ruimtelijke onderbouwing Semperpower 116309
Tekst van het document
Planspecifiek Het EOS heeft geen effect op luchtkwaliteit: er worden geen stoffen uitgestoten door de verschillende componenten. Het EOS is een onbemand station, maar af en toe zal er voor onderhoud een enkele personenauto, bestelbusje of vrachtwagen op het terrein komen. Vergeleken met de omvang van de hierboven beschreven woningbouw en kantoorlocaties is het EOS een zeer beperkte ontwikkeling, waardoor de genoemde 3%-grens zeker niet overschreden zal worden. Conclusie Er zijn vanuit het aspect luchtkwaliteit geen belemmeringen voor de voorgenomen activiteit op deze locatie.
23
4.9 Niet-gesprongen Conventionele Explosieven Op een onbekend aantal plaatsen in Nederland liggen nog bommen, granaten en andere munitie uit de Tweede Wereldoorlog. Tot op heden worden bij grond- en waterwerkzaamheden nog nagenoeg dagelijks niet-gesprongen conventionele explosieven gevonden. Onder Conventionele Explosieven (CE) wordt verstaan: elk explosief dat niet als geïmproviseerd, nucleair, biologisch of chemisch kan worden aangemerkt. CE worden ook wel aangeduid als Niet-Gesprongen Explosieven (NGE). Volgens een mondiale, militaire inschatting is van al het materieel dat gedurende de Tweede Wereldoorlog (1940-1945) verschoten of afgeworpen is, ondergronds 10% en onder water 15% niet tot ontploffing gekomen. Toetsingskader Wanneer deze explosieven bij werkzaamheden worden aangetroffen, kunnen deze gevaar opleveren voor de werknemers en de publieke veiligheid. Daarnaast kunnen deze vondsten een zware belasting voor het milieu vormen. Werkgevers zijn volgens ARBO-wetgeving verantwoordelijk voor het veilig kunnen uitvoeren van werkzaamheden door werknemers binnen onze gemeente. Daarom zijn zij verplicht om bij ruimtelijke ontwikkelingen historisch vooronderzoek te doen om de kans op de aanwezigheid van niet gesprongen CE met zekerheid te kunnen uitsluiten.
In 2012 heeft de ODMH voor gemeenten Waddinxveen een Historisch Vooronderzoek Conventionele Explosieven (CE) voor de gemeente laten uitvoeren. De resultaten zijn opgenomen in de ‘Atlas Ontplofbare oorlogsresten’. Planspecifiek Uit het vooronderzoek blijkt dat de projectlocatie zelf niet verdacht is op het aantreffen van conventionele explosieven (CE), zie Figuur 10. Op een afstand van ca 200 m ten noorden en zuidwesten van de locatie zijn wel twee ‘verdachte gebieden’.
Figuur 10 Uitsnede van de Atlas Ontplofbare oorlogsresten rond de projectlocatie
Voorafgaand aan de uitvoering van werkzaamheden is het aan te raden om na te gaan of en in hoeverre de aanleg met trillingen gepaard gaan die op 200 meter afstand mogelijk effect hebben. Conclusie Er is geen onderzoek in de vorm van een projectgebonden risicoanalyse voor deze locatie noodzakelijk. Er zijn vanuit het aspect niet gesprongen explosieven geen belemmeringen voor de voorgenomen activiteit op deze locatie.
24
4.10
Kabels en leidingen
Planspecifiek Binnen het plangebied bevinden zich geen leidingen die planologisch relevant zijn. Conclusie Er zijn vanuit het aspect leidingen geen belemmeringen voor de voorgenomen activiteit op deze locatie.
25
5
EINDCONCLUSIE
De energietransitie staat hoog op de agenda op alle beleidsniveaus in Nederland. Één van de grote uitdagingen bij het overstappen naar duurzaam geproduceerde energie is het opvangen van pieken en dalen in het minder-reguleerbare aanbod aan elektriciteit. Grootschalige opslag in batterijen vormt één van de puzzelstukken in de systeembenadering om de transitie te laten slagen. Project Antares van SemperPower kan Waddinxveen bijdragen aan de energietransitie, waarbij de gekozen locatie de mogelijkheid biedt om het project landschappelijk goed in te passen in de omgeving. Met de realisatie van het EOS project zal de omgeving zowel direct als indirect profiteren op energetisch niveau. Met het realiseren van een EOS wil de initiatiefnemer in de geest van het Klimaatakkoord ook mogelijkheden creëren voor de inwoners en omgeving. Samen met de gemeente wil SemperPower de opzet hiervan uitwerken. Te denken valt aan: • •
Energiefonds vanuit het project dat ingezet kan worden voor lokale duurzame initiatieven; Koppelkansen ruimtegebruik: onbenutte grond inzetten voor innovatie en educatie.
Uit de beleidsmatige beoordeling (hoofdstuk 2), de landschappelijke inpassing (hoofdstuk 3) en de beoordeling van de milieu- en omgevingsaspecten (hoofdstuk 4) van het voornemen blijkt dat het plan ruimtelijk aanvaardbaar is en niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Daarom kan een omgevingsvergunning worden verleend op basis van artikel 2.12 lid 1 sub a onder 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (projectafwijkingsbesluit).
26
Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5.
Landschappelijke Inpassingsplan (Lagendijk) Quick Scan (VeenWeide natuur & landschap) AERIUS berekening Akoestisch onderzoek (ARCADIS) Archeologisch onderzoek (Hazenberg archeologie)
27