Raadsvoorstel Verlenging IBOR 2025
Tekst van het document
Raadsvoorstel Zaakkenmerk: 182708 Documentkenmerk: 192395 Portefeuillehouder: Albert Kerssies Datum besluitvormende raad: 22 januari 2025 Openbaar: Openbaar Onderwerp
Verlenging IBOR 2025
Voorgesteld besluit Het college van burgemeester en wethouders van Waddinxveen besluit: 1. In afwijking van de financiële verordening artikel 21 lid 4 de raad voor te stellen het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR) in 2026 te actualiseren in plaats van in 2025. 2. Een bedrag van € 1.628.666 aan onverdeelde kredieten 2024 over te hevelen naar 2025. 3. Een aantal onverdeelde kredieten 2024 en 2025 te laten vrijvallen en het structurele financiële voordeel aan kapitaallasten (afgerond € 84.000 voor 2025 en € 125.000 voor 2026) te verwerken bij de eerste Burap van 2025 waarbij het gedeelte dat betrekking heeft op het riool zal worden verwerkt via de egalisatievoorziening rioolrechten. 4. Een aantal onverdeelde voorzieningen 2024 te laten vrijvallen waarbij het eenmalige financiële voordeel van afgerond € 1.017.000 zal worden verwerkt in de jaarrekening 2024. 5. Een aantal onverdeelde voorzieningen 2025 te laten vrijvallen waarbij het eenmalige voordeel van afgerond € 393.000 zal worden verwerkt bij de eerste Burap van 2025.
Publiekssamenvatting
Waddinxveen is volop in ontwikkeling. We werken aan het opstellen van beleid op het gebied van ondergrondse infrastructuur, circulariteit, duurzaamheid, mobiliteit en verkeer. Deze beleidsplannen en omgevingsprogramma's hebben invloed op de projecten in de openbare ruimte. In 2025 worden verschillende programma's vastgesteld die grote invloed hebben op de projecten in de openbare ruimte. Daarom kiest het college voor het verlengen van het huidige Integraal Beheerplan Openbare Ruimte met één jaar en actualiseren we ons Integraal Beheerplan Openbare Ruimte een jaar later voor de periode 2026-2030. Inleiding
Beheer en onderhoud van de openbare ruimte is een kerntaak van de gemeente. Een kwalitatief goede openbare ruimte draagt bij aan het welzijn van onze samenleving en de
veiligheid van onze leefomgeving. De onderdelen van de openbare ruimte zoals wegen, bruggen, lantarenpalen, openbaar groen, bomen en speelplaatsen zijn onze kapitaalgoederen. Het functioneel en goed onderhouden van onze kapitaalgoederen is van groot maatschappelijk en economisch belang. Elke gemeente moet op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) aangeven welke kapitaalgoederen zij beheert, wat het ambitieniveau daarbij is en hoe het beheer, zowel operationeel als financieel, moet worden uitgevoerd. In de Omgevingsvisie is aangegeven dat de openbare ruimte wordt beheerd op basis van gedifferentieerde kwaliteitsniveaus. Door het huidige IBOR met een jaar te verlengen geven we invulling aan de verplichtingen die voortvloeien uit de BBV. Beoogd resultaat/doel
Het is belangrijk onze kapitaalgoederen in de openbare ruimte zowel operationeel als financieel goed te beheren. Ook in 2025 zetten we ons in voor de doelstellingen uit programma 4. We werken aan een aantrekkelijke en toegankelijke openbare ruimte, laten het openbaar groen meegroeien met de groei van Waddinxveen en gaan door met de verduurzaming van de openbare verlichting. De uitgangspunten op het gebied van ondergrondse infrastructuur, circulariteit, duurzaamheid, mobiliteit en verkeer worden verwerkt in het nieuwe IBOR 2026-2030. Hierdoor wordt naast het technische in stand houden van onze kapitaalgoederen een bijdrage geleverd aan de andere doelstellingen binnen de openbare ruimte en binnen de mogelijkheden van het IBOR Argumenten
Waddinxveen is volop in ontwikkeling. We werken aan het opstellen van beleid op het gebied van ondergrondse infrastructuur, circulariteit, duurzaamheid, mobiliteit en verkeer. Deze beleidsplannen en omgevingsprogramma's hebben invloed op de projecten in de openbare ruimte. Daarom kiezen we ervoor het huidige IBOR met 1 jaar te verlengen. Vervolgens kunnen we op basis van de beleidskaders nieuwe beheerplannen opstellen voor de periode 2026-2030. In 2025 blijven we werken aan projecten in de openbare ruimte. Projecten die al in voorbereiding zijn, voeren we uit. Met de voorbereiding van nieuwe projecten wachten we zo veel mogelijk op de beleidsplannen en omgevingsprogramma's. We verwachten op basis van deze kaders vanaf de tweede helft van 2025 te kunnen starten met de voorbereiding van nieuwe projecten die we uitvoeren vanaf 2026. Alleen als technisch beheer noodzakelijk is om onze kapitaalgoederen in stand te houden, voeren we dit uit. Beheerplannen mogen op basis van de BBV maximaal 5 jaar oud zijn, omdat een gemeente een actueel overzicht moet hebben van haar kapitaalgoederen en moet kunnen aangeven hoe zij hiermee omgaat. De beheerplannen voor de openbare ruimte zijn in 2021 vastgesteld. Daarmee is er op basis van de BBV nog geen actualisatie van de beheerplannen noodzakelijk.
Bovendien geven de huidige beheerplannen ook voor 2025 voldoende inzicht in hoe we onze kapitaalgoederen in de openbare ruimte operationeel in stand houden. In onze financiële verordening artikel 21 lid 4 is echter opgenomen dat het
college tenminste eens in de vier jaar het Integraal beheerplan openbare ruimte aan de raad aanbiedt. Daar wordt nu met bovenstaande argumenten van afgeweken. In de afgelopen jaren zijn niet alle kredieten per jaarschijf besteed. Het overhevelen van deze budgetten zien we terug in de begroting en de jaarrekening. Deze restantkredieten zorgen voor een zogenaamde boeggolf. Met het uitstellen van de actualisatie van het IBOR verminderen we zoveel mogelijk de boeggolf. De kredieten die nodig zijn voor de realisatie en voorbereiding van de projecten in het voorstel, komen voort uit een realistische planning onderbouwd met realistische ramingen. Samenvattend de voordelen van het verlengen van de looptijd huidige IBOR:
De wijze waarop wij omgaan met circulariteit (project Wads’Duurzaam monitor) in de openbare ruimte kan verwerkt worden in het IBOR 2026-2030. De resultaten van het project ondergrondse ruimtebeslag worden verwerkt in het IBOR 2026-2030 Het komende Omgevingsprogramma Mobiliteit en Verkeer geeft richting aan de projecten die in het IBOR 2026-2030 worden opgenomen Het komende Omgevingsprogramma Duurzame leefomgeving biedt uitgangspunten die verwerkt worden in het IBOR 2026-2030. Het nieuwe IBOR loopt weer gelijk met het Gemeentelijk Waterplan (het waterplan wordt in 2025 opgesteld) De boeggolf (het doorschuiven van kredieten en voorzieningen) wordt sterk verminderd, we laten een deel van de onverdeelde kredieten en voorzieningen vrijvallen. De uitkomsten van het Speelruimteplan worden verwerkt in het IBOR 2026-2030. Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Hier moet (nog) nader invulling aangegeven worden. Ook de Omgevingswet heeft grote raakvlakken met het IBOR. Een belangrijke aanpassing is het omvormen van het projectenboek naar het programma leefomgeving Fysiek en Natuur.
Kanttekeningen en risico’s
We hebben een actueel overzicht van de technische kwaliteit van onze openbare ruimte en voldoen daarmee aan onze zorgplicht. Met het uitvoeren van het jaarlijks onderhoud zorgen we ook in 2025 voor een toegankelijke en veilige openbare ruimte. In 2025 geven we uitvoering aan de lopende projecten. We zien daarom geen risico's voor de (verkeers-)veiligheid voor de gebruiker van onze openbare ruimte. Duurzaamheid
We blijven in de openbare ruimte aansluiten bij de ontwikkelingen op het gebied van klimaatadaptatie en duurzaamheid. Ook in 2025 zetten we daarom in op klimaatadaptieve maatregelen bij de projecten in de openbare ruimte, zoals vergroening, verduurzaming van de openbare verlichting en afkoppeling van ons rioolsysteem. Op die manier zorgen we ervoor dat onze openbare ruimte klimaatbestendig ingericht is en blijft.
Financiële consequenties
De verlenging van het huidige IBOR leidt tot een wijziging van de onverdeelde kredieten en voorzieningen in de programmabegroting 2025-2028. Aangezien nieuwe projecten pas
in de tweede helft van het jaar worden voorbereid, is in 2025 incidenteel minder budget nodig. Door in te stemmen met de verlening van het huidige IBOR kunnen een aantal onverdeelde kredieten en voorzieningen vrijvallen. Tevens leidt het verlengen van het huidige IBOR tot een wijziging van de onverdeelde kredieten en voorzieningen in de programmabegroting 2024-2027. Voor het dagelijks onderhoud (exploitatiebudget) voeren we geen wijziging door. De benodigde bedragen voor 2025 zijn gebaseerd op de kosten die gemaakt worden voor de voorbereiding van de projecten die starten in 2026, de projecten zoals opgenomen in het voorstel en enkele noodzakelijke werkzaamheden die uitgevoerd moeten worden in 2025. In onderstaande tabellen is weergegeven welke bedragen kunnen vrijvallen. Onverdeeld krediet 2024 beschikbaar tm 2024 overhevelen naar 2025 vrijval Wegen € 727.344 €0 Riool € 2.764.713 € 900.000 Groen € 728.666 € 728.666 Totaal € 1.628.666
€ 727.344 € 1.864.713 €0 € 2.592.057
Onverdeeld krediet 2025 begroot 2025 te besteden 2025 vrijval Wegen € 4.151.963 € 3.348.629 Riool € 1.908.468 € 1.713.913 Groen € 1.155.759 € 1.126.783 Totaal € 6.189.325
€ 803.334 € 194.555 € 28.976 € 1.026.865
Onverdeeld voorziening 2024 Wegen Groen Totaal
€ 977.707 € 39.873 € 1.017.580
Onverdeeld voorziening 2025 Wegen Groen Totaal
beschikbaar tm 2024 overhevelen naar 2025 vrijval € 977.707 €0 € 39.873 €0 €0
begroot 2025 € 1.407.000 € 150.000
te besteden 2025 vrijval € 1.091.050 € 72.024 € 1.163.074
€ 315.950 € 77.976 € 393.926
De financiële consequenties zijn als volgt: Samenvatting financieel effect 2024
2025
2026
2027
Kapitaallasten 2024 die vrijvallen
0
31.342
31.342
31.342
Kapitaallasten 2024 die vrijvallen (riool)
0
53.231
53.231
53.231
Kapitaallasten 2025 die vrijvallen
0
0
31.343
31.343
Kapitaallasten 2025 die vrijvallen (riool) Onverdeelde voorzieningen 2024 die kunnen vrijvallen Onverdeelde voorzieningen 2025 die kunnen vrijvallen
0
0
9.590
9.590
1.017.580
0
0
0
0
393.926
0
0
1.017.580
478.499
125.506
125.506
Juridische consequenties Doordat wordt afgeweken van de financiële verordening, wordt het integraal beheerplan openbare ruimte na vijf jaar aan de raad aangeboden, in plaats van na vier jaar.
Participatie en communicatie We verwachten dat inwoners en in sommige gevallen ook ondernemers, organisaties en verenigingen geraakt kunnen worden door de projecten in de openbare ruimte. Ook verwachten we dat inwoners en partners kennis en ervaring hebben die bij kunnen dragen aan een toekomstbestendige inrichting van de openbare ruimte. Daarom vindt in deze projecten inwonersparticipatie plaats op basis van het participatiebeleid en de participatieverordening van Gemeente Waddinxveen. Uitvoering/Vervolg We werken aan beleid op het gebied van ondergrondse infrastructuur, circulariteit, duurzaamheid, mobiliteit en verkeer. We verwachten dat deze plannen rond de zomer 2025 vastgesteld worden. We verwerken deze uitkomsten in het IBOR 2026-2030 en leggen dit voor aan de raad in november 2025. Deze planning melden we tevens in de kaderbrief 2026-2029. Gezien de raakvlakken die de uitkomsten van deze plannen hebben op de openbare ruimte kiest het college ervoor om het integraal beheerplan openbare ruimte hierna te actualiseren voor de periode 2026-2030. Dit geeft het college de gelegenheid om de uitkomsten van beleidsontwikkelingen te verwerken in onze projecten in de openbare ruimte. Bijlage(n) Geen
Raadsbesluit De raad van de gemeente Waddinxveen, gelezen het voorstel van Burgemeester en wethouders d.d. 10 december 2024 besluit:
1. In afwijking van de financiële verordening artikel 21 lid 4 de raad voor te stellen het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR) in 2026 te actualiseren in plaats van in 2025. 2. Een bedrag van € 1.628.666 aan onverdeelde kredieten 2024 over te hevelen naar 2025. 3. Een aantal onverdeelde kredieten 2024 en 2025 te laten vrijvallen en het structurele financiële voordeel aan kapitaallasten (afgerond € 84.000 voor 2025 en € 125.000 voor 2026) te verwerken bij de eerste Burap van 2025 waarbij het gedeelte dat betrekking heeft op het riool zal worden verwerkt via de egalisatievoorziening rioolrechten. 4. Een aantal onverdeelde voorzieningen 2024 te laten vrijvallen waarbij het eenmalige financiële voordeel van afgerond € 1.017.000 zal worden verwerkt in de jaarrekening 2024. 5. Een aantal onverdeelde voorzieningen 2025 te laten vrijvallen waarbij het eenmalige voordeel van afgerond € 393.000 zal worden verwerkt bij de eerste Burap van 2025. Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Waddinxveen in zijn openbare vergadering van 22 januari 2025,
de griffier
de voorzitter
{{esl:Signer1:capture:size(200,50)}}
{{esl:Signer2:capture:size(200,50)}}
(mr. F.W. van der Dussen)
(drs. E.J. Nieuwenhuis)