CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

schriftelijke vragen RES 1.0. VVD Waddinxveen

Commissie Ruimte + Infrastructuur 18 mei 2021, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: Antwoorden op vragen RES MH786 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1. Er wordt gesproken over lokale en regionale bijeenkomsten waaraan meer dan 250 Midden Hollanders hebben deelgenomen. Kan aangegeven worden of het hier om unieke deelnemers gaat en hoe de spreiding was over de 5 participerende gemeenten? Aan de kansentafels hebben in totaal 136 inwoners deelgenomen. De spreiding over de gemeenten was als volgt: Bodengraven Reeuwijk: Gouda: Krimpenerwaard: Waddinxveen: Zuidplas:

30 40 30 25 11

Aan het Webinar hebben 200 deelnemers deelgenomen. Helaas konden wij in verband met de AVG geen naam en woonplaats van de deelnemers opvragen. De spreiding over de gemeenten is daardoor niet te achterhalen. Wel konden we aan de hand van e-mailadressen de aanmeldingen voor de kansentafels en het Webinar vergelijken. Na het verwijderen van de dubbelingen kwamen we uit op ruim 250 unieke deelnemers. 2. Er wordt gesproken over het aanwenden van de reservegebieden voor wind wanneer realisatie achterblijft. Kan dit nader geduid worden. Wat zijn acties de genomen worden wanneer realisatie achterblijft voordat naar alternatieven wordt gekeken? Elke twee jaar wordt de RES herzien. Dit heeft als doel om enerzijds technische ontwikkelingen toe te kunnen passen, maar anderzijds ook om het eventueel achterblijven van realisatie tijdig te signaleren en dan te kunnen bijsturen en handelen. Op dit moment is er niet voldoende politiek-bestuurlijk draagvlak voor het realiseren van windenergieprojecten. Er is wel gekeken naar waar windenergie eventueel technisch mogelijk is. Dit heeft geleid tot de reservegebieden. Op het moment dat blijkt dat de realisatie achterblijft zal bestuurlijk en maatschappelijk draagvlak onderzocht moet worden voor windenergieprojecten in die zoekgebieden. Vervolgens zal technische en financiële haalbaarheid onderzocht gaan worden.

In het proces van RES 1.0 naar 2.0 of verder, kan ook het verder opschalen van zoekgebieden zon op land worden meegenomen. Dit is afhankelijk van verschillende factoren, denk aan bestuurlijk en maatschappelijk draagvlak, technische ontwikkelingen, beschikbaarheid zoekgebieden zon op land. 3. Er wordt gesproken over de verschillende momenten en wijzen waarop participatie heeft plaatsgevonden. Er wordt niets aangegeven over de mate waarin uitkomsten als representatief kunnen worden beschouwd. hoe representatief acht de stuurgroep deze uitkomsten en kan hier een onderbouwing voor worden gegeven? Voor de beantwoording van deze vraag verwijzen wij naar vraag 70, 72 en 103 uit de Regionale beantwoording technische vragen RES 1.0. Deze is met u gedeeld op 3 mei 2021. 4. Eén van de reserve zoekgebieden voor wind betreft een gebied in Polder Bloemendaal in Waddinxveen. Dit gebied kenmerkt zich o.a. door een grote diversiteit aan weidevogels. Kan aangegeven worden waarom juist dit gebied is aangewezen als zoekgebied? De restrictiekaart voor windenergie op pagina 113 van de RES 1.0 toont de harde en zachte restricties die voor windenergie gelden. In het proces van de RES is naar voren gekomen dat de A12 en A20 mogelijk en denkbaar zijn als locaties voor windturbines, maar wel met het nodige voorbehoud.

Wanneer in het vervolg van de RES gekozen wordt om met deze reserve zoekgebieden verder te gaan, is aanvullend onderzoek noodzakelijk, onder andere naar de gevolgen voor weidevogels. Vanuit het NP RES is aangegeven dat in sommige gebieden beperkingen gelden voor windenergie. Dan gaat het om beperkingen vanuit veiligheid (b.v. bij infrastructuur), hinder (b.v. bij woningen) en ecologie. Zo zijn windturbines niet mogelijk in het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Voor weidevogelgebieden gelden geen harde beperkingen. Hier zijn de ecologische gevolgen van eventuele windturbines altijd onderwerp van nader onderzoek.

5. Er wordt gesproken over een potentie van 0,068 TWh voor zon op grote daken (niet zijnde bedrijfsdaken. Wat voor daken moeten wij hierbij aan denken? Np RES heeft grote daken gedefinieerd als: daken met een opstelling met een vermogen groter dan 15 kWp. Hiervoor zijn ongeveer 50 PV-panelen nodig, wat ongeveer gelijk staat aan een dakoppervlak van 285 m2. Dit kunnen naast bedrijfsdaken bijvoorbeeld agrarische daken, (sport)hallen, schooldaken, gemeentegebouwen, grote woongebouwen etc. zijn. 6. Zijn de stuurgroep dan wel het college situaties bekend waarbij ondernemers graag zon op groot dak realiseren, maar dit vanwege het slecht kunnen verzekeren van een pand vol zonnepanelen niet gerealiseerd krijgen? Ja daar is de Stuurgroep van op de hoogte. In samenwerking met de Duurzaamheidsplatforms en Energiecoöperaties uit de regio zal er gekeken worden naar een aanpak om zon op bedrijfsdaken zo goed mogelijk te stimuleren en faciliteren. Daarbij worden ook de obstakels voor ondernemers onderzocht en hoe hiermee om gegaan kan worden. 7. Zon in transitiegebieden, is dit voldoende rendabel kijkende naar het tijdspad van ontwikkeling van de betreffende gebieden? Dit is verschillend per gebied. De haalbaarheid zal dus per gebied onderzocht moeten worden.

Het is heel goed denkbaar dat een transitie wordt gerealiseerd samen met zon op land-projecten en daarmee financieel interessant wordt omdat de looptijd van een project daarmee verlengd wordt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10142305/1