CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

RV.RB Vaststelling Integraal Beheerplan Openbare Ruimte 2021-2024

Besluitvormende raadsvergadering 24 maart 2021, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: RV.RB Vaststelling Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR) 2021-20241.821 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel

Zaakkenmerk: Z/21/064030 Documentkenmerk: 135262 Onderwerp: Vaststelling Integraal Beheerplan Openbare Ruimte 2021-2024 Portefeuillehouder: C.J.M. Schippers Datum besluitvormende raad:

Onderwerp Vaststelling Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR) 2021-2024

Voorstel 1. Het algemeen deel van het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR) 2021-2024 wordt vastgesteld 2. Er wordt ingestemd met het vanaf 2021 activeren en afschrijven van investeringen in openbaar groen en bomen over respectievelijk 20 en 40 jaar 3. Er wordt ingestemd met het aanpassen van de afschrijftermijn vanaf 2021 voor betonnen, stalen en composiet bruggen, keermuren en tunnels van 30 naar 60 jaar 4. Bij de resultaatsbestemming voor het saldo van 2020 wordt in de jaarstukken het tekort van de jaren 2022, 2023 en 2024 gedekt door de te vormen bestemmingsreserve Fysieke Leefomgeving

Inleiding Beheer en onderhoud van de openbare ruimte is een kerntaak van de gemeente. Een kwalitatief goede openbare ruimte draagt bij aan het welzijn en de veiligheid van onze samenleving. De onderdelen van de openbare ruimte, zoals wegen, bruggen, lantarenpalen, bomen, speelplaatsen en buitensportvelden zijn onze kapitaalgoederen. Het functioneel en goed onderhouden van onze kapitaalgoederen is van groot economisch belang. In de Visie Beheer Openbare Ruimte is aangegeven dat de openbare ruimte wordt beheerd op basis van gedifferentieerde kwaliteitsniveaus. Met het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR) 2021-2024 worden onze beleidsdoelstellingen gerealiseerd én wordt inzicht gegeven in hoe en wanneer we onze middelen inzetten om onze kapitaalgoederen in de openbare ruimte in stand te houden. Daarnaast is in het Projectenboek Openbare Ruimte aangegeven welke integrale projecten in de openbare ruimte de komende jaren op het programma staan. Vanuit het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) dient elke gemeente aan te gegeven welke kapitaalgoederen zij beheert, wat het ambitieniveau daarbij is en hoe het beheer, zowel operationeel als financieel, moet worden uitgevoerd. Door middel van het IBOR geven we invulling aan deze verplichting.

Hiermee speelt het IBOR een belangrijke rol in de kaderstellende en controlerende taak van de raad en de beleidsverantwoording van het college aan de raad.

Met de vaststelling van het Gemeentelijk Waterplan (GWP) 2021-2025 wordt inzicht gegeven in ons areaal aan riool- en watervoorzieningen. Daarmee vervalt de noodzaak om de beheerplannen Riolering en Stedelijk Water opnieuw op te stellen. Welke kapitaalgoederen we op het gebied van water beheren, wat het ambitieniveau daarbij is en hoe het beheer wordt uitgevoerd, is immers vastgelegd in het GWP. Alleen de financiele verwerking van het beheer en onderhoud van de watergangen moet meegenomen worden. Daarom is deze verwerking opgenomen in het beheerplan Openbaar Groen. Voor de besluitvormende raad van 20-01-2021 hebben we u gevraagd het raadsvoorstel met besluitvorming over het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR) 2021-2024 van de agenda te halen. In de bijgevoegde memo wordt hierover een nadere toelichting geven.

Onderbouwing voorstel 1. Er wordt ingestemd met het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR) 2021-2024 Het huidige IBOR liep eind 2020 af en is gebaseerd op het areaal aan kapitaalgoederen uit 2016. Om te voldoen aan de BBV moet een gemeente een actueel overzicht hebben van haar kapitaalgoederen en aangeven hoe zij hiermee omgaat. Om die reden is het IBOR 2021-2024 opgesteld op basis van het huidige areaal aan kapitaalgoeden. In het algemeen deel van het IBOR wordt ingegaan op algemene zaken rondom het beheer en onderhoud van de openbare ruimte, zoals het beheerproces, de verantwoordelijkheden, taken en bevoegdheden en de verschillende onderhoudstypen. Maar ook de manier waarop we omgaan met onze partners, meldingen over de openbare ruimte en projectontwikkeling. Nieuw in dit beheerplan is de versterking van de relatie tussen beheer en ontwikkelingen op het gebied klimaatadapatie en duurzaamheid. Tot slot is er in het algemeen deel een overzicht gegeven van de totale financiën die dit IBOR met zich meebrengt. Hierin is de taakstelling Buitensport, uit de kaderbrief 2019-2023, verwerkt. De disciplinaire beheerplannen en het projectenboek zijn ter kennisgeving als bijlage toegevoegd.

Deze stukken zijn door het college vastgesteld en dienen als nadere toelichting van het algemeen deel van het IBOR 2021-2024 om de raad in haar kaderstellende en controlerende taak te ondersteunen. De actualisatie van de beheerplannen leidt tot een wijziging van de budgetten en kredieten. Door in te stemmen met het algemeen deel van het IBOR worden de gewijzigde onderhoudsbudgetten en investeringskredieten vastgesteld. De volgende budgetten en kredieten worden vastgesteld (kolom 2021-2024). Jaarlijks onderhoud 2017-2020 2021-2024 verschil Wegen 1.103.000 1.318.000 215.000 Groen 910.000 1.304.000 394.000 Totaal 2.013.000 2.622.000 609.000 Groot onderhoud Wegen Groen Totaal

2017-2020 2021-2024 835.000 1.221.875 426.000 145.000 1.261.000 1.366.875

verschil 386.875 -281.000 105.875

Investeringen Wegen Groen

2017-2020 2021-2024 1.980.000 2.261.375 313.000 853.000

verschil 281.375 540.000

Totaal

2.293.000

3.114.375

821.375

De bedragen voor groot onderhoud betreft de jaarlijkse dotatie. De begrote bestedingen zijn:

Wegen Groen

Gemiddeld 2021 2022 2023 2024 1.276.000 1.245.000 1.221.000 1.145.500 1.221.875 150.000

150.000

150.000

150.000

150.000

De bedragen voor investeringen is een gemiddelde van de volgende vast te stellen investeringsbedragen per jaar: 2021 2022 2023 2024 Gemiddeld Wegen 2.522.500 2.272.500 2.097.500 2.153.000 2.261.375 Groen 853.000 853.000 853.000 853.000 853.000 Met uitzondering van groot onderhoud groen (zie voorstel, beslispunt 2) nemen de budgetten en investeringen toe. Dit wordt allereerst veroorzaakt door een prijsstijging. Ter indicatie: conform de CBS-index voor Grond-, Weg- en Waterbouw zijn de prijzen met 13% gestegen sinds 2016 (geëxtrapoleerd naar 2020). Daarnaast zijn de arealen fors toegenomen: wegen met 14% en groen zelfs met 29%. De huidige voorgestelde jaarlijks- en groot onderhoudsbudgetten en investeringskredieten zijn lager dan verwacht mag worden op basis van prijsstijging en areaaluitbreiding. Ook liggen de voorgestelde budgetten en kredieten in lijn met de werkelijke bestedingen van de afgelopen jaren. De budgetten en investeringskredieten zijn berekend op basis van landelijke normen. Hierbij zijn correcties gedaan op basis van aannames in ons beheer en onderhoud voor de periode 20212024, die gezamelijk resulteren in een structurele correctie van ruim 1,2 miljoen euro. Een nadere toelichting is per beheerplan inzichtelijk gemaakt in het hoofdstuk financiën.

Ten opzichte van de nieuwe bedragen, zijn de verschillen met de huidige bedragen voor de beheerplannen als volgt: Verschil nieuwe en oude bedragen Jaarlijks onderhoud incl. ondersteunende kosten Groot onderhoud Investeringen Totaal verschil

2021

2022

2023

2024

609.000 106.000 0 715.000

609.000 106.000 40.000 755.000

609.000 106.000 86.000 801.000

609.000 106.000 124.000 839.000

2021

2022

2023

2024

Areaal 2019 Areaal 2020 Areaal 2021 Prijs Totaal beschikbaar

163.000 131.000 182.000 263.000 739.000

163.000 132.000 184.000 263.000 742.000

165.000 133.000 184.000 263.000 745.000

165.000 133.000 184.000 263.000 745.000

Saldo

24.000

-13.000

-56.000

-94.000

Beschikbaar (stelposten 2021)

Het saldo is in 2021 nog positief, maar vanaf 2022 is er een tekort. Dit tekort loopt op door oplopende kapitaalslasten van de extra investeringen. Op dit moment wordt onderzocht welke mogelijkheden er zijn om dit tekort te voorkomen. De uitkomst hiervan wordt zo mogelijk meegenomen in de kaderbrief 2022.

2. Er wordt ingestemd met het vanaf 2021 activeren en afschrijven van investeringen in openbaar groen en bomen over respectievelijk 20 en 40 jaar In het beheerplan Openbaar Groen is gerekend met een afschrijftermijn van 20 jaar voor openbaar groen en 40 jaar voor bomen. Voorheen werden deze investeringen niet geactiveerd, maar beschouwd als groot onderhoud. Groot onderhoudsmaatregelen worden uitgevoerd om de levensduur van de kapitaalgoederen te verlengen. Binnen het openbaar groen wordt echter alleen jaarlijks onderhoud uitgevoerd of wordt overgegaan op vervanging. Om die reden activeren we de investeringen binnen het openbaar groen vanaf 2021. De verschuiving van groot onderhoud naar vervangingsinvesteringen levert een tijdelijk voordeel op in de begroting. Het voordeel is in het begin fors, maar neemt jaarlijks af:

WAS dotatie groot onderhoud WORDT kapitaalslasten Verschil

2021

2022

2023

2024

400.000

400.000 20.790 379.210

400.000 39.472 360.528

400.000 57.966 342.034

400.000

3. Er wordt ingestemd met het aanpassen van de afschrijftermijn vanaf 2021 voor betonnen, stalen en composiet bruggen, keermuren en tunnels van 30 naar 60 jaar In het beheerplan Civieltechnische Kunstwerken wordt gerekend met een afschrijftermijn van 60 jaar voor zowel betonnen, stalen en composiet bruggen als keermuren en tunnels. Alleen voor houten bruggen en steigers is gerekend met een afschrijftermijn van 30 jaar. In de huidige financiële verordening wordt voor alle civieltechnische kunstwerken uitgegaan van een afschrijvingstermijn van 30 jaar. Vooruitlopend op het aanpassen van de financiële verordening wordt de afschrijvingstermijn voor betonnen, stalen en composiet bruggen alsmede voor keermuren en tunnels aangepast van 30 naar 60 jaar voor investeringen die gedaan worden vanaf 2021. 4. Bij de resultaatsbestemming voor het saldo van 2020 in de jaarstukken wordt het tekort van de jaren 2022, 2023 en 2024 gedekt door de te vormen bestemmingsreserve Fysieke Leefomgeving Bij het vaststellen van de jaarstukken 2020 zal mede op basis van het IBOR 2021-2024 de voorziening vrijvallen. Bij de jaarstukken zal voorgesteld worden de vrijval van de voorziening te storten in een bestemmingsreserve Fysieke Leefomgeving. Uit deze reserve worden ook de begrote tekorten van het IBOR 2021-2024 gedekt.

Vervolg Na het vaststellen van het algemeen deel van het IBOR wordt het IBOR gepubliceerd op de website van de gemeente en de acties, die in het IBOR zijn benoemd, worden in de komende periode uitgevoerd.

Bijlage(n) 1. Integraal Beheerplan Openbare Ruimte 2021-2024 2. Beheerplan Wegen 2021-2024 3. Beheerplan Civieltechnische Kunstwerken 2021-2024 4. Beheerplan Openbare Verlichting 2021-2024 5. Beheerplan Openbaar Groen 2021-2024

6. Beheerplan Spelen 2021-2024 7. Beheerplan Buitensport 2021-2024 8. Projectenboek Openbare Ruimte 2021-2024 9. Memo: onjuistheid begrotingswijziging IBOR

Raadsbesluit De raad der gemeente Waddinxveen; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 9 februari 2021; 1. Het algemeen deel van het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR) 2021-2024 vast te stellen 2. Investeringen in openbaar groen en bomen vanaf 2021 te activeren en af te schrijven over respectievelijk 20 en 40 jaar 3. De afschrijftermijn voor betonnen, stalen en composiet bruggen, keermuren en tunnels vanaf 2021 aan te passen van 30 naar 60 jaar 4. Bij de resultaatsbestemming voor het saldo van 2020 in de jaarstukken het tekort van de jaren 2022, 2023 en 2024 te dekken door de te vormen bestemmingsreserve Fysieke Leefomgeving Aldus vastgesteld door de raad der gemeente Waddinxveen in zijn openbare vergadering van 24 maart 2021;

de griffier

de voorzitter

(mr. F.W. van der Dussen)

(drs. E.J. Nieuwenhuis)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9778112/1