwaliteit van bestaande bedrijventerreinen continu in de peiling wordt gehouden. 5. Resultaten van de monitoring worden elk jaar gebundeld tot een adviesrapport, met de resultaten inclusief aanbevelingen om in te grijpen (uiteenlopend van ruimte voor nieuwe ontwikkelingen tot het uitnemen van incourant aanbod). Afspraken ‘nieuwe initiatieven’ Nieuwe initiatieven betreffen nieuw ontwikkelingen van bedrijventerreinen en/of uitbreiding van bestaande terreinen. Binnen Regio Foodvalley bestaat een (toekomstig) tekort aan ruimte voor bedrijfsruimtegebruikers. Er is momenteel circa 58 hectare beschikbaar in harde plannen en daarnaast zullen er nog verschillende nieuwe plannen ‘op de markt moeten komen’ om in de ruimtevraag te kunnen voorzien. Uitgangspunt hierbij is dat de huidige harde plannen tot ontwikkeling kunnen worden gebracht. Sterker: we stimuleren gemeenten met harde plannen om deze snel tot ontwikkeling te brengen om zo op korte termijn in de benodigde ruimtevraag te kunnen voorzien.

We houden hierbij rekening met een verschil in dynamiek tussen de verschillende gemeenten. Zo kunnen gemeenten die nog altijd (enige) ruimte beschikbaar hebben om (plannen voor) bedrijventerreinen toe te voegen, de mogelijkheid krijgen om planaanbod versneld in procedure te brengen. Zo kan op korte én op lange termijn voldoende ruimte worden geboden voor bedrijven. AFSPRAAK 9: Afspraken over het regionaal proces van nieuw-uitgifte zien er als volgt uit: 1. De gemeente die voornemens is een nieuw initiatief in procedure te brengen, brengt deze intentie in het regionale overleg naar voren. 2. De betreffende gemeente is verantwoordelijk voor het aantonen van de actuele behoefte en zal daarbij de Ladder voor Duurzame Verstedelijking hanteren. Er wordt geen ondergrens gehanteerd: elke uitbreiding wordt ingebracht in het regionale overleg. 3. De gemeente waar het initiatief speelt, brengt de onderbouwing in het regionaal overleg in. Het ambtelijk regionaal overleg overweegt het initiatief en formuleert een advies.

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

4. 5.

6. 7. 8.

9.

14

De betreffende gemeente presenteert een integrale locatie-afweging, conform Actielijn B uit het Actieprogramma (hoofdstuk 3). Onderdeel van het advies is ook het bespreken van eventuele flankerende maatregelen die nodig zijn om ongewenste ruimtelijke effecten te voorkomen. Daarbij worden de resultaten van de monitoring meegenomen: ligt de regio op schema, of juist of achter op de verwachte uitgiftes. In overleg wordt hierover een standpunt ingenomen en wordt de regionale bestuurders, indien relevant, geadviseerd tot maatregelen over te gaan. Het ambtelijk regionaal overleg adviseert regionale bestuurders over het initiatief. Het advies wordt bestuurlijk besproken en er wordt een regionaal bestuurlijk standpunt ingenomen. Het resultaat van de regionale afstemming zal als advies worden aangeboden aan de provincie Gelderland. Voor de regiogemeenten die in de provincie Utrecht liggen, geldt dat de plannen moeten passen binnen de afspraken uit het Regionaal Programma Wonen en Werken Regio Foodvalley (2021). De betreffende gemeente gaat in gesprek met de provincie Utrecht. De initiërende gemeente start en doorloopt de reguliere procedures voor planontwikkeling.

Spelregels ‘grote vissen’ en XXL-bedrijvigheid De regio spreekt ook spelregels af voor de werkwijze bij nieuwe vestigingsverzoeken van bedrijven (van binnen en van buiten de regio). De regio wil bedrijven zo goed mogelijk faciliteren en huisvesten in de regio. Tegelijkertijd wil de regio zorgvuldig omgaan met de beschikbare voorraad bedrijventerreinen en vastgoed en voorkomen dat bedrijventerreinen te versnipperd worden uitgegeven. Het motto is dan ook ‘het juiste bedrijf op de juiste plek’. AFSPRAAK 10: De spelregels die de regio hanteert bij grote vissen ten aanzien van het regionale economische profiel zijn de volgende: 1. Verzoeken boven 5.000 m² (‘grote vissen’) worden door de betreffende gemeente gemeld in het regionaal overleg. Kleinschaliger ontwikkelingen worden door de gemeenten zelf aangepakt en gefaciliteerd (conform de afweging uit Actielijn C van Actieprogramma [hst 3]) 2. Voor ‘grote vissen’ (5.000 m²) van buiten de regio wordt regionaal gekeken naar de beste opties. Hierbij wordt zowel rekening gehouden met de wensen van het bedrijf als met het op dat moment beschikbare aanbod aan bedrijventerreinen in de regio. Hierbij krijgen bedrijven die binnen de specifieke doelgroepen van de regio vallen (agro, food, logistiek) voorrang.

Het gaat hierbij om bedrijven die in potentie een grote impact hebben op de ambities van de regio, in termen van werkgelegenheid, hectares en/of profilering. 3. Tegelijkertijd is Regio Foodvalley zich bewust van de schaarse ruimte die nog in de regio resteert. De regio gaat daarom terughoudende om met huisvestingsaanvragen van ‘XXL-bedrijven’ en voert er geen actieve acquisitie op (XXL-bedrijven zijn bedrijven met een kaveloppervlak van minimaal 4 hectare). XXL-bedrijven die direct of indirect onvoldoende bijdragen aan de specifieke doelgroepen van de regio en/of een te beperkte toegevoegde waarde vormen (bijvoorbeeld in innovatie of werkgelegenheid), worden niet in de regio gehuisvest. De huisvesting van XXL-bedrijven (met meerwaarde) concentreert zich bovendien enkel bij de belangrijkste vervoersassen en -knooppunten A12, A30 en A1.

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

15

3 Uitwerking afspraken in drie actielijnen De uitgangspunten van de Visie Werklocaties vormt de basis voor afspraken die we in dit RPW hebben gemaakt 2. Om een duurzame economische regio te zijn en blijven voeren we een regionaal actieprogramma uit. Dit programma bestaat uit drie actielijnen: A. Kansen benutten binnen de bestaande voorraad. B. Een integrale locatieafweging voor nieuwe bedrijventerreinen. C. Een uitgiftestrategie voor nieuwe kaveluitgifte. De sturingsmogelijkheden per pijler verschillen sterk van elkaar. De bestaande voorraad is de grootste en belangrijkste pijler op het gebied van bedrijventerreinen (het gros van de bedrijven is immers al op de bedrijventerreinen gevestigd) terwijl tegelijkertijd de sturingsmogelijkheden vanuit gemeente of regio op deze al gevestigde bedrijven beperkt is. Afdwingen is bij deze doelgroep lastig. Wel kunnen gemeenten deze groep stimuleren, informeren en faciliteren om doelstellingen te bereiken. Voor nieuwe terreinen en nieuwe kaveluitgifte kunnen gemeenten – vooraf – veel meer af spreken met ondernemers. Hier zijn sturingsmogelijkheden uitgebreider. Tegelijkertijd is borging en handhaving op basis van huidige wet- en regelgeving niet evident.

We maken daarom in het actieprogramma onderscheid tussen twee (sturing)mogelijkheden: • Inspanningsverplichting: een gemeente en/of bedrijf zal zich inspannen om een resultaat te behalen maar garanties worden niet gegeven. • Extra gemeentelijke ambitie: gemeenten kunnen individueel streven naar een ‘plus’ op de inspanningsverplichtingen op één of meerdere onderdelen en daarmee fungeren als regionale inspiratie. De actielijnen worden jaarlijks geëvalueerd waarbij onder andere wordt geïnventariseerd of een resultaatsverplichting op één van de actielijnen gewenst en (juridisch) haalbaar is.

3.1 Actielijn A: Kansen benutten binnen bestaande voorraad Waarde bedrijventerreinen borgen en versterken naar de toekomst We willen de huidige, grote waarde van de bedrijventerreinen in Regio Foodvalley borgen en versterken naar de toekomst. Dat betekent dat we onze terreinen optimaal willen laten aansluiten bij de hedendaagse (en toekomstige) marktvraag en opgaven die op bedrijventerreinen afkomen. Veranderingen op het vlak van energie, klimaatadaptatie, biodiversiteit, gezonde werkomgeving, ruimtelijke kwaliteit, veiligheid, mobiliteit en (digitale) bereikbaarheid en ‘Next Economy’ (circulaire economie, smart industry, smart logistics, open innovatie en robotisering) zijn daarbij het meest prominent.

ENERGIETRANSITIE EN AANPAK BESTAANDE BEDRIJVENTERREINEN Bedrijventerreinen zijn grootverbruikers van energie. In de concept RES is beschreven dat we inzetten op energiebesparing op bedrijventerreinen. En dat opwek zoveel mogelijk moet plaatsvinden dicht bij afnemers. De ruimteclaim die de energietransitie vraagt kan voor een deel op bedrijventerreinen landen. Om stappen te zetten in de energietransitie gaan we op alle bedrijventerreinen actief aan de slag met zon op daken. Vanuit de provincie Gelderland loopt op dit moment een actie om ondernemers te stimuleren zonnepanelen op daken te realiseren. Onder andere gemeente Barneveld loopt hierin al voorop qua volume.

2

Onder andere over kwantitatieve en kwalitatieve vraag-aanbodverhoudingen en de leidende principes.

16

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

Nóg belangrijker is dat we de kennis, expertise, capaciteit en middelen organiseren om ook echt met de bestaande terreinen aan de slag te gaan. Cruciaal voor een sterke aanpak is op de hoogte zijn wat bij bedrijven leeft, waar ze tegenaan lopen en om te signaleren wat de belangrijkste kansen en opgaven op de bestaande bedrijventerreinen zijn. Inspanningsverplichtingen om ambities te verwezenlijken Om onze gezamenlijke ambities als regio te realiseren, spreken we onderstaande inspanningsverplichtingen af voor de bestaande bedrijventerreinenvoorraad. We betrekken – om de haalbaarheid te vergroten - waar nodig beide provincies op het gebied van capaciteit en middelen bij deze trajecten. a) Bij de aanvragen van (omgevings)vergunningen op de bestaande terreinen gaan we vanuit EZ (in overleg met o.a. RO en omgevingsdienst) in gesprek met de ondernemer over mogelijkheden voor verduurzaming. b) We vergaren kennis over het (her)gebruiken van reststromen, -warmte en CO2 zien we als een belangrijke stap richting circulaire en duurzame economie. Helaas ontbreken nog te vaak inzichten in (potentiële) reststromen op onze bedrijventerreinen, dus willen we dit beter in beeld krijgen. c) We sporen actief vastgoedeigenaren en ondernemers op die met grote dakoppervlakken potentie hebben voor het realiseren van zon (op basis van analyses uit o.a. de RES).

Met hen gaan we actief in gesprek over de (on)mogelijkheden voor het plaatsen van zonnepanelen. d) We verstevigen organisatiegraad en/of partnerschap op bedrijventerreinen. e) We brengen samen met ondernemers reststromen in beeld. We sluiten aan bij de initiatieven die er al zijn op dit vlak en dragen de lessen van deze ondernemers actief uit bij andere gemeenten, ondernemers, ondernemersverenigingen en parkmanagementorganisaties in onze regio. f) We kijken voordat we een nieuwe bedrijventerreinontwikkeling mogelijk maken - conform de Ladder voor duurzame verstedelijking en uitgangspunten van de verstedelijkingsstrategie - altijd eerst naar intensiveringsmogelijkheden op bestaande bedrijventerreinen. Dit is een prikkel voor zorgvuldig ruimtegebruik en herontwikkeling van (verouderd) bedrijfsvastgoed. We koppelen dit aan actie 4 op pagina 8.

3.2 Actielijn B: Integrale locatieafweging voor nieuwe bedrijventerreinen ‘Regio Foodvalley is een topregio op het gebied van landbouw en voeding, ingebed in een omgeving waar het goed wonen, werken en ondernemen is. We zetten gericht in op het duurzaam realiseren van brede welvaart.’ (bron: Strategische Agenda 2020-2025). Hierbij dient de juiste balans te worden gevonden tussen wonen, werken, verblijven en recreëren. Bij de ontwikkeling van nieuwe bedrijventerreinen hanteren we kwalitatieve kaders die bijdragen aan een integrale locatieafweging (conform regionaal ruimtelijk beleid zoals de verstedelijkingsstrategie en de Ruimtelijke Regionale Verkenning) die past bij het vinden van de juiste balans. Deze kaders sluiten aan bij de economische ambities van de regio maar ook bij de ambities zoals geformuleerd in de RES. Naar zo optimaal mogelijke bedrijventerreinlocaties We spreken af dat voordat een nieuw bedrijventerrein in (bestemmingsplan)procedure kan worden gebracht, de betreffende gemeente de beoogde locatie integraal afweegt. Een afweging bestaat in dit geval uit het in beeld brengen van de in onderstaande tabel geschetste locatie-eigenschappen. De regio wordt meegenomen in de afwegingen die zijn gemaakt, in aanvulling op de ladderonderbouwing, omtrent de locatiekeuze en de locatie-eigenschappen. Daarbij maken we gebruik van de bestaande structuren in de regio.

Afstemming vindt plaats in het Ambtelijk Overleg economie Regio Foodvalley. Afwijkingen van de locatie-doelstelling worden gemotiveerd voorgelegd.

Economie

Locatie-eigenschap

Locatie X

•

…

•

De locatie sluit aan op een bedrijventerrein dat zich reeds bewezen heeft als economische top-locatie. De Next Economy-potentie van de locatie is passend bij de beoogde doelgroep.

Locatie Y

17

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

Ruimte

•

De locatie sluit aan bij het beoogde (lokale/regionale) arbeidspotentieel.

•

Er zijn geen of onvoldoende geschikte locaties binnen de bestaande voorraad om de boogde uitbreiding in te kunnen voorzien. De locatie biedt mogelijkheden voor een zo optimaal mogelijke benutting van de ruimte (bijvoorbeeld door dubbelgebruik of hoge fsi). Op de locatie zijn voldoende kansen voor een energiezuinig bedrijventerrein (naar 0 op de meter). Op de locatie zijn kansen voor duurzame opwekking: zon, wind, H2, etc. De locatie biedt kansen voor energie opslag- en distributie of (Rest)warmte? De locatie is gelegen aan het bestaande energienetwerk en netcapaciteit is op deze locatie optimaal te benutten. We houden rekening met het bodem- en watersysteem: geschiktheid ondergrond en mogelijkheden infiltratie We houden rekening met ruimte voor benodigde voorzieningen zoals truckparking en energieopslag. De locatie moet voldoende kansen bieden voor het behouden van natuur- en landschapswaarde en biodiversiteit. De locatie biedt mogelijkheden om de circulaire economie verder op gang te brengen door bijvoorbeeld een gunstige positie in een bestaande keten (gunstige inzamel/verwerkingslocatie). De locatie heeft ‘key assets’ voor circulaire economie: water/kade, HMC, grote kavels, etc. De locatie biedt kansen voor smart industry, robotisering, 3D printing, etc. doordat juiste randvoorwaarden aanwezig zijn: glasvezel, 5G, etc.

• Energie, Klimaat & Natuur

• • • • • • •

Circulair

•

• Digitaal

•

(duurzame) Mobiliteit

• • • • •

…

…

…

…

De locatie is optimaal bereikbaarheid voor de beoogde doelgroep, De locatie leidt tot zo min mogelijke verkeershinder voor derden. De locatie is multimodaal ontsloten De locatie is verkeersveilig (zowel voor interne als externe vervoersbewegingen) De locatie biedt kansen voor duurzame vervoersmogelijkheden (fietspad, wandelpaden, laadpalen, etc.)

3.3 Actielijn C: Uitgiftestrategie bij kaveluitgifte Ontwikkeling van nieuwe bedrijventerreinen is dé kans om concreet in te spelen op het behalen van duurzaamheidsambities. Doelen die in de Regionale Energiestrategie zijn gesteld bieden hierbij een belangrijk kader. Het gaat om een uitgiftestrategie die past binnen de regionale visie en leidende principes van de regio. Daarin staat een duurzame toekomst voorop. Met de opgestelde regionale uitgangspunten voor gronduitgifte geven we bovendien invulling aan concreet beleid. Organisatiegraad als basisvoorwaarde Georganiseerde ondernemers bereiken meer, hebben over het algemeen meer slagkracht voor collectieve voorzieningen en kunnen elkaar versterken met ideeën en innovaties. Een hogere organisatiegraad vereenvoudigt communicatie tussen ondernemers onderling en tussen gemeente en ondernemers. Bij nieuwe bedrijventerreinontwikkelingen stellen we daarom een vorm van collectiviteit en/of partnerschap verplicht. Verschillende gemeenten in de regio hanteren deze verplichting al (bijvoorbeeld Barneveld, Scherpenzeel, Nijkerk en Ede) of overwegen een dergelijke verplichting (Wageningen). Lokaal maatwerk is mogelijk, want er zijn verschillende vormen van collectiviteit. Als we als overheid zelf de grond uitgeven nemen we in de anterieure verkoopovereenkomst een kwalitatieve verplichting op.

In die kwalitatieve verplichting wordt een vorm van collectiviteit vastgelegd. Bij zeer kleine nieuwe ontwikkelingen waar een vorm van collectiviteit niet haalbaar is, kan gezocht worden naar aansluiting bij bestaande collectieven op aanpalende bedrijventerreinen. Bij al bestaande bedrijventerreinen of bij bedrijventerreinen waar de gemeente geen grond uitgeeft, hebben we een inspanningsverplichting om collectiviteit aan te jagen.

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

18

WAT KUNNEN GEMEENTEN EXTRA OVERWEGEN? SPECIFIEKE VORM VAN COLLECTIVITEIT We stellen een vorm van organisatiegraad en/of partnerschap verplicht. Deze collectiviteit kan zich in verschillende vormen voordoen zoals parkmanagement, een Vereniging van Eigenaren (VvE) of een BedrijvenInvesteringszone (BIZ). Veel gemeenten in de regio stellen parkmanagement al verplicht bij nieuwe uitgifte. Middels parkmanagement kunnen collectieve afspraken worden gemaakt met ondernemers over bijvoorbeeld parkeren, vergroenen, vandalisme, het netjes houden van een terrein, etc.). Dergelijke maatregelen kunnen ook middels een BIZ verplicht worden gesteld. Duurzame daken zijn een verplichting, circulair bouwen streven we na We stellen het verplicht dat constructies van daken geschikt zijn voor meervoudig ruimtegebruik. Dit is momenteel nog niet planologisch afdwingbaar maar zal na inwerkingtreding van de omgevingswet via het bouwbesluit afdwingbaar zijn. We willen vastleggen dat dakconstructies stevig genoeg moeten zijn voor het dragen van zonnepanelen inclusief de technische installatie, vanuit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening. Daarnaast willen we in de toekomst (middels het omgevingsplan) stimuleren dan wel afdwingen dat het dakvlak voorzien dient te worden van zonnepanelen, tenzij het dak wordt gebruikt voor een ander duurzame invulling (zoals een groen dak).

Ook andere vormen van meervoudig ruimtegebruik (op het dak) zijn mogelijk (zie verderop in de tekst). Voor deze vormen van meervoudig ruimtegebruik is maatwerk mogelijk. O.a. vanuit Wageningen, Ede en Rhenen wordt uitgesproken om deze maatregel verplichtend te maken bij kaveluitgifte. Bovendien vraagt de RES om energiebesparingsmaatregelen en om het duurzamer opwekken van energie. Met deze verplichting geven we uitvoering aan dit vastgestelde beleid. Figuur 1: Voorbeelden Toekomstbestendige bedrijventerreinen uit Monitor Bedrijventerreinen Foodvalley

Tegelijkertijd zijn we ons bewust van uitzonderingen die zich op deze regel voordoen. Niet ieder type bedrijf is geschikt voor zonnepanelen op het dak maar andere vormen van dubbelgebruik zijn mogelijk wel haalbaar. We bieden daarom in deze specifieke gevallen ruimte voor maatwerk. Daarom nemen we het realiseren van een geschikte dakconstructie als verplicht onderdeel op in het omgevingsplan (en dus niet het realiseren van zonnepanelen). Hiermee voorkomen we praktische problemen of bezwaren, bijvoorbeeld wanneer zon op dak niet mogelijk is vanwege bedrijfsprocessen én/of medewerking van verzekeraars. Maatwerk kan zich voordoen bij de aard van specifieke bedrijfsactiviteiten. Een ander belangrijk aandachtspunt is de netcapaciteitsnetwerk, iets waar bedrijven slechts beperkt invloed op hebben (zie ook

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

19

de RES over combinaties van duurzame bronnen en buffering). We sluiten ons hierbij aan op de acties die vanuit de RES worden ingezet om een oplossing voor dit probleem te vinden. Monitoring van de (ontwikkelingen rond) netcapaciteit is hierbij van belang.

WAT KUNNEN GEMEENTEN EXTRA OVERWEGEN? ANDERE VORM MEERVOUDIG RUIMTEGEBRUIK De regio wil bedrijven ook de ruimte bieden om voor andere vormen van duurzaam meervoudig ruimtegebruik te gaan. Denk aan parkeren op dak, opslag op dak of zelfs andere functies (bijvoorbeeld sport) op dak. Hiervoor moeten de bedrijfsdaken geschikt zijn: minimale oppervlakte, plat dak en sterke dakconstructie. Ook dienen de daken (in het geval van parkeren, opslag of sportfunctie) bereikbaar gemaakt te worden via een hellingbaan of intern ontsloten worden.

WAT KUNNEN GEMEENTEN EXTRA OVERWEGEN? MATERIALENPASPOORT De transitie van een lineaire economie naar een circulaire economie is in volle gang en gemeenten kunnen bij nieuwe bedrijventerreinontwikkeling circulaire bouw nastreven. Door circulair te bouwen wordt een gebouw aan het eind van de levensduur gedemonteerd wordt in plaats van gesloopt. Bouwmaterialen kunnen opnieuw gebruikt worden in een nieuw gebouw. Gemeenten kunnen circulariteit nastreven door bijvoorbeeld eisen te stellen aan bedrijven om hun circulariteit aan te tonen op het gebied van de herbruikbaarheid van materialen in hun pand middels een materialenpaspoort. Ook kunnen reststromen voortkomend uit productieprocessen inzichtelijk worden gemaakt in een databank. Paraplubestemmingsplan of omgevingsplan borgt natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen Traditionele bedrijventerreinen zijn stenig en weinig groen. Hitte en piekbuien kunnen flink overlast veroorzaken. Om die reden wordt bij nieuwe ontwikkelingen in paraplubestemmingsplannen of omgevingsplannen een minimum percentage groen/blauw opgenomen voor het onbebouwde terrein (zowel op private kavels als de openbare ruimte) waarbij de onverharde gronden landschappelijk moeten worden ingepast. Dit minimum percentage verschilt per bedrijventerreinontwikkeling omdat het afhankelijk is van de locatie-specifieke situatie.

Constaterende dat Nederland meer dan 100.000 hectare bedrijventerreinen heeft en dat slechts 1% van deze oppervlakte ‘groen’ of ‘blauw’ is, zullen we als regio hier forste stappen op kunnen zetten. Als regio zullen we nu en in de toekomst boven dit gemiddelde uit

CONCEPT - RPW Regio Foodvalley 2021 - 2025 20.044

20

moeten komen. Parkeerplaatsen worden standaard halfopen verhard aangelegd (of er wordt gebruik gemaakt van een andere vorm van vergroening die minimaal hetzelfde resultaat bewerkstelligt). Uitgangspunt blijft dat parkeren op eigen terrein moet plaatsvinden met voldoende elektrische laadpalen voor auto's en fietsen. Dergelijke maatregelen worden door iedere gemeente binnen Regio Foodvalley ondersteund en in meer of mindere mate als eis gesteld bij gronduitgifte.

WAT KUNNEN GEMEENTEN EXTRA OVERWEGEN? LANDSCHAPPELIJKE INPASSING Gemeenten kunnen inzetten op de landschappelijke inpassing van een nieuw bedrijventerrein. Hierbij is het van belang om rekening te houden met de karakteristieke kenmerken en kwaliteiten van het landschap. Dit kan gedaan worden met de architectuur van een bedrijfspand en/of het realiseren van gebiedseigen beplanting. Met welstandsnormen (welstandsnota) kan de gemeente de architectuur, te gebruiken materialen, kleuren en dergelijke beïnvloeden. Daarnaast is het goed mogelijk om aan de hand van een beeldkwaliteitsplan de richtlijnen die horen bij de realisatie van een nieuw bedrijfspand te vertalen naar concrete oplossingsrichtingen.

WAT KUNNEN GEMEENTEN EXTRA OVERWEGEN? INFORMEREN OVER VOORDELEN GROEN Gemeenten kunnen ondernemers stimuleren om in te zetten op verdere vergroening van het terrein. Gemeenten ondersteunen ondernemers door te informeren over de kansen en waarden van groen. Dit versterkt de bewustwording en draagt bij aan de bereidheid om vergroening toe te passen op bedrijventerreinen. Informeren kan op vele manieren, met publicaties, folders en bijeenkomsten. Het is daarbij de grote opgave om aan te haken op de leefwereld en belangen van de doelgroep Door inzicht te bieden in de voordelen van een groen terrein (denk aan maatregelen als groende daken, groene gevels, en erfafscheidingen) worden ondernemers sneller in een actiestand gezet. Bovendien kan het voor een bedrijf fiscaal voordelig zijn om te investeren in bijvoorbeeld een verticale tuin (via de Milieu Investeringsaftrek (MIA) en de Willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil). Subsidiemogelijkheden kunnen door de regiogemeenten worden uitgezocht en uitgewisseld. Op deze manier hoeft niet iedere gemeente of bedrijf het wiel opnieuw uit te vinden. We borgen duurzaamheidseisen aan de voorkant We borgen waar mogelijk duurzaamheidseisen volgens landelijke wetgeving aan de voorkant. Waar dit kan worden algemene duurzaamheidseisen geborgd in publiekrechtelijk en privaatrechtelijk instrumentarium.

Alle nieuwbouw op bedrijventerreinen moet uiteraard voldoen aan landelijke (duurzaamheids)normen (zoals regels vastgelegd in Bouwbesluit, Energieprestatie – BENG, MilieuPrestatie Gebouwen, EPBD III en Energieregistratie- en bewakingssysteem (EBS)) 3. Volgens de Energiebesparingsplicht dienen bedrijven die per jaar vanaf 50.000 kWh elektriciteit of 25.000 m3 aardgas (gelijkwaardig) verbruiken verplicht energiebesparende maatregelen te nemen met een terugverdientijd van 5 jaar of minder.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11017448/1